George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Bewustwording

Diversiteit kunst afdwingen met overheidssubsidie gaat ten koste van de kunst en vergroot de macht van grote culturele instellingen

with 2 comments

Op 22 augustus verscheen een opinie-artikel in NRC over diversiteit in de kunst dat geschreven was door zeven bestuurders van culturele instellingen. Het had de prikkelende en polemische titel ‘Diversiteit kunst dwingen wij vanaf nu af met subsidie’. Het heeft veel kritiek gekregen, onder meer van Kate Sinha en Stefan Ruitenbeek van Kirac die hun opinie ertegenover zetten op de rechtse nieuwssite TPO. Kirac heeft gelijk als het zegt: ‘(..) nu deze zeven ambtenaarsfiguren beloven dat zij voortaan in hun queeste naar diversiteit aan iedere ‘valse noot in de discussie’ voorbij zullen gaan. Zij ondermijnen daarmee met één klein gebaar alles wat subsidiecultuur democratisch en vooruitstrevend maakt. Het is namelijk niet de ambtenaar die bepaalt wat vals is en wat niet. Het is de kunstenaar die de valse noot een plek geeft in zijn werk, die haar laat zien voor wat zij is, en haar betekenis geeft in het grotere geheel.’ Zowel het opinie-artikel als reacties erop bevestigen jammergenoeg het beeld dat kunst een linkse hobby is in handen van een linkse bestuurdersklasse.

De zeven cultuurbobo’s overschatten hun eigen opinie en onderschatten de gevoeligheid van het onderwerp dat ze aankaarten. Ze vermengen twee aspecten die niet te vermengen zijn en spelen een rol die ze niet zouden moeten spelen. Ze gebruiken het streven naar diversiteit als legitimatie voor overheidssubsidie en bereiken mogelijk het omgekeerde van wat ze beogen. Door het te politiseren vergroten ze het risico – in het huidige politieke klimaat dat vijandig staat tegenover kunst – dat het draagvlak voor overheidssubsidie nog verder afneemt. Maar ze zeggen dat het verlenen van overheidssubsidie legitimatie kan geven aan diversiteit. Dat is prima als ze dat binnen hun eigen organisatie doen, maar ze gaan hun rol als bestuurders te buiten als ze hiermee (cultuur)politiek menen te kunnen bedrijven. Ze gaan niet over de verdeling van overheidsgeld en zijn er slechts de ontvangers of herverdelers van. Dat is daarenboven een ongewenste vermenging van functies. Het is een raadsel waarom ze meenden deze opinie op te moeten schrijven en te publiceren.

De zeven cultuurbobo’s spelen het opzichtig en eendimensionaal over de band van de overheidssubsidie. Ze zitten gevangen achter de muren van hun eigen visie op de cultuurpolitiek en willen die anderen opleggen. Zoals gezegd, kunnen ze ermee de weerstand tegen overheidssubsidie voor kunst vergroten. Hun lobby oogt te zichtbaar als lobby en verliest daardoor aan zeggingskracht. Hun betoog is te ambtelijk en leunt eenzijdig op de macht van maakbaarheid en overheid, de disciplinering van kunstenaars via subsidiepolitiek en de institutionalisering van de culturele infrastructuur die alle desorganisatie, anarchie en vrije ruimte sterk wil terugdringen. Deze opinie die ongetwijfeld uit goede bedoelingen voortkomt schiet hierdoor zijn doel voorbij.

Kritiek op deze opinie wil zeker niet zeggen dat hiermee diversiteit in de kunst afgewezen wordt. Integendeel, diversiteit in de kunst is gewenst en moet vergroot worden. Maar of het model van de overheidssubsidie en geïnstitutionaliseerde kunst daar de juiste instrumenten voor zijn valt te betwijfelen. Evenmin betekent deze kritiek dat het belang van overheidssubsidie gekleineerd wordt of als linkse hobby wordt gezien. Duizend bloemen kunnen het beste van onderop bloeien. Om niet te zeggen welig tieren op wilde plekken. Een groei die vanaf bovenaan wordt ‘ondernomen’ is kunstmatig, mist organische noodzaak, gaat de richting op van overheidskunst en grenst aan zelfoverschatting van de overheid of van degenen die zich in de plaats van de overheid stellen. Kunst die van boven (aan)gestuurd wordt houdt op kunst te zijn die per definitie ‘uit de toon’, tegenstrijdig en dwars is. Diversiteit moet niet direct, maar indirect gestimuleerd worden. Door beter onderwijs, maatschappelijke bewustwording en vooral een andere basisinfrastructuur van de culturele sector waar kleinere en middelgrote initiatieven beter gewaardeerd en gefinancierd worden dan nu het geval is.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelDiversiteit kunst dwingen wij vanaf nu af met subsidie’ van Henriëtte Post, Andrée van Es, Birgit Donker, Doreen Boonekamp, Jan Jaap Knol, Tiziano Perez en Syb Groeneveld in NRC, 22 augustus 2018.

Advertenties

In zijn oordeel over hedendaagse kunst schittert Thierry Baudet in drukte, verwarring, misverstanden, onbegrip en denkfouten

with 3 comments

Politicus Thierry Baudet geeft in zijn uitingen over hedendaagse kunst aan er weinig van te begrijpen. Of hij weet zijn kunde goed te verbergen. Het is zo simpel, hedendaagse kunst na Édouard Manet reflecteert in al haar verschijningsvormen op de diversiteit en fragmentatie van de wereld. Inclusief op zichzelf. Hedendaagse kunst is het omgekeerde van wat Baudet het onjuist toeschrijft. Hij verwart de thema’s die de hedendaagse kunst omvat met het uitgangspunt ervan. Hij geeft de uitgangspunten van hedendaagse kunst verkeerd weer.

Hedendaagse kunst kan vervreemding verbeelden zoals Bertolt Brecht dat vanaf 1920 in het theater deed. Hedendaagse kunst kan politieke standpunten verbeelden zoals 17de-eeuwse schilderkunst (De bedreigde Zwaan van Jan Asselijn) of klassieke kunst (De Lysistrata van Aristophanes) dat ook deden. Hedendaagse kunst kan de samenleving een spiegel voorhouden waardoor het eigene ter discussie wordt gesteld en minder vanzelfsprekend wordt. Hedendaagse kunst kan de structuur van de werkelijkheid ontrafelen door te proberen achter de façade ervan te kijken. Zoals Roland Barthes dat in 1970 in zijn semantische analyse van een verhaal van Honoré de Balzac S/Z deed. Dat zijn geen uitgangspunten, maar toepassingen van hedendaagse kunst.

Baudet geeft door in zijn rijtje vervreemding (in de traditie) van Brecht naast ‘oikofobie’ (thuisgevoel) van de Britse conservatieve cultuurfilosoof Roger Scruton te zetten aan de cultureel-historische en dramaturgische achtergrond van de Brechtiaanse Verfremdung niet te begrijpen. Die is naar andere kunstvormen inclusief de hedendaagse beeldende kunst ‘overgesprongen’. Vervreemding is niet bedoeld of wordt als dramaturgisch middel ingezet om mensen van hun omgeving te vervreemden, maar beoogt juist het omgekeerde. Namelijk het vergroten van de bewustwording door mensen aan de hand van het creatieve maakproces (het tonen van de montage) zich van hun achtergrond en (achtergestelde) positie bewust te maken. Door ze letterlijk achter de werkelijkheid te laten kijken. Wakker schudden van burgers is hetzelfde wat Baudet zegt te doen. Hij verwart het Vervreemdings-effect als artistiek middel met het gevolg ervan. In een eerder commentaar  ‘Thierry Baudet eigent zich ongenuanceerd oordeel over hedendaagse kunst toe’ wees ik hier al eens op.

Kan Baudet vanwege zijn onbegrip nog geëxcuseerd worden voor het omwisselen van de uitgangspunten en toepassingen van hedendaagse kunst, dat geldt niet als hij stelt dat een uitgangspunt ervan ‘zelfhaat’ is. Dat is geen uitgangspunt, laat staan toepassing van hedendaagse kunst, maar een begrip uit de psychologie dat ‘een vorm van totale afwijzing is die de eigen persoon betreft’. Vertaald naar de hedendaagse kunst zou dat betekenen dat het via een toepassing zichzelf totaal afwijst. Maar dat is in strijd met de logica omdat het van tweeën een is. Ofwel, als hedendaagse kunst zichzelf afwijst dan kan het die afwijzing niet tegelijkertijd als toepassing inzetten. Want dan wijst het zichzelf per definitie niet totaal af, maar bevestigt het zichzelf juist.

Hoe moeten we Baudets woorden duiden? Directe aanleiding ervoor is overigens dat hij onder voorzitterschap van Alexander Pechtold (D66) lid van de kunstcommissie van de Tweede Kamer is. Deze speciale commissie doet voorstellen over aankoop van nieuwe kunstwerken en de inrichting van het kamergebouw. Baudet maakt van hedendaagse kunst een strijdpunt in de hoop zijn achterban ermee te vergroten. Daar is niks mis mee als dat zorgvuldig en met inachtneming van de feiten gebeurt. Maar Baudet brengt het debat over hedendaagse kunst niet op een hoger peil, maar maakt er een karikatuur van. Door er een ratjetoe van te maken en alles te willen passen in zijn politieke wereldbeeld zoals dat door onder meer Roger Scruton is gevormd zet Baudet het debat over hedendaagse kunst op slot. Die kunst die reflecteert op de diversiteit en fragmentatie van de samenleving. Het lijkt er sterk op dat Baudet om politieke redenen de diversiteit en fragmentatie afwijst en zich gevolglijk keert tegen de boodschapper die hij zo rabiaat als brenger ven het slechte nieuws afschildert.

Foto: Tweet van Thierry Baudet, 10 mei 2018.

Thierry Baudet eigent zich ongenuanceerd oordeel over hedendaagse kunst toe

with 6 comments

Het is altijd kiezen tussen lachen en schrikken als men stukken van Forum voor Democratie onder ogen krijgt. Neem het anonieme commentaarBreek het Kunstkartel!’ dat waarschijnlijk door Thierry Baudet is geschreven. Aanleiding ervoor is de tentoonstellingPrésence de la peinture en France» (1974-2016)’ in het gemeentehuis van het 5de arrondissement in Parijs. Dat van de Sorbonne, Quartier Latin en de Grote Moskee. Initiatiefnemer ervan is Marc Fumaroli met medewerking van Jean Clair. Beide zijn lid van de Académie française.

Het is niet toevallig dat Baudet uitkomt bij deze tentoonstelling en bij Fumaroli en Clair. Ze ageren tegen hedendaagse kunst. Baudet is eveneens gekant tegen hedendaagse kunst omdat het het thuisgevoel (‘oikofobie’) in de weg zou staan. Een term van de Britse conservatieve cultuurfilosoof Roger Scruton die via de Franse rechtse filosoof Alain Finkelkraut in het Franse debat is terechtgekomen. Baudet heeft deze term ‘geleend’ en in zijn politiek ingepast. Hedendaagse kunst zou mensen vervreemden van de eigen omgeving is het idee van deze conservatieve denkers. Exact het omgekeerde van wat Bertolt Brecht beweerde met zijn theorie van vervreemding in het theater die mensen bewust maakt omdat hun de montage van het werk wordt getoond. Wat tot nadenken zou aanzetten en het doorzien van manipulatie. Maar deze rechtse denkers leggen andere accenten voor de vermeende bewustwording van de massa door zich op te werpen als bemiddelaars.

De kunstenaars Paul McCarthy, Jeff Koons en Anish Kapoor zijn in Frankrijk de favoriete zondebokken zoals een artikel in Challenges verduidelijkt. Dat afwijzen van hedendaagse kunst door radicaal-rechts gaat niet om de kunst, maar om het debat dat die afwijzing oplevert en het mogelijk maakt om traditionele waarden te verdedigen. Zo bedrijven deze rechtse denkers en een politicus als Baudet politiek ten koste van de kunst.

Het gaat Fumaroli die nauwelijks verstaanbaar Engels spreekt vooral om het afwijzen van de Angelsaksische dominantie en het aanprijzen van de vermeende grootsheid van de Franse natie, taal en geschiedenis. Als het moet met steun aan middelmatige Franse kunstenaars of Franse kunstenaars van het verleden. Niet Christian Boltanski, Daniel Buren of Sarkis die een Frans humanisme vertegenwoordigen en internationaal opereren. Omdat de kunsthandel grotendeels Angelsaksisch is en het culturele wereldhart al sinds 60 jaar niet meer in Parijs klopt, richt Fumaroli zijn pijlen op de internationale kunsthandel. En scheert hij alles over één kam. Fumaroli gaat het ook om het benadrukken van het belang van de christelijke religie. Daarbij komt hij al snel op een hellend vlak met beschuldigingen van godslastering en een houding die past bij antisemitisme.

Als navolger van zijn voorbeelden Scruton, Fumaroli en Finkelkraut probeert Thierry Baudet een Frans debat naar de Nederlandse situatie te vertalen. Opvallend voor iemand die zegt te zweren bij de natiestaat. Hij doopt het ‘Breek het kunstkartel!’ met de impliciete verwijzing naar het partijkartel dat taaleigen van het Forum voor Democratie is. Maar Baudets oefening is die van een tovenaarsleerling die nog niet tot op de schouders van zijn voorbeelden heeft kunnen klimmen. Zijn betoog is een matige vertaling en mist de brille en diepgang van zijn voorbeelden. Baudet heeft te weinig kennis van hedendaagse kunst om zinvol te kunnen onderscheiden. Daar helpt het napraten van zijn voorbeelden niets aan. Het brengt hem tot uitspraken over kunstenaars, esthetiek en kunstmarkt die niet alleen ongedifferentieerd zijn, maar ook niet geloofwaardig worden omdat ze duidelijk zijn ingegeven door een conservatieve culturele agenda die de kunst van de eigen tijd niet begrijpt.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelBreek het Kunstkartel!’ op Forum voor Democratie, 28 september 2017.

Open brief aan de Fietsersbond. Bewustwordingscampagne over geparkeerde fietsen gevraagd

with 3 comments

Geachte Fietsersbond Utrecht,
of wie hiervoor verantwoordelijk is,

Laatst is er in Utrecht een grote fietsenstalling geopend. Een goede zaak. Maar dat lijkt de bewustwording elders in de (binnen)stad om fietsen goed te parkeren niet op een hoger plan te brengen. Ik vraag me af of het een onderwerp is dat hoog op de agenda van de lokale of landelijke Fietsersbond staat. Het lijkt me belangrijk. Ik leg uit waarom ik dat vind.

Laatst was ik in het Duitse Münster dat een fietsstad en universiteitsstad bij uitstek is. Vergelijkbaar met Utrecht. Wat me opviel was dat de fietsen doordacht en doelmatig geparkeerd staan. Als het ware lepeltje-lepeltje. Tientallen meters lang. Hele straten kan men als voetganger ongehinderd passeren. Dus zo kan het ook. Waarom kan het niet in Utrecht of andere Nederlandse (studenten)steden?

Hoe anders is het namelijk in Utrecht. Ik woon in Wittevrouwen en kom fietsend of lopend vaak in de binnenstad. Sommige trottoirs zijn deels onbegaanbaar door slordig of onachtzaam en schots en scheef geparkeerde of neergegooide fietsen. Zoals het Jansveld. Fietsen staan niet in de beugels, maar ernaast. Fietsen staan niet in de vakken, maar ernaast. Zoals in de Voorstraat. Fietsen blokkeren in veel gevallen de doorgang voor voetgangers, inclusief gehandicapten en kinderwagens.

De Fietsersbond zou naar mijn mening een landelijke campagne moeten starten om de bewustwording bij fietsers te vergroten over de overlast van verkeerd geparkeerde fietsen. Ook om het maatschappelijke draagvlak voor de positie van fietsers en de Fietsersbond te behouden. En te bereiken dat de beschikbare parkeerruimte voor fietsen doelmatiger benut wordt.

Het kan best zo zijn dat er in de Nederlandse grote steden te weinig parkeerplekken zijn voor fietsen, maar dat is niet het hele verhaal. Het hele verhaal is dat veel fietsers onvoldoende lijken te beseffen dat ze een eigen verantwoordelijkheid hebben om fietsen op een passende manier te parkeren. Ze zijn niet de enige weggebruikers. Een verantwoordelijkheid die vele fietsers nu in onvoldoende mate nemen.

Het lijkt me een educatieve taak van de Fietsersbond om deze fietsers hierover voor te lichten, te adviseren en bewust te maken. Omdat ik afgelopen jaren in de publiciteit zo’n campagne gemist heb, neem ik aan dat zo’n campagne niet bestaat. Ik zou graag zien dat u dit aspect binnen uw organisatie bespreekt, het belang ervan gaat beseffen en afweegt of u er actie op ondernomen dient te worden.

Omdat u met zo’n bewustwordingsactie uw goede wil toont, in zekere zin de hand in eigen boezem durft te steken en uw eigen rol als bemiddelaar kunt benadrukken bij een publiek dat u nu mogelijk onvoldoende bereikt, kan dit bij openbaar bestuur en publiek positief uitpakken.

De Fietsersbond kan er publicitair sterker uitkomen. De overlast van geparkeerde fietsen kan er door afnemen. En uw rol bij het openbaar bestuur wordt gelaagder omdat u niet alleen maar vraagt, maar ook levert.

Verder lezen: Over de verrommeling van de publieke ruimte. Op de tekortschietende handhaving door de gemeente Utrecht is kritiek. Zie:
https://georgeknightlang.wordpress.com/2017/06/19/waarom-doet-gemeentebestuur-utrecht-weinig-tegen-verrommeling-van-binnenstad-en-omringende-wijken-groenlinks-heeft-kritiek/

Foto: ‘De Neude staat vaak vol met geparkeerde fietsen’ in DUIC, 2016.

Harma Heikens stopt als kunstenaar wegens vertrutting van de kunstsector

with 4 comments

De in Groningen gevestigde kunstenares Harma Heikens stopt ermee. Ze zegt het gehad te hebben met de vertrutting van de kunstsector. In een bericht van André Walhout voor RTV Noord doet ze opzienbarende uitspraken die het waard zijn om herhaald te worden. Ik besteedde in augustus 2015 in een commentaar  aandacht aan haar werk toen festival Noorderzon niet de twee mannen buitensloot die dreigden haar werk over kindermisbruik te vernietigen, maar het kunstwerk ‘Toys in the Attic’ (zie: 7) afsloot voor het publiek. De omgekeerde wereld. Daarop trokken galerie Sign en Heikens het werk terug. Heikens’ galeriehouder weigerde laatst bovenstaand werk ‘World’s Most Burned’ uit 2016 (zie: 1) van een brandende Amerikaanse vlag te exposeren. Uit angst? Uit projectie? Uit labbekakkerigheid? Uit commerciële overwegingen? Uit gebrek aan overtuiging, burgermoed of collectieve moed dat in het Duits ‘Zivilcourage’ wordt genoemd? Of alles samen?

De kunstsector is uitgegroeid met opleidingen, kunstmanagement, kunstambtenaren, beleidsmakers, zo merkt Heikens op. Schaalvergroting dus. De sector is meer in de breedte dan in de diepte gegroeid. Gevolg daarvan is dat een sector waar zovelen hun broodwinning, carrière of positie aan ontlenen minder scherp wordt en getemd is. Zoals Heikens het verwoordt: ‘Alles moet tegenwoordig publieksvriendelijk zijn’. Naast die schaalvergroting is een bijkomend aspect de geringschatting van de politiek zoals dat in 2011 werd verwoord door toenmalig staatssecretaris Halbe Zijlstra (VVD). Hij maakte onder druk van de PVV en zijn partij de VVD in de beeldvorming kunst tot iets van een kleine groep, terwijl tot die tijd kunst als algemeen belang werd gezien. Die omslag in het denken is bij velen in de kunstsector ongemerkt naar binnen geslagen. Niet in het minst in de museumsector die meer dan voorheen op veilig speelt en marketing voor verdieping stelt.

Als angst om zich uit te spreken eenmaal bezit neemt van iemand, dan is er geen redden meer aan. Zeker niet als overheidssubsidie dreigt te stoppen of de economische situatie verslechtert. Aan die neergang weten de sterkste kunstprofessionals zich te onttrekken. Daar zijn er gelukkig nog heel wat van, maar door de groei in de breedte en de verambtelijking van de sector zijn ze een kleine minderheid geworden. Zelfs een voorhoede die niet altijd gevolgd wordt. Als angst regeert, dan verliest kunst de functie om de samenleving een spiegel voor te houden en aan te scherpen. Professionele kunst wordt getemd en verglijdt ongemerkt in de richting van het soort kunst van amateurs dat pleziert, op veilig speelt en uitsluitend nog een therapeutisch doel heeft.

Vertrutting is een maatschappelijk verschijnsel dat nu blijkbaar ook de kern van de beeldende kunst bereikt heeft. Het is moedig van Harma Heikens dat ze dit in de publiciteit signaleert. Na de publieke omroep, de gevestigde media, de sociale media, de samenleving en de politiek is nu blijkbaar ook de beeldende kunst aan de beurt om langs de meetlat gelegd te worden. De rot van de vertrutting heeft ingezet. Kunstenaars worden betutteld en laten zich betuttelen. Vraag is of dat proces nog gekeerd kan worden en wat daartoe nodig is.

Moet de kunstsector krimpen en de oneigenlijke elementen van platte vercommercialisering, intellectuele vervlakking, zelfcensuur en angsthazerij buitenschoppen om weer terug tot de oude kern te keren? Kan die geest ooit weer in de fles gestopt worden? Een voorwaarde daartoe is in elk geval de bewustwording erover.

Foto 1: Harma Heikens, World’s Most Burned’ uit 2016.

Foto 2 en 3: Schermafbeelding van passages uit het berichtOmstreden kunstenares stopt: ‘Zoveel weerstand dat het niet meer leuk is’ van René Walhout voor RTV Noord, 7 september 2017.

Europarlement neemt anti-propaganda resolutie aan. Als antwoord op de Russische informatieoorlog tegen de EU

with 2 comments

Soms zie je de overlijdensadvertentie van iemand van wie je dacht dat hij of zij al lang overleden is. Deze resolutie in het Europarlement is van hetzelfde soort. Gisteren nam het een anti-propaganda resolutie aan waarvan je dacht dat die allang was aangenomen. In elk geval na de wereldwijde veroordeling in maart 2014 van de annexatie van de Krim door de Russische Federatie. Zie hier vanaf p. 292 voor het verslag. Basis van het debat was een rapport van de Poolse rapporteur Anna Elżbieta Fotyga over de gewenste strategische communicatie van de EU in antwoord op anti-Europese campagnes door derden. En de bewustwording erover.

De veroordeling in het rapport van de ‘Russische desinformatie- en propagandaoorlog‘ liegt er niet om: ’11: stelt dat Russische strategische communicatie onderdeel is van een grotere ondermijnende campagne om de EU-samenwerking en de soevereiniteit, politieke onafhankelijkheid en territoriale integriteit van de Unie en haar lidstaten te verzwakken; dringt er bij de lidstaten op aan waakzaam te zijn tegenover Russische informatieactiviteiten op Europese grond en de inspanningen voor het delen van capaciteiten en contra-activiteiten die gericht op het bestrijden van dergelijke activiteiten uit te breiden’ Of: ‘12. spreekt scherpe kritiek uit over de Russische inspanningen om het integratieproces in de EU te verstoren en betreurt in dit verband dat Rusland anti-EU-krachten in de EU ondersteunt, en met name extreemrechtse partijen, populistische krachten en bewegingen die de fundamentele waarden van liberale democratieën terzijde schuiven’. Niet expliciet wordt genoemd dat de Russische informatieorlog een direct verlengde van de militaire strijd is. Met verwijzing naar samenwerking van de EU met de NAVO wordt dat wel gesuggereerd.

Werkt Aleppo als Guernica in bewustwording over oorlogsmisdaad?

leave a comment »

Hoelang kan de Russische luchtmacht samen met het regime van Assad doorgaan met het bombarderen van de burgerbevolking van Aleppo voordat tegenkrachten de overhand nemen? In de Westerse publieke opinie, de Algemene Vergadering van de VN, de ministerraden en parlementen van Westerse landen. En in Westerse   militaire commandocentra. In de aanloop naar een parlementair debat in Westminster vergeleek oud-minister Andrew Mitchell volgens een bericht in The Independent de Russische acties in het Syrische conflict met die van de nazi’s voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Hij verwijst naar het bombardement van het Spaanse Guernica in 1937 door de Duitse luchtmacht: ‘We are witnessing events which match the behaviour of the Nazi regime in Guernica in Spain.’ Afgelopen week werd op sociale media een nieuwe ‘Syrische’ versie van Pablo Picasso’s muurschildering Guernica van Vasco Gargalo gedeeld. Met de Russen in de hoofdrol:

guernica

Verenigd Koninkrijk, VS en Frankrijk beschuldigen de Russische Federatie van oorlogsmisdaden in Syrië. Deze landen lijken gecoördineerd op te treden. In een reactie beschuldigde volgens een bericht in de The Moscow Times het Kremlin op haar beurt Boris Johnson van ‘Russofobische hysterie’. De Britse minister van Buitenlandse zaken beschuldigde in genoemd parlementsdebat de Russen van oorlogsmisdaden en vroeg om een onderzoek. Johnson wees op de optie om ‘deze mensen’ voor het Internationaal Strafhof in Den Haag te brengen. Afgelopen weekend vetode de Russische Federatie in de Veiligheidsraad een Frans-Spaanse resolutie voor een wapenstilstand in Aleppo. Enkel Venezuela stemde met de Russen mee. Nadat eveneens de Franse president François Hollande de Russen van oorlogsmisdaden beschuldigde en opperde dat ze wegens de bombardementen op Aleppo voor oorlogsmisdaden aangeklaagd kunnen worden annuleerde volgens een bericht in The Guardian de Russische president Vladimir Putin een gepland bezoek aan Frankrijk.

Foto: Vasco Gargalo, Guernica, Syrische versie, 2016.