George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Moderniteit

Rechtse christenen worstelen met de vraag of ze zich kunnen verbinden met het populisme van ‘messias’ Thierry Baudet

with one comment

Sommige rechtse christenen hebben een verknipt beeld van linkse politiek en het secularisme of geven daar op z’n minst in de publiciteit een verknipt beeld van. Dat secularisme reduceren ze tot goddeloosheid of de cultuur van de dood en gebruiken ze vervolgens als excuus om radicaal-rechtse politici te omarmen of op z’n minst welwillend te bejegenen. Een goed voorbeeld van die mentaliteit geeft bovenstaand citaat uit een opinieartikel van Johan van den Brink. Hij is secretaris van het Wetenschappelijk Instituut van de SGP.

De titel luidt ‘Christelijke politiek kan zich niet verbinden aan moderniteit’. Maar een titel die beter past bij het uitgangspunt van Van den Brink die zichzelf profileert als rechtse christen zou zijn ‘Rechtse christelijke politiek kan zich niet verbinden aan moderniteit’. Dat verbinden is trouwens een ongelukkig gekozen en vaag begrip. Het is wat anders als de moderniteit naar het christendom wordt gebracht of het christendom naar de moderniteit. Dat eerste kan op een oppervlakkige wijze en hoeft de kern van het christendom niet te raken.

De tegenstelling die Van den Brink benoemt is om meerdere redenen misleidend en ondeugdelijk. Talloze linkse politici van het type Jan Pronk of Lilianne Ploumen zijn gelovig en staan haaks op dat beeld van goddeloosheid. Predikant en theoloog Willem Banning was een van de oprichters van de PvdA. Joop den Uyl groeide op in een gereformeerd milieu, nam afstand tot het geloof, maar bleef in zijn handelen een calvinist.

Rechts kan niet het alleenrecht op het christendom claimen. Het is onhebbelijk en weinig christelijk van rechtse christenen om linkse christenen of linkse niet-christenen goddeloosheid te verwijten. Van den Brink doet evenmin moeite om het secularisme uit te leggen. Het secularisme is geen anti-religieuze filosofie die de goddeloosheid, de cultuur van de dood of het atheïsme promoot, maar een politieke filosofie die strikt neutraal staat tegenover alle levensovertuigingen en godsdiensten. Het secularisme staat identiek tegenover zowel christendom, humanisme als nihilisme en bevordert noch marginaliseert het een of het ander.

Complicatie van het soort tamelijk gesloten of hermetische teksten van Van den Brink is de dubbelhartigheid ervan die beredeneerd vanuit polemische redenen dient om vanuit het jargon en de bescherming van de eigen kring andersdenkenden hard en straffeloos aan te vallen, maar vervolgens daar niet echt op aangesproken wil worden. Uiteindelijk verschanst Van den Brink zich in zijn eigen jargon en logica, en lijkt hij moeilijk bereid tot een open debat. Van den Brink wil zijn boodschap verzenden. Zijn overtuiging is zijn wetenschap.

Met de opkomst van ‘een zelf-geproclameerde politieke messias op rechts’ verwijst Van den Brink naar een discussie in het RD. Dat begon met een verslag van een symposium in Gouda over christelijk onderwijs. De leider van Forum van Democratie Thierry Baudet nam daar aan deel. Bart Jan Spruyt zei over Baudet: ‘Ik was, zoals ooit Johannes de Doper, in jouw ogen de wegbereider. En jij een soort van messias’ en ‘Ben jij Thierry, degene die komen zou, of verwachten wij een ander?” Ben jij, na mensen als Bolkestein of Fortuyn, de man bij wie het conservatieve gedachtegoed in goede handen is en die er politiek resultaat mee gaat boeken, of niet?’ In rechts christelijke kring wordt niet eenduidig gedacht over de messiaanse rol die Baudet zichzelf toemeet.

In een opinieartikel ging Daniël de Klerk frontaal in tegen de suggestie dat christenen of christelijk onderwijs iets te winnen hebben bij Baudet: ‘Onder christenen lijkt zich een patroon af te tekenen waarin Baudet wordt gezien als voorvechter van christelijke normen en waarden. Ik denk dat dit niet het geval is, maar dat er sprake is van een verzoeking.’ En: ‘De vruchten van Baudet, zijn woorden en houding, lijken niet de vruchten te zijn van een hart dat oprecht de Heere Jezus zoekt. Het lijkt er veelmeer op dat het Baudet welgevallig is om christenen van meer conservatieve denominaties ertoe te verleiden om op hem te stemmen, zonder dat hij oprecht geïnteresseerd is in de Schepper. Als wij niet opletten, zal hij velen van ons christenen verleiden.

Daar komt nog iets bij dat ermee te maken heeft of Baudet wel een conservatief is of eerder een populist die zich vermomt als conservatief. Het lijkt er niet op dat Baudet de messias van het conservatisme, laat staan van het christendom is. Zoals Trump dat evenmin is die de felste tegenstanders vindt onder conservatieven die vinden dat hij de kernwaarden van het conservatisme heeft versjacherd. Baudets populisme gebruikt het conservatisme als marketing. In Nederland worden religie of religieuze cultuur steeds minder relevant. De dominante waarden komen steeds losser te staan van religie of godsbeeld. Ariejan Korteweg vat dat denken waarin rechtse christenen en populistische politici samen optrekken samen in een ‘verslaggeverscolumn’ in de Volkskrant: ‘Ineens zie ik iets ontstaan: bij gebrek aan christenen moet nu de cultuurchristen de strijd aangaan met het cultuurmarxisme. Je hoeft niet in God te geloven om hem aan je zijde te vinden.’

Zo ontstaat door de samenwerking van rechtse christenen met populisten een christendom dat in de kern haaks staat op christelijke waarden. Vele traditioneel conservatieve christenen zien dat als een val waar christelijke kerkleiders niet in moeten trappen. De situatie in de VS is een waarschuwing voor Nederlandse christenen wat de effecten van die samenwerking zijn. Auteur Peter Wehner is daarover duidelijk in een artikel in The Atlantic. Hij weerspreekt de analyse Johan van den Brink die meent dat rechtse christenen over onder ander familiewaarden in een existentiële strijd met links (‘wicked liberals’) betrokken zijn. Wehner: ‘Er is een hoge prijs voor onze politiek voor het vieren van de Trump-stijl, maar wat voor mij persoonlijk het meest pijnlijk is als een persoon van het christelijk geloof, zijn de kosten voor de christelijke getuige. Nonchalant overboord gooien van de ethiek van Jezus ten gunste van een politieke leider die de ethiek van Thrasymachus en Nietzsche omarmt – macht maakt goed, de sterken moeten over de zwakken heersen, gerechtigheid heeft geen intrinsieke waarde, morele waarden zijn sociaal geconstrueerd en subjectief – is verontrustend genoeg.’

Rechtse christenen zijn niet eensgezind of eenduidig in hun omarming van Baudet. Zelfs Van den Brink of Bart Jan Spruyt houden slagen om de arm, maar laten in hun achterhoofd geconditioneerd de strijd tegen de vermeende goddeloosheid en cultuur van de dood van links zwaar tellen. Daniël de Klerk is wel eenduidig en wijst de pogingen van Baudet af om in het gevlei te komen bij rechtse christenen. Op de achtergrond tekent zich het morele failliet af van witte, Amerikaanse evangelicals die de politiek én het anti-christelijke gedrag van Trump omarmd hebben met als gevolg dat jongere generaties zich definitief van het christendom afkeren. Dat versnelt de ontkerstening. Dat is de waarschuwing. Rechtse christenen hebben zich laten zich verleiden door populisten met als gevolg dat hun geloof om politieke redenen op de morele vuilnishoop is beland.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikel ‘Christelijke politiek kan zich niet verbinden aan moderniteit’ van  Johan van den Brink in het RD, 2 juli 2019.

Foto 2: Tweet van 5 juli 2019 in antwoord op Ariejan Korteweg.

Advertenties

Kanttekeningen bij plaatsing column van Lamyae Aharouay in NRC. Is het politiek correct om identiteit als maat der dingen te nemen?

with one comment

Pluriformiteit binnen een nieuwsmedium is een goede zaak. Dat wil zeggen dat verschillende politieke of maatschappelijke meningen erbinnen tot uiting komen. Zo ontstaat door breedte in de verslaglegging, analyse en opinievorming reliëf die door vergelijking diepte geeft. Tegenwoordig wordt die pluriformiteit doorgaans vertaald met het begrip ‘diversiteit’, zoals uit verslagen als hier volgt. Met ‘de witte blik’ als schrikbeeld dat vermeden moet worden. Maar diversiteit als vertaling voor pluriformiteit is een ongelukkig en tekortschietend begrip. Het neemt namelijk als enig uitgangspunt de identiteit van de opiniemakers, maar zegt nog niets over de pluriformiteit van het nieuwsmedium. Iemand met een paarse identiteit kan een zwart wereldbeeld hebben waaruit een zwarte opinie volgt, terwijl iemand met een zwarte identiteit een witte opinie geeft.

Vraag is of media zich niet laten gijzelen door een schijndebat over diversiteit en het regelrechte debat over pluriformiteit hiermee uit de weg gaan. Dat werkt twee kanten uit. Want als pluriformiteit niet altijd direct volgt uit diversiteit kan dat ongecontroleerd en bijna ongemerkt doorschieten naar standpunten die niet binnen de beginselen van het nieuwsmedium passen of naar standpunten die niet verder gaan dan symboliek en diversiteit tot een uitstalling van diversiteit reduceert. Een en ander kan ook allebei tegelijk voorkomen. Het debat over diversiteit binnen organisaties moet overigens wel degelijk gevoerd worden omdat het belangrijk is dat organisaties een afspiegeling van de bevolking vormen. Maar dat is een ander debat dan pluriformiteit.

Aanleiding voor deze kanttekening is de columnHet is politiek correct om moslims te bashen’ van Lamyae Aharouay in NRC. Zoals de titel aangeeft suggereert ze dat het politiek correct is om af te geven op moslims. Dat probeert ze te onderbouwen door een citaat uit het manifest van Vrij Links dat zegt dat het ‘afstand neemt van de suggestie dat niet-westerse Nederlanders in bescherming moeten worden genomen tegen het vrije debat, omdat ze nog niet klaar zouden zijn voor uitingen van de moderniteit’. Op dat zinsdeel van een specifieke zin uit een heel manifest bouwt Aharouay haar column om daar bovenop als conclusie haar uitgangspunt te herhalen dat het manifest blijft hangen in de bescherming van niet-westerse Nederlanders.

Maar het is niet Vrij Links, maar Lamyae Aharouay die blijft hangen en niet verder kijkt. Als door een bij gestoken reageert ze in een geconditioneerde reflex op de verwijzing naar de niet-westerse Nederlander. 

In een tweet reageerde ik op Lamyae Aharouay: ‘Bescherming waar @eddy_terstall cs over praten pleit voor emancipatie en een eind aan betutteling van groepen die in het overheidsbeleid als achtergesteld werden bestempeld. Het zegt iets over uw blik dat u het citaat tegengesteld opvat zoals het bedoeld is en uit de tekst blijkt’. Feitelijk toont de kritiek van Aharouay het gelijk van de opstellers van het manifest aan. Namelijk dat binnen links het debat over identiteit een open debat over de inrichting van de samenleving blokkeert. Want telkens weer trekken critici van dat open debat zich vanuit een defensieve houding terug op hun identiteit waarvan ze claimen dat die allesbepalend is. Overigens is dit geen specifiek linkse bezigheid, de alt-right-beweging heeft zich door zich te richten op identiteit als politieke belangengroep weten te vestigen.

In het geval van Aharouay is het een moslim-identiteit die de columniste blijkbaar als maat van alle dingen ziet. Waarbij ze ook nog eens het actuele debat over de positie van niet-westerse Nederlanders terugbrengt tot beeldvorming en voorbijgaat aan het overheidsbeleid vanaf de jaren ’60 (vdve) over integratie. Zij gaat ook voorbij aan de kritiek op het multiculturalisme zoals dat in 2000 werd verwoord door Paul Scheffer en waar het manifest van Vrij Links op inhaakt met een pleidooi voor een seculiere samenleving. Scheffer merkte onder meer op: ‘Waar het vooral om gaat, is dat de scheiding van staat en kerk niet werkelijk is aanvaard in islamitische kring’, ‘Al die apologeten van de diversiteit zijn niet geïnteresseerd in wat zich in de grote steden van Nederland afspeelt‘ en ‘In het openbare leven behoort geen plaats te zijn voor stromingen die de scheiding van staat en kerk of de gelijke rechten van man en vrouw willen opheffen’. De bescherming waarover het manifest het heeft verwoordde Scheffer in dat modewoord van vroegere tijden: ‘De cultuur van het gedogen, die nu op haar grenzen stuit, gaat hand in hand met een zelfbeeld dat onwaarachtig is.

Lamyae Aharouay wil mogelijk de moderniteit naar de islam brengen, maar zoals uit haar column blijkt de islam zeker niet naar de moderniteit. In die betekenis heeft ze gelijk met haar kritiek op het manifest. Want Aharouay is wel klaar voor uitingen van moderniteit, zoals Tariq Ramadan dat ook was voordat hij door de beschuldiging van molestatie van vrouwen van zijn voetstuk viel, maar dat zijn niet de uitingen die passen binnen de politieke filosofie van het secularisme dat probeert identiteit en religie te overstijgen. Aharouay beschouwt haar identiteit als positief kenmerk dat gekoesterd moet worden, terwijl de opstellers van het manifest het als een sta-in-de-weg voor de toekenning van gelijke rechten voor allen opvatten.

Het gevolg van identitaire kritiek is dat binnen links geen debat op een hoger abstractieniveau tot stand komt dat probeert identiteit te overstijgen om een gemeenschappelijke basis te formuleren van waaruit links geloofwaardig en vanaf een solide basis kan opereren. Zo wordt Vrij Links met een pleidooi voor een seculiere samenleving waarin niet de identiteit, maar de rechtsstaat en de grondrechten de maat der dingen zijn gemangeld tussen radicaal-rechts en radicaal-links die zweren bij de eigen achtergrond en eigenheid.

In de beginselen uit 1970 van NRC zijn talloze aanknopingspunten te vinden die haaks staan op de opinie van Lamyae Aharouay. Onder meer over ‘De vrijheidsgedachte die wij voorstaan, verdraagt zich niet met geloof in enig dogma, aanvaardt niet bij voorbaat enig gezag’ of ‘waanzin de mens als onderdeel van een collectiviteit’. De plaatsing van en keuze voor de column van Aharouay door de NRC-hoofdredactie sluit niet aan bij de conclusie van de beginselen: ‘Wie zich richt tot een publiek dat bereid is na te denken, doet een beroep op de rede, die hijzelf ook hanteert. In een tijd dat allerlei irrationele verschijnselen weer de kop opsteken en vaak op modieus applaus kunnen rekenen, menen wij hiermee een functie te verrichten die nog zin heeft.’ De column van Aharouay vertegenwoordigt standpunten die niet binnen de liberale beginselen van NRC passen en diversiteit tot een uitstalling van diversiteit reduceert. De lezer die een beroep doet op de rede kan er niks mee beginnen. De hoofdredactie van NRC lijkt zelf in de val van het modieus applaus getrapt door een beeld van diversiteit te verwarren met pluriformiteit en dat boven de eigen beginselen te plaatsen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelHet is politiek correct om moslims te bashen’ van Lamyae Aharouay in NRC, 24 mei 2018.

Westerse overheden moeten islamhervormers als Tarek Fatah steunen. Ze bieden een weg tussen islamisme en populisme

leave a comment »

De Canadees-Pakistaanse schrijver Tarak Fatah is een islamitische hervormer en mensenrechtenactivist. Hij komt op voor zijn geloof, maar heeft het niet zo op regimes en geestelijken die volgens hem zijn geloof kapen en een slechte naam bezorgen. Als progressieve denker heeft hij evenmin een goed woord over voor politici die de islam in bescherming nemen en de hervorming ervan helpen blokkeren. Legendarisch is zijn terechtwijzing van de liberale senator Grant Mitchell in 2014 in een hoorzitting in de Canadese senaat. Ook een woordenwisseling uit lijfsbehoud omdat hervormingsgezinde moslims die te ver van de hoofdstroom afdwalen dat met hun leven kunnen bekopen. Schrijnend dat een liberale senator daar de aanstichter van was.

Volgens Tarek Fatah is in de kern de islam een religie als alle andere geloven, maar is het wel diepgaand gecorrumpeerd. En dat al meer dan 1400 jaar lang. Zo wordt voor aanvang van het vrijdaggebed wereldwijd opgeroepen om de ongelovigen te verslaan. Dat is geen oproep die past bij een geloof dat over zichzelf verkondigt vredelievend en tolerant te zijn. Want op die manier is het dat niet. De islam volgt een merkwaardige agenda en heeft raakvlakken met het (pseudo-)populisme van Wilders, Trump of Le Pen. ‘De islamisten en de populisten zitten in hetzelfde schuitje: ze vinden die moderne, open wereld maar moeilijk te vatten’, zo zei de Duitse neoconservatieve historicus Paul Nolte in 2016 een interview met Trouw. Zie hier mijn commentaar over populisten en islamisten die de moderniteit niet bij kunnen benen.

Interessant aan hervormers als Fatah die de moderne wereld omarmd hebben -en pleiten voor het secularisme waar een hervormde islam een plek kan vinden- maar ook Ziauddin Sardar, Salim Mansur of de in 2010 overleden Nasr Abu Zayd is dat ze een middenweg vinden tussen het actieve islamisme of de afwachtende islam, en het populisme dat de islam en migratie gebruikt om zich tegen af te zetten. Tien jaar geleden werd de Turkse president Erdogan door progressieve knuffelaars als Frans Timmermans op het schild gehesen als iemand die in Turkije bezig was een soort islam-democratie te ontwikkelen. Dat idee is pijnlijk doorgeprikt.

Voor iedereen die niet mee wil gaan in de naïviteit -of het politieke opportunisme- van Timmermans of Grant Mitchell en de islamhaat van Wilders, Trump, Marine Le Pen en Oost-Europese leiders is het goed om te weten dat er een derde weg is: de hervormingsgezinde islam die zich zonder politieke en gecorrumpeerde agenda als geloof probleemloos kan voegen in het secularisme. Dus de nationale rechtsstaat. Westerse overheden zouden hervormers als Tarik Fatah meer moeten steunen dan ze nu doen. Trouwens niet te verwarren met   valse profeten als Tariq Ramadan die de moderniteit naar de islam willen brengen, maar niet de islam naar de moderniteit en het secularisme. Als overheden de financiële en politieke steun die nu naar islamistische landen als Saoedie-Arabië stroomt om zouden leiden naar vertegenwoordigers van de hervormingsgezinde  islam, dan zou dat iedereen enorm van dienst zijn. Op de islamisten en de populisten na. Dat er niet gekozen wordt voor zo’n voor de hand liggende oplossing geeft te denken over het inzicht van westerse overheden.

Al Jazeera ontkent dat terroristen moslims zijn. Maar volgens de islam zijn ze het wel

leave a comment »

Religie is marketing, naast een deel inhoud. Door de opkomst van sociale media nog meer dan voorheen. De religieuze markt is overvoerd met duizenden religies en stromingen binnen godsdiensten die elkaar op leven en dood beconcurreren. Het aantal potentiële gelovigen is beperkt en neemt af als percentage van de wereldbevolking. Beeldvorming van religies is essentieel om gelovigen te binden. Het sluit op twee manieren andersdenkenden uit. Door binnen een godsdienst een idee van gemeenschap en verbintenis te creëren die de gelovige levenslang ‘vasthoudt’. En door andere religies als minder en ondergeschikt te bestempelen.

Religies willen dus vanwege de marketing niet geassocieerd worden met negatieve beeldvorming, zoals oorlog of terrorisme. Dit commentaar van Al Jazeera English hanteert de strategie waarmee godsdiensten groot zijn geworden: het claimen van positieve en het afstand nemen van negatieve kenmerken. Maar het is een onwaar en onzinnig commentaar omdat binnen de islam iedereen die zich moslim noemt dat vervolgens ook is. En deel uitmaakt van de wereldgemeenschap van moslims. Dat kan de journalist Mehdi Hasan niet verhinderen.

De argumentatie van Al Jazeera is niet steekhoudend en aantoonbaar verkeerd doordat het eerst een niet bestaand ideaalbeeld van de islam schetst en vervolgens de gelovigen die daarin niet passen als niet gelovig afschrijft. Alsof iemand die op het slechte pad terecht is gekomen geen moslim kan zijn. Daarnaast introduceert Mehdi Hasan een tweedeling door het idee van de vrome (‘devout’) moslim. Maar opnieuw, een journalist en zelfs een gezaghebbende islamgeleerde kan niet bepalen wie een (vrome) moslim is.

Dit commentaar is een gemiste kans van het in Qatar gevestigde Al Jazeera dat overwegend pro-soennitisch en anti-sjiietisch is en de politieke islam ondersteunt. Het wil wel de moderniteit naar haar opvatting van de islam brengen, maar de islam niet naar de moderniteit. Zoals hier blijkt weet Al Jazeera aan te sluiten bij de uiterlijke vorm van de moderne samenleving zonder het eigen conservatisme in de inhoud op te willen geven.

Wat rest is een commentaar dat de islam positief probeert af te schilderen met voorbijgaan aan de feiten. Alle genoemde terroristen beroepen zich op de islam en zijn daarom per definitie -zoals het losse verband van de islam in de kern verordonneert- moslims. Het is begrijpelijk dat Al Jazeera of de emir van Qatar dat voor de beeldvorming van de soennitische islam of hun land schadelijk vinden, maar het ontkennen van de feiten benadrukt alleen nog maar meer de crisis waarin de islam zich bevindt. Het zou beter zijn een commentaar te wijden aan de modernisering van de islam en van de samenlevingen waar de islam dominant is.

Is lesproject ‘Post uit Marokko’ van Museon geschikt? Of oubollig?

leave a comment »

Het educatieve project ‘Post uit Marokko’ van het Haagse Museon dat gericht is op kinderen van groep 4 en 5 (7-8 jaar) krijgt kritiek van de PVV Den Haag. De fractie stelt raadsvragen en heeft het over ‘knettergekke islamverheerlijking’. Museumdirecteur Marie Christine van der Sman lijkt vooral verbaasd en geschokt over een haatmail die het museum ontving. Volgens Omroep West worden museummedewerkers erin ‘vuile, vieze verraders van je eigen volk’ genoemd. Ook dreigt de afzender het museum wat aan te doen als ‘zijn of haar nichtjes en neefjes deelnemen aan het lesproject’. De duidelijk aangeslagen Van der Sman overweegt aangifte.

Rechtvaardigen de raadsvragen en de haatmail de zorgen van het Museon? Als het een degelijk lesproject heeft, dan kan het dat in alle rust met goede argumenten uitleggen. Het lesdoel is ‘bijdragen aan een beter begrip voor elkaar’. Daar is niets mis mee. Vraag is wel of dit lesproject eraan meehelpt om kinderen een kritische levenshouding aan te leren die meer biedt dan oriëntatie. Hoewel kennis van de wereld precies de voorwaarde is om tot een kritische houding te komen. De Catch-22 van de opvoedkunde. Oriëntatie is dus een te mager en aanleren van kritiek een te zwaar lesdoel voor 7-8-jarigen. Het moet tegelijk, en dat wringt.

Een lesprogramma dient kinderen niet te voorzien van een houding pro- of anti-islam, maar kinderen aan de hand van een juist beeld een kritische levenshouding aan te leren waarmee ze zelf kunnen (gaan) oordelen. Over dit aspect gaan de raadsvragen van de PVV niet. Door vragenderwijze te stellen dat de kinderen door het lesprogramma ‘worden aangespoord om de normen en waarden van de islam te accepteren’ mist de PVV de kans om de zwakte van het educatieve project van het Museon aan het licht te stellen. Vraag is juist of ‘Post uit Marokko’ kinderen niet opzadelt met cliché’s van Marokko. Met tulpen, klompen en molens van dat land.

Video: Opening van de Morocco Mall in Casablanca, december 2011.

Slagter: religieuze overtuiging is niets anders dan een mening

with 11 comments

sar

Ons rest niets anders dan de geprivilegieerde status die godsdienstige opvattingen ook in de westerse wereld nog steeds hebben, ter discussie te stellen. In het debat met moslims moet het Westen zich consequent op het standpunt stellen dat een religieuze overtuiging niets anders dan een mening is.’ Aldus de conclusie van filosoof Martin Slagter in een artikel in NRC. Hoe gelijk heeft Slagter en hoe slecht wordt dat begrepen.

De samenleving kent een verschil in benadering van gelovigen en andersdenkenden. Want: ‘Ook volledig geseculariseerde mensen denken vaak nog dat religieuze overtuigingen meer respect verdienen dan ‘wereldse’ opvattingen. Zo zijn bijvoorbeeld op vrijwel alle middelbare scholen petjes verboden, maar mogen moslimmeisjes wel een hoofddoek dragen.’ Dit valt niet met redelijke argumenten te verklaren, alleen door de macht en invloed die religies in onze samenleving hebben. Want: ‘Zolang door een van beide partijen aan een willekeurige verzameling oude geschriften meer autoriteit wordt toegekend dan aan empirie en rationele gevolgtrekkingen, is redelijke overeenstemming uitgesloten.

De eindredactie van NRC begrijpt evenmin wat een seculiere samenleving is. Secularisme is een politiek idee dat kerk en staat gescheiden zijn. Secularisme spreekt zich er niet over uit of er een God bestaat. Het doet er welbeschouwd niet toe. Omdat secularisme geen vijand van religie is, kunnen uiteenlopende religies er naast elkaar bestaan. Juist daar bescherming vinden. Maar NRC voegt door een  ondertitel een schijntegenstelling toe: ‘Behandel gelovigen en ongelovigen als gelijken, betoogt Martin Slagter’. Los van het feit dat Slagter het adjectief ongelovig slechts eenmaal onder voorbehoud (‘  ‘) gebruikt betoogt hij wat anders. Hij stelt dat in een seculiere samenleving een religieuze overtuiging evenveel respect verdient als een wereldse opvatting.

Slagter geeft het voorbeeld van islamitische docenten die begrip krijgen omdat ze het tijdens de Ramadan lieten afweten, terwijl docenten die het laten afweten tijdens het WK Voetbal geen begrip van hun collega’s krijgen. Dit is krom. Met de term ‘werelds’ introduceert Slagter overigens ruis. Dat suggereert dat het secularisme tegenover religie staat, maar dat is niet zo. Religie schuilt onder de paraplu van het secularisme en is even ‘werelds‘ als welke willekeurige opvatting. Begripsverwarring typeert de overgangssituatie waarin religies aan macht en invloed inboeten en hun voorkeurspositie verliezen. Maar in het openbare debat is dat nog niet goed doorgedrongen. Er zijn nog geen algemeen aanvaarde woorden die dat einddoel van het secularisme passend omschrijven. Nu is het nog behelpen met de aan religies ontleende termen.

Foto: Sarkis, ‘Landscape Forever‘ in Museum Boijmans Van Beuningen, 2008.

Is de islam een verloren religie? Wat kan het secularisme bieden?

with 7 comments

6_small

Een week geleden was er een demonstratie in Den Haag tegen het jihadisme. Aanleiding was de opvallend snelle opmars van ISIS in Noord- en West-Irak en de slachtoffers onder vooral sjiitische moslims die daarbij vielen. Ik zag er een demonstratie van moslims tegen moslims in. Of omdat de claim wie wel of niet moslim is lastig te controleren valt: ‘Dus mensen die zich beroepen op de islam demonstreerden tegen mensen die zich beroepen op de islam.’ Sjiieten tegen soennieten. Op die observatie kreeg ik in een reactie commentaar. Ik zou onbedoeld mensen tegen elkaar opzetten. Als de weerman die de schuld van het slechte weer krijgt.

De strijd in Irak gaat verder. ISIS heeft een kalifaat uitgeroepen, een slimme manier van fondsenwerving, politieke marketing en schrik aanjagen van de tegenstander. Nu claimen de soennieten in Irak op grote schaal sjiitische en soefistische moskeeën en schrijnen in Noord-Irak te vernietigen. Het zouden heidense tempels zijn. Bulldozers en explosieven zouden in de steden Mosoel en Tal Afar ingezet zijn voor de vernietiging.  Hoewel er beelden van zijn is lastig vast te stellen of ze authentiek zijn. Maar de schrik zit er behoorlijk in.

De ontkenning dat aan de strijd in Irak en Syrië een interreligieus conflict tussen twee stromingen in de islam ten grondslag ligt is aannemelijk. Maar in resultaat maakt het weinig uit wat de diepste oorzaak is. Animositeit tussen soennieten en sjiieten dient als vergaarbak voor belangen, ongenoegens en geschillen. Essentieel is dat mensen die zich op de islam beroepen op leven en dood strijden tegen mensen die zich op de islam beroepen zonder dat de religieuze autoriteiten binnen stromingen van de islam dit verhinderen. Dat geeft te denken of binnen afzienbare tijd de islam nog uit handen van de politiek gered kan worden of een verloren religie is.

Vrijheid van godsdienst is in de Arabische wereld niets waard. Dat geldt niet alleen voor christenen, atheïsten of kritische denkers die stelselmatig worden benadeeld en vervolgd, maar ook voor minderheidsgroeperingen van gewone moslims binnen de afzonderlijke landen. De zogenaamde Caïro-verklaring van de mensenrechten in de islam van de Organisatie van de Islamitische Conferentie (OIC) ontkent ‘het beoefenen van of bekeren tot een andere godsdienst dan de Islam’. Maar als de ene islamstroming de andere islamstroming niet erkent onderdeel van de islam te zijn, dan opent zich een complete interreligieuze stromingenstrijd binnen de islam.

Secularisme is het model waarin religies en levensovertuigingen optimaal gegarandeerd zijn. Secularisme wordt door opinieleiders van meerderheidsreligies vaak bewust verkeerd voorgesteld. Maar secularisme is geen vijand van religie zoals de islam die zich nu manifesteert in Noord-Irak, maar juist een vriend ervan. De overheid als scheidsrechter ter garantie van de vrijheid van godsdienst vervangt de hogere macht waarop gelovigen zich beroepen. Geen slechte ruil. In een goed functionerende staat zoals de Nederlandse biedt dat extra garantie voor gelovigen en andersdenkenden om in vrijheid een religie of levensovertuiging naar eigen keuze te kiezen en te belijden. Da’s een verbetering voor wie de interreligieuze strijd van dit moment binnen de islam ziet. Of de interne strijd binnen de christendom van het verleden in gedachten neemt. Beredeneerd vanuit de verdediging van hun machtspositie is het begrijpelijk dat religieuze leiders het secularisme niet omarmen, maar onbegrijpelijk is dat goedgelovige gelovigen dit nalaten. Ze zouden beter moeten weten.

9_small

Foto: Vernietiging van sjiietische moskeeën en schrijnen in Noord-Irak door soennieten.