George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘J.W. Oerlemans

Petitie van ‘Meer Democratie’: Stop partijpolitieke benoemingen

with 3 comments

40_236998_stop-partijpolitieke-benoemingen-hier

Politieke partijen gijzelen het openbaar bestuur en ontlenen daar hun macht aan. Ze claimen publieke functies en menen daar zelfs recht op te hebben. Slechts 2,75% van de Nederlanders is lid van een politieke partij zodat het niet alleen een onrechtvaardig systeem is dat 97,25% buitensluit, maar ook een onverstandig systeem omdat het talenten van buiten de politiek negeert. Voor de BV Nederland dat economisch, politiek en mentaal stagneert is het een gemiste kans dat een potentieel van betrokken, en goed opgeleide en geïnformeerde burgers uitgesloten is van het openbaar bestuur. Juist omdat ze een frisse blik kunnen bieden.

demo

De beweging Meer Democratie dat min of meer een doorstart is van het ook naar democratische vernieuwing strevende Agora Europa startte op 27 mei het burgerinitiatief Stop Partijpolitieke Benoemingen met als doel om publieke functies voor iedereen open te stellen, niet alleen voor leden van politieke partijen. Tekenen hier.

In mei 2013 verwees dit blog naar politicoloog Nico Baakman naar wie Meer Democratie ook verwijst: ‘Ter onderbouwing verwijst Baakman naar artikel 1 van de Grondwet. Discriminatie wegens politiek gezindheid is niet toegestaan. In artikel 5,4 van de Algemene Wet Gelijke Behandeling wordt dit uitgewerkt. Een direct onderscheid vanwege politiek gezindheid wordt verboden, maar tegelijk geldt de volgende uitzondering: ‘Het eerste lid is niet van toepassing op eisen met betrekking tot de politieke gezindheid die in redelijkheid kunnen worden gesteld in verband met de vervulling van functies in bestuursorganen en adviesorganen.

wet

Ik vervolgde: ‘Ofwel, de wetgever vindt het redelijk dat er bijkomende eisen van politieke gezindheid voor de vervuling van functies in het openbaar bestuur worden gesteld. Omdat uitsluitend leden van een kartel van politieke partijen dit onder elkaar toetsten worden buitenstaanders voor publieke functies wettelijk en praktisch buiten de deur gehouden. Feit dat de omschrijving ‘in redelijkheid‘ niet is gedefinieerd, maakt het er nog extra partijdig op.’ Baakman zag het in 2010 somber in: ‘Als je om politieke criteria uit een functie in het openbaar bestuur geweerd bent, heb je juridisch geen poot om op te staan. Wil je serieus iets aan politieke benoemingen doen, dan zal dit wetsartikel op de schop moeten.Meer Democratie pakt Baakmans idee nu op.

Partijpolitieke benoemingen zijn nauwelijks uit te roeien omdat politieke partijen hun macht niet vrijwillig opgeven, de benoemingen in de wet verankerd zijn en niemand de wetgever (dus: de politieke partijen) kan dwingen een deel van hun macht op te geven. Tegen deze gelegitimeerde onrechtvaardigheid liepen velen binnen en buiten politieke partijen al te weer. Zo laakte J.W. Oerlemans in zijn befaamde artikel ‘Eenpartijstaat Nederland‘ uit 1990 de stand van de democratie, maar veranderde er in 25 jaar niets fundamenteels.

Twijfelachtig is of de petitie de schil van de macht ver genoeg afpelt. Macht draait niet om benoemingen in publieke functies en politieke partijen. Deze zijn instrumenten van de macht en worden door anderen aangestuurd. Ik schreef in 2010: ‘De macht achter de macht stuurt het systeem feilloos. Het is tot perfectie gevoerd, leidt af van de macht en focust op incidenten. Het meerpartijenstelsel kent geen ideologische strijd, de bevolking herkent zich niet in de politiek en de politicus wordt door het systeem ingekapseld. Burgers worden gevoed zich zorgen te maken over symptomen en zo de structuur te vergeten. De montage is onzichtbaar en de vicieuze cirkel immens.’ Toch kan het geen kwaad de petitie te tekenen om een begin te maken met machtsdeling die burgers een kans geeft. Maar naar verwachting levert het niet meer op dan gekrabbel in de marge. Bewustwording over het functioneren van het politieke bestel is mooi meegenomen.

Foto 1 en 2: Schermafbeelding van Meer Democratie / Stop partijpolitieke benoemingen: achtergrondinformatie, 29 mei 2015.

Foto 3: Schermafbeelding van Algemene wet gelijke behandeling, artikel 5.4.

Advertenties

G1000 Uden op weg naar democratie binnen lijnen bestaande macht

with 2 comments

In het Brabantse Uden zegt ‘een groep betrokken Udenaren’ die zich G1000 noemt op weg te zijn naar een andere democratie. Wie de initiatiefnemers zijn wordt uit de uitingen van de G1000 niet direct duidelijk. Dat geeft te denken over de opzet. Een verwijzing naar de passiegroepUdenaar de toekomst met het motto ‘Groen, Gezond, Gastvrij en Gezellig’ noemt namen: Mirande Heffels en Marcel Klösters als coördinatoren. Miranda Heffels is Projectleider Toekomstvisie bij Gemeente Uden en Marcel Klösters een oud-werknemer van de HEMA. Zo ontstaat het beeld dat via projectleider Miranda Heffels de gemeente Uden als initiatiefnemer direct betrokken is bij de G1000. Op zijn minst zet dat vraagtekens bij de claim dat de burgers onder elkaar beraadslagen en hoe anders die andere democratie kan zijn. G1000 is een project waarin Uden deelneemt.

De Udense G1000 verwijst naar het initiatief van David Van Reybroeck die voorstelt om de democratie te verbeteren. Hij heeft het opgeschreven in zijn pamflettistisch boek ‘Tegen Verkiezingen‘. Parlementen en politieke partijen verliezen aan vertrouwen. Hoe kan dit democratische tekort opgelost worden? Democratie eindigt maar al te vaak in corruptie, lobbyen, belangenverstrengeling en een in zichzelf gekeerde en geïsoleerde partijpolitiek. Dat zijn de vragen die Van Reybroeck stelt. Hoe onafhankelijk van gevestigde belangen de Udense G1000 optreedt is de vraag. Lijkt het niet eerder op een getemde variant van wat Van Reybroeck voorstaat? Ofwel: ‘Gezellig’, kritiek maar met mate. Uitsluitend inkleuren binnen de lijntjes.

Daarbij komt het optreden van minister Plasterk van Binnenlandse Zaken. Hij krijgt veel kritiek. Zie het AIVD-dossier waaruit blijkt dat Plasterk meegaat in de inperking van de burgerrechten door minister Opstelten en zie zijn niet gewilde ideeën van bestuurlijke herindeling die hij als een loopjongen van de VVD uitvoert, maar waartegen de lokale politiek zich succesvol verzet. Het is daarom de vraag wie Plasterk bij dit initiatief dat een burgerinitiatief heet te zijn heeft uitgenodigd. Waarom zouden burgers minister Plasterk uitnodigen? Wat heeft hij hier te zoeken? Want stel dat hij deel van het probleem is. Da’s niet onmogelijk. Dit wijst er opnieuw op dat het openbaar bestuur direct betrokken is bij de G1000 en het voor het eigen karretje spant.

Moet dan de conclusie zijn dat de Udense G1000 tegelijk fopspeen, ventiel en bliksemafleider is om de burger te misleiden? En in slaap te wiegen. Zodat deze G1000 geen initiatief is dat er op uit is om de democratie te veranderen, maar juist dient om de status quo te handhaven. Dat alles nog los van het feit dat door Europese en Haagse besluitvorming en regelgeving de Udense burger niet eens over de hoofdzaken kan meepraten. Zo beredeneerd is de Udense G1000 een vals en verwerpelijk initiatief dat burgers het idee geeft dat ze serieus genomen worden en ze meepraten. Wat ze het besef ontneemt dat dit afleidt van een fundamenteel debat over de inrichting van de politiek en het delen van de macht. Zo gezien is de Udense invulling van de G1000 hypocriet. Er kan van gezegd worden dat het de democratie dient door de status quo te bevestigen. Dit heet met een ander woord conservatisme. Het is een getemde en brave versie van wat Van Reybroeck voorstaat.

Wedzinga bekritiseert de stand van de democratische rechtsstaat

with one comment

Wicher Wedzinga heeft het niet zo op het establishment en de pretenties over de zogenaamde democratische rechtsstaat en de rechtspraak zonder rechtsongelijkheid en met onpartijdige rechters. Wedzinga chargeert en trekt de claims in het absurde, maar geeft wel te denken. Want de stand van de democratische rechtsstaat is relatief. Onderzoeken wereldwijd over de rechtsstaat, persvrijheid en algemeen welzijn wijzen steevast uit dat Nederland goed scoort in vergelijking met landen waar het slechter is gesteld. Dat beeld klopt waarschijnlijk wel. Dit betekent niet dat Nederland ideaal is en hier geen onrecht, manipulatie of corruptie bestaat. Wedzinga suggereert dat Nederland er vooral goed in slaagt om het onrecht te verhullen en zich tolerant te tonen.

Politieke partijen functioneren als een gesloten en in zichzelf gekeerd circuit. De ruimte die de bewindslieden Opstelten en Teeven op Veiligheid en Justitie voor hun onbarmhartig beleid krijgen is hiervoor symbolisch. J.W. Oerlemans sprak in 1990 over de zelfvoldane parlementaire democratie in het artikel Eén-partijstaat NederlandTekenend voor de stand van zaken van het politiek-filosofische debat is dat het artikel -evenals de brochure Gastarbeid en Kapitaal (1983) van Anton Constandse– zo goed als onvindbaar is op internet en geen deel uitmaakt van het politieke debat. Nederlandse partijpolitiek en media poetsen de fundamenteel kritische denkers weg. Zoals ook Wedzinga in de marge opereert. Zie hier mijn kritiek en oplossingen van anderen.

Over politieke en economische ongelijkheid en de redding van de democratie uit handen van de elite

with 8 comments

Cenk Uygur varieert op het thema dat in de politiek de stem van de gemiddelde burger niet meer doorklinkt. Partijpolitiek is failliet. In de VS is in 1978 een ontwikkeling in gang gezet die bedrijven en belangengroepen zoveel invloed op de politiek heeft gegeven dat er sprake is van een oligarchie. Dat wil zeggen dat de macht in handen is van een kleine elite uit het bedrijfsleven, maatschappij, politiek en veiligheidsindustrie.

De analyse spoort met de (maatschappij)kritiek van de Franse econoom Thomas Piketty die is gespecialiseerd in economische ongelijkheid. In de VS nu ook een succes in de Engelse vertaling ‘Capital in the Twenty-First Century‘. Hij stelt een progressief belastingstelsel voor in combinatie met een ‘rijkenbelasting‘ die kan oplopen tot 2% om de economische ongelijkheid te nivelleren. Aanname is dat door de afname van de economische ongelijkheid de stem van de gemiddelde burger weer in de politiek gaat klinken.

De Amerikaanse politiek is door de macht van het grote geld zo ontspoord dat gezorgd moet worden dat dit in Nederland niet zover komt. Daar wordt aan gewerkt. Vorige maand ging de Commissie van toezicht financiën politieke partijen van start, met Liesbeth Spies (voorzitter), Ewout Irrgang en Ed Anker. Maar het aan regels binden van partijfinanciering is niet voldoende om een scheefgegroeid politiek bestel vlot te trekken. De dominantie en geslotenheid van het systeem van partijpolitiek en de vermenging met het openbaar bestuur zou ook onderwerp van onderzoek moeten zijn. Bijvoorbeeld door nieuwe technische vormen van burgerparticipatie als E-democracy sneller te ontwikkelen en er in een proefproject mee te experimenteren.

J.W. Oerlemans sprak in 1990 profetisch van de Eén-partijstaat Nederland. Ik verwoordde dat in april 2011: ‘De macht achter de macht stuurt het systeem feilloos. Het is tot perfectie gevoerd, leidt af van de macht en focust op incidenten. Het meerpartijenstelsel kent geen ideologische strijd, de bevolking herkent zich niet in de politiek en de politicus wordt door het systeem ingekapseld. Burgers worden gevoed zich zorgen te maken over symptomen en zo de structuur te vergeten. De montage is onzichtbaar en de vicieuze cirkel immens.

Daarom is het ter discussie stellen van de politieke en economische ongelijkheid zinvol. Het is de beste strategie om een begin te maken met het dichten van de kloof tussen arm en rijk, oligarchie en stemlozen.

De afstand van de burger tot de politiek moet niet te groot en kan niet te klein zijn. Samenleving en politiek vallen per definitie niet samen omdat er altijd een niveau bestaat waarop door onderhandeling en overtuiging afwegingen worden gemaakt. Dat vraagt om delegatie en representatie. In de context van de kritiek van Cenk Uygur, Thomas Piketty of de Italaaanse grillist Paolo Becchi kan het begrip ‘populisme‘ begrepen worden. Dat wordt vaak als spookbeeld ‘opgeroepen om die oligarchie van economische belangen van grootbedrijven en banken te beschermen.’ Als populisme tot doel heeft om de politieke en economische ongelijkheid terug te dringen, dan kan het op z’n minst tijdelijk eraan meewerken om die elite te ontmaskeren en te ontmantelen.

oppertoon10

Foto: Frederick Opper, ‘Now, Willie, you and Teddy can have a nice game of peek-a-boo. Papa likes to see little boys enjoy themselves.’ Over de Amerikaanse presidentskandidaten Theodore Rooesevelt en Willie McKinley en de Trusts, 1901.

CDA doet aan vernieuwing: de gekozen burgemeester. Nou en?

with one comment

2108170-487-500

Het politieke systeem loopt vast. Het vertrouwen in de politiek is historisch laag. Nederlanders herkennen zich niet in wat politici zeggen en doen, en ze hebben het gevoel daar ook geen invloed op te kunnen uitoefenen. Gevolg: een wijdverspreid wantrouwen naar de politiek in Den Haag en onvoldoende bekendheid met de politiek in de eigen gemeente.‘ Aldus de analyse van de huidige politiek door het CDA op haar website.

Hoe volmondig kiest het CDA voor de samenleving en tegen het huidige politieke systeem dat dateert uit de 19de eeuw en nooit is aangepast? Ofwel, is het marketing of werkelijk een ommezwaai? De keuze lijkt een stijlbreuk van een bestuurderspartij die altijd hard op de rem van de bestuurlijke vernieuwing stond. Kan het CDA leven met een post-Thorbecke model dat Guus Berkhout zo omschreef: ‘We moeten dus niet doorgaan met het kiezen van politici die erop uit zijn om het oude bestuurlijke model ‘whatever it takes’ aan de praat te houden.’ Da’s niet de ultieme consequentie die het CDA trekt. Ooit werd het sentiment dat de afstand tot het volk niet groot genoeg kan zijn en de burger gerust kan gaan slapen (à la Hendrik Colijn) omdat de politiek waakt, verwoord door de regent en prominente CDA’er Anton Zijderveld die in 2009 uit de partij stapte.

CDA kiest eieren voor haar geld door de grootste abnormaliteiten aan te passen. Maar zonder het oppergezag van de politieke partijen aan te tasten die de regie moeten blijven houden. Onder de Haagse kaasstolp waar nooit iets verandert worden zelfs cosmetische veranderingen als ommezwaai opgevat. Maar bij een jongere generatie die volgens andere lijnen van democratisering denkt (e democracy) maakt dat weinig indruk. Natuurlijk heeft het CDA gelijk dat zoals nu burgemeesters worden gekozen in een volwassen democratie niet thuishoort: ‘Op dit moment worden burgemeesters op een hele ondoorzichtige manier gekozen via een vertrouwenscommissie en de gemeenteraad (..)‘. Het is de absurditeit van het Nederlandse politiek bestel dat de burger buiten de deur houdt en de macht krampachtig in handen van de politieke partijen blijft leggen.

Het CDA wil dus een gekozen burgemeester en de invoering van een gemengd kiesstelsel. Het claimt zo de kloof met de burger te verkleinen: ‘Het land wordt daarvoor onderverdeeld in 75 kiesdistricten. De kiezer brengt daarbij twee stemmen uit: één op een landelijke politieke partij en één op een lokale kandidaat uit zijn kiesdistrict. Dat zorgt voor een directere verbinding tussen de kandidaat en de regio.’ CDA en D66 juichen nu hun eigen vernieuwing toe die feitelijk niet meer is dan achterstallig onderhoud dat 40 jaar te laat plaatsvindt. Het huis van de Nederlandse democratie krijgt een lik verf waar burgers om structurele verbouwing vragen.

Foto: Oud KVP-voorzitter Norbert Schmelzer zingt het CDA-lied, 1977. Credits: ANP/ Arthur Bastiaanse.

Van Gijzel pleit voor vernieuwing politiek bestel

with 3 comments

De Eindhovense burgemeester Rob van Gijzel vindt dat het kabinet gebrek aan visie heeft. Hij roept in zijn  nieuwjaarstoespraak het kabinet op ‘een nieuwe samenhangende visie te creëren op de bestuurlijke en politieke inrichting van Nederland.’ Van Gijzel is kritisch: ‘Ik zie een Rijksoverheid die denkt vanuit een verticale, hiërarchische wereld en zo de aansluiting op de horizontale netwerksamenleving vrijwel volledig aan zich voorbij ziet gaan. Ik zie een Rijksoverheid die visieloos taken centraliseert en decentraliseert, samenvoegt of juist weer scheidt.’

De PvdA-er roept op om de grenzen niet te sluiten omdat dit op termijn de economische ontwikkeling schaadt. Als burgemeester van Eindhoven dat veel innoverende bedrijven en bedrijfjes heeft laakt Van Gijzel de terughoudende houding ten opzichte van innovatie: ‘De publieke investeringen in onderzoek en ontwikkeling zijn laag, en gerichte economische stimuleringsmaatregelen blijven achter. Wanneer we op de huidige weg doorgaan zal Nederland in 2030 gezakt zijn van de 18de plaats naar de 32ste plaats op de ranglijst van ’s werelds grootste economieën.’

Wat Van Gijzel opmerkt is niet bijzonder. Al zo vaak is opgemerkt dat het Nederlandse politieke en bestuurlijke bestel aan vernieuwing toe is omdat het sinds het midden van de 19de eeuw niet meer is aangepast. Feitelijk kent Nederland een eenpartijstaat waar de burger aan de zijlijn staat. En ook is de laatste jaren al vaak gezegd dat het economisch beleid van de kabinetten Rutte achterblijft en averechts uitpakt. Boekhouden en op de winkel passen winnen het van stimulering en innovatie. Bijzonder is dat een gezaghebbende PvdA-er het zegt.

De Nederlandse politieke klasse is behoudend en bang voor vernieuwingen. Notabene Rob Van Gijzel werd in een bizar experiment met het burgemeestersreferendum gekozen dat in Utrecht en Eindhoven door de PvdA en het CDA bewust om zeep werd geholpen. De politiek zweert bij de eigen verticale macht en blokkeert stelselmatig de horizontale macht van machtsdeling met en inspraak van de burgers. Of Van Gijzel binnen die logica optreedt als stoom die het systeem af en toe kosmetisch afblaast of werkelijk vernieuwing en ommekeer in de machtsverhoudingen van politiek en openbaar bestuur nastreeft is de vraag. Het debat over vernieuwing is gewenst.

Politieke hervorming: Met Berkhout op weg naar een post-Thorbecke model

with 4 comments

trojan democracy horse

Hoogleraar Innovatie Guus Berkhout schetst in de ‘De nieuwe democratie komt eraan‘ met de ondertitel ‘Essay over een ingrijpende renovatie van het ‘Huis van Thorbecke’ met nieuwe rollen voor overheid, bedrijfsleven en burgers‘ de democratie van de toekomst. Uit 2012. Door de uitwisseling van tweets tussen Petra de Boevere en Dirk Poot stuitte ik erop. De conclusie is: ‘We moeten dus niet doorgaan met het kiezen van politici die erop uit zijn om het oude bestuurlijke model ‘whatever it takes’ aan de praat te houden.‘ Achterliggend idee is dat Nederland sinds de 19de eeuw ‘immens veranderd‘ is, maar de inrichting van onze staat ‘vrijwel hetzelfde is gebleven‘. Bij het aan de praat houden van een ‘sterk verouderd systeem‘ zet Guus Berkhout vraagtekens.

Hij acht het nodig dat ‘niet politieke partijen‘ maar ‘burgers de politieke agenda opstellen‘. Want: ‘Ons land is hard toe aan een nieuw democratisch model dat voldoet aan de eisen van de moderne tijd, dat past bij onze hoogontwikkelde maatschappij met een sterke middenklasse, en vooral, een model dat in deze tijd van grote verwarring nieuwe hoop geeft voor een betere toekomst. De huidige politieke generatie heeft jongeren niets te bieden.‘ Berkhout combineert dat met reorganisatie van de verzorgingsstaat. Door ‘ingrijpende bestuurlijke vernieuwingen‘ kan zo een ‘wezenlijke cultuuromslag‘ in politiek en samenleving gerealiseerd worden.

Berkhout houdt een pleidooi voor machtsoverdracht naar de burger en ziet zo ‘een nieuw evenwicht in de relatie tussen overheid en burger‘ ontstaan. De hoog ontwikkelde burgers bepalen ‘(1) de inhoud van het regeerprogramma, kiezen de volksvertegenwoordiging en ook de minister-president; (2) dit wordt uitgevoerd door een programmakabinet met projectministers en (3) burgers zijn in het vernieuwingproces co-creator’. Gevolg is dat iedere burger naar vermogen deelneemt en als geheel de samenleving geactiveerd wordt.

In een analyse schetst Berkhout het 19de eeuwse Thorbecke model dat getypeerd wordt door noties als ‘hiërarchie’, ‘top-down’, ‘regelgeving’, ‘in control’ en nog steeds leidend is voor de inrichting van Nederland. Met als gevolg ‘een immense bestuurlijke complexiteit met onwerkbare oplossingen‘. Het Post-Thorbecke model  gaat uit van een bestuurlijk model met ‘meer visie in de top‘ en ‘meer invloed van benedenaf‘.

De observaties van Berkhout zijn verstandig en logisch. Maar zijn analyse gaat mank omdat het voorgestelde model een vergezicht blijft dat onvoldoende de praktijk binnenhaalt. Een onmogelijke opgave voor elke vernieuwer. Hoe hij de politieke partijen ertoe wil bewegen om vrijwillig (een deel van) hun macht af te staan wordt niet duidelijk. Vraag is of dat in Nederland door hervormingen kan. Hij heeft daar geen list voor. Want da’s toch het schakelpunt tussen theoretische bespiegelingen en de praktijk. Onze parlementaire geschiedenis leert dat de gevestigde politieke partijen elke hervorming van het politieke systeem blokkeren. Redenerend vanuit een tweedeling tussen ‘politiek’ en ‘burger’ menen ze zelfs dat de kloof tussen tussen politiek en burger niet groot genoeg kan zijn. Niet in het minst om de macht van de politieke partijen te bestendigen.

Natuurlijk behoort in een nieuw bestuurlijk systeem dat bij de tijd is en aansluit bij het potentieel van burgerij en techniek de bevolking de leiding te nemen. Maar de 2% van de bevolking dat de politieke partijen bemenst geeft de macht en functies in het openbaar bestuur niet vrijwillig op. Op een vervreemdende manier moest ik bij lezing van de interessante ideeën van Berkhout eraan denken hoe in Kosovo onder leiding van Ibrahim Rugova na 1989 ondergronds een parallelle schaduwsamenleving werd opgebouwd door de Albanezen. Kan zo de Nederlandse bevolking leren omgaan met de ‘bezettingsmacht’ van de politieke partijen? Niet door samenwerking te zoeken, maar er een compleet ander systeem naast te zetten waarop de gevestigde politiek geen invloed heeft. Dat kan vormgegeven en afgebakend worden via een systeem van Liquid Democracy.

Foto: Is democratie een val?