Scheidslijn in publieke opinie loopt niet tussen links en rechts, maar tussen muiterij en overleg

Soms kom je in een discussie op Facebook in aanraking met standpunten waarvan je denkt hoe het mogelijk is dat ze bestaan en geuit worden. Wie zitten er achter? Is het Nederlands onderwijs echt zover weggezakt als de laatste decennia door onderwijscritici wordt beweerd? Het lijkt er sterk op.

Gevoegd bij een gebrek aan mediawijsheid van de bevolking, omdat dit vak ontbreekt in het basisonderwijs, ontstaat er bij sommigen een combinatie van onvermogen, niet goed kunnen luisteren, lezen, schrijven en argumenteren, wrok en miskenning. Het gebrek aan vaardigheid om zich te kunnen uiten en goed te kunnen verwoorden wat men denkt jaagt door een gevoel van ondergewaardeerd worden en een besef van machteloosheid het vliegwiel van de miskenning nog verder aan. Dat is beklagenswaardig voor betreffende individuen en beschadigend voor de samenleving.

Dat is de stand van de publieke opinie van Nederland. In dat land is voor velen botheid de norm. Dat wordt ook wel lompheid of hufterigheid genoemd als het om het intermenselijk contact gaat. Op sociale media valt het extra op en wordt benadrukt wat blijkbaar de ziel van veel Nederlanders is. Dat is een constatering die de Engelse ambassadeur in Den Haag William Temple in de 17de eeuw al maakte in zijn Observations Upon the United Provinces of the Netherlands toen hij over de aard van de Nederlanders zei : ‘More good Nature, than good Humour’. Zie p.188:

Aanleiding voor bovenstaande uiteenzetting is een debatje op Facebook bij bovenstaand artikel van de Volkskrant dat stelt dat de rechtse partijen steeds meer opschuiven naar links. Ik gaf daar het volgende commentaar op: ‘Links is een ramp en rechts is een ramp. Racistisch rechts (PVV en FvD) is een dubbele ramp. Of de kiezer steeds meer op rechtse partijen stemt valt te bezien. Want de kiezers stemmen altijd in meerderheid op rechtse partijen. Dat is nu niet anders. De meerderheid van partijen wil gelijkwaardiger delen en belasten voor degenen die binnen zijn, maar degenen die buiten zijn meer weren dan voorheen. Is dat links of rechts? Het lijkt eerder een gemengd beeld dat valt te omschrijven als conservatief-links.’

Dat is een standpunt waar men het wel of niet mee eens kan zijn. In de verwachting van een leuk debat had ik het prikkelend opgeschreven. Ik vermoedde dat de lezers van de Volkskrant vooral zouden reageren op mijn standpunt dat links een ramp is, maar dat gebeurde niet. Is de achterban van links al bij voorbaat murw gebeukt? Ik kreeg enkel reacties die reageerden op mijn uitspraak dat ‘racistisch rechts’ van PVV en FvD een dubbele ramp is. Dat had ik niet mogen zeggen. Ook dat is blijkbaar de stand van zaken in Nederland, namelijk dat aanhangers van nationalistisch-rechts zelfs de FB-pagina’s van de centrum-linkse Volkskrant domineren.

Zo kabbelt zo’n discussie op een algemeen platform op sociale media voort in Nederland. Je kunt het niet eens een uitwisseling van standpunten noemen. Het is een gesprek tussen doven waarbij men niet zozeer luistert naar wat de ander zegt, maar vooral de eigen stokpaardjes pitcht. Daarmee zeg ik niks nieuws, het is al vaak gezegd. Ik reageer ook veel op Amerikaanse sites en daar is de omgang tussen politieke opponenten vriendelijker en volwassener, hoewel ik het afgelopen half jaar een verharding heb bespeurd. Maar daar lijkt men er genoegen in te scheppen om met elkaar het debat op een hoger niveau te tillen. In Nederland ontbreekt dat streven en lijkt het omgekeerde het geval. Namelijk het afbreken van de ander, ook als men daarmee zichzelf naar beneden haalt. Maar ook dat besef ontbreekt, zoals een Alzheimer-patiënt de eigen vergeetachtigheid vergeet.

Inhoudelijk eindigde mijn bijdrage onder dit Volkskrant-artikel met onderstaande reactie. Of het doordringt tot de aanhangers die PVV en FvD steunen betwijfel ik, maar ik blijf proberen hen met argumenten te overtuigen. Maar de mislukking is ingebakken. Het is als Max en Moritz uit het Duitse verhaal met plaatjes die in de deegbak van de bakker vallen en in de oven gebakken worden. De twee schelmen blijken nog in leven en knagen zich een weg naar buiten. De volgende streek zullen ze echter niet overleven. Maar dat weten ze nog niet.

U hebt gelijk dat er een verschil is tussen islamkritiek (of religiekritiek in het algemeen) en beleid dat tegen de grondwet ingaat. Dat eerste moet mogelijk zijn. Daar zou geen twijfel over moeten bestaan. Ik ben een criticus van godsdiensten (of religieuze instellingen) waaronder de islam omdat ik vind dat religie per saldo een negatieve invloed heeft op de samenleving. Dat geldt dus alle godsdiensten. Daarbij nemen met name de drie monotheïstische godsdiensten een stevige machtspositie in en moeten ze tegen kritiek kunnen. Hoge bomen vangen veel wind.

Maar de PVV gaat verder dan islamkritiek en morrelt aan de grondrechten van inwoners van Nederland. Daar loopt de lijn tussen wat mogelijk of zelfs wenselijk is aan islamkritiek en waar dat overgaat in beleid dat strijdig is met artikelen van de grondwet. Dat laatste hebben we met elkaar afgesproken en kan niet eenzijdig worden opengebroken. Dan verlaat een partij als de PVV de rechtsstaat en begeeft het zich op het terrein van de rechtsongelijkheid en willekeur. Dat is niet in uw of mijn eigenbelang. Want wat vandaag de moslims treft, kan in die willekeur zonder rechtsbescherming morgen u of mij treffen.

Als de PVV delen van de grondwet wil veranderen, dan heeft het daartoe uiteraard het recht. Dan moet het medestanders vinden voor een 2/3de meerderheid in de Staten-Generaal. Maar de paradox van de huidige positie van de PVV is dat het radicaliseert en zich steeds meer vervreemd heeft van de andere partijen. Ofwel, de PVV heeft helemaal geen stappenplan of strategie om een meerderheid te vinden voor de grondwetsartikelen waar het kritiek op heeft en die het wil wijzigen. Dat laat de kiezer op de PVV uiteindelijk met lege handen achter. Die kiezer wordt door de PVV bediend in zijn of haar emotie, maar politiek heeft de PVV geen omlijnd plan om haar doel te bereiken. Het is veel geschreeuw en weinig wol. Daarmee besodemietert de PVV de kiezer zonder dat die kiezer dat zelf doorheeft.’

Foto 1: Schermafbeelding van FB-posting van de Volkskrant van het artikelRechtse partijen schuiven steeds meer op naar links’, 2 maart 2021 (achter betaalmuur). Gewijzigde titel: ‘Rechtse partijen trekken met linkse argumenten steeds meer kiezers naar zich toe’.

Foto 2: Schermafbeelding van p.188 uit William Temple, ‘Observations Upon the United Provinces of the Netherlands’ (1668). Uit editie 1705. Via Google Books.

Foto 3: Wilhelm Busch, illustratie uit Max und Moritz: Max en Moritz gaan krakelingen stelen bij de bakkerij.

Fictief drama valt nooit samen met werkelijkheid. Over ‘The Crown’

De Britse TV-serie ‘The Crown‘ is drama. Gebaseerd op de werkelijkheid van het Britse koningshuis en de regeringsperiode van koningin Elizabeth II. Het moet niet verward worden met die werkelijkheid waar het niet mee samenvalt. Het lijkt er sterk op dat zowel publiek als zogenaamde deskundigen die zich er over uitspreken niet goed beseffen wat fictief drama is.

Marketing en publiciteit over zo’n dramaproduct die verkeerde verwachtingen scheppen zijn eerder het probleem, dan het drama zelf. Dat komt tot uiting in het bericht van RTV Boulevard als critici worden geciteerd die zeggen dat distributeur Netflix die de serie uitzendt duidelijker moet maken dat het om fictie gaat. Onder wie de conservatieve en gezagsgetrouwe Julian Fellowes. Tegelijk is dat onzinnige kritiek die RTL zonder kritiek naar boven haalt omdat iedereen kan weten dat het kenmerk van fictie is dat het per definitie nooit kan samenvallen met de werkelijkheid.

Zo kondigt zich een ander knelpunt aan dan het altijd onterechte verwijt dat fictie zich verkeerd verhoudt tot de werkelijkheid. Namelijk die van de media educatie die in Nederland al tientallen jaren achterblijft bij de groei van de (sociale) media. Het publiek zou in onderwijs, media en ook door dee distributeurs van fictie beter moeten worden voorgelicht over wat de kenmerken van en de grenzen aan het genre zijn. Dat dat niet of onvoldoende gebeurt is inherent aan het kenmerk van het drama dat de illusie in stand wil houden dat het zichzelf vertelt. Daar past geen waarschuwing bij dat het fantasie is. Toch zou met name het onderwijs veel meer kunnen doen om het publiek mediawijs te maken dan het nu doet.

Drama moet op de eigen waarde beoordeeld worden en niet in relatie tot de werkelijkheid waar het op gebaseerd is. Dat speelt op het aspect van samenhang, geloofwaardigheid en waarschijnlijkheid. Ofschoon via een omweg de relatie tot de werkelijkheid een van de kenmerken kan zijn waar drama aan afgemeten kan worden. Denk aan een sleutelroman die vanuit geslotenheid intimiteit openbaart onder het mom van overtreding en openbaring. Maar ook dan dient dat afmeten uitsluitend begrepen te worden binnen de constructie die drama hoe dan ook is.

Drama is een opgetuigde werkelijkheid die in zichzelf bestaat. Drama als ‘The Crown‘ hanteert een klassieke, Hollywoodiaanse vertelwijze waarin vanwege het streven naar realisme de constructie van het drama, zeg de montage, weggemoffeld wordt. Waarbij realisme niet begrepen moet worden als de vertaling van de werkelijkheid waarnaar het drama verwijst, maar als realisme van de constructie in de eigen gesloten werkelijkheid.

De opzet van dit soort fictie als ‘The Crown’ dat een traditionele, verhalende vertelwijze hanteert is om de identificatie van de kijker met dat drama te maximaliseren, maar met de ‘echte’ werkelijkheid erachter te minimaliseren. Ook daarom is het verwijt over het vermeende gebrek aan realisme onterecht. Twee belangrijke kenmerken van dit soort drama zijn a) dat de kijker geen kritische afstand kan nemen tot dat drama en b) het verhaal verteld wordt aan de hand van de personages. Dat is de dubbele garantie dat het systeem waarbinnen het drama tot stand is gekomen ongenoemd blijft en geen kritiek krijgt. Met dient goed te beseffen dat verwijzingen naar het systeem, zeg de samenleving of de machtsstructuur, binnen dat drama ook fictie zijn.

Hoe dat in de praktijk werkt laat de kritiek op ‘The Crown’ zien. Het is tamelijk potsierlijk dat kritiek op een fictief drama op zijn beurt ook weer fictie is. Die kritiek kan opgevat worden als de verdere bevestiging van het beeld dat fictie een illusie is, zonder dat dit als zodanig gezegd kan worden. Deze kritiek is de perfecte afleiding om in een dubbele ontkenning via een omkering van waarden de ware aard van fictie te verhullen.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelNetflix-serie The Crown ligt flink onder vuur’ op RTL Boulevard, 22 november 2020.

Foto 2: ‘Werkfoto’ met Stephen Daldry, Anton Lesser en Claire Foy in The Crown (2016). Credits: Robert Viglasky / Netflix.

Pleidooi voor de instelling van een Referendum-autoriteit

mm

Update 29 juni 2016: Het stof van het Britse referendum is neergedaald en er heerst consensus dat de informatievoorziening ondermaats was en vele kiezers zich voorgelogen voelden. Dat had niet zo moeten zijn en zou voorkomen moeten worden. Achteraf blijkt dat de Leave-campage heeft nagelaten een plan op te stellen voor het geval het Verenigd Koninkrijk zou beslissen uit de EU te stappen. Zo moet een referendum niet gevoerd worden. Zo’n feitenvrije campagne over een Nexit bedreigt ook Nederland. Om het instrument ‘referendum’ te kunnen behouden moeten de campagnes door een ‘autoriteit’ aan strakke eisen worden gebonden. Zodat de garantie ontstaat dat er een publiek debat op niveau ontstaat dat uitgaat van de feiten. 

Net als bij het Britse EU referendum ontspoorde bij het Nederlandse Oekraïne-referendum vooral het NEE-kamp door de feiten te verdraaien. Een referendum is onmisbaar zonder een Referendum-autoriteit die de feiten toetst waarna deze vervolgens door beide kampen verplicht moeten worden doorgegeven. Want dat leren zowel het Nederlandse als Britse referendum: de waarheid sneuvelt het eerst als de gemoederen hoog oplopen. De keuze voor het bestuursorgaan ‘autoriteit’ garandeert onafhankelijkheid van de overheid.

Tegenstanders proberen te scoren door verwarring te zaaien en delen van het publiek op de mouw te spelden dat expertise en geobjectiveerde waarheid hetzelfde zijn als geruchten, onwaarheden of halve waarheden. In die dynamiek wordt een willekeurig Twitter-account hetzelfde als een al jarenlang bestaand gerenommeerd nieuwsmedium. Zo fragmenteert het publieke debat in deeldebatten. Zij die zich sociaal achtergesteld achten lopen de kans ontvankelijk te zijn voor valse profeten. Ze kunnen via een omweg beschermd worden door een Referendum-autoriteit indien ze mediawijsheid missen en in het publieke debat op kennisachterstand gezet zijn. Voorstander van de status quo kunnen ontsporen door het schetsen van onheilscenario’s.

Dit betekent echter niet dat een campagne die in een referendum de gevestigde orde aan de orde wil stellen om die te veranderen niet zou deugen. Integendeel. Een samenleving moet ruimte toestaan voor verandering en in beweging blijven. Daartoe is een referendum een prima hulpmiddel. Maar de voorwaarde is wel dat dat vanuit het algemeen belang beredeneerd wordt. En niet vanuit het deelbelang van een factie die met de meeste financiële middelen onder valse voorwendsels de meeste publiciteit kan genereren. Daar heeft een samenleving niets aan. Om dat de toetsen dient de Referendum-autoritiet in het leven geroepen te worden.

De taak van zo’n Referendum-autoriteit is onder meer het in kaart brengen van de hoofdrolspelers en hun screening op integriteit en beweegreden. Waarom tikken ze zoals ze tikken? Hoe is hun positie ontwikkeld en mogelijk gewijzigd? Wat is de logica van die positieverandering? Welke financiële, publicitaire en politieke belangen hebben de hoofdrolspelers en hun organisaties bij het referendum? Een voorbeeld hoe dat werkt is het hardnekkige gerucht dat nieuwsblog Geen Stijl enkel en alleen aandacht ging besteden aan een Oekraïne-referendum omdat de winstgevendheid als Telegraaf-dochter op de tocht stond en het verkocht dreigde te worden. De publiciteit bij de campagne voor het referendum zou die verkoop afgewend hebben.

Publieke figuren die de publiciteit zoeken kunnen weten dat hun privacy onderhevig is aan aandacht. Zo’n Referendum-autoriteit zou daar beheerst mee om moeten gaan. De logica voor zo’n screening ligt voor de hand. Politici, kandidaten voor het openbaar bestuur en bepaalde publieke functies worden nu ook al gescreend. Omdat een referendum nog beslissender kan zijn dan een gewone verkiezing -zoals het Britse referendum leert- zouden de hoofdrolspelers van de campagnes bij een referendum door een op afstand staande autoriteit gescreend moeten worden. Juist omdat ze machtsposities innemen en een politieke rol spelen worden ze weer kwetsbaar voor de druk van externe partijen die gewild of ongewild hun pad kruisen.

ptt

Een voorbeeld. Thierry Baudet is een voorman van het Forum voor Democratie en heeft zich ingespannen voor het NEE-kamp bij het Oekraïne-referendum. Nu ijvert hij voor een referendum over een Nexit. Het lijkt er sterk op dat zijn diepere politieke beweegreden de openbaarheid nog niet hebben bereikt. Dat zou betekenen dat hij zich anders voordoet dan hij is. De gevestigde media zien het blijkbaar niet als hun taak om daarin te spitten. Het maakt nogal een verschil of hij een rechts-nationalist in extreem vaarwater is of iemand die zonder bijbedoelingen welgemeend van democratische middelen als een referendum gebruikmaakt.

Ik schreef in een commentaar van 28 maart 2016: ‘Zo was er op 18 en 19 februari in een zoutmijn in het Poolse Wieliczki de conferentie ‘Prosperity of Europe after EU’ van de fractie van Europa van Naties en Vrijheid (ENF) in het Europarlement die wordt gedomineerd door het Front National. (..)  Opvallend was de aanwezigheid van Thierry Baudet die in de ENF geen officiële functie heeft. Nog opvallender was dat hij als fanatiek twitteraar op zijn twitter-account hierover geen verslag deed.’ Nederlandse media besteedden geen aandacht aan deze bijeenkomst van rechts-extremisten in Polen en in interviews werd Baudet er achteraf niet in het openbaar naar gevraagd. Het verdient overweging om een Referendum-autoriteit in te stellen die een referendum begeleidt en zorgt dat onregelmatigheden worden beperkt en de nieuwsvoorziening optimaal is.

Foto 1: Ben van Meerendonk, Boerin met melkemmers aan juk op de fiets, Walcheren, Zeeland, 1946. Credits: AHF, collectie IISG, Amsterdam.

Foto 2: Ben van Meerendonk, De bekabeling uit een reportage van de gemeentelijke telefoondienst, 24 oktober 1946. Credits: AHF, collectie IISG, Amsterdam.

Petitie: Film als vak op school. Nodig, maar onvolledig uitgewerkt

fil

Een petitie aan minister Bussemaker en andere betrokkenen vanuit de organisaties die werkzaam zijn in de filmeducatie vraagt om film een vaste plek in het onderwijs te geven. Dit is een goed initiatief dat alleen 30 jaar te laat komt. In de jaren ’80 werd hetzelfde debat al gevoerd. Zonder resultaat. Nu is het door de toename van sociale media het onderwijs over film en beeldtaal om de mediawijsheid bij burgers te vergroten nog urgenter geworden dan toen. Dus beter laat dan nooit. Bewustwording begint bij onderwijs aan jongeren.

In een toelichting pleiten de initiatiefnemers voor veel tegelijk. Vraag is of het verstandig is om aan te koersen op zowel passieve als actieve filmeducatie: ‘Filmeducatie geeft kinderen en jongeren de kennis, vaardigheden en de mentaliteit om bewegend beeld te onderzoeken en te analyseren, de impact ervan en de invloed op de samenleving te kunnen begrijpen en zelf verhalen te kunnen maken en publiceren.’ Gezien alle mislukte pogingen uit het recente verleden vanwege behoudzucht in politiek en onderwijsveld om filmeducatie een reguliere plek in het onderwijsprogramma te geven lijkt het verstandiger deze keer niet te hoog in te zetten.

Haalbaar lijkt een elementair cursusprogramma dat jongeren door film- en media-educatie mediawijs maakt. Dat kan door de theoretische beginselen van film bij te brengen en te wijzen op de valkuilen van film, televisie en media. Bijvoorbeeld in propaganda en kwesties van privacy en identiteitsvorming. Laat deze petitie niet de verdenking op zich laden een verhulde sollicatie te zijn van de film- en audiovisuele mediasector om de eigen werkgelegenheid te waarborgen. Wie met filmische middelen verhalen wil maken kan dat alleen doen met begrip van de beeldcultuur. Opvallend bij de initiatiefnemers is het ontbreken van de universitaire opleidingen media en cultuur zoals bijvoorbeeld aan de Universiteit Utrecht waar wel degelijk professionele vakdocenten beeld en media worden opgeleid. Dit is een gemiste kans. De petitie schetst zo bewust een onvolledig beeld.

Foto: Petitie ‘Film als vak op school‘ op Petities.nl.

Gaan Nederlandse leraren studenten online monitoren?

gl2

De toekomst hoe scholen de sociale media van studenten volgen om deze te disciplineren kondigt zich aan in Californië. Somini Sengupta beschrijft het in The New York Times. Eerder besteedde The Huffington Post er aandacht aan. Gaan leraren straks online om studenten te monitoren? In de VS kondigt deze ontwikkeling zich nu aan. Het techbedrijf Geo Listening wordt door scholen betaald om studenten op hun sociale media te volgen. Onder het mom van de veiligheid van studenten. Dat gebeurt volgens GL-directeur Chris Frydrach door een combinatie van technologie en een boel menselijk kapitaal. Een monitorprogramma zoekt naar sleutelwoorden en gevoelens op openbaar toegankelijke berichten (‘sentiments on posts’).

Uitbesteden aan bedrijven door scholen om studenten te monitoren is big business. Zo betaalt het Glendale schooldistrict in Californië Geo Listening 40.500 dollar (30.000 euro). Voorstelbaar is dat deze ontwikkeling binnen enkele jaren naar Nederland overwaait. En schoolbesturen particuliere bedrijven inhuren om hun studenten op Facebook, Twitter, Instagram, Hyves of in welk programma dan ook te volgen. Waar in de VS wapengebruik een reden is om pro-actief in te grijpen, zijn dat in Nederland vooral pesten en zelfmoord.

Digitale monitorprogramma’s die studenten volgen kunnen in strijd komen met de vrijheid van meningsuiting. Big Brother volgt Little Brother. Daarom moeten de politiek en schoolbesturen goed nadenken voordat ze aan de slag gaan met de privatisering van een deel van het onderwijs. Van de andere kant  bepalen Facebook en Google nu al de manier van denken en de keuzes die studenten maken zonder dat ze dit beseffen. Dus hoe hypocriet is de opwinding over een ontwikkeling die hiermee in lijn is? Echte oplossing zijn niet programma’s die studenten monitoren, maar lesprogramma’s die studenten mediawijsheid bijbrengen. Nog steeds een ondergeschoven kindje in het Nederlands onderwijsprogramma. Nu kan de omslag nog gemaakt worden.

gl1

Foto’s: Schermafbeeldingen van Geo Listening.

Assange: Twitter en Facebook volgen de bevelen van Obama

LP

Het Franse weekblad Le Point heeft een interview met Julian Assange. Met een Vidéo exclusive. Uiteraard in de Ecuadoriaanse ambassade in Londen waar-ie zich verschanst. Le Point is een goede bemiddelaar om de gedachten van Assange naar buiten te brengen. Gestoeld op de formule van het Amerikaanse Time Magazine en Newsweek, verzeild in een conservatieve-liberale hoek en met de altijd aanwezige Franse animositeit jegens Amerikaanse machtspolitiek geeft het Assange de ruimte die hij in de Angelsaksische pers niet krijgt.

Onderwerp van het interview zijn sociale netwerken als Twitter of Facebook die bij het grote publiek nog een goed imago hebben, maar volgens Assange steeds meer naar de pijpen van de regeringen dansen. Dat uit zich in het doorgeven van berichten aan overheden tot het blokkeren op hun verzoek van accounts om politieke redenen. Julian Assange geeft als voorbeeld Anonymous Zweden dat door Twitter werd afgesloten. Eerst wist Twitter zich nog tegen dit soort druk te verzetten, maar het afgelopen jaar kon het dat niet langer volhouden. Die hechte samenwerking van overheden en bedrijfsleven is dus een tamelijk recente ontwikkeling.

Het ondermijnt niet alleen het vertrouwen van de burger in de overheid, maar ook in bedrijven als Twitter, Facebook of Google. Hoe dan ook moeten internetgebruikers zich bewust zijn van de censuur, de politieke druk, de schending van de privacy en de samenwerking tussen overheden en bedrijven. Internet wordt voor burgers in het Westen steeds belangrijker. Het is een ongewenste ontwikkeling dat afwijkende stemmen zonder recht op beroep kunnen worden afgesloten. Dat gebeurt nu al. Assange waarschuwt hiertegen.

Foto: Schermafbeelding uit video van Le Point met Julian Assange, 20 maart 2013.

Ook ‘bond tegen vloeken’ miskent functie van grof taalgebruik

GOD

De bond tegen vloeken voegt zich in het pleidooi van PvdA-voorzitter Hans Spekman en premier Mark Rutte voor een beschavingsoffensief op internet. Dit naar aanleiding van het voornemen van Spekman om haatmails van ene ‘Gert Kruier‘ te publiceren op z’n Facebook-pagina. Die daar trouwens niet te traceren zijn. Hiermee kondigt zich een monsterverbond aan tussen een christelijke organisatie, een sociaal-democratische en een conservatief-liberale partij. Wat je noemt vreemde bedgenoten. De bond is trouwens niet alleen tegen vloeken, maar ook tegen schuttingtaal en verwensingen. Het ervaart het vloeken als een groot kwaad.

Probleem met dit ethisch reveil en roep om een beschavingsoffensief is vijfledig. Het dringt iedereen een burgerlijk idee van fatsoen op, bestrijdt symptomen, miskent de functie van grof taalgebruik om sociale structuren  te doorbreken, miskent dat vloeken pijn kan verzachten en miskent de ‘verbinding’ en creativiteit van grof taalgebruik. De bond tegen vloeken doet al sinds 1917 een moreel appel op de samenleving. De bond meent dat het niet de bedoeling kan zijn dat ‘scheld- en vloekwoorden mensen raken’. Maar dat gaat voorbij aan de functie van grof taalgebruik om mensen te raken. Of ze in beweging te zetten om vastgeroeste structuren te doorbreken. Ofwel, de bond verdedigt de status quo en vloekers proberen die te doorbreken.

De bond tegen vloeken publiceert op haar site enkele haatmails met de opzet haar betoog kracht bij te zetten. Zoals de verwensing: ‘GODVERDOMME flikker toch eens op met dat christelijke gezeik van jullie en ga terug met kindjes molesteren stelletje kankerlijers! (..) GOD wat was de wereld mooi geweest zonder religie‘. Wie er van een afstandje naar kijkt kan er een sappig verwoorde politieke uitspraak in zien die zich richt tegen religieuze organisaties. Er wordt niet gedreigd en geen wet overtreden. Dit voorbeeld toont aan dat de norm van de bond tegen vloeken niet door iedereen vanzelfsprekend overgenomen wordt. Zodat brede steun voor het beschavingsoffensief richting fatsoen van de heren Spekman, Rutte en de bond ontbreekt. Godzijdank.

Foto: Schermafbeelding van ‘haatmail‘ die de bond tegen vloeken op haar site plaatst.

It’s the social media, stupid. Niet wij politici. Maar de burgers.

01_leeuwenstraat_450

PvdA-voorzitter Hans Spekman roept op tot een ‘beschavingsoffensief‘. Hij hoopt dat premier Mark Rutte daarbij helpt. Deze heeft daaraan inmiddels gehoor gegeven. Je moet je aan grenzen van beschaving en fatsoen houden, ‘een beetje chique‘ zijn, aldus Rutte in De Telegraaf. En helemaal erg is het als het richting hulpverleners gebeurt. Rutte en Spekman verwijzen niet naar het gebrek aan chic van het regeringsbeleid, maar naar sociale media. Spekman ziet internet steeds meer ‘als afvalputje van de Nederlandse samenleving‘.

Klopt de analyse van beide heren, of spannen ze het paard achter de wagen? Het klopt dat het er in het publieke debat soms ruw en onbeschoft aan toegaat. Zeker op internet. Dodelijke ziekten worden de ander toegewenst. Voor surfen op internet of gebruik van sociale media is geen vaarbewijs vereist. Evenmin voor het gebruik van de ouderwetse telefoon. Dooddoener is dat beeldbepalende bestuurders en politici zelf de hitte van de keuken opzoeken. En daar tegen moeten kunnen. Politici hoeven geen Facebook-pagina of Twitter-account tte hebben. Mediatraining behoort tegenwoordig tot hun basisopleiding. Dus ook mediawijsheid.

Opvallend is dat Spekman en Rutte dit initiatief nemen. Zei de PvdA-voorzitter tegen zijn achterban niet volstrekt onnodig dat nivelleren een feest is? En de premier kwam uit een achtergrondartikel in de NRC tevoorschijn als een autistisch-achtige politicus die als het heet onder de voeten wordt niet thuis geeft. Al zijn politieke ex-partners getuigen dat hij slecht luistert en samenwerkt. Hij laat het bij een arm om de schouder en mooie woorden. Empathie als vormmiddel. Spekman en Rutte zijn dus twee eigengereide en autonoom reagerende politici die nu anderen oproepen tot beschaving, fatsoen en chic. Tot luisteren naar elkaar.

Reden voor het uitschelden van politici op sociale media zou wel eens met iets anders te maken kunnen hebben. Namelijk de toegenomen kloof tussen politiek en burgers en de snelle veranderingen waardoor met name kanslozen zich machteloos voelen. Dat gevoegd bij het uitblijven van een hervorming van het kiessysteem, Nederland dat uiterst gecentraliseerd bestuurd wordt, schandalen waarbij politici betrokken zijn, het gegraai in de semi-publieke sector, de miljardensteun aan de banken op kosten van de belastingbetaler zonder dat de bankiers aangepakt worden, en de politieke cultuur om de oppositie niets te gunnen. Maar volgens de heren Spekman en Rutte is het een gebrek van fatsoen, beschaving en chic. Bij de ander. Tja.

Foto: De Leeuwenstraat in de Zandstraatbuurt, Rotterdam, 1908. Foto: H. Berssenbrugge. Collectie: Gemeentearchief Rotterdam.

Mediawijsheid nodig voor plaatsing eigen foto’s op Facebook

eelinolsson

Op Belgische Facebook-pagina’s verschenen laatst foto’s van meisjes die ze zelf openbaar hadden gemaakt en anderen hadden doorgeplaatst met een beledigend bijschrift. Onder de titel ‘Antwerpse Hoeren‘, en allerlei lokale varianten stonden de meisjes te kijk. Ze schrokken zich rot, Facebook reageerde en sloot de pagina’s. Media schreeuwden moord en brand. ‘Zie je wel’, zeiden ze, ‘dat internet is een jungle waar brutalen de dienst uitmaken’. Zoals het gaat op dat nieuwe continent openden pagina’s zich weer. Zoals RIP Antwerpse Hoeren of Antwerpse fotomodellen. In een alleenspraak van eigenliefde waar spot en kritiek op spot hetzelfde worden.

Waarom besteden meisjes zoveel tijd aan het optutten en foto’s van zichzelf nemen, om ze vervolgens op Facebook te zetten? In soms uitdagende poses. Bedoeld voor vrienden, maar makkelijk kopieerbaar door wie dan ook. Dus elke kwaadwillende. Wat ontbreekt bij de meisjes is mediawijsheid. Het besef dat een eigen portretfoto misbruikt kan worden. Want een foto krijgt met een bijtend bijschrift of in een erotische omgeving een onbedoelde lading die de naam van de meisjes beschadigt. Kwestie van onderwijs. Niet van verbod.

De recente voorbeelden van de zelfmoord van Amanda Todd en de Instagram-rellen in Gothenburg leert dat er geen grens is aan het voorzien van foto’s van een nieuwe betekenis. En het navolgen van dat idee in een ander land. Pestkoppen die meisjes willen uitmaken voor sletten bestaan, en meisjes die zich daartegen wapenen ook. Maar als het de sport is om het randje op te zoeken, dan kan het gebeuren dat het ontspoort.

603283_230023623798484_239488855_n

Foto 1: Zweedse Instagram-foto van Elin Olsson

Foto 2: Waar gaat de wereld naartoe? Facebook – Antwerpse fotomodellen.