George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Controlestaat

Politieke kleur van de ‘Gele hesjes’ is vooralsnog onbekend

with 8 comments

Het is een wetmatigheid dat maatschappelijke basisbewegingen geïnfiltreerd worden. Dat was al zo bij de Franse revolutie die door beroepsrevolutionairen gekaapt werd. Of bij de Russische opstanden van februari en oktober 1917. Er tekent zich een opvallende gelijkenis aan tussen de beweging van de Gele hesjes en een andere recente beweging die doodgebloed, gefragmenteerd, opgebrand, gekaapt en vertrut is: Anonymous.

Hoe deze beweging verburgerlijkte beschreef ik in een commentaar van 2013 over de Belgische kunstenaar Jan Fabre: ‘Anonymous zou zich beter richten op die ontwikkelingen die ons leven voor de toekomst bepalen. Zoals de opbouw van de controlestaat door overheden en de inperking van de burgerrechten. Maar kritiek daarop vraagt inzicht, kennis, een lange adem en het opbouwen van weerstand tegen de invloed van geheime diensten. Een aanval op een individuele kunstenaar is net zo gemakzuchtig als wat overheden doen door de kunstensector bovenmatig te korten. De aanval op Jan Fabre symboliseert de verburgelijking van Anonymous.

Anonymous werd een sleets merk omdat het gekaapt werd. Met de Gele hesjes dreigt in snel tempo hetzelfde te gebeuren zoals deze video toont van een ‘Volhardend vader en rechtzoekend burger vecht voor zijn drie dochters en tegen criminele jeug’hulp’verlening & Co!’. Nu lijkt een ‘volhardend vader’ nog een tamelijk onschuldig opererend individu, maar als de Guy Fawkes-maskers worden ingewisseld voor Gele hesjes waarachter gefrustreerde of verwarde individuen of binnen- en buitenlandse actoren zich in betrekkelijke anonimiteit kunnen verschuilen, dan gaat het niet om de politisering van de maatschappij, maar om een poging om de politiek buiten de politiek om te kapen. De instrumenten zijn de gemakzuchtig opgestoken middelvingers van de sociale media die vooral wijzen op het protest om het protest. Niet meer dan dat.

Door de verscheidenheid aan actoren in diverse landen, op sociale media en met opvattingen is lastig te onderscheiden wie namens de Gele hesjes handelt of het woord voert. Een basisbeweging die zich verliest in negativisme, complottheorieën, rellerigheid, onhaalbare doelstellingen, frustratie over zowel de eigen persoonlijke situatie als de huidige maatschappij biedt weinig perspectief. De beste hoop is nog dat door het protest de zittende macht met schrik tot het besef komt dat het in haar eigen belang is om de macht te delen, de verzorgingsstaat niet verder uit te kleden en de economisering van de politiek die wordt aangejaagd door de almacht van financiële instellingen en multinationals terug te dringen. Als het protest van de Gele hesjes als hefboom werkt om de macht in gesprek te brengen met linkse partijen en vakbonden, dan heeft het zin.

In een artikel op BuzzFeed gaat Ryan Broderick in op de rol van Facebook bij de protesten in Frankrijk. Ik schreef er elders over: ‘Interesting analysis that is not about the protest, but about spreading fake news and conspiracy theories via social media and the infiltration of a grassroots movement by professional agitators. Because the latter is the danger for every popular movement that is hijacked by radical elements with other motives. What now? Do the radical yellow jackets push the original and more moderate yellow jackets into the background? You can count on the fact that at the moment the French and friendly (German, British, American) intelligence services are working overtime to chart the political influence and undermining by domestic and foreign actors who have joined the protests to weaken the position of President Macron.’

In een opvallende reeks recente optredens in de Franse media meent de gezaghebbende historica Danielle Tartakowsky dat het lastig is om de beweging van de Gele hesjes te vergelijken met eerdere opstanden of maatschappelijke onrust. Zoals de opstand van mei 1968, de rechtse Poujadisten van de jaren ’50 (‘de gewone man tegen de elites’), het linkse Volksfront van de jaren ’30 of de Revolutie van 1789. Wel constateert ze dat een volksbeweging altijd richting en krediet ontleent aan eerdere bewegingen. De politieke kleur van de Gele hesjes is het onbekende zoals de interviewer Tartakowsky in een interview voorhoudt. Haar bedachtzame antwoord verklaart, maar houdt ook alle opties voor de toekomst open: ‘In alle omstandigheden is het nodig om onderscheid te maken tussen de lidmaatschappen (of liever hier niet-lidmaatschappen) die opgeëist worden door de actoren van een beweging, en de objectieve politieke plaats die deze beweging vandaag, morgen en overmorgen speelt en zal spelen. Daar worden dingen nog ingewikkelder.’ De beweging van de Gele hesjes wacht de verandering waar het tegen zegt te strijden, namelijk fragmentatie en vervlakking.

Foto: Schermafbeelding van artikelQuand une historienne spécialiste des mouvements sociaux analyse les “Gilets jaunes”’ van Mathieu Dejean op lesinrocks, 29 november 2018.

Nederlandse overheid beseft urgentie van cybersecurity en cybercrime niet

with one comment

De wereldvreemdheid van de Nederlandse overheid en politiek is immens. Het doet er alles aan om te suggereren dat Nederland een eiland is. Neem het onderwerp cyberveiligheid. Afgelopen woensdag 13 september hield Director of National Intelligence Dan Coats een toespraak op de Billington Cybersecurity Summit in Washington. Hij schetst een beeld van bedreigingen van de kritische infrastructuur of het hacken van bedrijfsnetwerken van de Amerikaanse defensie-industrie en technologiebedrijven. Tegelijk verdedigde hij zich tegen zijn voorganger James Clapper (‘former officials’) die kritisch is op de aanpak van cyberveiligheid door de regering-Trump en houdt hij een pleidooi voor hechte samenwerking met het bedrijfsleven.

Of de Amerikaanse regering goed, niet goed genoeg of verkeerd bezig is valt te bezien, maar in elk geval zegt Coats de ernst van de dreiging van landen als de Russische Federatie, China, Iran of Noord-Korea te beseffen. Zijn waarschuwing is duidelijk: ‘We have not experienced yet a catastrophic attack. But I think everyone in this room is fully aware of the ever-growing threat to our security.’ De klap kan elke moment komen, in elk land. Ook in Nederland. Overigens is de Amerikaanse overheid niet alleen in de verdediging, maar valt het andere landen aan, zoals de geschiedenis met het Israëlisch-Amerikaanse Stuxnet verduidelijkt. In 2009 werd met fataal gevolg een virus geplaatst in ultracentrifuges die deel uitmaakten van de Iraanse nucleaire industrie.

Nog in juni 2017 was er de kwaadaardige software van het Petya-virus die was bedoeld om de Oekraïense economie schade toe te brengen. Het verspreidde zich door heel Europa en bracht vele bedrijven schade toe. Terwijl de aanval niet eens op die bedrijven was gericht. Gezien de sinds 2014 woedende oorlog tussen Oekraïne en de Russische Federatie die niet alleen op het slagveld in Oost-Oekraïne, maar ook in de publiciteit en de digitale wereld wordt uitgevochten bestaat het sterke vermoeden dat het virus met medewerking van het Kremlin vanuit de Russische Federatie werd verspreid. Als het tegen een NATO-lid was gericht en er cruciale schade aan de infrastructuur van betreffend land was aangebracht, dan had het als een oorlogsdaad opgevat kunnen worden dat artikel 5 in werking zette. Een voor allen, allen voor een. Zonder dat een aanval op Nederland is gericht kan ons land door een digitale aanval dus in een oorlog betrokken worden.

Cyberveiligheid is niet hetzelfde als cybercriminaliteit, maar er zijn raakvlakken. Terroristen hebben vaak vanuit hun verleden contact met criminele netwerken opgebouwd. Dat geldt voor een land als de Russische Federatie waar directe lijnen lopen van overheid naar maffia. Ook in de VS is dat het geval waar president Trump voor zijn vastgoedprojecten contacten had met de Russische (Semjon Mogilevitsj) en de Russisch-Amerikaanse maffia (Felix Sater). Overheidsdiensten moeten nauw samenwerken om de digitale dreiging te weerstaan. Want elke zwakke plek wordt opgezocht en kan worden afgestraft. De gevolgen kunnen desastreus zijn. Bovenwereld en onderwereld, criminaliteit en traditionele oorlogsvoering zijn vermengd geraakt.

Is Nederland er klaar voor en beseft het de urgentie van de situatie? Nee, het lijkt er in de verste verte niet op. Gerrit van der Burg is als voorzitter van het College van procureurs-generaal specifiek verantwoordelijk voor cybercrime. In die hoedanigheid gaf hij vandaag een interview aan het AD dat de Volkskrant in een bericht samenvat. Er ontstaat een ontluisterend beeld van het OM. ‘We trekken er hard aan, maar we zijn er nog niet klaar voor’ en ‘We zijn van oorsprong geen digitale organisatie’. Nee, allicht niet, geen enkel OM in geen enkel land is van oorsprong een digitale organisatie. De verplichting rust op de leiding van het OM om dat als de wiedeweerga te worden. ‘Het onvoorstelbare wordt voorstelbaar, als het gaat om cybercrime’, zo zegt Van der Burg. Maar wat hij zich nou precies voorstelt blijft raadselachtig. Naar verluidt wil het komende kabinet 25 miljoen euro vrijmaken voor de bestrijding van cybercriminaliteit. Dat is veel te weinig en het komt erg laat.

Foto: ‘Foto: ‘Dutch Visit: Col. Jeff Schilling, of G-5/7, briefs Brig. Gen. Hans Hardenbol, along with Dutch military delegation, during a visit to the Army Cyber Command.‘ Op de site van de U.S. Army Cyber Command/ U.S. 2nd Army is deze foto uit 2012 niet meer terug te vinden, hier wel bij een commentaar.

Bestrijding van terrorisme vraagt om professionalisme. Niet om betonblokken en meer bevoegdheden voor veiligheidsdiensten

with 2 comments

Als iemand daadwerkelijk geestelijk zo erg vergiftigd is dat hij anderen omwille van zijn geloof wil vermoorden, laat hij zich niet tegenhouden door een blokkade die vermomd is als een weelderige bos bloemen.’ aldus columnist Özcan Akyol vandaag in het AD. Hij heeft gelijk. Overheden moeten oppassen niet aan symboolwerking ten onder te gaan. Het lijkt erop dat het plaatsen van bloembakken of betonblokken in steden eerder de bedoeling heeft om de burgers een gevoel van veiligheid te geven, dan dat het daadwerkelijk de plegers van aanslagen tegenhoudt of de aanslag inperkt. Want terroristen zoeken de makkelijkste weg.

Als het risico op een terroristische dreiging oplevert dat steden rigoureus worden omgebouwd en mobiliteit wordt beperkt, dan is het de vraag of het dat waard is. Want de betonblokken staat niet op zichzelf. Ze komen bovenop de camerabewaking en digitale controle door de overheid. Het gevaar dreigt dat Nederland zonder publiek debat sluipenderwijs afglijdt naar de controlestaat. Het kenmerk ervan is dat bevoegdheden van overheden worden uitgebreid en de vrijheden van de burger worden ingeperkt. In elk geval zou hierover een breed maatschappelijk debat gevoerd moeten worden dat verder kijkt dan een incidentele dreiging.

De veiligheidssector dreigt met verwijzing naar een aanslag veel macht naar zich toe te trekken. Vraag is of het die bevoegdheden waard is omdat de professionalisering (politierecherche) of kwantitatieve voorwaarden (AIVD) daartoe ontbreken. Anders gezegd, uitbreiding van bevoegdheden voor politie- en veiligheidsdiensten is niet alleen afhankelijk van de vraag om uitbreiding, maar ook van het aanbod dat deze diensten kunnen leveren. Zijn ze een uitbreiding van bevoegdheden wel waard als hun organisatie niet op orde is? Daarbij komt dat de roep om uitbreiding van bevoegdheden en inzet van technische middelen vaak een verkapte manier van bezuinigingen is. Dat wordt de burger echter niet open en eerlijk verteld door de overheid.

Vorige week was er een wegens een dreiging in een laat stadium afgelast concert in de Rotterdamse Maassilo. Het is voor de objectieve beschouwer opvallend dat op basis van één bron een dreiging serieus wordt genomen en een concert wordt afgelast. Moet die lat niet hoger liggen? Zou de procedure in de toekomst niet aan voorwaarden moeten voldoen die nu blijkbaar ontbreken? Zou het niet zo moeten zijn dat een melding van een dreigende aanslag door een kruiscontrole via meerdere datasystemen van meerdere kanten bevestigd moet worden? Wellicht is er in de toekomst een reeks valse meldingen voor nodig om die procedure aan te passen en werkzaam te maken. De waarde van een enkele bron zou beter dan nu gewogen moeten worden.

Het is gewenst dat de procedure voor de samenwerking tussen Europese politiediensten op korte termijn aangepast wordt om te garanderen dat ze volgens dezelfde aangescherpte standaard werken, en beter dan nu weten wat ze van elkaar te verwachten hebben. Zodat er geen misverstand ontstaat tussen een Spaanse en een Nederlandse overheidsdienst en laatstgenoemde door een onnodig grote marge van onzekerheid te snel het zekere voor het onzekere neemt. Zo’n aanscherping van standaarden is in allerlei sectoren gebruikelijk. Dat de veiligheidssector daarop een uitzondering zou moeten zijn is ongewenst en ongelukkig. Juist de veiligheidssector die het machtsmonopolie uitoefent moet in de pas lopen met de rest van de samenleving.

Door een onvolledige of ondermaatse procedure in de veiligheidssector loopt de samenleving een verhoogd risico op maatschappelijke ontwrichting. Het is vaker beweerd, de meeste winst in het terugdringen van terrorisme kan worden behaald door betere samenwerking van overheidsdiensten over de grenzen heen. Welnu, daar hoort ook een degelijke en zorgvuldige procedure bij. Het systeem van signalering moet worden verfijnd. Wat bij het incident Maassilo gebeurde tussen Spanje en Nederland was onnodige improvisatie. Het gaat om het vinden van een balans waarbij de veiligheid niet per definitie de andere waarden terugdringt. Indien veiligheid domineert dan bevinden we ons in de controlestaat met ook nog eens binnensteden die zijn vergeven van betonnen bloembakken. Als stille tekens van het onvermogen tot handelen van de overheid.

Foto: Veiligheidsmaatregelen in Duitsland in 2016: ‘Auf vielen Weihnachtsmärkten wurde die Sicherheitsvorkehrungen verschärft. Dieses Bild wurde auf dem Striezelmarkt auf dem Altmarkt in Dresden aufgenommen.’

Glenn Greenwald toont aan dat beschuldigingen tegen Snowden bedrog zijn. Maar hiermee is de kwestie nog niet afdoend beslist

leave a comment »

De vraag of Edward Snowden een Russische spion is valt vooralsnog niet te beantwoorden. Op 25 januari 2017 stelde ik dat in een commentaar aan de orde aan de hand van een boekbespreking door Charlie Savage van‘How America Lost Its Secrets: Edward Snowden, the Man and the Theft’ van Jay Epstein. Mijn conclusie: ‘Het blijft vooral speculatie of Edward Snowden een Russische spion is. Harde bewijzen ontbreken, maar ook ondersteunend bewijs. Van de andere kant valt evenmin te bewijzen dat Snowden geen Russische spion is. Maar zolang er geen harde bewijzen zijn is het onterecht om Snowden een Russische spion te noemen.

Ik vervolgde: ‘Tekenend voor de makkelijke manier van argumenteren van de Snowden-bashers is de gezaghebbende informatie-analist John Schindler die op z’n site ‘The XX Committee’ de erkenning door de hoge spion Franz Klintsevich als bewijs geeft.

Schindler verwijst ook steeds naar het hoofd van de Duitse BND Gerhard Schindler als bewijs dat Snowden een spion is die gerund zou worden door het Kremlin. Maar Gerhard Schindler komt helemaal niet met hard bewijs. Hij noemt Snowden een verrader. Dat is een mening of observatie, geen bewijsvoering.’

Glenn Greenwald die in 2013 samen met Laura Poitras de onthullingen van Edward Snowden de wereld in bracht komt nu met aanvullend ontlastend bewijs in een artikel voor The Intercept. Theorieën die de schuld van Snowden zouden moeten aantonen beweerden dat hij eind mei 2013 11 dagen niet traceerbaar zou zijn geweest en in die tijd geheime informatie aan de Chinese of Russische inlichtingendiensten zou hebben gegeven. Die theorie werd gretig in de pers gedeeld. Greenwald toont aan de hand van notarieel vastgestelde documenten aan dat Snowden niet onvindbaar was, maar gewoon zijn intrek had genomen in het Mira Hotel in Hong Kong waar Greeenwald, Poitras en Guardian-journalist Ewen MacAskill dagenlang met hem spraken.

Snowden is een middel geworden. Snowden is een lakmoesproef voor politieke correctheid. Snowden is een richtpunt voor kritiek op het autoritaire bewind van Putin en ondersteuning voor bestedingen van de Amerikaanse veiligheidsindustrie. Of juist het tegenovergesteld om het Amerikaanse neoconservatisme in de beklaagdenbank te zetten. Zo wordt ‘Snowden’ een valkuil van politieke meningen die nog weinig met het handelen van de historische persoon Edward Snowden te maken hebben. In Nederland is journalist Hans de Vreij iemand die de theorie van Schindler volgt en zo zijdelings de Amerikaanse veiligheidsindustrie steunt.

In een update bij genoemd Intercept-artikel zegt Greenwald dat Schindler hem op Twitter heeft geblokkeerd : ‘former NSA employee Schindler, who responded by blocking me on Twitter and then suggesting that both myself and the Intercept are controlled by Putin’. De beschuldigingen over en weer vliegen in het rond zonder te landen. Ik ben het eens met Greenwald dat er geen bewijs is dat aantoont dat Snowden een Russische spion is, maar ik acht het mogelijk dat dat bewijst nog ooit aan de oppervlakte komt. Alleen aan de hand van de openbare bronnen is dat naar mijn idee op dit moment niet vast te stellen. Op de achtergrond speelt ook het probleem dat gespecialiseerde, geprofileerde journalisten als Schindler of Greenwald in hun eigen bubbel zitten en vanuit hun invalshoek gelijk hebben, maar toch het overkoepelende beeld niet goed weergeven.

Mijn reactie bij het artikel van Greenwald: ‘You are right about John Schindler who is spreading allegations without proof about Snowden who should be in the pocket of the Kremlin. The only references he gives are 1) Franz Klintsevitch, Russian senior and deputy chairman of the defense and security committee who is part of the Russian security industry and therefore by definition not impartial and 2) Former head of the German BND Gerhard Schindler who calls Snowden a traitor, but not a Russian agent (‘Ich habe gesagt, dass Snowden ein Verräter ist und sich in die Hand der russischen Geheimdienste begeben hat. Dabei ist er zu ihrem Handlanger geworden’). http://www.berliner-zeitung.de/25148756‘. Het laatste woord over Snowden is nog niet gevallen.

Foto: The Mira Hotel, Hong Kong.

Aantijging dat Snowden Russische spion is wacht nog steeds op publieke onderbouwing. Charlie Savage antwoordt Jay Epstein

with one comment

es

Sargasso verwijst in een bericht naar een bespreking door Charlie Savage in The New York Review of Books van ‘How America Lost Its Secrets: Edward Snowden, the Man and the Theft’ van Jay Epstein. Savage is kritisch op Epstein die stelt dat Snowden een Russische spion is. Hoewel Epstein toegeeft dat Snowden kan zijn begonnen als klokkenluider om te eindigen als spion. De wrok en verbittering die in sommige geledingen van de Amerikaanse en Britse inlichtingendiensten bestaat over de onthullingen van Snowden in The Guardian en andere media in 2013 kan niet onderschat worden. Epsteins boek is er de weerslag van. Mijn commentaar:

Het blijft vooral speculatie of Edward Snowden een Russische spion is. Harde bewijzen ontbreken, maar ook ondersteunend bewijs. Van de andere kant valt evenmin te bewijzen dat Snowden geen Russische spion is. Maar zolang er geen harde bewijzen zijn is het onterecht om Snowden een Russische spion te noemen.

Dat hij in Moskou is gestrand is valt vooral ex-president Obama en zijn toenmalige Justitieminister Eric Holder te verwijten die Snowdens paspoort introkken op diens vlucht naar Latijns-Amerika. Juist op het moment dat hij in Moskou moest overstappen. Zij leverden hem over aan de Russen. Wat je noemt een uitermate domme manier van handelen. Wat is de logica dat ze hem kwijt wilden in het land dat Snowden het meest onbereikbaar maakte en het best beschermde? ik wacht nog op een verklaring hiervoor.

Tekenend voor de makkelijke manier van argumenteren van de Snowden-bashers is de gezaghebbende informatie-analist John Schindler die op z’n site ‘The XX Committee’ de erkenning door de hoge spion Franz Klintsevich als bewijs geeft.

Schindler verwijst ook steeds naar het hoofd van de Duitse BND Gerhard Schindler als bewijs dat Snowden een spion is die gerund zou worden door het Kremlin. Maar Gerhard Schindler komt helemaal niet met hard bewijs. Hij noemt Snowden een verrader. Dat is een mening of observatie, geen bewijsvoering.

Snowden kan als een ethische spion gezien worden die met zijn onthullingen naar buiten kwam om de geheime massaspionage van burgers door de NSA te openbaren. Dat hebben de westerse informatiediensten Snowden nooit vergeven. Ze doen er alles aan om hem via de media in diskrediet te brengen. Snowden heeft meermalen aangegeven dat hij tegen zijn zin in de Russische Federatie verblijft. Hij wil zich voor een Amerikaanse rechtbank verantwoorden als hem een openbaar en eerlijk proces wordt toegezegd. Niet een enkele reis naar de kerker onder verwijzing van de Espionage Act 1916 zonder recht op weerspraak. Maar de regering-Obama wilde hier niet aan.

Zo weten we nog steeds niet 100% zeker of Snowden een held of een verrader is. De te simpele bewijsvoering van de Snowden-bashers doet vermoeden dat ze met hun goed georganiseerde netwerk na 3,5 jaar nog steeds niet bewezen hebben dat Snowden een Russische spion is. Terwijl inlichtingen hun expertise is. Dat laat voorlopig de optie open dat Snowden waarschijnlijk geen Russische spion is.

Foto: Schermafbeelding van deel van boekbespreking door Charlie Savage van Jay Epstein. ”How America Lost Its Secrets: Edward Snowden, the Man and the Theft’ in The New York Review of Books, 9 februari 2017.

Obama zet zich af tegen het Kremlin. Wat pleit voor en tegen hem?

with 8 comments

Er valt veel af te dingen op de woorden en goede bedoelingen van de vertrekkende president Barack Obama. De ook in Europa populaire president die in 2010 volgens lekken van WikiLeaks zijn steun aanwendde om te pleiten voor de Afghaanse oorlog. Obama heeft zelf bloed aan zijn handen met de technisering en ontwijken van de rechterlijke macht die uitmondde in de drone-oorlog in onder meer Jemen, Pakistan en Afghanistan. Geruchten zeggen dat hij bang was vermoord te worden door de CIA en zich daarom van zijn progressieve koers liet afbrengen. Door deze opgedrongen beleidswijzigingen moest hij wel teleurstellen. Obama was soms aarzelend en contraproductief in zijn buitenlandse politiek (Syrië) en restrictief in zijn mensenrechtenbeleid. Onder geen enkele president zijn zoveel klokkenluiders vervolgd als onder Obama. Omdat hij een uitstekende prater en goede communicator is drongen de negatieve kanten slechts mondjesmaat door tot het publiek.

De geschiedenis zal leren in hoeverre Obama verantwoordelijk was voor Clintons nederlaag tegen Trump. En zo via een omweg de nagedachtenis aan zijn presidentschap om zeep heeft geholpen. De wonden van de keiharde strijd voor de Democratische nominatie tussen Clinton en Obama in 2008 zijn nooit geheeld. Obama nam afstand van de Democratische partij (DNC) en liet Clinton en de big money-factie de partij kapen zonder in te grijpen. De in naam progressieve Obama nam afstand van de in realiteit progressieve senator Bernie Sanders die met Obama’s hulp wellicht Clinton had kunnen verslaan. Dat was de logica geweest van de Obama uit 2008. De populaire Sanders had veel betere vooruitzichten dan de gehate Clinton om Trump te verslaan.

Ondanks al deze feilen van een beroerde buitenlandse politiek, een bedenkelijk mensenrechtenbeleid en de opbouw van de controlestaat, het aanschurken tegen big money en een free ride voor bankiers en bestuurders van ondernemingen, en een vanaf 2008 oplopend verschil tussen schijn en wezen opereerde Obama binnen de democratische instituties. En nam die serieus. Het verwijt dat Obama gemaakt kan worden is dat hij geen volbloed politicus was met de ambitie om overal het verschil te maken. Daarbij opereerde hij onhandig in de contacten met het congres en wist weinig voor elkaar te brengen. Hij trok zich terug op enkele onderwerpen (gezondheidszorg) en liet zich gijzelen door het idee dat hij vooral in het Midden-Oosten niet dezelfde fouten als zijn voorganger president Bush wilde maken. Maar die failliete boel was hem nu eenmaal nagelaten.

In de verkiezingsstrijd is de publieke afzijdigheid van Obama de DNC fataal geworden. Omdat het met Clinton de enige kandidaat had die het in zich had om van Trump te verliezen. Wat prompt gebeurde door inmenging van het Kremlin in de verkiezingsstrijd. Clintons nominatie was de aangekondigde nederlaag. Met een goede kandidaat, eensgezindheid en betere mediastrategie had de DNC het nooit zover hoeven laten komen.

Ondanks alle bezwaren tegen Obama is zijn vijand president Putin waarmee en waartegen Obama zich nu in de laatste maand van zijn presidentschap opvallend profileert geen geloofwaardig alternatief. Putin is een autoritaire leider met totalitaire trekken, zoals de liberale parlementariër Boris Vishnevsky uit Petersburg van Yabloko in een kritiek stelt. Omdat de Russische oppositie zo goed als uitgeschakeld is en wordt gesmoord in de Kremlin propaganda dringen dit soort geluiden nauwelijks door tot het Westen. De fellow travellers die Putin en de Russische propagandamachine gebruiken of volgen als breekijzer tegen de gevestigde macht in hun eigen landen, zouden onder Putin als eersten in de gevangenis belanden of uit hun functie worden gezet.

Er resteren in de publieke opinie vier posities om uit te kiezen: 1) Dat van het gemakzuchtig pragmatisme binnen democratische grenzen van Obama. 2) Dat van het autoritarisme buiten democratische grenzen van Putin. 3) Dat van degenen die het één op het ander projecteren. Namelijk de neo-conservatieven die om hun eigen positie te versterken Putin als schrikbeeld gebruiken of de Putinversteher die vanwege commercieel gewin, zelfpromotie en carrièrekansen Obama als schrikbeeld gebruiken. 4) De restcategorie die eigenbelang ziet in het algemeen belang, afstand neemt van dualisme en zich niet laat dwingen te kiezen voor de één of de ander. Deze positie biedt de echte hoop. Maar heeft ook het minste profiel en is het minst aanlokkelijk.

SP wil oorlog voorkomen en vrede bevorderen. Hoe kan dat door wensdenken en wegkijken voor de realiteit?

leave a comment »

sp

Aldus het concept verkiezingsprogramma van de SP over ‘Oorlog voorkomen, vrede bevorderen’ dat afgelopen week werd gepresenteerd. Wie wil nou geen einde aan oorlog en ontmanteling van de Amerikaanse, Chinese, Russische en Europese veiligheidsindustrie waarin wapenfabrikanten, politici, journalisten en wetenschappers onder een hoedje spelen? Maar de claim van de SP dat dat eenzijdig veranderd kan worden is niet realistisch.

Het is een wereldvreemde paragraaf vol verhullend taalgebruik. Maar ook een paragraaf die voorbijgaat aan de werkelijkheid en een fout beeld van de werkelijkheid schetst. Feit is dat de uitgaven van de NAVO-lidstaten enorm zijn afgenomen. Europa en Canada geven in 2015 volgens opgave van de NAVO nog zo’n 1,43% van hun bbp uit aan defensie. In de periode 1980-1984 was dat voor de Europese NAVO-leden gemiddeld 3,6% (zie tabel 2). Door het vredesdividend zijn de defensie-uitgaven sinds de hoogtijdagen van de Koude Oorlog in Europa aanzienlijk gedaald. Met als gevolg dat hoofdkwartieren zijn gesloten, Amerikaanse troepen uit Europa zijn teruggetrokken, nationale krijgsmachten onderdelen zijn afgestoten -Nederland heeft geen tanks meer- en Nederland een gebrek heeft aan reserveonderdelen en munitie (zodat het oefent door pangpang te roepen) dat het de vraag is of het nog kan voorzien in de opdracht om het eigen grondgebied te verdedigen.

Een politieke partij moet staan voor de verdediging van het eigen territorium. Dat wil zeggen de territoriale integriteit. Zeker voor een partij die pleit voor een afgeslankte EU met minder bevoegdheden. Dat kan door  het opbouwen van een compacte, hooggekwalificeerde en professionele krijgsmacht die Nederland niet afhankelijk maakt van vrienden en nog minder van vijanden. Een verzwakt Nederland dat zichzelf niet kan verdedigen voorkomt geen oorlog en bevordert geen vrede. Daar helpt geen 1984-achtige newspeak aan die oorzaak en gevolg omkeert. En los van de feiten ‘vrede‘ ‘oorlog‘ en ‘oorlog‘ ‘vrede‘ wenst te noemen.

Uiteraard moet een wapenwedloop worden voorkomen, want het geld kan beter naar onderwijs, cultuur of zorg gaan. Maar dat kan niet vanuit wensdenken en wegkijken voor de realiteit eenzijdig geforceerd worden vanuit het niets van een niet bestaande ideale wereld, zoals de SP het voorstelt. Als deze partij blijft weigeren om recente daden van de Russische Federatie te noemen wat ze zijn, dan blijft het zich ongeloofwaardig en zelfs onwaarachtig gedragen. Het Kremlin initieert daden van agressie die de Europese veiligheidspolitiek sinds 2014 op de kop hebben gezet. Het is de Russische Federatie die delen van buurlanden volgens VN-resolutie 68/262 onrechtmatig bezet houdt, verplichtingen en garanties van internationale verdragen niet nakomt (Boedapester Memorandum 1984, Helsinki Final Act 1975), voortdurend het luchtruim van andere landen schendt en dreigt met de militaire invasie van Oekraïne, Polen, de Baltische landen en Roemenië.

De paragraaf over veiligheidspolitiek maakt de SP electoraal ongeloofwaardig voor kiezers die deze partij om andere redenen willen steunen. Dan loopt de partij opnieuw de kans op een teleurstellend stembusresultaat. Wellicht kan het erover nadenken of het correct weergeven van oorzaak en gevolg van de veiligheidspolitiek niet meer kiezers over de brug trekt. De SP heeft als vanouds de pretentie om de façade van het Westers kapitalisme door te prikken, maar vlucht vervolgens weg in een andere, eigen schijnwereld. Dat helpt niet.

Foto: Deel van de paragraaf ‘Oorlog voorkomen, vrede bevorderen’ in concept verkiezingsprogramma van de SP, oktober 2016.