Als Trouw nuance zoekt in inhoud, dan kan het de nuance in het begrippen- en woordgebruik niet achterwege laten

Schermafbeelding van deel artikelDe seculiere meerderheid en orthodoxe gelovigen begrijpen niks van elkaar’ in Trouw, 5 april 2021.

Trouw is een dagblad dat veel aandacht geeft aan religie. Dat gebeurt vanuit een religieus perspectief en is niet altijd als zorgvuldig te omschrijven. De framing zitten de journalistieke onpartijdigheid en het professionalisme in de weg. Trouw zit gevangen in de vooroordelen van een traditie waarin oude woorden hun betekenis hebben. In elk geval roept lezing van Trouw dat beeld bij mij op.

Neem nou bovenstaand artikel dat als kop heeft ‘De seculiere meerderheid en orthodoxe gelovigen begrijpen niks van elkaar’. Waarom kiest Trouw deze kop? Er had ook kunnen staan: ‘De gematigde en orthodoxe gelovigen begrijpen niks van elkaar’.
Het wordt en nog vreemder op als in de introductie van dit artikel staat: ‘De spanning tussen orthodoxe religieuze minderheden en de liberale meerderheid groeit.’ Wat moet onder ‘de liberale meerderheid‘ verstaan worden? Zijn dit alle niet-orthodoxe gelovigen? Omvat dit ook de sociaal-democraten, rechts-radicalen, christen-democraten en anarchisten? Trouw maakt het niet duidelijk. Dit is blijkbaar geheimtaal in de eigen kring die buitenstaanders niet kunnen ontcijferen.

Want wat wordt hier nou bedoeld met ‘liberaal’? Is dat volgens het jargon van de protestante christenen een omschrijving van vrijzinnig of onorthodox? Maar waarom scherpt Trouw dan een tweedeling tussen orthodoxe gelovigen en vrijzinnigen aan die als zodanig in de samenleving niet bestaat en laat het de niet-orthodoxe gelovigen ongenoemd?

Wat gelovigen met ‘seculier’ bedoelen is evenmin altijd duidelijk. Vaak gebruiken ze het in de minachtende betekenis ’wereldlijk’ als tegenstelling tot religieus of godsdienstig.

Dat is problematisch als ermee de politieke filosofie van het secularisme wordt bedoeld die vanuit de christelijke flanken indirect onder vuur wordt genomen. Secularisme houdt in dat alle geloven en levensovertuigingen in gelijke mate onder de nationale rechtsstaat zijn gegarandeerd. Het secularisme is niet anti-religieus of pro-‘seculier’. Het secularisme is perfect neutraal. Het secularisme is de vertaling van rechtsstatelijkheid op het gebied van geloof en levensovertuiging. Degenen die zich verzetten tegen het secularisme door dat ter discussie te stellen of verdacht te maken verzetten zich tegen de rechtsstaat. Uiteraard zien ze dat zelf anders in hun eigen belangenbehartiging.

Feit is dat vooral orthodoxe christenen ten onrechte claimen dat het secularisme anti-religieus is. Vanuit hun beperkte opvatting is dat logisch. Het heeft ermee te maken dat ze het secularisme als zodanig niet aanvaarden omdat het te beperkend zou zijn voor het in de volle breedte belijden van hun geloof. Want als geloof en samenleving één zijn, dan staat een politieke filosofie die ruimte geeft aan andere geloven en levensovertuigingen die vereniging van eigen geloof en samenleving in de weg. Voor die volle breedte van de orthodoxe christenen moeten andersdenkenden wijken, zoals dat in de moderne Nederlandse geschiedenis altijd het geval was. Dat was staande praktijk totdat in de tweede helft van de 20ste eeuw de ontkerkelijking op gang kwam met als gevolg dat nu een meerderheid van de bevolking zegt zich niet meer te laten inspireren door het geloof. Daarom wijzen deze orthodoxe christenen ook de moderniteit af.

De paradox is dat Trouw weliswaar afstand neemt van de kritiek op het secularisme dat uit orthodox christelijke hoek komt, maar geen afstand neemt van de framing en het jargon van deze orthodoxe christenen. Hiermee neemt Trouw inhoudelijk een ruimdenkende, pluriforme positie in die door het woordgebruik en het misleidend gebruik van begrippen niet past bij de inhoud, voor verwarring zorgt en haaks op de inhoud kan komen te staan. In elk geval buitenstaanders vragen zich vervolgens af hoe vorm en inhoud, ofwel formuleringen en ideologie zich tot elkaar verhouden.

Waarschijnlijk beseffen de trouwe lezers van Trouw, de doorgaans christelijke opinieleiders die Trouw artikelen leveren en de eindredacteuren van Trouw niet hoe gedateerd en verkeerd het gebruik van dit christelijk jargon is dat steeds minder past bij de inhoud. Dit jargon als relict van een oude nestgeur blijft daar bij achter en werkt verwarrend.

Mogelijk heeft het moeizame afstand nemen van dit christelijke jargon voor Trouw ermee te maken dat de conservatieve protestante media als het Reformatorisch Dagblad en het Nederlands Dagblad die economische en geestelijke rivalen zijn van Trouw er nog volledig in ondergedompeld zijn. Zowel in dat oude jargon als in traditionele standpunten die ermee samengaan. Dat maakt de positie van Trouw hybride. Met de pretentie om pluriformiteit van opinies te bieden zou Trouw ook voor de eigen lezers nauwkeuriger kunnen zijn door zorgvuldig om te gaan met de begrippen die zijn geworteld in het orthodoxe christendom en die in de kern een vaak stilzwijgend beeld van vijandigheid tegenover de 21ste eeuwse samenleving uitdrukken. Van dat laatste zou Trouw afstand moeten nemen.

Trouw zou er goed aan doen om in een Code alle medewerkers regels op te leggen via geformuleerde afspraken en op de hoogte te brengen van de journalistieke kernwaarden en de ideologie van Trouw. In zo’n Code kan omschreven worden wat het verstaat onder begrijpen als ’seculier’, het ’secularisme’, ‘orthodoxie’ en ‘liberaal’. Voor alle journalisten en eindredacteuren van Trouw is dan duidelijk dat het in vorm en inhoud ondubbelzinnig de rechtsstaat en het secularisme ondersteunt. Als Trouw de nuance zoekt in de inhoud, dan kan het niet achterblijven door de nuance in het woord- en begrippengebruik achterwege te laten. Dat wringt.

Van Schaik: het merk PvdA wordt nu niet gepruimd

141128390.NxzlHSPK

Eerder besteedde ik aandacht aan PvdA’er Co van Schaik uit Terneuzen, de tot voor kort langstzittende (36 jaar) wethouder van Nederland. Zie hier en hier. Van Schaik neemt geen blad voor de mond en laat zich door het partijkader van z’n partij niet het zwijgen opleggen. Hij vindt nog steeds dat partijleider Diederik Samsom en voorzitter Hans Spekman moeten opstappen. Conny van Gremberghe heeft het over ‘Co en de kruistocht tegen de PvdA‘. Maar zo zal Van Schaik het vermoedelijk zelf niet zien. Hij voert een kruistocht voor de PvdA die het volk ontstolen is. Hij blijft ageren tegen een PvdA die hem en de zijnen in de steek heeft gelaten.

De opstelling van Van Schaik oogt donquichotterig. Het is een niet te winnen strijd tegen de partijorganisatie. Maar hij heeft sterke wapens: zijn geweten, belangeloosheid en publiciteit. Vandaag schreef Maaike van Houten het ongenoegen van Co van Schaik op in Trouw. Onder de titel ‘Het merk PvdA wordt niet gepruimd‘. Dat liegt er niet om. Van Schaik vindt niet dat de kiezer die de PvdA bij de gemeenteraadsverkiezingen in de steek liet het verkeerd zou zien, zoals partijleider Samsom het voorstelde. Die kiezer zou het niet begrijpen.

Maar volgens Van Schaik begrijpt Samsom er niks van: ‘De kiezer heeft het ongelooflijk goed gezien, de verkiezingsbeloften zijn voor honderd procent gebroken. Mensen stemden landelijk op de PvdA in de hoop op een andere koers. En wat doet de PvdA? Op sociaal gebied, wat heel belangrijk is voor ons imago, voeren ze een puur VVD-beleid.‘ Volgens Van Schaik is het vertrouwen in Samsom weg: ‘Er moet een ander verhaal komen, maar als Samsom dat vertelt, geloven mensen het niet meer. Hij krijgt het niet meer voor elkaar dat naar buiten uit te dragen.’ Met als conclusie dat het merk PvdA ‘momenteel’ niet wordt gepruimd.

Hoe eindigt dat? Stapt Diederik Samsom op en zet de PvdA in op vernieuwing? Weg van het marktdenken en de economisering van de politiek. Of wordt Co van Schaik geroyeerd vanwege gebrek aan loyaliteit? In de politiek kunnen personen alleen eerlijk aan zichzelf zijn als ze eerlijk aan de partij zijn. Alleen het laatste is de noodzakelijke voorwaarde. Wie dat omdraait en de trouw aan zichzelf laat voorgaan wordt dissident of lastig genoemd. Zo pakt de paradox van partijpolitiek uit. Iemand wordt om ideologische redenen lid van een partij, om daarna jaren later te beseffen dat de partij de idealen heeft losgelaten en in zijn tegendeel is verkeerd.

Foto: Patricia Kay, A Faded Trio of Red Roses, 2012. Credits: Patricia Kay.