George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Banken

Brief van Rutte aan alle Nederlanders is vals, potsierlijk en staat een oplossing van de problemen die hij constateert in de weg

with one comment

Premier Mark Rutte heeft weer een brief aan alle Nederlanders geschreven. De brief is hier te lezen op de site van de VVD en verschijnt ook als advertentie in het AD. Eerder deed hij dat in januari 2017 toen hij constateerde dat het lijkt alsof niemand normaal doet. Het is een voorbeeld van het gezegde dat de aanval de beste verdediging is. Het verwijt aan de ander leidt af van de eigen hufterigheid. Ik constateerde toen dat de normaliteit volgens Rutte wel erg selectief is: ‘Hij laat in zijn brief andere overtredingen van normaal gedrag ongenoemd. Zoals de graaicultuur bij topbestuurders van banken en bedrijven die hun eigenbelang voor het algemeen belang stellen. Of de opbouw van de controlestaat en de afbraak van de verzorgingsstaat door de overheid. Of de gigantische belastingontwijking door bedrijven en vermogende individuen die wordt getolereerd door de middenpartijen. Of de dominante greep van de partijpolitiek op functies in het openbaar bestuur die als eigen bezit worden beschouwd.’ De brief uit 2017 was de opmaat naar de landelijke verkiezingen van 15 maart 2017, deze brief is dat naar de provinciale verkiezingen van 20 maart 2019.

Wat is normaal volgens Rutte en de VVD? De VVD is volgens onderzoeksjournalist Bart de Koning de partij waar 26 mensen met een strafblad rondlopen. De Koning publiceerde in 2017 het boekVriendjespolitiek. Fraude en corruptie in Nederland’. Recent won hij de Anti Fraude Award 2018 op het jaarlijkse Fraude Film Festival. In een interview met Eva Prins in FNV Magazine (2018-4) zegt De Koning over de VVD: ‘Ze roepen het hardst om ‘law and order’, om keihard aanpakken, handhaven, streng straffen. En ten eerste komt daar in de praktijk bar weinig van terecht en ten tweede zijn VVD-ers zelf kampioen fraude’. En: ‘Binnen de VVD lopen 26 mensen met een strafblad rond, veel meer dan bij welke partij ook, maar dat maakt geen enkel verschil in de peilingen.’ Het gaat de VVD-ers dus niet om de feiten, maar om de beeldvorming. Beide brieven van Rutte zijn er een voorbeeld van om de beeldvorming te beïnvloeden. Ze proberen in een profylactische actie de kritiek op de VVD te neutraliseren en af te leiden door de kritiek te verbreden of op anderen te richten.

Rutte noemt geen man en paard. Welke groep voelt zich volgens hem niet verantwoordelijk om er iets moois van te maken? Hij laat het vaag, hoewel de volgende alinea een aanwijzing geeft: ‘Ik heb ze vergeleken met de schreeuwende voetbalvaders langs de zijlijn. In de politiek zie ik ze ook voorbij komen. Mensen die bij de microfoon dingen kunnen roepen omdat ze weten dat er toch nooit een meerderheid voor zal zijn.’ Dit sluit uit dat Rutte doelt op frauderende VVD-ers die lid zijn van de machtigste politieke partij die deel uitmaakt van coalitiekabinetten die de meerderheid vormen. Het is tegenstrijdig wat Rutte zegt, want VVD-ers hebben een meerderheid achter zich en zitten in het centrum van de politieke macht, terwijl de schreeuwers langs de zijlijn buiten of binnen het parlement precies dat zijn. Ze nemen niet deel aan het spel en maken geen deel uit van de macht. Dat is exact het probleem van die schreeuwers, ze voelen zich onmachtig en schreeuwen hun onmacht uit. Maar het is geschreeuw en weinig wol. Waarom focust Rutte dan toch op deze onmachtigen die niet in de bestuurdersstoel zitten en volstrekt niet bij machte zijn om veranderingen door te voeren ?

Het had Rutte gesierd als hij zoals hij eerder deed concreet was geworden. In 2015 hekelde hij de ‘grote dikke-ik-mentaliteit’ en zei toen onder meer volgens een verslag van de NOS: ‘Ik erger me kapot aan bankiers die zeggen dat ze in het buitenland zo veel geld kunnen verdienen. Dan denk ik: ga dan naar Londen, toedeledokie!’ Bankiers als Ralph Hamers van het frauderende ING die aan een jaarsalaris van 2 miljoen euro geen genoeg had, zijn dus volgens Rutte ook schreeuwers. Maar deze bankiers of bestuurders van multinationals staan niet langs de zijlijn. Ze maken integendeel deel uit van het spel en sturen de politiek, zoals de episode van de dividendbelasting voor buitenlandse aandeelhouders verduidelijkte dat een een-tweetje was tussen Rutte en de topman van Unilever. Rutte maakte zich daarmee ook tot een individu die geen verantwoordelijkheid nam om er met elkaar iets moois van te maken. Als premier staat hij niet langs de zijlijn.

Premier Rutte richt zijn pijlen de verkeerde kant op. Het zijn immers niet de schreeuwers langs de zijlijn, maar de machtigen die in economie of politiek de macht uitmaken die hun verantwoordelijkheid niet nemen en zich onmaatschappelijk gedragen. Door hun ‘grote dikke-ik-mentaliteit’ harken ze geld en invloed naar zich toe als rechtse Rupsjes Nooitgenoeg. Het geschreeuw van de onmachtigen langs de zijlijn bestaat, maar is niet de hoofdzaak en van weinig invloed. Het is teveel gevraagd van een partijpoliticus als Rutte om over zijn eigen schaduw heen te springen. Het is teveel gevraagd dat hij kritisch zou zijn op de 26 VVD-ers met een strafblad of op de bestuurders van ondernemingen die uitblinken in zelfoverschatting, zelfverrijking en asociaal gedrag. Of zoals Rutte het zelf formuleert: ‘Mensen die alleen met zichzelf bezig zijn en altijd eerst denken aan hun eigenbelang’. Het is de hoogste tijd dat Rutte een brief schrijft waarin hij eerlijk is naar zichzelf en naar alle Nederlanders. Bovenstaande brief als onderdeel van de politieke marketing van de VVD niet alleen vals en potsierlijk, maar wat erger is, het gaat de aanpak van het probleem dat Rutte signaleert bewust uit de weg. Dát is kwalijk.

Foto’s: Schermafbeelding van (deel van) ‘Brief van Mark Rutte aan alle Nederlanders’ op site VVD.

Advertenties

Als Nederland geen stadsstaat of natiestaat is, wat is het dan wel?

with 5 comments

Het is dwaasheid wat Tracy Metz in 2016 zei. Zie alleen de macht van Facebook of Google die alle grenzen te buiten gaat. Inmiddels is Benjamin Barber naar wie ze verwijst gestorven. Met hem het optimisme dat burgers vanaf de basis hun eigen lot in handen kunnen nemen. Niemand trekt zich aan de haren uit het moeras. Metz heeft wel gelijk dat Nederland geen natiestaat is. Dat denken is romantiek en nostalgie. Bovenal zelfbedrog en misleiding op weg naar een oplossing. ‘Nostalgie naar die gouden eeuw van de natiestaat blijft het westerse politieke debat tot op de dag van vandaag verstoren, maar het werd gebouwd op een onwaarschijnlijke samenloop van omstandigheden die nooit zal terugkeren’, zegt Rana Dasgupta in een artikel in The Guardian.

Maar als Nederland stadsstaat noch natiestaat is -of op korte termijn kan worden- en Metz een handelaar in valse tegenstellingen blijkt te zijn, wat is Nederland dan wel? Complex. Lokaal, stedelijk, regionaal, nationaal en globaal door elkaar heen. Waarbij grenzen vervagen en niet uitsluitend fysiek meer zijn. Het antwoord is hybride. Cultureel kan Europa opgedeeld worden in regio’s, maar politiek kan het niet zonder supranationale EU om niet geplet te worden tussen grote landen (VS en China), banken en multinationals die de politiek hebben geëconomiseerd. Hoe dan ook is de romantiek naar kleinschaligheid en het lot in eigen hand nemen van Metz geen passend antwoord op de romantiek die terugverlangt naar nationalisme van de 19de eeuw in een Europa dat nooit meer die leidende positie zal kunnen innemen. Valse stemmen klinken aan alle kanten.

De Nederlandse Leeuw en het luchtkasteel van een ‘progressief-liberale denkcultuur’

with 2 comments

Gisteren kwamen volgens een bericht van de NOS 2000 mensen bij elkaar ‘voor een brainstormsessie over de multiculturele samenleving. Het is de eerste debatavond georganiseerd door De Nederlandse Leeuw. Een stichting die “de progressief-liberale denkcultuur wil doorbreken”.’ De NOS volgt de framing van alt-right over zoiets als een ‘progressief-liberale denkcultuur’ die leidend is. Wie vanuit het centrum van het Nederlandse politieke spectrum naar politiek en samenleving kijkt ziet -naast relicten van culturele hegemonie van links- echter geen ‘progressief-liberale denkcultuur’, maar vooral de economisering van de politiek onder druk van multinationals en financiële instellingen -inclusief de economisering door ECB of IMF- die het sinds de jaren ’80 voor het zeggen hebben gekregen. Aan de flanken nemen onwrikbare standpunten het politieke centrum in de tang. Aan de linkerkant wordt dat gevoed door nostalgie naar een sinds 15 jaar afgesloten periode van het multiculturalisme, aan de rechterkant door nostalgie naar de 19de eeuw van natiestaat en nationalisme. Behalve met de druk vanaf de flanken, worstelt het centrum met de druk van bedrijven en de gevolgen van de globalisering waar het door gebrek aan ambitie, macht en middelen onvoldoende weerstand aan kan bieden.

Zo kondigt zich een vijfdeling aan. In de politiek: radicaal links – centrum – radicaal rechts. In de economie: economische macht van bedrijven en financiële instellingen die de politiek in de zak heeft. In de cultuur (kunst, universiteiten, media, religieuze instellingen): naar links leunende posities die steeds meer uitgehold worden door de economisering van samenleving en politiek, en opgevuld worden door rendementsdenken dat vanuit de politiek en economie de cultuur in de greep neemt. Aan de buitenkant ziet het er nog links (of: ‘progressief-liberaal‘) uit, maar in de kern is het inmiddels grotendeels in het omgekeerde veranderd.

Het is begrijpelijk dat de vertegenwoordigers van radicaal-rechts die verschijningsvorm van de cultuur op de korrel nemen. Het is zowel een makkelijk te framen doelwit (‘linkse kerk’) als een afleiding voor het gebrek aan durf en een teveel aan gemakzucht als verhulling van opportunisme dat wordt gevoed door eigenbelang om de echte macht van multinationals, financiële instellingen en de veiligheidsindustrie niet aan te spreken.

Om te begrijpen hoe dat in de praktijk werkt is het goed om te beseffen wat alt-right is. Is het een politieke beweging binnen de gevestigde politiek zoals de Tea Party, of een subcultuur die vooral een maatschappelijk fenomeen is waarvan leden zich politiek losjes organiseren? Dat laatste is het geval. Sinds binnen de regering-Trump vertegenwoordigers van alt-right op afstand zijn gezet is dat er alleen maar duidelijker op geworden. Het feit dat binnen die subcultuur rechts-extremistische activisten en ideologen met racistische ideeën over blanke hegemonie verzameld zijn, betekent nog niet dat alt-right een rechtse politiek voorstaat binnen de randvoorwaarden van de bestaande politiek. Het grootste misverstand is dat het een conservatieve inslag heeft, het verzet zich juist tegen het conservatisme in de maatschappij. Alt-right is nihilistisch (in de zin van: ‘ontkenning van het bestaande’) zonder op dit moment een alternatief voor het bestaande te kunnen bieden.

Als De Nederlandse Leeuw zegt ‘de progressief-liberale denkcultuur te willen doorbreken’ dan moet men erop gewiekst zijn wat het ermee bedoelt en door wie het zich laat inspireren. Vooralsnog is een verzameling van radicaal-rechtse denkers bezig een stropop van de ‘progressief-liberale denkcultuur’ op te tuigen die in werkelijkheid allang niet meer bestaat, en hoe dan ook sterk gedevalueerd is. Om een organisatie van de grond te tillen en diverse subgroepen te verbinden kan het behulpzaam zijn om een vijandbeeld te creëren waarin die subgroepen zich kunnen vinden. De Nederlandse Leeuw staat voor de keuze welke kant het opgaat en welke leiders het wil volgen. Gaat het in de richting van het nihilisme van alt-right of beweegt het zich binnen de randvoorwaarden die de bestaande politiek stelt? Als het het gevecht met de macht van banken en multinationals aangaat en de politieke marketing van de ‘progressief-liberale denkcultuur’ achter zich laat omdat het dat frame niet meer nodig heeft om zich te bewijzen en te formeren, dan kan De Nederlandse Leeuw brullen. Niet tegen het luchtkasteel van de progressief-liberale denkcultuur, maar tegen echte macht.

Foto: Schermafbeelding van tweet van Joost Niemoller van 19 januari 2018, met reactie.

Debat over experiment met soepele bijstand met Jetta Klijnsma legt harteloosheid en gebrek aan compassie gasten ‘Jinek’ bloot

with 4 comments

Vaak wordt vooral vanuit rechts-populistische hoek gezegd dat de Nederlandse media links zijn. Het wordt zelfs beschimpend de ‘linkse kerk’ genoemd. Maar het is een misverstand, de Nederlandse media zijn door de bank genomen rechts. De ‘rechtse kerk’ dus. Ze verdedigen de gevestigde orde en schurken tegen de macht aan. Journalisten kunnen weliswaar een sociaal-democratisch of links-liberaal wereldbeeld hebben, maar dat is ondergeschikt aan de media-organisaties waar ze bij in dienst zijn. Die wegen het zwaarst. Deze media vertegenwoordigen een conservatief, rechts-liberaal of zelfs populistisch wereldbeeld. Dat gaat soms gepaard met harteloosheid en een gebrek aan compassie. Dat leidt tot vervangende schaamte dit aan te moeten horen.

Het fragment van de talkshow ‘Eva Jinek’ (KRO-NCRV) uit de uitzending van 4 juli gaat over een tweejarig experiment in vijf gemeenten (Groningen, Ten Boer, Wageningen, Tilburg en Deventer) met soepelere bijstand. Demissionair staatssecretaris Jetta Klijnsma (PvdA) informeert over een regeling voor bijstandsgerechtigden met een soepelere sollicitatieplicht en de mogelijkheid om maximaal 199 euro per maand bij te verdienen. Opzet is om deze bijstandsgerechtigden uit de bijstand te helpen. Dat kan bereikt worden door ze extra zekerheden te geven. Voorbeeld is kunstenares Bianca uit Groningen die geholpen wordt een eigen bedrijfje, een tassenatelier op te zetten. De regeling is geen hoofdprijs, maar wordt door gast Jan Smit zo voorgesteld. Ook gastvrouw Eva Jinek laat zich niet onbetuigd door te getuigen dat ze hierover wel eens gekke dromen heeft gehad. Klijnsma treft opmerkelijke agressie. De maatschappelijk gearriveerden aan tafel grossieren niet alleen in vooroordelen, maar vooral in harteloosheid en gebrek aan compassie. Het is ontluisterend om te zien. Het symboliseert het failliet van een betrokken samenleving waar mensen zich om elkaar bekommeren.

Staatssecretaris Klijnsma is natuurlijk wel iemand die makkelijk hoon opwekt. Ze mist de factor om serieus genomen te worden. Klijnsma is de uitvinder van het moestuinsocialisme. Ze heeft in haar functie in de afgelopen regeringsperiode weinig kansen gemist om zichzelf of haar partij de PvdA belachelijk te maken. Klijnsma valt niet te betrappen op een diepgaande analyse, maar praat doorgaans in tegeltjeswijsheden. Daarom is het jammer dat het kabinet Klijnsma naar de media afvaardigt om dit interessante experiment te verdedigen. Het verdient beter. Een handigere en minder naïeve bestuurder als staatssecretaris Martin van Rijn had het ongetwijfeld overtuigender verdedigd en minder wantrouwen ontmoet dan Klijnsma. Maar Jan Smit en Eva Jinek schoten ondanks Klijnsma in de eigen voet door zich zo te laten kennen. En dat zegt alles over ons. 

Hans de Boer slaat toe in één-tweetje met De Telegraaf. Een malloot torpedeert opnieuw zijn eigen geloofwaardigheid

leave a comment »

Werkgeversvoorzitter Hans de Boer (VNO-NCW) slaat opnieuw toe in een één-tweetje met De Telegraaf. Volgens hem zou Nederland 17.000 banen en een miljard euro aan belastinginkomsten mislopen vanwege ‘te strikte regels rond bonussen in de financiële sector’. Hiermee neemt hij een voorschotje op een kamermotie die die regels wil vastleggen. Het is onduidelijk waar de Boer zijn schattingen op baseert. Een onderbouwing ervoor geeft hij niet. Die is ook onmogelijk te geven omdat vele landen azen op bedrijven die in een complex proces vanwege de Brexit hun Londense vestigen willen verplaatsen naar de EU. Het nattevingerwerk van De Boer doet het werk. Hij laat zich opnieuw als ijdeltuit kennen die zijn eigenbelang oppimpt door De Telegraaf te laten zeggen dat hij ‘samen met het kabinet in het diepste geheim geprobeerd heeft om een aantal gerenommeerde handelsbanken naar Nederland te halen’. Het diepste geheim dat bij De Boer niet veilig is en hij in de krant zet. De Boer laat samen met De Telegraaf zijn demagogische hart spreken door te stellen dat die 1 miljard euro aan belastinginkomsten aan goede zorg besteed kan worden. Samen leggen ze de schuld bij de PvdA. IJdeltuit en malloot De Boer en activistische journalisten Visser en De Winther van De Telegraaf.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelPvdA torpedeert duizenden banen’ in De Telegraaf, 26 juni 2017.

Populisme en centrumpolitiek kunnen op termijn versmelten. Hervorming door wederopbouw

with 5 comments

Democratie is moeilijker dan demagogie. Dat heeft de lijsttrekker Jan Roos van Voor Nederland (VNL) geleerd. Hij verlaat de politiek, aldus een bericht in De Volkskrant. Roos liet dit afgelopen donderdag per tweet weten. VNL stemt volgend weekend over opheffing. Het was toch al een slechte week voor de rechts-populisten, want UKIP verloor 85% van haar kiezers in de Britse parlementsverkiezingen. Leider Paul Nuttall stapt op. Vorige maand verloor de leider van het Front National Marine Le Pen de Franse presidentsverkiezingen van centrumkandidaat Emmanuel Macron met een onverwachts groot verschil van 32%. In de VS wordt president Trump steeds verder in het defensief gedrongen, verliest aan aanhang, geeft geen leiding, krijgt niets voor elkaar en zet het populisme wereldwijd in een kwade reuk. De reuk van Roos, Nuttall, Le Pen, Trump en al die andere populisten die democratie met demagogie verwarren. Of denken dat politiek een variant van leefstijl is.

Het valt te hopen dat het inzicht in genoemde verkiezingen dat populisten niet de oplossing bieden wordt vastgehouden. Want niets is zeker. Of blijvend. Rechts-populisten investeren doorgaans niet in oplossingen, maar in kritiek op de gevestigde orde. Ze willen die niet hervormen, maar vernietigen. Het verhaal van het weggooien van oude schoenen voordat de nieuwe zijn ingelopen. Of zelfs gekocht. De al dan niet tijdelijke teloorgang van de populisten geeft de centrumpolitiek de verplichting om ernst te maken met hervormingen die het merendeel van de kiezers direct in het dagelijks leven voelt. Dus betere sociale voorzieningen, betere zorg, betere arbeidsmarkt, beter onderwijs en betere huisvesting. Dat is de uitdaging voor de centrumpolitiek.

Politiek is niet meer dan politiek. Het verdeelt de macht die verdeeld kan worden. Maar heeft onvoldoende invloed op de macht die buiten de politiek opereert. Op financiële instellingen die politici omkopen of op multinationals die belasting ontwijken en hun kapitaal in geen enkel land nog laten landen om het te laten belasten. Dat is het afschrikwekkende beeld van goedwillende politici die niets voor elkaar krijgen. Of omdat ze in de zak van grote belangen zitten, of omdat ze geen ambitie of durf hebben om door te bijten, of omdat ze weten onvoldoende middelen te hebben om doelmatig op te treden. En het er daarom maar bij laten zitten net te doen alsof ze optreden. Om het publiek een loer te draaien en hun bestaansrecht te verantwoorden. Op die houding spelen rechts-populisten in. Daar hebben ze geen ongelijk in voorzover het de diagnose betreft.

De vervolgvraag is hoe de diagnose kan doordringen tot de centrumpolitiek -of het centrum van de politiek- en de politiek kan doordringen tot de populisten. Door het pantser van de populistische demagogie heen. Ze hebben elkaar wat te bieden als ze het beste van hun twee werelden weten te combineren. Maar dat gebeurt niet omdat ze concurrenten van elkaar zijn. Daarbij komt dat het bestaansrecht van de populisten is gelegen in de houding zich tegen de politiek af te zetten. En centrumpolitici dienen niet de directe belangen van hun kiezers, maar van belangengroepen door wie ze al dan niet rechtstreeks worden aangestuurd. En ingeperkt.

Het is cynisch om te veronderstellen dat centrumpolitiek en populisme elkaar voorlopig dwars blijven zitten. Met als gevolg dat ze allebei afgeleid worden van dat waar ze zeggen mee bezig te zijn. Kort samengevat, hervorming tegenover reconstructie. Zonder een afdoend antwoord op de vraag te kunnen geven hoe het verder moet kan wel aangegeven worden in welke richting de oplossing gezocht moet worden. In versmelting.

Het klinkt op dit moment wellicht belachelijk door uiteenlopend wereldbeeld, retoriek en visie op de politiek van centrumpolitiek en populisme. Door verder te kijken dan de uiterlijkheden kunnen de energie en diagnose van de populisten hopelijk op middellange termijn gecombineerd worden met het vakmanschap en de oplossingsgerichtheid van de centrumpolitiek. Einddoel is hervorming van de politiek door wederopbouw.

Foto: Wiel van der Randen, ‘Wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog’. Westkapelle, 1947. Collectie: Spaarnestad Photo/ Wiel van der Randen.

Het spook van het xenofobe populisme waart door Europa

with 7 comments

andrei-rublev-1966-006-mongol-torch-00n-0hs

Een spook waart door Europa. Het spook van het xenofobe populisme. Zo zou het manifest van de anti-liberale democratie kunnen beginnen, zoals het Communistisch Manifest uit 1848 van Friedrich Engels en Karl Marx begon. Strijden tegen een schim is lastig. Want per definitie bestaat een fantoom, een droombeeld, een hersenschim niet. Het is illusie en betovering tegelijk. Spoken kunnen alleen bestreden worden met spoken.

Analyses over het xenofobe populisme leggen de opkomst van de oorzaak ervan in een samenleving die is doorgeschoten in abstracties. Wat wil zeggen een onstoffelijke laag in de samenleving die onzichtbaar tussen de mensen en de samenleving is geschoven. Waardoor ze van hun eigen omgeving vervreemd zijn. Dat is de theoretisering van de globalisering, de economisering van de politiek, het neoliberalisme of de rationalisering.

Het xenofobe populisme is nationalistisch van aard en gaat voor etnische eenheid, claimt van bovenaf namens ‘het volk’ te spreken en zich tegen ‘de elite’ te verzetten. Het wil de representatieve democratie vervangen door volkssoevereiniteit en zich als woordvoerder van dat volk opwerpen. Het xenofobe populisme ondermijnt het idee van streven naar waarheid en universalisme die voor allen als overkoepelende,  voorspellende waarde geldt en vervangt dat door een idee van context dat de waarheid op voorhand probeert te construeren.

Jan Terlouws toespraak voor DWDD geeft aan hoe wereldvreemd oplossingen kunnen zijn : ‘Ik zeg tegen alle politici in Nederland en in het buitenland: mensen wees integer, wees onkreukbaar en vooral draag uit dat je er bent om het publieke belang te dienen.’ Was het maar zo simpel. Probleem is dat de meeste politici niet onkreukbaar kunnen zijn omdat ze bezit zijn van belangengroepen. Of gevangen zitten in partijpolitiek. Zo cynisch is het. Terlouw is overigens minder naïef in zijn analyse dan in zijn hoop voor de toekomst als hij perfect de spanning tussen theorie en praktijk beschrijft met een verwijzing naar Hillary Clinton: ‘Die heult met Wall Street en vertelt het ons niet. Ik vertrouw de politiek niet.’ Zij kon zich niet aan haar eigen schaduw onttrekken, zoals Donald Trump dat evenmin kan. Beide kandidaten zijn bezit van big money. Doorgaans kunnen politici niet integer en onkreukbaar zijn en het publieke belang dienen omdat ze bezit van specifieke belangen zijn. Zoals multinationals, grote buitenlandse mogendheden of banken die de politici chanteren.

Wat is het andere spook dat het spook van het xenofobe populisme kan bestrijden? Hoe moet dat opgetuigd worden om de liberale democratie zoals we die kennen te behouden, en te hervormen? Waar is het personeel ervoor als traditionele beroepspolitici niet vrij genoeg meer zijn om te handelen in het algemeen belang? Hoe kan dat spook zowel de onzichtbare laag tussen mensen en samenleving opruimen en ze hun eigen omgeving teruggeven als het spook van het xenofobe populisme verslaan dat mensen uit eigenbelang schijnoplossingen voorhoudt? Het is een zoektocht naar vaardige en integere politici die geen bezit zijn van multinational, bank, denktank, vakbond, werkgeversorganisatie, vreemd land of eigen partij. Het is een veeleisende speurtocht.

Gevestigde partijen hebben de dreiging van het xenofobe populisme nog steeds onvoldoende begrepen. Ze zien de ernst van de situatie niet of zijn niet in staat om over te schakelen naar een noodscenario. In de PvdA verzetten Samsom en Asscher in een potsierlijke leiderschapsverkiezing de stoelen op het dek van de Titanic.

Bijkomend voordeel is dat het Nederlandse xenofobe populisme met PVV, VNL, FvD en GeenPeil vier partijen heeft die zich namens hetzelfde volk opwerpen. Dat is ongeloofwaardig omdat Nederland geen vier volkeren heeft. Partijen moeten verjongen, maar met behoud van ervaring twintigers en dertigers in de bovenste helft van hun kieslijst zetten. Ze moeten een combinatie van politieke partij en burgerbeweging worden. Vanwege de ongebondenheid heeft progressief Nederland een bijzondere rol om over partijgrenzen en -belangen heen een visioen voor de toekomst te ontwikkelen dat het spook van het xenofobe populisme doet verdwijnen. Het kan, maar hoe het moet worden aangepakt is nog niet uitgewerkt. De overtuiging is bouwstof voor spoken.

Foto: Andrei Roeblev (1966) van Andrei Tarkovsky.