George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Moderne kunst

Bij het Stedelijk Museum kwam afgelopen jaren de fout van rechts

with 6 comments

Het was wachten op de aanval van populistisch rechts op het Stedelijk Museum. Publicist en econoom Arno Wellens die zich namens Forum voor Democratie van Thierry Baudet het veld in laat sturen wil er de fik in steken. Zo beweert hij in een artikel. Het is een voorspelbaar geluid vanaf de rechterflank van het politieke spectrum. Voorman Baudet moet niets hebben van moderne kunst waar hij in navolging van de conservatieve cultuurfilosofie van Roger Scruton de afkeer van het eigene en dan met name van de natie in ziet. Zo wordt het Stedelijk een focus voor partijpolitiek.

Oud-directeur Beatrix Ruf heeft die reactie van radicaal rechts trouwens over zichzelf opgeroepen door haar kosmopolitisch kapitalisme dat gepresenteerd wordt met politieke correctheid over onder meer immigratie. Dat is politiek bedrijven door iemand die geen politicus is. Ze doet daarin denken aan de luxueuze progressiviteit van Maxima die nooit helemaal geloofwaardig wil worden. Voeg daarbij een Raad van Toezicht die kunst bedreef zonder kunstprofessional te zijn en de reden voor de ontsporing van Ruf is al grotendeels gegeven. Overigens werkt het hoefijzermodel in deze kwestie ook, want vele medestanders van Ruf betichten NRC zonder enige onderbouwing van partijdige journalistiek. Ze stellen zich even hardleers op als Arno Wellens, hoewel ze uiteraard heel iets anders voorhebben met het Stedelijk. Vooralsnog steken ze liever de fik in de redactie van NRC die het slechte nieuws naar buiten bracht.

Zo resteert een Stedelijk Museum dat door rechts onder vuur wordt genomen en een deel van de kunstsector dat geen kwaad woord over Ruf wil horen en niet wil aanvaarden dat zij fouten heeft gemaakt. In Rufs verdediging speelt ook nog het voorsorteren voor haar opvolging mee. Mijn reactie op 925.nl:

Nog altijd gaan er meer dan 600.000 bezoekers per jaar naar het Stedelijk. Dat zijn er zo’n 1.700 per dag. Dus doodstil is het er niet. Voor een econoom is het opvallend om te kiezen voor de optie de boel maar in de fik te steken. Hoort dat niet eerder bij autoritaire landen die kapitaalvernietiging op de koop toe nemen? En overigens, wat moet er met de onbetaalbare collectie gebeuren? Verkocht worden op het Waterlooplein?

Dat er iets ontzettend fout is gegaan in het Stedelijk Museum lijkt wel duidelijk voor iedereen die het zichzelf toelaat de reeks onthullende artikelen in de NRC tot zich door te laten dringen. Overigens kwam het nieuws over de belangenverstrengeling van artistiek directeur Beatrix Ruf en de vorige Raad van Toezicht niet uit de lucht vallen. Het was al jaren een publiek geheim. Het is eerder een raadsel dat de verzamelde Nederlandse kunstjournalistiek zolang heeft gewacht met publicatie. Jan Christiaan Braun heeft sinds 2011 in paginagrote advertenties in de landelijke dagbladen gewezen op de rol van de kunsthandel en de overtreding van ethische codes door zowel bestuur als directie. Zie hier wat ik er toen over schreef.

Met alles wat ontspoort is er een keuze uit twee opties: opdoeken of hervormen. Dat is ook zo met het Stedelijk. Het heeft een gedenkwaardige en waardevolle geschiedenis en het is kort door de bocht om het op te doeken vanwege een disfunctionele directeur en een disfunctionele Raad van Toezicht. Hervormen is een optie die eerder voor de hand ligt.

We doeken het Nederlands Elftal ook niet op als het wanprestaties levert en in twee achtereenvolgende kampioenschappen de voorronde niet overleeft. Het is dan wachten op betere tijden en organisatorisch moet er ingegrepen worden om de voorwaarden weer naar de hand te zetten. Na een sjoemelende prins Bernhard werd evenmin het koningshuis opgedoekt, hoewel het naar verluidt weinig scheelde en het aan Joop den Uyl te danken is dat het niet gebeurde. In dit soort ontsporingen is de aangewezen weg dan een flinke hervorming. Een nieuwe stip aan de horizon en en een nieuwe start met nieuwe mensen en een nieuwe mentaliteit. Precies zo is het met het Stedelijk.

Dat Ruf en de vorige twee Raden van Toezicht gefaald hebben is duidelijk. Niet alleen organisatorisch, maar ook maatschappelijk en programmatisch. Het was te eenzijdig en te arrogant. Te incestueus en te gesloten. Overigens is het interessant om op te merken dat bij het Stedelijk sinds 2010 de fout van rechts kwam. De Raad van Toezicht bestond uit miljonairs die kunstprofessional speelden, maar op kunstgebied in de kern amateur waren. Daarnaast gebruikten ze hun functie om zelf in kunst te handelen. Dief en diefjesmaat. Ze hadden nooit in die positie benoemd moeten worden.

Een bedrijfsachtergrond geeft iemand nog geen verstand van beeldende kunst of de museumsector. Het opereren van die Raad van Toezicht bevestigt het misverstand dat ondernemers doelmatiger en met meer gezond verstand handelen dan mensen in de publieke sector. De recente geschiedenis van het Stedelijk lijkt eerder het omgekeerde aan te tonen. Hoewel we moeten oppassen voor snelle conclusies omdat ook iemand als oud-minister Guusje ter Horst deel uitmaakte van de Raad. Maar ze had een ondergeschikte positie.

Een en ander roept de vraag op welke rol de vorige Raad van Toezicht gespeeld heeft en welke volmacht het directeur Ruf gegeven heeft. Artnet ziet in een commentaar drie opties en gaat overigens deels voorbij aan het aantreden van een nieuwe Raad per oktober 2017: 1) De Raad wist van niks over het bijklussen van Ruf, 2) de Raad was bekend met het bijklussen van Ruf maar loog erover en 3) D Raad keek weg en stelde zich opzettelijk onwetend op. Het Stedelijk heeft een intern onderzoek gestart dat in kaart moet brengen hoe het zo fout heeft kunnen gaan.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelStedelijk Museum Amsterdam: elitair doch zieltogend, beter steken we ’t gewoon in de fik’ van Arno Wellens op 925.nl, 20 oktober 2017.

Advertenties

Hemeltergende schijnheiligheid van PVV en alle Nederlandse politieke partijen over kunst en cultuur. Domheid of valsheid?

leave a comment »

PVV’er Martin Bosma heeft gelijk dat cultuur onder vuur ligt. Maar wat bedoelt hij ermee en hoe komt dat? En wat is de rol van de PVV? Bosma verwijst naar een reportage van EenVandaag (AVROTROS) over Engelstalig onderwijs aan universiteiten die op 10 juli werd uitgezonden. De ondertitel ervan is ‘vloek of een zegen?’ Er is van alles over te zeggen, waarschijnlijk is Engelstalig onderwijs aan universiteiten tegelijk vloek en zegen. Wat er nu aan schort is dat docenten niet zijn opgeleid om Engelstalig onderwijs te geven. Dat moet eerst op peil gebracht worden. En overigens, waar is het Duitstalig en Franstalig onderwijs gebleven in het curriculum?

Hoe dan ook, Bosma en de PVV hebben weinig recht van spreken. Zij hebben de mond vol over Nederlandse identiteit of Nederlandse cultuur, maar weigeren daar de politieke consequenties aan te verbinden. Je zorgen maken over de rol van het Nederlands in Zuid-Afrika wordt zo een afleiding voor wat de PVV in Nederland laat liggen. De PVV staat als aanstichter aan de basis van de recente afbraak van de Nederlandse cultuur. De PVV was in 2011 samen met de VVD de sluipmoordenaar van de gesubsidieerde culturele infrastructuur. Samen met alle politieke partijen die de bezuinigingen op het cultuurbudget billijkten. Nederlandse partijen zouden zich rot moeten schamen voor hun politiek van afbraak, maar daartoe is zelfkennis en zelfinzicht nodig.

Wie zich bezorgd maakt over Nederlandse identiteit of cultuur, maakt zich bezorgd over het overheidsbudget voor Nederlands kunst, monumentenzorg, erfgoed, landschaps- en natuurbeheer, onderwijs, wetenschap en omroep. In geciviliseerde landen als Frankrijk en Duitsland hebben tijdens de economische crisis van 2008 en de daaropvolgende stagnatie de regeringen de cultuurbudgetten in stand gehouden. Kunst is een belangrijke cultuuruiting en Fransen en Duitsers zijn trots op hun nationale kunst. Dat ze als symbool van hun nationale identiteit zien. In Nederland is die vanzelfsprekende trots onder invloed van de PVV afgebroken. De PVV heeft de mond vol van Nederlandse cultuur, maar wil zich er niet echt voor inzetten. Vertegenwoordigers van de PVV hebben zelfs voortdurend hun laatdunkendheid voor Nederlandse kunst laten blijken. Dat heeft het politieke debat over kunst en cultuur sinds 2011 negatief beïnvloed. Nog in het PVV-verkiezingsprogramma uit 2016 staat: ‘Geen geld meer naar ontwikkelingshulp, windmolens, kunst, innovatie, omroep enz.’

Thierry Baudet (FvD) retweet niet toevallig bovenstaande tweet van Martin Bosma. Hij spreekt herhaaldelijk uit niets met moderne of hedendaagse kunst te hebben. Of moderne architectuur. Dat soort conservatisme is een verdedigbaar politiek standpunt. Het past bij een stellingname die kunst en cultuur normeert, inperkt, temt en ondergeschikt wil maken aan de eigen politieke doelstelling. Als daarnaast ook middenpartijen als het CDA en D66 tegen uitbreiding van het cultuurbudget stemmen, dan weten we hoe diep van binnen de politieke elite van Nederland over cultuur denkt. Het mag niet te veel kosten, het moet dienstbaar zijn en essentieel wordt het niet gevonden. De verbinding ’Nederlandse identiteit’, ’Nederlandse cultuur’ en ‘sociale cohesie’ met ’Nederlandse kunst’ wordt niet gelegd. Nederlandse politieke partijen zien kunst en cultuur niet als natuurlijke bontgenoten, maar als tegenstander. Zelfs, of juist als ze zeggen het te willen beschermen. De Nederlandse politieke partijen zijn als de maffia die zegt winkeliers te willen ‘beschermen’. Daar komt niets goeds van.

Foto: Tweet van Martin Bosma en reactie, 11 juli 2017.

Thierry Baudet is niet oprecht in zijn kritiek op hedendaagse kunst. Rechtse media lusten pap van zijn kooigevecht tegen ‘de kunst’

with 7 comments

Het wordt vermoeiend en voorspelbaar. Thierry Baudet van het rechts-nationalistische Forum voor Democratie met adrenalinestoten in de versnelling. En rechtse media als DDS, TPO of De Telegraaf die van elke zucht van hem vervolgens verslag doen. Baudet raast door en laat zijn gesprekspartner niet aan het woord. Nu weer voor de EO-radio over hedendaagse kunst. Waarvan hij in een NRC-artikel  eerder heeft gezegd die af te wijzen omdat het ‘symptomen zijn van een ziekelijke afkeer van het thuis.’ Hij noemt het ‘moderne kunst’. Het gaat Baudet dus helemaal niet om de richting die de hedendaagse kunst neemt. Hij wijst op politieke gronden alle hedendaagse kunst af. Het zou eerlijk zijn als hij dat zei, maar dat zegt hij niet in het debat voor de EO-radio.

Wat Baudet zegt is aantoonbare onzin en toont z’n gebrek aan kennis van de moderne en hedendaagse kunst. Hij haalt alles door elkaar. Zijn verwijzing naar het abstracte expresssionisme of het abstract-expressionisme -de stroming van schilders als Jackson Pollock en Willem de Kooning- slaat de plank mis en toont juist het omgekeerde aan wat wat hij meent te zeggen. Die stroming is het juist te doen om de materie, de expressie van de verf en de kleur en heeft hoegenaamd niets te maken met verwijzingen naar de werkelijkheid.

Baudet heeft te weinig verstand van kunst om er samenhangend en verstandig over te kunnen praten. De steeds weer terugkerende fout van Baudet is niet zijn onkunde, maar zijn zelfoverschatting. Hij denkt zich niet te hoeven beperken, maar dat is een groot misverstand waarmee hij zichzelf telkens weer voor gek zet.

Daarnaast is het ongepast voor een partijpoliticus om zich onder verwijzing naar specifieke gevallen met de inhoud van kunst bezig te houden. Zoals het tentoonstellingsbeleid van musea. Een volksvertegenwoordiger moet zich verre van de inhoud van kunst houden en zich beperken tot het scheppen van de voorwaarden. Baudet is pas sinds kort volksvertegenwoordiger en moet blijkbaar nog wennen aan zijn nieuwe rol. Hij moet leren om zich niet te mengen in het inhoudelijk debat over wat passende kunst is. In zijn ogen. Daar hebben politici verre van te blijven. Ze gaan over politiek, maar niet over de inhoud van kunst. Of religie of de omroep.

Ieder zijn smaak. Realisten of fijnschilders als Wim Heldens, Henk Helmantel, Peter van Poppel of Rob de Lange zijn opgenomen in de collecties van Nederlandse musea en worden niet genegeerd zoals Baudet suggereert. Zo kocht het Groninger Museum in 2014 enkele werken van Helmantel. Veel getalenteerde conceptuele of post-postmodernistische kunstenaars krijgen trouwens evenmin grote tentoonstellingen of aankopen in Nederlandse kunstmusea. De middelen zijn nu eenmaal schaars. Niet in het minst door de invloed van de rechts-nationalistische partijen als VVD en PVV die sinds 2011 buitenproportioneel hebben gekort op het cultuurbudget. Met als direct gevolg dat kunstmusea nu moeten schipperen met hun middelen.

Kunst heeft een maatschappelijke functie en opereert vanuit die rol. Als kunst die rol niet inneemt is kunst geen kunst meer. Maar versiering of behang. Of onderdeel van staatspropaganda. Kunst scherpt aan en stelt het vanzelfsprekende ter discussie. Per definitie tornt kunst aan de gevestigde orde en spiegelt daar kritisch op. Net als religie stelt kunst vragen over het wezen, het bestaan, de werkelijkheid, de zin van het leven en de samenleving. Het is onzin om te veronderstellen dat kunst ‘links’ is en er geen ‘rechtse’ kunst bestaat. Kunst is niet links of rechts, maar schopt tegen het vanzelfsprekende. Of de gevestigde orde nou links of rechts is. Musea doen daar verslag van en bieden als bemiddelaar ruimte aan kunst die de eigen tijd weerspiegelt.

De sociaal-realistische kunst van de Sovjet-Unie die in de realistische vorm in de buurt komt van wat Baudet passende kunst vindt was links-conservatieve kunst die vanwege staatswege was bedoeld om de gevestigde, communistische orde te ondersteunen. Daardoor werd in de Sovjet-Unie de levendige en kwalitatief hoogstaande avant-garde in de vroege jaren’ 30 (vdve) wegens ‘formalisme’ door de opvolgers van Lenin in de ban gedaan. Dat betrof kunstenaars zoals Alexander Rodchenko, Vsevolod Meyerhold, Dziga Vertov of Kazimir Malevich. Zelfs iconen als Sergei Eisenstein of Dmitri Sjostakovitsj werden geknecht in hun artisticiteit.

Kunst die in dienst van de politiek staat en daar niet op kan en mag reageren is bloedeloos en kan niet de maatschappelijke rol van kunst spelen. Dat soort kunst wordt een bevestiging van de bestaande orde en is geknecht en gedomesticeerd. Kunst die ondergeschikt is aan de politiek, de bestaande orde of de geldende smaak van de burgerij is ten dode opgeschreven. Van de andere kant zouden politici die de lenigheid van geest missen om de maatschappelijke rol van kunst te accepteren moeten nadenken over hun eigen rol.

Foto: Schermafbeelding van nieuwsitem online De Telegraaf, 4 april 2017.

Raad van Toezicht en directeur zitten elkaar in de weg bij Museum Het Valkhof. Met een interim-directeur ertussen

with 3 comments

Belangrijk nieuws lijkt te ontbreken in dit filmpje van Omroep Gelderland, maar zeker is het niet. Het staat wel in een toelichtende tekst. Namelijk dat er een tijdelijke Raad van Toezicht is aangesteld of aangetreden die de opdracht heeft een nieuwe Raad van Toezicht samen te stellen. Of er vertegenwoordigers van de oude Raad van Toezicht in de tijdelijke Raad van Toezicht zitting hebben om een nieuwe Raad van Toezicht samen te stellen blijkt niet uit de berichtgeving. Bij Museum Het Valkhof in Nijmegen is een conflict ontstaat tussen directeur Arend-Jan Weijsters en het personeel aan de ene kant en de Raad van Toezicht aan de andere kant.

Het terugtreden van de Raad van Toezicht zou vooruitlopen op de rechtszaak tussen directeur en Raad van Toezicht die Weijsters naar huis stuurde. Het is daarom niet logisch omdat er geen nieuw feit is dat voorzitter Ronald Migo tot vrijwillig aftreden lijkt te bewegen. De directeur vecht het ontslag aan. Jan van Laarhoven is de door de Raad van Toezicht benoemde interim-directeur. Niet alleen in het museum lijkt chaos troef, maar ook bij de bestuurlijke aansturing waar een oude, tijdelijke en nieuwe Raad van Toezicht elkaar opvolgen als een duveltje uit een doosje. En een interim-directeur in opdracht van de Raad van Toezicht met plannen komt terwijl de gedwongen thuiszittende directeur de autoriteit van dezelfde Raad van Toezicht betwist. Radertjes passen niet in elkaar. Van Laarhoven die meent de positie van onpartijdigheid te moeten claimen om de boel vlot te trekken staat niet boven de partijen, maar is deel van de chaos. Dat maakt het nog onoverzichtelijker.

Van Laarhoven schetst nieuwe koers Museum Het Valkhof. Met beleving

leave a comment »

Update 31 december 2016: Volgens een bericht in De Volkskrant is het conflict bij Museum Het Valkhof geëscaleerd. Voorzitter Ronald Migo van de Raad van Toezicht (RvT) wordt van vriendjespolitiek beticht en zou op de stoel van de directeur plaats willen nemen. De RvT heeft ‘tegen de wil van het voltallige personeel dat achter de geschorste directeur Arend-Jan Weijsters blijft staan’ Jan van Laarhoven tot interim-directeur benoemd. In 2015 was hij door de RvT ook al aangezocht als interimbestuurder en gaf in bovenstaande video zijn visie op het museum. Interessant genoeg om dit nu te herhalen omdat dit de visie van Migo en RvT weergeeft, en de richting waarin ze het museum willen veranderen. Geen verdieping, maar verbreding. Geen reflectie, maar beleving. Zo ziet ‘buitenstaander’ Migo de toekomst van Museum Het Valkhof. Opvallend in deze kwestie is de terughoudende rol van het Nijmeegse college met cultuurwethouder Bert Velthuis (SP). 

Wat is er mis met Museum Het Valkhof in Nijmegen? Een verloren identiteit, bezuinigingen of een gebrek aan zelfvertrouwen bij de medewerkers? Interimbestuurder Jan van Laarhoven zette het op een rijtje en Omroep Gelderland geeft hem de ruimte. Best bijzonder dat een beleidsnota met promotionele bedoelingen op sociale media een breed publiek bereikt. Van Laarhoven omschrijft de situatie van Het Valkhof als ‘zorgwekkend positief’. De bodem van de put is bereikt, dieper zakken kan niet. Het verschil met ‘zorgwekkend negatief’ is dat er zicht op een oplossing is, volgens Van Laarhoven. Hoe hij de gaten in de exploitatie gaat opvangen wordt niet concreet. Hij tovert als wondermiddel de belevening van het publiek uit zijn hoge bestuurshoed. Zijn wensdenken is wellicht niet vernieuwend, maar wel motiverend. Vooralsnog vooral voor de medewerkers.

Ongelijk van Halbe Zijlstra’s cultuurbeleid opnieuw aangetoond

with 5 comments

geven

Halbe Zijlstra (VVD) wist hoe het zat toen hij staatssecretaris van cultuur (2010 -2012) was. Zo pretendeerde hij. Bezuinigen op kunst door de overheid kon omdat particulieren en bedrijven in het financiële gat zouden springen. Dat was ‘Een nieuwe visie op cultuurbeleid’ zoals hij dat in een kamerbriefMeer dan kwaliteit, een nieuwe visie op cultuurbeleid‘ van 10 juni 2011 presenteerde. Er is niets van Zijlstra’s plannen uitgekomen, want de markt had weinig behoefte om in het gat te stappen dat de overheid bewust liet ontstaan. Er werd al in 2010 door vele kanten voor gewaarschuwd dat hij het bij het verkeerde eind had. Het was niet meer dan blufpoker en nattevingerwerk zonder onderzoek waar de VVD’er zich op baseerde. Op weg naar de volgende functie zonder verantwoording af te hoeven leggen voor zijn miscalculaties. Met rampzalige gevolgen.

Vandaag wordt de onjuistheid van Zijlstra’s beleid opnieuw bevestigd. Daan van Lent citeert voor NRC uit het morgen te verschijnen tweejaarlijkse rapport ‘Geven in Nederland’ van het Centrum voor Filantropische Studies aan de VU: ‘Giften aan cultuur zijn sinds 2011 verder teruggelopen. (..) De daling is opmerkelijk, omdat de overheid in 2011 besloot fors te bezuinigen op cultuur en een beleid inzette dat instellingen juist meer geld zouden moeten aantrekken uit de particuliere sector. (..) De daling komt vooral door sterk dalende sponsorgelden. De onderzoekers geven daarvoor geen verklaring. Maar uit jaarverslagen van culturele instellingen bleek vorig jaar al dat musea, orkesten, toneel- en dansgezelschappen bij bedrijven merken dat deze sinds de recessie de hand op de knip houden en bovendien geen zin hebben om in het gat te springen dat de overheden hebben laten liggen liggen.’ Nogmaals, het was voorspeld dat het zo zou gaan.

Het is dus allemaal nog veel erger dan wat Zomergast Johan Simons in 2013 zei: ‘Onze vorige staatssecretaris van Cultuur Halbe Zijlstra die zei dat hij blij was dat hij geen verstand had van kunst, want dan kon hij heel makkelijk snijden. Ik weet niet of er überhaupt bezuinigd moet worden, daar zijn ook andere stemmen, maar de manier waarop die man omgegaan is met ons kunstenaars neem ik hem zeer kwalijk en zal ik hem ook altijd kwalijk nemen. Het gaat niet aan dat iemand die staatssecretaris van Cultuur is dat durft te zeggen, terwijl een staatssecretaris van Cultuur het hoort op te nemen voor cultuur. Ook al krijg je als opdracht om te bezuinigingen dan moet je dat serieus uitleggen. (..) Je kunt toch niet zeggen als je een ministerie onder je hebt blij te zijn niet zoveel verstand van kunst te hebben om makkelijker te kunnen snijden. (..) Ik vind het respectloos beleid. We hebben te maken met een regering die redelijk respectloos met de kunst omgaat.’

De VVD is de oorzaak voor de recente kaalslag op cultuur en heeft dat in de afgelopen jaren voorbereid en vormgegeven. Eerst binnen de VVD-fractie bij monde van cultuurwoordvoerder Han ten Broeke, in 2010 door VVD-informateur Ivo Opstelten in het regeerakkoord en in de uitvoering door staatssecretaris Halbe Zijlstra. Een toelichting bij het rapport ‘Manifestaties van de vrijheid des geestes’ van de Teldersstichting claimde de eigen verdienste: Omdat cultuur en sport voor de gemiddelde burger vrijetijdsactiviteiten zijn, vormen van vermaak, rijst de vraag hoe de gewijzigde taakopvatting van de overheid op de terreinen van cultuur en sport zich verhoudt tot de liberale staatsopvatting. Voor de VVD is cultuur een vorm van vermaak. Dan is blijkbaar alles geoorloofd om de burgers wat op de mouw te spelden en slecht doordacht beleid voor te zetten.

Schlaraffenland
Foto 1: Schermafbeelding van hoofdstuk ‘1.5 Geven aan cultuur’ uit kamerbrief ‘Meer dan kwaliteit: een nieuwe visie op cultuurbeleid’ van Halbe Zijlstra (2011).

Foto 2: Pieter Bruegel de Oude, ‘Luilekkerland’ (1567). Collectie: Alte Pinakothek, München.

Museum Valkhof: archeologie is top cultuurbezit. Ontslag conservator archeologie

with 3 comments

nij

Museum Het Valkhof in Nijmegen heeft een directeur die ziek thuis zit, aldus De Gelderlander. Marijke Brouwer meldde zich ziek ‘nadat er bij het personeel steeds meer onrust is ontstaan over de reorganisatie en de gedwongen ontslagen die daarmee gepaard gaan.’ Deze kapitein verlaat als eerste het schip. Provinciaal bestuurder en voorzitter van de Raad van Toezicht Ronald Migo neemt het roer over. De Gelderlander: Door bezuinigingen ‘verliezen 8 mensen hun baan onder wie de conservator archeologie en die van de moderne kunst. Het museum wil in de toekomst meer gebruik maken van tijdelijke externe deskundigheid op gebied van collectiebeheer en het maken van exposities.’ Tja, hoe moet je deze afgang anders verkopen?

De conservator archeologie wordt opmerkelijk wegbezuinigd in een museum met een uitgebreide verzameling bodemvondsten waarover het zegt: ‘Door hun kwaliteit en diversiteit behoren de Romeinse bodemvondsten tot de top van het Nederlandse cultuurbezit.’ Wat betekent ‘de top van het Nederlands cultuurbezit’ in de ogen van Het Valkhof als dit het schrappen van de functie van degene die deze collectie beheert inhoudt? Hoe nu verder? Hoe kunnen externe deskundigen de archeologische collectie beheren? Wie moet de ‘vrijwilligers collectiebeheer archeologische collecties en collecties Provinciaal Depot voor Bodemvondsten’ aansturen? In elk geval biedt de vacature ‘een inspirerende werkomgeving’. Da’s dan nog iets. Wist de directeur dat niet?

Foto: Schermafbeelding van vacatures vrijwilligersfuncties Museum Het Valkhof.