George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Bruiklenen

Wethouder Lintmeijer loopt risico door Oud-Amelisweerd

with 4 comments

Na het AD op 17 februari is De Volkskrant op 22 februari de tweede landelijke krant die kritische aandacht besteedt aan de huisvesting van de Armando Collectie in Oud-Amelisweerd. Jammergenoeg worden oude misverstanden niet verklaard, maar juist bevestigd. Feit dat het stukje verschijnt is daarom het grootste nieuws. Niet wat er staat. Onbedoeld problematiseert het de stand van zaken in de Nederlandse journalistiek.

Charlotte Hulsman schetst de toenemende kritiek in de Utrechtse raad. Zij noemt de onlogische combinatie van Armando en Oud-Amelisweerd en de optimistische inschatting van bezoekersaantallen, maar laat het wantrouwen jegens onderbouwing van het ondernemingsplan en gezonde exploitatie ongenoemd. Zoals dat in de voltallige Amersfoortse raad is geuit. Hulsman laat eveneens na de aangescherpte voorwaarden te noemen.

Welke misverstanden worden bevestigd? Wethouder Lintmeijer komt voor de zoveelste keer met de foute bewering dat het landhuis al twintig jaar leegstaat. Zijn vermenging van oorzaak en gevolg lijkt steeds meer op kwade opzet. Sinds 1990 wordt Oud-Amelisweerd beheerd door het Centraal Museum met de bedoeling het te ontsluiten. Maar door een grootschalige restauratie kon het huis niet optimaal opengesteld worden. Toen de rigoureuze ingrepen tenslotte achter de rug waren kwam ‘toevallig‘ het Armando Museum langs.

Lintmeijer stelt over de belangenverstrengeling en liefdesrelatie tussen directeur Jacobs van het Centraal Museum en Ploum van het Armando Museum dat Jacobs hem dat meteen gemeld heeft. Als dit betekent dat Jacobs dit in zijn eerste gesprek met Lintmeijer na de bestuursopdracht deed, dan pleit dit Jacobs vrij. Maar het zadelt de wethouder met problemen op. Vraag is of een meerderheid van de raad dit wil onderzoeken.

Lintmeijers opmerking dat-ie het voorstel van Jacobs voor het Armando Museum ‘puur zakelijk‘ heeft beoordeeld is irrelevant. Evenals het feit dat-ie Jacobs uit werkgroepen heeft gehaald. Wat trouwens de vraag oproept of Jacobs de belangen van zijn museum nog optimaal kon behartigen. Hoofdtaak van een directeur. MaarZelfs als Oud-Amelisweerd de beste optie zou zijn en beide partners op afstand gezet zouden zijn was er al een ethische code doorbroken in de eerste fase en zouden de plannen afgebroken moeten worden. 

Lintmeijer ziet Museum Oud-Amelisweerd met de Armando Collectie als een gegeven paard, vanwege ‘de enorme zak geld die is meegegeven voor de exploitatie‘. Hij probeert hiermee twee zwakheden in zijn betoog te verhullen: 1) de exploitatie bevat volop onrealistische aannames en is niet rooskleurig, zeker niet vanaf 2016; 2) haalbaarheid van de bestemming gaat boven noodzaak en inhoudelijke toetsing. Lintmeijer weigert het paard in de bek te kijken en staat dat anderen evenmin toe. Zijn opmerking dat de huisvesting van de Armando Collectie een gegeven is zou een zelfbewuste raad aan het denken moeten zetten. Wie beslist?

Toevoeging: Een overzicht van de inventarisatie van knelpunten van de huisvesting van de Armando Collectie in rijksmonument Oud-Amelisweerd is hier te lezen. Intussen geeft het Amersfoortse college Fons Asselbergs opdracht om een bestemming te zoeken voor vier ‘culturele iconen‘, waaronder de herbouwde Elleboogkerk.

Foto: Artikel ‘Rauwe kunst in antieke ruimte’ van Charlotte Hulsman in De Volkskrant van 22 februari 2012

Advertenties

Belangenverstrengeling Oud-Amelisweerd in openbaarheid

with 13 comments

Het opmerkelijke aan dit stuk in het AD is dat het verschijnt. Het is het eerste artikel in de landelijke pers dat kritisch kijkt naar belangenverstrengeling tussen Edwin Jacobs en Yvonne Ploum en de rol van wethouder Frits Lintmeijer. Voor lezers van dit blog bevat het weinig nieuws. Het idee is dat als Ploum en Jacobs elkaar niet hadden gekend de Armando Collectie nooit in Oud-Amelisweerd terecht was gekomen. Da’s er weer de reden voor dat een debat over de bestemming van Oud-Amelisweerd door de collegepartijen geblokkeerd wordt.

De slechte onderbouwing van de plannen komt daar bovenop. Inzichtelijk is wat het Amersfoortse college in een voorstel van 6 februari 2012 op aandringen van de voltallige raad zegt over de reservering van 1 miljoen euro voor het nieuwe museum. De raad eist dat het college dat bedrag gefaseerd beschikbaar stelt: ‘De raad heeft de nodige reserves bij de haalbaarheid van het Ondernemings- en huisvestingsplan van Museum Oud Amelisweerd. Met de subdidieregeling worden de financiële risico’s voor Amersfoort verminderd.

Maar belangenverstrengeling dus. Lintmeijer is ontwijkend en de raad kan hem daarover aan de tand voelen. Dat Jacobs naar de wethouder kwam om over zijn relatie met Ploum te vertellen poetst belangenverstrengeling niet weg. Het bevestigt die juist. Want het voorstel van Jacobs als resultaat van de bestuursopdracht was al gevolgd. Dan maakt het daarna niet uit of Jacobs of zijn adjunct Marco Grob in een werkgroep zitting neemt.

Voor de raad is het van belang om te weten wanneer Jacobs de wethouder op de hoogte heeft gesteld van zijn relatie. Het lijkt er niet op dat-ie dat heeft gedaan bij het eerste gesprek dat volgde op de bestuursopdracht waarin-ie het Armando Museum voorstelde als bestemming. Want volgens Lintmeijer kwam Jacobs naar hem toe om het te vertellen. Los daarvan kan men zich afvragen waarom Lintmeijer blijkbaar niet door zijn beleidsmedewerkers, hoofd Culturele Zaken of wie dan ook over de relatie tussen Ploum en Jacobs is bericht.

Dit gaat verder dan Oud-Amelisweerd. De integriteit van het openbaar bestuur staat op het spel. Deze keer niet op het niveau van een vuilnisman die kliko’s verkoopt en voor de rechter moet verschijnen. VVD’er Jesper Rijpma heeft gelijk dat de raad ambtenaar Jacobs niet kan aanspreken. Maar de raad kan Frits Lintmeijer om een feitenrelaas vragen. En als dat onvoldoende oplevert een raadsenquête instellen voor een reconstructie.

Foto: Artikel ‘Uit liefde voor Armando; Relatie tussen directeuren speelt rol in verhuizing’ door Ton Voermans in het AD van 17 februari 2012.

Provincie Utrecht beantwoordt vragen over Armando Museum

with 8 comments

Update 16 juni: Een reactie zegt over onderstaand artikel: ‘Mooi stuk, geeft heerlijk inzicht in de bestuurlijke gang van zaken, Je hoeft later niet te reconstrueren waar het mis is gegaan.’  

Naar aanleiding van aandacht op dit blog voor de huisvesting van de Armando Collectie in Oud-Amelisweerd en het alternatief Fort Vechten stelde het Utrechtse statenlid Elly Broere (PVV) op 21 december 2011 vragen aan de gedeputeerde Cultuur Mariëtte Pennarts. Dit is gerubriceerd onder de naam De Ridder, de naam waarmee deze blogger naar buiten treedt. In de Statencommissie WMC van 9 januari 2012 antwoordt mw. Pennarts. Ik geef eerst de vragen en antwoorden die niet openbaar zijn in te zien, daarna mijn commentaar.

Vragen

  1. Welke argumenten spelen er om per se Armando museum in Oud-Amelisweerd onder te brengen?
  2. Welke alternatieven zijn onderzocht? Hoe hebben de bezwaren van de inwoners van Amersfoort mee gewogen, zij willen de collectie graag in Amersfoort houden. Waarom komt Fort Vechten niet in aanmerking.
  3. Wat vindt de gedeputeerde van alle bezwaren die volgens de heer De Ridder kleven aan het onderbrengen in Oud Amelisweerd en de voordelen van het alternatief Fort Vechten?
  4. Wat vindt de gedeputeerde van de bestuurlijke onzorgvuldigheid die volgens de heer De Ridder heeft plaatsgevonden.

Antwoorden

  1. De Provincie heeft geen initiërende rol gehad in de gesprekken en onderhandelingen tussen Gemeente Utrecht (eigenaar van Oud-Amelisweerd), de Stichting Armando Museum  Collectie, Stichting Amersfoort-in-C en Gemeente Amersfoort. De argumenten voor en tegen zijn mij dus niet exact bekend. Voor mij staat het belang voorop dat Oud-Amelisweerd als bijzonder monument een duurzame bestemming krijgt en dat het uitzonderlijk waardevolle Chinese behangsel voor een breed publiek te bezichtigen is. De nu voorgestelde museale bestemming voldoet aan deze eis en rechtvaardigt een provinciale bijdrage aan de noodzakelijke restauratie van de behangsels.
  2. De Provincie is niet op de hoogte van de alternatieven die door de betrokken partijen zijn onderzocht. De Gemeente Amersfoort heeft besloten haar steun aan het Armando Museum los te laten, als gevolg van een forse bezuiniging op Amersfoort-in-C, het samenwerkingsorgaan van vier Amersfoortse musea (Kade, Flehite, Mondriaanhuis en Armando Museum). In de Amersfoortse gemeenteraad zijn de voor- en nadelen afgewogen van deze keuze. De gemeenteraad, als vertegenwoordiger van de inwoners van Amersfoort, heeft hiermee recentelijk ingestemd.                                                                                                                                           Voor de inrichting van Fort Vechten zijn al in 2009 afspraken gemaakt over de bestemming en inrichting van het fort met Gemeente Bunnik, Staatsbosbeheer als eigenaar en de provincie als initiator. In januari 2010 werd de gunning van de exploitatie toegekend aan Nieuwland Holding. Op het Fort zal een Nationaal Liniecentrum komen, naast nog vele andere publieksactiviteiten zoals bijvoorbeeld een vleermuizencentrum. (zie voor meer informatie http://www.liniecentrumfortvechten.nl/plan.php ) Al deze plannen zullen zorgen voor een aantrekkelijke publieke bestemming waar vele verhalen verteld kunnen worden.
  3. Wat betreft de bezwaren van de blogger George Knight zoals in zijn blog van 14 november geformuleerd:  Oud-Amelisweerd zal met grote zorg aangepast worden aan de nieuwe openstelling voor publiek. De aandacht zal gevraagd worden voor respectievelijk de geschiedenis van het Huys en de tuin, de geschiedenis van de (deels) Chinese behangsels en het werk van de kunstenaar, schrijver en dichter Armando.  Er zal geen aantasting van de cultuurhistorische waarden van Oud-Amelisweerd plaatsvinden. De openstelling van Oud-Amelisweerd zal  de rust van het landgoed niet aantasten.  De Provincie draagt bij aan de restauratie van de behangsels  onder meer omdat Oud-Amelisweerd een publiekbestemming krijgt.                                                                                       Voor de inrichting van Fort Vechten zijn 2 jaar geleden afspraken gemaakt met de geworven beheersorganisatie, Nieuwland Holding. De Provincie en Staatsbosbeheer hebben daarmee verantwoordelijkheden voor bijvoorbeeld exploitatie overgedragen aan private organisaties. Wij zien het voorstel van de heer De Ridder daarom niet als een reële optie.
  4. GS heeft geen aanleiding om te veronderstellen dat er sprake is van bestuurlijke onzorgvuldigheden van de gemeente Utrecht of de gemeente Amersfoort. Wij zien niet in op welk moment wij zelf onzorgvuldig gehandeld zouden hebben. Vorige maand is PS akkoord gegaan met het verlenen van een restauratiesubsidie aan Oud Amelisweerd, juist onder de voorwaarde dat de nieuwe functies in dienst staan van het behoud van huis en interieur, Wij hebben van de Stichting en van de stad Utrecht begrepen dat het Armando Museum het gebouw Oud-Amelisweerd zal gebruiken met respect voor het gebouw en de behangsels. Ook zullen de aanpassingen aan het Huys  niet ten koste van de cultuurhistorische waarden gaan. Met deze voorgenomen bestemming zal een belangrijk en uniek erfgoed behouden kunnen blijven en (eindelijk) als publiek bezit opengesteld worden. Indien het voorstel van de heer De Ridder zou zijn gevolgd, zou de toekomst van Oud-Amelisweerd ongewis zijn. 

De antwoorden geven aan dat de provincie geen deelnemer was aan een inhoudelijk debat. Ze wijken niet af van die van de gemeente Utrecht zoals verwoord in een brief van 13 december 2011. De antwoorden komen erop neer dat er geen bezwaar bestaat tegen de huisvesting van de Armando Collectie in Oud-Amelisweerd. Een opstelling met weinig enthousiasme. Er blijkt nergens dat de huisvesting en de combinatie Armando-Chinees antiek behang een verrijking betekent voor cultureel Utrecht en daarom noodzakelijk is. Rini Dippel is vernietigend over de combinatie Armando-Amelisweerd evenals Lucia Alberts. Talloze andere experts op het gebied van cultureel erfgoed en museologie zijn gehoord, maar houden zich angstvallig stil met hun kritiek.

In de Utrechtse Statencommissie Wonen, Maatschappij en Cultuur van 3 oktober 2011 is bij het onderwerp Parelfonds besloten om per 2012 het accent van industrieel erfgoed naar de historische buitenplaatsen te verleggen. Utrecht kent er 270 waarvan het rijksmonument Oud-Amelisweerd met eigenaar gemeente Utrecht er een is. In haar antwoord creeërt gedeputeerde Pennarts misverstanden als ze stelt ‘dat de vestiging van het Armando museum in Amelisweerd onderdeel zal zijn van de subsidievoorwaarden, zodat restauratie daadwerkelijk gepaard gaat met opening voor het publiek’. Hiermee passeert ze de eigenaar als eerst verantwoordelijke en koppelt ze de subsidie niet aan de buitenplaats, maar aan een museale bestemming. Ze suggereert tevens dat het landhuis Oud-Amelisweerd nu of in de toekomst niet geopend zou zijn voor het publiek. Beheerder Centraal Museum legt uit dat er onderhoud plaatsvindt en er daarom tijdelijk minder bezoeken mogelijk zijn, maar dat het boeken van groepsrondleidingen ook nu mogelijk is. Opvallend is dat de provincie bij Oud-Amelisweerd de uitzondering maakt niet rechtstreeks subsidie aan de eigenaar te geven.

De provincie Utrecht houdt zich van alle bestuurslagen het meest afzijdig. Het zegt te zijn aangeschoven en niet bekend te zijn met argumenten voor en tegen huisvesting van de Armando Collectie in landhuis Oud-Amelisweerd. Als deelnemer aan de discussie zegt de provincie niet te weten of er alternatieven zijn onderzocht. Dit roept de vraag op hoe grondig de discussie was en hoe de besluitvorming tussen Amersfoort, Utrecht, Bunnik en de provincie is verlopen. Wanneer viel de politieke beslissing en waren bij het nemen van het besluit uitsluitend de politiek verantwoordelijken betrokken? Welke argumenten zijn er uitgewisseld?

Ook met betrekking tot Fort Vechten geeft de provincie aan dat haar rol bescheiden is. De provincie was initiator van een Liniecentrum, maar heeft de verantwoordelijkheid overgedragen en zegt nu geen invloed meer te hebben. Het oogt in mijn ogen ongerijmd om mijn voorstel om de huisvesting van de Armando Collectie in Fort Vechten te onderzoeken af te doen als niet reëel. De bestuurlijke gang van zaken impliceert namelijk niet dat huisvesting geen goed idee zou zijn. Met als ultiem argument dat er 20 miljoen in de projectorganisatie Fort Vechten beschikbaar is, 4 miljoen investeringen in Oud-Amelisweerd kunnen worden uitgespaard en ze kunnen worden samengevoegd. Voorwaarde is wel dat de provincie initiatieven neemt om de projectorganisaties open te breken. Die politieke wil ontbreekt overduidelijk. Overigens op 26 januari organiseert de Grontmij een fortensymposium in Fort Vechten over de herbestemming van militair erfgoed.

De antwoorden over de bezwaren tegen de huisvesting van de Armando Collectie in Oud-Amelisweerd gaan in op de voorwaarden. Daarmee gaan ze voorbij aan de kern van mijn kritiek. Wat geldt voor het onderbrengen van de Armando Collectie in Oud-Amelisweerd geldt eveneens voor talloze andere museale collecties. Ik pleit voor de optie om collectie en landhuis goed op elkaar aan te laten sluiten. Zoals dat bijvoorbeeld zou gelden voor een museum voor Chinoiserie, buitenplaatsen of antiek behang. Precies de kritiek van Rini Dippel en Lucia Alberts op het Museum Oud-Amelisweerd. Verder berust de opinie dat de openstelling van een museum met in 2016 40.000 bezoekers het cultureel erfgoed van het landhuis en de rust van het landgoed niet zal aantasten op de aanname dat het beheer en de bedrijfsvoering optimaal zijn. Dat valt te betwijfelen bij een organisatie die van vele kanten kritiek ondervindt op de onderbouwing van de exploitatiebegroting.

De bestuurlijke onzorgvuldigheid spitst zich toe op de bestuursopdracht die cultuurwethouder Lintmeijer aan directeur Jacobs van beheerder Centraal Museum gaf om een bestemming voor Oud-Amelisweerd te onderzoeken. Jacobs kwam vervolgens ‘toevallig’ bij zijn partner Ploum uit die ‘toevallig’ hoofd van het Armando Museum Bureau is. Veelbetekenend lijkt dat de GroenLinks gedeputeerde Pennarts hierin geen onzorgvuldig bestuur ziet van de GroenLinks wethouder Frits Lintmeijer. Vanuit de ethiek zou je verwachten dat een wethouder niet mee kan gaan met deze schijn van belangenverstrengeling. En dit voorstel van Jacobs op gronden van goed bestuur afwijst. Maar ook binnen de Utrechtse gemeenteraad of statenraad heerst blijkbaar koudwatervrees om belangenverstrengeling in het openbaar aan te kaarten. Ook bij de oppositie.

Verder bestaat de onzorgvuldigheid eruit dat er is gewerkt met een rookgordijn aan intenties, haalbaarheid en plannen. Lang voordat een formeel besluit gevallen was werd het hoofd van het Armando Museum Ploum telkens door directeur Jacobs in de gelegenheid gesteld om met betrokken wethouders en raadsleden in Oud-Amelisweerd in gesprek te gaan. Dit was geen toegevoegd lobbyen van Ploum, maar liep feitelijk parellel aan de politieke besluitvorming. Terwijl Ploums status dit niet toeliet en raadsleden en wethouders vanwege de bestuurlijke zorgvuldigheid haar onder genoemde omstandigheden niet hadden mogen spreken. Tevens werd de Amersfoortse ambtenaar Ploum in ambtelijke overleggen van de gemeente Utrecht met derden toegelaten zonder dat haar rol voor gesprekspartners duidelijk was en ze meer ruimte kreeg dan advisering alleen.

De opstelling van gedeputeerde Pennarts past in een verkeerde voorstelling van zaken die ook terug te vinden is bij de Utrechtse cultuurwethouder Lintmeijer en Amersfoort-in-C directeur Van Vulpen. Ze verdraaien de waarheid. Aantoonbaar onjuist is dat de huisvesting van de Armando Collectie een noodzakelijke voorwaarde is voor Oud-Amelisweerd. Pennarts zegt: Met deze voorgenomen bestemming zal een belangrijk en uniek erfgoed behouden kunnen blijven en (eindelijk) als publiek bezit opengesteld worden. Indien het voorstel van de heer De Ridder zou zijn gevolgd, zou de toekomst van Oud-Amelisweerd ongewis zijn. Hiermee gaat mw. Pennarts voorbij aan de kritiek op de combinatie Armando-Chinees behang, op het bestuurlijke traject dat geen alternatieven onderzocht en op het ontbreken van een gezond investerings- en exploitatieplan.

Ofwel, het voortbestaan van rijksmonument Oud-Amelisweerd is niet aan de vestiging van een Museum Oud-Amelisweerd gebonden. Het landhuis wordt al sinds 1990 door de gemeente Utrecht en het Centraal Museum zorgvuldig gerestaureerd. Door de bestuursopdracht kwam toevallig het Armando Museum in beeld. Zo ontstond een bestemming die niet ontstond door inhoudelijke noodzaak, maar vanwege persoonlijke contacten. Alternatieve locaties voor de Armando Collectie zijn nooit onderzocht en andere bestemmingen voor Oud-Amelisweerd zijn evenmin serieus onderzocht. Mijn voorstel is slechts om een bestemming te zoeken die beter bij het karakter van Oud-Amelisweerd past dan de huisvesting van de Armando Collectie.

Hoewel er de afgelopen anderhalf jaar in mijn ogen niet breed en zorgvuldig genoeg is gekeken door de Utrechtse politiek, kan men zich op het standpunt stellen dat men dan maar voortgaat op de ingeslagen weg. Met als voordeel dat het Utrechtse college niet beschuldigd kan worden van stilstand en dat het landhuis vanaf 2016 mogelijk 40.000 bezoekers trekt. Is dit glas halfvol of halfleeg? De nadelen zijn groot. De combinatie van Oud-Amelisweerd en Armando is niet ideaal en het bedrijfsmodel van een Museum Oud-Amelisweerd moet om economische redenen zwaar opgetuigd worden en wordt zo een doel op zichzelf. Inclusief de werkgelegenheid van de staf van het Armando Museum Bureau waar het om draait. Een kleinschalige, flexibele museale bestemming past om redenen van infrastructuur en cultureel erfgoed beter bij Oud-Amelisweerd.

Foto: Trappenhuis provinciehuis Utrecht.

Amersfoort-in-C verdraait waarheid over Oud-Amelisweerd

with 9 comments

Marco van Vulpen is sinds oktober 2010 directeur van Amersfoort-in-C als opvolger van Gerard de Kleijn die nu directeur van museumgoudA is. Sinds 1 september 2011 is-ie in vaste dienst. Evenals De Kleijn is Van Vulpen geen man van de praktijk die het vak in een museum geleerd heeft, maar een bestuurder en beleidsambtenaar. Verschil met De Kleijn is trouwens dat Van Vulpen goed geschoold is in de kunstvakken.

In een interview met John Spijkerman in De StadAmersfoort.nl verdedigt Van Vulpen zijn beleid. Hij legt uit dat vanwege economische motieven Amersfoort wilde bezuinigen op cultuur en een van de vier instellingen voor beeldende kunst wilde sluiten. Dat werd niet KAdE, maar het Armando Museum. Hij verantwoordt die keuze alsof Oud-Amelisweerd zich in de zomer van 2010 als toevallig alternatief aandiende.

Daarmee gaat-ie voorbij aan de bestuursopdracht die wethouder Lintmeijer aan CM-directeur Jacobs gaf en die deze bij Yvonne Ploum deed uitkomen. Zijn partner en leidinggevende van het Armando Museum Bureau. Van Vulpen voegt toe: ‘Landgoed Oud Amelisweerd stond al decennialang te verkrotten en te verpieteren.’

Dit is om meerdere redenen een onhandige uitspraak. Hiermee suggereert Van Vulpen dat de beheerder Centraal Museum sinds 1990 haar beheerstaak heeft verwaarloosd. En dat opeenvolgende Utrechtse cultuurwethouders en de provincie Utrecht dit hebben laten gebeuren. Ook spreekt-ie hiermee de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed aan dat een rijksmonument zou laten verkrotten. Niets is minder waar. Sinds 1990 is er aanzienlijk kunsthistorisch onderzoek en restauratiewerk verricht in Oud-Amelisweerd.

De uitspraak van Van Vulpen past in een patroon van bestuurders die de waarheid over Oud-Amelisweerd verdraaien. Inclusief wethouder Lintmeijer. Niet onmogelijk is overigens dat bestuurders als Van Vulpen en Lintmeijer werkelijk niet weten waarover ze praten. In elk geval zoeken ze een verantwoording achteraf voor de onlogische huisvesting van de Armando Collectie in het rijksmonument Oud-Amelisweerd.

Verder kan Van Vulpen zich voorstellen dat er verschillend gedacht wordt over de levensvatbaarheid van het ondernemingsplan voor het Armando Museum. Hij vindt het niet eerlijk dat het een slecht ondernemingsplan wordt genoemd omdat ‘verschillende fondsen budget beschikbaar [hebben] gesteld voor dit plan‘. Da’s waar, aan elke fondsenwervende instelling worden fondsen beschikbaar gesteld. Maar de vraag is of er voldoende fondsen beschikbaar komen voor de investeringen en exploitatie. Da’s niet het geval, er resteren nog steeds aanzienlijke tekorten. Daarom is het eerlijk om over een slecht ondernemingsplan te spreken.

De volgende uitspraak doet het ergste vrezen over het beheer van het Culturele Erfgoed dat ‘gek’ genoemd wordt: Het wordt een totaal nieuw museum Oud Amelisweerd in die setting van dat landgoed met die ‘gekke’ bijzondere Chinese behangsels. Dat wordt een bijzondere museale propositie op een plek die nu al publieksattractie nummer 1 is. Van Vulpen volgt een kwantitatieve benadering en projecteert bezoekscijfers van de landgoederen op een nieuw museum. Da’s een zwaktebod omdat het niets zegt over de toegevoegde waarde van de Armando Collectie voor Oud-Amelisweerd. Marco van Vulpen zou beter moeten weten.

Foto: Geglazuurd aardewerk van Feng Huang door Koninklijke Tichelaar Makkum. Op tentoonstelling ‘Vechtende Krekels‘ van Harmen Brethouwer, Oud-Amelisweerd 1999.

Utrecht komt met tegenstrijdige brief over Oud-Amelisweerd

with 9 comments

Het Utrechtse college ziet weinig bezwaren tegen Amersfoort-in-C als museale exploitant van landhuis Oud-Amelisweerd. In een brief aan de commissies Stad & Ruimte en Mens & Samenleving stelt het college dat Amersfoort-in-C aan de gestelde voorwaarden voor exploitatie kan voldoen. De brief besteedt meer woorden aan het mislukken dan aan het slagen van Museum Oud-Amelisweerd. Er wordt zelfs een terugvaloptie geschetst voor het geval het museum failliet gaat. Dan komt het Centraal Museum in beeld.

De brief mist enthousiasme. Het lijkt te zeggen: ‘het moet omdat het formeel kan‘. Nergens zegt het: ‘het kan omdat het moet en wij er achter staan‘. Ambtelijke details over de procedures krijgen aandacht, maar de aanname dat een museum minimaal 30.000 bezoekers zal trekken wordt niet onderbouwd. Evenmin gebeurt dat elders. Maar da’s de crux. ‘Een goed onderbouwde exploitatiebegroting’ stelt Utrecht in de brief van 31 mei als voorwaarde. Afgelopen jaren haalde het Armando Museum tussen de 5.000 en 12.000 bezoekers.

Er is geen goed onderbouwde exploitatiebegroting en de brief geeft dat zelfs toe. Ondersteunend voor deze observatie is dat in het debat in de Amersfoortse raad tussen partijen consensus bestond over het ontbreken van een gezonde exploitatiebegroting. Waarom neemt het Utrechtse college dan haar eigen scherp geformuleerde voorwaarde uit de brief van 31 mei niet serieus? Het lijkt erop dat politieke besluitvorming de zakelijke overwegingen overstemt. Het motief van dit complexe project tussen vele partners.

Merkwaardig is trouwens dat de brief spreekt over Amersfoort-in-C als exploitant, terwijl volgens de planning de exploitatie per 1 januari 2012 overgaat naar Museum Oud-Amelisweerd. En het Amersfoortse college heeft haar raad toegezegd dat de bemoeienis van Amersfoort-in-C met een nieuw op te richten museum stopt. Het is een raadsel waarom het Utrechtse college toch Amersfoort-in-C als toekomstige exploitant noemt.

Het volgende tekent de minimale relatie: De Stichting Amersfoort in C heeft zich in 2010 aangeboden als de mogelijk museale exploitant van het ensemble door in het landhuis onder andere de Armandocollectie te exposeren. Hoe kwam Amersfoort-in-C op het juiste moment langs om zich ‘aan te bieden’? Heeft wethouder Lintmeijer andere partijen uitnodigd zich ‘aan te bieden’? En loopt dat toevallige ‘aanbieden’ samen met de inhoudelijke noodzaak voor de huisvesting van de Armando Collectie in het 18de eeuwse zomerverblijf Oud-Amelisweerd? De vraag wordt slechts in procedurele zin gesteld. Een antwoord ontbreekt hoe dan ook.

De brief grossiert in normatief weergegeven feiten omdat ze in een plaatje moeten passen. Da’s in lijn met de besluitvorming die van intentie naar haalbaarheid en procesplanning hobbelt. Met als minimalistische conclusie dat het dan maar moet omdat er niets tegen is. De vraag of Utrecht met dit nieuwe museum de stad en haar inwoners de optimale bestemming aanbiedt wordt genegeerd. De brief geeft geen kern van zekerheid en het college wil zich niet committeren. Het suggereert zelfs visie door tegenwerpingen die het voor de vorm inlast. Bunnik gaat over de vergunningen, misschien is daar een zinvolle brief in voorbereiding.

Foto: Antiek Chinees behang Oud-Amelisweerd

Wethouder Lintmeijer wordt bij Oud-Amelisweerd niet aan goed bestuur gehouden

with 8 comments

Bij het stukje Rini Dippel vernietigend over Armando Museum in Oud-Amelisweerd vroeg Ruudt me: Zou het er mee te maken hebben dat mevrouw Ploum is bevriend met de directeur van het Centraal Museum? Dat aspect van belangenverstrengeling is op dit blog al meerdere malen genoemd. Ook door bezoekers. Ik merkte bij mezelf schroom om over personen te praten. Hoewel ik dat uiteindelijk deed omdat ik anders geen argumenten kon onderbouwen. Mijn eigen weerstand verklaart wellicht de weerstand bij het openbaar bestuur om dit aspect in het openbaar te bespreken. Reden waarom de kern van de zaak ongenoemd blijft:

U bedoelt dat ze als man en vrouw samenleven. Dat heeft er alles mee te maken. Hoewel de lokale politiek onwelwillend is om dat hardop te zeggen. Want raadsleden en wethouders mogen niet spreken over specifieke ambtenaren. Op zich een verdedigbaar principe. Maar zo ontstaat wel een bestuurlijk gat. Want als je geen man en paard kunt noemen blijft het een abstract debat dat nooit scherp wordt.

In zekere zin voel ik hier dezelfde weerstand om namen te noemen. Want mij gaat het evenmin om de persoon. Maar omdat functies en personen samenvallen kun je een functie alleen aanspreken door het over de persoon te hebben. Zo is het nu eenmaal gelabeld. Maar kritiek op een persoon die een publieke functie inneemt wil niet zeggen dat je de persoon onsympathiek vindt of de persoon zijn of haar functie niet gunt. Als criticus moet je je daaroverheen zetten en persoon en functie loskoppelen. Om zakelijke kritiek te uiten.

Volgens mijn informatie is het volgende gebeurd. Een goed jaar geleden gaf de Utrechtse cultuurwethouder Frits Lintmeijer een bestuursopdracht aan de directeur van het Centraal Museum, Edwin Jacobs. De opdracht bestond eruit om een bestemming voor landhuis Oud-Amelisweerd te zoeken. De wethouder verkeert in de verkeerde voorstelling van zaken dat het al sinds 1990 min of meer gesloten is. Het omgekeerde is waar. En met het oog op de Vrede van Utrecht 2013 en Culturele Hoofdstad 2018 wil-ie scoren met iets tastbaars.

Uiteindelijk komt directeur Jacobs bij zijn partner Yvonne Ploum uit. Ik weet niets eens wat haar functie officieel is, projectleider, conservator, zakelijk leider, waarnemend of gewoon directeur van het Armando Museum Bureau. Of iets daar tussen in. En beoogd directeur van een nieuw op te richten Museum Oud-Amelisweerd. Hoewel ik aanneem dat er bij een statutenwijziging een open procedure komt voor een directeur van dat nieuwe museum. Maar wie de commissies op de hand heeft staat uiteraard ijzersterk.

Eigenlijk neem ik het Jacobs en Ploum niet kwalijk dat ze bij elkaar uitkwamen. Alleen, als ze elkaar niet hadden gekend, dan was Jacobs nooit bij Ploum uitgekomen. En had het Armando Museum nooit het oog op Oud-Amelisweerd laten vallen. Ofwel, inhoudelijke noodzaak ontbreekt. Dat is door betrokken bestuurders continu onder het tapijt geveegd. Er is nooit een echt debat over de inhoud gevoerd. Alleen over procedures.

De combinatie van Armando Collectie en Oud-Amelisweerd mist logica en getuigt voor velen van een verschrikkelijke lelijkheid. In elk geval beweert niemand dat de combinatie synergie, meerwaarde oplevert. De aparte delen zijn sterk, maar verzwakken elkaar in de combinatie eerder dan dat ze elkaar versterken.

Ik neem het Frits Lintmeijer kwalijk dat-ie met dit voorstel van Jacobs instemde. Hij was te lichtzinnig. Ik begrijp nog steeds niet wat de wethouder bezielde om dat te doen. Dat had-ie in mijn ogen nooit mogen doen. En mocht-ie volgens de code van goed bestuur ook helemaal niet doen. Maar toch heeft-ie het gedaan.

En wat doet de Utrechtse gemeentepolitiek? Die zwijgt en laat het gebeuren. Dat het voor raadsleden een brug te ver is om de ambtenaar Jacobs rechtstreeks te benoemen of te kritiseren begrijp ik. Ik voel dezelfde gêne. Maar dat raadsleden die het openbaar bestuur moeten controleren Frits Lintmeijer hierover niet eens aan de tand voelen kan ik niet billijken. Da’s de enige reden waarom raadsleden daar zitten. En juist datgene dat verlangd wordt en wat in de lijn der verwachting ligt laten de raadsleden na. Ook die van de oppositiepartijen.

Dus om de vraag opnieuw te beantwoorden. Ja, het heeft er inderdaad mee te maken dat mevrouw Ploum de partner is van de directeur van het Centraal Museum. Maar het is de aanleiding die nooit tot gevolgen had mogen leiden. De bestuurlijke fouten over Oud-Amelisweerd zijn niet door Ploum en Jacobs gemaakt, zij hebben gewoon de liefde gevolgd, maar door Frits Lintmeijer. En in tweede instantie door de Utrechtse raadsleden die het blijkbaar lastig vinden om dit onderwerp van ‘good governance’ en ethiek op gepaste wijze bespreekbaar te maken. Omdat ze niet weten hoe ze het aan moeten pakken laten ze het maar rusten.

Foto: Gerard van Honthorst, De Koppelaarster, 1625. Collectie Centraal Museum. Credits: Ernst Moritz

Wethouder Lintmeijer verdraait waarheid over Oud-Amelisweerd

with 7 comments

In het verslag van de begroting Commissie Mens & Samenleving van de Utrechtse gemeenteraad op 24 en 26 oktober suggereert cultuurwethouder Frits Lintmeijer dat landhuis Oud-Amelisweerd 20 jaar op slot zit (p.48): Het college wil graag dat oud-Amelisweerd een functie krijgt. Het is zonde dat een gebouw met daarin een kostbare collectie, 20 jaar op slot zit. Hier wordt een gebouw niet beter door. Spreker zou graag zien dat de museale functie van dit gebouw weer vorm en inhoud krijgt. Om deze reden wordt het pand opgeknapt en geschikt gemaakt voor een grotere bezoekersstroom. Het verslag kwam op 18 november beschikbaar.

Lintmeijer heeft het mis, want Oud-Amelisweerd is sinds 1990 toen het onder beheer van het Centraal Museum kwam niet op slot gegaan, maar juist geopend. Door kleinschalige presentaties, rondleidingen en eettafels. Tegelijk vond er een grondige restauratie plaats die wetenschappelijk onderzoek vereiste. Zijn bewering ‘Om deze reden wordt het pand opgeknapt en geschikt gemaakt voor een grotere bezoekersstroom’ is onjuist. Oud-Amelisweerd wordt niet geschikt gemaakt voor een grotere bezoekersstroom, maar gerestaureerd. Hoewel meer bezoek uiteindelijk een gevolg kan zijn was dat niet de reden voor de restauratie.

Het valt een wethouder niet kwalijk te nemen dat-ie niet alle details kent, hoewel-ie hiermee de raadsleden verkeerd informeert en op het verkeerde been zet. De wethouder kan de recente geschiedenis van Oud-Amelisweerd uit eigen ervaring niet kennen. Ongelukkig is dat informanten hem verkeerd inlichten. Hoewel het mogelijk is dat de wethouder goed geïnformeerd is door ambtenaren van beheerder Centraal Museum of Culturele Zaken en slecht luistert. Maar da’s niet logisch. Want waarom zou hij in het openbaar de waarheid geweld aandoen? Daarom valt de verkeerde voorstelling van zaken voornamelijk zijn ambtenaren te verwijten.

Is het erg? Ja, want Lintmeijer bouwt zijn argumentatie op deze verkeerde voorstelling van zaken. Met voorbijgaan aan de restauratie en de kleinschalige openstelling gedurende 20 jaar redeneert-ie dat Oud-Amelisweerd nu gegund moet worden aan het Armando Museum. Lintmeijer heeft directeur Edwin Jacobs van het Centraal Museum vorig jaar een bestuursopdracht gegeven om een bestemming te zoeken voor Oud-Amelisweerd. Jacobs kwam vervolgens uit bij zijn partner Yvonne Ploum van het Armando Museum. Dat probeert Lintmeijer tegen beter weten in nu recht te praten door in commissie de waarheid te verdraaien.

Foto: Zomerverblijf Oud-Amelisweerd, Bunnik