George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘bkkc

BKKC in Tilburg krijgt geld uit budget ‘Incidentele kunstprojecten’ voor huur. SCT weet nu al dat het in 2017 minder belast wordt

leave a comment »

bkkc

Tilburgers besteedt in een bericht aandacht aan de overhead van de in Tilburg gevestigde BKKC (brabants kenniscentrum kunst en cultuur). Het baseert zich daarbij op een collegebesluit van 14 februari 2017 van het Tilburgse college dat in de besluitenlijst van week 7 wordt genoemd. Het besluit dat mede in verband met de ondertekening van een huurcontract in december nu pas naar buiten komt heeft het college op 25 november 2016 genomen. Het blijkt dat de gemeente de BKKC een subsidie verleent van € 158.760 voor een tijdelijke locatie aan de Spoorlaan. Hoogst opvallend hieraan is dat de helft ervan, te weten € 79.380 uit het budget Incidentele kunstprojecten eenmalig ingezet wordt als dekking van de jaarlijkse subsidie aan de BKKC.

Het college motiveert dit doorsluizen van geld uit het budget Incidentele kunstprojecten naar de overhead van de BKKC door te beargumenteren dat het budget Incidentele kunstprojecten van totaal € 142.029 in 2017 niet belast zal worden met een subsidie aan de Stichting Cultuurfonds Tilburg (SCT) van € 100.000, maar van maximaal  € 50.000. De SCT claimt in 2017 minder geld. De SCT is ‘een samenwerkingsverband tussen een aantal enthousiaste ondernemingen, met de gemeente Tilburg als strategische partner.’ Het stimuleert ondernemerschap van makers en ondersteunt geslaagde crowdfundprojecten met een financïele bijdrage. Van het Comité van aanbeveling van de SCT maakt de Tilburgse burgemeester Peter Noordanus deel uit.

Wat de reden is dat de STC een verminderd beroep van € 50.000 of mogelijk meer op het budget Incidentele kunstprojecten doet maakt het collegebesluit niet duidelijk. In de uitleg bij het besluit gaat het college eraan voorbij hoe het bestuur van de SCT al in november 2016 met zekerheid kon weten dat het beroep voor de 13 maanden tot januari 2018 door onder meer culturele ondernemers en geslaagde crowdfundprojecten op de SCT gegarandeerd € 50.000 of meer minder zou zijn. Het college verwijst in haar besluit naar het bestuur van de SCT voor dat verminderde beroep op de SCT dat leidt tot het doorsluizen van  € 79.380 uit het budget Incidentele kunstprojecten naar de BKKC. De gekozen constructie oogt kunstmatig en onzorgvuldig.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelBKKC krijgt subsidie uit kunstbudget voor dekking huur’ op Tilburgers.

Advertenties

College Noord-Brabant heeft zich in de nesten gewerkt met neptitel ‘Europese Regio van de Gastronomie 2018’.

leave a comment »

nb

De statenfractie Noord-Brabant van de Partij voor de Dieren (PvdD) dient op 16 december 2016 een motie in ‘om geld bestemd voor gastronomie naar cultuur te verschuiven.’ Uit onderzoek van het Brabants Dagblad bleek dat de titel ‘Europese Regio van de Gastronomie 2018’ waartoe Noord-Brabant uitverkozen zou zijn niet het gevolg was van een echte wedstrijd. Het was een onderonsje tussen negen regio’s die elk de titel winnen. Een nepwedstrijd dus. De partij vindt het niet te verteren dat de provincie hieraan 7 miljoen euro uitgeeft.

Wat opvalt is dat het provinciebestuur er niet open is over geweest. Het BD: ‘Deze zomer maakte de provincie met veel tromgeroffel bekend dat zij Europese Regio van de Gastronomie 2018 geworden was. Daarbij werd de schijn gewekt dat er een hele wedstrijd aan ten grondslag lag. In een persbericht werd gesproken over een ‘prestigieuze titel’ en een ‘award’ die door gedeputeerde Anne-Marie Spierings en haar Brabantse delegatie in ontvangst werd genomen.’ Achteraf geeft het provinciebestuur toe ‘dat er van een echte verkiezing geen sprake is’ en het ‘niet goed gecommuniceerd’ is. De hamvraag is echter of het hier goed beleid betreft.

Verwijzing naar slechte communicatie is geen voldoende verklaring voor het handelen van het college. Publiek en media zijn bewust voorgelogen over de titel. Hoewel het persbericht van 17 maart 2016 op twee gedachten hinkt en informatie, marketing en zelfpromotie vermengt. Het zegt dat Brabant de titel in de wacht wil slepen en het bidbook voor de kandidatuur van de titel aan een internationale jury wordt aangeboden, maar gaat er vervolgens al geheel van uit dat die titel ook gewonnen wordt. Een neppersbericht dus over een nepwedstrijd.

bb

Het bidbook bevat de begroting van 7 miljoen euro waarvan de PvdD met haar motie nu voorstelt om er 1,5 miljoen euro van te besteden aan culturele instellingen die op omvallen staan doordat de provinciesubsidie wegvalt. Waarschijnlijk is de PvdD evenmin enthousiast over de privaat-publieke samenwerking van het samenwerkingsverband AgriFood Capital van ondernemers, overheden en onderwijsinstellingen met de provincie. Ze hebben samen het bidbook opgesteld en zo hun belangen vermengd. AgriFood pleit onder meer voor industriële biologische varkenshouderij waarvan het de vraag is hoe dat past bij dierenwelzijn waar de PvdD voor pleit. Op de site van AgriFood Capital is een bericht erover niet meer terug te vinden, elders wel.

Behalve de PvdD hebben ook anderen kritiek op de wedstrijd en de verkeerde voorstelling van zaken erover. En dan vooral door de verantwoordelijke gedeputeerde Agrarische ontwikkeling Anne-Marie Spierings (D66). Wat erachter zit is een politieke cultuur van zaken doen buiten de politiek om. Jan Heijman van Lokaal Brabant stelt schriftelijke statenvragen en vraagt het college onder meer of het ‘dit project gaat stopzetten’. Paula Anguita besteedt in een artikel voor Tilburgers aandacht aan de kwestie en de voorgestelde verschuiving van 1,5 miljoen euro van gastronomie ‘om economische redenen’ naar cultuur. Ze trekt het door naar de kritiek op kenniscentrum BKKC waar provincie of BKKC zelf niet op reageren, zoals blijkt uit een overzicht van Toine van Corven. De BKKC ligt door een afwachtende houding, het gebrek aan onafhankelijkheid, de vermenging van vier kernfuncties en de volgens onder meer Anton Dautzenberg te dure en ondoelmatige bedrijfsvoering onder vuur. De motie van de PvdD combineert de losse Brabantse politieke cultuur met cultuurbezuinigingen.

Foto 1: Schermafbeelding van motie ‘Zet geld voor nepprijs in voor echte cultuur’ van de Partij voor de Dieren in de Provinciale staten van Noord-Brabant, 25 november 2016.

Foto 2: Schermafbeelding van het budget van 7 miljoen euro uit het bidbook van de provincie Noord-Brabant voor de titel ‘Europese Regio van de Gastronomie 2018’. 

Dautzenberg heeft kritiek op BKKC. Wat doet provincie Noord-Brabant?

with 2 comments

ad

Uit het verslag door Toine van Corven van een tweegesprek met schrijver Anton Dautzenberg en directeur Chris van Koppen van het BKKC (Brabants Kenniscentrum Kunst en Cultuur) rijst een ontluisterend beeld op van die organisatie en Van Koppen. Het vond afgelopen zaterdag 29 oktober plaats tijdens ‘een speciale aflevering van Het Cultureel Café in het kader van Tilburg voor Cultuurnacht’. Volgens Van Corven maakte Dautzenberg aannemelijk dat het BBKC niet goed functioneert en de directeur er niet alleen onvoldoende zicht op heeft, maar ook de verkeerde keuzes maakt. Die komen niet de kunstenaars, maar het BKKC ten goede.

Anton Dautzenberg is een kunstenaar met principes die vindt dat kunst ergens over moet gaan. Ofwel, ‘moet schuren’. Zie hier voor blogpostings over hem. Bij het BKKC hebben zulke kunstenaars weinig te zoeken: ‘Kunstenaars met “te veel principes” hoeven bij het BKKC niet op steun te rekenen, zoveel werd wel duidelijk. Dat het juist de taak is van een kunstenaar om te schuren en controverses bloot te leggen, gaat er bij het BKKC niet in. Althans, zulke kunstenaars steunen, daarvan is geen sprake.’ Andere kritiek van Dautzenberg is dat BKKC geldverslindend en weinig effectief is en kunstenaars door ingewikkelde procedures op afstand zet.

Opvallend is dat Van Koppen geen weerwoord heeft: ‘Gaandeweg het gesprek schetste Dautzenberg een door Van Koppen nauwelijks weersproken ontluisterend beeld van het BKKC als zijnde een sterk bureaucratische geldverslindende strijkstok-laag tussen aan de ene kant subsidieverstrekker de Provincie en aan de andere kant kunstenaars die weinig of niets van al dat subsidiegeld merken. Kunstenaars zijn vooral ook ondernemers, luidt het adagium en dat betekent volgens het BKKC dat verstandige ondernemers er niet alleen goed aan doen hun eigen ruiten niet in te gooien door er “te veel principes” op na te houden, maar dat ze gewoon moeten zorgen dat debet en credit kloppen. Echter, terwijl het BKKC van kunstenaars dus cultureel ondernemerschap verlangt, brengt de organisatie daar zelf weinig van terecht, rekende Dautzenberg Van Koppen fijntjes voor.

De kritiek is in lijn met een commentaar van april 2013. Hierin staat een ander aspect voorop, namelijk de vermenging van de vier kernfuncties kenniscentrum, makelaar, adviseur en financier die strijdig met elkaar zijn en niet binnen een organisatie verenigd zouden moeten zijn. Mijn conclusie: ‘In het bkkc wordt geld rondgepompt dat daardoor niet in het kunstenveld terecht komt. De bkkc lijkt niet zozeer vraag en aanbod bij elkaar te brengen, maar vraag en aanbod te vermengen. Het lijkt zich met medewerking van provinciale bestuurders onmisbaar te hebben gemaakt door expertise, promotie, advisering en verstrekking van subsidies schaamteloos naar zich toe te hebben getrokken. In Brabant waar het Brabantse draagvlak een aanvraag maakt of breekt wreekt zich het gebrek aan afstand. Kunstenaars en de culturele instellingen met hun voeten in de modder hebben het nakijken. Het zou de provinciale bestuurders sieren als het de diverse functies van het bkkc zou ontvlechten. Hoe zakelijk en creatief het bkkc het van zichzelf ook vindt dat het een loket voor de Brabantse kunst en cultuur is.’ Het provinciebestuur en gedeputeerde Cultuur Henri Swinkels zijn aan zet.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelSchurende kunst en ondernemerschap onverenigbaar? – Schrijver Anton Dautzenberg maakt gehakt van BKKC’ in Tilburgers, 30 oktober 2016.

Brabantse bkkc geeft lage vergoeding voor project in eigen huis. Kan het projectsubsidie aanvragen bij Brabant C?

with 4 comments

mur

Op de homepage zegt de bkkc (Brabants Kenniscentrum Kunst en Cultuur): ‘Wij maken de waarde van kunst en cultuur zichtbaar’. Een slogan die de bkkc veelvuldig hanteert. Dat schept verwachtingen en roept de vraag op hoe de bkkc de waarde van kunst zichtbaar maakt. Een antwoord biedt de prijsvraag voor kunstenaars en talentvolle studenten aan de kunstacademie om een ‘muurschildering, muurinstallatie, reliëf, wandwerk of graffiti’ te maken in het kantoor van de bkkc in Tilburg. Wat is dat waard? Het is teleurstellend. De vergoeding bedraagt volgens de opgave van de werkplekken 150 tot 450 euro, ex. BTW. Het gaat om vlakken tot 70 m2.

Er is veel te doen over de honoraria van kunstenaars bij tentoonstellingen in musea. En gelukkig is er enige beweging, maar de uitgangspositie is slecht. ‘Museum zijn soms krenterig’ kopte NRC-kunstjournaliste Lucette ter Borg in 2014 toen ze een overzicht gaf wat de regels voor honoraria van kunstenaars eigenlijk zijn. Het is ontluisterend, in sommige gevallen krijgen kunstenaars niet alleen niets betaald, ze moeten zelfs geld bijdragen aan hun eigen tentoonstelling in een gerenommeerde culturele instelling. De wereld op z’n kop. Niek Hendrix verwoordde de kritiek in een artikel met de veelzeggende titel ‘Met sommige musea heb je als kunstenaar geen vijanden meer nodig’: ‘Helaas zijn kunstenaars in Nederland vaak sluitpost op de begroting. Vanuit de redenering dat ze blij mogen zijn met een expositie, krijgen ze dikwijls niet betaald voor het werk dat ze doen. Het resultaat is dat kunstenaars moeten toeleggen op een expositie. En inderdaad, het kan toch niet de bedoeling zijn dat een kunstinstituut bezuinigt op juist de rede dat ze bestaan, de kunst.’

Nee, bkkc, het kan niet de bedoeling zijn dat een culturele instelling die de impulsgelden beheert beeldende kunstenaars in eigen huis kind van de rekening laat zijn. Brabant kent ook het pretentieuze Brabant C Fonds dat jaarlijks honderdduizenden euro’s projectiegeld verdeelt en ook kantoor houdt op de Tilburgse Spoorlaan.

Wellicht is het een idee dat de bkkc bij Brabant C een projectsubsidie indient voor het Atelier Mural project in het kantoor van de bkkc. De korte lijnen in het gebouw op de Spoorlaan moeten dat niet al te moeilijk maken. Zodat de bkkc zich trots en met hernieuwde zelfkennis kan voegen bij de steun van het Mondriaan Fonds om kunstenaars voortaan behoorlijk te betalen voor een project. De schrale vergoeding die nu wordt voorzien is beschamend voor de bkkc en geeft het verkeerde voorbeeld aan andere instellingen. Brabant kan beter.

Foto: Schermafbeelding van berichtatelier murals: wandwerkers gevraagd!’ van de bkkc.

Kwadratuur van de culturele cirkel: subsidie, markt en politiek

with 4 comments

Sg33big

De aan Timbro verbonden Zweedse musicus, cultureel ondernemer en analist Lars Anders Johansson steunt theatermaakster Catta Neuding in haar streven om financiering te vinden buiten overheidssubsidie om. Neuding zegt tegen The Local dat ze zich met deze uitspraak niet populair heeft gemaakt bij haar collega’s in de cultuur. Uiteindelijk wil ze met haar theater kunnen draaien op de verkoop van kaartjes. Politiek op het toneel wijst ze af, maar met haar werkwijze heeft ze een politiek doel: de acceptatie van een met particulier geld gefinancierd theater. Vergeleken met Nederland is de greep van de staat op de samenleving veel groter.

Neuding wijst erop dat de Zweden niet de gewoonte hebben om aan de kunst te doneren. Terwijl in de VS er ‘bijna een sociale verwachting is dat men bijdraagt ​​aan de maatschappij, met inbegrip van de kunsten’. Die steun door burgers spiegelden de regeringen Rutte I en II voor als deel van de oplossing voor de kortingen op het kunstbudget. Onterecht omdat evenmin als Zweden Nederlanders die sociale verwachting voelen. Waarbij komt dat de fiscale voordelen van de VS om door schenkingen bij te dragen aan de samenleving, inclusief de kunsten in Nederland ontbreken. Zodat ons land een hybride systeem heeft met het slechtste van 2 werelden.

Johansson en Neuding maken deel uit van wat ze zelf schertsend ‘Rode Wijn Rechts’ noemen. Als reactie op ‘Rode Wijn Links’ waaronder een linkse stedelijke creatieve klasse zich schaart en dat met haar standpunten de culturele sector domineert. Zeg maar, een ‘Linkse Kerk’. Het in aantal en invloed kleine ‘Rode Wijn Rechts’ wil de vanzelfsprekendheden over cultuur en subsidie ter discussie stellen. Links produceert gepolitiseerde cultuur en rechts wil daar niet meer van hetzelfde tegenover zetten. Hoe cultuur kan bestaan die de status quo niet politiek bevraagt maar tegelijk a-politiek kan zijn is de vraag die Johannson en Neuding bezighoudt.

Interessant is de constatering van Johansson dat overheidssubsidies twee problemen met zich meebrengen. Het speelt in op mensen of organisaties in het culturele veld die beter zijn in het omgaan met subsidies dan in de uitoefening van hun creatieve beroep. Het voorbeeld van de Brabantse bkkc dat het eigen belang steeds meer ophangt aan het bemiddelen over subsidies schiet hierbij als voorbeeld in gedachten. Verder wordt de Zweedse situatie bepaald door politieke voorbehouden die op zichzelf goede doelstellingen zijn, maar ermee eindigen dat de staat de variatie in wat gezegd kan worden inperkt. Zodat consensus tot censuur verwordt.

Valt er uit het Zweedse voorbeeld iets te leren? Voorop staat dat de greep van de Nederlandse overheid op de kunstsector minder fors is. Waarmee niet gezegd is dat de Nederlandse overheid via haar subsidiebeleid niet de inhoud van de kunsten bepaalt. Juist als overheden door krimp taken afstoten moeten er politieke keuzes worden gemaakt. Weliswaar gedempt doordat er adviesorganen zoals de Raad voor Cultuur tussengeschoven zijn, maar subtiel volgt het geld het overheidsbeleid. Het geprezen bedrijfsmodel voor culturele instellingen om telkens 1/3 uit subsidie, markt en eigen inkomsten te halen wordt een valkuil voor talentontwikkeling, experiment, instellingen die op het grensvlak van disciplines opereren en uitingen die tegen de politieke en culturele consensus ingaan. Kunst is te divers om in een model te stoppen. En stop dat maar ‘ns in een model.

Foto: De Zweedse toneelschrijver August Strindberg (1849-1912), Zelfportret. Gersau, 1886.

Brabants bkkc doet alles tegelijk. Kan dat?

with 9 comments

bkkc

Het bkkc (Brabants Kenniscentrum Kunst en Cultuur) claimt een onafhankelijk platform te zijn waar zakelijke creativiteit en creatieve zakelijkheid bij elkaar komen. Maakt het dat waar? In het jaarverslag 2011 worden vier kernfuncties genoemd zoals bovenstaande schermafbeelding toont: kenniscentrum, makelaar, adviseur en financier. Dat zijn heel wat functies in dezelfde hand waarvan het de vraag is of ze strijdig zijn met elkaar.

Bij organisaties die hun interne belangenconflicten afschermen via informatiebarrières bestaat de term ‘Chinese muren’. Zo gaven Amerikaanse analisten positieve adviezen af om de zakenafdeling van dezelfde bank aan opdrachten te helpen. Hiermee was de analyse niet meer onafhankelijk. Een toezichthouder dient te controleren of de scheiding tussen afdelingen wordt gerespecteerd en dat bijvoorbeeld advies en aankoop niet in elkaar overlopen. Wordt binnen het bkkc beseft dat de vermenging van functies gescheiden dient te zijn?

Het bkkc verdeelt culturele subsidies namens de provincie Noord-Brabant. Tevens biedt het een cursus aan om een projectplan te schrijven en te presenteren. Toegespitst op de zogenaamde impulsgelden betekent dit dat de bkkc zowel overheidsgeld verdeelt als aanvragers adviseert over invullen en presenteren van zo’n plan. En: ‘Na afloop van de cursus krijg je een voucher voor advies en feedback van een bkkc-adviseur op je projectplan en begroting.’ Verdelen van overheidsgeld wordt zo tot klantenbinding voor de eigen organisatie.

In het bkkc wordt geld rondgepompt dat daardoor niet in het kunstenveld terecht komt. De bkkc lijkt niet zozeer vraag en aanbod bij elkaar te brengen, maar vraag en aanbod te vermengen. Het lijkt zich met medewerking van provinciale bestuurders onmisbaar te hebben gemaakt door expertise, promotie, advisering en verstrekking van subsidies schaamteloos naar zich toe te hebben getrokken. In Brabant waar het Brabantse draagvlak een aanvraag maakt of breekt wreekt zich het gebrek aan afstand. Kunstenaars en de culturele instellingen met hun voeten in de modder hebben het nakijken. Het zou de provinciale bestuurders sieren als het de diverse functies van het bkkc zou ontvlechten. Hoe zakelijk en creatief het bkkc het van zichzelf ook vindt dat het een loket voor de Brabantse kunst en cultuur is. Noord-Brabant heeft ‘Brabantse muren’ nodig.

Foto: Schermafbeelding uit Jaarverslag 2011 van het bkkc.