George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Den Bosch

Normalisering van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster in Nederland

leave a comment »

Studenten van het Sint Lucascreative community’ College in Eindhoven maakten dit verslag over de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster. Ofwel, het Pastafarisme. Waarmee de geïnterviewde Jeroen Otten gefeliciteerd wordt is overigens onduidelijk. Resultaten zijn nog niet denderend. Want de Kerk krijgt het niet cadeau in de Nederlandse rechtsstaat. Een rechter waant zich theoloog en meent te kunnen oordelen over de interne werking van deze organisatie die zich als godsdienst presenteert. Belemmeringen worden opgeworpen en staan de acceptatie in de weg. In de schaduw van godsdiensten met gevestigde belangen en hun claim op de ultieme waarheid. Omdat juridische goedkeuring achterloopt op maatschappelijke ontwikkelingen is dat een achterhoedegevecht. Weliswaar hardnekkig en niet makkelijk te winnen, maar een gevecht waar de uitkomst van vaststaat. Het verslag is daar uiting en ondersteuning van. De honden blaffen en de karavaan trekt verder.

Disclaimer: Ik ben sinds oktober 2015 lid van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster. Gratis aanmelden kan hier.

Advertenties

Rechter Den Bosch waant zich theoloog en oordeelt over de interne werking van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster

with 4 comments

4

Een opmerkelijke uitspraak van de meervoudige kamer van de rechtbank in Den Bosch. Het gaat er in de kern om of de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster serieus genoeg is om een godsdienst volgens artikel 9 van de EVRM genoemd te worden. De rechter meent van niet. Aanleiding is het maken van een pasfoto voor een rijbewijs bij de gemeente Eindhoven. Een godsdienstige of levensbeschouwelijke reden biedt volgens artikel 28.3 van de Wet Paspoortuitvoeringsregeling (‘indien de aanvrager heeft aangetoond dat godsdienstige of levensbeschouwelijke redenen zich verzetten tegen het niet bedekken van het hoofd‘) een uitzonderingsgrond om met een hoofddeksel op de foto te verschijnen. In dit geval een pastavergiet. Als de Kerk niet als een religie beschouwd wordt, dan hoeft Eindhoven om formele gronden de aangifte van het rijbewijs niet in behandeling te nemen. Eiser eiste dat in hoger beroep, maar wordt nu door de rechter in het ongelijk gesteld.

2

3

De rechter verwijst naar ‘vaste jurisprudentie van het Europese Hof van de rechten van de mens’ om aan te merken wat opvattingen of meningen van een geloof of levensovertuiging zijn en baseert zich daarbij op de volgende beschrijving die ook in bovenstaande opsomming van Elizabeth Prochaska wordt genoemd: ‘It must attain a certain level of cogency, seriousness, cohesion and importance’. De rechter vertaalt dat in de uitspraak als: begrijpelijkheid, serieusheid, samenhang en importantie. Maar Prochaska voegt een dimensie en nuancering toe die aan de uitspraak van de rechter in Den Bosch ontbreekt: ‘There are very few examples of a belief being rejected on this ground and the House of Lords has questioned the propriety of this enquiry by courts, which are not equipped to weigh up theological doctrines’. Dit relativeert de jurisprudentie waarop de uitspraak is gebaseerd door te stellen dat er weinig voorbeelden van een levensovertuiging zijn die op deze grond afgewezen worden, en dat ‘rechtbanken, niet zijn geëquipeerd om theologische doctrines af te wegen.’

Essentie is dat de rechter oordeelt over de interne werking van een godsdienst of levensovertuiging, maar daar niet de expertise voor heeft en zich dit oordeel niet toe zou moeten meten. De rechter moet de wet toepassen, maar daarbij ‘aan de buitenkant’ blijven en niet een oordeel vellen over wat een godsdienst is. Een rechter is geen godsdienstwetenschapper en daarom is het ongepast dat een rechter dit meent te kunnen onderzoeken, zoals ook de verwijzing naar de kritiek van het Britse Hogerhuis zegt. De rechter stapelt eisen op elkaar die niet aan godsdienst of levensovertuiging gesteld hoeven worden. Zoals de overweging dat het een volwaardig systeem van denken moet zijn. Het oordeel dat de Kerk als godsdienst of levensovertuiging afgewezen kan worden omdat het niet voldoende serieusheid zou bezitten is ongepast en normatief.

Wat aan de uitspraak ook opvalt is dat de rechter meent de rechtmatigheid van het geloof van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster grotendeels af te kunnen leiden uit de consistentie van de opvatting van de gelovige over zijn geloof. Maar dat is een onhoudbare en onjuiste benadering. Een geloof is nu eenmaal een systeem dat niet altijd uitblinkt door redelijkheid, realisme, samenhang en logica. Aan een gelovige kan niet als eis gesteld worden dat hij zijn geloof voldoende moet kunnen beschouwen om het een geloof te laten zijn.

Foto 1: Schermafbeelding van deel uitspraak in zaak Coolen-gemeente Eindhoven van Rechtbank Oost-Brabant, 15 februari 2017.

Foto 2 en 3: Schermafbeelding van deel notitie ‘THE DEFINITION OF ‘RELIGION OR BELIEF’ IN EQUALITY AND HUMAN RIGHTS LAW’ van Elizabeth Prochaska, 2013. (google: ‘religion attain a certain level of seriousness’ en download).

EKWC: Is er iets misgegaan bij de ontwikkeling van het KVL-terrein in Oisterwijk?

leave a comment »

ekwc2

Het EKWC (Europees Keramisch Werk Centrum) is begin 2015 verhuisd van Den Bosch naar Oisterwijk. Daar zit het nu in het oudste gebouw van de Leerfabriek KVL, een industrieel erfgoed van 11 hectare groot: ‘De bestaande (rijks)monumentale gebouwen, met een vloeroppervlak van circa 26.000m2, dateren van het begin van de 20e eeuw en vormen een waardevol monumentaal ensemble (..). De individuele en ruimtelijke kwaliteiten van de monumenten worden zorgvuldig gerespecteerd.’ Aldus de opzet van een gemeentelijk Stedenbouwkundig Plan. Niet de gemeente Oisterwijk, maar de provincie Noord-Brabant is de eigenaar van de gebouwen. Herbestemming is waar het om gaat zo stelt de provincie in een persbericht: ‘Brabant telt zo’n honderd kloosters, fabrieken, kazernes en kastelen waar mensen leefden, werkten, vreugde en verdriet beleefden. De complexen samen met de verhalen, bepalen de geschiedenis van Brabant. Om díe historie te bewaren wil de provincie een aantal van deze gebouwen nieuw leven inblazen en bewaren voor de toekomst.’

Zo’n terrein met industriële gebouwen moet door investeringen ontwikkeld worden door een projectteam. Aan de hand van een masterplan. Herbestemming is een lastige opdracht omdat alle betrokkenen tevreden moeten worden gesteld. Voor de inwoners van Oisterwijk is het een iconisch terrein dat nog steeds belangrijk is voor de identiteitSamenwerking is het woord dat terugkomt in persberichten. Zoals altijd is de vraag is wat er van die goede voornemens terecht is gekomen. Zijn de ‘individuele en ruimtelijke kwaliteiten van de monumenten (..) zorgvuldig gerespecteerd’ of is de praktijk weerbarstiger dan de theorie van de goede bedoelingen en de plannen die op het snijvlak van haalbaarheid, werving van gebruikers, promotie en publiciteit ontstonden?

Een berichtje in de lokale Nieuwsklok signaleert dat er onenigheid is ontstaan tussen het EKWC en de provincie over het gebruik van het gebouw. Het gaat om twee fotoprints op twee glazen toegangsdeuren ‘die de ingang van het EKWC markeren’. Ze zijn volgens ‘de kleine lettertjes’ van het huurcontract verboden en namens Noord-Brabant heeft de provinciale ambtenaar Kim Knijff ‘bestuurlijke maatregelen’ genomen om ze te laten verwijderen. Het is opvallend dat dit zo hoog oploopt over iets wat op het eerste oog een futiliteit lijkt. Op 30 september 2016 wordt het EKWC in het bijzijn van lokale politici officieel geopend.

Er is in het bericht een andere zinsnede die opvallender is en niet te rijmen valt met wat doorgaans de praktijk is bij de herbestemming van dit soort oude gebouwen. Meestal is het de gebruiker die pleit voor ingrepen om het gebouw zoveel mogelijk aan te passen en naar de eigen hand te zetten. Gewoonweg vanwege het gemak of kosten van het gebruik. De overheid of een adviserende rijksdienst als de Rijksdienst Cultureel Erfgoed (RCE) willen ingrepen meestal beperken. Zeker als het zoals in dit geval om een rijksmonument gaat.

De RCE geeft het gebouw in het monumentenregister de volgende waardering: ‘Het object is van algemeen belang omdat het als oudste (en nog in gebruik zijnde) onderdeel binnen het hele fabriekscomplex een grote cultuurhistorische waarde bezit. Het is van belang als vroege manifestatie van een sociaal-economische ontwikkeling, de opkomende leerindustrie tijdens de Eerste Wereldoorlog. Verder is het object van industrieel-archeologisch belang als een bijzondere uitdrukking van een technische en typologische ontwikkeling. Het gebouw geeft een goede indruk van de functionele opzet van een kleine, compacte leerfabriek uit het begin van de twintigste eeuw. Het object bezit ook een architectuurhistorische waarde op grond van de toegepaste constructietechniek en de gehanteerde stijlvorm. Verder zijn de ensemblewaarden van belang. Het object is onderdeel van een groter geheel dat van nationaal belang is.’

Bij deze herbestemming zijn de rollen omgekeerd. Het EKWC pleit voor authenticiteit en de provincie Noord-Brabant voor aanpassingen die haaks staan op de architectuurhistorische waarde van het gebouw: ‘Het EKWC is altijd tegen de ingrepen geweest die het oudste gebouw van KVL zijn aangedaan. Op aangeven van de provinciale en gemeentelijke ambtenaren is het gebouw van het EKWC onherstelbaar aangepast. Een deel van de galerijen is gesloopt, er zijn roestige profielen in de vloer gelegd waardoor de kostbare vloeren niet meer superglad zijn en het prachtige ritme van de gevels zijn ruw doorbroken door te grote gaten te maken in de west-en oostgevel.’ In deze nieuw gemaakte gaten mogen nu volgens de provincie Noord-Brabant geen fotoprints op toegangsdeuren geplakt worden. Een en ander roept de vraag op of er bij de ontwikkeling van het KVL-terrein iets faliekant mis is gegaan. Want hoe komt het dat een gebruiker ingrepen in het gebouw wil beperken en de eigenaar ingrepen oplegt die in strijd zijn met de cultuurhistorische waarde van het gebouw?

Naschrift: Wat een en ander nog merkwaardiger maakt is dat op verzoek van de provincie Noord-Brabant het EKWC de procedure voor een aanvraag tot rijksmonument bij de RCE voor het gebouw waar het in resideert in 2015 heeft moeten stopzetten. De provincie is eigenaar en kan daarover beslissen. De reden waarom de provincie de procedure liet stopzetten is onbekend. Op foto’s die Marlies Bouten in 2010 van het gebouw maakte waarin nu het EKWC is gevestigd wordt het als rijksmonument 519945 aangeduid. Zie hier en hier.

Foto: Schermafbeelding van berichtVerbod foto’s ingang EKWC’ in de Nieuwsklok Oisterwijk, 11 augustus 2016.

A Tale of Two Cities: Brabantstad en Brabantstad. Bussemaker wijst advies Raad voor Cultuur over EKWC voorlopig af

with 9 comments

pa_brabantstad_opening

Zoals wel eens vergeten wordt is het advies van de Raad voor Cultuur over de basisinfrastructuur een advies. Raadsvoorzitter Joop Daalmeijer kan in de publiciteit bij Nieuwsuur wel zeggen dat 100% van zijn adviezen door de minister wordt opgevolgd (na 28’45’’), maar dat ligt genuanceerder. Neem het EKWC dat in het advies van de Raad van Cultuur positief werd besproken en een subsidiebedrag van 300.000 euro werd toegekend.

Maar ondanks de woorden van Joop Daalmeijer staat dat advies ineens op de helling door een brief van 20 mei 2016 van minister Jet Bussemaker aan het bestuur van het EKWC waarin ze ‘voornemens is de aanvraag af te wijzen en aan de instelling geen subsidie te verlenen’. Hoe heeft deze kortsluiting tussen raad en minister ten koste van een culturele instelling kunnen ontstaan en welke reden voert de minister aan voor de afwijzing?

Daar kondigt het raadsel zich aan, want Bussemaker geeft geen reden voor de afwijzing. Uit contacten buiten de brief om tussen EKWC en de directie Erfgoed en Kunsten blijkt het echter te gaan om de standplaats van het EKWC. Die is statutair ’s-Hertogenbosch, maar feitelijk Oisterwijk. Volgens de criteria die het ministerie hanteert zou dat Brabantstad moeten zijn. Een streek die op geen enkele landkaart is te vinden, maar door Brabantstad zelf gedefinieerd wordt als ‘een bestuurlijk netwerk tussen de steden Breda, Eindhoven, Helmond, ’s-Hertogenbosch, Tilburg en de provincie Noord-Brabant.’ Dus een samenwerking van steden en provincie.

De Raad voor Cultuur besteedde in het advies aandacht aan de locatie en nam in het volgende citaat al een voorschot op mogelijke kritiek: ‘Het EKWC is statutair gevestigd in ’s-Hertogenbosch, maar heeft zijn standplaats sinds 2015 in Oisterwijk. Het is de raad daarnaast gebleken dat EKWC, met name op educatief gebied, meerdere activiteiten ontplooit in steden die deel uitmaken van het kernpunt Brabantstad. Daarmee voldoet de instelling aan hetgeen op grond van de regeling met betrekking tot de vestigingsplaats is vereist.’ De raad maakte dus een andere afweging dan de minister door wie het nu vooralsnog teruggefloten wordt.

Het verschil van mening tussen raad en minister zit ‘m in de interpretatie van wat een stedelijke regio is. Het raadsadvies Agendacultuur 2017-2020 van april 2015 zegt op p.24: ‘In de subsidieperiode 2017 – 2020 kan met pilots en proeftuinen worden onderzocht hoe met bovenstaande en andere maatregelen invulling kan worden gegeven aan een meer decentraal cultuurbeleid. De stedelijke regio’s waar op dit moment BIS-instellingen of meerjarig gesubsidieerde fondsinstellingen zijn gehuisvest, zijn voor de hand liggende proeftuinen. Maar het liefst ziet de raad stedelijke regio’s samenwerken rond een natuurlijk samenhangend cultureel voorzieningsgebied. Dat kan een grote stad met zijn omliggende regio zijn, maar ook bijvoorbeeld de noordelijke provincies gezamenlijk of het samenwerkingsverband van Brabantse steden (Brabantstad). Ook de plannen van Leeuwarden als culturele hoofdstad 2018 zijn gericht op de stad én de omliggende regio.Wij zijn van mening dat de diversiteit van de samenwerkingsverbanden geen probleem vormt, mits gebaseerd op een krachtig draagvlak.’ De raad interpreteert dus ook hier de stedelijke regio’s ruimer dan de minister.

Vraag is waarom Oisterwijk dat vlak ten oosten van Tilburg ligt in de driehoek ’s-Hertogenbosch, Eindhoven, Tilburg niet zou aansluiten bij de virtuele stedelijke regio Brabantstad. Feit is dat Oisterwijk en Tilburg meer met elkaar samenhangen dan Helmond en Breda. Deze beide steden grenzen niet aan elkaar, liggen 62 kilometer van elkaar verwijderd, hangen niet samen, maar maken wel allebei onderdeel uit van Brabantstad.

De afwijzing van de minister is voorlopig en hoeft niet als definitief opgevat te worden. Jet Bussemaker is consequent in het volgen van de richtlijnen, maar loopt tegen het kunstmatige karakter van Brabantstad op dat een ambtelijk-bestuurlijke constructie is die in het leven werd geroepen voor de Culturele Hoofdstad 2018. Feitelijk gaat het geschil dat nu is ontstaan niet over het EKWC, Bussemaker of de Raad voor Cultuur, maar over het kunstmatige karakter van Brabantstad dat vooral in de hoofden van beleidsmakers leeft, en soms de realiteit dwarszit. De opdracht voor raad en ministerie is om de theorie met de praktijk te verbinden.

Foto: Projectatelier Brabantstad. Credits: Maarten Laupman.

Lachen met VVD Den Bosch. Partij van neerwaartse emancipatie van kunst

with 2 comments

vvd

Bij de VVD Den Bosch zijn het lachebekjes. Op Jan Hoskam na. Hij lacht wat besmuikt. Zuinigjes. Hij doet z’n mond er niet voor open. Lach of ik schiet zegt de serie portretten. Maar daar komt nu verandering in. De VVD wil laten weten niet te beroerd te zijn. Vraag is of het rijmt met het cultuurbeleid. Dat niet door de PVV, maar door de VVD werd afgebroken. De VVD leerde het culturele veld een lesje nederigheid. Die wraak werd ijskoud opgediend. Met voormalig staatssecretaris van cultuur Halbe Zijlstra vergenoegd met de handen aan de hendel van de guillotine. Als de bad cop die zich het veld in laat sturen onder het uitroepen van de kreet dat hij geen verstand van kunst had. Nee, dat had hij niet. Daar plukt de hele kunstwereld nu nog steeds de wrange vruchten van. Met ontslagen, instellingen die moeten sluiten en een afnemend aanbod. Die VVD dus.

Ooit een partij voor de hogere burgerij die vanuit een tolerante neerbuigendheid de schijn hoog hield kunst een eerbare plek te gunnen, maar die houding intussen achter zich gelaten heeft. Door de neerwaartse emancipatie van de achterban die ook nog eens de economisering van de politiek opgelegd werd. Hoe rechtlijnig is dat? Profijtdenken wordt op de kunst toegepast, maar niet op subsidies voor het bedrijfsleven. Die VVD dus. Om zich een houding te geven vanwege de geestelijke leegheid is het maar gaan lachen. Niet de bevrijdende lach van de Marx Brothers, maar de verkrampte en in zichzelf gekeerde lach om het eigen ik.

De VVD Den Bosch roept nu het Noordbrabants Museum op om de hele nacht open te zijn vanwege de overweldigende toeloop bij de Jeroen Bosch tentoonstelling, aldus een bericht in het Brabants Dagblad. De kaarten zijn definitief uitverkocht. Een nachtopenstelling geeft volgens de partij ‘een extra bijzondere setting’. De VVD is de schaamte voorbij. Het doet eerst de kunst in de uitverkoop en laat het vol minachting in de steek. En als kunst vervolgens ondanks dit beleid en gebrek aan steun van deze VVD een succes wordt, dan wil het mooi weer spelen. De VVD is de onbeschaamdheid voorbij en ziet zelf niet in hoe lachwekkend het is.

Foto: Schermafbeelding van Mensen van de VVD Den Bosch.

Museumdirecteur René Pingen (1959-2016) overleden

leave a comment »

rp

De Bossche museumdirecteur René Pingen is vanochtend onverwachts overleden. Op 56-jarige leeftijd. Zomaar een Nederlandse museumdirecteur, maar wel een sympathieke. Het leven is kort. De kunst is eeuwig.

Foto: Bericht sms.

Written by George Knight

12 maart 2016 at 17:13

Jeroen Bosch in Brabant. Om trots op te zijn

leave a comment »

Brabant speelt een woordje met. Met Jeroen Bosch als spektakelstuk. Met de uitspraak dat het met een budget van 6,9 miljoen euro de duurste Nederlandse tentoonstelling ‘ooit’ is nemen de organisatoren die er al sinds 2010 mee aan de slag zijn een voorschot op toekomende inflatie en tentoonstellingen. Is het grootspraak uit de provincie of een terechte claim? Het doet er niet toe als de kunst maar niet ondersneeuwt in het spektakel. Als kunst maar niet weelderig wordt en het leven sober. Laat het leven weelderig zijn en de kunst sober, zo wenste de Duitse filosoof Theodor Adorno. Werkt deze tentoonstelling daar aan mee? We zullen het zien.

Written by George Knight

11 februari 2016 at 19:00