Gedachten bij de foto ‘Group of children at Brody in Eastern Galicia, showing destruction of buildings by military operations’ (1919)

Group of children at Brody in Eastern Galicia, showing destruction of buildings by military operations‘, 1919. Collectie: Library of Congress.

In de roman Radetzkymars (‘Radetzkymarsch‘) van Joseph Roth laat de hoofdpersoon, de kleinzoon van de held van Solferino, zich overplaatsen. Van de cavalerie naar de infanterie en van het centrum van de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie naar een uithoek aan de grens met het keizerrijk Rusland. Een fictief oord dat zou zijn gebaseerd op de Duitstalige stad Vyškov in het Tsjechische Moravië.

De Joodse Joseph Roth (1894-1939) was een hartstochtelijke Oostenrijker. In de dubbelmonarchie dat vele volkeren en naties omvatte genoten minderheden een zekere bescherming. Tegenwoordig wordt vaak de vergelijking gemaakt met de EU dat ook vele volkeren en naties in een los verband omvat. Oostenrijk-Hongarije kreeg toen ook de kritiek dat het niet doelmatig optrad. Maar achteraf krijgt het waardering omdat het lange tijd de vrede had bewaard. Datzelfde geldt voor de EU. Die is niet ideaal en opereert langzaam en stroperig, maar dempt toch de schokken van de tijd.

De Duitstalige schrijver en journalist Joseph Roth werd geboren in Brody. Dat lag toen in Oost-Galicië dat deel was van Oostenrijk-Hongarije en is nu deel van Oekraïne. Daartussen was het vanaf 1919 Pools. De bewoners werden dus als zetstukken van het ene naar het andere landen verschoven zonder van hun plek te hoeven komen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog voerden de Oostenrijkers en de Russen hevige strijd in Galicië. Dat is de tragiek van een grensstreek die steeds de klappen van de geschiedenis moet opvangen.

Op de foto staan kinderen. De jongens met petten op. Ze kijken naar de fotograaf die deel was van een humanitaire actie van het Amerikaanse Rode Kruis. De gebouwen zijn beschadigd door de gevechten van enkele jaren eerder. Het leed wordt getoond.

Gedachten bij twee foto’s uit Krasnojarsk (1911-1914)

Ksenia Konovalova, dochter van de beroemde Krasnojarsk-arts P.N. Konovalov aan het Shira-meer’, 1911. Collectie: Library of Congress.

Deze twee foto’s zijn afkomstig uit een collectie van 423 over ‘het dagelijks leven van de provincie Jenisej, eind negentiende-begin twintigste eeuw’. Dat is een gebied in Midden-Siberië met als belangrijkste plaats Krasnojarsk. De Jenisei is de langste rivier van Siberië, zodat er veel foto’s met schepen en riviergezichten in de collectie zijn.

Het is aardig om je voor te stellen wat in zo’n collectie de meest en minst tijdloze foto’s zijn. Ksenia Konovalova op haar fiets voor de familiedatsja aan het Shira-meer zou zo in een kostuumfilm van kort voor de Eerste Wereldoorlog kunnen stappen. In de verfilming van een verhaal van Anton Tsjechov.

Het gebed in Krasnojarsk viert de overwinning van het Russische leger op de Oostenrijk-Hongaarse troepen die in september 1914 Lemberg verloren. Kerk, vaderland en vorst vormen een eenheid. De Oostenrijkse overmoed om Servië in te willen lijven werd gevolgd door Russische overmoed dat een uitweg naar de Middellandse Zee zocht en weliswaar in Galicië won, maar uiteindelijk door de Duitsers verslagen werd. Niet alleen de enscenering van het gebed, maar het hele idee van kerk, vaderland en vorst doet gedateerd aan. Het zou een scène kunnen zijn uit een verhaal van Isaak Babel. Sepia ruiterij.

Gebed in Krasnojarsk over de overwinning van het Russische leger in de Slag om Galicië in augustus – september 1914’ Collectie: Library of Congress.