George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Christen-democratie

Gedachten bij documentaire ‘La Stazione’ (1952) van Valerio Zurlini

with 4 comments

Nu eens iets heel anders. Valerio Zurlini (1926-1982) is een Italiaanse regisseur die bij het grote publiek niet zo bekend is als de grote meesters Federico Fellini, Michelangelo Antonioni, Roberto Rossellini of Luchino Visconti. Zelfs tegen de mindere meesters als De Sica, De Santis, Olmi, Germi, Pasolini, Petri, Taviani of Bertolucci moet hij het afleggen in bekendheid. Hij heeft speelfilms gemaakt die in mijn ogen het Italië van de jaren ’60 minder vervreemdend weergaven dan Antonioni of minder imponerend dan Fellini. Zijn constructie oogt natuurlijker zonder dat ook maar in het minst te zijn. Op de achtergrond zeuren oorlog en klassenstrijd, maar overheersen het levensplezier en een esthetische, poëtische realiteit. Niet Frans. Zurlini filmt geen feiten.

La Stazione uit 1952 is een documentaire over het belangrijkste treinstation van de Italiaanse hoofdstad: Stazione di Roma Termini. Zurlini was lid van de communistische partij en werd in 1964 samen met regisseurs als de Taviani’s, Maselli, Lizzani en Loy door de partij aangewezen om de begrafenis van Palmiro Togliatti te filmen. Opgevolgd door Luigi Longo en in 1972 door de charismatische Enrico Berlinguer, de vader van het Eurocommunisme. In de naoorlogse jaren was partij affiliatie in Italië waar een politieke strijd tussen christen-democraten en communisten woedde van belang. Rossellini werd door sommigen minachtend afgedaan als christen-democraat. Zelfs filmstijlen werden gepolitiseerd en door de overheid gesteund of tegengewerkt.

De documentaire is in de stijl van de Cinéma Vérité, een observerende cinema. De Franse filmtheoreticus André Bazin verwoordde het neorealisme (in de brief Ter verdediging van Rossellinizie p. 100) ooit als ‘de documentaire werkelijkheid plus iets’. Het jaar 1952 is een keerpunt. Niet toevallig wordt Umberto D uit 1952 van Vittorio De Sica als de laatste neorealistische film beschouwd. Bazin omschrijft dat ‘iets’ als de beeldkracht, het sociaal engagement, de poëzie, het komische of wat dan ook. Wat is dan de documentaire werkelijkheid van deze documentaire die probeert de feiten zo onbevangen mogelijk weer te geven?

Het heeft geen zin om weg te zakken in getheoretiseer dat al snel op aanstellerij lijkt. In La Stazione zien we een realiteit die we associeren met het Italië van 1952. Punt uit. Hoe geconstrueerd die ook toen was. De marges zijn breed om ons tevreden te stellen en een geschiedenis voor te schotelen die geen geschiedenis is. Denk aan twee beroemde voorbeelden uit de cinematografie, namelijk Oktober (1928) van Sergei Eisenstein en La battaglia di Algeri (1966) van Gillo Pontecorvo. Beide films die respectievelijk 11 (1917) en 9 (1957) jaar na de weergegeven gebeurtenissen werden gemaakt, worden in de geschiedschrijving gebruikt als illustratie ervan. Zo vallen een historische gebeurtenis, de reconstructie en ons begrip ervan samen. Ons beeld van de historische werkelijkheid is vervalst, maar voelt als echt. Er zijn meer voorbeelden, zoals de Nederlandse film De Overval uit 1962 over de overval op het Huis van Bewaring in Leeuwarden. Onze beleving in de wachtkamer derde klasse met Italiaanse arbeiders, boeren, militairen en gezinnen strijdt met esthetiek. Dat we het weten.

Advertenties

Katholiek Nieuwsblad schermt met geheime memo: Buitenlandse Zaken is ‘seculier vooringenomen’ en ‘religieus ongeletterd’

leave a comment »

Het Katholiek Nieuwsblad is ondubbelzinnig in de kop van het artikelMinisterie Buitenlandse Zaken ‘religieus ongeletterd’’. De onuitgesproken claim is dat het zelf wel belezen is over het onderwerp in kwestie, namelijk de kennis van religieuze tradities. Dat wekt verwachtingen, maar de geëiste aandacht loopt vast in een zwart wereldbeeld vol illusies en insinuaties. Wat volgt is een losse flodder die geen doel treft. Dat valt nauwelijks nog zorgvuldige journalistiek te noemen. Wat het wel is wordt evenmin duidelijk. Het meest lijkt het nog op stemmingmakerij en gekrenktheid over de afgenomen machtspositie van de christen-democratie dat ruim 30 jaar terug nog kon zeggen ‘we rule this country’. Dat was ooit maar nooit meer. Dit artikel valt te lezen als rouwverwerking over dit verlies. Mijn reactie op de FB-pagina van het Katholiek Nieuwsblad bij dit onderwerp:

Het is een vreemd artikel dat verschillende richtingen opwijst. Het claimt dat het ministerie van Buitenlandse Zaken ‘een seculiere vooringenomenheid’ en ‘een gebrek aan religieuze geletterdheid’ heeft. Tegelijk worden de claims afgezwakt als gezegd wordt dat het risico ‘zeker aanwezig’ is dat het risico bestaat. Dat geeft allerlei slagen om de arm. Het helpt evenmin dat deze aantijgingen uit een geheime interne memo afkomstig zijn. Zo valt niet te controleren of de claims kloppen en vanuit welk perspectief en door wie ze worden gedaan. Waar ligt de grens tussen religieuze marketing en spijkerhard nieuws?

Maar laten we aannemen dat beide claims kloppen. Het vermeende gebrek aan religieuze geletterdheid of kennis van religie en religieuze organisaties is het meest ernstig. Want diplomaten moeten de wereld, hun partners en opponenten kennen om ermee om te kunnen gaan en op te kunnen reageren. Ook pro-actief. Maar waaruit dit religieus analfabetisme blijkt is vooralsnog niet duidelijk.

De andere claim dat Nederland ‘één van de meest seculiere samenlevingen in de wereld’ en daarom vooringenomen zou zijn is een malle beschuldiging uit het ongerede. Feit is dat in Nederland een meerderheid van de bevolking zich niet rekent tot een religieuze groepering en zegt zich niet door het geloof te laten inspireren. Het is goed mogelijk dat dat voor het personeel op het ministerie van Buitenlandse Zaken in gelijke mate geldt als voor de Nederlandse bevolking als geheel.

Onduidelijk blijft wat de opzet van dit artikel is. Het is nogal een ernstige aantijging om te zeggen dat het ministerie religieus ongeletterd is. Notabene precies in de periode dat de nieuwe ambassadeur bij de Heilige Stoel Caroline Weijers haar geloofsbrieven als ambassadeur heeft aangeboden. Waar ligt de grens tussen religieuze marketing en spijkerhard nieuws? Het artikel in het Katholiek Nieuwsblad maakt het niet duidelijk in een vermenging van suggestie, claims, nostalgie en verbolgenheid.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelMinisterie Buitenlandse Zaken ‘religieus ongeletterd’ van KN Redactie in Katholiek Nieuwsblad, 14 november 2018.

Le silence est meilleur que d’être stupide. Er bestaat allang geen weldenkend-links gedomineerd cultuurveld meer

leave a comment »

Stilte is beter dan dom zijn.

Tais-toi et sois belle’ zeggen Fransprekenden tegen hun hond. ‘Zwijg en wees stil’. En soms zeggen ze het ook tegen anderen. Bijvoorbeeld tegen vrouwen. Waardoor ze terecht de beschuldiging vrouwonvriendelijk te zijn over zich afroepen. Op Vlaanderens grootste opiniewebsite Doorbraak klinken vaak rechtse meningen door. Of liever gezegd, is de aversie tegen wat als links of progressief wordt gezien een reden voor auteurs om de pen te pakken en de gal te spuwen. Dat doet ook Johan Sanctorum in het opinie-artikelTais-toi et sois belle; Waarom net de linksdraaiende cultuursector vergeven is van macho-mentaliteit’. Wat dat ‘net’ in de titel doet is een raadsel, zoals allerlei aannames in dit artikel een raadsel zijn. De fout die Sanctorum maakt is dat hij een stropop bestrijdt. Hij weerlegt argumenten die niet bestaan door ze op te rekken tot een karikatuur. Alles voor zijn goede zaak om de linkse cultuursector eerst veel macht toe te rekenen en die vervolgens te belasteren en in de fik te steken. Omdat die verkeerde aannames het raamwerk van zijn betoog vormen, stort zijn kaartenhuis na een windvlaag in elkaar. Mijn reactie die niet meer dan 1500 tekens mocht bedragen:

Foto’s: Schermafbeeldingen bij artikelTais-toi et sois belle; Waarom net de linksdraaiende cultuursector vergeven is van macho-mentaliteit’ van Johan Sanctorum op Doorbraak, 28 juni 2018.

Framing op TPO over sociaal-democratie en God. Sociaal-culturele onderwerpen dienen als afleiding voor vragen over macht en bezit

leave a comment »

Het moet niet veel gekker worden, een student die zich op sociale media (TPO) presenteert met een ‘essay’. Een literair genre dat door Michel de Montaigne in 1580 is gemunt en hoge eisen stelt aan originaliteit, stijl en intellectuele diepte. De inzet is brutaal. De sociaal-democratie wordt voor het beklaagdenbankje van God gesleept. Ziet u het zich voor u? Maar uiteindelijk gaat het betoog uit als een nachtkaars. Door de stapeling die eruitziet als een omgevallen boekenkast zonder structuur. Het is bij nader inzien rechttoe-rechtaan rechts-conservatisme dat past binnen de politieke richting van TPO, maar zich vermomt als neutrale waarnemer. Simpele haat tegen ‘links’ wordt via een omweg verpakt. De sociaal-democratie verdient kritiek, maar wel eerlijke en directe kritiek. Niet de propagandapraat die Max van Duijn ervan maakt. Mijn reactie:

Een onevenwichtig betoog dat van alles met alles verbindt en daardoor scherpte mist. Het zij de auteur vergeven omdat hij zijn studie nog moet afronden, maar de lezer schiet niks op met zo’n stapeling van aannames en ongelijksoortige argumenten. Waarom TPO dit onvoldragen stuk plaatst verdient nadere uitleg.

‘Alle spreken over boven komt van beneden, ook het spreken dat beweert van boven te komen’ is de zin die Harry Kuiterts denken perfect en snedig samenvat. Het is geen uitgemaakte zaak dat de moderne mens ontkent dat God bestaat. Daarbinnen zijn weer allerlei varianten mogelijk die het debat levend houden. Als God wordt gezien als creatie en uitdrukking van mensen hoeft God helemaal niet dood verklaard te worden. God wordt dichtbij gehaald en vermenselijkt, maar ontdaan van traditionele waarden.

Daarnaast is het nogal een slag in de lucht om te stellen dat het gemis van een culturele constructie -wat God is- leegte op zou leveren. Dat was wellicht ooit zo in de overgang van een diepchristelijke naar een meer pluriforme samenleving, maar in een pluriforme en open samenleving als de Nederlandse zijn de alternatieven voor de constructie God volop aanwezig: kunst, ietsisme, techniek, wetenschap, gezin, gemeenschap. Het leven hoeft niet vanuit godsdienst beredeneerd te worden om zinvol te zijn. Integendeel, te veel godsdienst kan het leven zinloos maken.

Er is iets anders aan de hand. De mens heeft zich geëmancipeerd en heeft God als allesoverheersende kracht niet meer nodig. God is herverkaveld over vele sectoren. En is door die fragmentatie minder krachtig geworden. Zelfs religieuze organisaties koppelen God als een vormende kracht los van een allesomvattend leven, zien het niet meer als verklaring voor alles en reduceren het tot doelstelling in hun statuten. Natuur wordt op afstand gehouden door de techniek, wetenschap verklaart de verschijnselen, kunst en cultuur geven zin, en media en amusement bieden afleiding en verstrooiing. Kortom, ‘God’ is gefragementeerd en de leegte is opgevuld.

Waarom de zogenaamde dood van God speciaal de sociaal-democratie zou beschadigen is niet duidelijk. Het is overigens zo dat binnen de sociaal-democratie altijd een sterke religieuze stroming heeft bestaan: het christensocialisme. In Nederland vertegenwoordigd door Willem Banning. Als er door de sociaal-democratische politiek fouten zijn gemaakt op het gebied van immigratie, het publieke ethos van overheid en publieke sector en de financëele crisis dan zijn die in commissie met de christen-democraten en de liberalen gemaakt.

De aap komt uit de mouw als de auteur verwijst naar het thuisgevoel (oikofobie). Dat is een vage politieke constructie van de Britse conservatief Roger Scruton die enkele jaren geleden door Thierry Baudet in Nederland werd nagevolgd. Het is een even vaag containerbegrip als ‘cultureel marxisme’ waarin allerlei aannames en veronderstellingen gedeponeerd kunnen worden zonder dat het ook maar iets verklaart. Behalve de onmacht van de betoger die niet scherp kan worden en er omheen kletst.

Het is aantoonbare onzin om het specifiek de sociaal-democratie aan te rekenen dat ze met linkse partijen een afkeer van het thuis zouden hebben. Het omgekeerde is waar. De sociaal-democratie is altijd een stroming geweest die zich zowel nationaal als internationaal manifesteerde. Daar zat spanning tussen. Maar zoals internationale conflicten uitwezen moest de internationale solidariteit altijd wijken voor de keuze van de sociaal-democraten voor hun politieke en nationale basis. Liberalen via het internationale bedrijfsleven en christen-democraten via hun katholieke netwerk kozen even makkelijk of zelfs makkelijker dan de sociaal-democraten voor internationalisering. Lang voordat de term globalisme in de mode kwam. Wat de sociaal-democraten in elk geval niet verweten kan worden is dat ze het voortouw namen bij de globalisering en de uitverkoop van nationale belangen.

Het beste antwoord op dit warrig betoog van Max van Duijn is de nieuwe positionering van Jesse Klaver en GroenLinks. Klaver zegt te kiezen voor de ouderwetse sociaal-economische waarden als macht, inspraak en verdeling van de welvaart. Het zijn deze waarden die de laatste jaren zijn weggedrukt door het sociaal-culturele debat over natie, thuisgevoel en nationale identiteit. Dat laatste wordt voor malcontenten als uitlaatklep ingebouwd en is voor de bezittende klasse en het internationale bedrijfsleven een afleidingsmiddel om dat sociaal-economisch debat niet te hoeven voeren en niets in te hoeven leveren van eigen macht en bezit.

Iedereen in een sociale achterstandpositie die zich door dit soort stukken van Max van Duijn over sociaal-culturele onderwerpen aangesproken voelt, zou moeten beseffen dat de echte betekenis ervan afleiding is en de verdediging van de gevestigde orde. Niet God, de sociaal-democratie of het thuisgevoel is dood, maar het nationaal-conservatisme dat daaraan alles ophangt is dodelijk voorspelbaar, saai en ontwijkend.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelDe politiek in crisis: God is dood’ van Max van Duijn op TPO, 21 november 2017.

CDA benadrukt eigen conservatisme en zet formatie onder druk

with 2 comments

Zomaar een mening van blogger Yuri Ankone over de verrechtsing van het CDA en de vertekening van de geschiedenis door CDA-leider Buma. Dat laatste is een wetmatigheid. Conservatieve christenen stellen met terugwerkende kracht steevast de rol van het christendom positiever en edeler voor dan een objectieve kijk op de geschiedenis rechtvaardigt. Waarna ze met een stalen gezicht de islam verwijten te weinig vaart te maken met de emancipatie. Het ligt overigens complex omdat het christendom ook als input voor de Verlichting heeft gediend. Hoe dan ook valt aan de uitlatingen van Buma nog weinig van de emancipatiestrijd en de onderlinge verschillen tussen de Nederlandse gereformeerden, protestanten en katholieken te herkennen.

Buma zet met zijn rechtse praatjes de formatie op scherp. Zoals de afgelopen week al van vele kanten geconstateerd is zet hij de toch al zo traag verlopende formatie extra onder druk. Hij attaqueerde in de H.J. Schoo-lezing frontaal het liberalisme en individualisme van VVD en D66 en de sociale politiek van de CU. Buma voedt met zijn voet op de rem, zijn vertragingstactiek en het nemen van de afslag naar rechts het wantrouwen tussen de partijen. Ze spelen wegens ontbrekend vertrouwen op veilig en willen alle afspraken in beton gieten. Daarbij komt nog de historische animositeit tussen D66 en christen-democratische politici zoals dat met verwijzing naar hun vermeende onbetrouwbaarheid ooit door D66-politicus Hans Gruijters werd samengevat: ‘als ik een confessioneel een hand heb gegeven, tel ik eerst mijn vingers na’.

Met terugwerkende kracht benadrukt Buma’s opstelling het ongelijk van GL en de PvdA die hun plek aan de formatietafel niet wilden of durfden innemen. Dat maakte de plek vrij voor het CDA dat zich onmisbaar voelt en de eigen radicalisering niet hoeft af te zwakken, maar vrijuit kan uitventen. De andere partijen, inclusief VVD en D66, hadden beter moeten beseffen dat het CDA van Buma in een kabinet een weinig coöperatieve kracht zou worden die nog minder in het landsbelang handelde dan de andere partijen. Het weglopen van de onderhandelingstafel door GL en PvdA was dat evenmin. De schone schijn en faalangst van Klaver en Asscher hebben het vooralsnog afgelegd tegen het conservatisme van Buma. De gezamenlijke partijpolitiek van Nederland heeft zichzelf een brevet van onvermogen gegeven door beoordelingsfouten, slappe knieën en een gebrekkig besef van urgentie. Het is de hoogste tijd voor de hervorming van het politieke bestel.

Vertrutting in België. Burgemeester laat onder druk kermisattractie met schaars geklede vrouwen afplakken. Religieuze motieven?

with one comment

In Brussel zijn in de tweetalige deelgemeente Sint-Agatha-Berchem onder druk van de Franstalige sociaal-christelijke burgemeester Joël Riguelle die lid is van de partij cdH beschilderde afbeeldingen van vrouwen in bikini op kermisattracties afgeplakt. Hoewel het openbaar bestuur dat wettelijk helemaal niet kan afdwingen. Op FB besteedt volksvertegenwoordiger Karl Vanlouwe die lid is van de Vlaamse, rechts-nationalistische N-VA er in een post aandacht aan. Hij schrijft over de vermoedelijke reden voor het afplakken: ‘Waarschijnlijk om niemand voor het hoofd te stoten… De wereld draait door. Weg met onze vrijheden… Weg met ons..‘.

Uit berichtgeving van onder meer HLN blijkt dat de uitbater van de attractie onder druk werd gezet af te plakken ‘omdat de tekeningen op de attractie niet geschikt waren voor jonge kinderen’. Als bijkomende reden gaf de gemeente dat het naast een kindermolen staat opgesteld, maar dat het elders getolereerd zou worden.

De actie van Riguelle wijst op betutteling door de overheid en machtsmisbruik. Het duidt op een geestelijk niveau van vertrutting vanwege angst voor seksualiteit. Waarschijnlijk ingegeven  doot religieuze motieven. Het duidt ook op wereldvreemdheid omdat kinderen dagelijks op televisie of sociale media geconfronteerd worden met beelden van geweld of seksualiteit die vele malen heftiger zijn dan de afgeplakte afbeeldingen.

Kermisattracties met beschilderde afbeeldingen van schaars gekleden vrouwen zijn een oud fenomeen en behoren bij de moderne kermistraditie. Wat het nieuwe feit is dat een burgemeester vindt dat hij tot deze onwettige actie kan overgaan is vooralsnog onduidelijk. Burgemeester Joël Riguelle laat zich kennen als een zedenmeester en angsthaas. Hij zwicht voor zijn eigen geweten en bewijst Brussel een slechte dienst. Ook in Nederland rukt de vertrutting op. Dj Gerard Ekdom richtte in reactie in 2016 ‘De Bond Tegen Vertrutting’ op.

Foto: Afbeelding van deels afgeplakte beschilderingen op kermisattractie in Sint-Agatha-Berchem. Foto van Karl Vanlouwere.

Pleidooi voor zakenkabinet door FvD gaat voorbij aan hervorming van de partijpolitiek

with 2 comments

De tweede man van het rechts-radicale Forum voor Democratie Theo Hiddema pleit voor een kenniskabinet of zakenkabinet. Dat zei hij gisteren 22 mei in een ochtendprogramma van de regionale Limburgese omroep L1. DDS besteedt er aandacht aan in een opinie-artikel. Mijn reactie op het idee van Hiddema is kritisch:

Op dit moment is de keuze voor een zakenkabinet een slecht idee. Want hoe dan ook moet zo’n kabinet beleid ontwikkelen. Dat is pure politiek. Anders gezegd, een zakenkabinet suggereert dat beleidskeuzes voortkomen uit een soort hogere logica die niets te maken hebben met prioriteiten die volgen uit opvattingen over de inrichting van de samenleving. Maar dat is niet zo. Het maken van die keuzes en prioritering is pure politiek.

Waarom met een zakenkabinet net doen alsof politiek geen politiek is? Dan is het eerlijker tegenover de kiezer om gewoon toe te geven dat politiek politiek is. Nog anders gezegd, de politiek is er juist voor ontwikkeld om de macht te verdelen. Als politieke partijen -waar Hiddema met zijn partij ook deel van uitmaakt- slecht presteren wat zo maar mogelijk is, dan moeten die partijen niet afgeschaft of aan de zijlijn gezet worden, maar hervormd worden.

Daar komt bij dat een zakenkabinet altijd een profiel heeft en niet zonder kan. Hoe men het ook draait of keert, de keuze voor het profiel is een politieke keuze. Als het met de benoemingen van bewindslieden kiest voor de voortzetting van de gevestigde orde, dan is dat een politieke keuze. Partijen zoals de PVV of SP die er blijk van geven de gevestigde orde omver te willen werpen zullen met hun miljoenen kiezers hier niet blij mee zijn. En omgekeerd, als er een zakenkabinet komt dat juist wel de gevestigde orde ter discussie stelt dan zullen middenpartijen als VVD, CDA en D66 en hun achterbannen er niet blij mee zijn.

Een zakenkabinet is een oud idee. Voormalig VVD-leider Hans Wiegel pleitte herhaaldelijk voor een nationaal kabinet. Overigens niet toen hij in 1977 met de VVD toetrad tot het eerste kabinet Van Agt-Wiegel dat door CDA’er Dries van Agt werd geleid. In bijzondere omstandigheden kan een zakenkabinet zin hebben. Zo had Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog nationale kabinetten met de kabinetten Gerbrandy I en II (1940-1945). Maar in gewone omstandigheden biedt een zakenkabinet geen voordeel. Een bijkomende vraag is overigens ook hoe in het parlement de oppositie ertegen gevoerd kan worden omdat het geen politieke steun in Eerste en Tweede Kamer heeft.

Het voorstel van Hiddema is een verre echo van twee ontwikkelingen die de partijpolitiek niet bestrijden door de hervorming ervan, maar door het te willen omcirkelen. In de jaren ’30 (vdve) keerden fascistische partijen zich tegen het heersende politieke bestel door te pleiten voor een corporatieve staat, waarbij alle maatschappelijke geledingen vertegenwoordigd zouden zijn. En binnen met name de christen-democratie bestonden er de laatste decennia tendenzen die pleitten voor de herwaardering van de gemeenschap binnen de communitaristische beweging. Met de Amerikaanse socioloog Amitai Etzioni als leidsman.

Het probleem met een zakenkabinet, een corporatieve staat of de de communitaristische beweging is dat ze zich -zonder dat toe te geven- buiten de normale politiek begeven en onttrekken aan de gewone democratische controle. Ze kunnen door belangengroepen achter de schermen vervolgens makkelijk oneigenlijk gebruikt worden voor iets dat niet met zoveel woorden wordt gezegd. Zo is de kritiek op de communitaristische beweging van Etzioni dat het onder het mom van gemeenschapsdenken allerlei neo-liberale maatregelen heeft mogelijk gemaakt. Omdat dit buiten het parlement op een soort politiek-filosofisch niveau binnen partijen speelt kan er nergens verantwoording voor gevraagd worden.

Dat verschil tussen schijn en wezen is bij de partijpolitiek niet aan de orde, hoe onvolmaakt, ongeïnspireerd, corrupt en ondoelmatig de huidige politieke partijen ook zijn. Partijpolitiek is wat het is, ondanks de nadelen ervan. Als Hiddema had gepleit voor een fundamentele hervorming van de partijpolitiek of het politieke bestel had ik hem gesteund. Bijvoorbeeld door een grotere rol voor de burger door machtsdeling of invoering van E-democracy en een afwaardering van de politieke partijen. Maar hij laat te veel onduidelijkheid wat hij met zijn pleidooi voor een zakenkabinet echt beoogt.

Dus ja, graag hervorming van het politieke bestel en de partijpolitiek. Maar nee, niet door omcirkeling of het passeren van de politiek. Een zakenkabinet of nationaal kabinet is mogelijk, maar dan uitsluitend in bijzondere omstandigheden. Dat is op dit moment niet aan de orde.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelFVD wil dat het anders gaat: Hiddema pleit voor een “kenniskabinet” van Michael van der Galien voor DDS, 23 mei 2017.