George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Marktdenken

Oudenampsen bespreekt boeken over neoliberalisme en geeft stof tot nadenken hoe de politiek macht over de economie kan krijgen

leave a comment »

Een interessante boekbespreking van socioloog Merijn Oudenampsen in NRC over het neoliberalisme en de invloed ervan op de samenleving. Overigens ontbreekt in de webversie zijn naam en is de titel ‘De maakbare markt’ van de papieren versie gewijzigd in ‘Waar komt toch dat hardnekkige geloof in de vrije markt vandaan?’. In april 2018 had ik per e-mail een uitwisseling van gedachten met Ombudsman NRC Sjoerd de Jong en wees ik hem erop dat de papieren versie niet meer op te roepen viel en vervangen was door de webversie, zoadat de archieffunctie van de krant verloren ging. Tot mijn genoegen zie ik dat dat gewijzigd is en dat online de optie ‘Oude digitale editie’ toegevoegd is waarmee men de papieren editie kan oproepen.

Oudenampsen bespreekt vier boeken over het neoliberalisme en kiest daarbij zijn woorden behoedzaam en zorgvuldig. Hij constateert dat het neoliberalisme diverser is dan vaak gedacht wordt, en meer is dan ‘het Amerikaans wildwestkapitalisme’. Tussen de regels door klinkt zijn politieke stellingname als hij constateert: ‘Het neveneffect van de depolitisering van economische vraagstukken is een sterke politisering van het culturele domein. Het paradoxale gevolg van de ontkoppeling van cultuur en economie is dat een cultureel nationalisme is opgekomen, dat zich eveneens keert tegen de internationale instituties van de markt.’ In de praktijk betekent dat kort door de bocht dat de sociaal-economie weggehaald is bij de politiek en vervangen is door sociaal-cultuur. Politieke partijen hebben geen zeggenschap meer over de eigendomsverhoudingen, inkomensverschillen en belastingheffing, en moeten zich tevreden stellen met debatten over identiteit, nationalisme of sociale cohesie van een volk. Deze ontkoppeling van cultuur en economie verklaart in welke fase van het politieke debat we verzeild zijn geraakt. Zijn slotnoot dat Trump en Brexit ertoe kunnen leiden dat de politiek opnieuw opgetuigd wordt klinkt merkwaardig omdat Trump en de Britse Tories niet tornen aan de depolitisering van de economie of de economisering van de politiek en zich bovenal cultureel uiten.

De vraag die dat weer oproept en waar Oudenampsen binnen het kader van zijn boekbespreking niet aan toekomt is of er een masterplan ten grondslag ligt aan die ontkoppeling van economie en cultuur. Het staat buiten kijf dat sinds het tijdperk Reagan-Thatcher de besluiten over de economie de politiek ontnomen zijn, maar het is onduidelijk of die ook bewust zijn vervangen door debatten over cultuur. Want de politiek moet ergens over gaan, en als dat niet de economie is dan blijft cultuur als surrogaat over om de leegte op te vangen en de politiek een idee van urgentie te geven. Een en ander verklaart trouwens ook waarom de sociaal-democratie geen missie meer kan hebben nadat de arbeiders cultureel geëmancipeerd waren.

Oudenampsen wijst op Oostenrijkse denkers als Ludwig von Mises en Friedrich Hayek: ‘Naar het evenbeeld van het verdwenen Oostenrijks-Hongaarse Rijk ontwierpen zij een visie van een federale organisatievorm, waar natiestaten de controle zouden houden over culturele aangelegenheden, maar de vrije markt en vrije kapitaalstromen door een federale instantie gewaarborgd zouden worden.’ Die federale instantie is in de praktijk het internationale bedrijfsleven van multinationals en financiële instellingen geworden. Door deregulering en privatisering ontstonden ‘enorme bedrijven, die zoveel marktmacht hadden dat ze de concurrentie grotendeels konden negeren of uitschakelen.’ Door hun marktmacht konden ze niet alleen de concurrentie uitschakelen, maar ook de politiek opkopen. In combinatie met de afgenomen macht van vakbonden en overheid vertaalt zich dat in stabiliserende lonen die niet stijgen bij een florerende economie omdat de ‘enorme bedrijven’ dat eenzijdig blokkeren. De ideeëngeschiedenis die Oudenampsen aan de hand van deze boekbespreking schetst en voor een breed publiek bereikbaar maakt biedt stof tot nader nadenken.

Foto: Schermafbeelding van de ‘oude digitale editie’ (achter betaalmuur) van het artikelDe maakbare markt’ van Merijn Oudenampsen in NRC Boeken, 14 september 2018.

Advertenties

Emphos Project besteedt uitgebreid aandacht aan de ‘business developer’ van het Cobra Museum

leave a comment »

Update 1 juli 2018: Of het met dit commentaar van 24 juni 2018 te maken heeft is onduidelijk, maar sinds de plaatsing ervan zijn zowel de 21 korte filmpjes met Bert Mennings op het YouTube-kanaal van Emphos Project als de verwijzing naar hem op de site van emphosproject.eu verwijderd. Waarom en door wie dat is gebeurd is gissen, maar toevallig is het wel. Als herinnering een schermafbeelding van een van de 21 filmpjes met Mennings die Emphos Project op YouTube plaatste voordat ze er na korte tijd weer van verwijderd werden. Deze filmpjes met Bert Mennings op blinksound.com en thexvid.com zijn eveneens niet meer op te roepen.

Bert Mennings is sinds 2012 werkzaam als ‘business developer’ bij het Cobra Museum, aldus opgave van de Amsterdamse Kunstraad. ‘Hij houdt zich daar bezig met nieuwe innovatieve concepten voor publiek private partnerships in de museumwereld’ zo heet het. Hij is tevens lid van de commissie Dans van de Kunstraad.

Het Emphos Project (Empowering Museum Professionals and Heritage Organizations Staff) plaatste op haar YouTube-kanaal de afgelopen weken 21 korte filmpjes met Mennings. Het nieuws is niet zozeer dat Mennings iets nieuws vertelt, maar wel dat het Emphos Project door zoveel aandacht aan zijn woorden te besteden partij lijkt te kiezen voor marketing, marktwerking, rendementsdenken en bezoekcijfers. Dat is een opvallende en volgens velen bedenkelijke richting die de Nederlandse museumsector niet in zou moeten slaan.

Het Cobra Museum in Amstelveen is in zwaar weer terechtgekomen. De vorig jaar aangetreden directeur Xander Karskens is alweer opgestapt. Oorzaak voor de onrust is onenigheid over de koers die het museum moet inslaan. Grofweg gezegd is dat de keuze tussen verbreding en verdieping, tussen tentoonstellingen als doel en als middel, tussen bezoekcijfers, marketing en populisme, en inhoud. En organisatorisch tussen een artistiek beleid dat dienend (business) of leidend (kunstgeschiedenis) is. Zie hier mijn commentaar over de gemeente die wil sturen, de kosten wil drukken en het lokale museum iets toedicht dat het niet in zich heeft.

Musea helpen zichzelf om zeep met marktdenken en marketing. Te beginnen in M-Museum Leuven: zintuigen prikkelen en ‘beleving’

leave a comment »

Het wordt akelig duidelijk uit deze reportage over M-Museum Leuven. Als de museumsector een dodelijke slag wordt toegediend, dan komt die uit de museumsector zelf. Daar is vijandige politiek die niets om kunst geeft niet eens meer voor nodig. Musea hebben voldoende vrijwilligers die zelf het vuile werk opknappen. Volgens de marketeers van het museum moeten de zintuigen geprikkeld worden en staat de beleving in het museum centraal. Met dat soort vrienden binnen de muren van het museum hebben musea geen vijanden meer nodig. Musea zijn mans genoeg om zichzelf om zeep te helpen. Lachend marcheren ze naar de afgrond in concurrentie met Bobbejaan Land of de Efteling. Gevangen in de dwang van de markt en de marketing.

Written by George Knight

5 mei 2018 at 21:42

Museumvereniging komt met advies verkoop werk van een levende kunstenaar uit museumcollecties. Het is opvallend defensief

leave a comment »

Het advies van de Ethische Codecommissie van de Museumvereniging van 10 augustus 2017 over het afstoten van werk van een levende kunstenaar uit een museumcollectie valt niet los te zien van de voorgeschiedenis in 2011 met de verkoop van The Schoolboys van Marlene Dumas door Museum Gouda. Dit blog besteedde er aandacht aan in commentaren en meent dat het opereren van toenmalig museumdirecteur Gerard de Kleijn tegenstrijdigheden bevatte. Hij had zich slecht voorbereid en weinig kennis van zaken, kwam met een ongeloofwaardig verhaal over de reden van de verkoop en bracht zijn museum onnodig in problemen. In de herfst van 2011 dreigde de Museumvereniging Museum Gouda uit het museumregister te gooien als het geen beterschap beloofde. Uiteindelijk kreeg De Kleijn een berisping op de ALV van 28 november 2011.

Deze geschiedenis kreeg zes jaar na dato in april 2017 een staartje toen kunstverzamelaaar Bert Kreuk in zijn boek Art Flipper vertelde dat hij The Schoolboys had willen kopen en daartoe via tussenpersoon Theo Schols De Kleijn 1 miljoen euro had geboden. Met Kreuks belofte dat hij het werk 10 jaar in bruikleen zou geven aan Museum Gouda, en eventueel zelfs langer. In 2011 ontkende De Kleijn in de publiciteit dat er zo’n aanbod lag, maar in 2017 kwam hij daar desgevraagd op terug in een artikel in Trouw. Hij zou niet op Kreuks aanbod zijn ingegaan omdat hij bang was een sufferd genoemd te worden. In een commentaar opperde ik het idee dat De Kleijn in Trouw nog steeds niet de echte verklaring voor zijn handelen in 2011 gaf: ‘Want het gaat ervan uit dat De Kleijn toen Kreuk hem benaderde nog zelf kon beslissen over verkoop en hij zich niet had gecommitteerd aan afspraken met veilinghuis Christie’s die het zelf wilde veilen.

Jouke Kleerebezem noemde de verkoop van The Schoolboys door De Kleijn buiten kunstenaar Marlene Dumas en galeriehouder Paul Andriesse om in een commentaar op zijn blog ‘opportunistisch rentmeesterschap’. Het is naar mijn idee nog schrijnender. In een reactie op Metropolis M relativeerde ik de kritiek dat marktdenken de kunstwereld in haar greep heeft: ‘Het is naar mijn idee niet het marktdenken dat de kunstwereld in de greep krijgt. Dat heeft nog een schoonheid in zichzelf. Al hangt die direct samen met geld. Het ligt anders. Het is geklungel dat delen van de Nederlandse kunstwereld kenmerkt. Zoals het voorbeeld van museumgoudA leert. Het is buitengewoon onhandig aangepakt. Da’s geen marktdenken, da’s de ambtenaar die cultureel ondernemer denkt te zijn.’ Marktdenken en commercieel handelen door museumdirecteuren is nog tot daar aan toe, maar onhandig handelen en uitverkoop van het tafelzilver voor een te lage prijs is onaanvaardbaar.

Het Advies van de Ethische Codecommissie van de Museumvereniging geeft instrumenten uit handen als het de CIMAM Principles, iii, 4 te streng vindt. Dit zegt dat afstoting van het werk van een levendige kunstenaar mag ‘om het te kunnen vervangen door een ‘superior work’ van dezelfde kunstenaar’. Het lijkt er sterk op dat de commissie de CIMAM Principles te eenzijdig opvat omdat er uitzonderingen op mogelijk zijn. De CIMAM Principles spreken elkaar namelijk op onderdelen tegen. Dat geeft handelingsruimte voor een museum. Zo kan een werk van een levendige kunstenaar ontzameld worden als er nieuwe verzameldoelen zijn geformuleerd

De Museumvereniging laat zich kennen als defensief en kopschuw als het meent dat het de CIMAM Principles afwijst omdat ze ‘het museum in te hoge mate afhankelijk maken van de goedkeuring van de kunstenaar.’ Dat is een teleurstellende stellingname. Was erover geen tussenpositie mogelijk die de kunstenaar enig recht van spreken zou geven? Hierdoor raakt ook de glijdende schaal van korting door galeristen aan musea uit zicht (naast schenking en  giften) als norm voor ontzameling. Precies die korting was de steen des aanstoots van Marlene Dumas en haar galerie bij de verkoop van The Schoolboys aan het toenmalige  Catharina Gasthuis. Het is een lacune in de regelgeving die zowel de LAMO als de CIMAM Principles onvoldoende opvullen.

Foto: NieuwsberichtAdvies verkoop van een werk van een levende kunstenaar uit museumcollecties’ van de Museumvereniging, 10 augustus 2017.

Lachen met VVD Den Bosch. Partij van neerwaartse emancipatie van kunst

with 2 comments

vvd

Bij de VVD Den Bosch zijn het lachebekjes. Op Jan Hoskam na. Hij lacht wat besmuikt. Zuinigjes. Hij doet z’n mond er niet voor open. Lach of ik schiet zegt de serie portretten. Maar daar komt nu verandering in. De VVD wil laten weten niet te beroerd te zijn. Vraag is of het rijmt met het cultuurbeleid. Dat niet door de PVV, maar door de VVD werd afgebroken. De VVD leerde het culturele veld een lesje nederigheid. Die wraak werd ijskoud opgediend. Met voormalig staatssecretaris van cultuur Halbe Zijlstra vergenoegd met de handen aan de hendel van de guillotine. Als de bad cop die zich het veld in laat sturen onder het uitroepen van de kreet dat hij geen verstand van kunst had. Nee, dat had hij niet. Daar plukt de hele kunstwereld nu nog steeds de wrange vruchten van. Met ontslagen, instellingen die moeten sluiten en een afnemend aanbod. Die VVD dus.

Ooit een partij voor de hogere burgerij die vanuit een tolerante neerbuigendheid de schijn hoog hield kunst een eerbare plek te gunnen, maar die houding intussen achter zich gelaten heeft. Door de neerwaartse emancipatie van de achterban die ook nog eens de economisering van de politiek opgelegd werd. Hoe rechtlijnig is dat? Profijtdenken wordt op de kunst toegepast, maar niet op subsidies voor het bedrijfsleven. Die VVD dus. Om zich een houding te geven vanwege de geestelijke leegheid is het maar gaan lachen. Niet de bevrijdende lach van de Marx Brothers, maar de verkrampte en in zichzelf gekeerde lach om het eigen ik.

De VVD Den Bosch roept nu het Noordbrabants Museum op om de hele nacht open te zijn vanwege de overweldigende toeloop bij de Jeroen Bosch tentoonstelling, aldus een bericht in het Brabants Dagblad. De kaarten zijn definitief uitverkocht. Een nachtopenstelling geeft volgens de partij ‘een extra bijzondere setting’. De VVD is de schaamte voorbij. Het doet eerst de kunst in de uitverkoop en laat het vol minachting in de steek. En als kunst vervolgens ondanks dit beleid en gebrek aan steun van deze VVD een succes wordt, dan wil het mooi weer spelen. De VVD is de onbeschaamdheid voorbij en ziet zelf niet in hoe lachwekkend het is.

Foto: Schermafbeelding van Mensen van de VVD Den Bosch.

Hoofd Klara wordt netmanager VRT. Waarom kan zoiets niet in Nederland?

leave a comment »

cp

Zomaar een bericht in het Vlaamse nieuws. Deze keer niet over islamitische terreur en bomaanslagen in Brussel, maar over cultuur. Chantal Pattyn is netmanager van het Vlaamse Klara en wordt hoofd cultuur van de Vlaamse publieke omroep VRT.  Na de inkrimping en het bewust om zeep helpen om interne omroeppolitieke redenen in 2006 van de Nederlandse Concertzender en de infantilisering van Radio 4 is Klara nog de enige nationale culturele zender van niveau in het Nederlandse taalgebied die het beluisteren waard is.

Het cliché is waar, Vlamingen vinden cultuur belangrijk. Dat heeft met hun emancipatiestrijd te maken en het besef dat taal en kunst ertoe doen. En de overeenstemming over partijen heen dat het de nationale identiteit versterkt. In Nederland doen VVD en PVV die eveneens zeggen nationale identiteit belangrijk te vinden het omgekeerde: ze breken bewust de publieke omroep en de kunsten af. Maar ook in Vlaanderen moeten kunst en cultuur voor de poorten van de hel worden weggesleept. Ook daar moet telkens weer de liefde voor kunst op de politiek bevochten worden. Niets komt vanzelf. De loyaliteit van de bestuurders in de cultuursector lijkt het verschil te maken. De Vlaamse cultuurminister Sven Gatz (‘kunst dient nergens toe’) haalde in 2014 met terugwerkende kracht dezelfde shockdoctrine van cultuurbezuinigingen als Halbe Zijlstra uit de liberale kast.

Kunst is kunst, maar ook een wapen waarmee de strijd tegen terreur die van buiten komt en onverschilligheid die van binnen komt gewonnen kan worden. Het is de strijd om de harten en geesten van de eigen bevolking die telt en een positieve impuls kan geven. Media kunnen daarin een opbouwende rol spelen. Niet omdat het educatief is of doelgroepen emancipeert, maar omdat het kunst als voorbeeld voorhoudt. Juist dat patroon is in Nederland uitzondering geworden. Onder het uitroepen van ‘zie ons eens aan kunst doen’ wordt kunst naar aparte reservaten verbannen of slachtoffer van popup en populariteitsdenken. Wat Nederland mist is die positieve, vanzelfsprekende grondhouding tegenover kunst en cultuur die in een samenleving tamelijk breed gedragen wordt. In elk geval in omroepkringen die een kunsthistoricus tot netmanager benoemen. Klasse. 

Foto: Schermafbeelding van bericht ‘Chantal Pattyn wordt manager Cultuur VRT’ in TVvisie, 21 maart 2016.

Pleidooi voor derde weg in EU tussen hard marktdenken en onverzoenlijke euroscepsis

with 7 comments

ga

Eurosceptische partijen aan de extreem-linkse en extreem-rechtse kant van het politieke spectrum die zich schrap zetten tegen de macht van Brussel baren kopzorgen. Ze snoepen stemmen weg en zijn niet gericht op constructie, maar op destructie. Zoals de Washington Post zegt wordt het ongenoegen bij links en rechts ook nog eens anders gevoed: ‘Far left political parties oppose what they see as the E.U.’s neoliberal, deregulatory ideology. Far right parties see the E.U. as a threat to distinctive national identities and state power.

De Washington Post vervolgt: ‘All across Europe, the extreme left and extreme right parties oppose European integration, while the vast majority of center-right and center-left parties embrace the E.U.’  Waar laat dat de Europeanen die extreem-links noch extreem-rechts zijn, centrum-rechts noch centrum-links? Waar laat dat mij als toevallig onafhankelijke, lid van de Piratenpartij met een anarchistisch links-liberale wereldvisie? Ik ben niet voor de EU met niet-democratische elementen zoals die nu opereert, maar voel evenmin iets voor het simplisme tegen de EU zoals dat wordt verwoord door onverzoenlijke Duitsland-haters en Putin-Versteher.

Tijd voor een nieuwe derde weg. Niet die doodlopende van Kok, Blair en Clinton uit de jaren ’90 die een valse dwarsstraat naar het marktdenken bleek te zijn, maar voor een alternatief tussen het extreem-linkse en extreem-rechtse denken van onwaarachtige mensen zoals Marine Le Pen, Nigel Farage en Vladimir Putin en het centrum-linkse en centrum-rechtse denken van Jeroen Dijsselbloem en Angela Merkel dat de consensus omarmt en niet fundamenteel een financieel-economische sector die zich aan de politieke controle onttrekt ter discussie stelt. Wat is de derde weg tussen ‘feitenvrije euroscepsis die de verzwakking van de EU als doel heeft’ en wegkijkend ‘pappen en nathouden’? Ik ben m’n plek in Europa kwijt als constructieve scepticus.

Foto: Schermafbeelding van tweet van The Greek Analyst, 5 augustus 2015.