George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Kledingvoorschriften

Hoofddoek is geen gebod in de islam. Amsterdamse politie onderzoekt het dragen ervan. Op politieke gronden?

with 2 comments

De politie van Amsterdam onderzoekt of het vanwege het personeelsbeleid verstandig is om hoofddoeken toe te staan. Het wil meer allochtone agenten werven en bedoelt daar vermoedelijk agenten mee die actief de islam belijden. Zoals opgemerkt is er een landelijke code die zoiets verhindert, dus het is de vraag waarom Amsterdam overweegt zo’n landelijke afspraak te passeren. En of het die bestuurlijk-juridisch kan passeren.

Bij alle debatten hierover moest ik denken aan een opmerking over de hoofddoek in een NRC-interview van de Amerikaanse zwarte moslimvrouw Amina Wadud die publieke islamitische gebedsdiensten leidt: ‘Maar als ik in een gezelschap verkeer waarin iedereen doet alsof het dragen van een hoofddoek de uiting van de deugdelijkheid van een persoon is, dan doe ik hem juist af. Gewoon om te laten zien dat het aan Allah is om te beoordelen of iemand deugt, en aan niemand anders. Het is een misvatting dat het dragen van de hijab, het Arabische woord voor hoofddoek, een gebod is in de islam. Dat woord komt niet eens voor in de Koran.’

Als de hoofddoek geen religieus, maar cultureel symbool is, dan kan de scheiding van kerk en staat het dragen ervan in overheidsdienst niet blokkeren. Maar als het geen religieus symbool is dat vanuit de leerstellingen van de islam verplicht wordt gesteld of daar direct en onontkoombaar uit volgt, dan kunnen de dragers van een hoofddoek evenmin op godsdienstige gronden een uitzonderingspositie op het dragen ervan in overheidsdienst claimen. Dat alles roept weer de vraag op waarom de Amsterdamse korpsleiding het verstandig acht om zo’n maatschappelijk mijnenveld in te lopen vol culturele, politieke en religieuze noties.

Het probleem met het Amsterdamse debat is dat het de korpsleiding confronteert met ongelijksoortige feiten en aannames waarvan het niet weet wat ze waard zijn. Met de complicatie dat het niet onmogelijk is dat de adviseurs van de korpsleiding hun eigen politieke agenda hebben en daarom hun politieke als religieuze argumenten verkopen. Zo wordt het onoverzichtelijk en ontstaat er geen zuiver debat. Want het is uiteindelijk een politiek en geen religieus argument om het dragen van een hoofddoek in overheidsdienst toe te laten. Als de politieleiding van Amsterdam werkelijk wil weten hoe het precies zit met de verplichting vanuit de islam aangaande het dragen van een hoofddoek, dan zou het zich beter verlaten op academische  islamdeskundigen en niet op huidige adviseurs die er belang bij kunnen hebben om religie, cultuur en politiek te vermengen.

De rechtsstaat voorbij. Retoriek van Wilders en Kuzu over hoofddoek

leave a comment »

Twee Nederlandse parlementariërs wordt gevraagd naar het oordeel van advocaat-generaal Juliane Kokott van het Europese Hof van Justitie over het recht van een werkgever die onpartijdigheid en onafhankelijkheid nastreeft om zich te beroepen op een bedrijfsreglement om een hoofddoek te verbieden. Kokott wijst in haar motivatie op de terughoudendheid van de werknemer: (..) maar er kan van hem wel een zekere terughoudendheid worden verlangd ten aanzien van zijn godsdienstbeleving op het werk, of het nu gaat om religieuze praktijken, religieus geïnspireerde gedragingen of – zoals in casu – de kleding van die werknemer.

Geert Wilders (PVV) en Tunahan Kuzu (DENK) zijn het onens met de uitspraak van het Hof van Justitie. Wilders keurt een verbod op het dragen van religieuze symbolen op het werk af als het christelijke of joodse symbolen betreft. Maar hij keurt het goed als een hoofddoek wordt verboden als de draagster zich beroept op de islam. In zijn betoog ziet hij de islam niet als religie, maar als ideologie. Omdat het verbod ook geldt voor politieke symbolen doet dit echter niets terzake. Kuzu gaat voorbij aan de afweging van de rechter tussen verschillende grondrechten. Door eenzijdig te verwijzen naar de vrijheid van godsdienst mist hij de nuancering.

Wilders en Kuzu zijn parlementariërs van wie men zou mogen verwachten dat ze breder kijken dan hun directe belang hun ingeeft. Maar dat doen ze niet of kunnen ze niet. Voor de beoordeling van hun niveau is dat teleurstellend. Ze schieten niet zozeer in de campagnestand, maar lijken daar automatisch op afgesteld te staan. Dat ontneemt diepte en geloofwaardigheid aan hun uiteenzetting die voorbijgaat aan de feiten. De uitspraak over het Hof van Justitie is genuanceerder dan Wilders en Kuzu suggereren. Ofwel, Wilders en Kuzu uiten zich ongenuanceerd. Van een parlementariër zou men meer mogen verwachten dan deze holle praatjes.

Hoofddoek op het werk ondanks bedrijfsreglement dat religieuze symbolen verbiedt? Soms toegestaan, soms niet

with 3 comments

Iranian-veil-and-chador

Interpretatie van het recht is niet altijd te voorspellen. Neem twee overeenkomstige gevallen in Nederland en België die leidden tot uiteenlopende uitspraken van colleges. De zaak gaat om vrouwen die op hun werk om religieuze redenen een hoofddoek willen dragen en daarom in conflict komen met hun werkgever die dat als aantasting van de neutraliteit ziet. Zelfs als een bedrijfsreglement het dragen van zichtbare politieke of religieuze symbolen verbiedt, dan is het nog geen uitgemaakte zaak hoe een rechter de afweging maakt.

Het Nederlandse College van de Rechten voor de Mens oordeelde buitenrechtelijk op 26 mei 2016 dat de Rechtbank Rotterdam een moslimvrouw discrimineerde die solliciteerde als buitengriffier en werd afgewezen toen ze bekendmaakte tijdens zittingen haar hoofddoek niet te willen afdoen. De rechtbank hanteert kledingvoorschriften die ervoor moeten zorgen dat ter zitting geen enkel teken van persoonlijke overtuiging zichtbaar is. Volgens het oordeel van het college maakt de rechtbank ‘indirect onderscheid op grond van godsdienst’ door het hanteren van de kledingvoorschriften die elk teken van persoonlijke overtuiging uitsluiten. In de afweging maakt het college het belang van de rechtbank die streeft naar onpartijdigheid en onafhankelijkheid ondergeschikt: ‘Maar tegenover dat belang staat het belang van de vrouw om toegang te hebben tot de functie van buitengriffier zonder in strijd met haar godsdienst te hoeven handelen.

Het Hof van Justitie van de Europese Unie concludeert in de Belgische zaak van moslimvrouw Samira Achbita omgekeerd. Het laat de onpartijdigheid en onafhankelijkheid van de werkgever zwaarder wegen dan het recht van een werknemer om een hoofddoek te dragen. Zij werkt als receptioniste bij het Belgische bedrijf G4S Secure Solutions en draaide naast bewakings- en beveiligingsdiensten ook receptiediensten. Na drie jaar eiste ze het recht op om een hoofddoek te dragen. Identiek aan beide zaken is dat Achbita ook in het gelijk gesteld  werd door het buitenrechtelijke Belgische Centrum voor gelijkheid van kansen en racismebestrijding, nu Unia.

Advocaat-generaal Juliane Kokott over de Belgische zaak: ‘Een werknemer kan zijn geslacht, huidskleur, etnische afstamming, seksuele geaardheid, leeftijd of handicap niet als het ware aan de haak hangen zodra hij de lokalen van zijn werkgever betreedt, maar er kan van hem wel een zekere terughoudendheid worden verlangd ten aanzien van zijn godsdienstbeleving op het werk, of het nu gaat om religieuze praktijken, religieus geïnspireerde gedragingen of – zoals in casu – de kleding van die werknemer. De mate van terughoudendheid die van een werknemer kan worden verlangd, hangt af van een algemene beoordeling van alle relevante omstandigheden van het individuele geval.’ De afweging is afhankelijk van de omstandigheden. Het gaat erom op welke grond door een rechter wordt beoordeeld of de gerechtvaardigde belangen van een werknemer excessief worden aangetast en het bezwaar daarom als evenredig dient te worden aangemerkt.

Foto: ‘When visiting Iran, women must wear the hijab (headscarf and modest dress and with their ankles covered), in public at all times. So, either wear loose fitting clothing or wear the full chador.’

Stadsdeel Nieuw-West legt ambtenaren kledingvoorschriften op. Back to the Fifties

with 3 comments

nw

Een bericht van de NOS, ambtenaren die achter de balie werken in het Amsterdamse stadsdeel Nieuw-West mogen geen korte rok of jurk meer dragen. Ze hebben kledingvoorschriften gekregen van hun teamleider, zegt de Centrale Ondernemingsraad (COR) van de gemeente Amsterdam. De reden is vooralsnog onbekend. Het kan te maken hebben met islamitische gebruiken. Zo’n maatregel lijkt eerder op Iran dan op Nederland, en dan nog wel de Republiek Amsterdam. Het voorschrift zal onder protest waarschijnlijk teruggedraaid worden, maar het feit dat het stadsdeel dit aan medewerksters meent te kunnen opleggen geeft te denken.

Het in april 2014 aangestelde dagelijks bestuur van het stadsdeel bestaat uit de commissieleden Achmed Baâdoud (PvdA) (voorzitter), Ronald Mauer (D66) en Erik Bobeldijk (SP). Dat PvdA’er Baâdoud deze kledingvoorschriften wil opleggen valt te verwachten, maar dat D66 en SP hierin meegaan is opvallend.

Foto: Tweet van Jeron Mirck (D66), 15 maart 2016.