Shaun King heeft kritiek op witte Jezus, maar laat de ongeloofwaardigheid van het christendom ongemoeid

Het is goed verdedigbaar om het gevestigde christendom een conservatieve en zelfs ietwat achterlijk en gesloten wereldbeeld te verwijten. Religie bevat per definitie idiote en lachwekkende uitgangspunten en elementen. Dat begint al bij de ontkenning dat religie een menselijke constructie is, terwijl er geen bewijs en logische verklaring voor is dat het aan iets anders ontsproten is dan het menselijk brein. Wie de inschatting maakt dat religie nou eenmaal malligheid, stompzinnigheid en nep is, kan het met tolerantie aanvaarden zoals het is. Religie moet niet langs de lat van de redelijkheid gelegd worden. Religie is een bloedserieus sprookje dat eigen regels schrijft en in zichzelf verkeert. Bij religie hoort schouderophalen. In een open, pluriforme samenleving heeft iedereen recht op een eigen domein, dat geldt ook voor degenen die een religie belijden.

Daarom is de tweet van de Amerikaanse links-radicale activist en BLM-aanhanger Shaun King zo onbenullig omdat hij logica zoekt in een onlogisch systeem. Dat zal hij niet vinden. Hij is van mening dat de fresco’s, standbeelden en glas-in-lood ramen met een witte Jezus ontmanteld moeten worden. Want Jezus zou wit gemaakt zijn en daardoor een symbool van wit racisme zijn. Ja, uiteraard, wie had het anders verwacht? De macht schrijft de verhalen. De macht vormt de constructie. De witte macht maakt helden wit. Ook als Shaun King gelijk heeft, dan is het vergezocht dat hij in een in de kern ongeloofwaardig systeem één element als ongeloofwaardig aanwijst. Het is krom dat hij uitsluitend vraagtekens zet bij één element van het christendom dat hij ongeloofwaardig acht, namelijk de huidskleur van Jezus, maar alle andere ongeloofwaardige elementen ongemoeid laat. Als hij rechtlijnig was, dan zou hij niet uitsluitend de uitingen van een witte Jezus, maar het hele christendom ontmantelen. Bij het oud vuil zetten als een breedopgezet systeem van onderdrukking.

Nog op een andere wijze is King dom bezig en lijkt hij zijn eigen profilering voor het landsbelang te zetten. Want hij geeft in een verkiezingsjaar voeding aan de culturele oorlog die president Trump zo graag wil voeren. Het is bekend, Trump heeft zo ongeveer op alle belangrijke beleidsterreinen gefaald: de gezondheidszorg, de buitenlandse politiek, migratie, een betrouwbare overheid, een solide rechtsstaat en binnenlandse veiligheid. De enige troef die Trump bij gebrek aan resultaten om op te pochen nog uit kan spelen is het motiveren van zijn achterban van zo’n 40% van de bevolking met verhalen over het belang van het christendom en de witte bevolkingsgroep die onder druk zou staan. Precies daar geeft King voeding aan. Het lijkt er sterk op dat hij als Sanders-aanhanger en met de rugwind van de BLM-beweging aan het doorslaan is. Met zo’n vijand als Shaun King heeft Trump geen vrienden meer nodig. King is de zoveelste zwetser die politiek en religie combineert.

Foto: Tweet van Shaun King, 22 juni 2020.

Doel en middelen van actiegroepen ‘De Grauwe Eeuw’ en ‘Helden van Nooit’ in tijden van anti-Trumpisme en ‘Black Lives Matter’

I. In de jaren 2016-2018 voerde actiegroep De Grauwe Eeuw actie tegen het standbeeld van Jan Pietersz Coen in Hoorn, kunstencentrum Witte de With in Rotterdam en de Nationale dodenherdenking in Amsterdam.

Ook De Grauwe Eeuw wilde zenden en niet in debat gaan. Het opereerde anoniem. Net als bij de Helden van Nooit ging het om een splintergroep. Het is aannemelijk dat Helden van Nooit een voortzetting, afsplitsing of doorstart van De Grauwe Eeuw is. Dat kan beperkt zijn tot de betrokkenheid van enkele individuen.

II. Identiteitspolitiek is kernzaak van actiegroepen als De Grauw Eeuw of Helden van Nooit. Identiteitspolitiek is makkelijk en het naar voren brengen als verschijnsel vergt weinig kennis over geschiedenis, economie of maatschappij. Identiteitspolitiek is vakantie van de echte politiek. Identiteitspolitiek is gemakzucht. Praten over identiteitspolitiek valt de gevestigde orde niet in de kern maar aan de oppervlakte aan. Het onderschrijft die juist. Via een omweg, die de activisten van De Grauwe Eeuw en Helden van Nooit blijkbaar niet doorzien.

Door zich over identiteit een moralistisch oordeel toe te eigenen en dat tegelijk anderen te ontzeggen menen radicalen straffeloos het centrum onder vuur te kunnen nemen. Zelf leggen ze geen verantwoording af. Aan wie zouden ze dat moeten doen? Aan hun eigen geweten? Leden van De Grauwe Eeuw en Helden van Nooit opereren anoniem als vrijschutters van de publieke opinie. Er bestaat onzekerheid over of ze de standpunten van anderen voor wie ze zeggen op te komen projecteren of dat ze oprecht spreken namens degenen die ze claimt te zijn. Het is dus oncontroleerbaar hoe gemeend en vrij van bijbedoelingen hun standpunten zijn.

III. Radicalen wanen zich in hun zelfbeeld de helden die in naam van een ideaal alles mogen zeggen en kunnen doen vanwege de omstandigheden die de uitzonderingstoestand zouden rechtvaardigen. Dat wil zeggen, voor henzelf, niet voor de vertegenwoordigers van de staat of hun politieke opposanten. Die moeten zich aan de regels van de rechtsstaat houden. Radicalen niet. Een open debat wordt vermeden omdat dat burgerlijk en achterhaald zou zijn. Zo werkt de bunkermentaliteit van radicalen die geen tegenspraak veelt.

IV. Het is begrijpelijk dat actiegroepen als De Grauwe Eeuw of Helden van Nooit de bewustwording over het kolonialisme, de slavernij, het racisme en maatschappelijke ongelijkheid willen vergroten. Dat is hard nodig. Dat kan mee begonnen worden door aanpassing van het onderwijsprogramma. Het is de vraag of de beste manier om de bewustwording te vergroten het bekladden van standbeelden, instituties en straatnaambordjes is en het herschrijven van de geschiedenis. Het is een strategie die averechts kan uitpakken. Dus ja, geef informatie over wat er fout was aan het kolonialisme en de mentaliteit die dat mogelijk maakte, maar nee, probeer dat niet te forceren door het ‘creatief’ aanpakken van de symbolen ervan. Dat verplaatst de aandacht naar bijverschijnselen die afleiden van de hoofdzaak. Want de macht daarachter blijft ongemoeid. En geeft de tegenstanders onnodig munitie om de ‘goede zaak’ dwars te zitten. Daar schiet niemand iets mee op.

Het is goed dat de discussie over racisme, neo-kolonialisme of slavernij wordt gevoerd. Maar dat debat vraagt om zorgvuldigheid en de effecten ervan moeten de hele bevolking meenemen. Verbreding van het debat is de uitdaging. De valkuil is dat het tegenkrachten oproept die zich verzetten zodat het onderwerp gepolitiseerd wordt. Een radicale opstelling kan zinvol zijn om een debat te agenderen, maar het is stukken lastiger om vervolgens een meerderheid van de bevolking mee te krijgen voor verandering. Daar is het toch om te doen?

Foto 1: ‘De sokkel van JP Coen heeft een VOC-logo met strop gekregen en er is ‘Genocide’ op gespoten. (Foto HMC / Eric Molenaar)’. In het Noordhollands Dagblad, 25 oktober 2016. Opgeëist door actiegroep ‘De Grauwe Eeuw‘.

Foto 2: De bekladding op het beeld van Piet Hein, 12 juni 2020 RIJNMOND. Opgeeist door actiegroep ‘Helden van Nooit’. 

Nogmaals ‘Monarchie hoort in het museum. Laat daarom de Gouden Koets rijden’. Een storm van ongenoegen wacht de instituties

I. Er staan op Petities.nl drie tamelijk brave petities met de strekking dat de gouden koets naar een museum moet. Zie hier, hier en hier. Maar als dat idee geïsoleerd wordt, dan heeft het weinig betekenis. De petities houden zich in en lijken niet te weten hoever ze durven gaan. Ze hebben kritiek op de gouden koets en het kolonialisme, maar dat zijn makkelijke voor de hand liggende symbolen. Want onderhand is een meerderheid tegen het kolonialisme en de symbolen daarvan, zoals standbeelden en zoiets als een gouden koets.

Daarnaast wenden de petities zich tot de Tweede Kamer dat het focuspunt van de gevestigde orde is. Dat soort onderdanigheid is niet de manier waarop een protest van onderop behoort te werken. Nu is het het moment om verder te denken. Niet de symbolen, maar het systeem van de ongelijkheid en het onrecht ofwel de machtsstructuur dient aangepakt te worden vanwege de rugwind van de protesten. Wie doordenkt komt uit bij de slotsom dat het Nederlandse koninklijk huis naar het museum moet. Dan pas krijgt het protest smoel.
 

II. In 2015 schreef ik het commentaarMonarchie hoort in het museum. Laat daarom de Gouden Koets rijden’:
‘Er is iets opvallends aan de hand met het opinieartikel van Joris Hanse voor Joop.nl. Niet hij, maar de reageerders trekken de ultieme consequentie uit zijn woorden. Ze pleiten voor afschaffing van de structuur achter de Gouden Koets: de monarchie. Hanse redeneert vanuit de haalbaarheid van de praktische politiek. Hij laat het bij het pleidooi om de Gouden Koets als symbool ‘voor al het leed dat Nederland in vier eeuwen overzee heeft aangericht’ naar het museum te verplaatsen. Op Prinsjesdag rijdt de koning in de Gouden Koets naar de Ridderzaal waar hij de troonrede uitspreekt. Het is de opening van het parlementaire jaar.

Waar Hanse doet aan symboolpolitiek door alleen de Gouden Koets aan te pakken gaan de reageerders verder: ‘Word het niet eens tijd dat het 110 miljoen kostende sprookje ook richting museum verdwijnt en een replica van WILLEM de overbodige bij het wassenbeelden museum voor de genen die zo nodig moeten zwaaien’, zegt Ton de Vries. Olav Meijer meent: ‘Natuurlijk hoort de gouden koets in een museum, net zoals het koningshuis zelf’ en Anja Lodewijks is consequent: ‘Daarom doe de koning in het museum, dan gaat de koets vanzelf mee.’ Eric Minnens koppelt juist monarchie en Gouden Koets los: ‘Anders gezegd: het is gemakkelijker een nieuwe koets aan te schaffen dan de monarchie af te schaffen.’ Het museum als opslag voor het ongewenste.

Er zijn vier opties: 1) Schaf de Gouden Koets (GK) af en de monarchie (M) niet; 2) Schaf GK en M af; 3) Schaf GK niet af en M wel; 4) Schaf GK en M niet af. Optie 3 vervalt omdat het onlogisch is een symbool te laten bestaan van een monarchie die afgeschat wordt. Optie 1 waar ook Joris Hanse voor pleit is een polderoplossing die de verschijningsvorm aanpast, maar de machtsstructuur erachter ongemoeid laat. Optie 4 is een voortzetting van de bestaande situatie. Optie 2 is de radicale oplossing die zowel symbool (GK) als structuur (M) aanpakt.

Hanse heeft gelijk met zijn opstelling omdat de macht van de monarchie op dit moment te sterk is om deze af te schaffen. Politieke partijen zien dat de pro-monarchistische krachten te sterk zijn en doen nu geen moeite om in principiële Republikeinse standpunten te investeren. Ik kwam in 2011 in een blogposting tot een exact tegenovergesteld standpunt als Hanse: ‘Het gevolg van de discussie rond het linkerpaneel van de Gouden Koets is dat links en rechts zich verschansen in de loopgraven. En dat het Koninklijk Huis opnieuw onderwerp van discussie is geworden.’ Anders gezegd, wie voor afschaffing van de monarchie is moet de Gouden Koets niet afschaffen, maar die als antireclame voor de monarchie juist laten blijven rijden. Leve de Gouden Koets!’

 
III. De politieke afweging van de zomer van 2020 is of de macht van de monarchie nog steeds sterk genoeg is om niet ter discussie gesteld te worden. Hoe dan ook werken deze halfslachtige petities die verzoeken om de gouden koets naar het museum te rijden averechts omdat ze niet de macht, maar slechts de symboliek van de macht aanpakken. In reactie op een FB-post van Tjebbe van Tijen (zie ook dit commentaar uit 2013 over de bibliotheek van het Tropeninstituut) schreef ik het volgende: ‘Mee eens Tjebbe. Laten we gelijk schoon schip maken en die hele Nederlandse koninklijke familie naar het museum overbrengen. Maar ik ben het er niet mee eens om de standbeelden in het water te gooien. Die kunnen ook naar het museum. Probleem is namelijk waar het opruimen stopt. Wie weet is er een radicale factie te vinden die mensen als Nelson Mandela, Rudolf Thorbecke of Anton de Kom om welke reden dan ook bij het oud vuil wil zetten. Interessant is de positie van het management van het Tropenmuseum of het NMVW dat zich afgelopen jaren zo politiek correct heeft gedragen. Gaan zij de storm doorstaan of radicaliseren ze nog verder richting politieke correctheid?’

Foto: Koning Willem-Alexander in de Gouden Koets, Prinsjesdag 2013.

Broddelend en kletsend vervreemdt RT zich van oude bondgenoten. Het claimt dat de publieke opinie de journalistiek van de VS bepaalt

Dit item van het door de Russische Federatie gecontroleerde RT (Russia Today) is van een groteske onbeschaamdheid. Het geeft inzicht in de eenzijdige werking van dit soort staatspropaganda. In de Russische Federatie worden media onder controle gebracht zoals Eva Cukier in een artikel in NRC reconstrueert voor de zakelijke kwaliteitskrant Vedomosti, maar dat wordt op RT genegeerd. In de Russische Federatie wordt de vrije pers gemuilkorfd, opgekocht of gesloten. Vanwege een verbod van hogerhand om er verslag van te doen zal er in de staatsmedia nooit kritiek op klinken. Zoals kritiek op de politieke leiding in het Kremlin eveneens taboe is. Maar kritiek op anderen mag ongehinderd klinken. Daartoe heeft RT een staf van medewerkers die niet vanwege hun objectiviteit en hun vrijheid van denken zijn geselecteerd, maar vanwege hun bereidheid om de politieke agenda van het Kremlin te dienen. Caleb Maupin is een belangrijke Amerika-reporter van RT.

Met dit item is iets opmerkelijks aan de hand omdat het niet geheel past binnen de methode van zenders als RT of Sputnik. Of dit betekent dat de Russische staatspropaganda verrast is door de snelle opkomst van de anti-racismebeweging in de VS is de vraag. Het is mogelijk dat de BLM-beweging, die zo succesvol is dat het op dit moment publieke steun heeft van meer dan 2/3de van de bevolking, zelfverzekerd én berekenend genoeg is om afstand te nemen van de toch marginale steun van de Russische staatspropaganda. Die steun is een doodskus omdat het de publieke steun van vooral middengroepen in eigen land in gevaar kan brengen. RT is uitgemanoeuvreerd door de omstandigheden. Zo wordt het nu nog meer een platform van meelopers, ideologische hardliners, onervaren journalisten, buitenbeentjes en uitgerouleerde publieke figuren.

Het idee van RT is om kritiek op het Westen te laten klinken en een beeld van verdeeldheid te verspreiden. Dat kan het niet doen door het zelfcorrigerend mechanisme van de Amerikaanse democratie en journalistiek te prijzen. Daarom zet het er een beeld van een eigen werkelijkheid voor. Een zetstuk van misleiding. Het gaat in de kern om de houdbaarheid van het aloude idee dat journalistiek twee kanten belicht. Dat zogenaamde bothsidesism wordt in het tijdperk van Trump die de leugen als politiek instrument gebruikt steeds meer als een groot probleem gezien. Want wat is de zin voor de media om op een objectief-neutrale manier verslag te doen van de aantoonbaar misleidende uitspraken van president Trump? Want zo wordt niet een evenwichtig beeld van tegenstellende standpunten gegeven, maar ontstaat een valse balans waarbij in gelijke mate verslag wordt gedaan van informatie en desinformatie. Dat kan niet de bedoeling zijn van journalistiek die informeert.

Tijdens de opkomst van de BLM-beweging zijn zoals het verslag zegt enkele journalisten ontslagen vanwege ontbrekende fijngevoeligheid of in het geval van The New York Times een controversieel opiniestuk van senator Tom Cotton dat het gebruik van geweld tegen demonstranten verdedigde. Critici binnen de krant zeiden dat het nooit geplaatst had mogen worden. Niet omdat Cotton een politieke mening verkondigde, maar omdat hij een mening gaf die in strijd was met de grondwet. Caleb Maupin reduceert deze voorbeelden tot zijn frame dat de journalistiek in lijn moet zijn met de demonstranten. Maar dat is onzin en gaat voorbij aan de autonome positie en pluriformiteit van Amerikaanse media. Het wordt er lachwekkend op als Mapuin claimt dat een zogenaamde activistische journalistiek wel eens gevaarlijker zou kunnen zijn dan staatscensuur. Het is duidelijk dat hij de Russische staatscensuur in bescherming neemt. Opvallend is om dit betoog te kunnen onderbouwen de zwarte links-radicale tegenbeweging die vanouds welwillend door RT werd bejegend en er een bondgenoot van was, wordt bekritiseerd omdat het de Amerikaanse journalistiek onder druk zou zetten.

Lionel maakt als een digitale tovenaar het betoog af met zijn complotdenken en vreemde handbewegingen. Hij draait de werkelijkheid 180 graden om. Hij suggereert dat de demonstranten die de samenleving en het perspectief van de media willen helpen verbreden de publieke opinie juist inperken. Daar zijn echter geen aanwijzingen voor. Ze eisen gewoon hun recht op dat hun tot nu toe ontzegd werd. Dat is emancipatie. Bij de stembus, de publieke opinie en in de economie. Lionel maakt net als Mapuin een stilzwijgende verwijzing naar de situatie in de Russische Federatie als hij zegt dat de Amerikanen zo geconditioneerd zijn dat ze niet eens meer weten hoe hun vrijheid ven meningsuiting ingeperkt is. Dit is een neerbuigende houding naar het Amerikaanse volk dat dom en onwetend zou zijn. Denkt RT met z’n belediging de ziel van de Amerikanen te kunnen winnen? RT speelt met charlatans als Lionel duidelijk niet in de eredivisie van de journalistiek, maar in de laagste divisie waar kneusjes die over hun hoogtepunt heen zijn een tweede kans krijgen om hun clichématige kunstjes te vertonen. Het is de vraag of RT wel beseft dat deze kletskoek als satire en cult wordt gezien waar het vreselijk lachen om zou zijn als het niet zo intens treurig, selectief, onwaarachtig en vals was.

Controversiële kunst in Florida. ‘The Face of MLK’ van Jerry Sparkman verwijderd na politieke druk. Censuur of vrijheid?

Een controverse over kunst in Newtown (Sarasota) in Florida. Architect Jerry Sparkman heeft onder druk van activisten zijn werk ‘The Face of MLK‘ teruggetrokken van de inmiddels stopgezette tentoonstelling ‘Human Tales on Refrigerator Doors’ in The Center for Architecture Sarasota. In een toelichting zegt Sparkman dat het niet zijn opzet was te beledigen, maar dat het wel zo uitpakt, aldus een bericht in de lokale Herald-Tribune.

De titel verwijst niet naar Martin Luther King, maar naar de Martin Luther King Boulevard in Newtown. Daar zegt Sparkman als architect commentaar op te geven met zijn collage. Hij voegde elementen samen, zoals spuiten, plastic zakjes gevuld met wit poeder, luidsprekers en basketbalschoenen. Onder meer omdat hem in Newtown verschillende keren drugs zijn aangeboden. De reflectie van Sparkman op de buurt werd hem door activisten van Black Lives Matter Manasota niet in dank afgenomen omdat hij de buurt zou stigmatiseren met zijn werk dat volgens een activist zelfs ‘schaamteloos racistisch’ zou zijn. De collage hing eerder 8 maanden op de 2016 Architectuur Biennale in Venetië zonder dat dit tot beschuldigingen, opwinding of actie leidde.

Foto: Schermafbeelding van collageThe Face of MLK’ van Jerry Sparkman die tot controverse leidde in Newtown, Florida.