Inzet van politie bij wedstrijden van betaald voetbal moet minder, zodat de capaciteit beter ingezet kan worden om de criminaliteit te bestrijden

Schermafbeelding van deel artikel Druk op politie vorig jaar hoog, vooral door coronahandhaving‘ van de NOS, 18 mei 2022.

Mijn reactie op de FB-pagina van de NOS bij het artikel Druk op politie vorig jaar hoog, vooral door coronahandhaving‘ van 18 mei 2022. Het capaciteitsprobleem van de politie is complex. Het wordt niet opgelost als de problemen bij de inzet bij wedstrijden van het betaald voetbal sterk worden verminderd, maar het zal regio’s met relatief veel betaald voetbal clubs ruimte geven voor een inzet die meer is gericht op de bestrijding van de criminaliteit dan nu. Het maakt ook de weg vrij om de expertise, opleiding en capaciteit van de politie specialistischer op te bouwen dan nu mogelijk is:

Tabel 3.1 over de politie-inzet in aantal uren per seizoen voor het betaald voetbal in het Jaarverslag Voetbal en Veiligheid 2018/2019.

Evenementen zoals wedstrijden in het betaald voetbal leggen een hoge druk op de capaciteit van de politie. Volgens critici te hoog. Te bedenken valt dat dit gaat om commerciële organisaties. 

De bestaande regeling is dat de clubs zorgen voor de veiligheid in het stadion en de politie voor de veiligheid buiten het stadion. Vaak worden door clubs in het stadion niet-professionele, vrijwillige stewards ingezet die niet het vermogen hebben om de veiligheid in het stadion te garanderen. Daar gaat het mis. 

Dat heeft twee effecten. De politie wordt ingeroepen om de veiligheid in het stadion te waarborgen, terwijl dat volgens de afspraken haar taak niet is. Of een deel van het rellende publiek dat binnen het stadion niet in de hand wordt gehouden gaat buiten het stadion door met rellen. Bij een betere handhaving binnen het stadion zou dat laatste minder op hoeven te treden. 

De omgeving van een voetbalstadion is openbare weg waar de politie de veiligheid dient te handhaven. Het waterbed-effect van onnodige onrust in het stadion die geëxporteerd wordt naar buiten het stadion die door de politie moet worden opgevangen is de zwakte van de huidige afspraken in het betaald voetbal. 

Er bestaat een patstelling in de afspraken over de inzet van politie bij evenementen. Daar dient een doorbraak in bereikt te worden om de capaciteit van de politie maatschappelijker in te zetten voor de kerntaken die met de openbare orde te maken hebben. Zoals de bestrijding van de zware criminaliteit, drugsgerelateerde criminaliteit en witte boorden criminaliteit. 

Het is een bizar luxe probleem om de beperkte capaciteit van de politie in de zetten bij wedstrijden van het betaald voetbal. De politie wordt nu onnodig ingezet bij evenementen die in de kern commercieel van karakter zijn. 

Er dient toegewerkt te worden naar nieuwe afspraken tussen de KNVB, de betaald voetbal clubs, de gemeenten waarin deze clubs zijn gevestigd en de politie die twee uitgangspunten hebben. Het beroep dat door de clubs of een gemeente op de politie wordt gedaan voor de handhaving van de openbare orde bij voetbalstadions dient sterk te verminderen en de clubs dienen zelf met een scala van maatregelen meer actieve verantwoordelijkheid te nemen in het handhaven van de openbare orde en het terugdringen van de inzet van de politie. 

Een regeling zou de volgende elementen kunnen bevatten: 1) de betaald voetbal clubs uit de Eredivisie en Eerste divisie dienen te zorgen voor voldoende professionele handhaving van de openbare orde binnen de stadions; 2) de handhaving binnen de stadions waarvoor de clubs verantwoordelijk zijn dient uitgebreid te worden naar de naaste omgeving van de stadions; 3) de kosten van de inzet van de politie dienen, boven een gezamenlijk af te spreken redelijke basisinzet die overeenkomt met normale handhaving van de openbare orde buiten het stadion, bekostigd te worden uit de gezamenlijke televisie inkomsten van de betaald voetbal clubs; 4) als de kosten voor de inzet van de politie bij wedstrijden van het betaald voetbal niet in evenwicht gebracht kunnen worden met de inkomsten van de totale betaald voetbal sector, dan dient die sector gesaneerd te worden door het fuseren of opheffen van clubs.

Advertentie

Enschede geeft FC Twente garantstelling van 32 miljoen. Is dat in proportie?

Update 9 april 2019: De raad van Enschede scheldt een lening van 14 miljoen euro aan FC Twente kwijt. Het argument van de Enschedese wethouder Eelco Eerenberg (D66) van Financiën is dat de gemeente wel moet bijspringen omdat het verlies anders nog groter wordt. Zo loopt het college weer met open ogen de fuik in.

Update 28 juni 2018: Bij de gemeente heeft Twente al een lening van 17 miljoen lopen en Enschede staat ook al voor 8,4 miljoen garant. Bij een bankroet van de club moet de stad dus 25,4 miljoen afschrijven. Dit roept de vraag op hoe verantwoord de garantiestelling was ‘met de kennis van toen’. Volgens een bericht in Tubantia dreigt de club nu met het aanvragen van het faillissement als het gemeentebestuur geen nieuwe garantstelling van 7 miljoen euro wil afgeven. De gemeentepolitiek reageert hier afwijzend op. Een en ander roept vooral vragen op waarom het toenmalige college aan een commerciële voetbalclub een garantie en lening van tientallen miljoenen afgaf. Is het onderhand geen tijd voor een gemeentelijke raadsenquête die reconstrueert hoe de lokale politiek van Enschede in het dossier FC Twente zo heeft kunnen ontsporen?

De Enschedese gemeenteraad stemde deze zomer in met het voorstel van het college over een ‘Geactualiseerd cultuurplan in uitvoering’ om door aanpassingen 1,2 miljoen euro te bezuinigen op de Openbare Bibliotheek en Museum Twense Welle, en te bezuinigen op de grote podia in Hengelo en Enschede. Dit staat in contrast met de steun in de vorm van een garantstelling van 32 miljoen euro voor de professionele voetbalclub FC Twente. De wethouder Financiën laat zich chanteren en praat trots over zijn clubliefde. Na hem de zondvloed, hij schuift de problemen door naar zijn opvolgers. Zoals zijn voorgangers de problemen doorschoven naar hem. Het wordt er nog eens extra potsierlijk op doordat de voorstemmers zich beroepen op zakelijkheid en het aftimmeren van de voorwaarden, maar verder de fuik van onzakelijkheid en emotie inzwemmen.

Professioneel voetbal wordt als uitlaatklep getolereerd voor fanatieke supporters die voetbal nodig hebben om stoom af te blazen en door identificatie ermee een identiteit op te bouwen. Dat is niet verboden, maar het maakt verschil of de samenleving dat juichend omarmt of met misnoegen accepteert. Zoals de politiek sinds 2010 de kunsten in de hoek heeft getrapt. Het professionele voetbal is als globaliserende bedrijfstak waar miljoenen omgaan steeds meer los komen te staan van de wereld van de gewone mensen.  Feitelijk is het voetbal deze supporters ontstolen en zoeken ze iets wat allang niet meer bestaat. Voetbal verbindt bij uitzondering en verdeelt met regelmaat. Het is beter om dat toe te geven dan het betaald voetbal anders voor te blijven stellen dan het is. Omdat de gemeenteraad van Enschede daarin meegaat speelt het een kwalijke rol.

Toen de Enschedese raad haar besluit nam was het ervan op de hoogte dat FC Twente voor drie seizoenen werd uitgesloten om deel te nemen aan Europese competities vanwege contracten met Doyen Sports. Onder een vorig bestuur maakte de club met deze investeringsmaatschappij verboden afspraken. De New York Times besteedde op 15 december in een achtergrondartikel aandacht aan de Portugese website Football Leaks dat met meerdere onthullingen kwam over de vermenging van professionele voetbalclubs met Doyen Sports, waaronder ook een overkomst met FC Twente. Wegens een deal van 5 miljoen euro trad FC Twente-voorzitter Aldo van der Laan in november af. Het gaat om TPO (Third Party Ownership), ofwel de handel in spelers via een club die eigendom van een derde partij zijn. Sinds kort is die praktijk verboden door de FIFA. Die handel in spelers liep niet altijd gelijk op met het sportieve belang van de club. Een verhaal over emoties, regionale trots, clubliefde, een garantstelling van 17 miljoen als chantagemiddel en de angst voor voetbalsupporters.

Samenleving moet afstand te nemen van het professionele voetbal

fey

Dat betaald voetbal in een eigen werkelijkheid leeft is een vermoeden dat bevestigd wordt door clubnieuws van het Rotterdamse Feyenoord. Zowel bij het nieuwsoverzicht van Feyenoord.nl als op de twitter-account @Feyenoord valt niets terug te vinden over de misdragingen van de Feyenoord-fans in Rome van afgelopen woensdag en donderdag. De ontmoeting met AS Roma werd ontsierd door het gedrag van de supporters die historische monumenten sloopten of besmeurden. Nederlandse politici boden de Italiaanse autoriteiten hun excuses aan, maar Feyenoord zwijgt. Het imago van Nederland wordt door Feyenoord-supporters beschadigd, maar Feyenoord leeft verder in de eigen bubble van competitie, doelpunten en andere voetbalnieuwtjes.

Moeten de misdragingen van de Feyenoord-supporters naar aanleiding van de gebeurtenissen in Rome en het wegkijken van Feyenoord geen aanleiding zijn voor media, politiek en burgers om afstand te nemen van het professionele voetbal? In publieke, facilitaire en fiscale steun. De Poolse paus noemde voetbal de belangrijkste bijzaak in het leven. Wie nu de reacties ziet van Feyenoord bespeurt een tweedeling. De maatschappij veroordeelt de misdragingen en verwacht op z’n minst een spijtbetuiging, maar de voetbalwereld zelf blijft zichzelf navelstaarderig als hoofdzaak zien zonder enige maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen.

Professioneel voetbal wordt als uitlaatklep getolereerd voor fanatieke supporters die voetbal nodig hebben om stoom af te blazen en door de identificatie ermee een identiteit op te bouwen. Da’s niet verboden, maar het maakt verschil of de samenleving dat juichend omarmt of met misnoegen accepteert. Zoals de politiek sinds 2010 de kunsten in de hoek heeft getrapt. Het professionele voetbal is als globaliserende bedrijfstak waar miljoenen omgaan steeds meer los komen te staan van de wereld van de gewone mensen. Feitelijk is het voetbal deze supporters ontstolen en zoeken ze iets wat allang niet meer bestaat. In Rome hebben ze het niet gevonden en in Rotterdam zullen ze het evenmin vinden. Voetbal verbindt bij uitzondering en verdeelt met regelmaat. Het is beter om dat toe te geven dan het betaald voetbal anders voor te blijven stellen dan het is.

B-NrsAxIgAAMjLh

Foto 1: Tweet van Feyenoord Rotterdam, 19 februari 2015.

Foto 2: Tweet van Mauro Favale, 19 februari 2015.