George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Doelgroepen

Waarom heeft het Amsterdam Museum niet omzichtiger gehandeld bij het besluit om te stoppen met het gebruik term Gouden Eeuw?

with 2 comments

Pavlov-reacties op het besluit van het Amsterdam Museum om te stoppen met het gebruiken van de term Gouden Eeuw waren veelzeggend. Rechts sprak er schande van en links toonde begrip. Het museum verklaart de wijziging als ‘een stap is in een proces om het Amsterdam Museum meerstemmig en inclusief te maken’. Identiteitspolitiek dus, en marketing van een museum dat met de wijziging vooral aandacht op zichzelf richt.

Wat kunnen we hier nog aan toevoegen? Dat het onjuist is dat de term Gouden Eeuw de vele negatieve kanten van de 17de eeuw negeert? Dat het museum beter een reeks presentaties had kunnen maken over die negatieve kanten van de Gouden Eeuw? Dat de term Gouden Eeuw niet vastomlijnd is, de betekenis ervan daarom ‘aangepast’ had kunnen worden en dat het Amsterdam Museum daar een rol in had kunnen spelen? Nu zet het museum de term bij het oud vuil zonder dat het er nog invloed op kan uitoefenen. De overheid belast musea zwaar door aan de financiering eisen te stellen over het soort bezoek en bereik. Is de stap van het Amsterdam Museum een uiting van deze kramp? Het is opvallend dat het het Amsterdam Museum als eerste deze stap zet. De directie lijkt onvoldoende te beseffen dat het door de stap mogelijk makkelijker toegang vindt bij een lastig te bereiken doelgroep (niet-witte bevolkingsgroepen), maar zich vervreemdt van een andere doelgroep (autochtone lager opgeleide sociale klasse). Heeft het de afweging zorgvuldig gemaakt of vlucht het in de vlucht vooruit weg in identiteitspolitiek vanwege de eisen die overheden musea opleggen?

Hoe men ook over deze stap denkt, de verklaring van directeur Judikje Kiers klinkt raadselachtig. Hopelijk zijn de twee, nu herstelde, taalfouten in dit ene citaat geen aanwijzing voor de mate van onzorgvuldigheid en gejaagdheid van dit museum: ‘Dit zijn belangrijke stappen in een lang proces. Maar we zijn er nog niet. Samen met mensen in de stad zullen we blijven werken om onderbelichte verhalen en perspectieven van onze gedeelde geschiedenis aan het licht te brengen.’ Hiermee zegt het museum tussen de mensen te gaan staan. Dat lijkt lovenswaardig, maar is onwaarachtig. Het is het soort oppervlakkige inspraak die marketing is. De professionals zitten in het museum en niet daarbuiten, zo mag men hopen en verwachten. Het Amsterdam Museum zorgt uiteindelijk voor verdeeldheid. Dat is ongelukkig. Daarom blijft de verwondering bestaan waarom de directie van dit museum niet eleganter, en minder schoksgewijs en polemisch heeft gehandeld.

Er is niets fundamenteels mis met de aan verandering onderhevige term Gouden Eeuw die ook negatieve kanten omsluit. De stap van het Amsterdam Museum werkt contra-productief en plaatst de museumsector onterecht in een radicaal-linkse hoek die zweert bij een naïef soort identiteitspolitiek. Terwijl in werkelijkheid de Nederlandse musea bij uitstek en per definitie bolwerken van behoudzucht en traditie zijn. Het Amsterdam Museum maakt zich te eenvoudig ondergeschikt aan politieke eisen van de overheid. De term Gouden Eeuw is een instrument voor natievorming en een omlijning daarvan. De term zegt nog niets over het soort natie dat daarin geprojecteerd wordt en de plaats van de diverse doelgroepen daarin. Vooral het star denken en het gebrek aan handigheid en omzichtigheid van de directie van het Amsterdam Museum valt in deze kwestie op.

Kunst is niet voor iedereen. Niets is voor iedereen

with 5 comments

9049926636_44e703227e

Kunst is voor iedereen: laat dat de basis zijn, en laten we vanuit daar zoeken naar manieren om artisticiteit en inkomsten te verenigen. Aldus toneelschrijver Winnie Hänschen in De Volkskrant. Ze houdt heel erg van puzzelen en breien, en heeft twee katten. Ze redeneert vanuit de podiumkunsten die ze ‘kunst‘ noemt.

Winnie Hänschen zegt dat kunst niet elitair is: ‘Kunst is niet elitair, en het is niet alleen gemaakt voor mensen ervoor gestudeerd hebben, of die al hun hele leven naar theaters en musea gaan.’ Die ervoor gestudeerd hebben? Maar waarom zou kunst niet ‘elitair’ mogen zijn? Stelt iemand zich ooit de vraag over religie of het gemaakt is voor dominees en mensen die al hun hele leven naar de kerk gaan? Natuurlijk is religie in die zin elitair, zoals sport, kantklossen, volksdansen, circus en wadlopen dat ook zijn. Niets is voor iedereen.

Winnie Hänschen zegt dat podiumkunst vluchtig is. Dat klopt omdat het zich altijd op een moment in de tijd afspeelt. Zoals popconcerten. Maar het is onzin om vervolgens te beweren dat dat dat tijdsaspect haar actueel en relevant maakt. Da’s namelijk volstrekt afhankelijk van hoe een voorstelling gemaakt, vormgegeven, gedistribueerd en gepresenteerd wordt. Kijk naar vele theaterstukken die zich verliezen in het herhalen van oud repertoire of het onbegrijpelijk ‘vertalen’ naar nu zonder dat een publiek het kan volgen. En registraties kunnen dat tijdsaspect zelfs oproepen. Dat maakt de podiumkunsten minder uniek dan ze vroeger waren.

Laat kunst in hemelsnaam elitair zijn. Voor zoveel mogelijk mensen. Dat wel. Kunst hangt boven de cultuur zoals toneelmaker Johan Simons vorige maand zo welsprekend en beeldend in Zomergasten uitlegde. Kunst die voor allen moet zijn eindigt ermee voor niets en voor niemand te zijn. Kunst heeft het hoog in de bol. Kunst laat iedereen naast de werkelijkheid kijken. Kunst kent emancipatie, doelgroepenbeleid, economisch profijt en maatschappijvorming als terloops neveneffect, niet als hoofddoel. Kunst is per definitie elitair.

Foto: Jim Shaw, Delude of Mythical Thinking, 2013.