Actiegroep De Grauwe Eeuw keert zich tegen symbolen van koloniale verheerlijking met het creatief ‘targetten’ ervan

jpcoen

Update 8 juni 2020: Afgelopen weekend werd in het Engelse Bristol door een groep activisten een standbeeld van de voormalige slavenhandelaar Edward Colston van zijn sokkel gehaald en in het water geworpen. Labour-leider Keir Starmer gaf in zijn reactie te kennen dat het ‘volkomen fout’ was om dit standbeeld te slopen, maar hij voegde er in één adem aan toe dat het al ‘lang geleden’ verwijderd had moeten worden. Zo’n standbeeld hoort in een stadsmuseum thuis met historische uitleg over de achtergronden en niet in het modder van de haven. Ook het standbeeld van Jan Pieterszoon Coen in Hoorn hoort in het museum thuis. Coen verdient geen standbeeld in de publieke ruimte. Het openbaar bestuur moet controversiële standbeelden inventariseren, zodat we met z’n allen kunnen beslissen om ze te verwijderen als daar aanleiding voor is.

Een bericht in het Noordhollands Dagblad verwijst naar de ‘actiegroep de Grauwe Eeuw‘ die in de nacht van maandag op dinsdag beelden in Hoorn heeft beklad om ‘afschuw te laten blijken voor de koloniale verheerlijking waarmee Hoorn vol trots pronkt’. De actiegroep presenteert zich op een eigen pagina op Facebook en zegt in een als beginselprogramma op te vatten posting: ‘(..) starten wij onze acties tegen koloniale verheerlijking. Deze acties zullen wij blijven voortzetten (..) . Wij roepen iedereen op tot burgelijke ongehoorzaamheid jegens koloniale verheerlijking. Hoe je dit aanpakt laten we helemaal aan jou zelf over. Wij zullen uiteraard ideëen plaatsen op onze pagina De Grauwe Eeuw #GrauwNL en in dit event. Target die standbeelden, straatnaambordjes, gevelstenen etc met je creativiteit en plaats het resultaat in dit event.

Actiegroep De Grauwe Eeuw roept iedereen op om in actie te komen tegen symbolen van het kolonialisme zoals standbeelden, straatnaambordjes, gevelstenen door deze te ‘targetten’. Wat dat inhoudt laat het over aan degenen die in actie komen, maar het noemt het zelf ‘burge(r)lijke ongehoorzaamheid jegens koloniale verheerlijking’. Burgerlijke ongehoorzaamheid is ‘het opzettelijk overtreden van de wet of het negeren van bevelen van de overheid met een politiek doel’ . Doorgaans wordt daarmee per definitie geweldloze actie bedoeld, maar in dit geval valt niet uit te sluiten dat het ‘targetten’ uitmondt in gewelddadige actie.

Protest is goed, maar moet wel goed en proportioneel gericht zijn om zin en effect te hebben. Het is de vraag of het bekladden van een standbeeld van Jan Pietersz. Coen proportioneel is en veel medestanders buiten de harde kern van anti-racisten oplevert. Daarbij gaat het om wat Patrice Lumumba ooit zei: ‘de bevrijding van de geest is lastiger dan het omverwerpen van koloniale regimes’. Vertaald naar de actie waartoe deze actiegroep oproept kan dat geparafraseerd worden met ‘de bevrijding van de geest is lastiger dan het targetten van symbolen van het kolonialisme’. Dat laatste leidt nog niet tot het eerste. Het gaat dus om bewustwording.

Mijn commentaar dat ik plaatste: ‘Begrijpelijk dat de actiegroep die zich ‘De Grauwe Eeuw’ noemt bewustwording over het kolonialisme wil vergroten. Dat is hard nodig. Dat kan bereikt worden door het aanpassen van het onderwijsprogramma. Maar het is de vraag of de beste manier om de bewustwording te vergroten het bekladden van standbeelden, straatnaambordjes etc is en/of het herschrijven van de geschiedenis is. Het is een strategie die averechts kan uitpakken en dan al snel z’n doel voorbijschiet. Kwestie van doel en middelen. Dus ja, geef informatie over wat er fout was aan het kolonialisme en de mentaliteit die dat mogelijk maakte, maar nee, probeer dat niet te forceren door het ‘creatief’ aanpakken van symbolen van dat kolonialisme. Dat verplaatst de aandacht naar bijverschijnselen die afleiden van de hoofdzaak. En geeft de tegenstanders onnodig munitie om de actiegroep dwars te zitten. Daar schiet niemand iets mee op.

Foto: ‘De sokkel van JP Coen heeft een VOC-logo met strop gekregen en er is Genocide op gespoten. (Foto HMC / Eric Molenaar)’. In het Noordhollands Dagblad, 25 oktober 2016.

McNeill: Donald Trump is een semi-fascist

dtfa

In een artikel in The Washington Post proeft hoogleraar geschiedenis John McNeill de politieke nieren van Donald Trump. Is deze presidentskandidaat een fascist of niet? McNeill zet 11 kenmerken van het fascisme op een rijtje en kijkt of Trump hieraan voldoet. Hij kent punten –Benitos– toe en komt tot de conclusie dat Trump met 26 van de maximaal 44 te behalen Benitos een semi-fascist is. Meer fascist dan elke andere succesvolle Amerikaanse politicus, maar uiteindelijk een amateuristische imitatie van het origineel van Benito Mussoloni.

Wie de Russische president Vladimir Putin langs de meetlat van Mc Neill legt komt tot de verbazingwekkende score van 36 Benitos. Dat verklaart waarschijnlijk waarom Donald Trump Putin zo bewondert en als voorbeeld stelt. Putin is de ultieme hedendaagse fascist die Trump graag zou willen zijn. Maar niet als amateur-fascist.

Foto: Schermafbeelding van artikel ‘How fascist is Donald Trump? There’s actually a formula for that’ van John McNeill in The Washington Post, 21 oktober 2016.

VTM: Wat als homoseksualiteit nog niet bestond?

Wat Als?‘ bij de Vlaamse commerciële zender VTM. Wat als homoseksualiteit nog niet bestond? Maar waarom niet dat wat niet minder voor de hand ligt, wat als heteroseksualiteit niet bestond? Als dat demografisch mogelijk is. Want het één hoeft niet de norm boven de ander te zijn. Deze formule opent volop perspectief.

Wat als amusement nog niet bestond? Wat als kunst nog niet bestond? Wat als religie nog niet bestond? Wat als de monarchie nog niet bestond? Wat als commerciële televisie nog niet bestond? Wat als humor nog niet bestond? Wat als het programma ‘Wat Als‘ niet bestond? De aanname als wens, waarheid en werkelijkheid.

Kunst en televisie. Over ‘de normale Nederlander’, het thuisgevoel en de laffe cultuurpolitiek van alle politieke partijen

65737-620-465

Kunst en televisie, het is een moeizame relatie. In een interview met Het Parool zegt Simone van den Ende het volgende over kunst op televisie: ‘En als het je niet interesseert, ga dan naar een ander net. Dat doe ik bijvoorbeeld met voetbal. Daar ben ik totaal niet in geïnteresseerd en ik heb het mijn hele leven goed kunnen vermijden. Waar ik kwaad om word, is dat kunst niet zou mogen van publiek geld en voetbal wel. Weegt het plezier van miljoenen zwaarder dan het plezier van een paar honderdduizend op televisie? Maar nogmaals: ik zeg dit als voorvechter van kunst op televisie, niet om alleen te zeuren.’ Simone van den Ende is op 1 oktober 2016 na negen jaar gestopt als hoofd kunst, cultuur en drama bij Avro en AvroTros.

De Mediacourant verwijst in een bericht naar dit interview. Een reactie van ‘aammehoela’ maakt inzichtelijk hoe de waardering voor kunst op televisie kan zijn. De reactie is te illustratief om niet te citeren: ‘Kunst, met name moderne kunst, is soms echt afgrijselijk. Je hebt af en toe het idee dat de kunstenaar iets in elkaar flanst om daarna een verhaal te verzinnen van hetgeen het moet voorstellen. Wat dat betreft geniet ik meer van een landschapschilderij dan van zo’n doek met alles door elkaar heen geflanst. Dan denkt iedere normale Nederlander: gauw bij de vuilnis gooien.’ Waar hebben we de verwijzing naar de ‘normale Nederlander’ meer gehoord? In rechts-populistische wordt volop tegen ‘moderne kunst’ geageerd. Waarmee hedendaagse kunst wordt bedoeld. Zo meent Thierry Baudet in een artikel (2013) voor NRC dat ‘modernisme in de architectuur en de publieke ‘kunstwerken’ het gevoel van vervreemding versterkt’. Baudet ziet de trits ‘multiculturalisme, modernisme in de kunsten en het Europese project’ als symptomen van een ziekelijke afkeer van het thuis.

Met die tegenwind vanuit populistische hoek die culturele hegemonie claimt heeft hedendaagse kunst te maken. Dat geluid werd zonder veel protest in de nasleep van de cultuurbezuinigingen van Halbe Zijlstra in 2011 overgenomen door de Nederlandse landelijke politiek. Geen enkele partij durfde zich principieel te verzetten tegen de vermeende volkswil van de kunsthaters die ‘moderne kunst’ strijdig achtten met het thuisgevoel van de normale Nederlander. Kunst op televisie werd met diezelfde rechts-populistische golf van eigenheid, nationalisme en thuisgevoel van ‘de normale Nederlander’ weggespoeld. Wat resteerde waren programma’s als ‘Tussen Kunst en Kitsch’ of een soort agenda-achtige kunstprogramma’s die voornamelijk signaleerden. Het pleit voor Simone van den Ende dat ze ondanks die sterke tegenwind de realityseries over de Nationale Opera, het Concertgebouworkest en het Nationale Ballet heeft weten te produceren.

Moeten we ons druk maken over kunst op de Nederlandse televisie? In een snel veranderend media-landschap dat internationaliseert, minder lineair wordt en steeds gefragmenteerder is en vooral nog kleine deelpublieken bedient? Wat heeft het voor zin om zo’n achterhoedegevecht te voeren? Het heeft geen zin. Toch kan het geen kwaad om het onderliggende populisme dat rept van ‘de normale Nederlander’ en thuisgevoel -en zo de culturele hegemonie op televisie en in samenleving claimt- van repliek te dienen. Te laten weten dat er ook nog een andere gedachtenwereld bestaat die er faliekant anders over denkt. Over kunst op televisie gaat het dan allang niet meer, maar over de functie van kunst in onze samenleving. Mijn reactie op ‘aammehoela’:

Hedendaagse Nederlandse kunst kan voor sommigen afgrijselijk zijn, terwijl voor anderen het hedendaagse Nederlandse voetbal dat is. Herinneren we ons de kwalificatiereeks van het Nederlands elftal voor het EK-2016 in Frankrijk nog? Afgrijselijk voetbal met een afgrijselijk resultaat. Maar het wordt op televisie toch overvloedig getoond in urenlange wedstrijden en voor- en nabeschouwingen. Als zelfkwelling?

De hedendaagse Nederlandse kunst heeft internationaal meer aanzien en kwaliteit dan het hedendaagse Nederlandse voetbal. Lees er de lovende buitenlandse commentaren over Nederlands toneel, design, dance, ballet, geïmproviseerde muziek of beeldende kunst maar op na.

Zo redenerend zou je kunnen stellen dat het gerechtvaardigd is om om die kunst op televisie te laten zien en het voetbal niet. Gesteld dat programma’s daar een goede vorm voor weten te vinden en het de formule van Jasper Krabbé overstijgt. Maar in grote lijnen gebeurt het omgekeerde. De kwaliteit van Nederlandse kunst wordt mondjesmaat getoond en het gebrek aan kwaliteit van Nederlands voetbal wordt overvloedig getoond. Is dat niet krom?

Foto: ‘Siem Vroom en Christine Ewert in een scene uit het topstuk ‘ De Drie Zusters’ van Anton Tsjechov, dat de NCRV op 30.09.1979 op het scherm brengt.’

Kop nu.nl suggereert dat Monasch zegt dat hij verkiezingen PvdA-lijsttrekkerschap niet kan verliezen als procedure eerlijk verloopt

mon

Deze kop doet Trumpiaans aan. Kamerlid Jacques Monasch die een van de kandidaten voor het leiderschap van de PvdA is wordt geïnterviewd door Avinash Bhikhie van nu.nl. De kop vertelt dat Monasch heeft gezegd dat hij bij eerlijke verkiezingen de lijsttrekker van de PvdA wordt. Dat houdt in dat als Monasch verliest van Diederik Samsom, Lodewijk Asscher of een andere kandidaat de verkiezingen niet eerlijk waren. Deze kop laat twee mogelijkheden toe. Of Monasch wint bij eerlijke verkiezingen of Monasch verliest omdat de verkiezingen niet eerlijk waren. Gemanipuleerd waren. Donald Trump noemt dat ‘rigged’. Deze kop sluit de mogelijkheid uit dat Monasch verliest bij eerlijke verkiezingen. Is Monasch werkelijk zo’n arrogante kwast die meent dat hij alleen kan verliezen door manipulatie van het PvdA-bestuur? Te weten voorzitter Hans Spekman die de Debbie Wasserman Schulz van de PvdA is en door het benadelen van Bernie Sanders haar functie moest neerleggen?

Wat heeft Jacques Monasch in het interview gezegd? Het gaat om de volgende passage:
NU:  Denkt u dat u kans maakt om lijsttrekker te worden?
-JM: “Ja, mits er een eerlijke procedure komt waar flitsleden zich makkelijk voor 2 euro kunnen registreren.”
NU:  Heeft u er geen vertrouwen in dat het eerlijk zal verlopen?
-JM: “Ik heb volgende week een gesprek met voorzitter Spekman. De belofte is er dat niet-leden zich voor 2 euro kunnen registreren en makkelijk kunnen meedoen. Als dat zo is, dan ga ik winnen. Daar ben ik van overtuigd.”

Monasch zegt in het interview niet wat de kop suggereert dat hij zegt. Namelijk dat hij de mogelijkheid uitsluit dat hij bij eerlijke verkiezingen kan verliezen. Dat doet hij niet. Eerst zegt Monasch dat hij ‘kans‘ maakt om lijsttrekker te worden bij een procedure waarin flitsleden zich makkelijk kunnen registreren. Maar dat is iets wat elke kandidaat zegt en ook dient te zeggen bij het begin van een campagne. In de vervolgvraag wordt het ingewikkeld als Bhikhie vraagt of Monasch vertrouwen heeft in een eerlijk verloop van de procedure. Hij geeft daar geen direct antwoord op en zegt een gesprek met Spekman te hebben. Dan verwijst hij opnieuw naar de registratie van flitsleden waar hij blijkbaar kansen in ziet vanwege de toestroom van leden van buiten de partij. Monasch spreekt de overtuiging uit dat hij gelooft dat hij in dat geval gaat winnen. De zinsnede ‘dan ga ik winnen’ getuigt van overmoed die prima past bij de lancering van een campagne. Het is wensdenken, tonen van ambitie en grootspraak, maar niet meer dan dat. Hij beweert niet dat het onbestaand is dat hij bij eerlijke verkiezingen kan verliezen. Monasch wordt door nu.nl woorden in de mond gelegd die hij niet heeft gezegd en die hem kunnen beschadigen. Dat is onzorgvuldige journalistiek van de eindredactie van nu.nl.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel Monasch: ‘Bij eerlijke verkiezingen word ik nieuwe PvdA-lijsttrekker’ van nu.nl, update: ‘22 oktober 2016 12:07’. 

Kremlin kiest wapens boven boter, maar kan ze niet betalen

22russia-web-superjumbo

Wie recente berichten combineert krijgt het benauwd over de verslechterende veiligheidssituatie in Oost-Europa en de confrontatiepolitiek van de Russische Federatie. In een artikel in NRC schetst Eva Cukier hoe slecht het gesteld is met de Russische economie. Naar verwachting is halverwege 2017 of zelfs nog enkele maanden eerder het reservefonds uitgeput. Een bericht van Reuters uit juli 2016 beweert hetzelfde. Dat betekent dat de gaten in de begroting als gevolg van de dalende olieprijzen niet meer gedicht kunnen worden. Sociale smeerolie is op. Cukier eindigt positief in de constatering dat Russen door hun geschiedenis hebben geleerd de tering naar de nering te zetten en sociale onrust niet te verwachten valt: ‘Maar de Rus kan veel hebben en de situatie is nog lang niet uitzichtloos genoeg om protesten uit te lokken, denken experts.

Paul Goble komt in een overzicht van de Russische pers met gegevens die noodgedwongen leiden tot een andere inschatting. Hij constateert dat de Russische regering zich de huidige hoge defensie uitgaven niet kan veroorloven en allerlei noodverbanden aanlegt die ten koste gaan van de burgers, inclusief de militairen. Hij citeert de liberale Yabloko-politicus Lev Shlosberg uit Pskov: ‘the Putin regime is throwing Russian society under the bus in its pursuit of military strength and doesn’t seem to care how much Russians suffer as a result’. Goble wijst op een maatregel om het defensiebudget te verlagen die bij het ministerie van Financiën ter discussie staat: verlaging van militaire pensioenen. Dat kan het ‘contract’ tussen overheid en krijgsmacht beschadigen. Dat deze optie besproken wordt geeft aan hoe slecht de budgettaire situatie van de overheid is. Het risico voor de zittende macht is dat ontevreden militairen gevaarlijker zijn dan ontevreden burgers.

Nationalisme en militair machtsvertoon van de Russische Federatie in Syrië, Oekraïne, aan de kusten en in het luchtruim van Europa, en in de cyberspace hebben vele doelen. Het stelt krijgsmacht en veiligheidsindustrie tevreden, beschermt het patronage-systeem dat overheidsgeld doorsluist naar relaties die het bewind steunen en moet vooral afleiden van de slechte economische situatie. Dat gebeurt  door het schetsen in staatsmedia van een revitaliserend land dat de schande van de Jeltsin-jaren uitwist en aansluit bij de glorie van de Sovjet-Unie. Maar als die slechte economische situatie zich direct doet voelen in de samenleving en in de financiering van de krijgsmacht dan raakt dat ‘contract’ uitgewerkt. Daarbij komt dat de Russische krijgsmacht geen partij is voor Westerse landen en zich slechts op twee terreinen onderscheidt: als kernmacht, en half in cyberspace en de informatie-oorlog. Door extra inspanning kan het Westen die laatste twee bedreigingen overwinnen.

Het gevaar voor de Europese veiligheidssituatie is dat een Kremlin-kat in het nauw rare sprongen maakt. Talloze commentaren wijzen daarop. Tel maar na. Naar verwachting is halverwege 2017 het geld op om gaten in de begroting te dichten, dreigt er gesneden te worden in militaire pensioenen en arbeidsvoorwaarden, dreigt de in Syrië en Oekraïne al zwaar belaste conventionele krijgsmacht nog verder overbelast te worden en heeft het Westen geleerd om gepast te antwoorden op de Russische dreigingen. Het Kremlin weet dat de tijd tegen haar werkt en het Westen kan afwachten. De stempel die het Kremlin op de krijgsmacht kan drukken neemt bij een teruglopende economie verder af. Wat rest is een sprong in het ongewisse met de inzet van de kernmacht. Of de enige uitweg uit dit onheilsscenario amnestie voor de leiders in het Kremlin en de daaraan gelieerde zakenelite is lijkt nu nog een vraag die ver weg is. Maar die met rasse schreden dichterbij komt.

Foto: ‘Admiral Kuznetsov, Russia’s sole aircraft carrier, in the English Channel on Friday. CreditDover-Marina.com’.  

 

‘Dedicated’ in Galerie Sanaa met Halina Zalewska en Peter Koole

img_7689

Opening op zondag 23 oktober om 15.00 uur met Edwin Jacobs. Te zien tot 27 november 2016. Galerie Sanaa toont vaak werk van Afrikaanse kunstenaars, maar richt deze keer de blik op Oost-Europa. Een bespreking.

Galerie Sanaa toont in een dubbeltentoonstelling de scherpe blik van Halina Zalewska en Peter Koole. Deze twee kunstenaars staan met hun werk midden in de samenleving. Berthe Schoonman van Galerie Sanaa vindt het een uitdaging om dit werk te laten zien. ‘Dedicated’ is de titel. Die zegt veel tegelijk. Dat de kunstenaars toegewijd zijn aan hun werk en aan het onderwerp van hun werk. Er verknocht of zelfs verkleefd mee zijn. Want hun kunstenaarschap is een levenslange opdracht. De titel zegt ook dat de personen die ze beschrijven toegewijd zijn aan hun leven of werk. En dat op hun beurt beide kunstenaars samen met Schoonman hun werk opdragen aan iedereen die er geinteresseerd in is.

Halina Zalewska (1956) werd in Polen geboren en woont nu in Utrecht. Het IJzeren Gordijn sneed Oost-Europa nog af van het Westen. Toen ze in 1980 aan de Rijksacademie in Amsterdam ging studeren wist ze eigenhandig haar werkelijkheid te verschuiven. Maar deze fase liet ze niet definitief achter. Want Zalewska put voor haar werk uit haar eigen leven. Die persoonlijke klik is de voorwaarde die haar drijft. Geen kwestie van aansporing, maar van bezieling. Dat het daar allemaal vandaan komt maakt zij aannemelijk.

Het verleden wekt ze op in beelden van Poolse sleutelfiguren als Bruno Schulz. Maar ook familieleden. Haar vader is niet ver weg. De geschiedenis zoals Zalewska die voor zich ziet is niet af. Zo loopt de vernietiging van Warschau, 1944 over in de puinhopen van Aleppo, 2016. Leed kan iedereen overkomen. De bevrijders van toen zijn de bevrijders van nu. Met als gevolg de totale vernietiging. Zo onherstelbaar is de geschiedenis. Je kunt het maar beter uittekenen voordat het voorgoed verdwijnt. Of weer van gedaante verandert en zich ontworstelt aan de blik.

Tegenover hard staat zacht. Tegenover onrecht staat de natuur die het leed overwoekert als de mens zich terugtrekt. Zalewska neemt een voorschot op de uitkomst en projecteert wensen in haar tekeningen. De natuur wordt zo een proefstuk van hoe het zou moeten zijn. Maar nooit is omdat de werkelijkheid daar te hard voor is. Toch stelt zij het niet voor als een droombeeld, want dat zou een overgave aan haar streven zijn. De uitkomst staat vast als een blauwdruk voor wat komen moet. Maar de opgave is nog niet sluitend omdat de weg erheen nog afgelegd moet worden. Dat is de vrijheid die Zalewska voor zichzelf in haar tekeningen reserveert.

Zalewska is een bewaarplaats van beelden, voorvallen en verhalen. Ze strijden er met elkaar om om als eerste op het papier te komen. In een lijn of een arcering van potlood. In kleur of zwartwit. Die strijd leidt tot combinaties die een geheel worden en de samenvoeging overstijgen. Waaraan niets ontbreekt. Altijd is er plek voor een afdwaling of onvolkomenheid die liefdevol opgenomen wordt. Alles lijkt inpasbaar, maar dat is natuurlijk niet zo. Het moet wel uit de bron geput worden die Halina Zalewska is. En die haar tekeningen diepte, gewicht en een bestemming geven die vertrek en aankomst tegelijk zijn. Zo vallen leven en werk van de kunstenaar samen.

hz

Peter Koole (1958) bekommert zich om mensenrechten. Zijn aandachtsgebieden zijn de Balkan, Palestina, vluchtelingen en de Russische Federatie. In Galerie Sanaa laat hij voor het eerst een serie van vijf schilderijen zien die commentaar geeft op het bewind van de Russische president Putin. Journaliste Anna Politkovskaya van de krant Novaya gazeta werd in 2006 vermoord. Als verjaardagscadeau voor Putin. Op de 7de oktober. De krant pakte in juli 2014 uit met de titel ‘Vergeef ons, Nederland’. De MH17 was neergeschoten. Kort daarvoor waren er de Winterspelen van 2014 in Sochi. Nederland stuurde een zware delegatie waarmee het uit de toon viel. Tegen alle protesten in over de inperking van homorechten in de Russische Federatie. Koning Willem-Alexander dronk een biertje met Putin. Over het lijk van Politkovskaya heen. Er was vijf maanden later de MH17 voor nodig om de Nederlandse regering tot inzicht te brengen dat verbroederen met het Kremlin niet werkte.

Dat alles verbeeldt Koole in deze vijf schilderijen. Hij toont ook het zoeken van Nederland naar zichzelf. Want hij is een in Rotterdam gevestigde Nederlandse kunstenaar die bewust met zijn voeten in de samenleving staat waar hij deel van uitmaakt. In een andere serie doet Koole verslag van het weglachen van de duizenden doden van Screbrenica door Oranje Bavaria-meisjes. Naast de MH17 is dat het andere recente trauma van Nederland. Ze juichen bij een voetbalwedstrijd die Nederland verliest. Als droog en hard commentaar zet Koole daar de Bosnische nabestaanden naast die in hetzelfde gebaar rouwen om hun slachtoffers. Om hun verlies.

De realistische stijl objectiveert en scherpt de gebeurtenis aan. Dat gebeurt tegelijk. Het zijn twee tegengestelde bewegingen. Het resultaat doet denken aan het vertigoshot uit de gelijknamige film van Alfred Hitchcock. De camera rijdt naar achteren en de lens zoomt met dezelfde snelheid in. Het object blijft voor de toeschouwer op dezelfde afstand. Het effect is dat de achtergrond ineens patsboem de voorgrond overweldigt. In detail en grootte. Opzet van die techniek is om een sterke emotionele schok teweeg te brengen. In de film een verbeelding van de hoogtevrees van de hoofdpersoon. Verbeeldt Peter Koole op een vergelijkbare manier ons wegkijken voor de werkelijkheid? Het lijkt er sterk op.

Koole zet ons te kijk en wast onze ziel schoon. Of dat beoogt hij. Om de kijkers niet compleet aan hun lot over te laten voegt hij vaak woorden toe die richting geven. En onze geest voeden. Boete hoeven we niet te doen, maar even goed nadenken over waar we mee bezig zijn roept zijn werk wel op. Hij geeft commentaar op de wereld om ons bij de les te houden. Zonder een pedagoog te worden die ons dwingend één richting opstuurt. Zijn werk vertelt dat onderwerpen als misstanden, onrecht en oorlog een andere vorm van wirwar zijn van wat wij zijn. In die kant van onszelf helpt Koole ons af te laten dalen. Al is het maar voor even. Of we er een vervolg aan geven moeten we zelf weten. Kijken, bewonderen, mijmeren, doordenken of de barricades opstormen, het zit er allemaal in. Dat maakt het werk van Peter Koole uniek.

peter_koole_-_8_journalism_novaya_gazeta_1

Halina Zalewska en Peter Koole blikken hun werkelijkheid in. Het lijkt terloops te gebeuren, maar vraagt een half geleefd leven om zover te komen. Hun bekwaamheid is onmiskenbaar aanwezig, maar dringt zich toch niet voor het onderwerp. Daar passen deze toegewijde kunstenaars wel voor op. Het is bijzonder dat Galerie Sanaa deze tentoonstelling presenteert. Ook gedurfd omdat het voor fijnproevers is.

Foto 1: Berthe Schoonman, Halina Zalewska (zittend) en Peter Koole (v.l.n.r.), 21 oktober 2016.

Foto 2: Halina Zalewska, detail van tekening van Warschau-deel van tweeluik ‘Twins’, 2016. Twee verwoeste steden: Warschau en Aleppo. Tijdens de tentoonstelling is Zalewska in de galerie aanwezig op vrijdagmiddag vanaf 12.00 uur en tekent verder aan de tekening ‘Twins’.  

Foto 3: Peter Koole, ‘Journalism, Novaya Gazeta’, 2014. Olieverf op doek.

Zie hier voor achtergrondinformatie over Halina Zalewska en hier over Peter Koole.

Drie misverstanden in de uitleg over het Oekraïne-referendum: raadgevendheid, handelsdeel en voorlopige toepassing

Premier Rutte zit omhoog met de uitslag van het Oekraïne referendum. Of beter gezegd, met zijn interpretatie ervan. Hij heeft het aan zichzelf te wijten dat hij in politieke problemen is gekomen. Wetgeving verplicht hem niet tot overname van de uitslag. Een raadgevende uitspraak laat volgens artikel 11 van de Wet Raadgevend Referendum twee tegengestelde conclusies toe: intrekking van de wet of regeling van de inwerkingtreding van de wet. Bert Nijman van Geen Stijl verwoordt dat door te stellen dat Rutte de uitslag naast zich neer kan leggen. Als hij een vent is. ‘Negeren‘ is de verkeerde term, omdat het kabinet de wettelijke plicht heeft om de uitkomst van het referendum in ogenschouw te nemen, maar niet verplicht is om de uitkomst over te nemen.

Een ander misverstand is dat de handelsbetrekkingen die 80% van de associatie-overeenkomst uitmaken iets met de uitspraak van het Nederlandse referendum te maken hebben. Dat doen ze niet omdat ze wettelijk gezien onder de bevoegdheid van de Europese Unie vallen. Over die 80% heeft het referendum van de Nederlandse kiezer nooit een uitspraak gevraagd. In de campagne is dat aspect nauwelijks aan de orde gekomen. Naast de verwarring over de raadgevendheid die de regering twee tegengestelde keuzes laat is er dus een tweede complicatie. De associatie-overeenkomst bevat politieke en juridische onderdelen waarover de burger in het referendum een uitspraak is gevraagd en economische onderdelen waarover de burger geen uitspraak is gevraagd. Hoogleraar Europees Recht Linda Senden wees daar in februari 2016 op.

Thiery Baudet (Forum voor Democratie) heeft het bij het verkeerde eind als hij meent dat als Nederland niet tekent het verdrag van de EU met Oekraïne van de baan is. Zo werkt het juridisch niet. Want een verdrag kan onder voorbehoud en voorlopig toegepast worden, hoewel dat geen blijvende juridische situatie is. En van de andere kant kan die voorlopigheid lang opgerekt worden. In weerwil van wat Baudet beweert gaat de overeenkomst niet de prullenbak in als het Nederlandse kabinet haar stem aan de goedkeuringswet onthoudt.

Een brief van 28 oktober 2015 van het ministerie van Buitenlandse Zaken schetst de politieke situatie die dan ontstaat: ‘Beëindiging van de voorlopige toepassing van de overeenkomst van de kant van de EU vereist een besluit van de Raad, op voorstel van de Commissie, met eenparigheid van stemmen. De meeste lidstaten hechten aan voorlopige toepassing van onderdelen van het associatieakkoord. De vereiste unanimiteit voor opzegging van de voorlopige toepassing ontbreekt derhalve.’ Het valt niet te verwachten dat EU-lidstaten die zich nauw met Oekraïne verbonden voelen -zoals Polen en de Baltische staten- hun handtekening onder beëindiging van de voorlopige toepassing gaan zetten. Dit is de derde complicatie die voor misverstand zorgt.

Joachim Baur: Migratiemusea moeten afstand nemen van nationalisme en politiek. Om het echte verhaal te vertellen

ducelle_07

Tiffany Jenkins komt in een artikel voor Foreign Policy met een scherpe invalshoek voor de beeldvorming van migratie. Ze verwijst naar het boek ‘Die Musealisierung der Migration’ (2009) van de aan de Universiteit van Tübingen verbonden Duitse museumwetenschapper Joachim Baur. Het gaat erover hoe in speciaal opgerichte musea de migratiegeschiedenis wordt gepresenteerd. De kritiek is dat ze hierbij te simplistisch te werk gaan en nieuwe vehikels zijn om nationale identiteit te promoten. De musea zouden zich overgeven aan idealisering en simplificering door een beeld van multiculturalisme en tolerantie te schetsen. Hierbij verliezen ze hun kritische distantie en sluiten aan bij een beeld vol optimisme, waarvan overheden willen dat musea die tonen.

Hoe migratiegeschiedenis in gevestigde media wordt gepresenteerd maakt een media recensie van Wilfried Takken in NRC inzichtelijk. Hij behandelt het NPO-programma Verborgen Verleden waarin ‘prominente Nederlanders op zoek gaan naar hun verleden’. Hij neemt de volgende conclusie voor eigen rekening: ‘De les: we zijn allemaal vluchtelingen, die ooit naar Nederland kwamen gedreven, uit honger of angst. Verborgen verleden ondergraaft de nationalistische mythe van de bloedzuivere Nederlander.’ Dit is een versimpeling die voorbijgaat aan de echte geschiedenis en bestaande machtsstructuren en Baur de musea verwijt. Musea, Verborgen Verleden en Wilfried Takken doen burgers hiermee geen dienst, maar werken eraan mee een roze laag van goedwillendheid over de werkelijkheid te leggen die het echte verleden aan het oog onttrekt.

De kritiek is dat genoemde migratiemusea niet aan verklaren, maar aan verhullen doen. Jenkins schetst welke musea begonnen met het tonen van de migratiegeschiedenis: het Migration Museum in het Australische Adelaide dat opende in 1986 en het Ellis Island National Museum of Immigration in de VS in 1990. Ook Nederland kent erfgoedinstellingen die zich bezighouden met migratiegeschiedenis. De focus ligt hierbij op nieuwkomers en landverladers. Jenkins: ‘Op hun verschillende manieren hebben zij traditioneel een verhaal verteld  over natiestaten en niet over de migrant als individuele persoon.’ De kritiek is dat migratiemusea die sinds 1986 zijn ontstaan geen afstand nemen van het 19de eeuwse nationalisme. De migrant wordt er direct mee verbonden. De wijze waarop migratiemusea de migrant benaderen sluit aan bij het ontstaan van musea in de laat 18de en vroege 19de eeuw. Exact het tijdperk van het nationalisme en de natiestaten.

Dat betekent dat deze migratiemusea in dienst staan van natievorming. Ze hebben een politieke missie die Jenkins citeert: ‘bijdragen aan de erkenning van de integratie van immigranten in de Franse samenleving en de opvattingen en houdingen over immigratie in Frankrijk bevorderen’ (het Cité Nationale de l’Histoire de l’Immigration, Parijs) of ‘bevorderen sociale cohesie’ (Migration Museum, Adelaide). Nationale migratiemusea verspreiden de boodschap dat migratie voor iedereen een goede zaak is. Maar dat is het niet, de ene migrant is de andere niet. Zoals alle Nederlandse Nederlanders evenmin dezelfde startpositie hebben. Dat leidt tot de versimpeling van Wilfried Takken en Verborgen Verleden dat ‘wij allen migranten zijn’. Het is een verklaring die niets verklaart, behalve een oppervlakkig en van bovenaf opgelegd  idee van cohesie, saamhorigheid en gemeenschapsgevoel. Precies zo wordt het mechanisme van natie- een machtsvorming door de politieke en economische elite bewust verhuld. Het is de taak van migratiemusea om achter die ‘waarheid’ te kijken en het complete verhaal over migratie te vertellen. Niet alleen de populistische en politiek gewenste versie ervan.

Foto: ‘Meneer en mevrouw Batten met koffers voor het Haagse station Hollands Spoor. Ze woonden aan het Prins Mauritsplein in Den Haag. Meneer Batten was oud KNIL-kapitein. / SpoorwegenSpoorwegen / SpoorwegenSpoorwegen / Straatbeelden’. Collectie: Historisch Beeldarchief Migranten.

Petitie: Zet een arbeider op de lijst van ‘volkspartij’ CDA voor de Tweede Kamer

cda

Deze petitie vraagt om ten minste ‘een arbeider’ op de kandidatenlijst van de CDA voor de Tweede Kamer te zetten. Een gerechtvaardigd verzoek aan een partij die zich afficheert als volkspartij. Hetzelfde geldt trouwens ook voor de andere partijen die de pretentie van volkspartij hebben: PvdA en VVD. Laatstgenoemde partij draagt dat begrip zelfs in haar naam: ‘Volkspartij voor Vrijheid en Democratie’. Maar niemand die nog echt denkt dat de VVD ook in werkelijkheid een volkspartij is. Wim Keja was in de VVD de laatste arbeider die het tot in de Tweede Kamer bracht. Dat is ook al weer langer dan 25 jaar geleden. Het is een goed initiatief om bij volkspartijen arbeiders te kandideren. In een CDA dat pleit voor een ‘Duits’ kiessysteem met een gemengd districtenstelsel. Dan kunnen vanuit de regio de arbeiders pas echt toestromen. En de CDA helpen vitaliseren.

Foto: Schermafbeelding van deel petitie ‘Zet een arbeider op de CDA Tweede Kamer lijst’, 19 oktober 2016.