Godsdiensten zijn minder uniek dan christelijke randdebielen en bollebozen suggereren. Het rechtvaardigt geen uitzondering voor kerkdiensten

The second drama premiere of the 63rd Dubrovnik Summer Festival, Euripides’ ancient Greek tragedy Medea directed by Tomaž Pandur and realized in | ‘Medea’s demonic aria’ on Fort Lovrjenac till 7th August | Just Dubrovnik

Het is duidelijk: de randdebielen zijn onder ons. Ze zijn van orthodox-religieuze, protestante signatuur en wonen in steden als Urk of Krimpen a/d IJssel. Ze kunnen wellicht alles van de bijbel weten en gezag hebben in eigen kring, maar hebben geen historisch besef en politiek benul. Maar ze staan niet alleen. Ze krijgen rugdekking van christelijke bollebozen.

Hoe wereldvreemd is het niet om te zeggen dat de SS vriendelijker handelde in de oorlog dan journalisten die verslag doen van de kerkgang? Terwijl heel Nederland op slot zit. Dit is rugwind voor religiecritici die kritisch zijn op religieuze instellingen en tragisch voor de meerderheid van goedwillende gelovigen die zich voorbeeldig gedragen en zien hoe deze protestante hardliners alle godsdiensten in een kwaad daglicht zetten. Deze christelijke randdebielen hebben in 48 uur meer schade aan het christendom aangericht dan vrijzinnigen en religiecritici in 48 jaar.

Zoals bij islamitisch geweld de ‘gewone’ moslims door voornamelijk rechtse segmenten van de samenleving daar op aangesproken worden (zelfs als zij of hun ouders niet eens moslim zijn maar een islamitisch land als land van herkomst hebben) zo zouden nu de ‘gewone’ christenen ter verantwoording moeten worden geroepen voor de daden en woorden van deze orthodoxe christenen.

Het is een geluk bij een ongeluk dat het orthodoxe christendom zich uitspreekt en haar ware aard toont. Want daarover bestaat onduidelijkheid. Veel Nederlanders in de grote steden denken dat deze orthodoxe christenen redelijk en niet veel anders zijn. Dat kun je vermoeden van gelovigen waarmee je nooit in aanraking komt. Dat is het misverstand. De basis voor die zelfgekozen segregatie van de orthodoxe christenen is de angst om het eigen karakter te verliezen. Daarom houden ze krampachtig aan elkaar vast en gijzelen ze in zekere zin elkaar. Op hun beurt hebben ze weer een verkeerd beeld van andersdenkenden. Dat leidt tot radicalisering in eigen kring. Dat is bij orthodoxe gelovigen van andere godsdiensten niet anders.

Het AD maakt in een artikel met als aanleiding de actualiteit van schoppende kerkgangers een rondgang langs docenten en hoogleraren theologie/ godsdienstwetenschappen waarvan er vermoedelijk in Nederland honderden zijn. Afwijkende geloofsrichtingen, gemeenschappen, stromingen en godsdiensten leiden tot afwijkende meningen over wat geloof is. Daarmee worden ook de valse tegenstellingen geïntroduceerd om het geloof te verdedigen. De bollebozen nemen het ‘genuanceerd’ op voor de randdebielen. Zo suggereren ze in hun wijsheid.

Schermafbeelding uit artikel ‘Volle kerken leiden tot onbegrip: ‘Kerkdienst is echt iets anders dan een festival’’, AD, 30 maart 2021.

Hoogleraar praktische theologie Hans Schaeffer zegt in de hierboven geplaatste schermafbeelding uit dat artikel in het AD dat ‘een kerkdienst is daarmee echt iets anders dan een voetbalwedstrijd of een festival. Eeuwenlang was het christendom in Nederland het dominante verhaal en het besef dat religie wat hogers is, vanzelfsprekend. Sinds de verlichting wordt het geloof steeds meer achter de voordeur teruggedrongen.

Dat is een valse tegenstelling. Natuurlijk is een kerkdienst iets anders dan een voetbalwedstrijd of een festival. Maar daarmee is niet gezegd dat het waardevoller is en de vrijheid van godsdienst een grondrecht is dat meer bescherming moet krijgen dan andere grondrechten. Dat suggereert Schaeffer hiermee. Het feit dat eeuwenlang een situatie heeft bestaan wil niet zeggen dat dat een juiste situatie was. De geschiedenis kent genoeg wantoestanden als kinderarbeid, slavernij of feodale verhoudingen die eeuwenlang hebben bestaan en in hun tijd vanzelfsprekend waren, maar waarvan het toch beter is dat ze niet meer bestaan.

Godsdienst is historisch ook zo’n relict uit vroeger tijden. Het christendom is een sekte van twee millennia oud. De leeftijd van het christendom is dus eerder een argument tegen voor de legitimiteit en het bestaan ervan. De ondergeschikte positie van vrouwen binnen godsdiensten is een teken van die achterhaaldheid.

Schaeffer is selectief door een kerkdienst te vergelijken met een voetbalwedstrijd of festival. Hij kan het ook vergelijken met een tentoonstelling in een openbaar museum van het werk van Mark Rothko (zoals de Rothko Chapel in Houston) of een Griekse tragedie van de grote drie tragedieschrijvers Aechylus, Sophocles en Euripides. Vooral van de eerste is duidelijk dat hij in vorm en inhoud uit dezelfde bron put van de rituelen en een mensbeeld met noodlot, zondeval en Goden als de ons nu bekende godsdiensten. Er zijn meer voorbeelden uit de kunsten, van Bach tot Marc Mulders die tegenspreken dat kerkdiensten principieel anders zijn. Dat zijn ze niet. Kunst raakt in presentaties ervan ook het diepste wensen van de mens. Daarin is religie niet uniek.

The Oresteia of Aeschylus – Leader of the Chorus

Kerkdiensten zijn op dit moment in Nederland slechts op één aspect anders. Ze genieten voorrechten die vergelijkbare theatervoorstellingen en museumprestaties niet genieten omdat ze op last van de rijksoverheid zijn stilgelegd. Dat bergt een onverklaarbare ongelijkheid in zich.

Schaeffer constateert terecht dat het geloof sinds de verlichting steeds meer achter de voordeur is teruggedrongen. Dat is er een gevolg van dat de meerderheid van de Nederlanders verklaart zich niet door een godsdienst te laten inspireren en het christendom haar dominante grip op de samenleving is kwijtgeraakt. Binnen het secularisme heeft het christendom nu dezelfde positie als andere geloven en levensovertuigingen. Ermee is het recht van de christenen niet verdwenen om zich te verenigen in kerken, maar alleen hun traditionele voorrecht waar Schaeffer nostalgisch naar terug lijkt te verlangen. De episode van de kerkdiensten tijdens de pandemie verduidelijkt dat zelfs dit voorrecht van het christelijke geloof niet definitief is verdwenen. Dat is het naijl-effect van christenen die zich in de politiek hebben verschanst en met een beroep op de voortreffelijkheid en bijzonderheid van hun geloof dat aloude voorrecht als natuurlijk opeisen.

Patrick van der Vorst ziet in religieuze organisaties een belangrijke rol weggelegd voor kunst. Maar hoe de kunstenaars te bereiken?

Kerknet.be plaatst in een kort stukje drie citaten van de Belgische tv-antiquair en toekomstig priester Patrick van der Vorst. Ze komen uit een interview met hem in het magazine ‘Oh God!. Twee ervan gaan over kunst:

1: ‘In de toekomst wordt kunst volgens mij een van de belangrijkste tools om het geloof weer naar de mensen te brengen.’

2: ‘De Kerk vond dat hedendaagse kunstenaars te veel met hun eigen ego en gevoelens bezig zijn en te weinig met de gemeenschap. Aan de andere kant groeide bij kunstenaars de overtuiging dat de Kerk niet geïnteresseerd is in nieuwe vormen van expressie. Wel, dat is aan het kantelen.

Het is de vraag waar Van der Vorst zich op baseert. Hij wil intreden als priester en daarom is het begrijpelijk dat hij zijn oude (kunst) en nieuwe (godsdienst) liefde probeert te combineren. Of het klopt wat hij zegt valt niet te controleren, maar het is interessant dat hij een verbinding tussen kunst en godsdienst wil leggen. Hij schat voor de nabije toekomst in dat die verbinding mogelijk is. Hoe strikt hij dat opvat valt te bezien.

Van der Vorst zou wel eens gelijk kunnen hebben. Er is vooral voor kerken veel te winnen. Wie in Nederland een protestante of katholieke kerk binnenloopt wordt doorgaans onaangenaam verrast door het lage niveau van de hedendaagse kunst. Op presentaties, in een winkel of door de kerk verspreid. Hier zijn goedwillenden aan het werk die niet kunnen tippen aan het niveau dat in musea wordt getoond. Men kan het alleen maar betreuren dat dat zo is gelopen. Het is opmerkelijk om het verschil in kwaliteit te zien tussen oude en hedendaagse kunst in (oude) kerken. Er is als het ware sprake van een schisma. De hedendaagse kunst is losgescheurd van de godsdienst. Hoe dat uitpakte toonde het teleurstellende niveau van de ‘moderne refo-kunst’ op de interessante tentoonstelling Bij ons in de Biblebelt in Museum Catharijneconvent in 2019.

Tegelijk gaat Van der Vorst voorbij aan het hoge niveau van hedendaagse kunstenaars als Marc Mulders die al jaren de verbinding tussen kunst en religie leggen. Een ander voorbeeld is de Belgische keramist Johan Tahon.

Zij zijn de uitzonderingen. Er zijn wel ‘spirituele’ kunstenaars, zoals Mark Rothko die zich laten inspireren door het geestelijke zonder direct verbinding te hebben met een religieuze organisatie. Vraag is of een scherpe afbakening van christelijke en niet-christelijke kunstenaars de kerken helpt. Tekenend is de strijd die soms in kerken ontstaat die een culturele bestemming hebben gekregen, maar die nog alle uiterlijkheden van een kerkgebouw vertonen. Een opdracht voor een glas-in-lood-venster kan zo een strijdpunt worden tussen orthodoxe gelovigen en seculiere beheerders zoals in de Rotterdamse Laurenskerk in 2000 gebeurde.

Het is te wensen dat het niveau van de hedendaagse kunst in kerken wordt verhoogd. Elk initiatief dat daar aan bijdraagt is welkom. Het valt te betwijfelen of een prijsvraag voor katholieke kunstenaars over ‘katholieke schilderkunst’ volgens de richtlijnen van paus Johannes Paulus II van een Brabantse galerie het juiste middel is. Dit lijkt niet te wijzen op een gedachtengoed dat geïnteresseerd is in nieuwe vormen van expressie, maar eerder op een gedachtengoed dat zich in zichzelf verschanst en apart zet. Dat legt geen verbinding. Om hedendaagse kunstenaars te interesseren moeten de kerken beseffen dat ze zich open moeten stellen en zonder koudwatervrees vertrouwen moeten hebben in de integriteit en het vakmanschap van kunstenaars.

Foto 1: ArtikelPatrick van der Vorst in magazine ‘Oh God!’ — 3 rake quotes’ op kerknet.be, 26 juli 2020.

Foto 2: Schermafbeelding van deel artikelGalerie Aarle-Rixtel stelt prijs in voor katholieke kunstenaars’ in het KN, 11 juni 2020.

Opnieuw de verderfelijke wereld van Arto Imago. Concurrentievervalsing

tl

Een unieke kans om een topschilderij op de kop te tikken! Kunstuitleen Arto Imago is haar collectie namelijk weer flink aan het updaten. Ruim 475 werken gaan dit keer onder de digitale veilinghamer, waaronder werken van Armando, Roger Raveel, Ad Verstijnen, Jan Cremer maar ook van schilders uit de alom bekende Tilburgse school: Marc Mulders, Paul van Dongen en Reinoud van Vught, aldus een aankondiging van Arto Imago.

Acryl op doek uit 1991 van Toon Laurense uit het depot van Kunstuitleen Arto Imago. Te koop via de internetveiling van het Notarishuis Arnhem die loopt tot 27 mei. Hoogste bod tot nu toe 40 euro. Afgelopen weekend was ik in Galerie Jan van Hoof in Den Bosch met grote doeken van Toon Laurense. Meer omfloerst en minder pasteus dan voorheen. De nieuwe werken deden me aan Roland Schimmel denken. Internetveilingen uit door gemeentelijke instellingen afgestoten en door particulieren opgekochte openbare collecties werken concurrentievervalsend. Voor galerie en kunstenaar. ‘Het werk heeft een galerie waarde van tweeduizend euro. Het betreft hier dus een koopje’ zegt zo’n internetveiling. Maar dus een koopje op kosten van een ander.

In de informatie van het Notarishuis wordt deze keer niet de herkomst vermeld, maar uit de informatie van Arto Imago valt af te leiden dat het om werk van de Kunstuitleen Tilburg gaat. Deze voormalige gemeentelijke collectie werd in 2010 als bezuinigingsmaatregel door de gemeente Tilburg afgestoten en overgenomen door Arto Imago. De cultuurwethouder Marjo Frenk zei over deze voortzetting: ‘Met deze overeenkomst zorgen we ervoor dat de gemeentelijke kunstcollectie behouden en toegankelijk blijft voor de kunstliefhebbers van de stad’. De overeenkomst heeft een looptijd van 5 jaar, zodat de Tilburgse raad binnenkort een evaluatie wacht.

De Tilburgse kunstenaar Marc Mulders reageerde bij ’n eerdere veiling in 2012 afwijzend op de internetveiling door te spreken over ‘de verderfelijke wereld van Arto Imago’Hij had werk verkocht aan de Kunstuitleen Tilburg om de Tilburgers ervan te laten genieten, niet om het door de gemeente te laten veilen, zo voegde hij toe. Kunstenaar en moderator van Trendbeheer Jeroen Bosch merkte toen op: ‘Nu alles op de schroothoop ligt krijgt waarde een andere kleur – maar welke precies.’ Dat wordt steeds duidelijker: de kleur van geld.

Ger van Elk’s ‘western style masters – Gem. techniek/ Papier – 81×102 cm’ heeft tot nu toe een hoogste bod van 20 euro. Sla uw slag ten koste van kunstenaars en galeries. Mede dankzij de gemeente Tilburg die ooit haar stadscollectie van de hand deed. Blijft door verkoop de gemeentelijke kunstcollectie behouden, Tilburg?

ger

Foto 1: Schermafbeelding van Toon Laurense – zonder titel 3 1991 – acryl/doek – 82 x 75. Internetveiling bij het Notarishuis Arnhem.

Foto 2: Ger van Elk – western style masters – Gem. techniek/ Papier – 81×102 cm

Zie hier de catalogus van de internetveiling van werken van Arto Imago door Notarishuis Arnhem.

Opnieuw: Arto Imago veilt 475 werken van Kunstuitleen Tilburg

Papegaai

Kunstuitleen Arto Imago met vestigingen in Uden en Tilburg veilt weer ‘modern’ werk. Deze keer gaan bij het Notarishuis Arnhem 475 objecten onder de hamer. Schilderijen, aquarellen en heel veel grafiek. Er kan online geboden worden. Kijkdagen in Tilburg (naast Textielmuseum) op 19 en 20 mei en in Arnhem op 25 en 26 mei.

In de informatie van het Notarishuis wordt deze keer niet de herkomst vermeld, maar uit de informatie van Arto Imago valt af te leiden dat het om werk van de Kunstuitleen Tilburg gaat. Deze voormalige gemeentelijke collectie werd in 2010 als bezuinigingsmaatregel door de gemeente Tilburg afgestoten en overgenomen door Arto Imago. De cultuurwethouder Marjo Frenk zei over deze voortzetting: ‘Met deze overeenkomst zorgen we ervoor dat de gemeentelijke kunstcollectie behouden en toegankelijk blijft voor de kunstliefhebbers van de stad’. De overeenkomst heeft een looptijd van 5 jaar, zodat de Tilburgse raad binnenkort een evaluatie wacht.

In maart 2012 veilden de eigenaren van Arto Imago Catherine Megens en Cessy Paardekooper 537 werken van de Kunstuitleen Tilburg, in mei 2012 zo’n 150 werken en in oktober 2012 407 werken. Zodat nu ruim 1500 werken van de Kunstuitleen Tilburg op de markt zijn gebracht. Het valt moeilijk in te zien hoe door verkoop de gemeentelijke kunstcollectie behouden en toegankelijk kan blijven als de opschoning zo fors uitpakt.

In hoeverre zo’n veiling marktverstorend werkt voor kunstenaars die via een galerie of op eigen initiatief hun werk op de markt brengen is de vraag. Trendbeheer sprak in oktober 2012 over de Dolle Dwaze Dagen bij Notarishuis Arnhem onder verwijzing naar de voorwaarden: ‘De circa 400 werken zullen voor slechts 10% van de verkoopprijs worden ingezet!‘. De Tilburgse kunstenaar Marc Mulders reageerde afwijzend op de veiling door te spreken over ‘de verderfelijke wereld van Arto Imago’. Hij had werk verkocht aan de Kunstuitleen Tilburg om de Tilburgers ervan te laten genieten, niet om het door de gemeente te laten veilen, zo voegde hij toe. Kunstenaar en moderator van Trendbeheer Jeroen Bosch merkte op: ‘Nu alles op de schroothoop ligt krijgt waarde een andere kleur – maar welke precies.’ Dat wordt steeds duidelijker: de kleur van geld.

Foto: Schermafbeelding van Marc Mulders, papegaaitulpen, olieverf op doek. Startprijs 150 euro. Uit de Collectie van de Kunstuitleen Tilburg dat ‘beheerd’ wordt door Arto Imago en dit werk veilt bij Notarishuis Arnhem. (In oktober 2012 was er sprake van dat ook een doek met de titel ‘Papegaaitulpen’ van Marc Mulders werd geveild; voor 4000, mogelijk een typefout).

Arto Imago houdt weer internetveiling: tik topschilderij op de kop

Kunstuitleen Arto Imago (Uden en Tilburg) biedt weer kunst per internet aan. Een veiling in maart 2012 riep vragen over afstoten van openbaar kunstbezit op. Nu worden 407 werken geveild. Opnieuw door het Notarishuis Arnhem. Ze komen onder de digitale hamer, zo zegt het. Bieden kan tot maandag 22 oktober. Arto Imago noemt het goed nieuws voor liefhebbers van Nederlandse schilderkunst, want ‘binnenkort krijgen zij weer een unieke kans om een topschilderij op de kop te tikken!‘. Echt? ‘Voor een zeer aantrekkelijke prijs‘. Of het ook goed nieuws is voor kunstenaars is de terugkerende vraag. Hun markt kan worden verstoord.

Wat voor richtlijn volgt een particuliere organisatie als Arto Imago die los van de gemeente Tilburg staat? Wie controleert dat? De veilinginformatie geeft daarover geen duidelijkheid. De kunstveiling is een gevolg van de marktwerking. Het gaat niet om het normale ontzamelen dat gebeurt vanwege fysieke (depot is vol) of kwalitatieve (mindere werken wegdoen) normen. Arto Imago zegt immers dat er topschilderijen op de kop getikt kunnen worden. Hoewel dat uit het aanbod niet blijkt. Bedrijfseconomische redenen tellen. Volgens de eigenaren worden de werken geveild omdat de collectie ‘upgedated’ moet worden. Arto Imago blijft bij de tijd.

Veel grafiek wordt aangeboden. Vaak nog voor de startprijs van 10 euro. De informatie zegt dat de werken voor slechts 10% van de verkoopprijs worden ingezet. Wordt hiermee hetzelfde als de marktwaarde bedoeld? In ieder geval bestaat de kans dat de verkoopprijs onder de marktwaarde ligt. Namen die deze keer opduiken zijn onder meer Armando, Marc Mulders, Paul Bogaers en J.C.J. van der Heyden. Sla hier uw slag. Of niet.

Foto: J.C.J. van der Heyden – Midnight Sun – Grafiek/ Papier 49/50 – ong. 75 x 95 cm. Hoogste bod 19 oktober: 180 euro.

Museale objecten uit niet-museale kunstcollecties verdienen betere bescherming

Aldus staatssecretaris Halbe Zijlstra in zijn advies aan de Raad voor Cultuur over een nieuw museaal stelsel. Op 23 november 2011 kwam de Raad met het advies ‘Geen Erfgoed in de Etalage‘. Dit naar aanleiding van de omstreden verkoop door museumgoudA eerder dat jaar van het schilderij ‘The Schoolboys’ van Marlene Dumas. MuseumgoudA mocht op het nippertje binnen de NMV blijven. Op 26 maart 2012 buigt de Nederlandse Museumvereniging (NMV) zich in een extra Algemene Ledenvergadering zowel over het sanctiebeleid bij overtreding als de afstotingsregels. Opzet is om een en ander aan te scherpen.

Het afstoten van museale objecten door gemeentelijke, provinciale en rijksmusea staat hoog op de agenda. Dankzij het door de museumsector als onzorgvuldig beoordeelde opereren van museumgoudA. Zijlstra heeft het in september 2011 op vragen van de kamerleden Jasper van Dijk (SP) en Jetta Klijnsma (PvdA) veroordeeld. NMV en de Raad voor Cultuur volgden daarop met hun oproep om de afstotingsregels (LAMO) strikt na te leven. Staatssecretaris Zijlstra vraagt de Raad nu om een brede visie voor de hele museumsector.

Nederlandse museumcollecties lijken dus redelijk beschermd. Hoewel alertheid geboden blijft. Niet-museale kunstcollecties in het bezit van gemeenten en provincies lijken minder zeker van hun voortbestaan. Afgelopen jaren zijn niet-museale collecties in hoog tempo afgestoten en om economische redenen door opkopers op de veiling gebracht. Elke openbare kunstcollectie die het stempel ‘museaal’ mist lijkt weerloos.

Museale en niet-museale kunstcollecties zijn onvergelijkbaar van aard, maar hebben raakvlakken. Zo is de collectie van een kunstuitleen met andere motieven en kwaliteitscriteria tot stand gekomen dan een museumcollectie. Maar aan een niet-museale kunstcollectie met objecten van museale waarde ontbreekt nu elke bescherming. Soms hanteren gemeenten bij afstoten de LAMO zoals in 2011 Nijmegen deed. Maar bij een veiling door Arto Imago met delen van de voormalige Tilburgse Kunstuitleen werd de LAMO niet gevolgd.

Gewenst is een richtlijn voor museale objecten in niet-museale collecties. Zo zouden te privatiseren Kunstuitlenen bij overdracht de LAMO-richtlijn opgelegd moeten krijgen. Met terugwerkende kracht zou dit ook voor de al geprivatiseerde collecties moeten gelden, hoewel dit juridisch ingewikkeld ligt. Met als doel om objecten van museale waarde voor de openbaarheid te bewaren. Men kan het toezicht onderbrengen bij de VNG, de NMV of welke landelijke instantie ook. Als er maar inzichtelijkheid, uniformiteit en zorgvuldigheid komt voor de collecties van (voormalige) kunstuitlenen en CBK’s die nu ontbreekt. Zie ook deze discussie.

Foto: Schermafbeelding van passage in brief van staatssecretaris Halbe Zijlstra aan de Raad voor Cultuur, dd 14 maart 2012

Arto Imago nam Kunstuitleen Tilburg over en veilt 537 kunstwerken

De onvolprezen en best bezochte kunstsite van Nederland Trendbeheer merkt het op. Op internet is weer een kunstveiling aan de gang die mogelijk marktverstorend werkt. Deze keer is het Arto Imago die overbodig werk van de Kunstuitleen Tilburg opruimt. Eigenaren Catherine Megens en haar partner Cessy Paardekooper menen dat kunst aan de wand hoort. Er worden 537 werken voor slechts 10% van de verkoopprijs ingezet.

Eerder besteedde ik hier aandacht aan de kunstveilingen van de gemeente Nijmegen. In december 2011 zocht ik contact met coördinator Stefan Grond met het verzoek om de resultaten openbaar te maken. Om na te gaan of een kunstveiling op internet inderdaad marktverstorend werkt. Grond overlegde met cultuurwethouder Henk Beerten die openbaarmaking afwees. Grond voerde als argument aan dat een meerderheid van kunstenaars tegen openbaarmaking was vanwege de lage verkoopwaarde van hun werk. Omdat een slecht resultaat echter ook kan volgen uit een slechte uitgevoerde veiling klinkt dat tamelijk vergezocht.

Het is onduidelijk op welke voorwaarden de gemeente Tilburg de collectie van de Kunstuitleen Tilburg heeft overgedaan aan Arto Imago. Het persbericht Voortzetting kunstuitleen door Arto Imago van 29 april 2010 citeert cultuurwethouder Marjo Frenk (GroenLinks): ‘Met deze overeenkomst zorgen we ervoor dat de gemeentelijke kunstcollectie behouden en toegankelijk blijft voor de kunstliefhebbers van de stad‘. Het valt lastig in te zien hoe een kunstveiling dit doel dient. Het is aan de Tilburgse raad om te checken of wethouder Frenk de overeenkomst met Arto Imago wel onder de goede voorwaarden heeft gesloten.

Sluitingstijd van de veiling is maandag 12 maart 2012 vanaf 20.00 uur. Er kan geboden worden op werken van onder meer Paul Klemann, Otto Egberts, Marlene Dumas, Leon Adriaans, Fons Haagmans, Frans Franciscus, Marc Mulders, Co Westerik en Rob Scholte. Ik ben benieuwd of kunstenaars door Arto Imago van de veiling op de hoogte zijn gebracht. Deze veiling staat niet alleen. Vele gemeentelijke en provinciale kunstcollecties gaan onder de hamer. Het aanbod aan grafiek is groot. Sla uw slag, zet een paar tientjes opzij en doe een bod.

Foto: Paul Klemann (1960) – zonder titel – Grafiek/Papier 29/65 – 75 x 94 cm, lot 513