George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Asielmigranten

Kwestie Armina Hambartsjumian wordt gepolitiseerd door media en NGO’s

with 2 comments

Wat is er potsierlijker, de opstelling van Defence for Children of van staatssecretaris Klaas Dijkhoff inzake de uitzetting van Armina Hambartsjumian en haar twee kinderen Howick (12 jaar) en Lily (11 jaar)? De kinderen zijn in de Russische Federatie geboren. Moeder Armina werd gisteren uitgezet naar Armenië zonder haar kinderen die op een geheime plek in Nederland achterbleven. Er worden vermoedens de wereld in geholpen dat Armina leugens heeft verteld in haar asielprocedure. Die worden door rechtse media als Elsevier en De Telegraaf naar buiten gebracht en ontlasten Dijkhoff. Zo wordt de kwestie gepolitiseerd door links en rechts.

Opgenomen in de Christelijke gemeenschap van Amersfoort zou Armina zich in de procedure voorgedaan hebben als Azerbeidzjaans. Verre van logisch voor wie de religieuze verschillen tussen beide landen in ogenschouw neemt. De Armeense autoriteiten bevestigen haar Armeense identiteit. Maar ook dat hoeft niet de ultieme waarheid te zijn. Zo resteert een schimmenspel van beschuldigingen, verdraaiingen en rookgordijnen.

Beide partijen komen met een half verhaal waarmee ze hun gelijk claimen. Defence for Children speelt op het gevoel en gaat voorbij aan de feiten van procedure en wet. De staatssecretaris houdt zich aan proceduren en wet en gaat voorbij aan het gevoel. Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer -die om een onmodieuze reden van genderidentiteit kinderombudsman wordt genoemd- heeft vooral kritiek op de gescheiden uitzetting van moeder en kinderen. Daarin heeft ze gelijk, dat is beschamend. Dat ouders en kinderen gescheiden worden en apart uitgezet worden is schandalig en zou niet zo moeten zijn. Dat gaat over een grens van betamelijkheid.

Maar de gescheiden uitzetting is niet de essentie van de kwestie Armina Hambartsjumian. Haar verblijf in Nederland zou niet rechtsgeldig zijn. Al in 2009 viel dit besluit voor het eerst. Dit is keer op keer door rechtbanken beoordeeld en in orde bevonden, aldus RTV Utrecht in een bericht. Aan wie te wijten valt dat het vervolgens nog 8 jaar voortsleepte is de essentie. Het antwoord daarop beantwoordt de schuldvraag.

Critici kunnen met een beroep op emotie of rechtvaardigheidsgevoel beweren dat het toepassen van regels of het niet gebruik maken van de discretionaire bevoegdheid door de staatssecretaris pietluttigheid is, maar er is ook nog zoiets als de rechtsstaat die rechters geen ruimte geeft om af te wijken. Rechters moeten nauwgezet de wet toetsen en hebben weinig marges om daar vanaf te wijken. Altijd zijn er grensgevallen die schrijnend zijn. Type kleermaker Gümüs die in 1997 ondanks publieke verontwaardiging met zijn gezin werd uitgezet. Daarna volgt door de publieke verontwaardiging meestal een tijdelijke verzachting in het beleid. De marges van de wet worden dan anders benut. Maar de wet blijft leidraad. Van de verzoeken van asielkinderen die onder de zogenaamde definitieve regeling vallen omdat ze langdurig in Nederland verblijven wordt minder dan 10% ingewilligd. De situatie van de actuele formatieonderhandelingen is daar niet van invloed op.

De vraag die de journalistiek zich moet stellen is waarom de kwestie Armina Hambartsjumian geëscaleerd is en welke rol de moeder, advocaten en adviseurs, de verantwoordelijke staatssecretaris en de asielprocedure gespeeld hebben in het voortslepen ervan. Het is voor allen ondoelmatig en ongewenst. Erover bestaat veel onduidelijkheid. Er zijn verdachtmakingen over en weer, maar tot nu toe weinig harde feiten. Er is nu eenmaal de logica dat asielmigranten niet meewerken aan hun uitzetting, maar hun dat wel gevraagd wordt. Dat is een tegenstrijdigheid. Dat ouders en kinderen gescheiden worden en apart uitgezet worden is een ander aspect. Maar dat het betreffende gezin uitgezet moest worden ligt nu eenmaal besloten in de toepassing van de wet.

Foto: Timo Vogt, ‘Girls hand out tulips during a celebration to commemorate the capture of Shusha, called Shushi within Karabakh and Armenia.’

Advertenties

Jan van de Beek bestrijdt standpunt Lubbers dat vluchtelingen een economisch belang voor Nederland hebben. Onderzoek gevraagd

with 2 comments

In de NRC is een polemiek ontstaan tussen oud-premier Ruud Lubbers en emeritus hoogleraar Paul van Seters en onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam Jan van de Beek over het economisch belang van migratie voor Nederland. Lubbers plaatste samen met Van Seters een opinie-artikel op 7 augustus waarin zij niet alleen betoogden dat het volgens het Vluchtelingenverdrag van 1951 de plicht is voor een land om vluchtelingen op te nemen, maar ook dat het een noodzakelijk economisch belang voor Nederland is. In een reactie weerlegt Van de Beek stuk voor stuk de argumenten van Lubbers en Van Seters en zet vraagtekens bij hun motivatie.

Oud-ondernemer Lubbers krijgt van Van der Beek lik op stuk: ‘Gastarbeid heeft Nederland miljarden gekost. De gastarbeiders werden naar Nederland gehaald omdat de overheid destijds arbeidsmarktkrapte creëerde door de lonen kunstmatig laag te houden. Voor veel niet-innovatieve bedrijven een uitkomst. Ze profiteerden van de lage lonen en hoefden niet te investeren in kennis en machines.’ Het waren bedrijven zoals Hoogovens die in de jaren ’60 wegens arbeidskrapte werknemers wierven in Zuid-Europa of Marokko in plaats van te innoveren. De rekening van de werving van de laaggeschoolde werknemers werd later bij de belastingbetaler gelegd. Niet bij de bedrijven die de werknemers naar Nederland hadden gehaald. Het is opvallend dat Lubbers die mede aan de basis van deze scheefgroei stond nu twee carrières verder (politiek CDA, Hoge Commissaris Vluchtelingen VN) het moreel goede voorbeeld probeert te geven en daarbij zijn eigen verleden vergeet.

Een en ander is des te kwalijker omdat zoals Van de Beek aantoont dat in de jaren ’60 al bekend was. Het zou geen onwetendheid of naïviteit, maar een bewuste uitruil van belangen voor het aldus begunstigde bedrijfsleven zijn geweest: ‘Maar na de eerste en zeker na de tweede oliecrisis gingen veel van die bedrijven failliet of verplaatsten ze de productie alsnog naar lagelonenlanden. Dat was niet geheel onvoorzien: zoals ik in mijn proefschrift beschrijf had de directeur van de afdeling economische zaken van het ministerie van Sociale Zaken – het latere PvdA-kamerlid Berg – in 1967 al voor dit scenario gewaarschuwd.’

Van de Beek betwijfelt aan de hand van onderliggende cijfers dat de huidige migranten het beter doen dan de toenmalige gastarbeiders: ‘Ook de asielmigranten die wel werken dragen vaak niet of nauwelijks bij. Velen van hen zijn ongeschoold of laaggeschoold en degenen die wel goed geschoold zijn functioneren vaak onder hun niveau. Dat komt omdat menselijk kapitaal – zoals scholing en werkervaring – nu eenmaal moeilijk is mee te nemen naar een ander land. Daardoor verdienen ze weinig en mensen die weinig verdienen zijn vanwege onze uitgebreide verzorggingsstaat niet zelden netto-ontvangers.’ Hij oordeelt hard over Lubbers en Van Seters: ‘Ik vind de keuzes van Ruud Lubbers en Paul van Seters tegenover de zwaksten in onze samenleving immoreel. Je kunt het natuurlijk met hen eens zijn, maar wees dan wel geïnformeerd en eerlijk over de feiten. Zodat de Nederlandse burger weet waar hij of zij aan toe is.’ Hij verwijt ze oneerlijkheid en manipulatie van de feiten.

Van de Beek wijst op een open zenuw van de Nederlandse politiek met betrekking tot de kosten en baten van immigratie: ‘Vanuit mainstream politiek Den Haag bestond en bestaat hoegenaamd geen behoefte aan deze kennis.’ Voor de goede verstaander: toenmalig premier Ruud Lubbers (1982-1994) had zowel tijdens zijn premierschap als in zijn latere carrière (Vluchtelingen, duurzaamheid) geen boodschap aan de kennis over immigratie. Kortom, het kan op ethische of politieke gronden gewenst zijn om asielmigranten op te nemen. Maar de mening van Lubbers dat er een bijkomend economisch voordeel is wordt door Van de Beek weerlegd. Dat economisch belang bestaat niet en heeft in de recente Nederlandse geschiedenis nooit bestaan.

Van de Beek staat niet alleen in zijn kritiek, maar geeft er wel geloofwaardigheid aan. De vraag naar de kosten en baten van immigratie is een terugkerende stijlfiguur van de PVV, Pieter Lakeman constateerde in zijn boek Binnen zonder Kloppen (1999) dat de immigratie van niet-westerse allochtonen naar Nederland de staat sinds 1974 naar schatting ten minste zeventig miljard gulden heeft gekost en toenmalig CPB-directeur en PvdA’er Coen Teulings beweerde in 2010 dat Nederland ‘de slechte immigranten kreeg’. Nog steeds is niet goed uitgezocht waarom dat zo was en welke beslissingen daaraan ten grondslag lagen. Nog steeds hangen de suggesties van de PVV uit 2010 boven het publieke debat dat de immigratie ons land jaarlijks 7 miljard euro kost. Dit als uitkomst van een onderzoek van Nyfer. Het kabinet Balkenende IV wenste het niet uit te zoeken. Een politiek-economisch onderzoek naar de immigratie sinds de late jaren ’50 (vdve) kan Nederland en de PVV eindelijk antwoord geven op deze terugkerende vragen die maar niet afdoende beantwoord worden.

Foto: Buitenlandse werknemers in Hilversum, 1960-1970.