George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Forum voor Democratie

Is het geval Thierry Baudet voer voor psychologen? Of toch gewoon voor politicologen?

with 4 comments

Cherry slaat opnieuw toe met een onbegrijpelijke uitspraak. Thierry Baudet zegt in een interview voor Bernie Magazine dat ‘meer dan de helft van de Nederlanders het in principe met hem eens is’. Waar hij dat op baseert is onduidelijk. Het wordt er pas echt bizar op als hij dat vertaalt naar 80 tot 90% van de zetels. In potentie zou Baudet dan in de Tweede Kamer 120 tot 135 zetels behalen. Merkwaardig is dat hij weet dat wat hij zegt onzinnig en onjuist is, maar het toch zegt. Wat beoogt een politicus als Baudet met een uitspraak waarvan hij weet dat die onjuist is? Hoe denkt hij hiermee zijn eigenbelang of dat van zijn partij te dienen? Interessant is dat deze en andere aantoonbare onjuiste uitspraken van Baudet de vraag oproepen of hij  zichzelf nou wel of niet onder controle heeft. Is het hem naar het hoofd gestegen en gaat het met hem op de loop? Of is het bewuste tactiek die hij schaamteloos leent van zijn voorbeelden uit de Amerikaanse alt-right beweging? Die ernaar streeft om door liegen en het schetsen van een alternatieve waarheid de samenleving te deconstrueren.

Dat is Baudets paradox: in de vorm is hij deconstructivist en naar de inhoud een 19de eeuwse nostalgische romanticus. Feitelijk bestrijdt hij zijn eigen modernisme dat hij niet wil erkennen. Ligt hier de kiem van een heus complex van zelfoverschatting, narcisme en een misplaatst zelfbeeld? Dobbert Baudet weg in zijn eigen bubbel als een bal op de golven aan het strand? Het is tijd dat de psychologie zich over dit geval uitspreekt:

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelThierry Baudet: Een Haagse Dandy’ in Bernie #2 (december 2017).

Foto 2: Tweet van Jaap Jansen (BNR Nieuwsradio) van 5 december 2017, met eigen reactie.

Advertenties

Tegen politiek radicalisme. Kan de gevestigde partijpolitiek nog het verschil maken?

leave a comment »

De gevestigde partijpolitiek moet geloofwaardig zijn om ongeloofwaardige partijpolitiek af te kunnen straffen. Als het de gevestigde partijpolitiek ontbreekt aan een oprechte afweging van belangen, programmatische standvastigheid en rechtstatelijkheid, dan geeft het munitie aan de ongeloofwaardige partijpolitiek. Dat is op dit moment aan de orde. Aan de nostalgische romantiek van Forum voor Democratie die terugverwijst naar een situatie in de 19de eeuw die nooit bestaan heeft. Aan de islamkritiek van de PVV die zich baseert op een joods-christelijke beschaving die nooit bestaan heeft. Aan de linkse politiek die de sociaal-economische strijd ondergeschikt maakt aan sociaal-culturele onderwerpen zoals identiteit, afkomst en gemeenschapsgevoel.

Wat de gevestigde partijen daar tegenover zetten is teleurstellend. Ze verliezen de strijd op twee fronten. Ze laten zowel in de beeldvorming als in de politieke realiteit een idee postvatten dat ze niet oprecht zijn in hun sociaal-economisch beleid en niet eens meer zelf aan de knoppen zitten om het vorm te geven. Het zijn de multinationals (afschaffen dividendbelasting), de banken (miljardensteun in 2008) en de EU die het voor het zeggen hebben. Dat relativeert het belang van de gevestigde partijpolitiek en verkleint het verschil met de radicale randpartijen van rechts en links. De gevestigde partijpolitiek laat deels bewust, deels onbewust na om te formuleren, te verduidelijken en te presenteren hoe in Nederland de macht verdeeld wordt en welke richting het land moet inslaan om toekomstbestendig en duurzaam te zijn. Zo resteert een pragmatisme dat politiek zonder politieke beginselen en programma biedt. Dat de politiek zonder partituur laat improviseren.

Een oplossing voor de gevestigde politiek om de schijnvoorstellingen en -oplossingen van de radicalen te ontmaskeren ligt voor de hand. Het moet aan geloofwaardigheid, voorspelbaarheid en verantwoording winnen om het verschil met het ongeloofwaardige beleid van de radicalen te benadrukken. Gevestigde partijpolitiek moet met realisme en transparantie rekenschap van zichzelf geven om het verschil te onderstrepen met de randpolitiek die bestaat uit onrealistische toekomstbeelden die zijn gebaseerd op historische gebeurtenissen die nooit hebben bestaan. Zolang de gevestigde partijpolitiek onvoldoende geloofwaardig, voorspelbaar en met verantwoordelijkheid handelt kan het de politieke handelaren in hersenschimmen niet de pas afsnijden.

Maar kan de gevestigde partijpolitiek nog wel geloofwaardig, voorspelbaar en met verantwoording handelen? Valt het politieke systeem nog wel te repareren of is het het punt al gepasseerd dat de partijpolitiek en de burgers samen er nog voldoende grip op kunnen krijgen om het te repareren omdat het al bezit van externe krachten is? Van de multinationals, de financiële instellingen en de supranationale organisaties als de EU, de ECB of het IMF. Het antwoord op die vraag is onduidelijk. De paradox is dat wat Forum voor Democratie en de PVV als bezwaar zien, namelijk het weggeven van de soevereiniteit van Nederland, precies hun electorale opgang mogelijk maakt. Niet omdat ze daarin beleidspunten scoren die van belang zijn voor de praktische politiek, maar omdat het het verschil met de geloofwaardigheid van de gevestigde partijpolitiek verkleint.

Het gebrekkige en uitblijvende antwoord van de gevestigde partijpolitiek dat schippert tussen het inleveren van soevereiniteit en het ophouden van de schijn dat dit niet aan de orde is, baart meer zorgen dan de schijnoplossingen van radicaal links en rechts. De politieke filosofieën van het communisme en het fascisme die ten grondslag liggen aan de programma’s van de radicale partijen hebben hun geloofwaardigheid voor de praktische politiek allang verloren. Dat is een dode weg waar de gevestigde politiek minder bevreesd voor zou moeten zijn dan het nu is. Dat maakt het uitblijven van een passend antwoord er des te raadselachtiger op.

Foto: Shot van trapportaal uit Vertigo (1958) van Alfred Hitchcock.

Takiyya van Forum voor Democratie. Partij verbergt ware aard en doet zich anders voor dan het is

with 7 comments

In een bericht in Metro zegt de leider van Forum voor Democratie Thierry Baudet te schrikken van een schoolopdracht die hem is toegestuurd. Het bericht zegt: ‘Volgens de schoolopdracht wil Baudet onder andere een wereld waarin slechts enkele witte mannen de macht hebben en is klimaatverandering een verzinsel. En dat komt niet helemaal overeen met de realiteit, aldus de fractievoorzitter. Hij gooide de opdracht op Twitter en vroeg zich hardop af of andere studenten dit ook meemaken op hun opleiding.’ Hoe het bericht in Metro terecht kwam is onduidelijk. Wellicht is het onderdeel van de publiciteitscampagne van deze politieke partij.

Het is aantoonbare onzin wat Baudet zegt. Of hij weet niet wat hij zegt of hij anderen op zijn partijcongres laat zeggen. Of hij doet net alsof hij niet weet wat hij zegt. Ja, Baudet is een aanhanger van (voormalig) alt-right icoon Milo Yiannopoulos met wie hij gretig genoeg was om samen op de foto te willen. Ja, Baudet heeft klimaat-scepticus Marcel Crok het podium gegeven op het eerste partijcongers van Forum voor Democratie.

Is dat toeval? Nee, dat is de structuur van deze politieke partij. Wie op de foto gaat met een icoon van alt-right geeft daarmee een politiek signaal af.  En wie een klimaatscepticus op een partijcongres laat spreken geeft ook een signaal af. Dat is geen toeval, maar een patroon. Dat past in het programma. Het raadsel is alleen waarom Baudet daar zo gespeeld verontwaardigd over doet. Het ligt er dik bovenop waar de partij voor staat.

Waarom ontkent Baudet wat hij zegt of anderen laat zeggen? Deze ontkenning is het patroon van zijn reacties. Hij zegt iets en als dat kritiek krijgt ontkent hij het achteraf. Conclusie? Baudet doet aan Takiyya. Tegenover de buitenwereld verbergt hij zijn gedrag. Dit uitgangspunt staat aanhangers van Forum voor Democratie toe om hun radicale overtuiging te verbergen. Ondersteunend bewijst hiervoor is wat Dirk-Jan van Baar gisteren in een tweet schrijft. Baudet veinst en Forum voor Democratie is een partij van veinzers. Ze verbergen hun ware aard om salonfähig te zijn. Maar onder elkaar klinken fascistische praatjes. Prima onderwerp voor een schoolopdracht die uitgebreid kan worden met de vraag waarom Forum voor Democratie ontkent wat het is:

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelThierry Baudet schrikt van ‘bizarre schoolopdracht’’ in Metro, 28 november 2017.

Foto 2: Tweet van Dirk-Jan van Baar, 27 november 2017. Inclusief mijn reactie.

Heeft NRC goed nagedacht over plaatsing artikel Baudet en FvD?

with one comment

NRC maakt in mijn ogen een slechte beurt door een kritiekloos artikel over Thierry Baudet en zijn partij Forum voor Democratie te plaatsen. Het grootste gemis is het ontbreken van een schets van Baudets buitenlandse contacten, zoals die bijvoorbeeld in februari 2016 tot uiting kwam door de aanwezigheid van Baudet op een Poolse conferentie. Hij begaf zich daar in extreem- en radicaal-rechtse kringen die gelieerd waren aan de fractie van Europa van Naties en Vrijheid in het Europarlement die wordt gedomineerd door het Front National. Aan een profielschets van Baudet zonder het Front National te noemen ontbreekt iets fundamenteels. Een ander gemis is dat het niet focust op de verwerpelijke uitspraken die Baudet doet, zoals politiek journalist Jaap Jansen nog gisteren optekende op een partijbijeenkomst van Forum voor Democratie in Den Haag.

NRC trapt in de valkuil van de traditionele ‘enerzijds-anderzijds’ journalistiek die hoor en wederhoor biedt en daarom zelden tot een harde afwijzing komt. NRC had óf door moeten pakken door tot de kern te gaan door internationaal onderzoek óf moeten zwijgen wegens onvoldoende materiaal. Nu werkt NRC gewild of ongewild mee aan de normalisering van een radicaal-rechtse partijpoliticus die lacherig of op een badinerende toon de meest vreselijke uitspraken doet die haaks staan op de opvatting van parlementaire democratie waar de liberale NRC zich hard voor maakt. Dat rijmt niet, maar vloekt. Het leek wellicht een aardig ideetje om Baudet en zijn partij als een interessant fenomeen te beschrijven, maar zonder goed na te denken over de gevolgen van zo’n profielschets is het tamelijk naïef. Het past evenmin in de opvatting van de weerbare democratie.

Foto 1: Schermafbeelding van FB-posting van NRC met reactie, 4 november 2017.

Foto 2: Tweets van Politiek verslaggever/commentator BNR Nieuwsradio Jaap Jansen, 3 november 2017.

Foto 3: Eigen tweet, 4 november 2107.

Bij het Stedelijk Museum kwam afgelopen jaren de fout van rechts

with 6 comments

Het was wachten op de aanval van populistisch rechts op het Stedelijk Museum. Publicist en econoom Arno Wellens die zich namens Forum voor Democratie van Thierry Baudet het veld in laat sturen wil er de fik in steken. Zo beweert hij in een artikel. Het is een voorspelbaar geluid vanaf de rechterflank van het politieke spectrum. Voorman Baudet moet niets hebben van moderne kunst waar hij in navolging van de conservatieve cultuurfilosofie van Roger Scruton de afkeer van het eigene en dan met name van de natie in ziet. Zo wordt het Stedelijk een focus voor partijpolitiek.

Oud-directeur Beatrix Ruf heeft die reactie van radicaal rechts trouwens over zichzelf opgeroepen door haar kosmopolitisch kapitalisme dat gepresenteerd wordt met politieke correctheid over onder meer immigratie. Dat is politiek bedrijven door iemand die geen politicus is. Ze doet daarin denken aan de luxueuze progressiviteit van Maxima die nooit helemaal geloofwaardig wil worden. Voeg daarbij een Raad van Toezicht die kunst bedreef zonder kunstprofessional te zijn en de reden voor de ontsporing van Ruf is al grotendeels gegeven. Overigens werkt het hoefijzermodel in deze kwestie ook, want vele medestanders van Ruf betichten NRC zonder enige onderbouwing van partijdige journalistiek. Ze stellen zich even hardleers op als Arno Wellens, hoewel ze uiteraard heel iets anders voorhebben met het Stedelijk. Vooralsnog steken ze liever de fik in de redactie van NRC die het slechte nieuws naar buiten bracht.

Zo resteert een Stedelijk Museum dat door rechts onder vuur wordt genomen en een deel van de kunstsector dat geen kwaad woord over Ruf wil horen en niet wil aanvaarden dat zij fouten heeft gemaakt. In Rufs verdediging speelt ook nog het voorsorteren voor haar opvolging mee. Mijn reactie op 925.nl:

Nog altijd gaan er meer dan 600.000 bezoekers per jaar naar het Stedelijk. Dat zijn er zo’n 1.700 per dag. Dus doodstil is het er niet. Voor een econoom is het opvallend om te kiezen voor de optie de boel maar in de fik te steken. Hoort dat niet eerder bij autoritaire landen die kapitaalvernietiging op de koop toe nemen? En overigens, wat moet er met de onbetaalbare collectie gebeuren? Verkocht worden op het Waterlooplein?

Dat er iets ontzettend fout is gegaan in het Stedelijk Museum lijkt wel duidelijk voor iedereen die het zichzelf toelaat de reeks onthullende artikelen in de NRC tot zich door te laten dringen. Overigens kwam het nieuws over de belangenverstrengeling van artistiek directeur Beatrix Ruf en de vorige Raad van Toezicht niet uit de lucht vallen. Het was al jaren een publiek geheim. Het is eerder een raadsel dat de verzamelde Nederlandse kunstjournalistiek zolang heeft gewacht met publicatie. Jan Christiaan Braun heeft sinds 2011 in paginagrote advertenties in de landelijke dagbladen gewezen op de rol van de kunsthandel en de overtreding van ethische codes door zowel bestuur als directie. Zie hier wat ik er toen over schreef.

Met alles wat ontspoort is er een keuze uit twee opties: opdoeken of hervormen. Dat is ook zo met het Stedelijk. Het heeft een gedenkwaardige en waardevolle geschiedenis en het is kort door de bocht om het op te doeken vanwege een disfunctionele directeur en een disfunctionele Raad van Toezicht. Hervormen is een optie die eerder voor de hand ligt.

We doeken het Nederlands Elftal ook niet op als het wanprestaties levert en in twee achtereenvolgende kampioenschappen de voorronde niet overleeft. Het is dan wachten op betere tijden en organisatorisch moet er ingegrepen worden om de voorwaarden weer naar de hand te zetten. Na een sjoemelende prins Bernhard werd evenmin het koningshuis opgedoekt, hoewel het naar verluidt weinig scheelde en het aan Joop den Uyl te danken is dat het niet gebeurde. In dit soort ontsporingen is de aangewezen weg dan een flinke hervorming. Een nieuwe stip aan de horizon en en een nieuwe start met nieuwe mensen en een nieuwe mentaliteit. Precies zo is het met het Stedelijk.

Dat Ruf en de vorige twee Raden van Toezicht gefaald hebben is duidelijk. Niet alleen organisatorisch, maar ook maatschappelijk en programmatisch. Het was te eenzijdig en te arrogant. Te incestueus en te gesloten. Overigens is het interessant om op te merken dat bij het Stedelijk sinds 2010 de fout van rechts kwam. De Raad van Toezicht bestond uit miljonairs die kunstprofessional speelden, maar op kunstgebied in de kern amateur waren. Daarnaast gebruikten ze hun functie om zelf in kunst te handelen. Dief en diefjesmaat. Ze hadden nooit in die positie benoemd moeten worden.

Een bedrijfsachtergrond geeft iemand nog geen verstand van beeldende kunst of de museumsector. Het opereren van die Raad van Toezicht bevestigt het misverstand dat ondernemers doelmatiger en met meer gezond verstand handelen dan mensen in de publieke sector. De recente geschiedenis van het Stedelijk lijkt eerder het omgekeerde aan te tonen. Hoewel we moeten oppassen voor snelle conclusies omdat ook iemand als oud-minister Guusje ter Horst deel uitmaakte van de Raad. Maar ze had een ondergeschikte positie.

Een en ander roept de vraag op welke rol de vorige Raad van Toezicht gespeeld heeft en welke volmacht het directeur Ruf gegeven heeft. Artnet ziet in een commentaar drie opties en gaat overigens deels voorbij aan het aantreden van een nieuwe Raad per oktober 2017: 1) De Raad wist van niks over het bijklussen van Ruf, 2) de Raad was bekend met het bijklussen van Ruf maar loog erover en 3) D Raad keek weg en stelde zich opzettelijk onwetend op. Het Stedelijk heeft een intern onderzoek gestart dat in kaart moet brengen hoe het zo fout heeft kunnen gaan.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelStedelijk Museum Amsterdam: elitair doch zieltogend, beter steken we ’t gewoon in de fik’ van Arno Wellens op 925.nl, 20 oktober 2017.

Thierry Baudet eigent zich ongenuanceerd oordeel over hedendaagse kunst toe

with 4 comments

Het is altijd kiezen tussen lachen en schrikken als men stukken van Forum voor Democratie onder ogen krijgt. Neem het anonieme commentaarBreek het Kunstkartel!’ dat waarschijnlijk door Thierry Baudet is geschreven. Aanleiding ervoor is de tentoonstellingPrésence de la peinture en France» (1974-2016)’ in het gemeentehuis van het 5de arrondissement in Parijs. Dat van de Sorbonne, Quartier Latin en de Grote Moskee. Initiatiefnemer ervan is Marc Fumaroli met medewerking van Jean Clair. Beide zijn lid van de Académie française.

Het is niet toevallig dat Baudet uitkomt bij deze tentoonstelling en bij Fumaroli en Clair. Ze ageren tegen hedendaagse kunst. Baudet is eveneens gekant tegen hedendaagse kunst omdat het het thuisgevoel (‘oikofobie’) in de weg zou staan. Een term van de Britse conservatieve cultuurfilosoof Roger Scruton die via de Franse rechtse filosoof Alain Finkelkraut in het Franse debat is terechtgekomen. Baudet heeft deze term ‘geleend’ en in zijn politiek ingepast. Hedendaagse kunst zou mensen vervreemden van de eigen omgeving is het idee van deze conservatieve denkers. Exact het omgekeerde van wat Bertolt Brecht beweerde met zijn theorie van vervreemding in het theater die mensen bewust maakt omdat hun de montage van het werk wordt getoond. Wat tot nadenken zou aanzetten en het doorzien van manipulatie. Maar deze rechtse denkers leggen andere accenten voor de vermeende bewustwording van de massa door zich op te werpen als bemiddelaars.

De kunstenaars Paul McCarthy, Jeff Koons en Anish Kapoor zijn in Frankrijk de favoriete zondebokken zoals een artikel in Challenges verduidelijkt. Dat afwijzen van hedendaagse kunst door radicaal-rechts gaat niet om de kunst, maar om het debat dat die afwijzing oplevert en het mogelijk maakt om traditionele waarden te verdedigen. Zo bedrijven deze rechtse denkers en een politicus als Baudet politiek ten koste van de kunst.

Het gaat Fumaroli die nauwelijks verstaanbaar Engels spreekt vooral om het afwijzen van de Angelsaksische dominantie en het aanprijzen van de vermeende grootsheid van de Franse natie, taal en geschiedenis. Als het moet met steun aan middelmatige Franse kunstenaars of Franse kunstenaars van het verleden. Niet Christian Boltanski, Daniel Buren of Sarkis die een Frans humanisme vertegenwoordigen en internationaal opereren. Omdat de kunsthandel grotendeels Angelsaksisch is en het culturele wereldhart al sinds 60 jaar niet meer in Parijs klopt, richt Fumaroli zijn pijlen op de internationale kunsthandel. En scheert hij alles over één kam. Fumaroli gaat het ook om het benadrukken van het belang van de christelijke religie. Daarbij komt hij al snel op een hellend vlak met beschuldigingen van godslastering en een houding die past bij antisemitisme.

Als navolger van zijn voorbeelden Scruton, Fumaroli en Finkelkraut probeert Thierry Baudet een Frans debat naar de Nederlandse situatie te vertalen. Opvallend voor iemand die zegt te zweren bij de natiestaat. Hij doopt het ‘Breek het kunstkartel!’ met de impliciete verwijzing naar het partijkartel dat taaleigen van het Forum voor Democratie is. Maar Baudets oefening is die van een tovenaarsleerling die nog niet tot op de schouders van zijn voorbeelden heeft kunnen klimmen. Zijn betoog is een matige vertaling en mist de brille en diepgang van zijn voorbeelden. Baudet heeft te weinig kennis van hedendaagse kunst om zinvol te kunnen onderscheiden. Daar helpt het napraten van zijn voorbeelden niets aan. Het brengt hem tot uitspraken over kunstenaars, esthetiek en kunstmarkt die niet alleen ongedifferentieerd zijn, maar ook niet geloofwaardig worden omdat ze duidelijk zijn ingegeven door een conservatieve culturele agenda die de kunst van de eigen tijd niet begrijpt.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelBreek het Kunstkartel!’ op Forum voor Democratie, 28 september 2017.

Baudet ontkent contacten met extreem-rechts en wordt betrapt met leugen over Constant Kusters

leave a comment »

Thierry Baudet ontkent extreem-rechts te zijn of dat soort contacten te hebben, maar onderhield afgelopen jaren contacten met Europese rechts-extremisten, onder meer van het Front National. Blogger Ikje somt de contacten in een geactualiseerd overzicht op en concludeert daaruit dat Baudet een neofascist is.

Nu is er een relletje rond Constant Kusters en de Nederlandse Volks-Unie (NVU) dat als extremistischer wordt beschouwd dan Baudets partij, het Forum voor Democratie (FvD). Sinds die partij in de Tweede Kamer met twee zetels vertegenwoordigd is neemt het in het openbaar afstand van de mensen waar het mede de twee zetels aan heeft te danken. FvD doet zich salonfähig voor en neemt afstand van het rechts-extremistische voetvolk. Overigens een te verwaarlozen groep met een kleine 300 volgelingen die zich belangrijk voordoen. Aan dat euvel lijdt ook Kusters. Het antwoord op de vraag of FvD door het openbaar afstand nemen van extreem-rechts een uitspraak doet over de ware aard van de partij of een en ander probeert te framen is afhankelijk van het waarheidsgehalte van Baudets beweringen en of men hem op zijn woord kan geloven.

Het is uitgebreid na te lezen in de publiciteit, zoals hier. Baudet ontkent de band met de NVU, maar Kusters zegt in een artikel in De Gelderlander dat Baudet wist van de samenwerking. In TPO werd op 25 augustus de leugen doorgeprikt dat Baudet nooit van Kusters had gehoord: ‘Forum voor Democratie-leider Thierry Baudet zei vrijdag tegen ThePostOnline nog nooit van Constant Kusters te hebben gehoord, de leider van de de extreemrechtse Nederlandse Volks-Unie (NVU). Dat blijkt anders te liggen. Sterker, Baudet sprak over Kusters in een discussieprogramma van omroep Powned. Op donderdag 29 oktober 2015 om precies te zijn.’

Deze leugen komt na vragen waarom Baudet zo kritiekloos door de Nederlandse media aan het woord wordt gelaten, onder meer hier op dit blog. Een analogie met Donald Trump kondigt zich aan. Hij kreeg van onder meer CNN en MSNBC’s Morning Joe in een soort gratis rit zonder de gebruikelijke journalistieke normen alle ruimte om zijn persoon en programma te presenteren en kon zo groeien. Mede omdat zijn aanwezigheid garant stond voor goede kijkcijfers. Nu Trump dankzij de media de verkiezingen heeft gewonnen en hij ze niet meer nodig heeft neemt hij er afstand van. Voor FvD geldt dat in mindere mate omdat het slechts 1,8% van de stemmen haalde, tegen Trump 46%. NRC onderzocht welke partijen tijdens de campagne het meest op televisie waren. FvD scoorde bovengemiddeld met 27 optredens in 12 onderzochte actualiteitenprogramma’s. Nu de banden met extreem-rechts duidelijk zijn gemaakt is de vraag of ze FvD kritischer gaan benaderen.