George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘New York

Twee Nederlandse kinderen op Ellis Island (1892-1907)

leave a comment »

Immigranten. Deze keer twee Nederlandse kinderen. Dat kan niet missen. De klompjes, de hoofddeksels en vooral de gezichtjes. De ‘Nederlandsheid’ straalt er vanaf. Die besmettelijke vorm van identiteit aan de rand van de Noordzee. De pop van het meisje lijkt het met maar één been te moeten stellen. Is dat de reden voor haar om het op een huilen te gaan zetten? Deze foto is er een uit een reeks portretten van immigranten in klederdracht die tussen 1892 en 1907 aankwamen op Ellis Island, New York. Fotograaf was Augustus Sherman die er werkte en als hobby foto’s nam. Ze waren welkom in de VS. Maar niet in gelijke mate. Nederlanders en Scandinaviërs waren meer welkom dan Zuid- en Oost-Europeanen. Veel verandert, maar meer blijft hetzelfde.

Foto: Augustus Sherman, ‘Dutch children’, 1892-1907.

Advertenties

Transformaties en interventies van Chitra Ganesh

leave a comment »

Van de al een kleine 20 jaar in New York actieve kunstenaar Chitra Ganesh is tot 4 november 2018 de tentoonstelling ’The Scorpion Gesture’ in het Rubin Museum in New York te zien. Waar zij op uit is maakt de titel van een bespreking in Hyperallergic duidelijk: ‘A Feminist Artist’s Postcolonial Animations’. Ganesh is een geëngageerde kunstenaar die met verhalende beelden en animaties de vanzelfsprekendheid van de macht ter discussie stelt. Hyperallergic: ‘Not surprisingly, the stories reflect the racial, religious, socio-economic and gender prejudices of India’s predominantly patriarchal and religious orthodoxy, which privileges fair-skinned, upper-caste Hindu males’. Ganesh begeeft zich vol moed in een mijnenveld door vooroordelen  van de Indiase religieuze orthodoxie aan te spreken. Dat is niet iets voor bange kunstenaars of museumdirecteuren die het een podium geven. Met animatie legt ze dwarsverbanden en probeert ze het ongeziene zichtbaar te maken.

Dit gaat over ‘cultural appropriation’, ofwel over de vraag wie een specifiek religieus of in etniciteit gegrond verhaal mag ‘vertellen’. De term alleen al suggereert dat culturele toe-eigening een overtreding is en daarom ontoelaatbaar en ongewenst. Dat is echter nog maar de vraag. Mag een paars iemand uitsluitend een paars verhaal vertellen of mag een paars iemand een andersgekleurd verhaal vertellen? Sommige gemeenschappen menen dat ‘hun’ verhaal ‘hun’ eigendom is. Tot en met het eigen ontstaan en de voorouderverering aan toe.

Dit heeft alles met identiteit en zelfbewustheid te maken. Waarbij  dit laatste negatief uitpakt als weerbaarheid en zelfverzekerdheid omslaan in gekwetstheid en een defensieve houding. Dan gaan het groepsgevoel en de emancipatiestrijd boven de verbinding met anderen. Waarbij kunst en cultuur, inclusief ‘het verhaal over religie’ niet meer universeel toegankelijk voor iedereen is, maar afgesloten wordt voor anderen. Het lijkt in een steeds kleiner wordende wereld een onhoudbaar standpunt dat voor radicale groeperingen echter nut heeft om zich politiek te profileren. Maar anderen hoeven zich van die claim weinig aan te trekken. Het is de verdienste van Chitra Ganesh dat zij aan dit aspect een goede vorm geeft en eraan meewerkt om grenzen te overschrijden. Niet met de botte bijl, maar met eerbetoon en alternatieven vanuit haar feministische optiek.

Foto: Beeld uit animatie The Scorpion Gesture (2018) van Chitra Ganesh.

De kruiser ‘Utrecht’ en de Hudson – Fulton Celebration (1909)

leave a comment »

Sailors at rapid fire gun on Dutch ship “Utrecht”’ zo luidt de titel van deze foto in de collectie van het Library of Congress. Het jaar is 1909. De kruiser ‘Utrecht’ uit de Hollandklasse neemt deel aan de Hudson – Fulton Celebration. Een feest vol vieringen met een Nederlands tintje. De ‘Utrecht’ nam namens Nederland deel aan de vlootschouw ter ere van het jubileum dat het 300 jaar geleden was dat de in dienst van de VOC varende Henry Hudson met de Halve Maan in 1609 de rivier opvoer die later zijn naam kreeg. Ook werd gevierd dat het zo’n 100 jaar geleden was dat in 1807 de Amerikaanse ingenieur Robert Fulton met het stoomschip Clermont over de Hudson voer. Halve Maan en Clermont voeren de vlootschouw aan zoals uit een ansichtkaart blijkt:

De matroos staat er in zijn witte pak ontspannen bij. Met een pijp in de linkerhand en zijn rechterhand losjes aan de trekker. Maar er is geen vijand in zicht. Op dezelfde foto rust rechtsonder een hand op wat zo te zien een uitgeklapte deur is. Militair vertoon als feest en bevestiging van de vriendschapsband tussen landen. Vijf jaar later in 1914 voeren de (oorlogs)schepen in een andere realiteit. De ‘Utrecht’ van het neutrale Nederland maakte het niet meer mee. De in 1898 in de vaart genomen ‘Utrecht’ was in 1913 alweer uit dienst genomen.

Foto 1: ‘Sailors at rapid fire gun on Dutch ship “Utrecht”, 1909. Collectie Library of Congress.

Foto 2: Ansichtkaart Hudson Fulton Celebration 1909 Naval Parade.

Foto 3: ‘Netherlands [ship] Utrecht’, 1909. Collectie Library of Congress.

Petitie om Thérèse Dreaming van Balthus te verwijderen uit The Met. De nieuwe truttigheid rukt op en neemt kunst op de korrel

with one comment

De bewustwording over grensoverschrijdend seksueel gedrag is in opmars. De actie MeToo heeft zijn weerslag in vele landen. Dat is een goede zaak. Maar minder positief is dat in het kielzog de nieuwe truttigheid oprukt.

Een voorbeeld ervan is de New Yorkse ondernemer Mia Merrill. Ze is een petitie gestart om het schilderij Thérèse Dreaming (1938) van Balthus in het Metropolitan Museum of Art te verwijderen of het anders te presenteren. Merrill was ‘geschokt toen ze een schilderij zag dat een jong meisje in een seksueel suggestieve pose voorstelt’. Het Museum weigert volgens een artikel in de Huffington Post om het werk te verwijderen.

De National Coalition Against Censorship gaf gisteren een verklaring waarin het zich verzet tegen Merrill oproep die het als censuur ziet. Het bespeurt een tendens: ‘Recente gevallen van censuur, inclusief de bedreigingen met geweld die het Guggenheim Museum in New York ertoe dwongen verschillende objecten te verwijderen, onthullen een verontrustende trend van pogingen om kunst te onderdrukken die zich bezighoudt met moeilijke onderwerpen. Kunst kan vaak inzicht bieden in moeilijke realiteiten en verdient daarom een krachtige verdediging. NCAC juicht het toe dat The Met weigert te buigen voor zijn critici. We zullen culturele instellingen blijven ondersteunen die het mogelijk maken dat het publiek zelf nadenkt over wat ‘aanstootgevend’ is.’ Zo is het. Kunst in openbare collecties moet om welke reden dan ook niet het mikpunt worden van moralisten of politieke scherpslijpers. Het onderdrukken of wegdrukken van kunst is ongewenst.

Foto: Thérèse Dreaming (1938), Balthus (Balthasar Klossowski). Olieverf op doek. Collectie: Metropolitan Museum of Art. 

Religieuze organisaties bagatelliseren het verband tussen islamitische terrorisme en de islam. En ze sluiten anderen buiten

with one comment

Het is een wetmatigheid. Na een terroristische aanslag waarbij de daders zich op de islam beroepen, moslim zijn en ‘Allah Akbar’ roepen, komen islamitische lobbygroepen in actie om het verband met de islam zo klein mogelijk te doen lijken. Het is begrijpelijk, maar ook naïef. Iedereen neemt graag afstand van de rotte appels in de eigen mand, maar om te zeggen dat de appels niet in de mand zitten is in strijd met de werkelijkheid. Terroristen die zich op de islam beroepen zijn wel degelijk onderdeel van de islamitische gemeenschap.

Islamitische lobbygroepen zouden minder onwaarachtig moeten reageren. Dat zou hun geloofwaardigheid dienen. Waarom zeggen ze niet dat de terroristen een onderdeel van de islam zijn, ze het gebruik van geweld afwijzen en hard werken aan veranderingen die de voorwaarden voor islamitische geweld verminderen?

Een andere wetmatigheid is dat andere religieuze leiders zo’n terroristische aanslag in hun voordeel proberen bij te buigen. Uit marketingoverwegingen creëren ze voor de versteviging van de eigen religieuze organisatie een tegenstelling tussen gelovigen en ongebonden. Want doden in naam van een religie kan onderhand als een belangrijk negatief bijverschijnsel van religie opgevat worden. Illustratief is de verklaring van de New Yorkse katholieke kardinaal Timothy Dolan, zoals blijkt uit een bericht in Newsweek. ’Nogmaals, ongeacht onze religie, ras of etnische achtergrond, of politieke overtuigingen, we moeten onze verschillen opzij zetten en samenkomen in geloof en liefde om degenen die gewond zijn te steunen, te bidden voor degenen die dood zijn, evenals hun families en geliefden.’ Hoezo moeten ‘we’ samenkomen in geloof? Dat sluit ongebonden uit en is ongelukkig. Eigenlijk is het nog erger, welbeschouwd is het schaamteloos en onbehouwen wat kardinaal Dolan zegt. Hij grijpt een terroristische aanslag die in naam van religie doodt aan voor de expansie van religie.

Foto: Schermafbeelding van tweet met reactie, 31 oktober 2017.

Het gras is groen, de lucht is blauw en de museumsector is behoudend. Joep van Lieshout, het Louvre en ‘Domestikator’

with 3 comments

Moet er nog aandacht besteed worden aan de afwijzing door het Louvre bij monde van directeur Jean-Luc Martinez van de 13-meter hoge architectonische sculptuur ‘Domestikator’ (2015) van het in Rotterdam gevestigde Atelier van Lieshout? Het nieuws zingt al dagen rond op (sociale) media en heeft intussen ook het algemene nieuws bereikt. Want de afwijzing zou met seks te maken hebben. Dat moet gemeld worden. Pikant!

Het werk zou geplaatst worden op een buitenpresentatie in de tuinen van de Tuileries in het programma Hors les Murs (‘buiten de muren’). Leidt het schieten voor het Parijse open doel niet tot makkelijk scoren voor Joep van Lieshout? Media struikelen over elkaar heen om zijn verontwaardiging over de museumsector breed uit te meten. Die zou gaan voor bezoekcijfers en marketing, en blinkt uit in behoudzucht. Niet dat hij ongelijk heeft, integendeel, het is goed dat hij het opmerkt. Maar dit is hetzelfde soort nieuws als een media-offensiefje dat vertelt dat het gras groen is of de lucht blauw. The Huffington Post zet in een artikel de details op een rijtje.

In de meeste berichten wordt in navolging van een artikel in The New York Times van 2 oktober 2017 dat een terloopse vergelijking maakt met het Guggenheim Museum deze vergelijking overgenomen. Na politieke druk van dierenactivisten werden daar drie werken terugtrokken van een China-tentoonstelling. Uit een verklaring blijkt dat het Guggenheim Museum dit met tegenzin deed en onthutst is dat het zover moest komen: ‘As an arts institution committed to presenting a multiplicity of voices, we are dismayed that we must withhold works of art.’ Dit blog besteedde er op 26 september in een commentaar aandacht aan en verwees naar Jan Fabre. In de kwestie ‘Domestikator’ neemt het Louvre echter een andere positie in dan het Guggenheim Museum in de kwestie van het dierenactivisme in verband met de gewraakte werken op de tentoonstelling Art and China after 1989: Theater of the World. Het Louvre buigt pro-actief en het Guggenheim pas na dreigementen.

Dat Joep van Lieshout tot deel van een slechte wedstrijd is gemaakt valt hem niet te verwijten. Hij heeft het niet opgezocht. Maar zijn reactie leidt ontegensprekelijk tot marketing voor eigen merk. Er is geen ontkomen aan. Zo wordt via een omweg Joep van Lieshout ingesloten in het circuit dat hij bekritiseert. Dat geldt niet alleen voor integere kunstenaars als Van Lieshout, maar ook voor goedwillende musea die zich onttrekken willen aan de terreur van de markt en de gunst van het publiek. Maar ook zij lopen tegen hun grenzen aan.

Foto: ‘Domestikator’ van Atelier van Lieshout op de Ruhrtriennale in Bochum, Duitsland, 2015.

Tentoonstelling Guggenheim trekt aandacht door kritiek op video met honden die elkaar niet aan kunnen raken. Protest = marketing

with 7 comments

Het Guggenheim Museum in New York ligt onder vuur door de videoDogs That Cannot Touch Each Other’ (2003) van Peng Yu en Sun Yuan op de tentoonstellingArt and China after 1989: Theater of the World’ die op 6 oktober opengaat. Er is Chinese hedendaagse kunst te zien uit de periode 1989-2008. Of het de marketing van het Guggenheim Museum is of het protest van dierenactivisten, de tentoonstelling trekt al veel publiciteit.

De reacties doen denken aan wat Jan Fabre overkwam met werk dat was gebaseerd op Dali Atomicus (1948) van Philippe Hartman en Salvador Dali. Katten zouden door hem mishandeld zijn bij een opname door een Franse ploeg voor een film over hem. Een onterechte beschuldiging. De fractie van de PVV stelde in juni 2016 in de Brabantse Staten vragen over Fabre en probeerde hem af te beelden als een kunstenaar met ‘een zeer dubieuze reputatie als het gaat om dierenwelzijn’. In een commentaar omschreef ik dat toen zo: ‘Behalve Jan Fabre kregen afgelopen jaren ook Hermann Nitsch en Damien Hirst op oneigenlijke gronden kritiek van politieke activisten die zich presenteren als dierenactivisten. Ze zouden zich dienen te beperken tot waar het om gaat: dierenrechten. Dat is een goed doel, maar de PVV maakt het breder dan het is door Fabre een ‘narcistische dierenbeul‘ te noemen. Voor die kwalificatie bestaat geen enkel bewijs. Dan wordt de kritiek onzuiver en ongeloofwaardig. Met de politisering van hun rechten door de PVV hebben dieren niks te winnen.’

In een ander commentaar over een haatcampagne tegen Jan Fabre concludeerde ik dat het niet alleen tegen Fabre of voor het dierenwelzijn ging, maar vooral tegen de kunst: ‘Tegenwoordig is de geringste verwijzing naar kinder- of dierenmishandeling in de eigen omgeving al voldoende voor massale mobilisatie. Sterk aangejaagd door sociale media die telkens uitkomen bij verontwaardiging. Het besef van gebrek aan zeggenschap over grote problemen eindigt zo in extra gevoeligheid voor het kleine. In een vlucht naar de wereld van de onschuld. De campagne tegen Fabre doet denken aan de rancune van de VVD en PVV tegen de kunst. Da’s op zijn beurt het kleine van de politiek.’ Deze geschiedenis herhaalt zich weer eens in New York.

Foto: Still uit video ‘Dogs That Cannot Touch Each Other’ (2003) van Peng Yu en Sun Yuan.