Oekraïne: Een nieuwe regering, maar hoe zit het met de hervormingen?

Simon Ostrovsky keert voor Vice News terug naar Oekraïne. Hij onderzoekt hoe het is gesteld met de corruptiebestrijding. President Petro Porosjenko wordt in de Panama Papers genoemd en dat is geen gunstig teken. Welk perspectief heeft Oekraïne met de nieuwe regering onder leiding van Volodimir Groisman die niet bekend staat als hervormer? Ostrovsky praat met parlementslid Serhij Leschenko die als lid van Porosjenko’s partij teleurgesteld is in de president. De Amerikaanse ambassadeur Geoffrey Pyatt geeft ondanks het lage tempo van hervormingen de nieuwe regering Groisman het voordeel van de twijfel. Hoe kan het Oekraïense volk dat al 25 jaar vraagt om corruptiebestrijding en hervormingen, maar dat maar steeds niet krijgt gediend worden met een regering en een president die de corruptie niet of nauwelijks zullen aanpakken? Ofwel, hoe kan de Oekraïense bevolking wel geholpen worden. Orysia Lutsevych van de Britse denktank Chatham House geeft haar visie op de laatste ontwikkelingen:

Oekraïense corruptie moet benoemd worden bij campagne voor referendum

From left, then-Economy Minister Petro Poroshenko stands with officials including then-Prseident Victor Yanukovych (second from right) in Luhansk on Oct. 16, 2012. (UNIAN)

From left, then-Economy Minister Petro Poroshenko stands with officials including then-Prseident Victor Yanukovych (second from right) in Luhansk on Oct. 16, 2012. (UNIAN)

Corruptie in Oekraïne speelt een hoofdrol in de campagnes voor het referendum. Het JA- en het NEE-kamp zien er een reden in om respectievelijk voor of tegen de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne te stemmen. Allebei goed verdedigbare standpunten. De voorstanders zeggen dat de associatie met de EU de hervormers in Oekraïne de stok achter de deur geeft om te hervormen en dat dat het verschil maakt omdat het land dat niet zelf kan. De tegenstanders zeggen dat associatie de corruptie in de EU importeert en de EU aantast. Corruptie is een bedreiging voor economische groei en sociaal-maatschappelijke cohesie.

Corruptie is het grootste probleem van Oekraïne. Nog meer dan oorlog. Op de jaarlijkse index over 2015 van Transparency International staat het land op een gedeeld 130ste plaats (van de 168 landen) en scoort het het slechtst van alle Europese landen. Een minieme verbetering in vergelijking met 2014 (142 van de 175). De vertegenwoordiger van Transparency International in Oekraïne Andriy Marusov spreekt in een interview voor Ukraine Today zijn teleurstelling uit over de trage hervormingen en de slechte vooruitzichten op verbetering.

Op 3 februari kondigde de Litouws-Oekraïense minister van Economische Zaken Aivaras Abromavicius zijn ontslag aan en beschuldigde president Petro Porosjenko ervan de corruptie niet aan te pakken en de corrupte partijgenoot Ihor Kononenko de hand boven het hoofd te houden. Kyiv Post bericht. De ontslagbrief sloeg in als een bom en werd gezien als een slag voor de hervormingen. Het bracht 10 Westerse ambassadeurs tot het schrijven van een brief waarin ze het ontslag betreurden en hamerden op de noodzaak van hervormingen. In een redactioneel stelt hoofdredacteur Brian Bonner van Kyiv Post president Porosjenko gelijk met de in 2014 afgetreden president Viktor Janoekovitsj. De huidige president zou de oligarchen gaan bestrijden, maar heeft dit nagelaten. Porosjenko is volgens Bonner geen deel van de oplossing, maar van het probleem. Tenzij hij zijn beleid snel omgooit en de corruptie frontaal aanpakt. Anders komt de afrekening bij de verkiezingen.

Lachende derde is de Russische Federatie. Het heeft de geheime oorlog (2014-2016) die het ontkent te voeren tegen Oekraïne ondanks groot materieel overwicht niet kunnen winnen. Dat was te danken aan Oekraïense vrijwilligersbataljons die standhielden en niet aan het leger dat slecht presteerde. Dat laatste kwam deels door corruptie zoals verkoop van materiaal, jarenlange verwaarlozing, een ouderwetse commandostructuur die op Sovjet-leest geschoeid was en Russische mollen die op allerlei sleutelposten in de Oekraïense krijgsmacht exact wisten wat er in het Oekraïense leger gebeurde. Met funeste gevolgen en vele Oekraïense doden. Vanaf het begin was duidelijk dat het Kremlin in de politieke, militaire en economische elite van Oekraïne vertegenwoordigd was en die posities als een geheime verdedigingslinie had opgebouwd.

Het bovenstaande komt samen in een blogposting van Paul Goble die de Kievse journalist Sergey Kulida citeert die stelt dat ‘FSB mollen of hun agenten tot op de dag van vandaag doordringen in vele Oekraïense staatsstructuren’. De FSB is de Russische geheime dienst. Volgens Kulida is wat er op dit moment in de regering, het parlement of de krijgsmacht plaatsvindt niet te begrijpen zonder die Russische inmenging tot op het hoogste niveau erin te betrekken. Die Russische invloed is een middel dat het Kremlin de mogelijkheid tot continue ondermijning geeft van Oekraïense staatsstructuren. De enige redding voor Oekraïne is om dit niet omfloerst te benoemen en vervolgens rigoureus aan te pakken. Met behulp van partners. Zuivering (lustration) is een voorwaarde voor Oekraïne om het verleden achter zich te laten, zich definitief te bevrijden van haar rol als vazalstaat van Rusland en eindelijk de corruptie serieus te bestrijden en de maatschappij te hervormen.

Evenals in Oekraïne kan bij de campagne voor het referendum dat aspect van Oekraïense corruptie en trage voortgang van de hervormingen uitsluitend begrepen, verklaard en met overtuiging uitgelegd worden door die Russische invloed tot op het hoogste niveau uitdrukkelijk te benoemen. Zelfverrijking door corruptie is geen doel, maar een politiek middel van een buitenlandse staat dat dient om de Oekraïense staatsstructuren en economie te verzwakken. De campagne voor het referendum wint aan overtuigingskracht als dit aspect van corruptie onderwerp van gesprek wordt. Het ongewenst importeren van die Oekraïense corruptie Russische stijl is zeker een risico voor de EU zoals de tegenstanders zeggen, maar tevens een kans om het Kremlin terug te dringen tot op eigen grondgebied en Oekraïne te helpen haar eigen geschiedenis opnieuw zelf te beginnen.

Foto: Uit artikelBrian Bonner: Poroshenko becoming another Yanukovych’, 4 februari 2016. 

Mislukt debat bij Nieuwsuur tussen Van Bommel en Van Hulten over Oekraïne-referendum

In de aanloop naar het Nederlandse referendum over de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne op 6 april 2016 hield Nieuwsuur op 2 februari een debat. Omdat de informatieverstrekking ondergeschikt was werd het een mislukking. Woordvoerder van de JA-campagne Michiel van Hulten (PvdA) kende de feiten onvoldoende en wist niet passend te reageren, en Harry van Bommel (SP) die in de ontregel-stand stond stelde de feiten verkeerd voor. De kijker die op zoek was naar de waarheid werd het slachtoffer van dit debat.

Harry van Bommel maakt het er het meest bont op. Het viel op dat hij zich zelfs in zijn taalgebruik (‘etnische Russen’) leek te vereenzelvigen met het perspectief van de Russische regering. Als een polder-Stalinist biedt Van Bommel een karikatuur van iemand die probeert de standpunten van het Kremlin zo nauwgezet mogelijk te verwoorden. Het is beschamend dat een Nederlandse volksvertegenwoordiger aanhaakt bij het Russische, en niet bij het Nederlandse standpunt. Al is dat in kritische zin. Van Hulten heeft geen weerwoord. Op zijn beurt lijkt hij ontregeld door de ontregelende uitspraken van Van Bommel. Opvallend is trouwens dat Van Hulten stelt dat het raadgevende referendum opgevat moet worden als bindend. Daarmee gaat hij op de stoel van de regering zetten en verwart hij de campagne met de staatsrechtelijke ruimte die het kabinet heeft.

Van Bommel bouwt zijn betoog op de aanname dat Oekraïne tot op het bot verdeeld is. Dat is juist, maar anders dan hij het voorstelt. Hij legt de breuklijn verkeerd. Die lijn volgt niet eenduidig etnische verschillen. Een meerderheid van meer dan 90% steunt de eenheidsstaat Oekraïne. Uit opinieonderzoeken, zoals PEW, 2015  blijkt dat minder dan 10% van de Oekraïeners zelfstandigheid voor de zogenaamde volksrepublieken Donetsk en Loehansk wil of aansluiting ervan bij de Russische Federatie. De echte breuklijn in Oekraïne loopt tussen degenen die de corruptie hard en doelmatig willen bestrijden en degenen die het als systeem in stand willen houden. Het is het verschil tussen de oude elite en degenen die hun lot in eigen hand willen nemen, onder wie de jongere generaties. De laatsten zien daarvoor de meeste kansen door associatie met de EU.

Uitgaande van die weergave van etnische verdeeldheid deelt Van Bommel ‘etnische Russen’ en ‘Russisch sprekenden’ automatisch in bij het pro-Kremlin kamp. Dat is onjuist omdat vele Russische-Oekraïeners om politieke en economische redenen afstand nemen van het Kremlin dat denkt in termen van Novorossiya of ‘Groot Rusland’. Ze steunen de eenheidsstaat Oekraïne. Van Bommel stelt de verhoudingen tussen de verschillende bevolkingsgroepen te simpel voor. In het verlengde daarvan suggereert hij dat die zogenaamde etnische verdeeldheid de oorlog vanwege binnenlandse verschillen heeft aangejaagd. De klacht van de Russische oud-rebellenleider in Donetsk Igor Girkin in de zomer van 2014 duidde op het tegendeel. Girkin en andere door het Kremlin naar Oost-Oekraïne gestuurde rebellenleiders viel het op dat de lokale bevolking niet in beweging te brengen was voor een revolte tegen Kiev en zich ondanks alles vooral Oekraïens voelde. Het waren Russische vrijwilligers, huurlingen en militairen, en Oekraïense beroepsrevolutionairen die hun kansen roken die een idee van een burgeroorlog moesten suggereren wat feitelijk een oorlog tussen twee landen was.

Van Bommel pleidooi voor een pas op de plaats voor Oekraïne is niet anders dan een beloning van de huidige ondermijning en destabilisatie van Oekraïne door de Russische Federatie. De situatie waarin Oekraïne zich nu bevindt is geen natuurlijke situatie waarin het land zich door eigen toedoen bevindt. Bijzonder aan de huidige situatie van Oekraïne is de door de Algemene Vergadering van de VN in maart 2014 in een resolutie breed veroordeelde bezetting van de Krim en de continue aanwezigheid van tussen de 5.000 en 10.000 reguliere Russische militairen in Oost-Oekraïne. Zo’n pas op de plaats levert Oekraïne over aan de invloed van de Russische Federatie die er alle belang bij heeft dat het land zich niet ontwikkelt zoals het zou kunnen doen in associatie met de EU. Ondermijning en destabilisatie zijn doel van het Kremlin opdat Oekraïne niet kan normaliseren. Ontwikkeling in associatie met de EU verkleint de Russische invloed in Oekraïne en geeft Russen een voorbeeld op de eigen drempel van een Oost-Europees land dat succesvol voor burgers kan zijn.

Zo fabuleert Van Bommel verder over een afspraak in 1990 tussen de toenmalige Sovjet-Unie en het Westen over de uitbreiding van de NATO naar de Russische grens. Zo’n afspraak is nooit gemaakt en was zelfs in de gesprekken in die jaren tussen de Sovjet-Unie en het Westen geen onderwerp van gesprek, behalve over voormalig Oost-Duitsland zoals oud-president Gorbachov in een interview in 2014 op een rijtje zette. Het is gewenst dat Nieuwsuur de volgende keer een debat tussen historici met kennis van de recente geschiedenis van Oost-Europa organiseert. De misleidingen van Van Bommel informeren het publiek niet, evenmin het gebrek aan feitenkennis van Van Hulten. De Nieuwsuur-redactie had dit zorgvuldiger moeten voorbereiden.

Leon de Winter koestert zelfbedrog als werkelijkheid over Oekraïne

dfb2c1f0e5ebe822df17877ac304fe04

In een opinieartikel over de associatie-overeenkomst tussen de EU en Oekraïne trekt Leon de Winter zo fel van leer dat hij uit de bocht schiet. Zijn opinie verschijnt in De Telegraaf dat als onderdeel van mediaconcern TMG campagne voert tegen deze associatie-overeenkomst. Ook weblog Geen Stijl maakt deel uit van dit concern.

De Winter bestrijdt een stropop door ‘de‘ voorstanders van alles in de schoenen te schuiven dat ze niet beweren, of wat slechts enkelen uit het JA-kamp beweren. Hij schetst een karikatuur om die in zijn wijsheid te weerleggen. De kunst om iets aan de hand van een niet kloppende redenering aannemelijk te maken is zijn instrument. Met een sardonische inborst hakt hij op de vogelverschrikker in. Doordat De Winter in zijn opinie niet uitgaat van de feiten over de associatie-overeenkomst heeft het niets met Oekraïne of de EU te maken. Of zelfs met een publiek debat over deze kwestie. Maar alles met de profilering van De Winter. Zoals ook het nauwelijks winstgevende Geen Stijl en de voorman van de NEE-campagne Thierry Baudet de associatie-overeenkomst gebruiken als halffabrikaat om zichzelf om commerciële of publicitaire redenen te profileren.

Laten we eens kijken met wat De Winter op de proppen komt. Hij begint al met de foute bewering dat de asscociatie-overeenkomst een handelsakkoord zou zijn. Dat is het niet, anders zou het wel gewoon ‘handelsakkoord‘ genoemd worden. Het is een gemengd akkoord met inderdaad afspraken die zijn gericht op economische samenwerking en handel, maar ze  raken ook andere onderwerpen, zoals versterking van de rechtsstaat en bescherming van de mensenrechten. Waarom De Winter de associatie-overeenkomst reduceert tot economie en handel ligt voor de hand. Zo kan hij het argument negeren dat een associatie de EU de beste kans biedt om in Oekraïne de corruptie te helpen bestrijden en de mensenrechten te versterken. Of anders gezegd, om ervoor te zorgen dat Oekraïne niet afglijdt tot een mislukte staat aan de oostgrens van de EU.

Terwijl De Winter zoals we zagen eerst beweert dat het om een handelsakkoord gaat, beweert hij vier alinea’s verder dat het om een integratie-akkoord over politieke samenwerking tussen de EU en Oekraïne gaat: ‘Het is het begin van een proces dat moet leiden tot het EU-lidmaatschap van Oekraïne. Daarmee zou de EU ver opschuiven naar het oosten en in direct conflict komen met Rusland.’ Gaat het nou om een integratie- of handelsakkoord? De Winter formuleert onzorgvuldig. De overeenkomst kan onder strikte voorwaarden en unanimiteit van alle EU-lidstaten leiden tot EU-lidmaatschap van Oekraïne. Maar het is geen onomkeerbaar proces dat ‘moet leiden’ tot de uitkomst die hij voorziet. Dit volgt niet uit de tekst van de overeenkomst. In zijn verwijzing naar de reactie van Rusland verwart De Winter oorzaak en gevolg. Rusland is de enige partij die een driehoekssamenwerking met de EU en Oekraïne afwijst. Het Kremlin wil Oekraïne behouden als vazalstaat dat het tot twee jaar geleden was. Dat speelt op een geopolitiek niveau waarbij de associatie-overeenkomst geen aanleiding, maar een aan de haren erbij gesleept excuus is om Oekraïne te kunnen blijven ondermijnen.

De Winter is een exponent van een maatschappelijke stroming die er genoegen in schept om de politiek te ondermijnen om vervolgens zo hard mogelijk te roepen dat er weinig deugt van de politiek omdat die is ondermijnd. Hij verliest hierbij alle verhoudingen uit het oog. De Winter suggereert een tegenstelling tussen ‘de elites’ en de burger die buitenspel gezet zou worden bij deze associatie-overeenkomst. Dat is echter nog maar helemaal de vraag omdat er pas op 6 april 2016 een uitslag van een referendum is. Ook hanteert De Winter de opvatting van democratie als een Idols-competitie die zegt dat er naar de meerderheid geluisterd moet worden. Juist bij een raadgevend referendum heeft het kabinet wettelijk de politieke ruimte om andere overwegingen zwaarder te laten wegen. Maar dan nog, op welke meerderheid doelt hij als 27 van de 28 EU-lidstaten de associatie-overeenkomst hebben geratificeerd en ook de Nederlandse Eerste en Tweede Kamer zich in 2015 in meerderheid uitspraken voor ratificatie? Hij wil toch niet beweren dat een NEE-campagne op sociale media van Geen Peil als doorslaggevend moet worden beschouwd voor het verloop van de politiek?

Foto: Anja Millen – Blickfang, 2012. Digital Arts/Photo Manipulation.

Zie voor volledige tekst van het artikel ‘Liever zelfbedrog dan werkelijkheid’ van Leon de Winter bij reacties.

Waarom ik voor de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne stem

dh

Met de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne waarvoor op 6 april 2016 in een referendum wordt gestemd kan Oekraïne worden geholpen. Daarnaast kan de EU zich geen mislukte staat aan haar oostgrens tolereren. Het is in het belang van alle Nederlanders dat er stabiliteit in Oost-Europa is. Met chaos en oorlog zijn we verder van huis. De associatie-overeenkomst is de stok achter de deur om de Oekraïense regering tempo te laten maken met de hervorming van het openbaar bestuur en het frontaal aanpakken van de corruptie. Dat gebeurt nu nog niet. Daarom stem ik voor.

Vanwege de koppeling met de weinig populaire EU die de schuld krijgt van het uit de hand lopen van de vluchtelingencrisis door de stopgezette bewaking van de buitengrenzen lijkt de NEE-stem de hoogste ogen te gaan gooien. Los van het eigenlijke onderwerp Oekraïne. Maar van de andere kant heeft de NEE-campagne een voorsprong van vier maanden en moet de JA-campagne nog van start gaan. Als het niet in de startblokken blijft vastzitten. Het zou best kunnen dat NEE wint, maar zeker is dat niet.

Ook ik ben tegen het beleid van het kabinet Rutte. Fel zelfs. Ook ik ben tegen lidmaatschap van Oekraïne van de EU. Ook ik vind dat de EU te stroperig en niet democratisch genoeg functioneert. Als Europeaan voel ik me continu buitengesloten. Ook ik vind dat handelsbelangen niet boven de politiek mogen gaan. Ik ben tegen het bevoordelen van Shell en het Nord Stream II project dat handel boven een Europese politiek van solidariteit en evenwichtigheid plaatst. En Noord-Europa bevoordeelt boven Zuid-Europa dat onrecht wordt aangedaan.

Maar ik stem voor de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne omdat dat niet over de hier genoemde aspecten gaat, maar over een associatie met een land dat deels door eigen toedoen, deel door toedoen van het Kremlin enorm in de kreukels zit en praktisch alleen door de EU geholpen kan worden om te hervormen.

Het is waar dat in de Tweede Kamer naast de geharnaste tegenstanders PVV en SP ook de PvdA en het CDA hebben aangegeven een geldige NEE-stem te zullen respecteren. Dat is een meerderheid. Maar de voorwaarde daarvoor is dan wel dat het een geldige stemming betreft en de opkomst meer dan 30% bedraagt.

De Tweede Kamer heeft echter niet het laatste woord. Dat is het kabinet dat een eigen afweging moet maken. Het referendum dat niet bindend is biedt het kabinet deze ruimte. Het moet naar meer aspecten kijken dan de uitslag van het referendum alleen. Zoals de relaties met andere EU-lidstaten en met landen als Oekraïne en de Russische Federatie. Omdat de steun van CDA en PvdA niet heel stevig is, kan het kabinet die ruimte nemen.

Daarbij komt dat een NEE-stem in dit referendum niets uitmaakt voor de associatie-overeenkomst zelf. Want die is al grotendeels ingevoerd per 1 januari 2016 en kan alleen met eenstemmigheid van alle EU-lidstaten teruggedraaid worden. De steun in Polen en de Baltische landen voor Oekraïne is zo sterk dat dat niet te verwachten valt. Met een NEE-stem isoleert Nederland zich en zal het niets weten te veranderen.

Nu komt er een campagne om des keizers baard. JA of NEE maakt voor Oekraïne of de EU geen enkel verschil. Het dient alleen binnenlandse, partijpolitieke belangen. Voor en tegen. De Telegraaf Media Groep met Geen Stijl en De Telegraaf als aanjager van de oppositie. Nou, ik vermoed dat velen net als ik een verschrikkelijke hekel hebben aan de Nederlandse, navelstaarderige partijpolitiek. Maar het gevolg van de campagne van Geen Peil is niet dat de partijpolitiek terug in z’n hok gaat. Het wordt er alleen maar belangrijker door.

Zonder dat ze het in de gaten hebben en zonder dat ze voldoende voorgelicht wordt door de woordvoerders uit het NEE-kamp -maar op dit moment evenmin door het JA-kamp- stemmen de NEE-stemmers tegen zichzelf. Of: tegen het belang van Nederland. Ik kan niet inzien wat Nederland daarmee opschiet. Behalve het tonen van emoties van ongenoegen met alles en iedereen. Dat lucht lekker op, maar dan? Wat is de kater?

Foto: Binnenhof met Ridderzaal in Den Haag, 2015. Credits: AFP.

RTL Z schetst hoe het referendum over Oekraïne voorstanders kan benadelen. Waarom doet de Tweede Kamer alsof het bindend is?

Het referendum over de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne op 6 april 2016 is nu al bij vooral de tegenstanders een gewild onderwerp dat vooral dient om tegen de EU te schoppen. Afgelopen weekend zag de voorzitter van de Europese Commissie Jean-Claude Juncker in een interview met NRC een NEE-stem als een oorzaak voor een continentale crisis. Daarop reageerden Nederlandse politici afwijzend en geschrokken. Ze betittelden dat als inmenging, maar Juncker lijkt wel beter de urgentie van het referendum te begrijpen dan het kabinet en de regeringspartijen die zich afwachtend opstellen en niet voluit campagne voeren voor de overeenkomst. En dat waarschijnlijk ook niet gaan doen vanwege de mislukking van het EU-referendum in 2005. Uit een eerste peiling van het televisieprogramma EenVandaag blijkt dat op dit moment 75% NEE zegt, maar hoe valide die uitslag is en hoe representatief voor de hele bevolking valt lastig vast te stellen.

Mathijs Bouman constateert voor RTL Z dat de voorstanders in hun gedrag verdeeld zijn. Gaan ze stemmen om hun tegenstem te laten horen of blijven ze thuis in de hoop dat de opkomst onder de 30% blijft? Want dan is het referendum niet geldig. Hij licht dat toe met een voorbeeld waarin een verdeelde meerderheid aan JA-stemmen kan uitpakken in een NEE-stem. Bouman vindt de later toegevoegde eis over opkomst en geldigheid onnodig omdat het over een raadgevend referendum gaat waardoor het kabinet een eigen afweging over de uitslag kan maken. En daarin ook de opkomst kan meewegen. In de wet is niet voor niets opgenomen dat het kabinet een geldige NEE-stem niet hoeft te volgen omdat dit niet de enige overweging in de afweging is. Het kan zich ook laten leiden door handelsbelangen, belangen van buitenlandse politiek of veiligheidspolitiek.

Bouman wijst de opstelling van partijen in de Tweede Kamer af die zeggen dat de uitslag gevolgd moet worden omdat zowel het niet bindende referendum nooit zo bedoeld is als dat het parlement zich daarmee onnodig beperkt in de afweging om andere zwaarwegende belangen mee te laten wegen. De uitslag van het referendum is niet meer en niet minder dan een advies aan het kabinet. Het geeft zeer te denken over het weggeven van de mogelijkheid om zich breed en onafhankelijk op te stellen dat enkele politieke partijen in de Tweede Kamer onder druk van de publieke opinie niet eigenstandig het Nederlands belang centraal zetten.

Voorstanders kunnen maar beter gaan stemmen als ze daar zo over denken. Als een instrument om de volkswil over een bepaald (deel)onderwerp te meten is het referendum een instrument dat het verdient om serieus genomen te worden. Ook door een faciliterende overheid die niet terughoudend moet zijn in het vrijmaken van fondsen voor het houden van dit  referendum. Het verdient een eerlijke kans. Maar het is niet alleenzaligmakend en de strekking ervan moet halverwege de rit niet groter gemaakt worden dan die wettelijk werd vastgesteld. Dat is een verkeerd soort populisme dat in de plaats komt van de politiek.

Juncker ziet NEE-stem bij referendum als oorzaak dreigende continentale crisis. En moffelt de echte oorzaken weg

ref

Aldus de Luxemburger Jean-Claude Juncker die sinds november 2014 voorzitter van de Europese Comissie is in antwoord op een vraag van Stéphane Alonso in een interview voor NRC. Ik begrijp weinig van zijn reactie. ‘Rusland zou de vruchten plukken van een gemakkelijke overwinning’ bij een NEE-stem in het referendum zegt hij. Heus? Wat voor vruchten dan? Publicitaire vruchten van de Russische propaganda die niet worden gecounterd? Realiteit is dat de handelsdelen van de associatie-overeenkomst al per 1 januari 2016 ingevoerd zijn en alleen bij unanimiteit kunnen worden teruggedraaid. Onwaarschijnlijk dat dat gebeurt bij een NEE-stem. En omdat het een raadplegend, niet bindend referendum betreft hoeft het kabinet een NEE-stem bij een geldige opkomst van meer dan 30% niet op te volgen. Het kabinet kan de Nederlandse bevolking best duidelijk maken dat een NEE-stem praktisch en politiek geen gewicht in de schaal legt en het daarom voor het Nederlands belang in de EU verstandiger is de uitslag van het referendum sowieso naast zich neer te leggen.

Het is ook ongeloofwaardig dat een Nederlands NEE ‘de deur zou openen naar een grote continentale crisis’ zoals Juncker stelt. Dat kent andere oorzaken zoals de verdeeldheid tussen de EU-lidstaten om de Russische Federatie krachtig aan te pakken en ruimhartig solidair te zijn met Oekraïne. Juncker wijst gemakzuchtig naar Nederland, terwijl hij blijkbaar niet durft om naar het Verenigd Koninkrijk te wijzen dat de eigen beloften van het Boedapester Memorandum niet volgde bij de annexatie van de Krim in maart 2014, en naar Duitsland dat vanuit een misplaatst schuldgevoel, een verkeerde interpretatie over wie de grootste slachtoffers waren van de nazi’s in WOII en economisch eigenbelang in een mentale klem zit om het Kremlin frontaal tegen te spreken.

Juncker zou zich beter concentreren op de hervorming en democratisering van de EU. Door mee te gaan in het schetsen van een vijandbeeld van een agressieve Putin maakt Juncker de Russische Federatie belangrijker dan die is. In de wereldhandel heeft de Russische Federatie slechts een aandeel van 2,7%. Veel zinvoller dan het schetsen van vijandbeelden, het garanderen van de economische stabiliteit van Oekraïne en essentiëler voor het inperken van de Russische grip op de EU en het vergroten van de energie onafhankelijkheid van de EU is om het Nord Stream II-gasproject te schrappen dat de Russen economische macht in het hart van de EU geeft. Maar kanselier Merel zei nog in december 2015 dat het een commercieel project was. Alonso vraagt Juncker ernaar die antwoordt: ‘We kunnen niet zeggen: dit project is niet in het Europese belang en daarom wijzen we het af. Het zou ons enorme juridische problemen bezorgen.’ Het failliet van de EU kan niet duidelijker worden verwoord. Omdat Juncker niet kan ingrijpen op hoofdzaken wacht hem weinig anders dan te reageren op bijzaken, zoals het Nederlandse referendum over Oekraïne dat daardoor meer gewicht krijgt dan het waard is.

Foto: Schermafbeelding van deel interview van Stéphane Alonso met Jean-Claude Juncker voor NRC, 9 januari 2016.

Negen tips aan JA-campagne voor referendum over Oekraïne

pp

Huub Bellemakers schetst in een artikel voor TPO zes campagnetips voor het referendum op 6 april over de associatie-overeenkomst van Oekraïne met de EU. Bellemakers meent dat het NEE-kamp dat door GeenStijl is aangezwengeld inmiddels met 3-0 voorstaat. Wat moet het JA-kamp doen? Bellemakers geeft zes tips. In een reactie laat ik drie, meer inhoudelijke tips volgen. Ik voeg ze alle negen samen omdat ze op elkaar aansluiten.

Huub Bellemakers: ‘Maar niemand die misschien wel vóór is, zal echt heel warm worden van een in wezen technocratisch associatieakkoord.’ Daarin verschil ik met hem van mening. Want de associatie-overeenkomst is slechts een document zoals een huwelijksakte dat ook is. Maar dat maakt een huwelijk nog niet saai of technocratisch. Integendeel, het is een uitdaging voor de EU om mee te werken aan de hervorming van een op dit moment door en door corrupt land als Oekraïne. Dat maakt het spannend en voelbaar in het besef dat er een verschil gemaakt kan worden. Het is een voorbeeld van levende geschiedenis met de ons zelf opgelegde opdracht dat we over grenzen moeten denken om onze belangen te behartigen. Vooral: dat denken in termen van nationalisme en natiestaat daarbij de valkuil is. Feitelijk de tiende tip: kijk voorbij nationale identiteit.

1. Doe niet alsof Oekraïne een cool land is

Dat is het niet. Er is corruptie, dwepen met nazi’s en oorlog. Laat wel zien wat een associatieakkoord kan brengen. Het heeft namelijk een gidsfunctie. Gebruik Kroatië als voorbeeld: daar was 20 jaar geleden nog een burgeroorlog, nu is het, mede dankzij associatieverdragen, een veel beter land.

2. Houd Verhofstadt en Van Baalen, Schultz en Juncker weg uit je campagne

Zelfs echte eurofielen vinden ze om te kotsen. Brusselse arrogantie gecombineerd met ongelimiteerd vrije marktdenken; zulke namen verenigen alles wat iedereen van links tot rechts op de EU aan te merken heeft. Het geeft bovendien louter voer aan tegenstanders. Ja, dat is defensief, maar je wilt niet van 3-0 op 4-0 achter komen.

3. Omhels het referendum

Heb het niet over of dit de goeie vraag is. Ga niet klagen dat het verzonnen is door Geenstijl dus het is zou verkeerd zijn. Ga ook niet klagen dat mensen het eigenlijk over de hele EU hebben, of over een democratisch tekort in de Unie, of over het vorige referendum. Dat is nou eenmaal de realiteit. Sterker nog, dat is logisch. Debunk alle onzin, maar vertel vooral je eigen verhaal over het associatieverdrag.

4. Bevorder de opkomst

Sommige rare PvdA-ers hebben al aangekondigd dat ze weg willen blijven van het referendum, om zo de opkomst onder de 30 procent te houden. Dat mag natuurlijk, maar het is heel raar. Niet alleen maakt dat voor de politieke realiteit niet uit, het is dedain voor onze democratie. Een prachtig instrument als een referendum, daar moet je toch gebruik van willen maken.

5. Schets geen doembeelden

Verdedig de goede aspecten van de Europese Unie, die zijn er genoeg. Benoem ook de mindere aspecten. Doe vooral niet alsof het licht uitgaat bij een nee. Ga ook niet mee in gepraat over een nieuwe oorlog met Rusland bij een ja. Het is een verdrag, geen nieuwe wereldorde.

6.  Neem het initiatief

Voor zover het nog kan, ga er zelf eens iets over roepen. De fanatieke NEE-stemmers krijg je sowieso niet. Er zijn heus een heleboel mensen die geneigd zijn ja te stemmen, maar dan moet je niet af blijven wachten. Maar wees er wel snel bij: het referendum is over drie maanden.

7. Schets de voordelen van de associatie-overeenkomst

De EU-lidstaten verkeren in zwaar weer mede door de onrust aan de grenzen. In Syrië, Noord-Afrika en Oekraïne. Nederland en andere Europese landen hebben er baat dat er aan hun grenzen geen mislukte staten ontstaan. De EU kan als enige machtsblok voldoende druk op Oekraïne zetten om het te dwingen te hervormen. En het beste middel daartoe is de associatie-overeenkomst die de EU een plek aan tafel geeft om mee te praten over politieke, juridische en economische hervormingen van Oekraïne.

8. Een associatie-overeenkomst leidt niet automatisch tot lidmaatschap

De EU kent vele associatie-overeenkomsten met vele landen zonder dat ze de belofte van het lidmaatschap van de EU bevatten. Ook de tekst van de associatie-overeenkomst met Oekraïne bevat geen belofte op lidmaatschap. Dat lidmaatschap is een tweezijdig proces. Oekraïne moet aangeven lid te willen worden en de parlementen van de EU-lidstaten kunnen ieder afzonderlijk besluiten of ze Oekraïne accepteren als lid.

9. Een associatie-overeenkomst is meer in Nederlands belang dan geen associatie-overeenkomst

De associatie-overeenkomst met Oekraïne doet recht aan allerlei ontwikkelingen die goed op elkaar aansluiten. Het stabiliseert Oekraïne door hervormingen en bestrijding van corruptie onder impuls en controle van de EU. Deze associatie-overeenkomst staat de interne hervormingen van de EU die verdiept dient te worden door democratisering, machtsdeling met de burgers en betere coordinatie in vooral het buitenlandse beleid niet in de weg.

Foto: ‘Ukrainian President Petro Poroshenko shows a newly voted Ukrainian law about the ratification of the Ukraine-EU association agreement on Sept. 16, 2014 at the Ukrainian Parliament in Kyiv. © AFP’.

Toevoer elektriciteit naar de Krim opgeblazen. Wat is de reden?

Wat krijg je als het meest corrupte land (Oekraïne) en het op een na meest corrupte land van Europa (de Russische Federatie) zaken met elkaar doen? In maart 2014 bezette de Russische Federatie de Krim. Dat werd op 27 maart 2014 wereldwijd veroordeeld in VN-resolutie 68/262 wat toen werd gezien als een diplomatieke nederlaag voor de Russen. Het tekende hun isolatie. Sancties wreden afgekondigd, maar Oekraïne bleef gewoon elektriciteit, water en goederen leveren. Omdat het terugdraaien van de mensenrechten waaronder de vervolging van de Krim-Tataren op de Krim door de Russische autoriteiten zonder gevolgen bleef in Berlijn, Kiev of New York kon een reactie niet uitblijven. Des te meer omdat de Russen steeds minder afgerekend worden op die onrechtmatige bezetting en het Westen lafhartig een oogje dichtknijpt. Het opblazen van de electriciteitsmasten naar de Krim tekent ook de woede over uitblijvende hervormingen in Kiev. Het conflict gaat niet zozeer over een verschil tussen Oekraïne en de Russische Federatie, maar tussen de haves en de have nots in die landen. Corruptie is de noodsituatie die ontstaat door twee maffiastaten die elkaar gijzelen.

Hans Dieleman is blind voor politieke en verdrachtsrechtelijke aspecten van Oekraïne

tpo

Op The Post Online (TPO) dat ooit in reactie op Joop ontstond en sinds 2012 de huidige naam heeft kan iedereen een bijdrage plaatsen. Zo’n website zonder veiligheidsnet maakt TPO onvoorspelbaar en spannend. Het is intern tamelijk pluriform en dat is in het nog steeds verzuilde Nederlandse medialandschap bijzonder. Voor dat redactiebeleid verdient TPO hulde. Een bijkomstigheid is dat bijdragen die nog het meest een karikatuur van zichzelf zijn niet uitgefilterd worden. Dat maakt het vaak hoogst vermakelijk om TPO te lezen. Ook het opinieartikelRedenen om tegen het samenwerkingsverdrag met Oekraïne te zijn’ van ‘Prof. Dr. Hans Dieleman‘ valt in de categorie vermaak. Tot en met de ondertekening: ‘hoogleraar social sciences (Sustainability, Art and Transdisciplinarity) verbonden aan de Autonomous University of Mexico City.

Hoe vermakelijk ook, het artikel smeekt om een reactie door de eenzijdigheid en het metamodernisme dat zich uit in vrijblijvendheid, het losgezongen zijn van de realiteit en een linkse hoogleraar die de ideeën van een conservatieve denker omarmt zonder dat hij de strekking daarvan volledig lijkt te beseffen. Praten over politiek zonder nog politiek te willen nadenken in het reservaat van de cultuurrelativisten. Lachen of huilen?

Enfin, hier mijn reactie:

Een eenzijdig betoog dat alles koppelt aan economische belang en cultuurverschillen, en de termen soeveriniteit en territoriale integriteit ongenoemd laat. Anders gezegd, waar blijft het streven naar eigenheid van Oekraïne in zo’n verhaal dat alles opsluit in economische belangen en cultuurverschillen?

Wat Dieleman zegt is van een verregaand fatalisme en opportunisme en voor wie verder nadenkt met verschrikkelijke gevolgen. Vervang in zijn verhaal Rusland door Duitsland, en Oekraïne door Nederland. Zouden Nederlanders het accepteren als in Duitsland beslist zou worden over de koers van ons land, inclusief de behoefte van de Nederlanders om wel of niet lid te worden van de EU of de NAVO? Ik vermoed van niet. Maar waarom zouden Oekraïners dan wel moeten accepteren dat ze van het Kremlin geen eigen beslissingen over hun buitenlandse politiek zouden mogen nemen?

De observatie van Dieleman dat president Poetin het spel niet volgens de Westerse regels zou willen spelen is te simpel gedacht. Het is een miskenning van het feit dat Poetin alle internationale regels schendt. Zoals bleek uit de wereldbrede veroordeling in maart 2014 van de onrechtmatige bezetting van de Krim door de Russische Federatie in VN-resolutie 68/262.

De EU is trouwens bij uitstek een organisatie waarbinnen verscheidenheid en diversiteit een plek kunnen vinden. Finnen zijn geen Grieken, en Ieren geen Bulgaren, maar toch proberen ze binnen de EU hun cultuurverschillen te overbruggen. Hoewel dat niet altijd lukt, maar de intentie om de verschillen te overbruggen is onlosmakelijk onderdeel van de EU.

Het grootste gemis van het betoog van Dieleman is dat hij vergeet of bewust onder het tapijt veegt dat het succes van Oekraïne een veiligheidsprobleem is. Vandaar de niet aflatende druk vanuit de EU en de VS op de Oekraïense regering om nu eindelijk eens tempo te maken met de hervormingen. Het is in het grootste belang van de EU om stabiele buitengrenzen te hebben. Daarbij hoort een zich stabiliserend Oekraïne. Een nieuwe vluchtelingenstroom uit een land met een bevolking van meer dan 40 miljoen mensen richting EU is een politiek, economisch en strategisch schrikbeeld.

Ik ben voor het associatieverdrag met Oekraïne (en trouwens tegen iets wat heel iets anders is: EU-lidmaatschap van dat land) omdat het de hervormingsgezinden in dat land de nodige logistieke, financiële, juridische en mentale steun geeft om de samenleving en overheid te hervormen. Zonder de stok achter de deur van het associatieverdrag gaat dat stukken lastiger.

Ik ben het volledig oneens met Baudet omdat hij een onderwerp aangrijpt dat hem nauwelijks interesseert -zoals hij zelf heeft toegegeven- enkel en alleen om zijn pijlen op de EU te richten. Trouwens, geen slechte zaak, want ook de EU kan wel wat hervormingen gebruiken. Maar hoe iemand als Dieleman die zich als linkser beschouwt dan Baudet uitkomt bij het steunen van Baudet die het uiteindelijk te doen is om het herstel van de natiestaat en het ontmantelen van de supra-nationale EU geeft aan hoe het links van Dieleman in verwarring is gebracht en geen antwoorden op de concrete uitdagingen die de wereld stelt heeft die verder gaan dan abstracties over culturele waarden.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelRedenen om tegen het samenwerkingsverdrag met Oekraïne te zijn’ van Hans Dieleman voor ThePostOnline, 16 november 2015.