Uitkomst van botsing tussen Polen met VS over mediawet werkt door in het gezag van EU

Voor de tweede keer binnen enkele maanden zet de regering Biden politiek en diplomatiek kapitaal in om de regering van een EU-lidstaat in een gevoelig dossier te overtuigen. Dat gaat niet alleen over de machtsuitoefening van de VS en de relatie van dat land met Europa, maar indirect ook over de geloofwaardigheid en kracht van de buitenlandpolitiek van de EU.

Enkele maanden geleden mislukte dat met Duitsland dat zich niets gelegen liet liggen aan de Amerikaanse bezwaren tegen de Russische gaspijplijn Nord Stream II die de EU afhankelijker maakt van Russisch gas en vanuit milieu-oogpunt in strijd is met het klimaatakkoord van Parijs dat beoogt om de uitstoot van broeikasgassen en het gebruik van fossiele brandstoffen zoals gas te minimaliseren. De VS bonden in omdat ze de goede relatie met de strategische partner Duitsland belangrijker vonden dan hun bezwaren tegen de pijplijn die de EU afhankelijker maakt van Russisch gas en de Russische staatskas spekt.

Nu is er de rechtse regering van Polen die zich verzet en onderhand elk buitenland als vijand is gaan beschouwen. Niet alleen de EU waarvan het notabene aanzienlijke financiële steun ontvangt, maar ook de VS. Indirect ontstaat zo een partij schaduwboksen tussen Brussel en Washington over de vraag naar wie Warschau het beste luistert. Als dat Washington is, dan zet Warschau Brussel extra in haar hemd.

Omdat Polen minder machtig en belangrijk is dan Duitsland en voor de bescherming tegen de agressie van de Russische Federatie afhankelijk is van de militaire steun van de VS valt niet te verwachten dat de VS in zullen binden, zoals ze in het geval Nord Stream II deden. Waarom zou de VS Polen blijven beschermen als dat eenzijdig de belangen van de VS schaadt?

De tragiek is dat in beide gevallen EU-lidstaten, te weten Duitsland en Polen de Russische Federatie in de kaart spelen en zich vanuit vermeend eigenbelang bewust vervreemden van de VS. De EU kan voor haar verdediging niet zonder de militaire kracht van de VS en deze beide EU-lidstaten spelen daarom gevaarlijk spel door de VS tegen de haren in te strijken. Uiteraard zal de VS Europa niet laten vallen, maar kan het wel haar steun verminderen. Frankrijk is op dit moment de sterkste militaire macht van de EU, maar is te klein om de EU in bescherming te nemen.

Omdat na president Trump ook president Biden de aandacht van Europa verlegd heeft naar Oost-Azië is deze Alleingang van Duitsland en Polen onverantwoordelijk omdat het direct en indirect de EU schaadt. Direct omdat beide landen ingaan tegen het beleid van de EU op het gebeid van energie en wetgeving en indirect omdat de VS ermee afstand neemt van de EU.

In Polen is de aanleiding een wetsvoorstel over de media dat gisteren met een kleine meerderheid in het lagerhuis, de Sejm is gepasseerd. Het voorstel moet ook de Senaat passeren waar links een meerderheid heeft en ondertekend worden door president Duda.
De VS hebben daar op het hoogste niveau contact over met de Poolse regering om dit voorstel niet in te voeren. Dat blijkt uit de antwoorden op de dagelijkse persconferentie van woordvoerder Ned Price van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken.

Het gaat om de grootste Amerikaanse investering in Polen, een meerderheidsbelang van Discovery in zender TVN24 die door de wet aanstaande september haar licentie dreigt te verliezen. Daarom dreigt Discovery haar aandeel te moeten verkopen. Deze zender is kritisch op de rechtse regering en het sterke vermoeden is dat daarom de wet wordt ingediend. In zekere zin trotseert de rechts regering hiermee de macht van de VS dat de schoffering door Polen als gezichtsverlies ziet. VS kan de afweging maken om als reactie hierop de Amerikaanse troepen te verplaatsen naar Roemenië. Opnieuw speelt dat de Russische Federatie in de kaart.

Verder is er ook nog een wetsontwerp over restitutie van Joods eigendom dat na 30 jaar verloopt. Ook dat ligt in Washington slecht. Zeker van een land als Polen dat toch al in de beeldvorming bekend staat als een land dat antisemitisch en conservatief-katholiek is en niet openstaat voor kritiek van buiten. Dat is echter de halve waarheid omdat er ook een ander, meer Europees gezind Polen is dat de helft van de bevolking vertegenwoordigt. Het is de uitdaging van de VS en de EU om door haar antwoorden op de politiek van de aartsconservatieve Poolse regering de constructieve krachten in het land een handje toe te steken.

Pleidooi voor oprichting van het ‘United Nations International Committee on the Weighted Election Process’

Zou aan de hand van data en gewogen omstandigheden een wiskundig instrument kunnen worden ontwikkeld om onregelmatigheden in de uitslag van verkiezingen of referenda te corrigeren, bij te stellen en tot een nieuwe uitslag te laten leiden? De zin om een uitslag van een controversieel electoraal proces tegen het licht te houden is tweeledig. Het ondermijnt de geloofwaardigheid van sjoemelende staten die nu weg komen met hun schijn van democratie. Die beeldvorming kan worden doorgeprikt. Dit kan een preventieve werking hebben omdat sjoemelende staten uit vrees voor de slechte beeldvorming hun electorale proces eerlijker inrichten. Het omgekeerde kan ook het geval zijn, namelijk dat gewaarschuwde landen nog gewiekster worden om de publieke opinie te misleiden. Maar een goed instrument neemt ook dat in de weging mee.

Er zijn globaal opererende NGO’s die de democratie willen bevorderen. Zoals de Open Society Foundations van George Soros. Die stichting formuleert in de beleidsnotaTowards Elections with Integrity’ uit 2018 zes hervormingsaspecten die van toepassing zouden moeten zijn op het houden van verkiezingen en referenda. Dat loopt van monitoren van het politieke proces tot de voorwaarden waaronder waarnemingsmissies opereren. Opvallend genoeg stopt het bij de verkiezingsuitslag. Dat moet anders kunnen. De omstandigheden waaronder verkiezingen worden gehouden kunnen als invoer voor de weging van het electorale proces dienen.

Aan deze zes aspecten zou een zevende toegevoegd kunnen worden: aanpassing en herberekening van de uitslag. De opzet is om het democratiseringsproces hiermee tanden te geven en vooruit te helpen. Want bestaande aanbevelingen over de begeleiding van het electorale proces zijn weliswaar zinvol, maar ook tamelijk vrijblijvend en braaf als ze geen vervolg krijgen. Ze jagen degenen die een loopje nemen met het electorale proces weinig schrik aan. Daarom moet er een instrument ontwikkeld worden dat dat wel doet.

Voorwaarde is dat zo’n instrument wordt ontwikkeld door en ondergebracht bij een globale, onpartijdige organisatie. Zo is de Open Society Foundations geen optie omdat die in het spervuur van de cultuurstrijd is terechtgekomen en door een deel van de publieke opinie ter discussie wordt gesteld als partijdig. Dat leidt af van het doel. Logisch en wenselijk zou zijn dat het instrument wordt ondergebracht bij een onafhankelijke, nog op te richten VN-organisatie die toezicht houdt op het electorale proces. Noem het UNICWEP: United Nations International Committee on the Weighted Election Process. De grootste uitdaging zal zijn om het niet te beperken tot de westerse democratieën in een idee dat democratie en universele rechten uitsluitend gelden voor westerse landen, maar voor alle landen wereldwijd, inclusief falende staten of autoritaire regimes.

Twee voorbeelden maken duidelijk hoe zo’n instrument kan werken. In Polen won volgens de officiële cijfers gisteren de zittende president Andrzej Duda (PiS) in de tweede ronde de presidentsverkiezingen met 51,2% van uitdager Rafał Trzaskowski van het Burgerplatform met 48,8% van de stemmen. Vraag is of er voldoende onregelmatigheden zijn om deze uitslag aan te passen en opnieuw te berekenen. Dat lijkt inderdaad het geval. De Special Election Assessment Mission (SEAM) van de OVSE die deze verkiezingen heeft gemonitord was kritisch over de toegang van de oppositie tot de publieke media die onder controle van de regerende partij staan. De publieke omroep werd zo tot een campagnetool voor de zittende president. Het eindverslag van de SEAM over Polen verschijnt naar verwachting over twee maanden. Welnu, stel dat een instrument dat aan de hand van een procedurelijst de ernst van de onregelmatigheid weegt als een afwijking in de uitslag van 2%, dan zou uitdager Trzaskowski hebben gewonnen met 50,8%. Feitelijk zou het aan de uitslag niks veranderen, maar in de beeldvorming zou door deze herberekening  een smet aan Duda’s verkiezing kleven.

Een ander voorbeeld is de gouverneursverkiezing van 2018 in de Amerikaanse staat Georgia. Volgens de officiële cijfers won de Republikein Brian Kemp de verkiezing met 50,2% van de Democratische kandidaat Stacey Abrams met 49,8%. Na 10 dagen erkende Abrams vanwege de wet dat Kemp gouverneur werd, maar ze erkende niet (‘concede’) dat ze een nederlaag had geleden vanwege de talloze onregelmatigheden die volgens haar in haar nadeel waren. Zoals kiezersonderdrukking en ontbrekende toegang tot de stembus. Onder meer in de counties Fulton en DeKalb werd een deel van Abrams achterban het stemmen onmogelijk gemaakt. Stel dat een instrument de ernst en moedwilligheid door het Republikeinse staatsbestuur van de onregelmatigheid weegt als een afwijking in de uitslag van 1%, dan zou Abrams hebben gewonnen. Dit is een actueel voorbeeld omdat in de aanstaande presidentsverkiezingen van 3 november 2020 hetzelfde soort rechteloosheid en ontmoediging van Democratische kiezers door Republikeinse lokale besturen op grote schaal wordt verwacht.

Er is nog geen organisatie als de UNICWEP en evenmin een wiskundig instrument dat het electorale proces weegt en grove onregelmatigheden ervan corrigeert en herberekent. Het is een gevoelig onderwerp omdat staten graag de schijn van democratie ophouden, zelfs als van ver duidelijk is dat het niet meer dan een façade is. Staten laten niet graag in de keuken kijken. Denk aan Turkije, de Russische Federatie, Hongarije, Polen, de Filipijnen, Egypte of de VS. Staten als Noord-Korea of China lijken zelfs al te ver gevorderd in de misleiding en onderdrukking van de eigen bevolking om vanuit een idee van burgerparticipatie nog naar het pad richting een regelmatig electoraal proces geleid te kunnen worden. Voor staten die nog voor rede vatbaar zijn zou de stok achter de deur van de UNICWEP het verschil kunnen maken. Wie pakt de uitdaging op?

Foto 1: ‘Een TV-ploeg verscheen voor het stembureau in de woonwijk Paderewski in Katowice. De cameraman had een sticker “Duda 2020” op de camera. De politie kwam tussenbeide’ In: Wyborcza.pl, 12 juli 2020.

Foto 2: De uitslagen van de eerste naoorlogse verkiezingen worden groot getoond op de gevel van de Beurs van Berlage aan het Damrak. 16 mei 1946. Credits: ANP Photo.

Demonstranten menen dat het Westen Kiev onder druk zet toe te geven aan Kremlin. Dat voedt de destabilisatie

Het pro-Oekraïense Ukraine Today gaat in op de recente protesten bij het Oekraïense parlement in Kiev met drie dode agenten tot gevolg. De conclusie dat de onlusten vooral het Kremlin en de Russische propaganda dienen is onweerlegbaar. Putin is vastgelopen in de oorlog in de Donbas en kan niet meer voor- of achteruit. Met sancties, een verzwakkende economie, snel opdrogende reserves, een stand houdend Oekraïens leger dat langzaam professionaliseert en het eind aan het presidentschap van Obama tikt de tijd in zijn nadeel. Putins eervolle uitweg is een staatsgreep in het Oekraïense parlement. President Petro Porosjenko ziet de onlusten als onderdeel van een campagne van destabilisatie door Rusland, zo verklaart hij vandaag voor Sky News.

Het gevoel van een meerderheid van Oekraïners dat het Westen meer politieke druk legt op Oekraïne, dan op de Russische Federatie lijkt eveneens onweerlegbaar. De VS en de meeste EU-lidstaten hebben Oekraïne na de Russische invasie van de Krim van maart 2014 minimaal gesteund. In elk geval niet volgens de afspraken van internationale verdragen zoals het Boedapester Memorandum 1994. VS en EU gaan de frontale confrontatie met Putin niet aan. De Oekraïense regering beseft goed dat het op zichzelf aangewezen is in de oorlog tegen de Russische Federatie. Het hoopt dat de sancties tegen Rusland in stand blijven en het door het Westen niet te veel onder druk wordt gezet. Door de toegefelijke houding van Duitsland en Frankrijk klinkt steeds meer kritiek op het zogenaamde Normandië-formaat. Onder meer van de nieuwe Poolse president Andrzej Duda.