Transitie 1961

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 18 mei 2011.

Bouw van de Berlijnse Muur, 1961.

Muren worden afgebroken en opgebouwd. Passanten passen zich aan. De Berlijnse Muur groeit om 28 jaar later weer te slinken. Freedom Riders testen in het zuiden van de VS de segregatie tussen zwart en wit. Progressie gaat niet overal even hard. Soms is toekomst het verleden.

Overgang is dan teruggang. Het beeld is gemengd. Belgisch-Congo stort in elkaar. Scheidend president Eisenhower waarschuwt voor het militair-industrieel complex. Joeri Gagarin verovert ruimte. Fellini’s La Dolce Vita schetst zoet leven. John Coltrane improviseert zijn Favorite Things. De straat kent meer blues dan West Side Story.

Dominee Martin Luther King jr. met Freedom Riders in Montgomery, Alabama, VS, 1961.
Advertentie

Gedachte bij foto ‘Wildenbruchstr. Ecke Heidelberger Str., 15.8.1961’

Foto Berlijn, ‘Wildenbruchstr. Elke Heidelberger Str., 15.8.1961‘:

Op vele manieren fascineert deze foto me. Het is het begin van de bouw van de Berlijnse muur. Dat begon provisorisch met prikkeldraad op 13 augustus 1961 en eindigde met een optimaal opgetuigd, dodelijk niemandsland dat moest verhinderen dat burgers van Oost- naar West-Berlijn zouden vluchten. Hoewel het leiderschap van de DDR het anders voorstelde, namelijk als een muur om de fascisten buiten te houden. Een Antifaschistischer Schutzwall. Tja, hoe kan anders de waarheid gelogen worden? Het is 60 jaar geleden.

Op de foto is het twee dagen later, 15 augustus 1961. De titel zegt dat het op de hoek van de Wildenbruchstrasse met de Heidelberger Strasse is. Rechts is de Amerikaanse sector en links achter de muur in opbouw begint de sector van de Sovjet-Unie. De grens wordt gesloten.

De foto roept de vraag op of de toeschouwers goed doorhebben wat er gebeurt. De vrouw met de handtas met het kind aan haar rechterhand ziet het aan. Het zou mijn moeder kunnen zijn. Wat gebeurt hier?

Het is te simpel gedacht om de toeschouwers ramptoeristen te noemen, maar ze zien dat het onheil zich voor hun ogen voltrekt. Maar de vorm is nog ongewis. Mogelijk worden ze voor jaren afgesneden van hun familie, vrienden en hun eigen verleden. Mogelijk valt het mee, hopen ze.

Gaat dat door hun hoofd? Ze gissen hoe die vreemde entiteit, dat Fremdkörper in hun stad past. Die Alien van de vroege jaren 1960 die uit de communistische hemel is neergedaald.

Ach, het is mooi zomerweer, de zon staat hoog aan de hemel en er is geen wolkje aan de lucht. Het zal wel meevallen. Maar zoals zo vaak zegt de werkelijkheid wat anders en liegt er niet om. Kunnen kleine gebeurtenissen geen grote gevolgen hebben? Wat je noemt een dooddoener die telt.

Daar sta je dan op de hoek van een straat in West-Berlijn in augustus 1961. Als de volwassen het al niet snappen, hoe moeten de kinderen met hun step of fietsjes het opvatten? Het is vooralsnog betoverend en spannend en binnen enkele jaren bloedstollend. Zullen we het daar maar op houden?