Staatsbureaucratie kan kleiner

Aan de hand van een overpeinzing over de Auschwitz-herdenking bouwt de Utrechtse activist en dwarsdenker Kees van Oosten een betoog op dat de oorzaak van genocide niet bij gevaarlijke religies, ideologieën en intolerantie legt, maar bij de staatsbureacratie. Het klinkt marxistisch. Jammer dat ik het zo laat onder ogen kreeg. Het is een aannemelijk en niet geheel nieuw verhaal dat de schuldvraag voor volkerenmoord niet beantwoordt door naar de burger te verwijzen, maar naar de staat.

Van Oosten verwijst naar historici als Raul Hilberg en Zygman Bauman die reflecteerden op de Holocaust en de moderne samenleving. De rationele wereld van de moderne beschaving maakte de holocaust mogelijk zo citeert Van Oosten Bauman. Men zou er The Holocaust Industry: Reflections on the Exploitation of Jewish Suffering van Norman Finkelstein nog aan kunnen toevoegen. Maar ook een controversieel boek, Finkelstein mag Israël niet meer in.

In elk geval gaat de visie die genocide ziet als meer dan de uitsluiting van joden vanwege antisemitisme verder dan Amsterdams burgemeester Eberhard van der Laan die verwijst naar Nooit meer Auschwitz en het daar bij laat. Wie kwaadwillend is kan beredeneren dan Van der Laan het staatsapparaat uit de wind houdt waarvan hij zelf deel uitmaakt. Wie goedwillend is kan denken dat-ie waarschuwt voor het kwaad, maar de verschijningsvorm ervan niet kent. Maar wat zou het fijn zijn als we alle sentimenten, versimpelingen en miskenningen over religie, ras en ideologie niet meer hoefden aan te horen.

Op het idee dat door rationaliteit de moderne zich onderscheidt van de primitieve samenleving, valt volgens Van Oosten heel wat af te dingen. Want ‘De staatsbureaucratie beschouwen Hilberg en Zygman ten onrechte en in navolging van Weber als de belichaming van rationeel bestuur’. De staatbureaucratie die in hun ogen de Holocaust mogelijk maakte was behalve middel namelijk ook oorzaak. En daarin zit hem de crux.

Van Oosten vervolgt: Met andere woorden, functionarissen in een bureaucratie zijn er voortdurend op uit om werk te genereren en uitdagingen te zoeken die aansluiten bij hun competenties. De meest doeltreffende manier om dat voor elkaar te krijgen, is categorieën minderheden en ‘onaangepasten’ in de samenleving aan te wijzen en tot object van beleid en restrictieve regelgeving te maken, zoals dat tegenwoordig met migranten en uitkeringsgerechtigden gebeurt.

Via Hannah Arendt en Philip Zimbardo bouwt Van Oosten een betoog op dat de rol van ideologie, religie en intolerantie relativeert en die van psychologie, bureacratie en staatsmacht centraal zet als oorzaak van volkerenmoord. Ik stem in met de slotconclusie die hier vaker heeft geklonken en de aandacht voor moslims als afleiding ziet: De veel gehoorde waarschuwingen over intolerante ideologieën en religies leiden slechts de aandacht af van het werkelijke gevaar: de bureaucratische staat. 

Maar waar ligt het omslagpunt van bureaucratie naar nachtwakersstaat? En is het gewenst om afscheid te nemen van de verzorgingsstaat die de zwakkeren beschermt? In elk geval lijkt duidelijk dat in Nederland een bureaucratie bestaat die zichzelf onmisbaar maakt en problemen genereert om aan het werk te blijven en machtsposities te bezetten. Een constante is dat snijden in het overheidsapparaat keer op keer mislukt door obstructie van de bureaucratie, terwijl externe adviseurs ingehuurd moeten blijven worden. Laten we de bureacratie als probleem hoger op de agenda zetten.

Foto: Kantoor uit LIFE