Antwoord aan Marijn Kruk: De populistische revolte is niet geluwd

Schermafbeelding van columnDe revolte is geluwd maar niet verdwenen’ van Marijn Kruk in NRC, 4 augustus 2021.

In zijn column van 4 augustus 2021 in NRC schrijft Marijn Kruk over de golf van populisme die sinds 2018 over de wereld spoelt. Kruk ziet het als een hobbel in de weg. Hij beantwoordt de vraag negatief of door de revolte de liberale democratie werkelijk in existentieel gevaar verkeerde.

Het is opvallend dat hij in de verleden tijd praat. Alsof de bedreiging van het populisme definitief voorbij zou zijn. Kruk ziet het als een fenomeen dat over zijn hoogtepunt heen is. Maar dat is deels een voorbarige conclusie omdat we er nog middenin zitten en deels een onjuiste conclusie omdat in enkele landen de nationaal-populistische revolte al succesvol heeft plaatsgevonden.

Armed demonstrators protest outside of the Michigan state capital building on Sunday in Lansing, Michigan. Mei, 2020, Scott Olson/Getty Images

Ik ben het oneens met Kruk inschatting dat het populisme slechts een tijdelijke hobbel in de weg was. Ik heb er twee bezwaren tegen. Dat begint al met zijn analyse waarin hij allerlei soorten populisten op een hoop veegt. Maar het is twijfelachtig om te denken dat Donald Trump, Boris Johnson, Viktor Orbán, Matteo Salvini, Narendra Modi, Jair Bolsonaro en Thierry Baudet dezelfde strategie volgen. Dat Kruk de romantisch-nationalistische populist Vladimir Poetin niet in zijn analyse betrekt is jammer. Ook de Chinese leider Xi Jinping die alle macht naar zich toetrekt kan niet ontbreken in een column over nationaal-populisme.

Baudet is een slechte politicus die het ontbreekt aan de vaardigheden, de kennis en het gevoel die passen bij het handwerk van de politicus. Hij zal het vak waarschijnlijk nooit onder de knie krijgen en daarom altijd een mislukte politicus blijven. Hij is de clown door wie critici zich op het verkeerde been laten zetten. Maar Baudet is niet representatief voor de broederschap van nationaal-populisten. In dit gezelschap is hij de schertsfiguur die afleidt en ons het zicht ontneemt op de echte bedreigingen van de liberale democratie.

Viktor Orbán is daarentegen een vaardige politicus die zonder aantoonbare schokken beetje bij beetje de Hongaarse democratie heeft afgebroken zonder dat er iets tegen te doen was. Donald Trump mist het geduld en het inzicht van Orbán, maar legt op een religieuze wijze zijn wil op aan de Republikeinse partij. Salvini en Modri spreken blijvend grote minderheden van hun land sterk aan, terwijl Bolsonaro en Johnson als eendagsvliegen van incident naar incident hollen.

Een ander misverstand dat de column van Kruk oproept is dat hij de geslaagde greep naar de macht van Orbán, Modi, Poetin en Jinping verregaand relativeert omdat die voorbeelden blijkbaar niet passen in zijn stellingname dat het populisme niet meer dan een hobbel in de weg is. Maar de nationaal-populistische revolte is in die landen niet geluwd, maar heeft al succesvol plaatsgevonden.

Men kan toch nauwelijks beweren dat de democratie in landen als Hongarije, India, de Russische Federatie en China er de laatste jaren op vooruit is gegaan? In die landen verkeert de democratie niet alleen in existentieel gevaar, maar is tot op het bot uitgekleed. Kijk hoe in die landen de afgelopen jaren de mensenrechten en de positie van rechters, media en de politieke oppositie door toedoen van de autoritaire, populistische leiders zijn verminderd.

Kruk slaat ook de plank mis als hij meent dat de niet-geslaagde greep naar de macht van iemand als Trump te wijten valt aan diens incompetentie. Waar hij dat op baseert is onduidelijk. Het is gevaarlijk om over een ontwikkeling die nog niet is afgerond te zeggen dat we er schouderophalend aan voorbij zijn gegaan. Dit tegendeel van alarmisme is onverantwoordelijk.

Zo’n badinerende houding nam ook Hans Maarten van den Brink aan die op 7 januari 2021 in een opinie-artikel in NRC stelde dat de bestorming van het Capitool op 6 januari niet viel te omschrijven als een staatsgreep, maar als een parodie daarop. Ik heb geen goed woord over voor zo’n lichtzinnige houding en ook over het feit dat Van den Brink in NRC nog steeds geen uitleg heeft gegeven over zijn foute inschatting. Hoe meer informatie over de opstand naar buiten komt, hoe duidelijker wordt dat op 6 januari 2021 en in de maanden daarvoor Trump serieus en doelgericht bezig was een staatsgreep te plegen.

Het is de vraag hoe het feit dat het Trump op een haartje na niet lukte om de Amerikaanse democratie omver te werpen en zo een verlies aan de stembus om te buigen in winst moet worden begrepen. Viel dat te wijten aan zijn incompetentie of te danken aan de competentie van degenen die zich tegen zijn greep naar de macht verzetten? Denk hierbij aan de hoogste militairen onder wie bevelhebbend generaal Mark Milley en de top van het ministerie van Justitie die Trump telkens de voet dwars zetten en de Democratische partij die zich al begin 2020 in het geheim voorbereidde op scenario’s van Trump om met illegale middelen de macht te grijpen. De instituties bleken net sterk genoeg om Trumps greep naar de macht te weerstaan. Iemand die zover komt en bijna succesvol is kan nauwelijks incompetent worden genoemd. Wat als hij het nogmaals probeert nu hij weet hoe hij de tegenstand moet omzeilen?

Kruk waarschuwt dat de nationaal-populistische revolte niet is verdwenen, maar geeft de stand van zaken anno 2021 onvolledig weer. Het nationaal-populisme is succesvoller dan hij suggereert. Het is belangrijk om het globalisme en de factoren die tot het populisme leiden serieus te nemen. Dat gebeurt tot nu toe onvoldoende. Daar zal niemand tegen zijn. Kruk is onnauwkeurig door zijn analyse te situeren in een verleden dat nog niet voorbij is. Het nationaal-populisme is te gevaarlijk om erop te zinspelen dat het ergste voorbij is. Hiermee strooit Kruk zichzelf en zijn lezers zand in de ogen. Het nationaal-populisme is springlevend. Dat moet de waarschuwing zijn.

Feiten geven aan dat Trump een 100% fascist is. De geschiedenis geeft het voorbeeld, maar is lastig te begrijpen

De geschiedenis leert ons alles over onze eigen tijd. De geschiedenis geeft ons voorbeelden om de democratie te verdedigen of juist aan te vallen. Geschiedenis is een Januskop én een spiegel. We zien er door bespiegeling onszelf in. Het kiezen van de voorbeelden is een tamelijk willekeurig proces. Het waaiert niet een kant op.

Neem het neofascisme van voormalig president Donald Trump van wie wordt gedacht dat hij de Rijksdagbrand in Berlijn van 1933 als voorbeeld nam om het Amerikaanse parlement buiten spel te zetten, de democratie omver te werpen en een autoritair regime te vestigen. Maar omdat Trump een gebrekkige student van de geschiedenis is, valt het te bezien of hij er werkelijk van geleerd heeft voor zijn omverwerping van de Amerikaanse democratie. Dat is hem op 6 januari 2016 op een haar na gelukt. Maar het gevaar is nog niet geweken. Zoals professor Timothy Snyder zegt is een mislukte coup de generale repetitie voor een gelukte coup.

Dat het Trump en de hardliners in de Republikeinse partij niet lukte om de democratie omver te werpen kwam door een spiegelgevecht tussen voor- en tegenstanders die zich allebei in het diepste geheim op dit moment hadden voorbereid. Dat blijft in de video ongenoemd. Wie het beste voorbereid was zou het gevecht winnen. Welnu, dat waren in dit geval de tegenstanders van Trump die de Amerikaanse democratie verdedigden. Hun taak werd vergemakkelijkt doordat Trump publiekelijk zijn plannen openbaarde en impulsief en chaotisch handelde.

Er werd al sinds 2016 voor gewaarschuwd dat dit moment zo komen. Zelfs voelde ik als student van de 20ste eeuwse geschiedenis dat het met Trump verkeerd zou eindigen. In november 2016 schetste ik in een commentaar de tekenen aan de wand:

De randvoorwaarden en voortekenen zijn niet gunstig. Trump is niet gekwalificeerd voor het presidentschap, heeft geen bestuurlijke of politieke ervaring, vertoont semi-fascistisch gedrag, heeft zijn partij beschadigd (...). Het gaat vreselijk worden. Het zou ook de Nederlandse media sieren dat ze de berichtgeving over Trump niet normaliseren. Of sussende opinies zoals die van Willem Post die volgen uit een fikse portie wensdenken niet publiceren zonder disclaimer. Media moeten niet meegaan in de suggestie dat ‘het allemaal wel zal meevallen’ met president Trump. Het gaat naar alle waarschijnlijkheid niet meevallen, maar tegenvallen. 

Maar het is lastig om de hedendaagse geschiedenis te lezen aan de hand van historische voorbeelden. In NRC sloeg voormalig correspondent in Washington Hans Maarten van den Brink in een opinie-artikel van 7 januari 2021 de plank mis. Hij begreep niet alleen niet wat er zich voor zijn ogen had afgespeeld in het Capitool in een opstand die op een haartje na was geslaagd of maakte een verkeerde inschatting van de gebeurtenissen, maar kon net als Willem Post de verbinding met de 20ste eeuwse geschiedenis niet leggen. Opvallend is dat de redactie Opinie van NRC deze beide Amerika-deskundigen ruimte gaf voor hun opinie zonder hun bijdrage van een disclaimer te voorzien. Ook met de kennis van toen had Van den Brink nooit het volgende op moeten schrijven. Hij begreep niet dat hij een parodie van een analyse maakte:

Schermafbeelding van deel artikelOok een slechte voorstelling kan een onuitwisbare indruk achterlaten‘ van H.M. van den Brink in NRC, 7 januari 2021,

Of Trump sinds 2016 radicaliseerde of ons beeld van hem gaandeweg veranderde is de vraag. Vermoedelijk is het een combinatie van beide aspecten die op elkaar inwerkten. Veelzeggend en waarschijnlijk typisch voor velen zijn de verwijzingen in de commentaren die ik maakte. Trump groeide geleidelijk naar het fascisme en wij als observators aan de zijlijn wenden gedurende vier jaar aan het idee van die ontwikkeling en groeiden daarin mee.

Op 24 oktober 2016 besteedde ik aandacht aan een artikel van hoogleraar geschiedenis John McNeill die in Trump een semi-fascist zag, ofwel een amateuristische imitatie van het origineel van Benito Mussoloni. Tien maanden later noemde ik een commentaar van augustus 2017 Trump een driekwart-fascist. Toch gaf ik hem nog enig voordeel van de twijfel toen ik zei: ‘Maar Trump lijkt niet te groeien naar het echte fascisme. Daar is hij politiek te hybride voor en de steun die hem electoraal en financieel in het zadel houdt is te divers verdeeld. Maar ook een driekwart-fascist in het Witte Huis geeft te denken omdat het niet bij de Amerikaanse democratie past. Amerikaanse instituties en samenleving reageren en proberen dat terug te dringen wat ze ongewenst achten en niet vinden passen bij hun rechtsstatelijkheid‘.

Die visie moest vanaf november 2020 bijgesteld worden toen door de verkiezingsoverwinning van president Joe Biden niet te erkennen, zijn partij in gijzeling te nemen en met opruiende uitspraken de opstand van 6 januari 2021 aan te moedigen Trump zich ontwikkelde van een drie-kwart naar een volledige fascist. Pas in een commentaar van 6 juli 2021 over de QAnon-beweging vond ik dat er voldoende publieke feiten waren om Trump, voor het eerst, een (neo)fascist te noemen: ‘QAnon kan op het eerste gezicht niet anders dan neofascistisch genoemd worden met als neofascistische leider Donald Trump‘. Wij allen kunnen van de geschiedenis leren door goed op te letten en de gelijkenissen te zien.