Gedachten bij twee foto’s uit Krasnojarsk (1911-1914)

Ksenia Konovalova, dochter van de beroemde Krasnojarsk-arts P.N. Konovalov aan het Shira-meer’, 1911. Collectie: Library of Congress.

Deze twee foto’s zijn afkomstig uit een collectie van 423 over ‘het dagelijks leven van de provincie Jenisej, eind negentiende-begin twintigste eeuw’. Dat is een gebied in Midden-Siberië met als belangrijkste plaats Krasnojarsk. De Jenisei is de langste rivier van Siberië, zodat er veel foto’s met schepen en riviergezichten in de collectie zijn.

Het is aardig om je voor te stellen wat in zo’n collectie de meest en minst tijdloze foto’s zijn. Ksenia Konovalova op haar fiets voor de familiedatsja aan het Shira-meer zou zo in een kostuumfilm van kort voor de Eerste Wereldoorlog kunnen stappen. In de verfilming van een verhaal van Anton Tsjechov.

Het gebed in Krasnojarsk viert de overwinning van het Russische leger op de Oostenrijk-Hongaarse troepen die in september 1914 Lemberg verloren. Kerk, vaderland en vorst vormen een eenheid. De Oostenrijkse overmoed om Servië in te willen lijven werd gevolgd door Russische overmoed dat een uitweg naar de Middellandse Zee zocht en weliswaar in Galicië won, maar uiteindelijk door de Duitsers verslagen werd. Niet alleen de enscenering van het gebed, maar het hele idee van kerk, vaderland en vorst doet gedateerd aan. Het zou een scène kunnen zijn uit een verhaal van Isaak Babel. Sepia ruiterij.

Gebed in Krasnojarsk over de overwinning van het Russische leger in de Slag om Galicië in augustus – september 1914’ Collectie: Library of Congress.

Twee foto’s van Nederland (1911) roepen vraag op of buitenlandse beeldarchieven voor Nederlands publiek voldoende ontsloten zijn

Waarom dat is weet ik niet, maar ik kan geen genoeg krijgen van oude foto’s van waterwegen met schepen. Wellicht omdat mijn moeder uit een rederij familie kwam? De datum is 1911. De haven is Rotterdam. Twee heren turen over de Maas. Pogend niet poserend over te komen. Schoorstenen van schepen spuwen stoom.

Mogelijk was de fotograaf op de terugweg van Utrecht van het verslaan van de ‘Circuit d’Europe’ luchtrace die door de Parijse krant Le Journal werd georganiseerd. Met Utrecht als etappeplaats voor de aankomst van de derde etappe uit Luik en het vertrek van de vierde etappe naar Brussel. Het is gissen. Hoe kan ik het weten?

Beide foto’s worden in de omschrijving in het Franse beeldarchief Gallica gerubriceerd als persfotografie (photographie de presse) met als maker het fotografisch persbureau ‘Agence Rol’ dat van 1904 tot 1938 bestond. Zo zijn in buitenlandse archieven veel oude foto’s van Nederland opgenomen waarvan het de vraag is of die voor een Nederlands publiek in een Nederlandse digitale collectie bijeen zijn gebracht. Of zouden moeten worden. Ze verruimen onze blik op wat Nederland ooit was en hoe buitenlanders ernaar keken.

Foto 1: Rotterdam [vue du port] : [photographie de presse] / [Agence Rol], 1911. Collectie Gallica. 

Foto 2: Hollande, Utrecht [vue d’une foule rassemblée pour l’arrivée de l’étape du circuit Européen Liège-Utrecht] : [photographie de presse] / [Agence Rol], 1911. Collectie Gallica. 

Amsterdams Kattenburg in 1911

Zie de mannen vallen. Niet in de Tour de France of de Ronde van Kattenburg. Nee, op de kop af 100 jaar geleden in de in de tweede helft van de jaren zestig gesloopte wijk Kattenburg. Op 6 juli 1911 gebeurde het. Het was broeierig in Amsterdam, meer dan 30 graden.

Ons Amsterdam online zegt: In de nacht van 5 op 6 juli 1911, rond twaalf uur, openden de soldaten na een opstootje het vuur. Het was het begin van de ‘Bloednacht van Kattenburg’, die tot vijf uur ’s morgens voortduurde. Tientallen raakten gewond, waaronder vier ernstig.

Op 13 juni was de internationale zeeliedenstaking uitgeroepen. Vooral op Kattenburg, van oudsher een buurt met veel havenarbeiders, was de actiebereidheid groot. Maar de werkgevers dachten er niet aan om voor de druk te zwichten en zij lieten Duitse en Chinese zeelieden aanvoeren om het werk van de stakers over te nemen. Een slag in het gezicht van de stakers, die probeerden te voorkomen dat werkwilligen aan het werk gingen. Militaire patrouilles werden ingezet om degenen die wilden gaan werken naar de haven te begeleiden.

Door het staatsbezoek van de Franse president Fallières aan Amsterdam werden nog eens extra troepen ingezet. En opeens klonken er geweerschoten. Het escaleerde en de buurt werd afgegrendeld. Soldaten drongen de huizen binnen op zoek naar wapens en schutters. Er vielen aan beide zijden gewonden, maar aan de kant van de Kattenburgers de meeste. De Bloednacht van Kattenburg was geboren.

Uiteindelijk werd het rustiger. Het harde optreden van de soldaten had de kloof tussen burger en gezag verscherpt. Bootwerkers en zeelieden staakten wat weken later hun acties met weinig resultaat. Zo’n uit de hand gelopen actie lijkt in 2011 ondenkbaar. Maar dat was het misschien in 1911 ook.


Foto 1: Valpartij in de Ronde van Kattenburg, 2 april 1950, c Ben van Meerendonk

Foto 2: De toegang tot Kattenburg met ’s Lands Magazijn, het huidige Scheepvaartmuseum