Gedachten bij de foto ‘The ruins of Sikandar Bagh palace showing the skeletal remains of rebels in the foreground, Lucknow, India, 1858’

Felice Beato, ‘The ruins of Sikandar Bagh palace showing the skeletal remains of rebels in the foreground, Lucknow, India, 1858

De eerste twee oorlogen die op een georganiseerde wijze werden gefotografeerd waren de Krimoorlog (1853-1856) en de Indiase opstand van 1857, de zogenaamde Sepoy Muiterij. Een opstand van Indiase hulptroepen.

In de verspreiding voor een Europees en dan vooral Brits publiek werden soms foto’s omgewerkt tot lithografie (steendruk). In de 19de eeuw waren Indiase hulptroepen eerder in opstand gekomen tegen het Britse gezag, maar toen was er nog geen fotografie om het vast te leggen. Of te manipuleren.

Wie de verhalen kent over vermeende Duitse verschrikkingen tegen de Belgische burgerbevolking in 1914 herkent het patroon. De Teutoonse horden werden onterecht beschuldigd van het verkrachten van Belgische vrouwen. Het was Brits propaganda om de steun voor de oorlog te vergroten.

In 1857 gebeurde in de nasleep van de Sepoy Muiterij hetzelfde. De Indiase soldaten werden onterecht beschuldigd van de verkrachting van Engelse meisjes en vrouwen en de Britse troepen zouden voorbeeldig en ridderlijk hebben gehandeld. Er werden overigens wel Britse vrouwen in de opstand gedood, maar dat is wat anders dan er een verhaal over de bezoedeling van eer van te maken. Dat is niet alleen opruiing en ophitsing die verder gaat dan het geven van een ooggetuigenverslag, maar roept ook weer wraak op om de vlek weg te werken.

Een kronkel van de geschiedenis is dat Indiase vrijwilligers aan de kant van de Boeren tegen de Britten vochten in de Tweede Boerenoorlog (1899-1902). De haat tegen de toentertijd almachtige Britten zat diep bij Afrikaners, Ieren, Indiërs en alle volken die onder hun gezag stonden.

De gebeurtenis die op de foto wordt verbeeld vond in november 1857 plaats. Wat er daarna gebeurde is onduidelijk. Waarschijnlijk verloren de Britten vanwege de gevechtshandelingen de controle over Lucknow tot maart 1858 wat zou verklaren dat de foto pas toen werd genomen.

Opmerkelijk aan bovenstaande foto uit maart 1858 van de beroemde Brits-Italiaanse fotograaf Felice Beato in Lucknow is het vermoeden van fotohistorici dat de lijken van de rebellen op de voorgrond zijn toegevoegd. De gedachte is dat tijdens de winter enkele lijken elders werden opgeslagen die later hier als zetstukken werden neergelegd. Maar waarom zouden de Britten lijken van rebellen opslaan? Het idee is dat dat bedoeld zou zijn om het dramatisch effect te vergroten. Maar zo dramatisch lijkt dat effect nou ook weer niet.

De lijken zouden ook gewoon nog op het slagveld aanwezig kunnen zijn geweest vanwege de chaos van de oorlog en de schimmigheid van de krijgshandelingen die de planning en een passend begraven van de doden doorkruisten. Er werden bij het paleis van Sikandar Bagh zo’n 2000 Indiase opstandelingen gedood, zodat het mogelijk is dat enkele ervan niet werden begraven en mogelijk hier in beeld komen. Voor de enscenering kunnen ze ter plekke zijn verschoven. Een minder aannemelijke verklaring is dat honden de lijken hebben opgegraven.

Of dit de eerste lijken zijn die ooit op foto zijn vastgelegd is de vraag. Zoals het ook de vraag is of dit de eerste gefotografeerde lijken zijn die dat al vier maanden waren. De toedracht is verre van zeker. Dat geeft aan deze foto een extra laag van fotografische geschiedschrijvers en onderzoekers die er een eigen duiding op willen plakken. Zijn de lijken uit de kast werkelijkheid of fantasie?

Naar Damascus: geknoei, bederf en manipulatie van media

mideast-syria_acos

In 2006 werkte ik zijdelings mee aan het ontrafelen van Qanagate op een Engelse site. Eurokritisch van snit, maar daar ging het me niet om. Hier staat het eindverslag onder de titel ‘The Corruption of the Media‘. Het draaide om een Israëlische luchtaanval op 30 juli 2006 op het Libanese dorp Qana. Er waren vele slachtoffers. Wat daarna gebeurde interesseerde me omdat het over schijn en wezen ging. Konden media de waarheid achterhalen in een reeks van gebeurtenissen vol onduidelijkheden? Westerse persbureau’s voelden de druk om verslag te doen, maar wisten dat ze gemanipuleerd werden. Zowel door het Israëlische leger als Hezbollah. De reconstructie maakte duidelijk dat lijken verplaatst of zelfs toegevoegd waren om het leed te benadrukken.

SYRIA-CRISIS/

Nu is er in de gasaanval met chemische wapens in de conservatief-soennitische voorstad Ghouta van de Syrische hoofdstad Damascus die onder controle van de ‘rebellen‘ staat en omsingeld is door het Syrische leger. Beelden van rijen kinderlijken gaan de wereld over. Maar wie heeft ze daar neergelegd en hoe weten we dat de media die ons deze beelden voorzetten niet gemanipuleerd worden? Welke waarheid vertellen de beelden? Welke marge kan journalistiek tolereren zonder het verslag kapot te maken met slagen om de arm?

Dat velen waaronder kinderen slachtoffer zijn van een gifgasaanval van vermoedelijk het Syrische leger leidt geen twijfel. Dit is een schending van het humanitair oorlogsrecht die veroordeeld moet worden. Het had niet mogen gebeuren. Maar we moeten beseffen dat de beelden wapens zijn in een strijd. Ze kunnen dienen om de VS of Europa tot inmenging te dwingen. Of in andere gevallen weer afstand te laten nemen. De media worden onderdeel van de strijd en moeten daarmee uit de voeten. Nieuwsconsumenten hoeven echter hun eigen oordeel niet op te schorten in het besef dat er met beelden even gemeen gestreden wordt als op het slagveld.

SYRIA-CONFLICT

Foto 1: Kinderlijken op een rij in Ghouta, Damascus. 21 augustus 2013.

Foto 2: Kinderlijken die gedood zouden zijn bij de gifgasaanval in Ghouta, Damascus. 21 augustus 2013. Credits: Reuters/ Mohammed Abdullah.

Foto 3: Omwikkkelde kinderlijken op een rij in de voorstad Ghouta in Damascus vrijgegeven door Shaam News Network. 21 augustus 2013. Credits: AFP/ Daya Al-Deen.