Helpt de ferme vergelijking van Trump met Hitler die als waarschuwing en middel tot mobilisatie is bedoeld?

Het is nog 39 dagen tot de Amerikaanse presidentsverkiezingen op 3 november 2020. De VS en de westerse wereld houden hun adem in omdat er veel op het spel staat. De Amerikaanse democratie inclusief de democratische instituties hebben Trump sinds 2017 nauwelijks overleefd en zal naar verwachting bij een tweede termijn van Trump definitief het loodje leggen. Dan komt ook Europa in de problemen omdat Donald Trump algemeen beschouwd wordt als een marionet van de Russische president Vladimir Putin.

In peilingen heeft de Democratische kandidaat Joe Biden al maanden een voorsprong van 5 tot 10 procent op Trump, ook in swingstates. Maar zoals de Stalinistische waarheid zegt, het gaat er niet om hoe mensen stemmen, maar wie de stemmen telt. Zo tekent zich een asynchrone campagne af waarin de Democraten proberen mensen naar de stembus te krijgen en de Republikeinen zoveel mogelijk mensen daartoe proberen te ontmoedigen en juridisch en bestuurlijk alles in gereedheid brengen om de verkiezingen te stelen.

De verkiezingen zijn hoe dan ook al niet eerlijk door vier vertekeningen in het voordeel van de Republikeinen: 1) overwaardering van het platteland in het electorale systeem waardoor ze in het congres grofweg een voordeel van 3% hebben (zo heeft Washington DC geen vertegenwoordigers in de Senaat terwijl het meer inwoners heeft dan een Republikeinse staat als Wyoming); 2) een actief programma van kiezersonderdrukking door de Republikeinse partij (restricties toegang tot stembus; schuiven met de grenzen van kiesdistricten, zogenaamd Gerrymandering); 3) een electoraal systeem waarbij niet de meeste stemmen gelden, maar via een getrapt systeem per staat de uitslag wordt bepaald, het zogenaamde Electoral College. Democraten hebben bij de laatste zeven verkiezingen zesmaal de meeste stemmen gehaald, maar slechts viermaal de president geleverd; 4) Een Republikeinse oververtegenwoordiging in het Hooggerechtshof is niet in lijn met de demografische ontwikkelingen van de VS en biedt de Republikeinen de kans om legitimatie te geven aan wetgeving én onwettig handelen van een zittende Republikeinse president. De laatste twee jaar is dit effect van vertekening nog verder versterkt door de sjoemelende minister van Justitie Bill Barr die optreedt als persoonlijke advocaat van Trump. Als de ‘Roy Cohn’ die voor senator Joe McCarthy vieze zaakjes opknapte.

Commentator voor MSNBC en marketingdeskundige Donny Deutsch neemt in het ochtendprogramma Morning Joe geen blad voor de mond en vergelijkt Trump met Hitler. Eerder wezen historici als John McNeill en Timothy Snyder al op het autoritaire of fascistische gehalte van Trump. Het kan het publiek niet meer ontgaan. In 4 jaar tijd is Trump geëvolueerd van een aarzelende semi-fascist naar een volbloed fascist. Dit maakt somber over de toekomst van de VS en de ruimte die onder Trump landen als de Russische Federatie gekregen hebben om de Amerikaanse democratie te ondermijnen. Of het veel helpt om Trump te vergelijken en gelijk te stellen aan Hitler valt te bezien. Trump heeft een trouwe achterban van zo’n 43% van het electoraat en als hij zo’n 6% door sjoemelen en gestaakte tellingen kan stelen dan wint hij de verkiezingen. En verliezen wij.

Ruth Ben-Ghiat waarschuwt voor Trump en concludeert dat de VS geen democratie is. Gevestigde journalistiek negeert dat goeddeels

Al in 2016 waarschuwde hoogleraar geschiedenis John McNeill voor het fascistische gehalte van Trump. Later herhaalde hoogleraar Timothy Snyder die waarschuwing. President Trump was volgens hem opgeschoven van tovenaarsleerling naar een autoritaire leider die zich boven de wet verheven voelt en de waarheid verdraait. Trump zet anderen op dat pad van autoritarisme en het herschrijven van de geschiedenis. Door de recente inzet van ongeregelde, anonieme federale troepen in Portland (tegen de wens van de lokale autoriteiten in) en dreigementen dat in Seattle of Chicago te herhalen scoort Trump extra langs de fascistische meetlat.

Het kan het publiek niet meer ontgaan. In 3,5 jaar tijd is Trump geëvolueerd van een semi-fascist naar een volbloed fascist. In augustus 2017 schatte ik aan de hand van de kenmerken van McNeill in een commentaar Trump nog in als een driekwart-fascist. Ik merkte toen op: ‘Tegelijk blijft Trump aan de passieve kant wat het gebruik van binnenlands geweld betreft. Hij keurt het niet af, maar propageert het evenmin actief.’ Dat is veranderd sinds de inzet van ongeregelde, federale troepen met het gebruik van traangas tegen geweldloze demonstranten in Lafayette Park in Washington DC op 1 juni 2020.

De verwijzing naar het fascisme wordt gebruikt om te waarschuwen voor een tweede termijn van Trump die kwalijke gevolgen zal hebben voor de Amerikaanse democratie. Zo publiceerde journalist Jonathan Greenberg op 10 juli 2020 een artikel met de onheilspellende titel ‘Twelve signs Trump would try to run a fascist dictatorship in a second term’. Het is de hoogste tijd voor de inventarisatie van Trumps kwade bedoelingen.

Weer een andere hoogleraar geschiedenis Ruth Ben-Ghiat gebruikt voor Trumps optreden in een interview met Salon het begrip ‘fascistic’ om de hedendaagse verschijningsvorm te onderscheiden van de historische. Dat gebruikt ze om te zeggen dat wat Trump en zijn medestanders nu doen gerelateerd is aan de kenmerken van het fascisme maar er niet mee samenvalt. Want er zijn verschillen. De VS onder Trump zijn geen eenpartijstaat en er is nog steeds een vrije pers. Hedendaags fascisme manifesteert zich anders en is daarmee niet minder omvattend en schadelijk. Opvallend is het dat historici als McNeill of Ben-Ghiat die het Italiaanse fascisme hebben bestudeerd of Snyder die een expert is op het gebied van het Sovjet-autoritarisme met een waarschuwing komen. Zij zijn door hun historische expertise in staat om te zien wat het Amerikaanse publiek, journalistiek en politiek niet ziet. Namelijk dat onder Trump de VS is opgeschoven richting autoritarisme.

De journalistiek krijgt opvallend genoeg de meeste kritiek in de vraag van Chauncey Devega aan Ben-Ghiat. Interviewer en geïnterviewde verwijten de gevestigde journalistiek onvoldoende inzicht te hebben in de stand van zaken van de Amerikaanse democratie en Trumps intenties. Tegen alle feiten in blijven ze hoop uitventen en concentreren ze zich op de competitie tussen Trump en Biden, Republikeinen en Democraten. Waarbij ze geen aandacht voor en besef hebben voor de rode lijn achter de verschijnselen: het toenemende autoritaire karakter van de Amerikaanse democratie. Kunnen ze per definitie de ‘fascistic’ tendenzen niet onderscheiden?

Zelfs Nederland kent zo’n goedprater die de ernst van de situatie in de VS negeert. De aan kennisinstituut Clingendael verbonden commentator Willem Post sust met bezwerende praatjes het televisiepubliek in slaap. In een commentaar van november 2016 viel ik hem aan naar aanleiding van een in mijn ogen naïef artikel in NRC waarin hij stelde dat het wel mee zou vallen met Trump. Ik antwoordde daarop: ‘Het gaat vreselijk worden. Het zou ook de Nederlandse media sieren dat ze de berichtgeving over Trump niet normaliseren. Of sussende opinies zoals die van Willem Post die volgen uit een fikse portie wensdenken niet publiceren zonder disclaimer. Media moeten niet meegaan in de suggestie dat ‘het allemaal wel zal meevallen’ met president Trump. Het gaat naar alle waarschijnlijkheid niet meevallen, maar tegenvallen.’ Kortom, onnozelheid alom.

Foto 1: ‘Yes man: mask of Mussolini on the façade of the Fascist Part Headquarters, Rome, 1934.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelRuth Ben-Ghiat on Trump and the bitter American truth: “We do not have a real democracy”’ in Salon, 23 juli 2020.