George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Liberalisme

Wat bezielt de VVD om zich te keren tegen kunst? Bij een petitie die vraagt om Körmelings draaiend huis in Tilburg te verwijderen

with 5 comments

Voorzitter Emmy Duinkerke van de afdeling Hart van Brabant van de JOVD is petitionaris van deze petitie van 20 november. De JOVD is een jongerenafdeling gelieerd aan de VVD. De petitie verzoekt vanwege financiële redenen om te stoppen met het kunstproject Het Draaiend Huis op de Hasselrotonde in Tilburg. Duinkerke schrijft de petitie namens de JOVD. Ze noemt de naam van de kunstenaar niet, maar dat is de in Eindhoven wonende kunstenaar/ architect John Körmeling. Hij werkt veel in de publieke ruimte, landelijke bekendheid kreeg Körmeling toen hij het Nederlandse paviljoen Happy Street voor de Expo 2010 in Shanghai ontwierp.

Duinkerke reageert waarschijnlijk op een bericht van 16 november 2018 van Omroep Brabant dat meldt dat het kunstwerk kapot is en de reparatie ervan 45.000 euro kost. Zij wijdt op haar persoonlijke FB-pagina een posting aan hetzelfde onderwerp: ‘De JOVD Hart van Brabant is een petitie gestart om het Draaiend Huis Tilburg uit te krijgen. Dit kunstproject heeft al ontzettend veel geld gekost en gaat nog meer geld kosten, waar wij als Tilburgers voor mogen opdraaien’. Aan het kostenaspect ontleent ze haar enige argument.

Het is opvallend dat de VVD en de adspirant-VVD’ers van de JOVD zich profileren door tegen hedendaagse kunst te schoppen. Afgelopen week was er nog het pleidooi van VVD-kamerlid en cultuurwoordvoerder Thierry Aartsen die ‘cultuur’ tegen ‘volkscultuur’ afweegt en meende dat de steun voor kunst afgebouwd moet worden ten gunste van volkscultuur. In het debat over de cultuurbegroting kreeg hij veel kritiek. Kamerlid Carla Dik-Faber van de ChristenUnie noemt Aartsens idee ‘ontzettend polariserend’. Een misverstand is dat in 2010 tijdens het staatssecretariaat van Halbe Zijlstra als verantwoordelijke bewindsman voor kunst niet de VVD maar de PVV de kwade genius zou zijn achter de afbraak van de kunstsector. De PVV had die macht niet en profileerde zich uitsluitend op het dossier immigratie, islam en integratie. Ik schreef in 2012 in een commentaar: ‘De VVD is de oorzaak voor de kaalslag op cultuur en heeft dat de afgelopen jaren voorbereid en vormgegeven. Eerst binnen de VVD-fractie bij monde van cultuurwoordvoerder Han ten Broeke, in 2010 door VVD-informateur Ivo Opstelten in het regeerakkoord en in de uitvoering door VVD-staatssecretaris Zijlstra.’

De lijn Halbe Zijlstra – Thierry Aartsen – Emmy Duinkerke is geen toeval, maar bewust beleid binnen de VVD. De partij profileert zich met het schoppen tegen kunst en het terugdringen van overheidssubsidie voor kunst. Wat de partij denkt te bereiken door zich als vijand van kunst te profileren is de vraag. Want zowel in positieve als negatieve zin leeft kunst in Nederland nauwelijks bij het electoraat. Het risico bestaat dat gematigde liberalen om deze reden de VVD de rug toekeren. Vooral vanwege de volksmennerij die ermee samengaat. Op de rechtse flank van de politiek bestaat haat tegen kunst omdat het als een linkse hobby wordt beschouwd.

Uiteraard mogen politici zich tegen kunst keren als ze dat volgens hun overtuiging vinden. Maar dat de grootste partij van Nederland over de rug van de kunst denkt te kunnen scoren baart zorgen. Het gaat ook niet om backbenchers als Aartsen of Duinkerke die in de rat race van de politiek kunst aangrijpen om gehoord te worden. Zo werkt politiek nu eenmaal. Het gaat om een mentaliteit bij de VVD die handelt in oude reflexen.

De VVD in de jaren ’50 en ’60 was een elitaire partij van de gegoede burgerij. Zo noteert Jan Hanlo die Oote oote oote boe schreef in 1952 over een VVD’er: In dezelfde maand haalt het vers de Eerste Kamer waar Mr. W.C. Wendelaar (VVD) zich erover opwindt. Met name ergert hij zich aan het feit dat het vers gepubliceerd werd in een door het rijk gesubsidieerd tijdschrift. De pendule is na ruim 60 jaar terug bij de minachting door de VVD voor kunst. Pleidooien voor het schrappen van overheidssubsidie voor kunst zetten een doorgaande streep onder een VVD die vrijgestelden bedient en geld omploegt richting bedrijfsleven en banken.

Foto 1: Schermafbeelding van petitieStilstaand Huis Tilburg uit’ van Emmy Duinkerke, voorzitter van de JOVD Hart van Brabant, 20 november 2018.

Foto 2: John Körmeling, ‘Hasselt Traffic Circle’, Tilburg 2008. ‘Freestanding row house rotating on roundabout’.

Advertenties

VVD vervolgt bij monde van cultuurwoordvoerder Thierry Aartsen kruistocht tegen kunst met overbodig pleidooi voor volkscultuur

with 4 comments

Nederland heeft iemand als president Trump die opjut en liegt niet nodig, want Nederland heeft kamerlid Thierry Aartsen van de VVD. Hij ziet de kunst van het Opera, Museum en Theater als cultuur. Weet hij veel als cultuurwoordvoerder van de VVD. Aartsen creëert een tegenstelling tussen de kunst van het Concertgebouw en de volkscultuur van het bloemencorso. Meer voorbeelden geeft hij niet. Hij kletst uit zijn nek omdat er nu helemaal niet te weinig aandacht en waardering voor volkscultuur is. Hij zuigt dat uit zijn duim om in het gevlei te komen in een regio als Noord-Brabant met het oog op de provinciale verkiezingen van 20 maart 2019. In de concurrentie met het CDA. Thierry Aartsen gedraagt zich als leeghoofd en behager van het volk in de traditie van de VVD. Bij deze in naam liberale partij neemt de volksmennerij tegen kunst grootse vormen aan. Aartsen dekt het populisme in de politiek met zijn marketing prima af. De VVD is de kwade genius achter de afbraak van de kunstsector en laat daar bij monde van Thierry Aartsen geen enkele twijfel over bestaan.

Foto: Schermafbeelding van opiniepanel van deel van ‘De Stemming van 18 november 2018’ met de vraag ‘Maandag wordt er in de Tweede Kamer gesproken over de Cultuurbegroting. In een interview heeft een VVD-kamerlid aangegeven dat er meer subsidie zou moeten overgeheveld worden naar Volkscultuur, zoals bloemencorso’s, gilden, schutterijen en fanfares. Wat vindt Nederland over de verschillende aspecten van dit onderwerp?

Kunstplatform WARP in Sint-Niklaas is voorbeeldig antwoord op inmenging, vijandigheid, onbenulligheid, afleiding en hobbyisme

with one comment

In het Belgische Sint-Niklaas (tussen Gent en Antwerpen) opende gisteren in het Contemporary Art Platform WARP de tentoonstelling ‘verknipt. Initiatiefnemer en drijvende kracht is de gastvrije Stef van Bellingen, maar het initiatief wordt gedragen door velen in de stad. Voldoende geld ontbreekt weliswaar, maar enthousiasme, professionalisme en politiek-maatschappelijke relevantie maken WARP tot een baken in de culturele woestijn.

Ook in België zijn er immers liberale politici als de Vlaamse cultuurminister Sven Gatz die evenals de Nederlandse minister Eric Wiebes (‘kunst is een hobby’) niet begrijpen wat de functie van kunst is en het nut van culturele instellingen niet willen erkennen. Is kunst niet het grootste onderscheid tussen mens en dier en maakt dat de mens uniek? Voor liberale politici van het populistische soort zijn nuances niet weggelegd. Op hun beurt laten andere partijen zich door het simplisme van de liberalen onder druk zetten. Liberalen gaan er prat op te weten dat kunst nergens toe doet en profileren zich ermee tegenover hun achterban die niet leest, niet kijkt, niet luistert, maar consumeert en gevoed wordt. Robrecht Vanderbeeken omschreef dat in 2014 zo: ‘Gatz gaf al te kennen dat hij er een zeer liberale visie op kunst op nahoudt: ‘Kunst dient nergens toe.’’

Initiatieven van onderop als WARP zijn het beste tegengif tegen dat liberale denken. Net als in de voormalige landen in Midden-Europa die onder invloed van de Sovjet-Unie stonden wordt kunst gedwongen om een parallelle structuur te ontwikkelen. Dat is een zegen (autonomie) en vloek (schaarse middelen) tegelijk. Dat betekent niet een frontale aanval op dat vijandige denken jegens de kunst omdat die polemiek een valkuil is die energie vreet en nutteloos is in een vijandig klimaat, maar het bieden van een zijdelings alternatief zonder dat als zodanig te benoemen. Voorwaarde voor succes is wel dat een kritische grens van ondersteuning overschreden wordt en bevolking en (plaatselijke) overheid zo’n culturele instelling hun plek gunnen. Juist daarom is een drijvende kracht als Stef van Bellingen belangrijk om dat te realiseren en vooral te bestendigen.

De tentoonstelling ‘Verknipt’ gaat uit van het van 1940 toto 1945 door de Duitse Wehrmacht uitgegeven tijdschrift ‘Signal’ waarin onder meer de Parijse foto’s van André Zucca verschenen die eraan meehielpen om oorlog en bezetting als normaal voor te stellen. Het verscheen in heel Europa in 26 talen. Pure propaganda. In de tentoonstelling spiegelen kunstenaars zich eraan en kaatsen de beelden en gedachten terug door zich uit te spreken over de eigen tijd. In een openingstoespraak legde parlementair journalist en voormalig buurman van Van Bellingen Ivan De Vadder een direct verband tussen die propaganda van 75 jaar geleden en Trumps nepnieuws. Volgens De Vadder zijn de overeenkomsten tussen het een en het ander groot en bedrijft Trump ronduit propaganda. Een groot verschil is echter de versplintering van de communicatie (één zender, één ontvanger) door sociale media die nu leidt tot ‘echokamers’ (veel zenders, veel ontvangers). De media hebben het nakijken en worden door Trump als vijand voorgesteld, waarmee hij probeert te bereiken dat ze niet meer vanzelfsprekend de rol van poortwachter van de democratie kunnen vervullen. Met als doel dat onthullingen die in de media worden gepubliceerd ‘geneutraliseerd’ worden omdat het publiek de media niet meer gelooft.

WARP is een culturele oase in een politiek klimaat dat vijandig staat tegenover kunst, wetenschap, media en autonoom denken. Het knappe is de paradox van het asynchrone antwoord: antwoorden op de politiek zonder zich te laten leiden door de vragen die de politiek stelt en onterecht claimt als essentieel. De politieke agenda laat immers veel ongenoemd, zoals eigendomsverhoudingen of de grip van bedrijfsleven en financiële instellingen op de politiek. Nog knapper is dat WARP zich daarbij genereus openstelt voor de eigen omgeving.

WARP is niet alleen een tentoonstellings- of evenementenmachine. Dat het een bredere ambitie heeft dan instellingen in de traditionele museumsector komt tot uiting in het initiatief van de ‘artist villages’ dat jonge kunstenaars via gesprekken in contact brengt met professionals met als doel ‘feedback’ en ‘prikkelende input’. Op 10, 11 en 12 augustus 2018 bood directeur Lex van Lith van werkplaats Beeldenstorm/Daglicht in Eindhoven onderdak aan een editie van de ‘artist village’. Dat is de vernieuwing en blik naar de toekomst die de culturele sector bestendig maakt tegen inmenging, vijandigheid, onbenulligheid, afleiding en hobbyisme.

Foto 1: Boris Pramatarov, ‘The Portraits of Another ’Truth’’ op ‘EXPO VERKNIPT | 26 AUGUSTUS – 7 OKTOBER’ van WARP. Eigen foto. 

Foto 2: Léon Degrelle op de cover van Signal, 1944.

Foto 3: Impressie van Artist Village van WARP bij Beeldenstorm/Daglicht in Eindhoven, 10-12 augustus 2018. Eigen foto. 

Framing op TPO over sociaal-democratie en God. Sociaal-culturele onderwerpen dienen als afleiding voor vragen over macht en bezit

leave a comment »

Het moet niet veel gekker worden, een student die zich op sociale media (TPO) presenteert met een ‘essay’. Een literair genre dat door Michel de Montaigne in 1580 is gemunt en hoge eisen stelt aan originaliteit, stijl en intellectuele diepte. De inzet is brutaal. De sociaal-democratie wordt voor het beklaagdenbankje van God gesleept. Ziet u het zich voor u? Maar uiteindelijk gaat het betoog uit als een nachtkaars. Door de stapeling die eruitziet als een omgevallen boekenkast zonder structuur. Het is bij nader inzien rechttoe-rechtaan rechts-conservatisme dat past binnen de politieke richting van TPO, maar zich vermomt als neutrale waarnemer. Simpele haat tegen ‘links’ wordt via een omweg verpakt. De sociaal-democratie verdient kritiek, maar wel eerlijke en directe kritiek. Niet de propagandapraat die Max van Duijn ervan maakt. Mijn reactie:

Een onevenwichtig betoog dat van alles met alles verbindt en daardoor scherpte mist. Het zij de auteur vergeven omdat hij zijn studie nog moet afronden, maar de lezer schiet niks op met zo’n stapeling van aannames en ongelijksoortige argumenten. Waarom TPO dit onvoldragen stuk plaatst verdient nadere uitleg.

‘Alle spreken over boven komt van beneden, ook het spreken dat beweert van boven te komen’ is de zin die Harry Kuiterts denken perfect en snedig samenvat. Het is geen uitgemaakte zaak dat de moderne mens ontkent dat God bestaat. Daarbinnen zijn weer allerlei varianten mogelijk die het debat levend houden. Als God wordt gezien als creatie en uitdrukking van mensen hoeft God helemaal niet dood verklaard te worden. God wordt dichtbij gehaald en vermenselijkt, maar ontdaan van traditionele waarden.

Daarnaast is het nogal een slag in de lucht om te stellen dat het gemis van een culturele constructie -wat God is- leegte op zou leveren. Dat was wellicht ooit zo in de overgang van een diepchristelijke naar een meer pluriforme samenleving, maar in een pluriforme en open samenleving als de Nederlandse zijn de alternatieven voor de constructie God volop aanwezig: kunst, ietsisme, techniek, wetenschap, gezin, gemeenschap. Het leven hoeft niet vanuit godsdienst beredeneerd te worden om zinvol te zijn. Integendeel, te veel godsdienst kan het leven zinloos maken.

Er is iets anders aan de hand. De mens heeft zich geëmancipeerd en heeft God als allesoverheersende kracht niet meer nodig. God is herverkaveld over vele sectoren. En is door die fragmentatie minder krachtig geworden. Zelfs religieuze organisaties koppelen God als een vormende kracht los van een allesomvattend leven, zien het niet meer als verklaring voor alles en reduceren het tot doelstelling in hun statuten. Natuur wordt op afstand gehouden door de techniek, wetenschap verklaart de verschijnselen, kunst en cultuur geven zin, en media en amusement bieden afleiding en verstrooiing. Kortom, ‘God’ is gefragementeerd en de leegte is opgevuld.

Waarom de zogenaamde dood van God speciaal de sociaal-democratie zou beschadigen is niet duidelijk. Het is overigens zo dat binnen de sociaal-democratie altijd een sterke religieuze stroming heeft bestaan: het christensocialisme. In Nederland vertegenwoordigd door Willem Banning. Als er door de sociaal-democratische politiek fouten zijn gemaakt op het gebied van immigratie, het publieke ethos van overheid en publieke sector en de financëele crisis dan zijn die in commissie met de christen-democraten en de liberalen gemaakt.

De aap komt uit de mouw als de auteur verwijst naar het thuisgevoel (oikofobie). Dat is een vage politieke constructie van de Britse conservatief Roger Scruton die enkele jaren geleden door Thierry Baudet in Nederland werd nagevolgd. Het is een even vaag containerbegrip als ‘cultureel marxisme’ waarin allerlei aannames en veronderstellingen gedeponeerd kunnen worden zonder dat het ook maar iets verklaart. Behalve de onmacht van de betoger die niet scherp kan worden en er omheen kletst.

Het is aantoonbare onzin om het specifiek de sociaal-democratie aan te rekenen dat ze met linkse partijen een afkeer van het thuis zouden hebben. Het omgekeerde is waar. De sociaal-democratie is altijd een stroming geweest die zich zowel nationaal als internationaal manifesteerde. Daar zat spanning tussen. Maar zoals internationale conflicten uitwezen moest de internationale solidariteit altijd wijken voor de keuze van de sociaal-democraten voor hun politieke en nationale basis. Liberalen via het internationale bedrijfsleven en christen-democraten via hun katholieke netwerk kozen even makkelijk of zelfs makkelijker dan de sociaal-democraten voor internationalisering. Lang voordat de term globalisme in de mode kwam. Wat de sociaal-democraten in elk geval niet verweten kan worden is dat ze het voortouw namen bij de globalisering en de uitverkoop van nationale belangen.

Het beste antwoord op dit warrig betoog van Max van Duijn is de nieuwe positionering van Jesse Klaver en GroenLinks. Klaver zegt te kiezen voor de ouderwetse sociaal-economische waarden als macht, inspraak en verdeling van de welvaart. Het zijn deze waarden die de laatste jaren zijn weggedrukt door het sociaal-culturele debat over natie, thuisgevoel en nationale identiteit. Dat laatste wordt voor malcontenten als uitlaatklep ingebouwd en is voor de bezittende klasse en het internationale bedrijfsleven een afleidingsmiddel om dat sociaal-economisch debat niet te hoeven voeren en niets in te hoeven leveren van eigen macht en bezit.

Iedereen in een sociale achterstandpositie die zich door dit soort stukken van Max van Duijn over sociaal-culturele onderwerpen aangesproken voelt, zou moeten beseffen dat de echte betekenis ervan afleiding is en de verdediging van de gevestigde orde. Niet God, de sociaal-democratie of het thuisgevoel is dood, maar het nationaal-conservatisme dat daaraan alles ophangt is dodelijk voorspelbaar, saai en ontwijkend.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelDe politiek in crisis: God is dood’ van Max van Duijn op TPO, 21 november 2017.

CDA benadrukt eigen conservatisme en zet formatie onder druk

with 2 comments

Zomaar een mening van blogger Yuri Ankone over de verrechtsing van het CDA en de vertekening van de geschiedenis door CDA-leider Buma. Dat laatste is een wetmatigheid. Conservatieve christenen stellen met terugwerkende kracht steevast de rol van het christendom positiever en edeler voor dan een objectieve kijk op de geschiedenis rechtvaardigt. Waarna ze met een stalen gezicht de islam verwijten te weinig vaart te maken met de emancipatie. Het ligt overigens complex omdat het christendom ook als input voor de Verlichting heeft gediend. Hoe dan ook valt aan de uitlatingen van Buma nog weinig van de emancipatiestrijd en de onderlinge verschillen tussen de Nederlandse gereformeerden, protestanten en katholieken te herkennen.

Buma zet met zijn rechtse praatjes de formatie op scherp. Zoals de afgelopen week al van vele kanten geconstateerd is zet hij de toch al zo traag verlopende formatie extra onder druk. Hij attaqueerde in de H.J. Schoo-lezing frontaal het liberalisme en individualisme van VVD en D66 en de sociale politiek van de CU. Buma voedt met zijn voet op de rem, zijn vertragingstactiek en het nemen van de afslag naar rechts het wantrouwen tussen de partijen. Ze spelen wegens ontbrekend vertrouwen op veilig en willen alle afspraken in beton gieten. Daarbij komt nog de historische animositeit tussen D66 en christen-democratische politici zoals dat met verwijzing naar hun vermeende onbetrouwbaarheid ooit door D66-politicus Hans Gruijters werd samengevat: ‘als ik een confessioneel een hand heb gegeven, tel ik eerst mijn vingers na’.

Met terugwerkende kracht benadrukt Buma’s opstelling het ongelijk van GL en de PvdA die hun plek aan de formatietafel niet wilden of durfden innemen. Dat maakte de plek vrij voor het CDA dat zich onmisbaar voelt en de eigen radicalisering niet hoeft af te zwakken, maar vrijuit kan uitventen. De andere partijen, inclusief VVD en D66, hadden beter moeten beseffen dat het CDA van Buma in een kabinet een weinig coöperatieve kracht zou worden die nog minder in het landsbelang handelde dan de andere partijen. Het weglopen van de onderhandelingstafel door GL en PvdA was dat evenmin. De schone schijn en faalangst van Klaver en Asscher hebben het vooralsnog afgelegd tegen het conservatisme van Buma. De gezamenlijke partijpolitiek van Nederland heeft zichzelf een brevet van onvermogen gegeven door beoordelingsfouten, slappe knieën en een gebrekkig besef van urgentie. Het is de hoogste tijd voor de hervorming van het politieke bestel.

Kabinet met ChristenUnie staat in de steigers. Wat heeft D66 erbij te winnen?

with 2 comments

Nog steeds ben ik teleurgesteld dat GroenLinks zich heeft teruggetrokken uit de onderhandelingen voor een nieuw kabinet. Het kwam voor commentatoren niet als een verrassing. In maart 2017 noemde ik dat afhaken onvermijdelijk ‘gezien de stabiliteit en onervarenheid’ van deze partij. De partij wilde geen vuile handen maken in het migratiebeleid, maar evenmin verantwoordelijkheid nemen om mee te gaan besturen. Dat is geen opstelling die past bij een volwassen partij in de praktische politiek, maar wel bij een kerkgenootschap dat aan de zijlijn excelleert in moralisme. Door de faalangst van partijleider Lodewijk Asscher van de PvdA dreigt nu de ChristenUnie toe te treden tot het in de steigers staande kabinet Rutte III met VVD, CDA en D66.

Dan dringen bijbelse normen door tot het centrum van de macht. De ChristenUnie is een partij van wie politici en programma’s consistent hameren op het belang van God of het gevaar van de secularisatie. Hier gaapt een kloof met de liberale VVD en D66. Secularisatie is overigens niet het uitbannen of het vijandig bejegenen van het christendom in de samenleving, maar het gelijkschakelen van alle levensovertuigingen en religies om ze zonder onderscheid een rechtmatige plek te geven. Onder meer door het terugdringen van de aloude voorkeurspositie van het christendom en christelijke organisaties. De ChristenUnie verzet zich hiertegen en probeert de eigen positie te beschermen door het begrip secularisatie verdacht te maken. Neem ook de volgende uitspraak in het kernprogramma over internationaal beleid: ‘Omdat Christus Koning is van alle overheden op aarde, moet de regering in haar buitenlands beleid Gods universele wet tot richtsnoer nemen.’ Dit tekent opnieuw de afstand tot VVD en D66 die een volstrekt andere benadering van de politiek hebben.

De getuigenispolitiek van GroenLinks en Asschers faalangst heeft tot de ChristenUnie met ‘Christus Koning‘ geleid. Bedankt, Jesse Klaver, succes met je schone handen en je mooi gestreken witte overhemden. Na jou de zondvloed. Opmerkelijk was trouwens dat de vorige partijleider Bram van Ojik wel positief was over het maken van afspraken met Afrikaanse landen om de vluchtelingenstroom naar Europa in te perken. De kans is groot dat nu de ChristenUnie deel gaat uitmaken van een kabinet. Dat is democratie. Partijen zijn geen doel, maar middel. Ze moeten niet te belangrijk genomen worden. Maar voor kiezers die gaan voor progressieve politiek valt er weinig te genieten met een van God en ‘Christus Koning‘ getuigende ChristenUnie, een negatief CDA dat met Catenaccio de grendel op de deur houdt en een opportunistische VVD die zoals altijd de belangen van multinationals dient (Nord Stream II) en er geen probleem in ziet bovenmatig te beknibbelen op kunst of het uitkleden van de verzorgingsstaat. Wat heeft D66 is godsnaam in zo’n kabinet te winnen behalve het najagen van een ministerschap voor de eigen politici? Is dat voldoende om geloofwaardig toe te treden? Het zal wel.

Foto: Giovanni Domenico Tiepolo, ‘De processie van het Trojaanse paard in Troje’, vermoedelijk 1760. Collectie: The National Gallery.

Tim Farron stapt op als leider Liberaal Democraten. Zijn christelijke overtuiging over homoseksualiteit was in strijd met de partijlijn

leave a comment »

Tim Farron van de Britse Liberaal-Democratische partij en MP voor Westmoreland & Lonsdale is opgestapt als partijleider. Er zijn drie redenen. De partij deed het met een winst van 4 zetels slechter dan gehoopt. Het wist de anti-Brexit stem onvoldoende te mobiliseren. Farron was een kleurloze en weinig inspirerende leider. En de christelijke overtuiging zat hem in de weg. Farron begint zijn afscheidstoespraak met de claim dat hij tot in zijn vingertoppen liberaal is, maar juist aan die gezindheid bestaat twijfel. Door deze toespraak bevestigt hij dat eerder dan dat hij het ontzenuwt. Want hoe liberaal was Farron die lange tijd vragen ontweek over zijn opvatting over homoseksualiteit? Progressieve opvattingen zitten bij Farron niet van harte ingebakken. Dat is electoraal schadelijk voor een partij die het grotendeels moet hebben van progressieve standpunten.

Farron is een slechte verliezer als hij zegt dat het wantrouwen tegen hem zou zijn ingegeven door wat hij gelooft en wat zijn geloof is. Hij weet dat dit onjuist is, want de kritiek op Farron zat ‘m niet in zijn christelijk geloof, maar in zijn opvattingen die niet spoorden met de partijlijn. Of beter gezegd: in het feit dat Farron de partijstandpunten niet boven zijn christelijke overtuiging wist te stellen. Farron wordt er zelfs rancuneus en onheus op als hij vervolgens zegt dat ‘we onszelf voor de gek houden als we denken dat we in een tolerante, liberale samenleving leven’. Een niet al te subtiele verwijzing naar zijn eigen partij. Farron houdt zichzelf voor de gek als hij beweert een volbloed liberaal te zijn. Dat was hij niet. Hij kon zijn christelijke overtuiging niet verenigen met het partijstandpunt over homoseksualiteit en geeft daar vervolgens de partij waarbij hij ooit aansluiting zocht de schuld van. Het toont aan hoe ongeschikt hij was als leider van de Liberaal-Democraten.