George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Monotheïsme

Gregorius Nekschot stopt en vindt Hirsch Ballin de allerergste

with 4 comments

De cartoonist die bekend is onder het pseudoniem Gregorius Nekschot stopt per 1 januari 2012. Volgens een interview in De Volkskrant tekent-ie voortaan voor zichzelf. Zijn veiligheid en de kosten van zijn website zijn redenen voor dat besluit. Nekschot zal verbonden blijven met zijn aanhouding in mei 2008, Fitna en Ernst Hirsch Ballin. Zijn terugtreden sluit een tijdperk af.

Nekschot zegt geen boodschap te hebben. Volgens hem gingen zijn tekeningen er juist over dat mensen zichzelf moeten zijn en zich niet moeten laten leiden door ideeën of ideologieën. Toch werd Nekschot geannexeerd en spreekbuis van een politiek die gelijk op liep met de opkomst van de PVV. Van die ideeën heeft-ie nooit afstand genomen. Zijn beroep op volledige vrijheid en onafhankelijkheid klinkt theoretisch.

Nekschot verklaart de afgenomen aandacht voor de problemen rond integratie door de economische problemen. De redenen waarom-ie zijn cartoons begon bestaan naar zijn idee nog steeds. Hij brengt dat terug tot een intolerante islam en islamkritiek die onmogelijk wordt gemaakt. Dat staat haaks op het publieke debat. In Amsterdam maakten begin december moslimextremisten Irshad Manji het spreken onmogelijk.

Nekschot richt zijn pijlen op oud-minister van Justitie Ernst Hirsch Ballin. In 2008 werd Nekschot door 10 agenten van zijn bed gelicht en verdween in de cel. In de Tweede Kamer vonden partijen dat buiten proportie. Hirsch Ballin werd door toenmalig VVD-kamerlid Fred Teeven beschuldigd van een politieke arrestatie. In 2010 liet het OM na een 5-jarig looptijd van de aanklacht weten dat Nekschot niet vervolgd wordt.

Nekschot noemt Hirsch Ballin een godsdienstwaanzinnige, ‘die zijn geloof als de maat der dingen ziet en meent dat zonder geloof het leven geen betekenis heeftHet bestrijden van Geert Wilders was voor de CDA-bestuurder een obsessie en in het kielzog daarvan richtte hij zich op Gregorius Nekschot, die met godsdienst de spot dreef. Hij ziet zichzelf daarom als het wisselgeld in de Fitna-affaire; mocht het de regering niet lukken om Fitna, de film van Geert Wilders, tegen de houden, dan waren er altijd nog Nekschot en zijn cartoons.’

Voor Femke Halsema heeft Nekschot respect omdat ze consequent bleef in haar steun voor hem. Ernst Hirsch Ballin is volgens Nekschot de allerergste. Met beide observaties ben ik het eens. Halsema wist zich altijd onafhankelijk op te stellen. Hirsch Ballin is het ultieme gevolg van religieuze politiek die onder abstracties die niks kosten continu op de rem van de modernisering trapt. Net als Balkenende vindt-ie dat iemand zonder geloof niet kan functioneren. Nekschot, Halsema en Hisch Ballin zijn nu verdwenen uit het publieke debat.

Foto: Cartoon van Gregorius Nekschot, 22 juni 2011

Evolutie van religieuze multinationals

with 8 comments

Religie is een culturele uiting die vanuit rituelen en theatraliteit is uitgevonden om de almachtige natuur te bezweren. De uitvinding is later gekaapt door machthebbers die het gingen inzetten voor hun eigen doeleinden. Da’s jammer omdat het de religie weghaalde bij de mensen en een individuele ervaring in groepsverband corrumpeerde door institutionalisering, schaalvergroting en standaardisering.

Monotheïstische multinationals die geld en prestige achter de hand hebben, opereren vanuit machtscentra door samenwerking met wereldlijke machten en verdelen de wereld in invloedssferen. Hun bedrijfsvoering vraagt vanwege de grootschaligheid en het vele personeel om rationalisaties die uitgaan van begrijpelijkheid, standaardmethoden, haalbaarheid en een strakke leiding om het eigen bestaan te handhaven.

Zoals de hamburger van McDonald het lokale restaurant verdringt, de Hollywoodse soap-serie de Nederlandse serie en Coca Cola de plaatselijke limonademaker, zo verdringen multinationale religies de individuele zingeving en expressie van de religieus geinspireerde. Maar ook van de lokale prediker die zich onafhankelijk van de centrale leiding wenst op te stellen. Dat wordt door uniforme richtlijnen onmogelijk gemaakt en vanuit de centrale leiding strikt gecontroleerd en gecorrigeerd. Met uitsluiting als uiterste sanctie.

Uniformiteit is voor een religie de voorwaarde om te overleven. Religie kent een mondiale bedrijfsvoering die geen afwijkingen toelaat. Procedures bewaken de grenzen waarbinnen de afzonderlijke uitingen van een religie zich mogen bewegen. Dat staat nauw omschreven in procedures, zoals bij elke multinational.

Voorwaarde voor pluriformiteit is dat overheden de vrije keuze van de burger garanderen, obstakels wegnemen en het assortiment breed houden door toelating van toetreders. Juist dat laatste ontbreekt omdat monotheïstische religies in Nederland extra politieke en juridische bescherming genieten en daarom op voorsprong staan in het publieke debat en de rechtszaal. Ofwel, aan religies wordt van overheidswege oogluikend toegestaan andersdenkenden kritiek te geven die ze zelf niet wensen te ontvangen.

Deze samenklontering van politiek en religie is ultieme machtsvorming. Krachten die dat bekritiseren kunnen op een spervuur aan reacties rekenen. De politieke kracht van religies is groot. Religies zijn straatvechters en weten keer op keer anderen voor hun karretje te spannen. Zonder dat deze dit beseffen.

Bij de realisering van religie wordt het hogere veiliggesteld door het lagere. Daarom is het geloof in religie geen vanzelfsprekendheid die in de mens is neergedaald, maar een gevolg van strijd, bestendiging van macht en uitschakeling van opponenten. Specifiek aan religie is dat in de montage het lagere wordt weggemoffeld en het hogere benadrukt. Voor begrip van religie kunnen de twee kanten niet worden losgekoppeld.

Toch kan men beweren dat religie weliswaar kwalijke kanten heeft, maar in de vorming van de moderne samenleving als katalysator heeft gediend. Het heeft een sociaal proces verder geholpen. Religie is niet blanco gestart. Religie is geen eerste stap geweest. Rituelen zijn vanuit theatrale behoeften voortgekomen en geannexeerd. Van grot tot kerkplein zijn wereldse elementen ingevoegd. Het animisme, de verering van de leefomgeving is geannexeerd. In religie zijn archeologische pre-religieuze lagen terug te vinden.

Religie heeft tradities geannexeerd en bijgebogen. Religie heeft elementen geïncorporeerd, maar ook verdrongen. Wat is het eindsaldo? Komt een katalysator niet onveranderd uit het proces? Niet bij religie.

De ultieme vraag naar het belang van religie gaat samen met de voorstelling hoe de menselijke ontwikkeling zonder religie verlopen was. Verdient religie credits voor de recycling van oude tradities en het smeden van nieuwe verbindingen? Of verdient het geen credits omdat het door de aantasting van tradities de sociale cohesie heeft verzwakt en door de eigen opkomst een natuurlijk proces heeft verstoord?

Religie heeft door zijn aard de bindingen binnen groepen mensen op een werkbaar niveau gebracht. Met socialisatie en cohesie als gevolg. Maar strijd is het wezenskenmerk en een essentiële verschijningsvorm van religie. Om de strijd tegen ketterse bewegingen, concurrende stromingen en andere religies te kunnen beslechten heeft religie zich moeten isoleren en andersdenkenden moeten uitsluiten.

Heeft religie door de verdringing van pre-religieuze tradities iets fundamenteels toegevoegd, iets mogelijk gemaakt dat daarvoor onmogelijk was? Hadden socialisatie en de vorming van een vroegburgerlijke maatschappij ook zonder religie gekund? Is religie een toegevoegde waarde?

Conclusie lijkt dat de historische rol van religie in de maatschappijvorming positief is geweest, maar nu is uitgespeeld. Juist de strijdbaarheid van religie en de legitimering en stroomlijning van geweld maakten het mogelijk om eenheid en uniformiteit in de wereld te scheppen. Maar in een globaliserende wereld verkeert uniformering in een nadeel. Heterogeniteit en flexibilisering vragen om andere verbanden.

De bindende rol van religie is overgenomen door economie en cultureel imperialisme. Religie is er een klein onderdeel van. De toekomst is een rol van zingeving, troost en innerlijke beschouwing. Niet als politieke macht die er toe doet. Maar beperkt, want zelfs het idee van spiritualiteit is niet exclusief voor religie.

Tot die tijd kunnen we implosies en explosies van religies verwachten. De passage van het monotheïsme is lastig. Zo valt de strijd van de islam te begrijpen als teken van zwakte. Perspectief voor religie is dat het los van de macht pas echt gerealiseerd wordt in het hogere. De evolutie van religie is dan definitief ten einde.

Foto uit: L’eclisse van Michelangelo Antonioni (1962)

Johanna en George over religie en islam 11

leave a comment »

Deel 11 van een discussie tussen Johanna Nouri en George Knight.

Johanna: Het gaat er niet om dat moslims iets typisch islamitisch doen wat op eigen merites beoordeeld moet worden. Nee, zij volgen de begane paden van de maatschappij waarin zij leven en moeten dus naar nationaal geldende maatstaven beoordeeld worden. Daar ontbreekt het nogal eens aan.

= Ik vind je opstelling legalistisch. Staatsrechtelijk heb je gelijk. Maar da’s maar een deel van het verhaal. Het gist aan politiek en maatschappelijke processen. De angst regeert en wordt aangewakkerd. Er is een Nederlandse islam die zoals je zegt niet hierarchisch en strikt georganiseerd is als de andere monotheistische stromingen in Nederland. Dus verdeeld en lastig aanspreekbaar is. Dat maakt kwetsbaar. =
Er is niets legalistisch aan het uitgangspunt dat in ons land rechten en plichten voor iedereen gelijkelijk gelden. Het is de basis van onze democratische rechtsstaat. Dezelfde rechtsstaat die we terecht met hand en tand verdedigen.
Angst regeert, mee eens. Het kan echter niet zo zijn dat we ons laten regeren door angst en op basis van die angst anderen hun rechten gaan ontnemen en hen gaan discrimineren. Dat is het paard achter de wagen spannen, want daarmee breken we de rechtsstaat af die we zeggen te verdedigen.

= Je kunt vervolgens twee richtingen op. Blijven volhouden dat alleen de wet telt of verdergaan en toelichten wat de intenties zijn. Communicatie dus, waarvan je gelukkig ook het belang inziet. Het lijkt me de sleutel die veel te weinig gebruikt wordt. Uitleg is geen knieval, geen terugvallen in een positie die je al dacht overwonnen te hebben. Ik begrijp dat je geen boodschap hebt aan wij-zij denken -dat overigens van beide zijden komt- en denkt dat voorbij te zijn. Maar dat moet elke dag weer veroverd worden. =
Communicatie en uitleg is geen drempelcriterium voor het hebben van burgerrechten. De rechten en plichten die iedere burger heeft gelden dus ongeacht de mate waarin en het niveau waarop die burger communiceert. Wat onverlet laat dat (betere) communicatie kan bijdragen aan het verminderen of wegnemen van angst. Van de andere partij vraagt het de bereidheid tot luisteren en een open houding.

= Denk aan de homosexuelen die nog steeds in elkaar geslagen worden. Die moeten ook blijven vechten voor hun rechten en kunnen niet volstaan met het wijzen naar de grondrechten. Juist de homobashers verdienen die voorlichting. Zo werkt het jammergenoeg met minderheidsgroepen. Hun acceptatie verloopt traag en kent terugslagen. =
Het in elkaar slaan van homo’s heeft voor mij niks met integratie te maken. Het is in strijd van de wet en komt ook voor onder mensen die hier geboren en getogen zijn. Het in elkaar slaan van homo’s is strafbaar. Daders moet je oppakken en veroordelen. Welk geloof of levensovertuiging de dader heeft speelt daar geen rol in.

= Kortom, ik maak me zorgen over een Nederlandse islam die slecht communiceert met het grote publiek. Die kansen laat liggen om de burgers van Nederland op een redelijke, niet-polemologische of islamiserende manier te benaderen op het niveau van bedoelingen, organisatie, integratie, burgerschap en democratisch besef. Ik maak me zorgen dat blijkbaar het preken voor de eigen gemeenschap doorgaat, maar ik moet blijven gissen wat er gist. =
Die zorg begrijp ik. Een tweede zorg is dat er een tendens is om zeer argwanend, zelfs achterdochtig naar moslims te kijken en op basis van die achterdocht wetten te willen maken die grondrechten aantasten. Ook daar moeten we wat aan doen.

George: Ik suggereerde niet dat het in elkaar rammen van homosexuelen iets met geloof en/of allochtonen te maken heeft. Hoewel dat in praktijk wel zo schijnt te zijn. Ik gaf het als voorbeeld aan de ontvangende kant voor het feit dat niets vanzelfsprekend komt. Homosexuelen kunnen wel achteroverleunen en wijzen naar de constitutie, maar dan nog worden ze om hun gezindheid in elkaar geramd als ze hand-in-hand door Amsterdam lopen. Wat de meeste homosexuelen al lang niet meer durven overigens.

Hetzelfde geldt voor Nederlandse moslims die uiteraard dezelfde grondrechten hebben als wie dan ook. Maar da’s de theorie. Ik bracht naar voren dat het actie vraagt om ook dat in de praktijk te verwerven. Achteroverleunen en wijzen naar de constitutie is te mager. De eigen plek bevechten hoort bij een open samenleving en de zelfredzaamheid maakt sterk.

Ik vermoed dat we het er inhoudelijk over eens zijn waar we uit willen komen, maar dat er tussen ons een accentverschil is hoe dat bereikt wordt. Ik leg meer verantwoordelijkheid en zelfwerkzaamheid bij het individu, jij beroept je daarnaast ook op de beschermende overheid.

Maar hoe gek of gezocht het ook klinkt, in vele gevallen zie ik dat laatste juist als een beperkende factor voor individuele ontwikkeling. Zeker als het om religie gaat worden Nederlandse overheden betuttelend en patriarchaal. Actieve partij in een debat dat ze vanwege hun rol alleen zouden moeten garanderen. Kijk naar de ramadan. Los van de uitzonderingen die het geloof biedt, doet niet elke moslim eraan mee. Schattingen zijn dat tot 1/3 van de Nederlands-Turkse moslims niet aan de ramadan meedoen door overdag niet te vasten. Het is hun eigen vrije wil die gerespecteerd dient te worden en trouwens in de islam zelf enige rechtvaardiging vindt.

De media geven het beeld van een monolithisch blok van moslims. Een soort jaren ’50 gevoel van saamhorigheid. Echter, ook vanuit de islam zelf wordt dat beeld onvoldoende gecorrigeerd. Dat proces van eigen initiatief mis ik. Ik herhaal het maar weer.

Wie de bladen opslaat en met name de inspanningen van de emancipatie- en minderhedendesks van lokale overheden overziet wordt wee van het exotisme waarin Nederlandse moslims nog steeds worden opgesloten. Notabene door overwegend niet-moslims. In wezen is ook dat uitsluiting door de overheid en maatschappij die mogelijk gevaarlijker is dan het nationaal-exotisme van de PVV. Want minder zichtbaar en dientengevolge lastiger bestrijdbaar.

De individualiteit van de moslim wordt in Nederland in de praktijk nog steeds niet erkend. In het gunstigste geval wordt de moslim als het verlengde van een groep gezien. Wat logischerwijze in de hand gewerkt wordt door de gevestigde islam die zichzelf sterk wenst te presenteren en niet primair bedoeld is voor de emancipatie van de eigen mensen. Daarom ben ik tegen deze de-invidualisering. Of de inperking nu van Wilders, de imam of de overheid komt.

Want laten we wel beseffen dat de tegenwerking en de reactionair te noemen krachten niet eenduidig zijn en op vele niveau’s en in verschijningsvormen voorkomen. Ze zitten in de overheid, de linkse politiek, de rechtse politiek, de zachte sector en de islam zelf. Dat moet ontmanteld worden. Wilders is mogelijk de bliksemafleider die de aandacht trekt door incidenten, terwijl achter zijn rug de structuren aangehaald worden. Ik begrijp dat de individuele moslim enorm baalt van de trage ontwikkelingen, zoals ik daar als democraat en individu ook van baal. Dat vraagt om actie.

Foto: In Londen zwaait een groep van ongeveer 20 demonstranten met banners bij het bezoek van Geert Wilders aan het Britse parlement, oktober 2009

Johanna en George over religie en islam 10

with one comment

Deel 10 van een discussie tussen Johanna Nouri en George Knight.

Johanna: = Suggereer je nou dat ik ervoor pleit dat de meerderheid het voorbeeld van de minderheid volgt? Je mag dat best constateren, maar da’s voor je eigen rekening. =
Nee, dat suggereer ik dan ook niet. Ik vraag om de meerderheid niet af te rekenen en aan te spreken op het gedrag van een kleine minderheid. Of concreter: ik vraag dat je individuen aanspreekt op hun individuele verantwoordelijkheid. Gelet op de onderwerpen die je tot nu toe inbracht, is mijn indruk dat bij die meerderheid weliswaar geen vraagtekens hebt, maar tegelijkertijd hen wel beoordeelt op daden van anderen, de groep als collectief behandelt dus.

= Het blijkt niet uit mijn woorden en die waarde heb ik er niet in willen leggen. Het conflicteert ook met de lijn van mijn betoog. Ik ga voor openheid en emancipatie voor moslims, niet voor apartheid en uitsluiting door moslims. Overigens komt je bewering in je laatste alinea op hetzelfde neer als je zegt dat de meeste Nederlandse moslims de rechtsstaat respecteren en onderschrijven. Ik zeg niets anders. =
Het gaat dan ook met name om de conclusies die je eraan verbindt. Mijn conclusie is dat daar waar uit het gedrag van mensen niet blijkt dat ze de rechtsstaat niet respecteren en onderschrijven, er geen reden is tot actie. Bij jou lees ik dat ondanks het feit dat de meesten de rechtsstaat respecteren er kennelijk toch iets moeten worden ingepast. Dat suggereert dat jij nog een aantal andere normen hanteert impliciet. Mensen in een rechtsstaat kunnen echter niet meer van elkaar vragen dan dat zij wederzijds de rechtsstaat en elkaars rechten en plichten respecteren. Anders geformuleerd: als je je aan de wet houdt, wat moet er dan eigenlijk nog worden ingepast?

= Waaruit je nu weer concludeert dat ik vind dat rechtsstaat en moslims principieel niet te verenigen zijn begrijp ik niet. Ik stelde juist die vereniging als doel. In mijn ogen is het gewoon mogelijk. Waarom niet trouwens? Maar eerder zei ik ook dat het proces niet vanzelf gaat, lastig is voor een relatief nieuwe deelnemer aan de pluriformiteit die als organisatie ook nog eens verdeeld is en onder druk staat. En dat ik belemmeringen niet zozeer bij de Nederlandse moslims zie, maar bij de gemiddeld meer conservatieve Nederlandse organisatie islam. Vandaar mijn hoop dat de Nederlandse moslims volop in dit proces stappen, en voeg ik toe, de gevestigde islam meenemen op die weg. =
Ik kan hier weinig mee, George. We stellen allebei dat de overgrote meerderheid van de moslims onze rechtsstaat respecteert en naleeft. Dan hoeft er dus niks verenigd te worden, want dan is die vereniging al een feit. Aandacht dient er te zijn voor hen die (dreigen) de rechtsstaat niet te respecteren. Maar dat geldt niet alleen voor moslims, dat geldt voor alle burgers van ons land.

= De onderschrijving en de bekendmaking van die onderschrijvng door moslims dringt bij vele niet-moslims niet door. Ik doel niet op rechts-extremisten of xenofoben, maar op de meerderheid van goedwillende Nederlanders. Die willen best geloven, maar horen gewoon niets van een Nederlandse islamconferentie die ondubbelzinnig aangeeft dat islam en rechtsstaat samengaan. =
Is voor mij een variant op: sommigen zaaien twijfel en daarom vinden mensen als jij dat ze het recht hebben om elke keer als er twijfel wordt gezaaid de loyaliteitsvraag te stellen. Dat is niet werkbaar in een samenleving waar we van iedereen vragen om volwaardig en actief burger te zijn.

= Naar mijn idee is die kennisgeving wel degelijk het probleem. Volgens mij is er geen ander probleem. Ik denk dat je onderschat dat een relatief nieuwe deelnemer als de Nederlandse islam aan de maatschappij meer duidelijkheid over haar bedoelingen kan geven. Da’s onlosmakelijk verbonden aan het proces van integratie. =
In theorie klopt dat. De praktijk is echter dat die vraag niet aan elke nieuwkomer gesteld wordt, maar slechts aan één specifieke groep. Wel ben ik het met je eens dat moslims er goed aan zouden doen meer te communiceren. Ik schreef niet zo lang geleden daar al een blog over, over leiderschap binnen de islamitische wereld in Nederland. Tegelijkertijd is er een wezenlijk verschil tussen wederzijds actief de dialoog opzoeken enerzijds en anderzijds het idee dat wij van hun iets eisen.

= Juist nu er uit rechtse hoek verdachtmakingen richting islam blijven komen, zou de Nederlandse islam zich moeten realiseren meer transparant en open te kunnen zijn. Eerlijk gezegd verbaast dat uitblijven me in hoge mate. De vragen zoals verwoord deel 4 houden me daarom nog steeds bezig. Jouw woorden stellen me tevreden en vind ik mooi, maar nog liever zou ik het van de moskeebesturen ed. horen. Dan horen meer Nederlanders het. Misschien is de inschatting of het wel of niet nodig is om de Nederlandse islam nader toe te lichten wel het cultuurverschil tussen ons. =
Ik ben zeker voor dialoog, met het accent op het zoeken naar wat ons bindt, hoe we samen ons burgerschap in Nederland vorm kunnen geven. Moslims zelf hebben daar een belangrijke rol in. Tegelijkertijd is de islam niet hiërarchisch georganiseerd zoals we dat gewend zijn van de kerken in Nederland. Je vraagt imams en moskeebesturen een rol op zich te nemen die ze in de gemeenschap niet hebben. Ik vind dat geen goede ontwikkeling. Ik zou liever zien dat mensen met vragen zelf met moslims in gesprek gaan en vice versa. Dat past ook beter bij het emancipatorisch burgerschap dat ons allebei voor ogen staat.

George: Wat je over meerderheid en minderheid opmerkt kan ik niet volgen. Hoe dan ook, ik zie een bepaalde minderheidsgroep als probleem. Ik hanteer geen andere normen. Iedereen is gelijk. Maar het zou naief zijn om een kleine groep die de rechtsstaat niet erkent niet aan te pakken. Die stelt zichzelf buiten de wet. Ze bederft het juist voor anderen. Wat gecompliceerd wordt als het een beroep op dezelfde ideologie, religie of levensovertuiging doet. Maar het onderscheid tussen het een en het ander was me duidelijk.

Wat je bedoelt met mensen als jij weet ik niet. Ik wist niet dat ik deel van een groep uitmaakte. Kun je dat wellicht specificeren? Of wil je me gewoon ook eens laten voelen hoe het voelt om op het gedrag van anderen aangesproken te worden? Zo’n plaagstoot verdraag ik ruimhartig als boetedoening voor de keren dat ik jou tekort heb gedaan.

Uiteraard is de onderschrijving van de rechtsstaat het diapositief van het invoeren van de sharia. Al is het voor familierecht of een vorm van mediating. Natuurlijk weet ik dat er in Nederland kerkelijke lekencolleges zijn. Ik zou ze geen rechtbanken willen noemen. Maar als ze taken van de rechtbank overnemen heb ik daar geen goed woord voor over en moeten ze aangepakt worden. Want het benadeelt de zwakkeren en bevordert de rechtsongelijkheid. Ik noemde de sharia als bijzonder en reeël geval omdat het de laatste jaren in het Verenigd Koninkrijk opgang heeft gemaakt. Dat vind ik ongewenst.

Ik vind je opstelling legalistisch. Staatsrechtelijk heb je gelijk. Maar da’s maar een deel van het verhaal. Het gist aan politiek en maatschappelijke processen. De angst regeert en wordt aangewakkerd. Er is een Nederlandse islam die zoals je zegt niet hiërarchisch en strikt georganiseerd is als de andere monotheïstische stromingen in Nederland. Dus verdeeld en lastig aanspreekbaar is. Dat maakt kwetsbaar.

Je kunt vervolgens twee richtingen op. Blijven volhouden dat alleen de wet telt of verdergaan en toelichten wat de intenties zijn. Communicatie dus, waarvan je gelukkig ook het belang inziet. Het lijkt me de sleutel die veel te weinig gebruikt wordt.

Uitleg is geen knieval, geen terugvallen in een positie die je al dacht overwonnen te hebben. Ik begrijp dat je geen boodschap hebt aan wij-zij denken -dat overigens van beide zijden komt- en denkt dat voorbij te zijn. Maar dat moet elke dag weer veroverd worden. Denk aan de homosexuelen die nog steeds in elkaar geslagen worden. Die moeten ook blijven vechten voor hun rechten en kunnen niet volstaan met het wijzen naar de grondrechten. Juist de homobashers verdienen die voorlichting. Zo werkt het jammergenoeg met minderheidsgroepen. Hun acceptatie verloopt traag en kent terugslagen.

Kortom, ik maak me zorgen over een Nederlandse islam die slecht communiceert met het grote publiek. Die kansen laat liggen om de burgers van Nederland op een redelijke, niet-polemische en niet-islamiserende manier te benaderen op het niveau van bedoelingen, organisatie, integratie, burgerschap en democratisch besef. Ik maak me zorgen dat blijkbaar het preken voor de eigen gemeenschap doorgaat, maar ik moet blijven gissen wat er gist. Het kan naast elkaar.

Foto:  Op 7 januari 2011 vormen in Djakarta Indonesiërs een menselijke keten om de bloedige religieuze botsing te veroordelen waarbij drie dodelijke slachtoffers vielen.

Fundamentalisme volgens Hirsch Ballin

with 23 comments

Oprecht zoeken naar waarheid is een mooi streven. Echter geen noodzakelijke voorwaarde voor democratie. Eerder een prettige bijvangst. Democratie kan zonder waarheid. Waarheid kan uit de deelaspecten volgen, maar kan er niet opgelegd worden omdat het niet essentieel en dienend in het machtsvormingsproces is.

We zien het voor onze ogen. De democratische orde functioneert niet super, maar redelijk. Toch wordt het publieke debat niet in het volle licht van de waarheid gevoerd. De macht zit achter de coulissen geborgen. Emoties, schijnbewegingen, spiegelingen verdringen het zoeken naar wat belangrijk is. We stoppen voor een facade en zien dat als waarheid onder het besef dat dat de waarheid nooit kan zijn. Maar we hebben houvast nodig en nemen daarom genoegen met de schijn.

Politici jagen het debat aan maar kunnen het evenmin een diepere waarheid opleggen. Ook zij moeten genoegen nemen met een bijrol die als legitimatie voor de schijn dient. Ook politici ondermijnen de waarheid. Het lukt de overheid maar niet om een puur rechtsstatelijke lijn vast te houden. Waarin gelijkheden zonder beperking gelden. De overheid gaat zelfs nog verder en schetst een onrechtsstatelijke lijn.

Voormalig minister van Justitie Hirsch Ballin hield in januari 2010 een toespraak ter ere van de vrijheid van godsdienst waarin hij waarden grandioos omkeert. Hij verdedigt de godsdienst en valt het atheisme aan: Het is mijn overtuiging dat wij steeds weer onszelf moeten scherpen in het besef dat vrijheid van godsdienst en levensovertuiging verbonden zijn met de principes van de democratische rechtsstaat, waarvan persoonlijke vrijheid doel en ijkpunt is. Wanneer we dat vergeten, ontstaat een voor de persoonlijke vrijheid destructief krachtenveld. De maatschappelijke discussie in Europa wordt – zeker na de terroristische aanvallen van 2001 – in hoge mate bepaald door vrees voor een fundamentalistische variant van de islam, hoewel die slechts door een miniem percentage van de in Europa levende moslims wordt gedeeld. Fundamentalisten die geen ruimte laten voor de ander hebben we gezien en zien we onder christenen, joden en moslims, en – in de 20ste eeuw in de verschijningsvormen van de leninistische en stalinistische staatsterreur – ook onder atheïsten. Wie zich dit realiseert en beseft dat in de gouden eeuwen van Andalusië, el-Andalus, naast moslims joden en christenen zoveel vrijheid genoten dat zich daar de meest betekenisvolle culturele, wijsgerige en wetenschappelijke interacties van de middeleeuwen plaatsvonden, zal niet willen meedoen met een onverdraagzame schuldtoewijzing aan ‘de islam’.

Hirsch Ballin ziet de gevangenis van religie als bevrijding. Hirsch Ballin ziet persoonlijke bevrijding, zeg: individualisering, ondergeschikt aan gemeenschapsdenken. Hirsch Ballin was begin 2010 een exponent van christelijke politiek die door de vorming van een rechts kabinet later buiten spel werd gezet.

Voor zijn betoog bouwt Hirsch Ballin op het niet-historische en onjuiste beeld van een harmonieus Andalusië en stelt-ie het atheïsme gelijk aan religie. Alsof er een Atheïstische Bijbel en een centraal geleid atheïsme bestaat dat vergelijkbaar is met monotheïstische godsdiensten. Zijn grote wegtoveractie dient om uitwassen van de islam te legitimeren. Of preciezer gezegd om het uitblijven van een krachtig integratiebeleid te legitimeren door oorzaken te ontkennen. Onder het mom gedeelde schuld is geen schuld duikt Hirsch Ballin weg voor de verantwoordelijkheid om de problemen van nu te benoemen en te (h)erkennen.

Als voor de omgang met elkaar de waarheid een rechtsstatelijke waarheid is, dan ben ik tevreden. Al is het slechts voor de omgang met elkaar in het publieke domein. Mij ontgaat waarom Hirsch Ballin het publieke debat wenst te belasten met zijn onwaarheid. Wat bezielt hem? Mij verbaast het gebrek aan diepte in zijn verhaal. Hoe kan een belezen man als Hirsch Ballin zich zo mee laten slepen in onwaarheid?

Dat Hirsch Ballin seculieren graag een hak zette is bekend. Christelijke ideologie hield Hirsch Ballin beter buiten zijn functioneren als bewindspersoon. In elk geval hield het hem buiten het kabinet Rutte. Het staat voor een stroming in het CDA die ook door Ruud Lubbers wordt gerepresenteerd. Hun waarheid is christelijk, met een laagje fondant.

Foto uit: I Confess van Alfred Hitchcock (1953)

Religieus humanisme volgens Wikipedia

with 6 comments

Wat de grenzen aan het humanisme zijn is me nooit duidelijk geworden. Bij de kern meen ik me thuis te voelen, maar dat weet ik niet zeker. Bij de uitlopers in elk geval niet. In Nederland is het gevestigde humanisme een verlengde van politiek geworden. Zoals dat bij enkele kerken ook gebeurde. Kun je dan niet beter gelijk lid worden van een politieke partij? Hoe dan ook, vanwege het diffuse beeld heb ik me nooit bij het georganiseerde humanisme thuisgevoeld en aangesloten. Dat komt trouwens bovenop mijn weerzin om me bij welke organisatie dan ook aan te sluiten.

Maar wat als iedereen zo redeneert? Dreigt dan atomisering? Maar wat als het ontstaan van het monotheïsme verklaard kan worden uit het gebruik ervan door despoten zo rond 1300 voor Christus in Egypte of Perzië om hun macht te vestigen? Zoals trouwens nog steeds in het Midden-Oosten de islam wordt gebruikt door machthebbers. En andere monotheïstische godsdiensten weer andere streken leveren. Is het monotheïsme historisch belast en kunnen we er niet beter een alternatief voor ontwikkelen? Ondanks sociologische verklaringen over moraliteit en groepsgevoel die overigens zonder religie hetzelfde hout snijden. Hoe kan ik nog ooit mijn individualisme in de groep gooien als het over godsdienst of levensovertuiging gaat? En welke groep in hemelsnaam?

Via Humanislam kwam ik op een pagina van de Vrije Gemeente van religieus humanisten Twente terecht. Ik was op een uitloper van het humanisme gestoten. Wat religieus humanisme was kon ik me niet voorstellen. Zoiets als een vegetarische slager, een blinde fotograaf of een maagdelijke hoer? Wikipedia laat onder het lemma religieus humanisme het volgende weten:
Religieus humanisme, is een integratie van religieuze gevoelens, rituelen of spiritualiteit met humanistische overtuigingen; de menselijke ervaringen, waarden, belangen en mogelijkheden staan hierbij centraal. Er zijn twee mogelijke vertrekpunten voor religieus humanisme: sommigen vertrekken vanuit het humanistische gezichtspunt, maar staan daarbij open voor spiritualiteit, religieuze gevoelens of rituelen, anderen vertrekken vanuit een religieuze traditie (christendom, jodendom, islam) maar met een humanistische houding van ‘redelijkheid’. De niet-religieuze stroming binnen het humanisme is het seculier humanisme.
 
Het religieus humanisme blijkt volgens Wiki dus zelf niets te zijn, zoals ik al vermoedde, maar wordt pas iets doordat het van elders vertrekt. In de aankomsthal van het religieus humanisme komen humanisme en religie samen. Een gezellig komen en gaan van spiritualiteit, rituelen en gevoelens. In kraampjes worden brokken religie vermengd met brokken humanisme en tot een onweerstaanbaar gerecht gemaakt. Of zo lijkt de bedoeling. Smullen voor fijnproevers. Pas in de beweging krijgt religieus humanisme inhoud. Het pretendeert tegenstellingen te overbruggen en dient degenen die niet tussen religie en humanisme kiezen. Een cynicus zou het opvatten als normvervaging en volksverlakkerij.

Foto: Vertrekhal van Antwerpen Centraal Station