George Knight

Debat tussen links en rechts

Open brief aan Aboutaleb: het doorzicht van Olphaert den Otter

with 5 comments

imageproxy.aspx

Beeldend kunstenaar, activist en Rotterdammer Olphaert den Otter schreef op verzoek van het tijdschrift Metropolis M een brief aan burgemeester Aboutaleb van Rotterdam. Op mijn vraag waarom hij de brief nou precies aan de burgemeester stuurde antwoordde Den Otter op zijn Facebook-pagina waar hij de brief doorplaatste: ‘In zekere zin is de brief symbolisch. De brief is een bericht. Strijden deed ik – deden we – met werkelijke politieke krachten. Overigens is dat een strijd die ook deels symbolisch is, omdat de politieke werkelijkheid nogal verschilt van de werkelijkheid die jij en ik en Jan en Alleman hem kennen. Maar nu, in een soort flash back, wilde ik me richten tot de burgervader van deze stad. Hij krijgt hem ook nog in de bus. Ik had hem ook aan de koning kunnen schrijven. Was ook mooi geweest.

Los van zijn inhoudelijke betrokkenheid en deskundigheid verdient Olphaert den Otter steun omdat hij pleit voor het weer aan de macht brengen van de verbeelding. Als een echo van provo opent hij vergezichten die door het openbaar bestuur gesloten zijn. Den Otter stapt uit het frame van de politiek die door de politiek zelf doorgaans teruggebracht wordt tot partijpolitiek. Wat we nu zo grotesk zien bij het WM in de benoemingen van zowel de kern van de RvT als de interim directeur: partijpolitieke benoemingen die ver van de burger afstaan. Dit adres van Olphaert den Otter is een meesterzet omdat het de weg naar de burger opent.

Geachte heer Aboutaleb,

Hoe u de afgelopen tijd de gebeurtenissen rond het Wereldmuseum Rotterdam hebt beleefd weet ik niet. Misschien zag u rimpels in de vijver, meer niet. Of gedoe rond het college van b & w, wat u vermoedelijk betreurt. Ik hoop echter dat u zag dat hier iets heeft plaatsgevonden dat een diepliggende oorzaak heeft. Als deze niet onderkend wordt kan zich hetzelfde drama opnieuw voltrekken. Mag ik met u de gebeurtenissen langslopen en steeds verder afdalen, op zoek naar die oorzaak?

Oppervlakkig gezien heeft de directeur van het Wereldmuseum zich slecht van zijn taak gekweten. Het museum is niet op orde, de collectie in gevaar, bezoekersaantallen dalen, de eigen inkomsten eveneens. En dat ondanks de plannen van de directeur om in 2016 onafhankelijk te zijn van gemeentelijke subsidies. Dat is natuurlijk allemaal niet best, dus is de directeur teruggetreden uit al zijn functies.
Eén laag dieper zien we falende controle door een Raad van Toezicht, die het laatste jaar ook nog eens defungerend was, door verlopen termijnen van alle leden.
Nog een laag dieper zien we het Gemeentebestuur en de Gemeenteraad die van alle opzichtige gebreken bij het museum onkundig zijn. Bovendien is daar de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur (RRKC) die uw college adviseert. Tot zeer kort voor de val van de directeur was deze raad laaiend enthousiast over hem.

Om dit allemaal te begrijpen moeten we nog een trede afdalen. Het is namelijk merkwaardig dat de chaos in het museum aan het licht moest worden gebracht door de media (de Groene Amsterdammer verdient veel lof) en door de Publieksactie Wereldmuseum, die bestaat uit betrokken burgers – in deze kwestie amateurs (dat betekent: liefhebbers). Zij hebben de verantwoordelijken slechts met de grootste moeite van de werkelijke stand van zaken kunnen overtuigen. Hoe is dat mogelijk?
Men zag het niet. Omdat men het niet wilde zien. Men zag liever een geslaagde ‘cultureel ondernemer’ die een museum runt op een nieuwe manier. Rotterdam zou zo laten zien dat het kon: cultuur aanbieden op het allerhoogste niveau en nog gratis ook, want het zou zich allemaal zelf gaan bedruipen. Het bleek toch gewoon een fabeltje.

Nu gaan we de laatste trede af. Dit alles heeft kunnen gebeuren doordat:
1 – het idee heeft postgevat dat cultuur een ‘product’ is als ieder ander
2 – Rotterdam geen idee heeft wat voor stad ze wil zijn.
Cultuur lijkt wel een beetje op natuur. Beiden lijken volkomen vanzelfsprekend aanwezig, maar spring je er onzorgvuldig mee om dan zijn ze zomaar in gevaar en komt het niet vanzelf weer goed. Cultuur is geen handelswaar. Het is ook niet zo dat het wel zonder kan, als er geen vraag naar is. Cultuur heeft geen nut. Cultuur heeft zin. Daarom behoeft cultuur aandacht, liefde en bescherming.
Terug naar Rotterdam. De aantrekkingskracht van een stad wordt vrijwel altijd bepaald door een goed cultureel klimaat. Zo’n stad is rijk. Ik bedoel nu rijk in aanbod, maar mocht u het anders gelezen hebben, dan mag dat ook. Want beide betekenissen gaan in de regel samen.

U snapt waar ik heen wil: zo’n stad is Rotterdam nu niet. Rotterdam kreeg van de geschiedenis weinig cultuur cadeau. En dan zou juist in deze stad de cultuur uit zichzelf gaan bloeien. Wat een misvatting! Wie niet zaait oogst niet.

Het is nu zaak een vergezicht te schetsen van de stad die Rotterdam wil zijn, als ze niet wil wegglijden in volstrekte onbeduidendheid. Daarvoor is een regelrechte cultuuromslag nodig. Goed woord eigenlijk, in dit verband.
Het is niet meer dan logisch dat het Wereldmuseum weer een prominente rol gaat spelen in de stad met een ‘wereldhaven’; een stad die zich er bovendien op laat voorstaan 200 nationaliteiten veilig en welvarend te huisvesten en werk aan te bieden. Omring u met de beste adviseurs die u kunt vinden. Zoek geen praktische oplossing voor het Wereldmuseum, maar een inhoudelijke. Zit de culturele potentie van het museum niet langer in de weg met bestuurlijke desinteresse en laissez-faire. Blaas in het vuur! Omarm initiatieven. Geef ruimte. Ik heb nog niet één keer gezegd: geef geld. Een gezond cultureel klimaat is voor iedere stad van vitaal belang. Investeren daarin is vanzelfsprekend. Maar vanzelfsprekende zaken moet je willen zien.
De situatie rond het Wereldmuseum biedt Rotterdam de kans om te bouwen aan een spraakmakend etnografisch museum, dat alle burgers van deze internationale stad bedient en andere bezoekers trekt. Niet met een horeca-lijmstok, maar met haar eigen topcollectie en een inhoudelijk overtuigend plan. Etnografische musea voeren een levendig debat over de omgang met hun koloniale collecties. Dit is het moment waarop Rotterdam die arena moet betreden. Eerst als luisteraar – want we hebben onze tijd zitten verdoen en niet opgelet. Maar als we vlotte leerlingen zijn (lees: aantrekken) kunnen we in het prachtige gebouw aan de Willemskade – waar het museum op 1 mei 2015 al 130 jaar haar huis heeft – spoedig meepraten.
Het is weer eens mouwen opstropen in Rotterdam. Heerlijk!

Met vriendelijke groet,

Olphaert den Otter
Beeldend kunstenaar en initiatiefnemer Publieksactie Wereldmuseum Rotterdam

Foto: Neksteun uit de Democratische Republiek Congo, Hemba. eind 19de eeuw. Collectie: Wereldmuseum, inventarisnummer 29821.

Advertenties

5 Reacties

Subscribe to comments with RSS.

  1. Het moet weer om de inhoud gaan bij het Wereldmuseum. Het museum moet weer een belangrijke plaats gaan innemen in Rotterdam. Mensen moeten het museum weer belangrijk gaan vinden. En dat doe je niet door populistische of eenvoudige tentoonstellingen te maken. Er moeten bijvoorbeeld weer tentoonstellingen komen die tot een maatschappelijke discussie leiden. De prachtige collectie leent zich daar uitstekend voor. De collectie islamitische kunst behoort tot de mooiste collectie van Nederland. Je kan hier een prachtige tentoonstelling mee maken ook omdat de islam volop in de actualiteit staat, ook in Rotterdam (zie uitspraken Aboutaleb). Zo’n tentoonstelling kan een maatschappelijke discussie aanzwengelen, daarmee trek je publiek en tegelijkertijd positioneer je het museum. Bovendien kan je zo’n tentoonstelling ook inzetten voor educatie mbt zo’n actueel thema. Maar ik vermoed dat het ijdele hoop is. Bij de benoemingen van de RvT en de nieuwe directeur zit geen inhoudelijke museale kennis. Alleen zakelijke kennis. En daarnaast blijft de ex-directeur gastcurator bij het museum en de ervaring leert dat het publiek dan weer getrakteerd zal worden op een inhoudsloze Efteling-tentoonstelling.

    R. van der Velden

    7 juni 2015 at 20:41

  2. @Ruud van der Velden
    ‘Bij de benoemingen van de RvT en de nieuwe directeur zit geen inhoudelijke museale kennis. Alleen zakelijke kennis. En daarnaast blijft de ex-directeur gastcurator bij het museum en de ervaring leert dat het publiek dan weer getrakteerd zal worden op een inhoudsloze Efteling-tentoonstelling.’

    Wijze woorden. Tja, het is mogelijk nog ernstiger dan je schetst. Bij de RvT en de nieuwe directeur zit weinig inhoudelijke, maar vooral politieke kennis. Anders gezegd, leggen RvT en nieuwe directeur meer prioriteit in het onderhouden van hun politieke dekking of in het werven van extern geld? Dat eerste is de makkelijke, dat laatste de moeilijke weg. Waarom zouden RvT en nieuwe directeur (evaluatiemoment 1 februari 2016) het zich moeilijk maken? En een andere vraag: waarom geeft wethouder Visser een vertegenwoordigers van de Publieksactie Wereldmuseum geen formele rol in de oplossing? Juist om het gebrek aan inhoudelijke museale kennis bij RvT en nieuwe directeur op te vangen.

    George Knight

    7 juni 2015 at 21:58

  3. Goede vraag. Het zijn politieke benoemingen en hun prioriteit zal inderdaad meer liggen bij het onderhouden van politieke dekking. Gezien het aanblijven van de vorige directeur bij de komende tentoonstelling zal het museum voorlopig geen nieuwe inhoudelijke weg inslaan. De tentoonstelling De Perzen zal er juist voor zorgen dat er nog minder mensen komen naar het Wereldmuseum, simpelweg omdat deze tentoonstelling geen inhoudelijke basis zal hebben. Kijk maar naar de folder, bij de inleidende tekst gaat het al fout mbt de geschiedenis. Het publiek zal wegblijven en daardoor blijft het museum in een neerwaartse spiraal. Ik vermoed dat men de collectie in beheer brengt bij het NMVW en waarschijnlijk later het Wereldmuseum juridisch laat opgaan in het NMVW. Ik zou een rol van de Publieksactie Wereldmuseum mbt de inhoudelijke kennis van harte toejuichen en de wethouder dit zelfs aanbevelen. Maar ik vrees dat men hier geen behoefte aan heeft. Ordinair gezegd, het zal het om de centjes gaan. Dat zie je ook bij het Tropenmuseum en het Afrika-museum. De popi-jopie tentoonstellingen, met bijv. het inzetten van zogenaamde bekende Nederlanders, zullen op de iets langere termijn de mensen wegjagen. Het zijn kritiekloze producten. Als je al die non-kwaliteit maar lang genoeg presenteert als cultuur, raakt het vanzelf geïnstitutionaliseerd. Hapje en drankje erbij. Beleidsmakers blij, want die zien daarin het bewijs dat kunst zichzelf kan bedruipen. Maar het is niet meer dan een veredeld bordeel. De politiek zou de kunst juist moeten beschermen ipv er onverantwoord mee om te gaan.

    R. van der Velden

    7 juni 2015 at 22:57

  4. @Ruud van der Velden
    Eens met elk woord dat je schrijft. Maar het oude verhaal is dat kunst die schuurt, weerbarstig is, zich niet zo makkelijk voegt in de bestaande orde en dientengevolge niet te regelen en te controleren valt door de politiek niet begrepen wordt. Daarom moet financiering van de kunst ook op afstand van politiek en commercie gezet worden. Maar dat is onhaalbaar.

    Het doet me denken aan de Nederlandse film die het doorgaans tamelijk beroerd doet. Op documentaires en kinderfilms na. Maar de Nederlandse feature film is een ramp. Hoe komt dat? Omdat het geen eigenheid weet te vinden en in de marketing probeert aan te sluiten bij buitenlandse, Angelsaksische voorbeelden. Met als gevolg een smakeloze pudding die niemand lust. En zelfs niet winstgevend is.

    Wat moeten etnografische musea doen? Niet de gruwelijke edelkitsch van fotograaf Jimmy Nelson presenteren, maar hun eigen kracht vinden. Hoe kunnen etnografische musea zich onttrekken aan de edelkitsch, het luie denken en een idee van populariserend marktdenken dat averechts werkt? Het antwoord kost geld voor de korte termijn, maar betaalt zich uiteindelijk uit. Langs welke weg precies? Dat moet om te beginnen verkend worden. Nu wordt die verkenning vermeden.

    George Knight

    7 juni 2015 at 23:23

  5. Eens. Vooral het luie denken en een idee van populariserend marktdenken is fnuikend voor de musea. In een hoogwaardige samenleving zou men verantwoorder moeten omgaan met de kunsten.

    R. van der Velden

    8 juni 2015 at 11:20


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: