George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Beeldvorming

Verspreiding van dwaze complottheorieën en het relativeren van de waarheid kunnen dienen om samenzwering achter te verbergen

with 2 comments

Na Epsteins dood hebben media overvloedig aandacht besteed aan complottheorieën die kant noch wal raken en van bedenkelijke herkomst zijn. Ze hebben daar in de meeste gevallen de conclusie uit getrokken dat er ‘daarom’ geen sprake is van samenzwering. Of ze zijn zelfs niet aan de vraag toegekomen of het gaat om samenzwering. Die nalatigheid en dat gebrek aan alertheid komen voort uit een niet valide sluitrede van het type 1) Alle complottheorieën van gekkies of politieke manipulators zijn onjuist; 2) Over Jeffrey Epstein doen complottheorieën de ronde; 3) Complottheorieën over Epstein zijn onjuist. In dit voorbeeld klopt de conclusie niet omdat er ook complot- of samenzweringstheorieën zijn die niet afkomstig zijn van gekkies of politieke manipulators, zodat niet geconcludeerd kan worden dat niet alle complottheorieën over Epstein onjuist zijn.

Complottheorieën dienen volgens Russell Muirhead, politicoloog aan Dartmouth College in New Hampshire, twee doelen. Ze dienen om ‘greep te krijgen op het bijna onbegrijpelijke’ en ‘ze zijn een krachtig wapen om politieke tegenstanders zwart te maken’. Aldus Frank Kuin in het artikelWe zijn in de VS omgeven door verzinsels’ in NRC, 16 augustus 2019. Dat is waar, maar de uiterste consequentie ervan wordt niet getrokken. Namelijk dat het verspreiden van dwaze en idiote complottheorieën en het verregaand relativeren van het begrip waarheid in stelling worden gebracht om een samenzwering achter te verbergen. De complottheorie is de vakantie van het normale. Hoewel de anti-complotdenker daar in een Droste-effect over zal beweren dat dat ook weer een complottheorie is. Zo wordt ook de codebreker tot onmiskenbaar deel van het complot.

Muirhead doet onjuiste uitspraken over het Mueller-onderzoek. Dat betreft de verdenking van samenwerking van Team Trump met het Kremlin. Het ligt ingewikkelder dan hij doet uitkomen, ook vanwege het beperkte mandaat en de onderzoeksopdracht die Mueller had. De speciale aanklager heeft niet alles onderzocht dat relevant is voor het aantonen van samenwerking. Muirhead zegt: ‘Er bleek minder bewijs te zijn dan mensen hadden verwacht.’ Klopt, maar omdat het niet onderzocht is, is dat geen uitspraak over samenwerking, maar over de beperkte strekking van het onderzoek. Uit het ontbreken van ‘conspiracy’ (samenzwering) kan men niet afleiden dat er geen sprake van het minder zware ‘collusion’ (geheime verstandhouding) was. Daarnaast zadelde Trumps obstructie Mueller met beperkingen op waardoor hij over ‘conspiracy’ niet tot de conclusie kon komen die zonder obstructie door Trump gedetailleerder, ruimer en ongetwijfeld vernietigender had kunnen worden geformuleerd. Trump heeft het onderzoek gefrustreerd door tegenwerking zodat Mueller geen voldoende data kon verzamelen om tot een afrondende conclusie over ‘conspiracy’ te komen. Muirhead denkt een complottheorie te ontmaskeren, maar trapt er met ogen ogen zelf in. Daarnaast zijn er nog de niet openbaar gemaakte bijlagen van Muellers onderzoek over nationale veiligheid waar Muirhead geen weet van heeft en hij geen uitspraak over kan doen. De conclusie is dat Muirhead onbewust Trumps agenda volgt.

Op de FB-pagina van NRC heb ik bij dit artikel de volgende reactie geplaatst. Links worden toegevoegd:

Ik ben het oneens met de strekking van dit artikel. Het geeft een tour d’horizon waarachter de kwestie Epstein verdwijnt. Zo verandert een artikel met goede intenties in een afleiding. Er is namelijk wel wat gebeurd, namelijk de onverwachte, verrassende en de in-alle-gevallen-te-voorkomen dood van een van de meest spraakmakende personen van de VS met duidelijke lijnen naar de politiek.

Als dat dan gebeurt roept dat vragen op over een samenzwering. Want regels en afspraken van overheidsdiensten zijn geschonden en Epstein stond bekend als iemand die met geld de rechtsgang en personen die toezicht op de rechtsgang hadden manipuleerde, zoals in Florida in 2008 waar hij onterecht wegkwam met een lichte straf. Epstein heeft een spoor van onregelmatigheden nagelaten in het Amerikaanse rechtssysteem dat nog steeds niet volledig in kaart is gebracht. Waarom is het merkwaardig om te veronderstellen dat hij dat tot en met zijn dood heeft volgehouden?

Epsteins dood verdient een grondige en onpartijdige analyse. Het is zeker zo dat er verschillende kampen zijn, te weten het Clinton en het Trump kamp die proberen de ander de zwarte piet door te schuiven. Maar het is een argumentatiefout om uit die krankjorume complottheorieën af te leiden dat er daarom geen sprake is van een samenzwering. Dat weten we nog steeds niet. Er is ook een derde kamp van onafhankelijke, neutrale hoogleraren, opinieleiders, journalisten en politici buiten de hoofdstroom van de partijpolitiek om die een rechtsstatelijke invalshoek kiezen.

Kuin besteedt onvoldoende aandacht aan de rol van Justitieminister William Barr die in zijn handelen er de afgelopen maanden voor heeft gezorgd dat het wantrouwen jegens hem, president Trump en de overheid is toegenomen. Vastgesteld is dat Barr bij zijn eigenmachtige presentatie van het Mueller-rapport de bevindingen eruit verkeerd en onvolledig voorstelde om succesvol de publieke opinie te kunnen manipuleren. Zelfs media als de The New York Times en in Nederland de NRC trapten in de ’spin’ van Barr, wat me overigens in conflict met de NRC-Ombudsman bracht. Trappen de media nu opnieuw in de ‘spin’ van Barr? Het lijkt er sterk op dat ze zich opnieuw laten manipuleren.

Nee, u gaat niet tot de bodem van deze kwestie en zet relevante vragen in een te algemeen frame. Ja, er zijn idiote complotdenkers, maar er zijn ook denkers die verder denken en vooralsnog een samenzwering niet uitsluiten. Daardoor vergeet u dat er onafhankelijke waarnemers en onderzoekers zijn die aan de hand van de feiten de waarheid boven tafel willen krijgen. Wat een zorgvuldige journalist behoort te doen is een verklaring zoeken voor een verschijnsel dat vele vragen oproept. Laten we niet te snel tot conclusies komen, maar alle feiten onderzoeken.

De vragen die op antwoord wachten zijn onder meer de volgende: Wie heeft Epstein geholpen bij het voorbereiden van de uitvoering van zijn daad, wie heeft gezorgd voor het beëindigen van het verscherpt toezicht en wie heeft ervoor gezorgd dat een celgenoot werd overgeplaatst? Daarover bestaan theorieën die niet over de zelfmoord zelf gaan. Ofwel, zonder hulp van buitenaf en met verscherpt toezicht had Epstein nooit zelfmoord kunnen plegen. Een bijkomende vraag is waarom minister Barr Epstein in dit federale detentiecentrum plaatste en hem niet in een beter beveiligd en geoutilleerd centrum waar zijn persoonlijke veiligheid beter gegarandeerd was. Ook als blijkt dat Epstein zelfmoord heeft gepleegd is er nog geen antwoord op de vraag waarom hij zelfmoord kon plegen. De verwijzingen naar de chaos en de slechte organisatie in het detentiecentrum in Manhattan zijn geen voldoende verklaring voor wat er is gebeurd, maar een afleiding.

Het is gezien de grote belangen en de meedogenloosheid van Trump en Barr op dit moment niet uit te sluiten dat er sprake is van een samenzwering op het hoogste niveau. Die optie moeten we open laten en hopelijk volgt een onafhankelijk onderzoek buiten de regering Trump of het ministerie van Justitie om. Want Barr en Trump hebben schuld aan de dood van Epstein.

Laten we beseffen dat Trump zeer waarschijnlijk in de gevangenis belandt als hij in 2020 niet herkozen wordt en daarom alle middelen inzet om grip op Justitie te houden. Het gaat in deze kwestie niet om het ‘gewone’ type samenzwering van malcontenten, eenzame gefrustreerden en idioten met een aluminium hoedje op die de feiten laten volgen uit een eigen mening of een opgelegde mening van populistische media, maar om het type samenzwering dat ontraadseld kan worden door de feiten te volgen en daaruit een conclusie te laten volgen. Gezien de grote belangen is het niet onmogelijk dat zo’n samenzwering is georkestreerd vanuit de regering Trump. Vergelijk het met de Iran-Contra-affaire of het Watergate-schandaal die uiteindelijk werkelijk bleken te zijn gebeurd hoe de toenmalige regeringen van Nixon en Reagan dat aanvankelijk ook ontkenden en een onderzoek probeerden te blokkeren. Is Trump de derde man die in de kwestie Epstein hetzelfde deuntje van manipulatie en meedogenloos handelen jegens zijn vijanden speelt? Dat moet de journalistiek boven water helpen halen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelWe zijn in de VS omgeven door verzinsels’ van Frank Kuin in NRC, 16 augustus 2109.

Advertenties

Laatdunkendheid over complotdenkers leidt in kwestie Epstein tot blinde vlek bij gevestigde journalistiek die samenzwering uitsluit

with 3 comments

Ik heb geen goede woorden over voor een stuk van 12 augustus van Bas Soetenhorst in Het Parool. Ik vind het gemakzuchtig. Het tekent het spagaat van Nederlandse journalisten die op afstand staan van de Amerikaanse én de Nederlandse samenleving en in een Atlantisch niemandsland hun waar slijten. Hieronder geef ik mijn reactie weer die ik plaatste op de FB-account van Het Parool bij dit onderwerp. Links zijn toegevoegd.

Er is ook wel wat gebeurd, beste Bas Soetenhorst, namelijk de onverwachte, verrassende en de in-alle-gevallen-te-voorkomen dood van een van de meest spraakmakende personen van de VS met sterke lijnen naar de politiek. Het is als de bezwering in een theaterstuk dat herhaalt ‘DAT mag niet gebeuren’ met als uitkomst dat DAT waarvan iedereen weet dat het niet mag gebeuren uiteindelijk toch gebeurt.

Als dat dan gebeurt roept dat vragen op over een samenzwering. Want regels en afspraken van overheidsdiensten zijn geschonden en Epstein stond bekend als iemand die met geld de rechtsgang en personen die toezicht op de rechtsgang hadden manipuleerde, zoals in Florida in 2007 waar hij onterecht wegkwam met een lichte straf. Epstein heeft een spoor van onregelmatigheden nagelaten in het Amerikaanse rechtssysteem dat nog steeds niet volledig in kaart is gebracht. Waarom is het merkwaardig om te veronderstellen dat hij dat tot en met zijn dood heeft volgehouden?

Epsteins dood verdient een grondige en onpartijdige analyse en meer dan een stuk van een correspondent die dualistisch denkt in zwart-wit tegenstellingen, de feiten verkeerd voorstelt en zo zelf complottheorieën de wereld instuurt waar hij klaarblijkelijk zijn neus voor ophaalt alsof er wat smerigs aan de schoen van de ander kleeft, terwijl het zijn eigen schoen betreft.

Het is zeker zo dat er verschillende kampen zijn, te weten het Clinton en het Trump kamp die proberen de ander de zwarte piet door te schuiven. Waarbij het kamp Trump het hardst van leer trekt. Maar er is ook een derde kamp van onafhankelijke, neutrale hoogleraren, opinieleiders, journalisten en politici buiten de hoofdstroom van de partijpolitiek om die een rechtsstatelijke invalshoek kiezen. Wat trouwens te denken van progressieve Democraten en Never Trumpers conservatieven (type Max Boot, Bill Kristol, George Will) die zowel niks moeten hebben van Bill Clinton als Donald Trump? Uw dualisme komt niet overeen met de realiteit.

Het is onjuist dat Joe ‘Morning Joe’ Scarborough de schuld bij de Russische Federatie legt. Hij is zoals u weet een voormalige Republikeinse, conservatieve Huis-vertegenwoordiger uit Florida die samen met zijn toenmalige partner en huidige echtgenote Mika Brzezinski bevriend was met Trump, maar afstand van hem heeft genomen en zijn weerzin voor Trump niet verbergt. Scarborough schreef in een tweet op 10 augustus: ‘A guy who had information that would have destroyed rich and powerful men’s lives ends up dead in his jail cell. How predictably…Russian.‘ Daarop antwoordde Ben Norton: ‘Billionaire pedophile Epstein died, and this celebrity “journalist” immediately blames Russia, without a scintilla of evidence’. Daar antwoordde ik op: ‘Ben, you are a bad reader. Joe does not accuse the Russians of having killed Epstein, but concludes that it is a mo that Russians use. He is right in that because the Kremlin makes enemies disappear. Died under suspicious circumstances in the US: Sergei Krivov and Mikhail Lesin.’ Bas Soetenhorst is ook een slechte lezer die de nuance mist.

Soetenhorst gaat voorbij aan de rol van Justitieminister William Barr die in zijn handelen er de afgelopen maanden voor heeft gezorgd dat het wantrouwen jegens hem, president Trump en de overheid is toegenomen. Barrs rol is essentieel en kan in een serieus verslag niet ongenoemd blijven. Vastgesteld is dat Barr bij zijn eigenmachtige presentatie van het Mueller-rapport de bevindingen eruit verkeerd en onvolledig voorstelde om succesvol de publieke opinie te kunnen manipuleren. Zelfs media als de The New York Times en in Nederland de NRC trapten in de ’spin’ van Barr, wat me overigens in conflict met de NRC-Ombudsman bracht die ik lichtgelovigheid verweet en die me achteraf moest toegeven dat de berichtgeving in zijn krant niet optimaal was geweest. Als de gevangene Lewis Kasman in de gevangenis in Manhattan waar Epstein was opgenomen in de New York Post van 11 augustus 2019 verklaart dat hij met eigen ogen zag dat minister Barr twee weken geleden deze faciliteit bezocht, dan voedt dat het complot nog verder. Het is hoogst ongebruikelijk dat een minister een gevangenis bezoekt. Wat had Barr daar te zoeken?

Waar dient journalistiek voor? Het is uit uw artikel niet op te maken, Bas Soetenhorst. U maakt zich er makkelijk vanaf door de boevenstreken van Donald Trump tegenover de boevenstreken van Bill Clinton te zetten. Klaar, met een commentaar van een mediadeskundige als uitsmijter.

Nee, u verklaart niks en zet de relevante vragen in het verkeerde frame. Ja, er zijn complotdenkers, maar er zijn ook denkers die verder denken, maar vooralsnog een samenzwering niet uitsluiten. Daardoor vergeet u dat er onafhankelijke waarnemers en onderzoekers zijn die aan de hand van de feiten de waarheid boven tafel willen krijgen zonder met een partijpolitiek vingertje te wijzen of op voorhand de waarheid te weten. Wat een zorgvuldige journalist behoort te doen is een verklaring zoeken voor een verschijnsel dat vele vragen oproept. Laten we niet te snel tot conclusies komen, maar alle feiten onderzoeken. Schaamt u zich niet voor de ondertitel van uw stuk: ‘voer voor complotdenkers’ dat morele arrogantie combineert met intellectuele luiheid?

De vragen die op antwoord wachten zijn onder meer de volgende: Wie heeft Epstein geholpen bij het voorbereiden van de uitvoering van zijn daad, wie heeft gezorgd voor het beëindigen van het verscherpt toezicht en wie heeft ervoor gezorgd dat een celgenoot werd overgeplaatst? Daarover bestaan theorieën die niet over de zelfmoord zelf gaan. Ofwel, zonder hulp van buitenaf en met verscherpt toezicht had Epstein nooit zelfmoord kunnen plegen. Daar zijn de deskundigen die het reilen en zeilen van het Manhattan Correctional Center kennen het over eens. Ook als blijkt dat Epstein zelfmoord heeft gepleegd -wat waarschijnlijk is- is er nog geen antwoord op de vraag hoe en waarom hij zelfmoord kon plegen.

Het is gezien de grote belangen en de meedogenloosheid van Trump en Barr op dit moment niet uit te sluiten dat er sprake is van een samenzwering. Besef dat Trump zeer waarschijnlijk in de gevangenis belandt als hij in 2020 niet herkozen wordt en daarom alle middelen inzet om grip op Justitie te houden. Het gaat in deze kwestie niet om het ‘gewone’ type samenzwering van malcontenten, eenzame gefrustreerden en idioten met een aluminium hoedje op die de feiten laten volgen uit een eigen mening of een opgelegde mening van populistische media, maar om het type samenzwering dat een conclusie laat volgen uit de feiten en die raakt aan hogere politiek. Vergelijk het met de Iran-Contra-affaire of het Watergate-schandaal die uiteindelijk werkelijk bleken te zijn gebeurd. Dat bleek onder meer na onderzoek van journalisten.

Foto’s: Schermafbeelding van stukken uit het artikelDe dood van miljardair Jeffrey Epstein: voer voor complotdenkers’ van Bas Soetenhorst in Het Parool, 12 augustus 2019.

Gedachten bij documentaire ‘La Stazione’ (1952) van Valerio Zurlini

with 4 comments

Nu eens iets heel anders. Valerio Zurlini (1926-1982) is een Italiaanse regisseur die bij het grote publiek niet zo bekend is als de grote meesters Federico Fellini, Michelangelo Antonioni, Roberto Rossellini of Luchino Visconti. Zelfs tegen de mindere meesters als De Sica, De Santis, Olmi, Germi, Pasolini, Petri, Taviani of Bertolucci moet hij het afleggen in bekendheid. Hij heeft speelfilms gemaakt die in mijn ogen het Italië van de jaren ’60 minder vervreemdend weergaven dan Antonioni of minder imponerend dan Fellini. Zijn constructie oogt natuurlijker zonder dat ook maar in het minst te zijn. Op de achtergrond zeuren oorlog en klassenstrijd, maar overheersen het levensplezier en een esthetische, poëtische realiteit. Niet Frans. Zurlini filmt geen feiten.

La Stazione uit 1952 is een documentaire over het belangrijkste treinstation van de Italiaanse hoofdstad: Stazione di Roma Termini. Zurlini was lid van de communistische partij en werd in 1964 samen met regisseurs als de Taviani’s, Maselli, Lizzani en Loy door de partij aangewezen om de begrafenis van Palmiro Togliatti te filmen. Opgevolgd door Luigi Longo en in 1972 door de charismatische Enrico Berlinguer, de vader van het Eurocommunisme. In de naoorlogse jaren was partij affiliatie in Italië waar een politieke strijd tussen christen-democraten en communisten woedde van belang. Rossellini werd door sommigen minachtend afgedaan als christen-democraat. Zelfs filmstijlen werden gepolitiseerd en door de overheid gesteund of tegengewerkt.

De documentaire is in de stijl van de Cinéma Vérité, een observerende cinema. De Franse filmtheoreticus André Bazin verwoordde het neorealisme (in de brief Ter verdediging van Rossellinizie p. 100) ooit als ‘de documentaire werkelijkheid plus iets’. Het jaar 1952 is een keerpunt. Niet toevallig wordt Umberto D uit 1952 van Vittorio De Sica als de laatste neorealistische film beschouwd. Bazin omschrijft dat ‘iets’ als de beeldkracht, het sociaal engagement, de poëzie, het komische of wat dan ook. Wat is dan de documentaire werkelijkheid van deze documentaire die probeert de feiten zo onbevangen mogelijk weer te geven?

Het heeft geen zin om weg te zakken in getheoretiseer dat al snel op aanstellerij lijkt. In La Stazione zien we een realiteit die we associeren met het Italië van 1952. Punt uit. Hoe geconstrueerd die ook toen was. De marges zijn breed om ons tevreden te stellen en een geschiedenis voor te schotelen die geen geschiedenis is. Denk aan twee beroemde voorbeelden uit de cinematografie, namelijk Oktober (1928) van Sergei Eisenstein en La battaglia di Algeri (1966) van Gillo Pontecorvo. Beide films die respectievelijk 11 (1917) en 9 (1957) jaar na de weergegeven gebeurtenissen werden gemaakt, worden in de geschiedschrijving gebruikt als illustratie ervan. Zo vallen een historische gebeurtenis, de reconstructie en ons begrip ervan samen. Ons beeld van de historische werkelijkheid is vervalst, maar voelt als echt. Er zijn meer voorbeelden, zoals de Nederlandse film De Overval uit 1962 over de overval op het Huis van Bewaring in Leeuwarden. Onze beleving in de wachtkamer derde klasse met Italiaanse arbeiders, boeren, militairen en gezinnen strijdt met esthetiek. Dat we het weten.

Voorlichters onttrekken falend openbaar bestuur Rotterdam aan het zicht

with 2 comments

Laten we het eens hebben over de bestuurbaarheid van de grootste gemeenten van Nederland. Hebben we er een goed beeld van? Die vraag stellen is de vraag beantwoorden. De afdelingen communicatie van de grote steden zijn zo opgetuigd en vol woordvoerders, voorlichters en beleidsambtenaren gestopt dat het onmogelijk is om een beeld te krijgen van wat er echt aan de hand is. Daartegenover is de regionale journalistiek uitgekleed en heeft die onvoldoende middelen om de politiek goed te volgen. Burgers worden overspoeld met gemeentelijke advertenties en brochures die vooral uitblinken in borstklopperij over de fantastische prestaties van het gemeentebestuur. Geen kritische burger die het nog leest, laat staan gelooft, zodat dit soort voorlichting nog slechts op twee doelgroepen is gericht: de slecht geïnformeerde burger die alles voor zoete koek slikt en de gemeentelijke organisatie die zelfbevestiging zoekt om de eigen onzekerheid te verbergen.

De op burgers gerichte voorlichting in grote gemeenten is een manifestatie van de stammenstrijd in het gemeentebestuur. Wethouders zoeken met hun voorlichters, beleidsambtenaren en politieke assistenten de publiciteit om elkaar de loef af te steken. Ze proberen ermee hun positie te versterken. Ze spelen politicusje, terwijl ze in het duale stelsel toch bestuurders en managers zijn. Burgers die wordt lastiggevallen met al die ronkende ‘persmomenten’, persberichten, voorlichtingsfilmpjes en toekomstplannen zijn in dubbel opzicht de klos. Want voorlichting die vooral dient om bestuurders in het zonnetje te zetten kost belastinggeld dat ze zelf moeten ophoesten en het levert een beeldvorming op die valt te kenschetsen als een reisje fantasieland. Dat wil niet zeggen dat er geen gemeentelijke voorlichting bestaat die zakelijk en zinvol is, maar die wordt steeds minder belangrijk. Daarnaast hebben wethouders door de polarisatie van de politiek in de grote steden een prima verdediging om niet serieus in te gaan op kritiek. Want die kan worden afgedaan als partijdig.

Rotterdam is de gemeente waar schijn en werkelijkheid het meest uiteen zijn gaan lopen. Het openbaar bestuur van Rotterdam is niet meer wat het pretendeert te zijn, namelijk doelmatig en oplossingsgericht. De gemeentelijke organisatie is in haar tegendeel verkeerd. Als er iets rauw is aan Rotterdam, dan zijn dat vooral de omgangsvormen binnen stadsbestuur en gemeentelijke organisatie. Het bestuur van de spreekwoordelijke werkstad blinkt uit door regelgeving, indekken van risico’s binnen de ambtelijke organisatie en het op veilig spelen. Dat leidt tot ondoelmatigheid, onnodige procedures en doorgeschoten bureaucratie. Het valt samen te vatten als omslachtig en krampachtig. Het motto van het bestuurlijke Rotterdam is ‘Lullen, maar niet poetsen’.

Van de grote gemeenten heeft Rotterdam met afstand de meeste wethouders, namelijk 10. Amsterdam en Den Haag hebben 8, Utrecht en Groningen 7, Eindhoven en Tilburg 6 wethouders. Zo kent Rotterdam in Michiel Grauss (CU-SGP) een wethouder met de portefeuille ‘Armoedebestrijding, schuldenaanpak en informele zorg’ waarbij het de vraag is hoeveel uren in de week deze bestuurder hiermee bezig is. Uiteraard heeft Grauss een secretariaat, woordvoerder en politiek assistent. Van deze laatste abnormaliteit kijkt niemand meer op, maar abnormaal is het wel dat een bestuurder van een grote stad een politiek assistent moet hebben. Ook nog eens voor zo’n onbenullig takenpakket dat louter om politieke redenen bijeen is geraapt.

Ook wethouders van grotere partijen hebben in Rotterdam last van profileringsdrang. Ze zitten in elkaars vaarwater omdat er gewoonweg teveel wethouders zijn en te weinig beleidsterreinen. Zo figureerden twee wethouders op dezelfde dag, 19 juli 2019 in een persbericht over hetzelfde onderwerp: schone lucht. Ook nog eens wethouders van dezelfde partij, namelijk GroenLinks. Wat voor morsige indruk van overbodigheid en ondoelmatigheid dit maakt bij de Rotterdammers is geen onderwerp waar het huidige college zich zorgen over lijkt te maken. Zo strompelen wethouders voort in hun dillentalisme, op de been geholpen en aan het echte zicht onttrokken door hun woordvoerders, voorlichters, communicatieafdeling en politieke assistenten.

Foto 1: Presentatie op Rotterdam.nl: ‘Het college van burgemeester en wethouders vormt het dagelijks bestuur van Rotterdam’.

Foto 2: PersberichtRotterdam zet in op schone lucht’ van de Gemeente Rotterdam, 19 juli 2019.

Foto 3: PersberichtRotterdam zet belangrijke stappen voor schonere lucht en CO2-reductie’ van de Gemeente Rotterdam, 19 juli 2109.

Lukt het de Democraten om Trump als landverrader en bedreiging voor de nationale veiligheid af te beelden?

with 7 comments

Wat valt er na 29 maanden presidentschap nog meer over Trump te zeggen dan dat hij een fantast, leugenaar, opportunist, narcist en leeghoofd is? Hij is het allemaal en nu in het Witte Huis de volwassenen de kamer hebben verlaten en hij in zijn rol is gegroeid als president is zijn inbeelding (in dubbel opzicht: verwaandheid en fantasie) er alleen maar groter op geworden. Die diskwalificaties spelen op het gebied van voorbereiding op de functie en geestelijke gezondheid. Daarin faalt Trump zo grandioos dat een vergelijking met arrogante en sjoemelende bankiers die de overheid gijzelen in het oog springt: ‘too big to fail’. Trump lijkt zijn eigen idiotie te benadrukken met een continue stroom kletspraatjes als bewijs voor het feit dat hij onaanraakbaar is.

In dit verband is de kanttekening veelzeggend over speciale aanklager Robert Mueller dat hij achteraf toch geen Eliot Ness bleek te zijn die gangster Al Capone succesvol vervolgde. Aanklager Mueller beet niet door en was te netjes als principiële wetsdienaar die niet door het bedrog, de leugens en machinaties van Trump heen wilde breken. Deze profilering van president Trump speelt op het terrein van beeldvorming en misleiding. De president stapelt als afleiding de ene leugen op de andere leugen om zowel een betrekkelijkheid van de waarheid te introduceren als niet vastgepind te worden op zijn fouten en zijn gebrek aan concreet beleid.

Maar er is ook de nationale veiligheid en daar wordt het serieus. Dat gaat over de inmenging van buitenlandse machten in het electorale proces en de reactie van de VS daarop. Dat raakt aan de de soevereiniteit en de integriteit van de democratie, en het vermogen van de Amerikaanse politiek om autonoom te handelen. In de publieksversie van het verslag van het Mueller-onderzoek bleef het aspect van contraspionage buiten beeld. De focus in onderzoek en rapport leek te liggen op het crimineel handelen van Trump en zijn medewerkers.

Het is een raadsel waarom dat aspect van counterintelligence door Mueller niet uitgeplozen zou zijn in het bijna twee jaar lange onderzoek. De New York Times formuleerde dat op 19 april 2019 zo: ‘Maar een contraspionageonderzoek kan nog iets belangrijkers opleveren: een beoordeling door de inlichtingendiensten hoe waarschijnlijk het is dat iemand – in dit geval de president – handelt, bewust of onbewust, onder invloed van of in samenwerking met een buitenlandse macht.’ De suggestie is geopperd dat er in enige vorm van een bijlage of een tweede rapport een geheime versie van het Mueller-rapport bestaat over de contraspionage. Logischerwijze is het gebruikelijk dat dit type onderzoek geheim wordt gehouden om buitenlandse machten niet wijzer te maken. Maar het kan ook dat dit deel van het onderzoek door Mueller nooit is uitgevoerd.

De Huiscommissie Inlichtingen met voorzitter Adam Schiff hield woensdag 12 juni een hoorzitting over de contraspionage implicaties van het Mueller-rapport. De Democraten proberen dit onderwerp met weinig succes in de schijnwerpers te zetten nadat ze de publiciteitsslag om het Mueller-rapport door de bizarre interventie van Justitieminister Barr hebben verloren. Mueller zelf is afwijzend om te getuigen en heeft gezegd als hij daar met een dagvaarding toe gedwongen wordt hij niet meer zal vertellen dan in zijn rapport staat. In de publieksversie wel te verstaan. ABC News’ George Stephanopoulos vraagt in gesprek met Trump of hij contact zou opnemen met de FBI als een buitenlandse macht hem zou benaderen met belastende informatie over een opponent. Dat is wettelijk verplicht. Trump laat dat in het midden en praat erom heen. Dat is hem op het verwijt komen staan dat hij een verrader is. Senator Kamala Harris die de gedoodverfde kandidaat voor vicepresident is op de ticket van Joe Biden, noemt Trump in een tweet nog net geen verrader, maar het scheelt niet veel. Trump als idioot en leeghoofd is niet langer interessant. Trump de landverrader is de nieuwe focus.

Foto: Tweet van Senator Kamala Harris, 13 juni 2019.

Waarschuwing en angst voor rechts-populisten werkt averechts omdat het hun macht vergroot. En hun zwakte buiten beeld laat

with one comment

De paradox van de gevestigde journalistiek, maar ook van veel gebruikers van sociale media is dat ze met hun waarschuwingen tegen het rechts-populisme of de populisten het omgekeerde bereiken van wat ze bedoelen. Ze menen verslag te doen van een feitelijke situatie, maar schieten in hun alarmeringen hun doel voorbij. Wie grasduint op online media of op Facebook, Twitter of blogs ziet hoe het werkt. Waarschuwingen tegen wat rechts-populisten, rechts-nationalisten, rechts-radicalen, alt-right of Nieuw Rechts wordt genoemd zijn immens. Maar het werkt averechts omdat het de invloed van deze populisten er onevenredig groot op maakt.

In het studiogesprek legt de ‘Europese journalist’ Alex Taylor dit voor het Verenigd Koninkrijk uit. Als de hevig verdeelde Conservatieven en Labour buiten beschouwing worden gelaten, dan blijkt dat er bij de Europese Verkiezingen meer kiezers stemden op anti-Brexit dan op pro-Brexit partijen. Maar wie de afgelopen week de media en sociale media heeft gevolgd loopt grote kans uitsluitend het succes van Nigel Farage en de Brexit Party uitgemeten te hebben gekregen. Dat de LibDems en de Greens volgens opgave van het Europarlement met de regionale partijen en Change UK samen een hoger percentage (39,31%) scoorden dan de Brexit Party en UKIP (33,96%) wordt nauwelijks in de media gesignaleerd. En ook niet gebruikt om de golf van rechts-populisme die Europa zou overspoelen te relativeren en minder bedreigend te noemen dan die werkelijk is.

In Nederland wordt al enkele jaren gewaarschuwd voor Thierry Baudet en zijn FvD terwijl hij in de Tweede Keer sinds 2017 twee zetels van de 150 inneemt. Maar wie de Nederlandse media volgde leek FvD een belangrijke, grote partij die volop aandacht verdiende. Hetzelfde geldt voor de Britse Nigel Farage die met UKIP en nu de Brexit Party weliswaar in het Europees Parlement is vertegenwoordigd waar hij paradoxaal genoeg tegen ageert, terwijl hij in het Lagerhuis niet vertegenwoordigd is. Wordt het geschreeuw van de populisten door de media niet uitvergroot en worden ze niet gewichtiger gemaakt dan ze redelijkerwijs aan aandacht verdienen?

De nationaal-populisten of hoe ze ook genoemd worden zetten handig de gevestigde media in voor het vergroten van hun macht. De media en de thuisgebruikers op sociale media doen wat de populisten willen dat ze doen. Sinds 2014 worden we doodgegooid met waarschuwingen voor president Putin en zijn agressieve politiek in Oekraïne. Dat jaagt angst aan en vergroot de macht van zo’n autoritaire leider die uitsluitend aan de hand van een vermeende sterkte wordt afgemeten. Dat zaaien van angst is precies wat de populist om twee redenen wil. Het maakt de macht groter dan die werkelijk is en leidt af van de zwakte. Want wat grotendeels ongenoemd blijft is dat een leider als Putin nooit de steun van een meerderheid van de bevolking achter zich heeft gekregen in vrije, eerlijke verkiezingen. Het volk tolereert uit onmacht zijn greep naar de macht. In zekere zin geldt dat ook voor president Trump die in zijn campagne van 2016 als geen andere kandidaat vrije publiciteit van de gevestigde media kreeg, maar het zelfs bij de verkiezingen af moest leggen tegen zijn tegenstander die drie miljoen stemmen meer kreeg. Door het bijzondere kiessysteem won Trump toch.

Uiteraard zijn er ook nationaal-populisten die wel op een min of meer eerlijke en open manier verkiezingen hebben gewonnen, zoals Modi in India, Salvini in Italië of het PiS (Prawo i Sprawiedliwość) in Polen. Maar hun gang naar de macht gaat wel vergezeld met intimidatie, manipulatie van de beeldvorming, het op een zijspoor zetten of belemmeren van de oppositie en het oprekken van de rechtsstaat door de rechterlijke macht voor eigen doeleinden in te zetten. In Hongarije zijn de verkiezingen van de rechts-populistische Viktor Orban door het kapen van de publieke opinie en de instituties daarom nauwelijks nog eerlijk te noemen. Zoals gezegd zijn er in de Russische Federatie onder president Putin nog nooit niet gemanipuleerde verkiezingen gehouden.

Wat is de les die we moeten trekken? Laten we ons ervan bewust zijn dat media de zuurstof van de populisten zijn. Gevestigde en sociale media. Ze proberen gebruik maken van de media en die voor hun karretje te spannen. Als ze de macht hebben veroverd bestendigen ze die door intimidatie, manipulatie en misleiding. Beeldvorming en afschrikking zijn hun wapens. Als de macht nog moeten veroveren dan doen ze dat door angst aan te jagen voor wat komen gaat door bijvoorbeeld ondergangsfantasieën te schetsen of gebruik te maken van onze angst en verontwaardiging voor hun grofheid en op handen zijnde overtreding van de regels.

Het antwoord daarop is bezinning en het stellen van de volgende drie vragen: 1) wat is de concrete macht van de populist; 2) wat is het politieke programma van de populist en 3) welke positie die overeenkomt met concrete macht heeft de populist? De betrekkelijkheid van de populist is dat die uitsluitend kan gedijen door onze angst en verontwaardiging en alleen op die manier groot kan worden. De remedie is om ons niet bang te laten maken en telkens weer terug te gaan naar de realiteit en ons niet af te laten leiden door doemscenario’s of spookbeelden die de favoriete hulpconstructies van de populist zijn. Door voortdurend te waarschuwen voor de brutaliteit, de overtreding van het fatsoen, goede smaak of normen spelen we de populist in de kaart. Want daardoor benadrukken we de sterkte en vergeten we de zwakte van de populist. Dat werkt averechts.

Science fiction van zelfverklaard Rusland-deskundige en handelaar in desinformatie Marie-Thérèse ter Haar

with 5 comments

De toelichting van Café Weltschmerz geeft aan waar men de waarheid van Marie-Thérèse ter Haar moet zoeken, namelijk in de science fiction. Café Weltschmerz: ‘Zij woont deels in Nederland, deels in Rusland.’ Dat is fysiek onmogelijk. De waarheid van Ter Haar is de waarheid van Star Trek: ‘Beam me up, Скотти.’ Alle logica verdwijnt als ze haar mening geeft. Dat is tragisch en kluchtig tegelijk. Mijn reactie bij de video.

Nog los van alle aan- en opmerkingen die op de mening en de weergave van de feiten door Marie-Thérèse ter Haar mogelijk is, is het hoofdbezwaar tegen haar reconstructie en stellingname dat zij Russofobie verwart met fobie voor de huidige machthebbers in het Kremlin.

De angst voor de veiligheidspolitiek van het Kremlin bestaat in Nederland bij een groot deel van de bevolking op een instinctieve manier na de schending van de soevereiniteit en territoriale integriteit van Oekraïne door de bezetting in 2014 van de Krim door de Russische Federatie die in UNGA-resolutie 68/262 op 27 maart 2014 met 100 stemmen voor werd veroordeeld. Die angst en verontwaardiging werd verhevigd door het neerschieten van de MH17 op 17 juli 2014 waarbij 193 Nederlanders werden gedood. Volgens het tot nu toe meest geloofwaardige en plausibele scenario van het onderzoeksteam JIT werd de raket waarmee de MH17 werd neergehaald afgeschoten door een regulier onderdeel van het Russische leger, te weten de 53ste Luchtafweer Raket Brigade uit Koersk. Het Kremlin heeft voor deze daad waarvoor de politieke leiding verantwoordelijk is tot nu toe geen verontschuldigingen aangeboden.

De inmenging van het Kremlin in de Amerikaanse verkiezingen van 2016 zoals die onlangs in het rapport van speciale aanklager Robert Mueller uiteen werd gezet heeft wellicht niet de angst voor, maar wel de boosheid op het Kremlin vergroot. Met dezelfde soort inmenging in de publieke opinie in de aanloop naar verkiezingen van Europese landen als Duitsland en Frankrijk heeft het Kremlin zich ongevraagd opgedrongen en niet populair gemaakt. Nederland kende in 2018 met de bizarre episode van de vier Russische spionnen van de militaire inlichtingendienst GRU die op heterdaad werden betrapt bij de OPCW een inmenging van het Kremlin die evenmin de beeldvorming over het Kremlin bij het grote publiek positief beïnvloedde.

Bij de Nederlandse bevolking, de Nederlandse media of Nederlandse bedrijven bestaat desondanks geen angst voor de Russische Federatie of de inwoners ervan. De politieke en culturele afstand is daarvoor gewoonweg te groot. Russen in Nederland vormen geen factor van betekenis. Het is eerder omgekeerd, de Nederlandse regering en het Nederlands bedrijfsleven (Shell, Gasunie) steunen samen met Duitse regering en bedrijfsleven ondanks de retoriek en de beeldvorming die anders suggereren tegen bestaand EU-beleid de aanleg van de gaspijplijn Nord Stream II waarin het door de Russische staat gecontroleerde Gazprom een meerderheidsbelang heeft. Nederlandse media reageren daar weinig kritisch op. Maar tegen alle logica en beleidsafspraken van het Third Energy Package van de EU in wordt hiermee wel de energieonafhankelijkheid van de EU van het Kremlin vergroot.

Russofobie of een verhoogde gevoeligheid voor de dreiging met geweld door het Kremlin bestaat vooral in landen die in het recente verleden onder het geweld van de Sovjet-Unie (tot 1991) of de Russische Federatie hebben geleden. Vooral in Polen (Katyn), de Baltische staten of Tsjechië. Oekraïne heeft zich door de invasie van speciale troepen van de Russische Federatie in Oost-Oekraïne sinds 2014 in dat rijtje geschaard.

In Nederland bestaat geen fobie jegens de Russische Federatie, Rusland of de Russen, maar eerder een welwillende en barmhartige houding jegens de Russen die slachtoffer zijn van en in gijzeling zijn genomen door de machthebbers in het Kremlin. In de Russische Federatie bestaan geen vrije, eerlijke verkiezingen en kunnen zoals in democratieën de machtshebbers niet naar huis gestuurd worden. Opponenten als Alexei Navalny of Mikhail Kasyanov worden uitgesloten van het electorale proces. Als Nederlanders deze feiten al paraat hebben, dan hebben ze eerder medelijden dan vrees voor de Russen die dit lijdzaam moeten ondergaan. De macht in het Kremlin wordt steeds autoritairder, terwijl de inwoners minder welzijn, minder economische voorspoed, minder vrijheden en minder alternatieven hebben om zich uit te spreken. Als er al angst in Nederland bestaat, dan is dat geen angst voor het Russische volk, maar voor de macht in het Kremlin die een veiligheidspolitiek bedrijft die de Europese veiligheid onnodig en ongevraagd onder druk zet.