George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Nudging

Met vallen en opstaan zoekt overheid een weg uit de coronacrisis. Helpt kritiek van burgers daarbij of verstoort dat juist het beleid?

with 5 comments

In de publieksinformatie over het coronavirus COVID-19 zegt het RIVM dat het nog niet bekend is of men het meerdere keren kan krijgen. Want ‘nog niet alles over het virus bekend’ om ‘met zekerheid te kunnen zeggen dat iemand niet nog een keer de infectie op kan lopen‘. De stellige mededeling dat het ‘overgrote merendeel van de mensen die het nieuwe coronavirus heeft gehad’ dit niet nog een keer zal krijgen lijkt hiermee in tegenspraak. Dat is een inschatting waarvan het onduidelijk is waar die op gebaseerd is. Want virologen of epidemiologen kunnen niet met zekerheid zeggen dat iemand de infectie niet meerdere keren kan oplopen.

Dat is van belang omdat premier Mark Rutte in zijn toespraak van 16 maart 2020 aan het Nederlandse volk over het coronavirus verwees naar de groepsimmuniteit dat hij gebruikte voor de verantwoording van het gekozen scenario: ‘Wie het virus heeft gehad, is daarna meestal immuun. Net als vroeger met de mazelen. Hoe groter de groep die immuun is, hoe kleiner de kans voor het virus om over te springen op kwetsbare ouderen en mensen met een zwakke gezondheid. Met groepsimmuniteit bouw je als het ware een beschermende muur om hen heen. Dat is het principe.’ Let op Ruttes nuancering ’meestal’ immuun.

Het idee is dat als 60% van de bevolking (wat tevens het worst case scenario wordt genoemd) het coronavirus heeft gehad de situatie stabiliseert. Hoewel het onduidelijk is hoe dat precies bereikt kan worden door gedragsbeïnvloeding van de bevolking. Dat blijkt uit een recente notitie die beperkende maatregelen (mitigatie) afzet tegen de verspreiding. Bij de onzekerheden over het virus wordt de herhaling niet genoemd.

Als mensen het virus meermalen kunnen krijgen, wat dus niet uitgesloten is, dan is het onduidelijk wat dat voor de groepsimmuniteit betekent. Een andere onzekerheid is de looptijd van de uitbraak. Die kan na een hoogtepunt in de zomer in september 2020 afzwakken, maar evengoed in 2021 weer de kop opsteken. Als er dan nog geen vaccin is ontwikkeld, dan is het mogelijk dat ontstane varianten in het virus van het op dat moment al 15 maanden bestaande virus (na november 2019 toen het in China ontstond) de kans vergroten dat een aanzienlijke minderheid van de mensen die het al hebben gehad nogmaals de infectie oploopt.

Is het in dit stadium van wetenschappelijke onzekerheid en oplopende paniek over de gevolgen van het coronavirus wel verantwoord om het met de ‘normale’ kritiek te benaderen? Of is juist het zwijgen daarover onverantwoord omdat het misverstanden ongenoemd laat? Dat is op dit moment de afweging voor publicisten. Premier Mark Rutte en zijn staf construeren met behulp van medische deskundigen met een mix van zekerheden en onzekerheden het op dit moment optimale beeld dat meerdere doelen dient: de bevolking geruststellen, informatie overdragen, het vertrouwen in de overheid versterken en het gedrag beïnvloeden.

Complicatie lijkt niet zozeer dat niet alle wetenschappelijke informatie gegarandeerd zeker is, maar dat daar beleidsmaatregelen op worden gebaseerd die achteraf fundamenteel verkeerd zijn. Maar er is geen alternatief.

Foto 1: VraagKun je het nieuwe coronavirus (COVID-19) meerdere keren krijgen?’ met antwoord op de site van het RIVM.

Foto 2: Televisiebeeld van premier Rutte tijdens toespraak van 16 maart 2020 over het coronavirus. Bron: Rijksoverheid.

Written by George Knight

17 maart 2020 at 13:40

Extreme bezorgdheid over extreme hitte. Nederland ontwaakt uit de zekerheid van gematigdheid. Van het klimaat en de reactie erop

with 2 comments

Er is extreme hitte op komst in Nederland. In hedendaagse termen: ‘code rood’. Hitteplannen die ooit in de kast werden gestopt moeten er nu uitgetrokken worden omdat het naar verwachting meer dan 35 graden wordt. Er klinken waarschuwingen voor spoor, strand, verzorgingshuizen en weg. In hedendaagse termen: ‘protocollen’. Waar komt de extreme bezorgdheid vandaan? Voor vele landen zijn hoge temperaturen dagelijkse werkelijkheid. Nederland ontwaakt uit de zekerheid van gematigdheid. Van het klimaat en van de reactie erop. Alles is betrekkelijk. ‘Zomerse hitte. Vrouw in geruite zomerjurk dept voorhoofd met een zakdoekje. Nederland, 1950-1960’, luidt het onderschrift bij de foto van Walter Blum. Een dramatisering van hitte in de studio. Een stockfoto voor het geval de temperatuur opliep. Een tijdsbeeld van hitte toen hitte nog geen ‘code rood’ was en mensen minder dan nu in hun gedrag van bovenaf werden gestuurd en bang werden gemaakt voor temperaturen van meer dan 35 graden. Kwestie van zakdoekjes of watjes? Wat is vooruitgang?

Foto: Walter Blum, ‘Zomerse hitte. Vrouw in geruite zomerjurk dept voorhoofd met een zakdoekje. Nederland, 1950-1960.’ Collectie: Fotografen De Spaarnestad

Written by George Knight

22 juli 2019 at 21:32

Cultuurnota ‘Kunst Kleurt de Stad’ van de gemeente Utrecht bevat weeffout omdat het een waardeoordeel over kunst geeft

with 3 comments

In juli 2019 verscheen de Cultuurnota 2021-2024 ‘Kunst Kleurt de Stad’ van de gemeente Utrecht. In een commentaar van 3 juli 2019 toonde ik begrip voor de kritiek van Henk Westbroek over het Berlijnplein in stadswijk Leidsche Rijn. Hij sprak over ‘stadskunst‘. Mijn slotsom: ‘Het stadsbestuur moet wegblijven van de inhoud. Ook indirect via organisaties die het subsidieert’. In een toelichting op de Cultuurnota heeft de verantwoordelijke wethouder Anke Klein het over aanmoedigen en gedragsbeïnvloeding van kunstenaars. ‘Nudging’ dus, dat middel uit de timmerkist van hedendaagse bestuurders dat de inhoud bepaalt onder het mom dat die uitsluitend voortkomt uit het gedrag van de burgers. Dat is een valse voorstelling van zaken. Klein doet in de Cultuurnota niet aan ‘nudging’, maar aan sturing via beleidsmaatregelen. Mijn commentaar bij het artikelNieuwe cultuurnota Utrecht: ‘We moedigen de culturele sector aan buiten de lijntjes te kleuren’:

De Cultuurnota bevat in de kern een weeffout. Het blijkt voor het stadsbestuur een lastige opgave om tegelijk aan de zijlijn te staan en tegelijk te willen sturen. De fout die wethouder Klein maakt is dat ze zich niet terughoudend opstelt. Ze wil de kunst gebruiken om de samenleving te veranderen, of die een afspiegeling van de samenleving te laten zijn. Maar hiermee rekt ze haar mandaat op. Dat is niet haar taak.

Als vanouds is in het Nederlands openbaar bestuur het adagium van Thorbecke leidend: ‘De kunst is geene regeringszaak, in zooverre de Regering geen oordeel, noch eenig gezag heeft op het gebied der kunst.’ Ofwel, de overheid moet de kunst steunen, maar er geen waardeoordeel over geven.

Wie de Cultuurnota leest struikelt over de waardeoordelen en de sturing. Dat bracht Henk Westbroek in een uitgesproken column onlangs tot de terechte vraag of hier geen sprake is van ‘stadskunst’. Daar lijkt het sterk op. Dat is ongelukkig en ongewenst. Het stadsbestuur wil blijkbaar zo graag het goede doen, dan het het foute doet. Het stadsbestuur dient de voorwaarden voor kunst te scheppen, maar zich te onthouden van oordelen.

In hoofdstuk 1.3.2. over ‘een inclusieve cultuursector’ staat zo’n oordeel dat in tegenspraak is met de opvatting van Thorbecke: ‘Met zo’n grote diversiteit is het, in een stad die bovendien groeit, de uitdaging niet uit elkaar te groeien. Kunst en cultuur kunnen daarbij een rol spelen, juist door verbindingen aan te gaan. Dat maakt inclusiviteit voor deze sector extra belangrijk. Kunst en cultuur zijn bij uitstek in staat alle inwoners van de stad aan te spreken, met verschillende verhalen en cultuurvormen.

De Cultuurnota introduceert verwarring door te spreken over zowel kunst als cultuur. Kunst en cultuur worden op dezelfde hoop gegooid terwijl ze verschillende functies hebben. Dat is een ongelukkige, en ook wel kwaadaardige begripsverwarring en -vervaging. Cultuur verbindt en heeft een sociale component die ingezet kan worden om politieke doelen te bereiken. Maar dat geldt niet in de meest gangbare opvatting over kunst.

Kunst die voor politieke doeleinden wordt gebruikt houdt op kunst te zijn. Wethouder Anke Klein en haar beleidsambtenaren verliezen in deze Cultuurnota de functie van kunst uit het oog. De Cultuurnota maakt kunstenaars onnodig afhankelijk van de gemeentelijke overheid. De Cultuurnota wil de kunst temmen en in lijn met het overheidsbeleid brengen.

Hiermee wordt het voor kunstenaars die afhankelijk zijn van de voorzieningen die door overheidssubsidie worden gerealiseerd lastig gemaakt om zich in alle vrijheid tot die overheid te verhouden Kunstenaars moeten zich voegen in deze Cultuurnota. Het helpt niet als daar ‘onafhankelijke’ beoordelaars tussen worden gezet omdat de overkoepelende en inkaderende Cultuurnota de sturing blijft geven.

Het valt te hopen dat de leden van de Utrechtse gemeenteraad kritische vragen stellen over de Cultuurnota in het besef dat de overheid geen waardeoordeel of sturing moet willen geven aan de kunst, maar dat met deze Cultuurnota wel beoogt. De raad moet beseffen dat de Cultuurnota een weeffout bevat en dient bij zichzelf te rade te gaan of het dat gewenst vindt. Dat is geen debat over links of rechts, of over pro of contra de zittende coalitie. Dit is een debat over de functie van kunst.

Daarnaast bevat de Cultuurnota tegenstrijdige uitgangspunten die met elkaar in tegenspraak zijn. Want hoe kan kunst tegelijk ‘experimenteel’ en ‘voor iedereen’ zijn? Dat is als de kwadratuur van de cirkel, namelijk een vraagstuk dat onoplosbaar is. Wethouder Klein doet met deze Cultuurnota alsof de verschillende doeleinden die met elkaar in tegenspraak zijn verenigbaar zijn.

Of dat voortkomt uit gemakzucht, intellectuele luiheid, een doorgeslagen politiek compromis waardoor geen echte keuzes kunnen worden gemaakt valt te bezien, maar dat maakt voor de weging van de kwaliteit van de Cultuurnota weinig uit. Die bevat een weeffout en deugt niet.

Kunstenaars moeten zelf kunnen uitmaken of ze inclusief, exclusief, excessief, obsessief of passief willen zijn. Daar gaat de overheid niet over en daar moet de overheid zich niet mee willen bemoeien. De overheid moet voorwaarden scheppen. En anders niks.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelNieuwe cultuurnota Utrecht: ‘We moedigen de culturele sector aan buiten de lijntjes te kleuren’’ op DUIC, 16 juli 2019.

Culturele psychologie van Keyvan Shahbazi is prikkelende opinie

leave a comment »

Keyvan Shahbazi presenteert in de Opinie van Zondag van de Volkskrant een prikkelende opinie. Als voedsel voor het publieke debat. Hij gooit een steen in de vijver zonder wetenschappelijke pretentie. Hij is als cultureel psycholoog en gastdocent/onderzoeker verbonden aan de Politieacademie. Zijn focus is de culturele psychologie: het zoeken naar verbanden en/of verschillen tussen bepaalde culturen. Dat is de sterkte én de zwakte van zijn benadering. Shahbazi perst elk maatschappelijk probleem door de mal van zijn vakgebied. Met als uiterste gevolg dat het opsporen en benoemen van culturele verschillen zijn eenzijdige stof tot nadenken wordt. In zijn prikkelende opinie doet Shahbazi pogingen om verschillen te benoemen, maar komt hij (nog) niet aan overkoepeling en verbinding toe. Hij beschrijft wat hij ziet zonder zicht op een oplossing.

Laten we veronderstellen dat Nederland een waardengemeenschap is zoals Shahbazi stelt. Dat gaat over het delen van ervaringen, maar in Nederland is de beperkende voorwaarde wel dat dat gebeurt in dienstbaarheid aan de nationale rechtsstaat. Dat betekent onder meer dat wetten van godsdiensten en levensovertuigingen ondergeschikt zijn aan rechtsstaat en grondwet, aan democratische instituties en grondrechten. Dat geldt dan ook voor multinationals, monarchie en multimiljonairs. Als dat gegarandeerd wordt door de overheid en betreffende individuen publiekelijk aangeven de rechtsstaat ondubbelzinnig te accepteren als hoogste instantie, dan lijkt er geen probleem te zijn wie er in Nederland woont en wat de geschiedenis, kleur, etniciteit of levensovertuiging van zo iemand is. Zo wordt iedereen in een gemeenschappelijk kader geplaatst. Dat gaat verder dan het lijkt. Dat betekent ook door de overheid actief gegarandeerde en beschermde rechten van vrouwen die nu die rechten missen binnen orthodoxe godsdiensten. Daarvoor moet de autonomie van die godsdiensten worden opengebroken. En prioriteit worden aangebracht tussen de grondrechten. Dat verstoort het sociale contact van Nederland dat een wankel machtsevenwicht is dat in eeuwen is gegroeid.

Integratie is geen eenrichtingsverkeer, want rechten en plichten komen er in wisselwerking in samen. In een uitruil van het één tegen het ander. Shahbazi concentreert zich op de rechten van individuen en verwaarloost de plichten. Met als gevolg dat hij de structuur die van bovenaf een oplossing kan bieden uit het oog verliest en alles ophangt aan gedrag van en culturele verschillen tussen individuen. Hoe problematisch en aanwezig die ook zijn. Die benadering van onderaf mist de pretentie van het overkoepelende gebaar dat de problemen terugdringt. Daarnaast kiest hij de verkeerde focus door de relatie tussen burgers centraal te stellen, terwijl de relatie van de individuele burger tot de staat bepalender is voor integratie en het tegengaan van discriminatie en/of vooroordelen. Modieus gezegd, als de overheid er bewust voor zou kiezen, dan zou het de rechtsstaat als symbool en referentie succesvol kunnen inzetten als instrument om het onderbewuste gedrag van burgers te beïnvloeden (’nudging’). Ook is het trouwens mogelijk om zowel van onderaf als van bovenaf te werken en aldus problemen gecoördineerd aan te pakken. De auteur reduceert alles tot sociaal-culturele onderwerpen en het (geïnstitutionaliseerde) gedrag van burgers en prikkelt vooral de reacties die deze simplificatie corrigeren.

Foto: Schermafbeelding van deel opinie-artikelIntegratie is geen eenrichtingsweg’ van Keyvan Shahbazi. De Volkskrant, 19 augustus 2018.

Winkeliers in de Kalverstraat willen uitsluitend bezoekers die komen om te winkelen

leave a comment »

Het is begrijpelijk dat de winkeliers van de Amsterdamse Kalverstraat met de gemeente in gesprek gaan om drukte en zelfs opstoppingen te voorkomen. Dat kan door het gedrag van de passanten te beïnvloeden en andere looproutes te promoten. In dit verslag zondigen zowel AT5 als de winkeliers tegen de logica en zien er geen bezwaar in om onzin te beweren. De verslaggever opent met een onbegrijpelijke opmerking: ‘Uit onderzoek blijkt dat slechts 37% van de bezoekers de Kalverstraat bezoekt met de intentie te gaan winkelen. En die groep zijn ze [= de winkeliers] dus liever kwijt dan rijk.’ Echt? Dus de winkeliers zijn de bezoekers die de intentie hebben om te winkelen liever kwijt dan rijk? Bij AT5 is onzin blijkbaar de nieuwe waarheid.

‘Winkelmanager’ Pauline Buurma gaat nog verder en eigent zich namens de winkeliersvereniging de hele straat toe als ze over de passanten zegt: ’Ze zijn natuurlijk welkom, maar dan moeten ze hier komen om te shoppen’. Bepalen in Amsterdam tegenwoordig winkeliers wie toegang tot de openbare ruimte heeft? Want de Kalverstraat is een vrij toegankelijke straat en geen afgesloten privéterrein. De winkeliersvereniging zou zich beter beraden over hoe en met wie het in de publiciteit treedt en hoe gerechtvaardigd het is om de Kalverstraat te reduceren tot ‘hun’ straat waar winkeliers bepalen wie er wel of niet in mag komen.

%d bloggers liken dit: