George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Kamerbrief

Omroepbrief Dekker kijkt naar toekomst. Politiek ook hervormen?

with 3 comments

omr

Staatssecretaris Sander Dekker stuurde de kamer vandaag een brief met voorstellen over de toekomst van het publieke mediabestel. ‘De publieke omroep wordt een plek waar innovatie en creatieve makers elkaar ontmoeten. Waar gestreefd wordt naar de mooiste programmering.’ zo eindigt het. Feitelijk betekent de brief van Dekker een herhaling van de goede bedoelingen uit de Medianota (1984) van toenmalig minister van WVC Elco Brinkman. Terug naar de kern, terug naar de urgentie, weg van het amusement en de sport, en meer aandacht voor de categorieën informatie, kunst en maatschappelijke ontwikkeling die bij een publieke omroep thuishoren. Ruim baan voor programmamakers en inperking van de omroepmaatschappijen. Dekker doet aan achterstallig onderhoud en stript weg wat sinds 1984 het bestel binnengeslopen is.

De analogie zal een politicus als Ton Elias mogelijk niet direct erkennen. De vergelijking tussen ‘het verzuilde en vermolmde’ omroepbestel en het politieke bestel ligt voor de hand. Ook zo’n gesloten systeem. Als Elias zegt dat ‘ook anderen dan omroepen toegang krijgen tot de publieke netten’ en ‘voor het eerst sinds jaren gaat de discussie over de inhoud van wat publieke omroep is in plaats van over structuren, poppetjes en gevestigde belangen’ dan is dat toepasbaar op het politieke bestel. Ook daar gaat het eerder over coalities, poppetjes en gevestigde belangen dan over inhoud, laat staan over de maatschappelijke rol van de politiek.

Ook het politieke bestel is volgens velen vermolmd en verzuild. Waar staatssecretaris Dekker voorstelt om nieuwkomers tot het omroepbestel toe te laten, blokkeren gevestigde politieke partijen de toegang van nieuwe partijen (startsubsidie) of de participatie van burgers die binnen de politiek een plek krijgen om als individu mee te beslissen. De Omroepbrief is een goed begin, nu de Partijpolitiekbrief nog. Wie durft?

Foto: Schermafbeelding van ‘Omroepbrief is een goed begin’ van de VVD, 13 oktober 2014.

Advertenties

Bussemaker maakt geld vrij voor talentontwikkeling. Een reparatie

with 3 comments

clay-08

Op de laatste pagina van de kamerbrief van minister Jet Bussemaker (OCW) komt de aap uit de mouw: ‘In de periode 2014-2016 maakt het kabinet in totaal 5 miljoen euro vrij voor talentontwikkeling. Deze middelen zijn afkomstig uit de post Specifiek cultuurbeleid.’ Daarnaast is er drie miljoen euro dat beschikbaar komt ‘voor een revolverend fonds voor kleine laagrentende leningen aan talenten’. Dat is afkomstig uit ‘het budget dat binnen het frictiebudget was gereserveerd voor flankerend arbeidsmarktbeleid.’ Er komt dus geen cent bij voor talentontwikkeling, het geld wordt van de ene post binnen de begroting naar de andere doorgeschoven.

Toch is het zinvol dat het accent op talentontwikkeling wordt gelegd. In het advies ‘Slagen in Cultuur’ van mei 2012 over de culturele basisinfrastructuur 2013 – 2016 had de Raad van Cultuur al forse kritiek op die talentontwikkeling omdat de overheid deze in de basisinfrastructuur nog onvoldoende steunde. Opzet is nu om dat meer dan twee jaar later te repareren. Minister Bussemaker had dat in haar beleidsbrief ‘Cultuur beweegt’ van juni 2013 al aangekondigd: ‘Talentontwikkeling is een investering in onze samenleving. Professioneel talent komt niet altijd vanzelf bovendrijven. (..) Vervolgens kan talent niet zonder training en scholing om tot bloei en volle wasdom te komen.’ Kortom, noodzakelijk herstel van achterstallig onderhoud.

Foto: De Nederlandse kunstenaars Olivier van Herpt maakt keramiek met een 3-D printer. Zie ook hier.

Buitenlandbeleid EU is ramp: Oekraïne en Rusland. Wat te doen?

with 14 comments

2014-01-28T170844Z_45245500_GM1EA1T031O01_RTRMADP_3_EU-RUSSIA

Update: Elke keer na het uitstellen van het besluit door de EU om sancties te nemen tegen Rusland of een ronde van sancties die slap zijn en te veel uitzonderingen bevatten wordt het beeld bevestigd. Het buitenlandbeleid van de EU is een ramp. Ook weer na de slappe derde ronde van sancties. Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk spreken elkaar tegen. Rusland komt ermee weg en wordt minder onder druk gezet dan nodig voor een verandering in haar Oekraïne-politiek. De EU is slecht theater. Lachwekkend. De horror. 

Hoe het komt valt te bezien, maar het buitenlands beleid van de EU is een grotere ramp dan nodig. Dat falen heeft iets te maken met de relatie tussen de supranationale EU en de nationale staten die op het niveau van de regeringsleiders op allerlei beleidsterreinen beslissingsbevoegdheid willen houden. Zodat elk land vooral het eigenbelang dient.  Opmerkelijk is dat voor- en tegenstanders van federalisering het buitenlandbeleid van de EU een ramp vinden. De eersten willen meer centralisatie en overdracht van verantwoordelijkheden naar Brussel, terwijl de laatsten het omgekeerde willen. Waar beide groepen het over eens zijn is dat het huidige buitenlandbeleid niet werkt. Het moet meer of het moet minder. Maar niet zoals het op dit moment is.

Neem Oekraïne waarover de EU zich voortdurend tegenspreekt omdat de nationale staten niet op een lijn zijn te brengen. Frankrijk wil niet afzien van de verkoop voor 1,2 miljard euro van twee Mistral-helicopterschepen aan Rusland die een dreiging vormen voor alle landen rondom de Zwarte Zee. De verkoop geeft het verkeerde signaal aan Rusland hoe de EU denkt over de teruggave van de onrechtmatig ingelijfde Krim aan Oekraïne. Daarbij laat het ook Oekraïne in de steek dat de rechten op de Krim niet heeft opgegeven. Frankrijk denkt aan het eigenbelang en interesseert het geen fluit wat voor invloed dat heeft op de EU of Oekraïne.

Of neem de sancties van de EU die uitblinkt in holle dreigementen. In een gisteren gepubliceerde kamerbrief schrijft minister Timmermans: ‘Op 30 juni jl. werd duidelijk dat hoewel Rusland niet aan alle eisen had voldaan, het land wel bereidheid tot dialoog had getoond.’ In een zin koppelt-ie onwaarachtigheid aan een leugen die ook nog eens irrelevant is. Het is ongeloofwaardig dat de EU eerst met veel publiciteit harde eisen aan Rusland stelt om die uiteindelijk in te slikken. Verder is het aantoonbaar onjuist dat Rusland bereidheid tot dialoog toont. Het accepteert Oekraïne nog steeds niet als gesprekspartner, blijft wapens leveren aan de separatisten en dreigt zelfs kernwapens in te zetten als Oekraïne de Krim terug wil veroveren.

Naar verluidt zijn het vooral Italië, Oostenrijk, Slowakije, Frankrijk en Griekenland die tegen de aanscherping van sancties zijn. Dat speelt Rusland in de kaart. De landen van de EU laten zich uiteen spelen. Het gaat er niet om dat de EU zich per definitie hard tegenover Rusland moet opstellen. Da’s onverstandig vanwege de vele wederzijdse belangen. Maar een buitenbeleid moet wel consequent, inzichtelijk en voorspelbaar zijn. En dat ontbreekt eraan omdat de EU de daad niet bij het woord voegt. De EU maakt zich zo tot het lachertje van de wereld en laat bewust met zich sollen. Holle dreigementen over sancties zetten niet alleen Rusland te weinig onder druk om coöperatief te worden en laten Oekraïne in de steek, ze verkleinen ook het draagvlak voor de EU bij de Europeanen. Die zien het gedraai, geklungel en gebrek aan daadkracht in Brussel met afkeuring aan.

Foto: President Vladimir Putin met José Barroso en Herman Van Rompuy op de eendaagse top EU-Rusland in Brussel, 28 januari 2014.

Kwestie Snowden: Plasterk legt uitleveringsverdrag VS te simpel uit

with 4 comments

ap_edward_snowden_dm_130610_wg

Op een vraag in het vragenuurtje door SP-kamerlid Ronald van Raak om Edward Snowden uit te nodigen om naar Nederland te komen voor een getuigenis in het parlement antwoordde minister Plasterk vandaag dat Nederland gehouden is aan een uitleveringsverdrag met de Verenigde Staten. Van Raak stelde dit eerder voor.

Vraag is op welke verplichting die Nederland jegens de VS heeft Plasterk doelt. Artikel 1 van het Uitleveringsverdrag tussen Nederland en de VS zegt:
De Verdragsluitende Partijen komen overeen, met inachtneming van de in dit Verdrag opgenomen bepalingen personen aan elkaar uit te leveren die worden aangetroffen op het grondgebied van een van de Verdragsluitende Partijen en tegen wie een strafvervolging is ingesteld, die schuldig zijn bevonden aan het plegen van een strafbaar feit of die worden gezocht met het oog op de tenuitvoerlegging van een door de rechter opgelegde straf of maatregel, welke vrijheidsbeneming met zich mede brengt.’

Tegen Edward Snowden is door de Amerikaanse regering op 14 juni 2013 een aanklacht wegens diefstal ingediend. De specifieke beschuldiging is ‘unauthorized communication of national defense information‘ en ‘willful communication of classified communications intelligence information to an unauthorized person‘. De regering brengt deze aanklachten onder in de Espionage Act van 1917. De grondwettelijkheid van deze wet staat al  bijna 100 jaar ter discussie vanwege de strijdigheid met de meningsuiting. Glenn Greenwald beredeneert op 22 juni in z’n Guardian-column dat zelfs Snowden niet zal betwisten dat-ie de wet heeft overtreden, maar dat een aanklacht niet onder spionage gebracht kan worden. Hij heeft z’n documenten niet aan de vijand gegeven of verkocht, maar nieuwsmedia juist om zorgvuldigheid gevraagd in het openbaren ervan. Da’s echter geen spionage, maar het in verlegenheid brengen van de regering-Obama en de NSA.

Tegen Snowden is door de VS strafvervolging ingesteld. Maar in beschouwing kan worden genomen dat Snowden de documenten heeft gestolen met een politiek doel. Om een publiek debat over de surveillance en de opbouw van de controlestaat op te starten. Velen hebben dit erkend, zoals Vince Cable, Hillary Clinton of FISA-rechter Dennis Saylor. Artikel 4 van het Uitleveringsverdrag biedt de Nederlandse regering de ruimte om uitlevering van Snowden niet toe te staan. Aannemelijk is te maken dat de vervolging door de Amerikaanse federale overheid ‘samenhangt met een strafbaar feit van politieke aard‘. Conclusie is dat Nederland weliswaar is gehouden aan het Uitleveringverdrag met de VS, maar dit absoluut niet inhoudt dat het geen ontbindende voorwaarden bevat. Zoals het genoemde artikel 4. Daarom is het standpunt van Plasterk voorbarig dat de Nederlandse regering Snowden geen garantie kan geven om in de kamer te getuigen. Dat valt te bezien.

Foto: Edward Snowden in Hong Kong. Juni 2013. Credits: The Guardian/AP.

Turkije en Nederland profileren en profiteren van kwestie Yunus

with 3 comments

Update 17 maart: De betoging op 21 maart in Rotterdam is door de organisatoren afgelast. De reden is nog niet bekend gemaakt. Op een nieuwe Facebook-pagina wordt wel opgeroepen om te demonstreren: ‘Ze willen voorkomen dat we de protest houden, alles gaat gewoon door!’ Initiatiefnemer is de ‘Islamitische Universiteit’. Feitelijk geen academische instelling maar een Turkse instelling die de Groot Turkse gedachte uitdraagt.

De Turkse premier Recep Erdogan is voor zowel vice-premier Lodewijk Asscher (PvdA) als oppositieleider Geert Wilders (PVV) een geschenk uit de hemel. Door zich tegen hem af te zetten kunnen ze hun eigen democratisch profiel oppoetsen. Het biedt Asscher de kans om zich rechtsstatelijk en gouvernementeel te profileren. Wilders grijpt de kans om zich te tonen als iemand die opkomt voor vrijheid en universele waarden.

Erdogan die in Europa een steeds slechtere pers krijgt is de ultieme bad guy. Reporters Without Borders  omschrijft Turkije als de grootste gevangenis voor journalisten. Het is vrij schieten op de autoritaire Erdogan. Wilders noemt hem een ‘homohater, een zionistenhater, een christenhater en een koerdenhater’. Erdogan bezoekt ons land op 21 maart. Turken grijpen de kwestie Yunus aan om die dag in Rotterdam te betogen tegen de pleegzorg om hun Turkse gezindheid en verbondenheid met Turkije te benadrukken. Dat mag in Nederland. Wilders roept premier Rutte op de uitnodiging te schrappen. Wilders wil dat de ‘smakeloze’ Erdogan lekker in Turkije blijft, want ‘wij hebben hier in Nederland die gekke praatjes niet nodig‘.

Het is de interviewer ontgaan dat de viering van 400 jaar diplomatieke betrekkingen tussen Nederland en Turkije al achter de rug is. Het vond in 2012 plaats. Het heeft blijkbaar weinig indruk op hem gemaakt. Mede door de problematische politieke situatie in Turkije kunnen Nederlanders zich moeilijk vereenzelvigen met Turkije. Het feest is plichtmatig gevierd. Was de viering uitsluitend een vehikel voor economische expansie?

In 2013 worden wel 400 jaar betrekkingen tussen Nederland en Rusland gevierd. Gezien de slechte mensenrechtensituatie in Rusland is hiervoor bij zowel de Nederlandse politiek als het publiek evenmin enig enthousiasme. Een en ander roept de vraag op waarom deze nationalistische feestjes met autoritaire landen als Turkije en Rusland gevierd moeten worden. Door te moeten verkeren met autoritaire leiders als Erdogan of Putin wordt ons staatshoofd onnodig gecompromitteerd. Een democratische toets vooraf door de Tweede Kamer bij dit soort feestjes is gewenst. Zodat een conclusie kan zijn, Japan wel, maar Turkije en Rusland niet.

Hoe moet het verder met Erdogan en Turkije? Wilders’ suggestie om de uitnodiging in te trekken geeft het foute signaal. Alsof Nederland bang is voor de confrontatie met Erdogan. Voorwaarde is wel dat hem in de contacten met Nederlandse politici ondubbelzinnig te verstaan wordt gegeven dat-ie zich niet heeft te bemoeien met intern Nederlands beleid. En dat-ie niets te zeggen heeft over Turken in Nederland. Yunus is een in Nederland geboren Nederlander waarover Erdogan niets te zeggen heeft. De Nederlandse regering kan aan geloofwaardigheid winnen door de invloed die Turkse bewegingen in Nederland op Turkse-Nederlanders uitoefenen actiever dan tot nu toe terug te brengen. Dit Pan-Turkisme bemoeilijkt het leven van Turkse-Nederlanders die willen integreren. Dan levert het bezoek van premier Erdogan nog iets constructiefs op.