George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Els Swaab

Directeur Kees Wieringa van Museum Kranenburgh stapt alsnog op

with 7 comments

kw

Ik heb opstappen wel overwogen’, zei directeur Kees Wieringa van Museum Kranenburgh in Bergen in een interview onder de titel ‘Kranenburgh is geen buurthuis meer’ dat op 24 oktober verscheen in het Noordholland Dagblad. Maar hij dacht niet aan opstappen. Nu wel. Wieringa heeft zijn afscheid aangekondigd, aldus bovenstaand berichtje in NRC. Tot de site van het museum is het nieuws nog niet doorgedrongen.

Zijn positie was onhoudbaar geworden na het interview waarin hij zich onhandig opstelde en forse uitspraken deed over het museum, zichzelf en de rol van de Raad van Toezicht van het museum. Hij eiste een alleenrecht op: ‘Het is zelfs zo dat ik verantwoordelijk ben als de boel instort en niet de raad van toezicht’. Daarmee overspeelde Wieringa bestuurlijk zijn hand. De pianist Wieringa was de verkeerde man op de verkeerde plaats. Achteraf kan alleen maar verbaasd afgevraagd worden waarom hij ooit benoemd werd als museumdirecteur.

De Appel: Advies commissie Swaab in tegenspraak met advies Raad voor Cultuur

with 6 comments

app

Verbazingwekkend aan het rapport ‘Bevindingen en advies commissie Swaab inzake De Appel arts centre’ van 3 december 2015 is niet dat het haaks staat op de standpunten van de door het bestuur in een gerechtelijke procedure ontslagen directeur Lorenzo Benedetti of medestanders (tutors en kunstenaars), maar dat het haaks staat op de door het ministerie van OCW gevolgde evaluatie van De Appel in het advies van de Raad voor Cultuur Slagen in Cultuur; culturele basisinfrastructuur 2013-2016‘ van mei 2012. Dat leverde De Appel 500.000 euro subsidie op. Omdat de adviezen elkaar vooral over de zakelijke leiding en het ondernemerschap tegenspreken kunnen niet zowel het advies van de commissie Swaab als dat van de Raad voor Cultuur gelijk hebben. Eén ervan heeft de zaken verkeerd voorgesteld, en alles duidt erop dat dat de Raad voor Cultuur is.

De commissie Swaab met voorzitter Els Swaab, Axel Rüger en Hester Alberdingk Thijm had als opdracht: ‘Het verrichten van een onafhankelijk onderzoek naar het beleid en de handelwijze van het bestuur van De Appel in relatie tot de arbeidsovereenkomst met de heer Benedetti en de ontbinding van deze overeenkomst. Het onderzoek gaat niet over de artistieke prestaties van De Appel.’ De commissie heeft met iedereen gesproken behalve met Benedetti die een gesprek weigerde omdat hij twijfelde aan ‘de onpartijdigheid van de commissie en dan met name over de positie van mevrouw Swaab.’ De gemeente Amsterdam zei wel vertrouwen te hebben in ‘de onpartijdigheid van de commissie en het advies.

Conclusie is dat ‘de heer Benedetti al vanaf eind 2014 op de hoogte was van de klachten ten aanzien van zijn functioneren en dat hij zich sindsdien kon realiseren dat verbetering noodzakelijk was’. Maar ook het bestuur van De Appel heeft steken laten vallen in een cultuur waarin de ‘open Appelmanier’ zakelijke afspraken in de weg stond: ‘Niet geformaliseerd, niet duidelijk gesteld met een ultiem gevolg, ontslag als mogelijke uitkomst.’ Uiteindelijk kende deze kwestie met goedwillende betrokkenen alleen maar verliezers: algemeen directeur, personeel, bestuur en tutoren. De oorzaak voor het disfunctioneren van Benedetti was terug te brengen tot ‘het ontbreken van een formele organisatiestructuur en de open bedrijfscultuur van de Appel.’

Het is het ontbreken van zakelijkheid en organisatie dat de Raad voor Cultuur niet als negatieve, maar als positieve eigenschap van De Appel wenste te beschouwen. Hoewel dat onder een andere algemene directeur Ann Demeester was, maakte dat de mate van organisatie en zakelijkheid niet anders: ‘De Appel geniet ruime internationale bekendheid, niet alleen door de lange staat van dienst, maar vooral door de niet aflatende stroom van inspirerende ideeën die in nauwe samenwerking met partners in binnen- en buitenland verder worden ontwikkeld.’ Wie beide adviezen naast elkaar legt kan niet anders dan concluderen dat de Raad voor Cultuur van Venus komt en de commissie Swaab van Mars. Ze evalueren dezelfde presentatie-instelling, maar hebben een volkomen verschillend perspectief en toetsingskader. Goede bedoelingen, wensdenken en creatieve ambitie tegenover zakelijkheid, bestuurlijkheid en organisatorische degelijkheid. Het kan verkeren.

Foto: Schermafbeelding van deel advies van de Raad voor Cultuur Slagen in Cultuur; culturele basisinfrastructuur 2013-2016’ (p. 342), mei 2012.

Bestuurlijk veel mis bij Museum Kranenburgh. Wie grijpt er echt in?

with 2 comments

deel001alsi01ill23

Het Noordhollands Dagblad plaatste op 24 oktober een interview met directeur Kees Wieringa van Museum Kranenburgh in Bergen onder de titel ‘Kranenburgh is geen buurthuis meer’ met opzienbarende uitspraken. Wieringa benadrukt dat hij een ‘puinhoopsituatie‘ aantrof toen hij drie jaar geleden aantrad en dat hij daar een sterke organisatie van gemaakt heeft: ‘Een sfeer van achterklap heerste: de toenmalige raad van toezicht, gemeente en directie waren in conflict.’ Hij meent de juiste man te zijn: ‘Ik ben ondernemend, eigengereid en eigenwijs, dat moet je ook zijn. Het museum moet niet door een saaie zakelijke manager geleid worden.’

Wieringa heeft bestuurlijk een bijzondere kijk en vond dat hij de situatie juist inschatte en de RvT niet: ‘Het zijn mensen die weten waar ze het over hebben in de cultuurwereld, maar niet wat Kranenburgh betreft.’ En: ‘Het is zelfs zo dat ik verantwoordelijk ben als de boel instort en niet de raad van toezicht’. Met als klap op de vuurpijl de RvT die niet tegen het ‘krachtenveld’ op kon: ‘Ik snap dat het bizar is dat de werkgever moet opstappen, maar Kranenburgh heeft geen traditionele constructie. Je moet bouwen op die sponsoren’.

Henkoo geeft in een column in de wekelijkse Flessenpost uit Bergen zijn visie op de zaak: ‘Een raad van toezicht ontslaat een directeur. Die directeur verzet zich daartegen en vervolgens ontslaat die raad van toezicht zichzelf waarna een machtsvacuüm ontstaat. Een moment waarop de gemeente, statutair, had kunnen ingrijpen. Maar nee, de directeur zette zijn netwerken in om zijn positie te kunnen behouden.’ En: ‘De directeur gaat onverdroten door op de ingeslagen weg. Niks museum, dat moet, in zijn visie, een culturele onderneming worden. En wie kan dat beter doen dan hij? Hij heeft immers de wijsheid in pacht! Zonder hem dondert heel Kranenburgh in elkaar. En, pas op, kom niet aan hem want dan mobiliseert hij zijn stakeholder.’

Henkoo verwijst in z’n column naar een betoog van PvdA’er Haye van der Werf die breed kijkt naar de juiste aanpak voor Bergen als kunstenaarsgemeente: ‘Kranenburgh dreigt ten onder te gaan aan amateuristisch bestuur, ego’s, beperkte middelen en bemoeizucht van de gemeente.’ Het gaat ook om het prestige van het gemeentebestuur: ‘Maar er moet wel een oplossing komen voor “Kranenburg”. Want de gemeente heeft er 5 miljoen in gestoken plus nog eens 500.000 per jaar en we dreigen de risee van cultureel Nederland te worden.’ Haye van der Werf pleit voor een integraal cultuurbeleid: ‘Dat doe je ook niet door een als ‘museumdirecteur’ het alleenrecht op te eisen. Daar zijn andere kwaliteiten voor nodig: cultureel, financieel maar vooral menselijk en qua communicatie. Dat moet je regelen door facilitering, afstemming en creativiteit. Niet door rigide regie, vooropgezette ideeën en een gesloten front ten opzichte van opposanten.

Uit het interview en beide uitingen van Henkoo en Haye van der Werf rijst een beeld op van de verkeerde man op de verkeerde plaats. Het functioneren van directeur Kees Wieringa kan samengevat worden met de steekwoorden: zelfoverschatting, destructief, dominant, manipulatief en lak aan bestuurlijke verhoudingen. Gevoegd bij een gemeentebestuur dat geïnvesteerd heeft in Kranenburgh en bevreesd is om in de ogen van anderen af te gaan ontstaat een situatie waarin de directeur te veel ruimte kan nemen, de bestuurlijke verhoudingen op hun kop worden gezet en informele relaties en netwerken de directeur in het zadel houden.

Zie voor eerdere ontwikkelingen: ‘College Bergen loog over rol Kranenburgh. RvT gepasseerd en opgestapt’.

Foto: Lucebert, Tekening. Uit: Raster 30, 1984.

College Bergen loog over rol Kranenburgh. RvT gepasseerd en opgestapt

with 2 comments

berg

De Raad van Toezicht (RvT) van Museum Kranenburgh in Bergen is in augustus 2015 vrijwillig opgestapt. Deze bestond uit voorzitter Els Swaab (advocaat en oud-voorzitter van de Mondriaan Stichting en oud-voorzitter van de Raad voor Cultuur), Edwin Jacobs (directeur Centraal Museum Utrecht), Hans van de Leygraaf (Leygraaf Makelaars Alkmaar), Hans Schoo (programmadirecteur Antoni van Leeuwenhoek Amsterdam) en Jan Sebel (registeraccountant en partner PwC Amsterdam). Reden zou de inmenging door ‘sponsors’ zijn in de relatie met de directeur/bestuurder Kees Wieringa, waarvan de gemeente Bergen er ook één is. De RvT had tijdig aangekondigd Wieringa per 30 september te ontslaan, waarop de sponsors en andere betrokkenen dit zouden hebben tegengehouden. De RvT is werkgever van de directeur en is vanwege alle inmenging afgetreden, ook om het museum niet verder te beschadigen. Daarom is het tot nu toe buiten de landelijke publiciteit gebleven.

In het interpellatiedebat dat op initiatief van oppositiepartijen VVD en Gemeentebelangen op 1 oktober werd gehouden en waarin VVD’er Cees Roem het voortouw neemt wordt door wethouder Odile Rasch (D66) ontkend dat de gemeente heeft geïntervenieerd met als doel Wieringa in functie te houden. Rasch doet berichtgeving in het Noordhollands Dagblad af als onjuist. Maar bovenstaand bericht in hetzelfde dagblad van 17 oktober doet anders vermoeden: ‘Uit notulen blijkt dat de burgemeester en wethouder eerder samen met door Wieringa ingeschakelde advocaat Lucas van Eeghen en jurist Ger Brusche hebben geïntervenieerd.’ Opvallend is dat deze Ger Brusche als ‘slapend’ lid van de oude RvT een nieuwe RvT heeft gerealiseerd zoals wethouder Rasche in het interpellatiedebat uitlegde. Zonder dat Brusche trouwens lid is geworden van deze nieuwe RvT.

In het interpellatiedebat wijst David Jan Zeiler van Gemeentebelangen op het geprivatiseerde Wereldmuseum waar het Rotterdamse college ingreep. Mede omdat het subsidie verleent en eigenaar van de collectie is. Bij Kranenburgh bestaat een soortgelijke situatie, daar is de gemeente voor 90% eigenaar van de collectie. Deze verwijzing van Zeiler geeft aan dat er ook voor een gemeente op afstand mogelijkheden zijn om zich te mengen in de bedrijfsvoering van een culturele instelling die dreigt te ontsporen. Op voorwaarde dat dat via de koninklijke weg van openheid en overleg met de raad gaat. In Bergen lijkt het omgekeerde gebeurd. Het college heeft achter de rug van de RvT om en buiten het overleg met de voltallige raad zich met zaken bemoeid waarover het formeel geen zeggenschap had. Dat zegt alles over de bestuurscultuur van Bergen.

bergennh

Foto 1: Bericht ‘College Bergen loog over rol Kranenburgh’ in het Noordhollands Dagblad, 17 oktober 2015.

Foto 2: Schermafbeelding van ‘VVD Bergen blijft met vraagtekens over situatie Kranenburgh zitten’ op VVD Bergen NH. Zie hier voor de raadsvragen van VVD en Gemeentebelangen (zie Vergaderstukken bij agendapunt).

Hoe breed wordt onderzoek naar De Appel door commissie Swaab?

leave a comment »

app

Een bericht in De Volkskrant: De Amsterdamse wethouder Kajsa Ollongren (Cultuur) laat een onafhankelijk onderzoek instellen naar het beleid van het bestuur van Kunstcentrum De Appel. De aanleiding is de ontstane ophef na het ontslag van directeur Lorenzo Benedetti. Els Swaab, oud-voorzitter van de Raad voor Cultuur, gaat de onderzoekscommissie leiden.’ Het bestuur zegt in een reactie het onderzoek op prijs te stellen.

Hiermee wordt het van rendementsdenken en managementscultuur betichte bestuur van De Appel met voorzitter Alexandra van Huffelen (directeur Gemeentelijk Vervoerbedrijf Amsterdam), penningmeester Wouter Han (directeur Lazard Benelux), Suzanne Oxenaar (creatief directeur Lloyd Hotel & Culturele Ambassade), Benno Tempel (directeur Haags Gemeentemuseum) en Hermine Voûte (partner Loyens & Loeff advocaten) onder curatele geplaatst. Van allerlei kanten, zoals Nederlandse galeriehouders, kunstenaars en tutoren van De Appel kwam afgelopen maand kritiek op het ontslag van Benedetti door het bestuur. Het ontslag werd gewoonweg niet begrepen. Feit dat het bestuur niet met steekhoudende argumenten kwam die verder gingen dan de kritiek ‘dat Benedetti onvoldoende leiderschap toonde’ maakte het er nog onbegrijpelijker op.

Met dit onderzoek is de kous niet af. Het rendementsdenken en de managementscultuur heeft het bestuur niet zelf verzonnen, maar is het opgelegd door de landelijke politiek. Drukbezette directeuren in het bestuur van De Appel zijn niet meer dan zetbazen die opdrachten toepassen van elders uitgezette lijnen. Interessanter zou het daarom zijn om in een onderzoek helder te krijgen waarom de directeur van een presentatie-instelling als De Appel normen krijgt opgelegd die strijdig zijn met het opereren van de cultuursector.

Als Els Swaab en haar commissie hun werk serieus nemen dan richten ze zich niet op het bestuur van De Appel, maar op de landelijke politiek die in de beide kabinetten Rutte sinds 2010 weinig heeft nagelaten om minachting en gebrek aan loyaliteit jegens de kunsten ten toon te spreiden. Omdat Els Swaab nog een appeltje te schillen heeft met VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra voor wie ze zich in 2011 genoodzaakt zag het veld te ruimen als voorzitter van de Raad voor Cultuur kan het een spannend onderzoek worden dat breder wordt dan velen nu vermoeden. De aanwijzing van Swaab door Rutte’s voormalige rechterhand maakt het mogelijk.

Foto: Schermafbeelding van ‘Reactie bestuur op onderzoek gemeente Amsterdam’ op site van Kunstcentrum De Appel.

Ongelijk van Halbe Zijlstra’s cultuurbeleid opnieuw aangetoond

with 5 comments

geven

Halbe Zijlstra (VVD) wist hoe het zat toen hij staatssecretaris van cultuur (2010 -2012) was. Zo pretendeerde hij. Bezuinigen op kunst door de overheid kon omdat particulieren en bedrijven in het financiële gat zouden springen. Dat was ‘Een nieuwe visie op cultuurbeleid’ zoals hij dat in een kamerbriefMeer dan kwaliteit, een nieuwe visie op cultuurbeleid‘ van 10 juni 2011 presenteerde. Er is niets van Zijlstra’s plannen uitgekomen, want de markt had weinig behoefte om in het gat te stappen dat de overheid bewust liet ontstaan. Er werd al in 2010 door vele kanten voor gewaarschuwd dat hij het bij het verkeerde eind had. Het was niet meer dan blufpoker en nattevingerwerk zonder onderzoek waar de VVD’er zich op baseerde. Op weg naar de volgende functie zonder verantwoording af te hoeven leggen voor zijn miscalculaties. Met rampzalige gevolgen.

Vandaag wordt de onjuistheid van Zijlstra’s beleid opnieuw bevestigd. Daan van Lent citeert voor NRC uit het morgen te verschijnen tweejaarlijkse rapport ‘Geven in Nederland’ van het Centrum voor Filantropische Studies aan de VU: ‘Giften aan cultuur zijn sinds 2011 verder teruggelopen. (..) De daling is opmerkelijk, omdat de overheid in 2011 besloot fors te bezuinigen op cultuur en een beleid inzette dat instellingen juist meer geld zouden moeten aantrekken uit de particuliere sector. (..) De daling komt vooral door sterk dalende sponsorgelden. De onderzoekers geven daarvoor geen verklaring. Maar uit jaarverslagen van culturele instellingen bleek vorig jaar al dat musea, orkesten, toneel- en dansgezelschappen bij bedrijven merken dat deze sinds de recessie de hand op de knip houden en bovendien geen zin hebben om in het gat te springen dat de overheden hebben laten liggen liggen.’ Nogmaals, het was voorspeld dat het zo zou gaan.

Het is dus allemaal nog veel erger dan wat Zomergast Johan Simons in 2013 zei: ‘Onze vorige staatssecretaris van Cultuur Halbe Zijlstra die zei dat hij blij was dat hij geen verstand had van kunst, want dan kon hij heel makkelijk snijden. Ik weet niet of er überhaupt bezuinigd moet worden, daar zijn ook andere stemmen, maar de manier waarop die man omgegaan is met ons kunstenaars neem ik hem zeer kwalijk en zal ik hem ook altijd kwalijk nemen. Het gaat niet aan dat iemand die staatssecretaris van Cultuur is dat durft te zeggen, terwijl een staatssecretaris van Cultuur het hoort op te nemen voor cultuur. Ook al krijg je als opdracht om te bezuinigingen dan moet je dat serieus uitleggen. (..) Je kunt toch niet zeggen als je een ministerie onder je hebt blij te zijn niet zoveel verstand van kunst te hebben om makkelijker te kunnen snijden. (..) Ik vind het respectloos beleid. We hebben te maken met een regering die redelijk respectloos met de kunst omgaat.’

De VVD is de oorzaak voor de recente kaalslag op cultuur en heeft dat in de afgelopen jaren voorbereid en vormgegeven. Eerst binnen de VVD-fractie bij monde van cultuurwoordvoerder Han ten Broeke, in 2010 door VVD-informateur Ivo Opstelten in het regeerakkoord en in de uitvoering door staatssecretaris Halbe Zijlstra. Een toelichting bij het rapport ‘Manifestaties van de vrijheid des geestes’ van de Teldersstichting claimde de eigen verdienste: Omdat cultuur en sport voor de gemiddelde burger vrijetijdsactiviteiten zijn, vormen van vermaak, rijst de vraag hoe de gewijzigde taakopvatting van de overheid op de terreinen van cultuur en sport zich verhoudt tot de liberale staatsopvatting. Voor de VVD is cultuur een vorm van vermaak. Dan is blijkbaar alles geoorloofd om de burgers wat op de mouw te spelden en slecht doordacht beleid voor te zetten.

Schlaraffenland
Foto 1: Schermafbeelding van hoofdstuk ‘1.5 Geven aan cultuur’ uit kamerbrief ‘Meer dan kwaliteit: een nieuwe visie op cultuurbeleid’ van Halbe Zijlstra (2011).

Foto 2: Pieter Bruegel de Oude, ‘Luilekkerland’ (1567). Collectie: Alte Pinakothek, München.

De Telegraaf: VVD eist excuus voor kunstprotest 2011. Gekunsteld?

leave a comment »

vvd

Een opmerkelijk bericht met alleen een indirecte bron: De Telegraaf. Het bericht dat de VVD excuus zou eisen voor de protesten tegen de bezuinigingen op cultuur die in 2011 resulteerden in de ‘Mars der Beschaving’ is vooralsnog bij de VVD niet terug te vinden. Sinds 2011 is de mantra van de VVD: ‘Door minder subsidie werden instellingen gedwongen naar het publiek te kijken in plaats van naar de overheid als geldverstrekker.’ De vraag of bezuinigingen tot een kwaliteitsverhoging leidden is lastiger te beantwoorden dan de VVD claimt.

De ‘Mars der Beschaving’ was een aanfluiting. Tenenkrommend en beschamend. Ik schreef op 30 juni 2011: ‘Acties als Nederland schreeuwt om Cultuur en de Mars der Beschaving vliegen uit de bocht als ze komen met verwijten, claimen van eigen rechten en groteske overdrijvingen. De juiste weg is een smal pad. Gelukkig wordt er veel verstandigs gezegd, met passie en maatschappelijke betrokkenheid. Maar iemand die voor zichzelf werkgelegenheid eist is ongeloofwaardig.’ Daarmee is echter niet gezegd dat de mars niet succesvol was. Hoe valt dat te meten? Wellicht hield het de VVD af van het nemen van hardere bezuinigingen. Na de eerste bezuinigingsronde onder leiding van toenmalig staatssecretaris Zijlstra werden de kunsten redelijk gespaard. Mede door de halfslachtige en tegensputterende D66 en PvdA die het zo wel genoeg vonden.

Daarbij komt dat de cultuurbezuinigingen ongewenste gevolgen hadden omdat ze niet geleidelijk ingevoerd werden en fors waren. Ze waren gewoonweg slecht doordacht. Dat riep protest op. Toenmalig voorzitter van de Raad voor Cultuur Els Swaab stapte in 2011 op omdat ze zich niet kon vereenzelvigen met de manier van bezuinigingen. Ze legde dat uit: ‘Door de keuzes die dit kabinet maakt, wordt de schade die de bezuinigingen veroorzaken groter dan noodzakelijk is. Dat is voor mij niet aanvaardbaar. Ik wil geen leidinggeven aan het tot stand komen van subsidieadviezen  voor instellingen, waarbij dit kabinetsbeleid het uitgangspunt is.

De VVD kan uit de toename van het bezoek, fondsenwerving en sponsoring niet concluderen dat de kunsten er prima voorstaan. Wel dat ze marktgerichter opereren. Dat zegt iets over financiering en organisatie van instellingen. Niet over de gezondheid van de kunsten en de voorbereiding op de toekomst. Kunstinstellingen halen inderdaad meer inkomsten uit de markt. Maar de opbrengsten zijn minder dan de VVD het in 2011 voorspiegelde. Consensus bestaat dat dit te weinig is om het verlies aan subsidie-inkomsten te compenseren.

Beredeneerd vanuit de eigen logica heeft de VVD gefaald door kunstinstellingen niet klaar te maken voor de markt. De VVD wilde dat de kunsten ondernemerschap toonden, maar tegelijk stond in het toenmalige regeerakkoord dat het BTW-tarief op podiumkaartjes werd verhoogd. Fiscale maatregelen om de kunsten te steunen werden pas in 2012 ingevoerd met de Geefwet. Een initiatief van de VVD. Door belastingverhogingen en lastenverzwaringen van de kabinetten Rutte werd het voordeel van de Geefwet teniet gedaan omdat gevers minder te besteden kregen. Het bericht in De Telegraaf verwart krom marktdenken met kunst. Typisch VVD.

Foto: Schermafbeelding van bericht ‘VVD eist excuses voor kunstprotest’ in De Telegraaf, 2 december 2014.