Hypocrisie is dat de EU Hongarije aanpakt, maar niet China en de Russische Federatie

Schermafbeelding van deel artikel ‘’t Is de hypocrisie, stupid!’ van Steven Van Hecke in De Tijd, 25 juni 2021.

Prachtig commentaar van Steven Van Hecke op de Vlaamse zakensite De Tijd over de hypocrisie van premier Orbán, degenen die hem subsidies geven, de Europese Commissie, de sportwereld en de critici die ontkennen dat sport en politiek nauw verbonden zijn. Iedereen heeft boter op het hoofd. Aanleiding zijn de anti-homowetten in Hongarije. Maar hij mist een ander soort hypocrisie.

Denk eens aan de aanleg van de Russische gaspijplijn Nord Stream II en de samenwerking met China waar de EU zich niet tegen verzet of zelfs maar een beleid voor ontwikkelt om de EU minder afhankelijk te maken. Dat beleid is er deels wel, maar wordt door de regeringsleiders niet nagevolgd. Dat maakt de EU afhankelijker dan nodig is van beide autoritaire staten.

In beide landen worden de mensenrechten in veel grotere mate geschonden dan in Hongarije. Uiteraard is dat land lid van de EU en zou daarom de Europese waarden hoog moeten houden, maar vooral China vertrapt in Hong Kong, Tibet en Xinjiang op industriële schaal de mensenrechten dan premier Orbán in Hongarije zich maar wensen zou.

Het fel reageren op Hongarije en niet op China is de echte hypocrisie van de Europese regeringsleiders. Ze geven de indruk dat ze alleen reageren als het economisch weinig pijn doet en weinig kost. Handel en winsten bepalen op voorhand de uitkomst van het protest, niet de mate van schending van de mensenrechten.

Uiteraard is premier Orbán een opportunistische boef die niets in de EU te zoeken heeft, maar de Chinese en Russische leiders zijn veel grotere criminelen die hun bevolking onderdrukken en er mee wegkomen vanwege hun machtspositie.

En met die landen hebben de EU-lidstaten hechte economische banden. Het protest tegen Orbán is gerechtvaardigd, maar ook potsierlijk omdat toch het idee bestaat dat hij als kleine kruimeldief ferm wordt aangepakt, terwijl de grote criminelen China en de Russische Federatie buiten schot blijven. Als olifanten in de kamer.

Zo wordt premier Orbán het symbool van een actie van daadkracht zodat het grote onrecht van de belangrijke handelspartners China en de Russische Federatie ongestraft kan blijven. Dat is de echte hypocrisie van de regeringsleiders van de EU.

Walter Van Beirendonck – Virgil Abloh – Louis Vuitton issue is warning of false claim to black identity

It is time to introduce nuances to the black and white thinking about identity. In the past six months, the anti-racism movement Black Lives Matter in the US has sent a copied version of the cancel culture to Western Europe. It is understandable that disadvantaged groups claim their place and so-called privileged groups are called upon to give up their preferred position. It is not a gentle way though when people, because they are white, are denied the right to speak and are socially excluded. But conditions in the US are different from those in Western Europe because an old white society cannot be retroactively blamed for being white. The core of criticism cannot be that white Europeans have a certain position or identity, but that they are not willing to allow newcomers from other countries of origin into their professional group, environment or mental space.

This identity debate is usually dominated by political activists who profile themselves as black underprivileged people. This approach reduces it to discrimination against people with black identities. This alone indicates how misleading this debate is. Because in reality the black community is extremely diverse, economically, socially and culturally. Politically it is probably only more or less homogeneous by voting predominantly on the left, although in the Netherlands the old automatism of voting for the social-democratic PvdA has disappeared.

It is amazing how public opinion can take shape in this way and the media go along in a one-sided interpretation of the black story. Even the liberal Dutch newspaper NRC, which claims to seek nuance, loses the nuance in an article about identity in which it lets five visual artists have their say. They are given room for their simplifications, assumptions and individual marketing that stimulate their self-interest in this debate.

This indicates that it is not necessarily catching up, but that this debate about identity can serve as a cover for members of the black community to achieve their own goals. There is nothing wrong with that if that individual scoring drive is honestly recognized. However, things get confusing when a black mask is applied to disguise commercial or individual motifs. Then the black struggle for equality only serves its own purpose. Lack of talent can thus be disguised by hiding it behind a political debate about identity and deprivation. But the individual is never equal to that.

How this works in practice is shown in the recent Walter Van Beirendonck – Virgil Abloh – Louis Vuitton issue. Van Beirendonk is a renowned white Flemish fashion designer. Virgil Abloh is an African American who is employed by fashion brand Louis Vuitton. He is not a fashion designer, but someone who deftly “borrows” from fashion designers whom he is “inspired” by. Abloh refers to Marcel Duchamp for legitimacy, but does not seem to understand the essence of the conceptual art of which Duchamp was one of the founders. Van Beirendonck accuses Abloh of plagiarism, but because of Abloh’s “black mask” and his position at fashion company Louis Vuitton, that criticism does not get through. Or rather, Abloh’s background as an African American and the complexity of the identity debate neutralizes the criticism of Abloh’s grabbing.

An article by the Flemish business newspaper De Tijd also shows that Abloh’s friend-rapper Kanye West, who has a special talent for drawing attention, is getting involved in the debate. In a tweet he expresses the gist of what matters and the way Abloh works: “Virgil can do whatever he wants. Do you know how hard it’s been for us to be recognized? Coming from Chicago?”. According to West, the end justifies all means. He suggests that his and Abloh’s black background is the justification for stealing ideas from someone like Van Beirendonck rather flat and creativeless and for taking over the position of white artists by accusing them of anything and everything in a political debate about identity. Most striking about this issue is that fashion brand Louis Vuitton willingly and knowingly offers Abloh a cover for individual and corporate marketing, while he can cunningly hide behind a black cover of victimization and disregard.

NB This comment is a slightly modified English translation of ‘Kwestie Walter Van Beirendonck – Virgil Abloh – Louis Vuitton is waarschuwing voor een valse claim op zwarte identiteit’, August 16, 2020.

Photo 1: Walter Van Beirendonck, W:A.R. = Walter About Rights (gallery Polaris), 2020.
Photo 2: Screenshot of Andrea Ciarlatano’s FB post, Aug 7, 2020.

Kwestie Walter Van Beirendonck – Virgil Abloh – Louis Vuitton is waarschuwing voor een valse claim op zwarte identiteit

Het is tijd om te nuanceren in het zwart/wit-denken over identiteit. Afgelopen half jaar is door pressie van de antiracismebeweging Black Lives Matter in de VS een gekopieerde versie van de afrekencultuur (‘cancel culture’) naar West-Europa overgewaaid. Het is begrijpelijk dat achtergestelde groepen hun plek opeisen en zogenaamde bevoorrechte groepen worden opgeroepen hun voorkeurspositie af te staan. Dat gaat er niet zachtzinnig aan toe als mensen omdat ze wit zijn het recht van spreken wordt ontzegd en maatschappelijk worden uitgesloten. Maar de omstandigheden in de VS verschillen van die in West-Europa omdat een vanouds witte samenleving met terugwerkende kracht niet verweten kan worden wit te zijn. Kern van kritiek kan niet zijn dat witte Europeanen een bepaalde positie of identiteit hebben, maar dat ze niet bereid zijn nieuwkomers uit andere landen van herkomst toe te laten in hun beroepsgroep, woonomgeving of mentale ruimte.

Dit debat over identiteit wordt doorgaans gedomineerd door politieke activisten die zich profileren als zwarte achtergestelden. Door die invalshoek wordt het gereduceerd tot de achterstelling van mensen met een zwarte identiteit. Dit alleen al geeft aan hoe misleidend dit debat is. Want de zwarte gemeenschap is in economisch, sociaal en cultureel uiterst divers. Het is waarschijnlijk uitsluitend in politiek opzicht min of meer homogeen door overwegend links te stemmen, hoewel het oude automatisme van een stem op de PvdA is verdwenen.

Het is verbazingwekkend hoe de publieke opinie zo gevormd kan worden en media meegaan in een eenzijdige interpretatie van het zwarte verhaal. Zelfs NRC dat de nuancering claimt te zoeken, verliest de nuance uit beeld in een artikel over identiteit waarin het vijf beeldend kunstenaars aan het woord laat. Ze krijgen ruimte voor hun versimpelingen, aannames en individuele marketing dat hun eigenbelang in dit debat oppimpt.

Dit geeft aan dat het niet per se om het wegwerken van achterstand gaat, maar dat dit debat over identiteit voor leden van de zwarte gemeenschap als dekmantel kan dienen om eigen doelen te realiseren. Daar is niks mis mee als die individuele scoringsdrift eerlijk erkend wordt. Het wordt er echter verwarrend op als een zwart masker wordt opgezet om commerciële of individuele beweegredenen te verhullen. Dan dient de zwarte strijd voor gelijkheid uitsluitend eigen doeleinden. Gebrek aan talent kan zo versluierd worden door het te verbergen achter een politiek debat over identiteit en achterstelling. Maar het individu is daar nooit gelijk aan.

Hoe dat in de praktijk werkt toont de kwestie Walter Van Beirendonck – Virgil Abloh – Louis Vuitton. Van Beirendonk is een gerenommeerde witte, Vlaamse modeontwerper. Virgil Abloh is een Afro-Amerikaan die in dienst is bij modemerk Louis Vuitton. Hij is geen modeontwerper, maar iemand die handig ‘leent’ van modeontwerpers door wie hij zich laat ‘inspireren’. Ter legitimatie verwijst Abloh naar Marcel Duchamp, maar begrijpt hij de essentie niet van de conceptuele kunst waar Duchamp een van de grondleggers van was. Van Beirendonck beschuldigt Abloh van plagiaat, maar door het ‘zwarte masker’ van Abloh én zijn positie bij modebedrijf Louis Vuitton dringt die kritiek niet goed door. Of liever gezegd, Ablohs achtergrond als Afro-Amerikaan en de complexiteit van het identiteitsdebat neutraliseert de kritiek op het jatwerk van Abloh.

Uit een artikel van De Tijd blijkt ook dat Ablohs vriend rapper Kanye West die een bijzonder talent voor aandacht heeft, zich in het debat mengt. In een tweet verwoordt hij in de kern waar het om gaat en de wijze waarop Abloh opereert: ‘Virgil kan doen wat hij maar wil. Weet je hoe moeilijk het voor ons was om erkenning te krijgen? Vanuit Chicago?’. Volgens West heiligt het doel alle middelen. Hij suggereert hiermee dat de zwarte achtergrond van hem en Abloh de rechtvaardiging is om van iemand als Van Beirendonck tamelijk plat en creatiefloos ideeën te jatten en om de positie van witte kunstenaars over te nemen door ze in een politiek debat over identiteit van alles en nog wat te beschuldigen. Het meest opvallende aan deze kwestie is nog dat modemerk Louis Vuitton willens en weten Abloh een dekmantel biedt voor de individuele en corporatieve marketing terwijl deze zich sluw verbergt achter een zwarte dekmantel van slachtofferschap en miskenning.

Foto 1: Walter Van Beirendonck, W:A.R. = Walter About Rights (galerie Polaris), 2020.
Foto 2:  Schermafbeelding van FB-post van Andrea Ciarlatano, 7 augustus 2020.

Pijnpunten van de journalistiek met Jeff Jarvis en Breitbart

De conservatieve nieuwssite Breitbart plant uitbreiding naar Europa. Volgens een bericht in Media Matters gaat het om het opzetten van een Franse, Duitse en Italiaanse website. In die landen vinden binnen afzienbare termijn verkiezingen plaats. Breitbart lijkt ondersteunend te worden aan de strategie van de Europese rechts-populistische partijen in de verschillende landen om de gevestigde macht in politiek en media uit te dagen.

Jeff Jarvis bevestigt in en met zijn analyse de machteloosheid van de traditionele journalistiek. Het moet investeren in gemeenschappen, zo suggereert hij. Maar dat is een proces van jaren en lijkt geen antwoord op de snelle expansie van Breitbart en andere sociale media. Waarbij overigens gevestigde media ook verrechtsen en in bezit van grote ondernemingen zijn gekomen. Het probleem is dus de verrechtsing van alle media.

Jarvis’ antwoord snijdt geen hout omdat het controle van politieke en economische macht buiten beschouwing laat. Hij beschrijft de journalistiek van de toekomst als een consumentenbond voor ongeruste burgers. U vraagt, wij draaien. Dat is een nederlagenstrategie. Jarvis heeft geen antwoord op de economische, sociale en politieke veranderingen die de journalistiek treffen. Dat antwoord heeft niemand. Dat maakt somber.

Een begin van een antwoord zou gelegen kunnen zijn in samenwerking. Nieuwsmedia moeten buiten de eigen kring treden. In de aanloop naar verkiezingen zouden ze hun verschillende platformen kunnen koppelen en burgers bij voorkeur vanaf regionaal niveau benaderen. Niet met tegenpropaganda, maar met onmiddellijke weerlegging van het nepnieuws van de pseudo-journalistiek door het geven van informatie. Alleen dan kan pseudo-journalistiek passend en snel geneutraliseerd worden. Maar gevestigde media zitten gevangen in hun eigen economische logica. Dat lijkt op dit moment het grootste probleem van de journalistiek. Niet Breitbart.

Opbouw controlestaat en terrorisme hangen samen. Wat is erger?

21

Als we nu geen gebalde vuist maken naar onze beleidsmakers krijgen we ongetwijfeld de controlestaat waar maar enkelen van ons echt in geloven of naar verlangen. Terrorisme, en het argument daarrond, is niets meer dan een doekje voor het bloeden. De vrijheid van een individu, die rechtmatig en binnen de lijnen van de wet handelt, dient als hoogste prioriteit te gelden. Indien niet is het maar een kwestie van tijd voor we ook hier onze eigen Edward Snowden mogen verwelkomen. En daar heb ik bijzonder weinig zin in.’ Aldus hoogleraar Copyright & Media Rights Matthias Dobbelaere-Welvaert in een opinie-artikel voor het Vlaamse De Tijd.

Dobbelaere-Welvaert heeft gelijk. Hoe verschrikkelijk we het terrorisme met aanslagen in Parijs, Londen of Madrid ook ervaren, voor de invloed op ons leven valt het in het niet bij de opbouw van de controlestaat door westerse overheden. Dat is verstrekkender wat de inperking van de burgerrechten betreft dan een aansla . Overheden laden de verdenking op zich in samenwerking met de gevestigde media de dreiging van het terrorisme groter te maken dan die is om zo macht en bevoegdheden naar zich toe te trekken. Dat effect is de grootste schade die het terrorisme ons aandoet en vele malen groter dan wat het terrorisme ons aandoet.

Het is erger dan Dobbelaere-Welvaert stelt. Het gaat er niet eens om of we in een afweging tussen privacy en veiligheid bewust kiezen voor de opbouw van de controlestaat. Of daarin zouden geloven als probaat middel tegen terrorisme. Het is eerder zo dat die afweging ons niet wordt voorgehouden. We merken de oprukkende macht en bevoegdheden van veiligheids- en inlichtingendiensten nauwelijks op omdat het in het geniep gebeurt. Zo beschouwd is minister Ronald Plasterk een grotere terrorist dan een type als Osama bin Laden.

Uiteraard moet een samenleving niet naïef zijn en zich doelmatig wapenen tegen terrorisme. Maar de strijd tegen het terrorisme moet beperkt blijven tot een strijd tegen de terroristen en niet ontaarden in het zich wederrechtelijk of oneigenlijk toe-eigenen van macht door overheden of samenwerking met autocratieën die terrorisme gebruiken als dekmantel voor eigen bedenkelijke praktijken die tegen de burgerrechten ingaan.

Foto: Aftappen.

De Grauwe mengt zich in politieke strijd tegen NV-A. Dom?

De gezaghebbende Vlaamse econoom Paul De Grauwe meent dat België economisch niet beter wordt van staatshervormingen. Vertaald naar de partijpolitiek wil dit zeggen dat De Grauwe de decentralisering die de N-VA van Bart de Wever voorstaat afwijst. En de partijen omarmt die tegen overheveling van bevoegdheden vanuit het landelijk niveau zijn. Hij legt het uit in De Tijd dat ter promotie ook het filmpje van hem maakte.

Voor het schoolbord vergelijkt Paul De Grauwe de ontwikkeling van de Vlaamse met die van de Waalse economie. Zijn conclusie is dat de realisatie van groei van de Vlaamse economie faliekant is mislukt. De gematigde Vlaamsgezinde en econoom Peter De Roover maakt in Doorbraak gehakt van de economische ‘analyse’ van De Grauwe die naar zijn idee methodologisch niet klopt. Zo beantwoordt De Grauwe niet de vraag hoe het de Vlaamse en Waalse economie vergaan zou zijn zonder staatshervorming. En vergelijkt-ie beide economieën alleen met elkaar, maar niet met de ontwikkeling van andere gelijksoortgelijke regio’s.

De Roover plaatst De Grauwe via een omweg in het kamp van federalist Guy Verhofstadt van de liberale Open VLD. Hij meent dat het interview in De Tijd -wat veel publiciteit genereert- wordt geplaatst naar aanleiding van het verschijnen van de bundel ‘Een beter België‘ van Verhofstadt met een bijdrage van De Grauwe: ‘Het boek is dan ook minder een pro-VLD-werkstuk dan één tegen N-VA. Dat project ligt in het verlengde van het grote doel – meer Vlaamse autonomie verhinderen – waarin De Grauwe en Sinardet zich uiteraard wel vinden. Mooi voor de zuiverheid van het debat dat ze zich nu echt expliciet outen als politieke activisten.

Peter De Roover heeft gelijk dat Paul De Grauwe z’n wetenschappelijke status te grabbel gooit. Het lijkt er sterk op dat de Vlaamse middenpartijen alle middelen inzetten om Bart De Wever te stoppen. Da’s toegestaan, maar jammer is dat De Grauwe er z’n wetenschappelijke integriteit voor inlevert met een suffe goocheltruc met grafieken op een schoolbord. Het lijkt nergens op. De Roover wijst in de laatste alinea’s in zijn stuk voor Doorbraak De Grauwe er nog eens extra op dat halfslachtige economische hervormingen niemand dienen. Maar ook dat past niet in het dualisme van Paul De Grauwe die wetenschap met politiek activisme verwart.

leen-voet-ma-1

Foto: Leen Voet, Machteld & Adolf, 1302. Tekening, 2013.