George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Markt

Paul De Grauwe ziet evenwicht in relatie tussen markt en overheid

with one comment

De Vlaamse econoom Paul De Grauwe schetst de grenzen aan de markt. Zijn pleidooi voor evenwicht tussen markt en overheid zit zo logisch en sluitend in elkaar dat het een wonder is waarom het niet opgevolgd wordt. De Grauwe beweert dat een markt die alle vrijheid krijgt zichzelf kapot maakt. Markt en overheid zijn geen concurrenten van elkaar. Ze hebben elkaar nodig. Markt zonder regulerende overheid kan niet functioneren.

Welke consequentie heeft de opvatting van Paul De Grauwe voor de praktische partijpolitiek? Welke type partijen kan het best dat evenwicht tussen markt en overheid realiseren? Dat antwoord is nog niet eens zo makkelijk te geven. Echte ondernemerspartijen als VVD en CDA lijken af te vallen omdat ze te marktgericht zijn. De PvdA hoort daar tegenwoordig ook bij. Aan de andere kant lijken de SP en GroenLinks weer af te vallen omdat ze teveel staatsgericht te zijn. Is er in Nederland wel een partij die in theorie het pleidooi van De Grauwe nu al programmatisch zou kunnen uitvoren? Het lijkt er niet op. Hoe is het mogelijk dat dat niet kan?

Nieuwe methodieken en verdienmodellen voor PvdA’ers: de markt

leave a comment »

Laat de markt z’n gang gaan en wees daar niet te kritisch op’, zegt een deelnemer aan de ‘Masterclass nieuwe methodieken en verdienmodellen’ van de dienst Stadsontwikkeling van de gemeente Rotterdam. Externe expert en projectontwikkelaar Friso de Zeeuw inspireert de deelnemers ‘over de wijze waarop we onze rol opnieuw kunnen invullen’. Friso de Zeeuw is directeur Nieuwe Markten bij Bouwfonds Ontwikkeling en heeft namens de PvdA in het verleden talloze bestuursfuncties in het openbaar bestuur bezet.

Samen met een andere PvdA’er en oud-wethouder Jos Feijtel schreef De Zeeuw een opiniestuk voor de NRC. Beide PvdA-leden proberen de kritiek op de PvdA-leiding te ontkrachten. De partij zou lusteloos zijn. Ze verwijten de critici ‘hang naar dramatiek met de onweerstaanbare neiging om juist bij regeringsdeelname de hele wereld in één keer te willen hervormen’. Vooral Sander Terphuis nemen ze op de korrel.

De PvdA’ers schuiven Terpstra van alles in de schoenen. Hij zou vinden dat ‘nivellering de belangrijkste missie van de PvdA in dit kabinet is’. Maar Terpstra heeft het in z’n stuk ‘Het is code rood voor de PvdA’ waarnaar ze verwijzen over meer dat mis is in de huidige PvdA. Zoals een vertrouwenscrisis tussen partij en kiezer, het accent op de economie en het weggeven in de onderhandelingen met de VVD van principiële zaken van de PvdA. Kortom, over de uitverkoop van de sociaal-democratische beginselen dat verder gaat dan kritiek op nivellering en niet zozeer de hele wereld in één keer wil hervormen, maar juist het ouderwetse sociaal-democratisch gedachtegoed weer centraal wil zetten. Met behoud van de verzorgingsstaat.

De Zeeuw en Feijtel denken fundamenteel anders over de inrichting van de samenleving dan Terphuis. De Zeeuw wil de markt z’n gang laten gaan en Terpstra niet. Binnen een partij zijn er altijd rechtse en linkse vleugels die van mening verschillen. De Zeeuw en Feijtel verwoorden de visie van de PvdA-leiding die akelig dicht tegen de markt en de VVD aanschuift. Het kan zijn dat ze Terphuis en andere critici wereldvreemd en dramatisch vinden, maar het is leugenachtig van De Zeeuw en Feijtel om vervolgens die goedbedoelende critici van alles in de schoenen te schuiven en hun kern van kritiek bewust verkeerd voor te stellen.

Strijd over postzegels, Marianne, Inna en FEMEN

leave a comment »

fHR0csuoba

In Frankrijk won een postzegel dat de nieuwe feministes van FEMEN zou verbeelden de competitie voor een nieuwe Marianne. Zo licht ontwerper Olivier Ciappa toe. Elke president mag een eigen Marianne kiezen en kan zich met deze keuze profileren. Deze moederfiguur vertegenwoordigt de Franse republiek en is een tijdje het gezicht van Frankrijk. Onder meer Brigitte Bardot (1969), Mireille Mathieu (1978) en Catherine Deneuve (1985) gingen FEMEN-voorvrouw Inna Shevchenko voor. Zij inspireerde ontwerper Ciappa. De keuze voor iconen uit de populaire cultuur is begrijpelijk vanwege de veilige keuze. Elke Fransman moet zich erin kunnen vinden.

Omdat Marianne het symbool van de Republiek is ligt de keuze gevoelig. De kritiek barstte los. FEMEN vergrootte dat uit door critici te reduceren tot nationalisten, reactionairen, homohaters en ander fascistisch tuig. FEMEN ziet op haar website in de keuze voor het ontwerp van Ciappa een bevestiging van de eigen strijd. Die het verbindt met de Franse Revolutie en het streven naar gelijkheid. De keuze voor FEMEN is opvallend. Deze keer dus geen icoon uit de populaire cultuur, maar een uit Oekraïne afkomstige politieke activiste.

Zien we wat we zien? Of denken we te moeten zien wat het bijschrift zegt? Ciappa zegt zich te hebben laten inspireren door allerlei voorbeelden. Inna Shevchenko was daarvan wel de belangrijkste. In de postzegel zal niet voor iedereen het gezicht van de oprichtster van FEMEN terug te vinden zijn. Eerder doemt een poezelig meisje als hoofdpersoon uit een tienerstrip op. In de postzegel is zonder voorkennis geen directe verwijzing naar FEMEN of Inna Shevchenko te herkennen. Conclusie is dat in de discussie over de nieuwe Marianne de beeldenstrijd het verliest van de woordenstrijd. In een beeldcultuur beslist zoals vaak de onderliggende tekst.

6804104310_d13839c6b2_z

Foto 1: Franse postzegels met nieuwe Marianne. Ontwerp: Olivier Ciappa.

Foto 2: Activiste en oprichtster van FEMEN Inna Shevchenko (rechts).

Kunst, subsidie, markt, terugtredende overheid en voorzieningen

with 32 comments

izis-israelis-bidermanas-le-clown-grock-1295021745896493

Een deelnemer aan de discussie antwoordde op m’n stukje ‘Kwadratuur van de culturele cirkel: subsidie, markt en politiek‘ over Zweedse cultuurpolitiek met een pleidooi voor een terugtredende overheid en particuliere subsidiëring van de kunstsector. Omdat ik zijn reactie serieus neem en het een principieel verschil van mening aan de oppervlakte legt, reageer ik in een aparte posting. We zijn het meer eens dan het lijkt:

Onaardig om kritiek gezever te noemen. Mijn stukje was onderdeel van de zoektocht naar de afstemming tussen voorzieningen en de rol van de overheid. En hoe kunstenaars daar hun houding in moeten bepalen.

Overheden herverdelen geld dat door belastingen en heffingen opgebracht wordt. Ondersteuning gaat naar uiteenlopende sectoren: landbouw, industrie, banken, koningshuis, defensie, onderwijs, zorg, Bulgaren, sport, omroep, kunst en noem maar op. Omdat burgers sterk uiteenlopende gedachten over die verdeling hebben wordt dat in een uitruil van belangen en politieke programma’s beslist. Kunst heeft daar een plek in omdat het meer is dan franje, maar een overstijgend doel heeft. Da’s een ander aspect dat ik nu laat voor wat het is.

Het rijk besteedt zo’n 0,25% van de collectieve uitgaven aan kunst. In 2010 nog 0,4%. Kritiek klinkt over het voorzieningenniveau. Er zouden teveel opleidingen, kunstenaars en instellingen zijn. Toch besteden andere West-Europese landen procentueel meer aan kunst. Is dan het ‘probleem‘ van de Nederlandse kunstsector die te veel leunt op overheidssubsidie dat het relatief verstandig en zuinig omgaat met de middelen? Veel waar voor weinig geld biedt? Onderbetaling in de sector is daar een aanwijzing van. Beeldende kunstenaars die tentoonstellen vangen vaak niet eens een fee. Geld wordt wellicht verspild aan onnodige projecten, maar niemand wordt er rijk van. Da’s in andere sectoren zoals onderwijs, zorg of woningcorporaties wel anders.

Kunsten zijn divers. Concerten van populaire muziek of films kunnen zich bedruipen vanwege de sterke verwevenheid met de commercie en de volksgunst. Kamermuziek, ballet of experimentele beeldende kunst kunnen dat niet. Toch wordt het eerste ook gevoed door overheidssteun. Zo ontstaat een ‘cultureel’ klimaat en infrastructuur als voorwaarde voor functioneren, en kruisbestuiving en overloop tussen disciplines. Ook een filmacteur is immers opgeleid aan een academie of een musicus in het orkest van André Rieu aan het conservatorium. Daarom pleitte de Raad voor Cultuur in haar advies over de basisinfrastructuur voor behoud van talentontwikkeling. Dat deed het trouwens zo halfhartig omdat het bovenmatig sneed in experiment en talentontwikkeling als groei voor de toekomst, dat het de morele steun van het culturele veld verloor.

25-04-1992-inner-landscape

Er valt veel te zeggen voor een kleine, compacte overheid zoals Singapore die kent. Dat lijkt beter dan het hybride Nederlandse systeem. Want alle sinds Balkenende II opeenvolgende regeringen pleitten met hun mond voor een terugtredende overheid, maar deden vervolgens het omgekeerde. Da’s van een verregaande misleiding. Concreet gaat de miljardensteun voor de ING, SNS, ABN ten koste van het onderwijs of de kunst.

Ook ik ben voor een terugtredende overheid. Nederland kiest daar niet consequent voor, het blijft hangen in voornemens en beeldvorming. De bezuinigingen die premier Rutte in de mond neemt zijn lastenverzwaringen waarmee het volume van de rijksbegroting eerder toe- dan afneemt. De recente kabinetten van VVD met CDA of PvdA sneden het hardst in kwetsbare en slecht georganiseerde sectoren zoals de kunsten. Dat eenzijdig en selectief snijden wordt als onevenwichtig en onterecht ervaren. Ook omdat flankerend overheidsbeleid voor culturele instellingen richting markt zo goed als ontbreekt. Kortom, het slechtste van 2 werelden.

De kunstsector kan best een stapje terug in voorzieningenniveau. Nederland kan toe met minder orkesten. Of met 15% minder musea, zodat de musea die overblijven beter bediend kunnen worden. Maar hier rijden de lokale en regionale politiek de landelijke politiek in de wielen. Cultuurwethouders en gedeputeerden cultuur willen in hun rijkjes gloriëren, vaak om futiele redenen zoals een Culturele Hoofdstad of een bezoek van het staatshoofd.  Niet altijd staat in de besluitvorming kwaliteit voorop, maar wordt cultuurpolitiek ondergeschikt aan partijpolitieke, electorale of regionale belangen. Het idee dat de markt en particuliere subsidiëring de kunstsector kunnen schragen is aantoonbaar onjuist. Het leidt tot verschraling die ons op termijn opbreekt.

Foto 1: De clown Grock, jaren 1930-40. Credits:Izis Bidermanas

Foto 2: Han Bierman, Inner Landscape. 1992.

Kwadratuur van de culturele cirkel: subsidie, markt en politiek

with 4 comments

Sg33big

De aan Timbro verbonden Zweedse musicus, cultureel ondernemer en analist Lars Anders Johansson steunt theatermaakster Catta Neuding in haar streven om financiering te vinden buiten overheidssubsidie om. Neuding zegt tegen The Local dat ze zich met deze uitspraak niet populair heeft gemaakt bij haar collega’s in de cultuur. Uiteindelijk wil ze met haar theater kunnen draaien op de verkoop van kaartjes. Politiek op het toneel wijst ze af, maar met haar werkwijze heeft ze een politiek doel: de acceptatie van een met particulier geld gefinancierd theater. Vergeleken met Nederland is de greep van de staat op de samenleving veel groter.

Neuding wijst erop dat de Zweden niet de gewoonte hebben om aan de kunst te doneren. Terwijl in de VS er ‘bijna een sociale verwachting is dat men bijdraagt ​​aan de maatschappij, met inbegrip van de kunsten’. Die steun door burgers spiegelden de regeringen Rutte I en II voor als deel van de oplossing voor de kortingen op het kunstbudget. Onterecht omdat evenmin als Zweden Nederlanders die sociale verwachting voelen. Waarbij komt dat de fiscale voordelen van de VS om door schenkingen bij te dragen aan de samenleving, inclusief de kunsten in Nederland ontbreken. Zodat ons land een hybride systeem heeft met het slechtste van 2 werelden.

Johansson en Neuding maken deel uit van wat ze zelf schertsend ‘Rode Wijn Rechts’ noemen. Als reactie op ‘Rode Wijn Links’ waaronder een linkse stedelijke creatieve klasse zich schaart en dat met haar standpunten de culturele sector domineert. Zeg maar, een ‘Linkse Kerk’. Het in aantal en invloed kleine ‘Rode Wijn Rechts’ wil de vanzelfsprekendheden over cultuur en subsidie ter discussie stellen. Links produceert gepolitiseerde cultuur en rechts wil daar niet meer van hetzelfde tegenover zetten. Hoe cultuur kan bestaan die de status quo niet politiek bevraagt maar tegelijk a-politiek kan zijn is de vraag die Johannson en Neuding bezighoudt.

Interessant is de constatering van Johansson dat overheidssubsidies twee problemen met zich meebrengen. Het speelt in op mensen of organisaties in het culturele veld die beter zijn in het omgaan met subsidies dan in de uitoefening van hun creatieve beroep. Het voorbeeld van de Brabantse bkkc dat het eigen belang steeds meer ophangt aan het bemiddelen over subsidies schiet hierbij als voorbeeld in gedachten. Verder wordt de Zweedse situatie bepaald door politieke voorbehouden die op zichzelf goede doelstellingen zijn, maar ermee eindigen dat de staat de variatie in wat gezegd kan worden inperkt. Zodat consensus tot censuur verwordt.

Valt er uit het Zweedse voorbeeld iets te leren? Voorop staat dat de greep van de Nederlandse overheid op de kunstsector minder fors is. Waarmee niet gezegd is dat de Nederlandse overheid via haar subsidiebeleid niet de inhoud van de kunsten bepaalt. Juist als overheden door krimp taken afstoten moeten er politieke keuzes worden gemaakt. Weliswaar gedempt doordat er adviesorganen zoals de Raad voor Cultuur tussengeschoven zijn, maar subtiel volgt het geld het overheidsbeleid. Het geprezen bedrijfsmodel voor culturele instellingen om telkens 1/3 uit subsidie, markt en eigen inkomsten te halen wordt een valkuil voor talentontwikkeling, experiment, instellingen die op het grensvlak van disciplines opereren en uitingen die tegen de politieke en culturele consensus ingaan. Kunst is te divers om in een model te stoppen. En stop dat maar ‘ns in een model.

Foto: De Zweedse toneelschrijver August Strindberg (1849-1912), Zelfportret. Gersau, 1886.

FEMEN roept weerstand op in religieuze en links-radicale hoek

with 13 comments

739200B1-C969-4F01-8C3D-C3148D26369A_w640_r1_s

FEMEN is de van oorsprong Oekraïense groep activistische vrouwen die het vrouwenlichaam inzet om te protesteren. Onder het motto: ‘Onze God is vrouw, onze missie is protest, onze wapens zijn blote borsten‘. Het begon als protest van oprichtster Inna Shevchenko tegen de Russisch-Orthodoxe kerk. Zo zaagde ze in augustus 2012 in Kiev topless een kruisbeeld door. In protest tegen de veroordeling van de leden van Pussy Riot. Ze moest naar Parijs vluchten waar FEMEN sinds september 2012 gevestigd is. FEMEN opereert in steeds meer landen en uit zich over steeds meer onderwerpen. Met burgerrechten als gemeenschappelijke noemer.

FEMEN heeft een bij-de-tijdse marketing ontwikkeld met een FEMEN-shop. De toko in Parijs moet draaien. FEMEN is idealistisch, maar hoeft niet geïdealiseerd te worden. Maar elke NGO mag eigen middelen en focus kiezen om effectief te zijn. Mits het binnen de wet blijft. Om zich niet te isoleren dient FEMEN aan de veilige kant van de pornografie te blijven. Seks verkoopt, maar met mate. In die hoek worden vrouwen nu eenmaal geplaatst. Bij elke actie moeten de actievoerders van FEMEN de afweging maken of het provocatief genoeg is om het nieuws te halen, maar niet te uitdagend om onaanvaardbaar te worden voor een breed publiek.

Er bestaat weerstand tegen FEMEN. Vooral uit religieuze en links-radicale hoek. De natuurlijke vijanden van een open samenleving die uit de liberale democratie volgt en FEMEN voorstaat. Zo plaatst KRAPUUL een stuk dat ageert tegen Elma Drayer en tegelijk FEMEN de mantel uitveegt. Het doet FEMEN en Drayer tekort als het suggereert dat FEMEN hoofdzakelijk ageert tegen de islam en Drayer die attitude overneemt. Dat doen FEMEN en Drayer niet. De schrijver hangt aan dat anti-islamisme zijn betoog op dat in de lucht komt te hangen. Een symbolisch Russisch-Orthodoxe crucifix reduceert hij tot een monument voor concentratiekampslachtoffers. Columniste Elma Drayer nam het deze week in Trouw op voor FEMEN en verbaasde zich over de gebrekkige belangstelling in de Nederlandse media. Ze mist trouwens dit blog dat herhaaldelijk over FEMEN bericht.

Drayer citeert Evie Embrechts in wat ze als voorbeeld van ‘zuurlinksigheid’ ziet: ‘Er is niets feministisch aan dit soort neprebellie en Femen is een afschuwelijk voorbeeld van racisme en neokolonialisme‘. Embrechts stelt in haar betoog islamkritiek gelijk aan moslimhaat, wat een slot op elk debat gooit. Verder heeft ze zich slecht geinformeerd en zit haar mening de feiten in de weg. Evie Embrechts geeft toe dat ze haar stuk schrijft om frustraties en onbegrip van haar af te schrijven. Het is haar in mijn ogen niet gelukt om een afgewogen beeld van FEMEN te geven. Terwijl de vraag hoe marketing, media, pornografie, protest, vrouwenrechten, religie en levensovertuiging samengaan tot interessante conclusies kan leiden die iets zeggen over onze tijdgeest. Juist omdat de activisten van FEMEN iets nieuws proberen. FEMEN maakt meer los dan sommigen aankunnen.

13452852031881

Foto 1: ‘A Femen activist uses a chainsaw to cut down an Orthodox cross in Kyiv on August 17‘ [2012]. Credits: Reuters.

Foto 2: Op 18 augustus 2012 wordt door de overheid een nieuw kruis opgericht. Ofwel: geënt

FEMEN verstevigt hip en dwars image door strakke marketing

with 2 comments

Het Fuck You, Oligarchs dateert van een vorige fase. Het sluit niet aan bij een westers publiek. Het collectief FEMEN laat zich in de vorm steeds extremer, en politiek listiger gelden. Blote vrouwenborsten volstaan niet meer om voldoende aandacht te trekken. Met de aloude sandwichformule dat vrouwelijk schoon verkoopt. Of dat nou auto’s op de autobeurs zijn of politieke standpunten die tegen de consensus ingaan. En mooi meegenomen, zijdelings ook het fatsoen van de zogenaamde kleinburger ridiculiseren. Da’s fijn scoren voor montere vrouwen. De plaatjes laten aan duidelijkheid steeds minder te wensen over. Iconisch en politiek. Maar waar ligt de grens? Want om zichzelf niet te isoleren van het publieke debat moet FEMEN aan de veilige kant van de pornografie blijven. Seks verkoopt, maar toont geen inwendigheid als het uiterlijk eenmaal getoond is.

femen

FEMEN is idealistisch, maar hoeft niet geïdealiseerd te worden. De van origine Oekraïense organisatie (let op de blauwe en gele steunkleur) maakt sinds herfst 2012 toen het onvrijwillig neerstreek in Parijs de slag naar de markt. Politiek en commercieel. De organisatie moet draaien en heeft daarom een toko, de FEMEN Shop. Breed georiënteerd, zo is er een T-Shirt ‘Fun Netherlands‘ voor 20,26€ te koop. FEMEN weet in de politieke en commerciële marketing een strakke lijn aan te houden. De producten zijn vrouwenrechten en onrecht, het middel publiciteit door naakt vrouwenprotest en het doel verbetering van burgerrechten. Uitdagend is FEMEN zichtbaar op sociale media als FacebookGoogle+, VKontakteVimeo en Twitter. De vrouwen bewegen tegen.

re-1354099351-HOLLAND-FW

Foto 1: Schermafbeelding wisselende ‘header’ van website FEMEN.

Foto 2: Schermafbeelding van T-Shirt ‘Fun Holland’ in FEMEN Shop.