George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Belastingontwijking

Antwoord aan iemand die zich zorgen maakt over de islamisering van Nederland. De rechtsstaat, de rechtsstaat!

with 2 comments

maria montez 1942 - arabian nights - by roman freulich. Scanned by Frederic. Reworked by Nick & jane for Dr. Macro's High Quality Movie Scans website: http://www.doctormacro.com. Enjoy!

Antwoord aan iemand die hier reageert op een posting over de Algerijnse schrijver en islam-criticus Boualem Sansal en zich zorgen maakt over de islamisering van Nederland. In een aparte posting:

U bent zo te zien een liefhebber van uitroeptekens. En geen liefhebber van wat u ‘Nieuw Links’ noemt. Uw betoog is niet makkelijk te volgen. Maar ik meen te begrijpen dat u veel of alle maatschappelijke ontwikkelingen koppelt aan de positie van de islam in Europa. U meent dat ‘Nieuw Links’ dat mogelijk maakt. De middenpartijen PvdA, CDA, D66, VVD, GroenLinks zouden de opkomst van de islam in Europa steunen of faciliteren.

Uw perspectief is dan van een ontdekkingsreiziger op de Noordpool die om zich heen kijkt en opmerkt dat hij alleen naar het Zuiden kan kijken. Een terechte opmerking, maar een uitspraak die alleen voor die ene plek op de Noordpool geldt. Voor de rest van de wereld geldt het niet. Zo is het ook met uw perspectief. Het is juist omdat het uw mening weergeeft, maar met de werkelijkheid om ons heen heeft het weinig te maken.

Laat ik uitleggen hoe ik ertegenaan kijk. Mijn ideale model is de nationale rechtsstaat zoals Nederland die kent. Met democratische instituties en grondrechten. Dat is in eeuwen opgebouwd en gevormd, en heeft zich in de praktijk bewezen. Met checks and balances. Maar de rechtsstaat moet onderhouden worden, zoals een tuin onderhouden moet worden. Dus als u zegt dat de rechtsstaat gestroomlijnd moet worden dan zijn we het eens. Maar de rechtsstaat moet niet vervangen worden door een alternatief zoals de sharia of de eenpartijstaat zoals feitelijk Turkije en de Russische Federatie die kennen en Trump in de VS probeert te vestigen. Laat de rechtsstaat de rechtsstaat blijven.

In het secularisme vinden religies en levensovertuigingen een gelijkwaardige plek die door de overheid gegarandeerd dient te worden. Dus geen voorrechten voor de aloude godsdienst van het verleden of de nieuwe godsdienst van de nieuwkomers. Iedereen gelijke rechten zonder voorrechten. En ook geen voorrechten van religieuze organisaties boven niet-religieuze organisaties. Evenmin zielig gedoe over slachtoffers van het een of het ander of religieuze vrijplaatsen waar minderheden zoals vrouwen of homoseksuelen buiten de bescherming van de overheid onderdrukt worden. Dat mag de overheid niet laten gebeuren.

U hebt ongetwijfeld gelijk dat de situatie zoals die nu is verre van ideaal is. Het gepamper van het multiculturalisme en de steun van de meest orthodoxe en niet toevallig de best georganiseerde immigranten sinds de jaren 1970 heeft averechts gewerkt. Maar sinds de periode Fortuyn heeft Nederland een inhaalslag gemaakt. De grootste ontsporingen zijn gecorrigeerd. Subsidies zijn teruggebracht. Slachtofferdenken is achterhaald, of wordt in elk geval door een meerderheid van de bevolking niet meer sexy gevonden. Maar welke kant moeten we op als de huidige situatie ondeugdelijk is?

Ik zie maar een zinvolle weg. Dat is de rechtsstatelijkheid met vrijheden, grondrechten en instituties die onze rechten en plichten bewaken. Gelovigen kunnen daarin gelijkelijk naar elkaar hun plaats innemen als ze zich ondergeschikt verklaren en maken aan de nationale rechtsstaat. Een beter alternatief daarvoor is er in mijn ogen niet in Nederland.

Uw manier van redeneren concentreert zich in uw reactie op de zogenaamde culturele onderwerpen. Dus zeg maar, identiteit, nationaliteit, integratie, islam. Het kan zijn dat u elders meer aspecten in uw betoog betrekt, maar ik ga uit van uw reactie hier.

Welnu, die concentratie op die culturele aspecten alleen, bergt het risico in zich andere aspecten ongenoemd of onderbelicht te laten, zoals vooral de sociaal-economische aspecten. Zoals inkomengelijkheid, belastingdruk en -ontwijking, machtsdeling, eigendomsverdeling, huisvesting, onderwijs en zorg. Die sociaal-economische onderwerpen zijn als vanouds de onderwerpen die links tot links konden maken. Tot de opgang van het neoliberalisme onder de PvdA-VVD kabinetten Kok in de jaren ’90 toen links verdween uit Nederland. Of in elk geval uit de kern van de macht.

Is het al eens in u opgekomen waarom politiek links uit Nederland is verdwenen? Waarom de sociaal achtergestelden niet meer worden vertegenwoordigd door de politieke partijen? Zou het kunnen dat de aandacht voor de culturele onderwerpen waar u de mond vol van hebt die sociaal-economische onderwerpen van de politieke agenda hebben geduwd, of hebben gemarginaliseerd?

Zodat een wankele situatie ontstaat van aantrekken en weren tegelijk. Anders gezegd, links kan en mag niet meer links zijn zoals het tot voor 1994 was. En doordat de als vanouds behoudende partijen als VVD, CDA en PVV de politieke agenda domineren met hun culturele onderwerpen over nationalisme, identiteit, islam en integratie komt het oude links er niet meer tussen om de sociaal-economische onderwerpen bovenaan de agenda te krijgen. Met als gevolg dat de oude achterban van de PvdA en voorheen linkse partijen zich terecht verwaarloosd achten en overlopen naar rechts. Wat Vlamingen noemen een dubbelslag.

Iemand die zich zorgen maakt over de islamisering van Nederland heeft reden om dat te doen. Maar het is onvolledig en werkt averechts om dat geïsoleerd te doen. Zoals een goede vergelijking van producten niet gebaseerd kan worden op slechts een aspect, kan de toetsing van politieke partijen of de visie over de inrichting van de samenleving niet gebaseerd worden op de islamisering alleen. Hoe zorgzaam dat op zichzelf ook is. Want dat geeft belanghebbenden die er voordeel bij hebben dat het debat over de sociaal-economische aspecten veronachtzaamd wordt een te groot voordeel dat ze bij een evenwichtige en brede discussie niet zouden krijgen.

Erger nog, het lijkt er sterk op dat ‘de culturele oorlog’ tegen de islam gevoed wordt door juist die belanghebbenden die er hun economische belangen mee dienen en juist beogen door deze indirecte wijze van handelen via de omweg van het islamdebat onder de radar van de politiek en de publieke opinie te blijven. Zo wordt de islamcriticus die op zichzelf steekhoudende argumenten heeft toch op het verkeerde been gezet en misbruikt door krachten waarvan hij het bestaan niet vermoedt.

Kortom, laten we in het belang van Nederland breed en overkoepelend denken door ons goed te informeren en niet te laten sturen door zelfbenoemde ‘leiders’ en woordvoerders. Die ons ronselen met hun beroep op ‘het volk‘. Terwijl ze ons in werkelijkheid onze stem ontnemen door zich in onze plaats te stellen en ons te ontmenselijken. Want we weten niet of die zelfbenoemde leiders en woordvoerders weer niet door anderen gestuurd worden die belangen hebben die wel eens tegen die van onszelf in zouden kunnen gaan. Daarom moeten we zelf nadenken en zonder wantrouwend te worden toch niets voor zoete koek aannemen. En al helemaal niet algemeenheden over de islamisering van Nederland die te grof zijn voor een verklaring.

Foto: Maria Montez in Arabian Nights (1942) van John Rawlins. Voor Dr. Macro.

Referendum als excuus en stootkussen om de politiek terzijde te schuiven

with 2 comments

bi

 

Business Insider Nederland biedt wekelijks een debat tussen aankomend politicus Thierry Baudet (FvD) en kamerlid Stientje van Veldhoven (D66) over een specifiek onderwerp. Deze week het referendum.
Dat vraagt om commentaar:

Het debat over wel of geen referendum is een schijndebat. Waarom Stientje van Veldhoven zich in een debat laat lokken met Baudet is ook de vraag. Ze zou beter moeten weten.

De sinds zomer 2015 nieuwe voorstanders van het referendum lieten zich immers eerder leiden door de politieke en commerciële (Geen Stijl) kansen die het op 1 juli 2015 ingevoerde Wet Raadgevend Referendum bood dan door hun democratische gezindheid. Dat laatste wordt gebruikt als voorwendsel voor het eerste. Dus daarom is het krom om een debat aan te gaan met iemand van wie de democratische gezindheid in zijn politieke functioneren niet vooropstaat, maar die wel anderen op dit aspect de maat meent te kunnen nemen.

Het antwoord op de vraag die een meerderheid van de Nederlandse bevolking bezighoudt is hoe de politiek dichter bij de burger gebracht kan worden. Dus hoe de machtsdeling met de burger vergroot en de macht van de politieke partijen verminderd kan worden. Of dat via vormen van directe of representatieve democratie gerealiseerd kan worden is secundair.

De vraag over het referendum wordt zo in praktische zin een afleiding voor echte veranderingen van het politieke bestel. Die verder gaan dan lippendienst. De populistische splinterpartijen gebruiken de roep om het referendum om zich ermee te profileren en in te vechten in de gevestigde politieke orde waar ze tot toe willen treden door aan te schoppen tegen die gevestigde politiek. Ook een generatieconflict en een gebruikelijke carrièrestap voor aspirant politici. Sommige behoudende traditionele politieke partijen gebruiken het referendum als excuus en stootkussen om geen fundamentele maatschappelijke veranderingen door te voeren. Progressieve politieke partijen willen die veranderingen wel, maar laten zich afleiden door een eindeloos debat over de vormgeving ervan.

Wat te doen? De oplossing zit ‘m niet in het referendum, maar in de druk op de gevestigde politiek om de macht met de burger te delen. Geen enkele organisatie levert ooit zonder tegenprestatie een deel van de macht in. Met het Nederlandse veelpartijenstelstel is de representatie rvan de burgers redelijk verzekerd. Het echte debat gaat over sociaal-economische onderwerpen, zoals inkomensgelijkheid, belastingdruk en belastingontwijking, huisvesting, onderwijs, werk en gezondheid, klimaat en gezondheid.

Een partij als D66 moet niet bang zijn om kritiek te hebben op het referendum. Niet om het af te schaffen, maar door het belang ervan niet te overschatten. Maar wat D66 vooral niet moet doen is zich door een andere partij tot een schijndebat laten verleiden waarin beide kanten weten dat het een schijnvertoning is. Maar wat ze om uiteenlopende redenen de kiezer niet kunnen bekennen omdat ze eigen, specifieke electorale redenen hebben om het debat over het referendum in de lucht te houden. Als luchtkasteel.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelStientje van Veldhoven: ‘Thierry Baudet gebruikt referenda om de politiek terzijde te schuiven’ op Business Insider Nederland, 31 januari 2017.

Is het verschil tussen links en rechts in de politiek verdwenen? De Gruyter en De Ridder geven hun duiding

with one comment

Wat is het nieuwe constructief en het nieuwe destructief? Rechts of links, geen van de twee of iets ertussenin? In een prikkelende NRC-column zei Caroline de Gruyter afgelopen week met verwijzing naar de Franse politicus ‘en marche’ Emmanuel Macron: ‘Het verschil tussen links en rechts is verdwenen. Nu ontstaat een nieuw politiek onderscheid: constructief versus destructief. Constructieve – decente – politici onderscheiden zich door onbesproken gedrag en het vermogen om een positieve toekomstvisie te ontwikkelen. Ze proberen burgers daarvoor warm te krijgen, zelfs al suggereren peilingen dat die visie impopulair is. Deze politici komen met realistische analyses en plannen. Ze spelen op de bal, niet op de man. Negativistische politici werken andersom: ze maken mensen bang en beloven hen dan gouden bergen – die natuurlijk niet bestaan.’

Het betoog van De Gruyter die vanuit Wenen verslag nauwgezet verslag doet van de gevoelstemperatuur in de EU zal vooral degenen aanspreken die vrezen dat de EU onder binnen- en buitenlandse druk fragmenteert. Alle hens aan dek om de instituties overeind te houden en de vijanden af te troeven die van buiten tegen de EU schoppen. Het lijken er op dit moment al zeker drie te zijn: Putin, Trump en May die om partijpolitieke redenen vlucht in haar idee van een harde Brexit. Om dat te weerstaan en de EU weerbaar te maken moeten de constructieve krachten samenwerken, zo is het idee. JOVD-voorzitter Rutger de Ridder reflecteert hierop.

Maar is hiermee ook het verschil tussen links en rechts verdwenen? Zeg, sociaal-economische principes van inkomensverdeling, belastingdruk, machtsdeling en eigendomsverhoudingen. Kapitaal en arbeid. Wat heeft een have-not aan een EU die voor de poorten van de hel voor aanstormende trolls en retorische praatjes uit Washington en Moskou wordt weggesleept? Niets. Onmiskenbaar bedrijven Trump, Wilders en Krol feitenvrije politiek. Waarbij ze uitgaan van respectievelijk een vlucht vooruit, een vlucht opzij en een vlucht achteruit.

Rutger de Ridder heeft gelijk dat feiten centraal behoren te staan in het politieke debat. Het is echter ook een ontwijkend verhaal dat politiek verpakt in een pseudo a-politieke boodschap. Zeker, constructieve politiek is nodig om negativistische politici als Trump, Wilders of Krol de pas af te snijden. Maar om dit tegenspel inhoud te geven is meer nodig. Verwijzing naar constructieve politiek geeft immers nog geen politieke richting aan. Een analyse van politiek wordt pas geloofwaardig als principes erbij betrokken worden die te maken hebben met de sociaal-economische positie van burgers en bedrijven. Dan helpt het niet om de verschillen tussen links en rechts af te waarderen in een zogenaamd a-politiek verhaal dat in essentie klinkklare politiek is. De Gruyter en De Ridder vluchten voor de dood van links/rechts-politiek om hem ’s avonds in Isfahan te treffen.

We betalen de prijs voor belastingontwijking door vermogenden en multinationals. Dat tekent de ondergeschiktheid van partijpolitiek

leave a comment »

We kennen ‘cloud computing’, ofwel ‘the cloud’ waarin onze data worden opgeslagen. Maar er is ook een andere cloud. Die van buitengaats (offshore) geld dat nooit ergens landt. En waarover geen belasting wordt betaald. Verbazingwekkend en tamelijk ontluisterend voor de geloofwaardigheid van de partijpolitiek is dat dit type belastingontwijking legaal is. Degenen die er schade van ondervinden, maar er geen invloed op kunnen uitoefenen vinden het een immorele praktijk. Vermogenden en internationale bedrijven maken er misbruik van, betalen geen of nauwelijks inkomens- of vermogensbelasting in de landen waar ze gevestigd zijn, maar profiteren wel van alle voorzieningen die door de burgers van die landen worden betaald. Dat is immoreel.

De documentaire ‘The Price We Pay’ (2014) van Harold Crooks zet op een rijtje hoe belastingparadijzen van invloed zijn op het draagvlak van de democratie. Want als de arbeiders- en middenklasse gaan beseffen dat rijken en multinationale bedrijven zich onttrekken aan het betalen van belasting dan roept dat een reactie op. Of deze burgers bewegen zich in de richting van valse profeten (fascisme, populisme) die een oplossing beloven of ze verliezen het vertrouwen in de werking van de democratische rechtsstaat en keren zich ervan af. Omdat de nationale politiek afhankelijk is geworden van grensoverschrijdende financiële instellingen en erdoor gegijzeld wordt heeft de politiek geen ruimte meer om er iets aan te veranderen. Een oplossing moet komen door samenwerking van landen, maar dat wordt gefrustreerd door bedrijven die dat blokkeren.

Wat de documentaire schetst is de reden waarom ik het geloof in partijpolitiek ben verloren. Partijpolitiek is de gewichtloosheid van de middelmaat. Partijen houden zich bezig met trivialiteiten en de eigen marketing (Asscher! Wilders! DENK!) in het besef dat ze niet in staat zijn iets te veranderen aan de grote lijn. Of liever gezegd, politieke partijen weten dat ze geen invloed hebben om de afbraak van de verzorgingsstaat een halt toe te roepen. Dat gaat ten koste gaat van de laagbetaalden die ook nog eens relatief zwaar belast worden. De oprechtheid om toe te geven dat de verzorgingsstaat voorbij is en ze er geen invloed op hebben kunnen de politieke partijen niet opbrengen. Begrijpelijk, want dat zou hun overbodigheid nog extra benadrukken. Daarom houden ze in hun gesloten systeem met z’n allen de leugen van hun eigen belangrijkheid in stand.

The Price We Pay’ zag ik afgelopen week op het Fraude Film Festival in Amsterdam. Een boeiend festival met een olifant in de zaal waarover niemand praatte. Want wie bedenkt dat tot de sponsors Deloitte, Allen & Overy en ABN-Amro behoren die belastingontwijking faciliteren moet concluderen dat ze op een festival dat zich sterk maakt om fraude aan de kaak te stellen en te bestrijden niets te zoeken hebben. De organisatie doet er dan ook verstandig aan om haar sponsorbeleid te herzien. Om de schijn van belangenverstrengeling van dit soort bedrijven te vermijden is het onvermijdelijk om dit type partners in te wisselen voor betrokkenen die voortkomen uit de grassroots van de samenleving. Als het Fraude Film Festival wil doorgroeien naar een maatschappelijk relevant en geloofwaardig evenement dan moet het beseffen dat er een onaanvaardbare tegenstelling bestaat tussen de hand die het voedt en de hand die met kritiek gebeten moet kunnen worden.

Wat te doen met GroenLinks? Wat is ervoor nodig om die partij te kunnen steunen?

leave a comment »

Op 15 maart 2017 zijn de volgende verkiezingen voor de Tweede Kamer. Als het kabinet Rutte II ongehinderd de eindstreep haalt. Dan wordt de stem van de kiezer gevraagd. Na afstrepen neig ik naar GroenLinks. Voorlopig. Want reken maar na: geen religie in politiek (CDA, CU, SGP), geen rechts- of links-radicalisme (PVV, GrBvKL, SP), geen irrelevantie (DENK, 50Plus) of geen verwaterde, slappe versie van politiek (VVD, PvdA). Dan blijven D66 en GroenLinks over. Maar omdat de laatste partij net iets meer maatschappijkritiek lijkt te hebben en D66 zich tegenover de EU wel erg braafjes opstelt staat voorlopig GroenLinks voor mij in poll position.

Maar dan moet het wel scherper dan dit filmpje. Het is in een woord waardeloos. Een schandalige wanprestatie die leuk is als oefening, maar niet verder had moeten komen dan tussen de schuifdeuren. Een partij die zichzelf serieus neemt en weet waarmee het bezig is laat dit niet openbaar gaan. En haar logo misbruiken. GroenLinks maakt zo een aanfluiting van zichzelf. Schrijnend is dat zoiets geplaatst wordt op het YouTube-kanaal GroenLinks Communicatie. Kunnen stagiaires die nog moeten leren communiceren zomaar in naam van GroenLinks spreken? Dit roept de vraag op of de partij wel beseft hoe waardevol haar aanzien kan zijn.

Wat moet GroenLinks dan wel doen? Het is niet moeilijk. Gewoon wekelijks een boodschap uitzenden die de volgende elementen bevat: Voortborduren op inkomensongelijkheid en Thomas Piketty. Voortborduren op zowel de afnemende belastingdruk van en de belastingontwijking door mega-ondernemeningen om te eisen dat dat hersteld wordt. Dat kan door nog meer dan tot nu toe te benadrukken welke rol het grote geld in de Haagse politiek speelt. Geef maar eens openheid hoe het bedrijfsleven een vinger in de pap heeft. Toon dat aan met de positie van Gazprom of Shell en hoe dat van invloed is op de relatie met Rusland. Neem gelijk een pleidooi voor het klimaat mee. GroenLinks moet het ongenoegen van de sociaal achtergestelden die nu door PVV en SP wordt verwoord beter verwoorden: oplossingsgericht en vanuit gewone menselijke bezorgdheid.

GroenLinks kan vanwege de negatieve bijklank beter geen communistische of socialistische profilering zoeken. Progressief past GroenLinks als een goed zittende jas. Maar dan zonder de nuffigheid van studentes die niet de indruk geven dat het water ooit tot hun lippen is gestegen. GroenLinks moet vooral urgent worden. Minder modieus correct, maar publicitair slimmer. GroenLinks moet ideologisch zijn zonder zich ideologisch te noemen. Als de New Yorker van de Nederlandse politiek die zich aan etikettering onttrekt. Nederland heeft behoefte aan een partij waarbij de noties humanisme, secularisme, volks, kunst, progressiviteit en links-liberalisme opklinken. Bovenal: goed geleid en perfect georganiseerd. Waar de indruk heerst dat de tijd van probeersels en goede bedoelingen voorgoed voorbij is en amateurisme geen plaats meer heeft. Doen.

Café Weltschmerz biedt geen kwalitatief alternatief voor de gevestigde media. Een gemiste kans. Kan het professionaliseren?

leave a comment »

Café Weltschmerz is een YouTube-kanaal dat zichzelf presenteert als ‘een nieuwe initiatief waarbinnen journalisten, wetenschappers, ondernemers en kunstenaars samenwerken aan cultureel-maatschappelijke innovatie. Door experts uit verscheidene disciplines in een open confronterent gesprek te brengen met bestuurders en beleidsmakers, wil Café Weltschmerz een inhoudelijker en informatiever programma creeeren. De huidige interviewers zijn, Erik de Vlieger, Dirk van Weelden, Jens van Trigt en Cesar Majorana.’

Weltschmerz is wat je noemt: confronterent. Confron te rent? Het denkt van zichzelf kritische noten te kraken waarvan het vindt dat die door andere media niet worden gekraakt. En zelfs een informatiever programma te bieden. Maar dat valt te bezien. Weltschmerz kraakt ook valse noten en biedt niet altijd een weergave die uit de feiten blijkt. De redactie van Weltschmerz zou kritischer moeten zijn op de kwaliteit en de voorbereiding van de burgerjournalisten die het in de arm neemt. Als bij de presentator basale kennis over het onderwerp ontbreekt dan wordt het wringen en keert een item zich tegen Weltschmerz. Dat kan de bedoeling niet zijn.

Een gesprek tussen Ancilla Tilia en Arjan Kamphuis maakt inzichtelijk wat er fout is aan Weltschmerz. Het kent de constructie van een kaartenhuis dat op foute aannames wordt gebouwd. Gaandeweg het gesprek wordt daar steeds meer uit afgeleid en aan toegevoegd. Dat laat de geïnformeerde, kritische kijker met verbazing achter. Ongetwijfeld bedoelen Tilia en Kamphuis het serieus en hebben ze zelfs goede punten te pakken, maar door de slechte voorbereiding en hun houding om overal een complot in te zien kletsen ze uit hun nek en geven de indruk niet exact te weten waarover ze het hebben. Als Weltschmerz een alternatief wil zijn voor ‘establishment media‘ die op de hand van het bedrijfsleven en de zittende politiek zijn dan moet de redactie van Weltschmerz het serieuzer aanpakken en beter voorbereide en gekwalificeerde mensen het veld insturen.

Ik plaatste bij bovenstaand item de volgende reactie die vooral verwijst naar wat volgt na 7’55’’ en wat Tilia beweert: ‘Ancilla Tilia heeft zich onvoldoende voorbereid en legt een verband dat niet bestaat. Ze suggereert dat de Oekraïense premier Arseni Jatsenjoek is afgetreden naar aanleiding van de Panama Papers, maar dat is onjuist. Jatsenjoek is om partijpolitieke redenen afgetreden in een confrontatie met president Petro Porosjenko dat in Kiev al enkele maanden tot een patstelling leidde. Het aftreden van Jatsenjoek op 10 april valt toevallig samen met de publicatie van de Panama Papers vanaf 3 april maar heeft daar niets mee te maken. Het is president Porosjenko die in de Panama Papers wordt genoemd vanwege een constructie via de Britse Maagdeneilanden van z’n bedrijf Roshen en zijn belastingaangifte. In de tweestrijd tussen Jatsenjoek en Porosjenko had de publicatie van de Panama Papers juist de positie van Jatsenjoek kunnen versterken als ze een rol hadden gespeeld. Maar die rol speelden ze niet zoals Tilia abusievelijk suggereert.

Oekraïne: Een nieuwe regering, maar hoe zit het met de hervormingen?

with one comment

Simon Ostrovsky keert voor Vice News terug naar Oekraïne. Hij onderzoekt hoe het is gesteld met de corruptiebestrijding. President Petro Porosjenko wordt in de Panama Papers genoemd en dat is geen gunstig teken. Welk perspectief heeft Oekraïne met de nieuwe regering onder leiding van Volodimir Groisman die niet bekend staat als hervormer? Ostrovsky praat met parlementslid Serhij Leschenko die als lid van Porosjenko’s partij teleurgesteld is in de president. De Amerikaanse ambassadeur Geoffrey Pyatt geeft ondanks het lage tempo van hervormingen de nieuwe regering Groisman het voordeel van de twijfel. Hoe kan het Oekraïense volk dat al 25 jaar vraagt om corruptiebestrijding en hervormingen, maar dat maar steeds niet krijgt gediend worden met een regering en een president die de corruptie niet of nauwelijks zullen aanpakken? Ofwel, hoe kan de Oekraïense bevolking wel geholpen worden. Orysia Lutsevych van de Britse denktank Chatham House geeft haar visie op de laatste ontwikkelingen: