Zijlstra verwerpt uitverkoop kunst door Gouda en museumgoudA

MuseumgoudA levert al lange tijd meer vragen dan antwoorden op. Afgelopen week beantwoordde staatssecretaris Zijlstra vragen van PvdA-kamerlid Klijnsma over de verkoop van The Schoolboys van Marlene Dumas. Eerder al stelde SP-er Van Dijk vragen over het Wereldmuseum die ook over ontzamelen door musea gingen. In de Goudse gemeenteraad was het SP’er Van Alphen die antwoord kreeg van wethouder Bergman.

Zijlstra stelt in zijn antwoordIk verwacht dat museale instellingen onder de huidige economische omstandigheden zullen worden uitgedaagd om creatieve plannen te ontwikkelen waardoor zij minder afhankelijk worden van overheidssubsidies. Met u ben ik van mening dat ons kunst- en cultuurbezit niet in de uitverkoop thuishoort. De staatssecretaris herhaalt in andere woorden zijn opvatting die ook al in zijn antwoord aan Van Dijk was te vinden: Ik ga ervan uit dat gemeenten, provincies en rijksoverheidsorganen de musea die hun collecties beheren in staat stellen die codes na te leven en zelf die codes als kader hanteren bij het verlenen van volmachten om voorwerpen af te stoten. 

Portefeuillehouder Bergman stelt in haar antwoord dat museumgoudA vooraf toestemming gevraagd heeft aan het college om het schilderij af te mogen stoten. Gouda doet dus precies wat Zijlstra aan gemeenten vraagt niet te doen en hij daarom veroordeelt. Het brengt namelijk een museum in een positie die ertoe dwingt de ethische code van de erfgoed- en museumsector om economische redenen te overtreden.

Tevens schetst Daphne Bergman de mogelijkheden waaronder The Schoolboys verkocht had kunnen worden aan een derde partij. Opvallend ontbreekt in haar opsomming de optie dat museumgoudA zelf benaderd is door een derde partij. Zij blijft ook onduidelijk over de periode waarnaar ze verwijst. Da’s relevant omdat het duidelijkheid kan geven over het tijdstip waarop museumgoudA bindende afspraken met Christie’s maakte. Daarna kon museumgoudA immers niet meer ontvankelijk zijn voor aanbiedingen. Maar hoeveel tijd was er dan voor de bieders? Marlene Dumas en haar galeriehouder Paul Andriesse beweren dat zij nooit benaderd zijn en evenmin wisten dat The Schoolboys op enig moment te koop zou worden aangeboden.

Bergman probeert de pijn van de ethische commissie van de NMV te verzachten. Maar het advies van de commissie blijft onherroepelijkDe handelwijze van het Museum is in het onderhavige geval op belangrijke punten niet in overeenstemming met geldende regels en ethische uitgangspunten (LAMO en Code). De hierboven opgesomde tekortkomingen van het Museum zijn niet te rechtvaardigen onder de door de directie ter verantwoording aangevoerde (voornamelijk financieel-economische) omstandigheden. In zijn antwoorden aan Jetta Klijnsma en Jasper van Dijk bevestigt Halbe Zijlstra dit uitgangspunt.

De antwoorden zijn ongelijksoortig. Zijlstra wijst het ontzamelen door musea krachtig af. Verder oordeelt-ie dat gemeenten een museum niet in de positie moeten brengen dat het gedragsregels moet overtreden. Als verantwoordelijk bewindspersoon kan hij het beleid vormgeven. Wethouder Bergman verkeert niet in deze positie. Verder worden haar door de raad vragen gesteld over het handelen van een museumdirecteur die op afstand staat. Zij geeft een verslag uit de tweede hand waar de staatssecretaris direct voor zichzelf kan spreken. Dat gebrek aan directheid en duidelijkheid kleurt haar antwoord.

Foto: MuseumgoudA, 2006. Libia Castro & Ólafur Ólafsson, Tua patria non existat (Je land bestaat niet); verf op zandsteen (monument) – Tijdelijke installatie

Nigeria doet niets tegen verkrachtingen

Rond 16 augustus 2011 hielden vijf mannelijke studenten aan de Abia State University (ABSU) een vrouwelijke medestudente urenlang gevangen en verkrachtten haar. Vermoedelijk vanwege een belediging. De verkrachting werd gefilmd en harteloos doorgespeeld aan vrienden van de vrouw en daarna aan de hele campus. Dit heeft weerstand ontmoet onder Nigeriaanse bloggers die de regering opriepen te handelen. Dit protest is door anderen opgepakt.

Zoals internationale bloggers en change.org. Daar kan men een petitie tekenen die de Nigeriaanse regering oproept de vijf studenten ter verantwoording te roepen. De Nigeriaanse minister van Jeugdontwikkeling, Mallam Bolaji Abdullahi heeft inmiddels de verkrachting veroordeeld. Hij roept de verantwoordelijke autoriteit op de studenten te arresteren en de studente te rehabiliteren. Maar de federale regering treedt niet op.

In een commentaar zegt The Nation dat de ABSU-autoriteiten dommetje spelen. De universiteit heeft geen verklaring afgelegd en evenmin de politie ingeschakeld. Politie van de staten Imo en Abia ruziet erover wie competent was om op te treden. Het image van Nigeria als rechtsstaat staat op het spel. De lakse houding van de autoriteiten geeft burgers een vrijbrief om hun gang te gaan. Meerdere verkrachtingen op universiteiten wijzen op een trend. Ze worden niet aangepakt. Het onbestraft laten tekent een samenleving in verval.

Assange verwerpt eigen autobiografie

Never a dull moment. Er is een controverse ontstaan over de autobiografie van Julian Assange, de voorman van WikiLeaks. De Britse Uitgever Canongate vertelt haar kant van het verhaal en dat doet Assange eveneens in een verklaring. Ze botsen frontaal. De Amerikaanse uitgever Knopf ziet evenwel af van publicatie. We cancelled our contract for Julian Assange’s memoir, aldus woordvoerder Paul Bogaards van Knopf.

Canongate zet feiten op een rijtje. In december 2010 werd er een contract getekend voor een in 2011 te verschijnen boek dat deels levensbeschrijving, deels pamflet zou zijn. De uitgever suggereert dat Assange terugschrok omdat het te persoonlijk werd. All memoir is prostitution, zou hij na lezing van een eerste versie gezegd hebben. In juni 2011 stelde Assange voor om het contract te annuleren. Wegens zakelijke belangen kon Canongate daar niet op ingaan. Assange zou het eerste voorschot van drie betalingen al gebruikt hebben. In de zin dat het als garantiebedrag, ‘escrow’ voor een derde partij dient.

Assange weerspreekt deze lezing. Zo stelt-ie dat het voorschot onaangeroerd op een rekening van zijn vorige advocaat staat en zonder zijn toestemming daarheen is geboekt. Verder bestrijdt-ie de stekker uit het project te hebben getrokken noch tegen een compromis te zijn zoals The Independent zegt. Assange zegt op 7 juni een contract met een andere deadline voorgesteld te hebben omdat-ie te druk was met de voorbereiding van juridische zaken rond een dreigende uitzetting naar Zweden en een beschuldiging van spionage in Virginia.

The Independent citeert directeur Nick Davies van Canongate. Deze merkt op dat Assange een reputatie van gebroken beloftes en onbetrouwbaarheid heeft opgebouwd: What followed was a series of broken promises. We set Julian free to work on the manuscript himself. He had six weeks to edit and rewrite. On the day he was supposed to return it to us, we heard that he’d lost all of his work. Then he told us he wanted to cancel his contract. But he couldn’t repay his advance.

Hoe dan ook, de verschijning van de ongeautoriseerde autobiografie van Julian Assange doet veel stof opwaaien. Assange had publicatie met een rechterlijk bevel kunnen voorkomen, maar legt uit dat zijn tijd en middelen beperkt waren. Canongate had een groot commercieel belang en Assange werd ervoor gewaarschuwd op de gederfde inkomsten aangesproken te kunnen worden. Hij zat klem. Het Amerikaanse Knopf maakte een andere afweging. Zoals vaker bij WikiLeaks lijken de ingenomen posities vooraf bepaald.

Bankpresident sluit failliet Griekenland niet uit

Vier maanden geleden noemde toenmalig president Nout Wellink van De Nederlandse Bank (DNB) Wilders op economisch terrein een valse profeet die onzin praatte. Het is gevaarlijk om te zeggen dat we Griekenland moeten laten vallen. Europa is een werelddeel waar alle economieën, financiële instellingen en markten met elkaar zijn vervlochten. Aldus Wellink in mei 2011 die op 1 juli 2011 werd opgevolgd door Klaas Knot. Wellink wees erop dat een Grieks faillissement voor de DNB alleen al een schadepost van 4 miljard euro betekent.

Nu praat de opvolger van Wellink ook onzin. Klaas Knot sluit een eventueel failliet van Griekenland niet langer uit. Hij zegt dat in een FD-interview: Ik ben er lang van overtuigd geweest dat een faillissement niet nodig is. Het nieuws uit Athene is echter soms niet bemoedigend. Alle inspanningen zijn erop gericht dit te voorkomen, maar ik ben nu minder stellig in het uitsluiten van een faillissement dan ik een paar maanden geleden was.

Opmerkelijk dat Knot zijn voorganger in het openbaar corrigeert. Afgelopen mei concentreerde Wellink zich op een macro-economisch verhaal en benadrukt de solidariteit en de vermenging van de economieën. Maar hij vergaat te zeggen dat burgers telkens hun portemonnee moesten trekken om de rekening te betalen voor wat banken fout hebben gedaan. Want Griekenland moet in leven worden gehouden vanwege uitstaande schulden van Duitse en Franse banken.

Als de politiek scenario’s schetst is veel mogelijk. Burgers zijn realistisch. Die eerlijkheid heeft tot nu toe ontbroken en Knot zet dat recht. Maar premier Rutte en minister De Jager zouden dat moeten doen. Hun Europese initiatieven die vragen om strenge handhaving zijn goed maar niet gericht aan de Nederlandse burger. De strategie om de burger onwetend te houden was volgens Knot niet langer houdbaar. Het punt was blijkbaar genaderd dat het gevaarlijk werd om niet te zeggen dat we Griekenland moeten laten vallen.

Foto: Politie blokkeert de toegang tot het Parlement in het centrum van Athene; YANNIS BEHRAKIS (REUTERS)

Boos op Wilders

Geert Wilders gebruikt in de Tweede Kamer ruwe woorden. Maar ze hebben een ironische ondertoon en een kern van waarheid. Cohen als het kefhondje, de bedrijfspoedel van Rutte. Cohen probeert dat te pareren met een vergelijking die Wilders als kleuter neerzet. Wilders betitelt Pechtold als diarree en GroenLinks als strandpartij.  Jolanda Sap probeert met een stekker trouwens iets aan te tonen, maar blijft zelf steken.

Opnieuw is Wilders de rest twee stappen voor. Met zijn provocaties bereikt-ie dat iedereen zich tegenover hem opstelt. Hij neemt afstand van alle partijen. Hun antwoord is kritiek op zijn taalgebruik. Wilders taal is scherp en over het randje, maar treft doel. Zo kan Cohen zijn steun voor het kabinet moeilijk verklaren. Fatsoen en binden alleen redden Cohen niet. Hij maakt een onmachtige indruk. Zijn uitleg helpt hem niet.

Wilders neemt een gok als-ie ook kabinetsleden belachelijk maakt. Uit het kabinet dat-ie gedoogt. CDA-er Ben Knapen is de Staatssecretaris van Sinterklaaszaken. Het CDA vindt de uitlatingen van Wilders niet prettig. Ooit de partij van Fatsoen Moet Je Doen. Alle partijen behalve de PVV gaan voor fatsoen en zijn boos. Maar vermoedelijk het meest op zichzelf omdat ze opnieuw geen weerwoord in de niet gelijklopende strijd hebben.

Foto: Wilders en Cohen bij de Algemene Beschouwingen 2011 in de Tweede Kamer; foto ANP

Rinus laat weer van zich horen

Rinus Dijkstra blijft in beweging. Na YouTube-hits Met Romana op de scooter, Hey Marloes (op de Tilburgse kermis) en Verliefd op het meisje van de oliebollenkraam presenteert-ie nu Jij mag nu gaan rijden (kiele kiele kiele een auto heeft 4 wielen). Ook Rinus’ vriendin Romana, die in het echt Deborah heet is weer van de partij. Een BNN-interview geeft inzicht in haar ambities. Dansen als Madonna. Maar dat willen we allemaal wel.

Het nieuwe YouTube-filmpje Jij mag nu gaan rijden beschrijft een jongen van 17 die net zijn rijbewijs heeft gehaald en uit rijden gaat met zijn coach. Met Rinus op de achterbank. Alles in het kader van de 2toDrive-campagne. Middenin onderbreekt een telefoontje de muziek en wordt de spanning opgevoerd. Dit Kiele, kiele, kiele een auto heeft 4 wielen steekt trouwens gunstig af bij Kiele kiele Koeweit uit 1973 van Farce Majeure.

Kiele, kiele, kiele,
een auto heeft vier wielen
IJe, ije, ije,
jij mag eerder rijden
Oele, boele, boele,
voel je je oké?
Zit je vast, geef maar gas, Rinus die rijdt mee.

De vaste onderdelen zijn herkenbaar: Het rijtjeshuis in de straat, het voortuintje, hoofdrolspelers Rinus en Romana en natuurlijk het rupsen met de handen. De twee majorettes voegen weinig toe. Het siert Rinus en Romana dat ze hun optreden serieus nemen. Daar past geen ironie in. Jammer is dat de productie ontsierd wordt door slordigheidjes. Wie is het meisje op 1’03”? Rinus verdient beter. Hij blijft een fenomeen en de meest authentieke populaire artiest van Nederland. Met Romana geknipt voor het Eurovisie Songfestival.

De haai in de VVD is dood, maar leeft

Er zijn harde noten te kraken over de huidige koers van de VVD. Een gatenkaas van logica en gemiste kansen. Te rechts. Te neo-liberaal. Te hard. Te veel asfalt en huizen. Hoe komt dat beeld tot stand en kunnen we het in onze eigen tijd goed beoordelen? En hoe doet de eerste liberale premier in honderd jaar het?

Bij de VVD moet ik denken aan het werk dat Damien Hirst bekend heeft gemaakt. In 1991 maakte deze succesvolle BritArt-kunstenaar The Physical Impossibility of Death in the Mind of Someone Living. Volgens Don Thompson in ‘Shock Art’ formuleerde Hirst in het allereerste nummer van kunsttijdschrift Frieze het idee: Ik hou ervan om een gevoel te beschrijven door middel van een ding. De haai staat voor angst, hij is groter dan jij, en hij leeft in een voor jou onbekende omgeving. Hij lijkt levend als hij dood is, en dood als hij leeft. 

Marketing in kunst en politiek werken tegengesteld. De titel van Hirsts werk roept toeschouwers op om betekenis te geven. Bij politiek gebeurt het omgekeerde. Het politieke debat nodigt kiezers uit door opeenvolgende schijnbewegingen om geen betekenis te geven aan een programma of manifest. In elk geval worden kiezers of leden door een politieke partij bewust ontmoedigd. Op afstand gehouden.

Haai en politiek hebben gemeenschappelijk dat ze levend dood en dood levend zijn. Omdat de VVD dit idee consequent doorvoert, moet ik daarom bij deze partij aan de haai van Hirst denken. Een zombie kan ook.

Tegenwoordig wordt de VVD met CDA en PvdA als klassieke middenpartij gezien. Soms wordt D66 daar nog aan toegevoegd, maar die partij kent geen evenknie. Want het begrip middenpartij zegt dat het varianten heeft. Zoals in de recente politieke geschiedenis de VVD op haar flank Boerenpartij, Volksunie, Centrumpartij, Middenstandspartijen en LPF kende. Het CDA kent SGP en CU als flanken en de PvdA DS’70 en de SP.

In december 2009 schrijft de Utrechtse activist Kees van Oosten: Wat is er met de PvdA gebeurd? De standpunten van de PvdA van pakweg dertig jaar geleden, zoals neergelegd in het beginselprogramma 1978, hebben plaatsgemaakt voor standpunten die conservatief en rechts zijn vergeleken met het Liberaal Manifest 1980 van de VVD. Wat de VVD in 1980 schreef zou voor de huidige PvdA te gedurfd en te progressief zijn.

Een partij neemt een plek in het spectrum in. Dat loopt van links tot rechts, van progressief tot anti-revolutionair, van vrijzinnig tot religieus. Positionering volgt uit uiteenlopende ontwikkelingen. Het spectrum staat nooit stil. In de beweging met z’n allen een kant uit wisselen partijen doorgaans niet van positie.

De huidige beweging naar rechts wordt de VVD verweten. Aan de hand van partij-iconen als Oud, Toxopeus, Geertsema, Wiegel, Voorhoeve en Bolkestein wordt de oude koers verheerlijkt. Met Drees, Den Uyl en Kok als externe meetpunten. Soms ligt de vergelijking over de grens met Walter Scheel, Bill Clinton of Edmund Burke.

Het lijkt op de herwaardering van Pim Fortuyn. Pas na zijn dood werd-ie geaccepteerd. De dreiging was weg, zeker toen de LPF door het ijs zakte. Fortuyn werd waarschuwing voor iets ergers: Geert Wilders. Werkt hetzelfde mechanisme met terugwerkende kracht voor de oude VVD die als niet zo rechts wordt voorgesteld?

Het ligt eraan. De VVD in de jaren ’50 en ’60 was een elitaire partij van de gegoede burgerij. Zo noteert Jan Hanlo die Oote oote oote boe schreef in 1952 over een VVD’er: In dezelfde maand haalt het vers de Eerste Kamer waar Mr. W.C. Wendelaar (VVD) zich erover opwindt. Met name ergert hij zich aan het feit dat het vers gepubliceerd werd in een door het rijk gesubsidieerd tijdschrift. De pendule is na 60 jaar terug bij de minachting door de VVD voor kunst. En zoals Van Oosten opmerkt was in de tussentijd het Liberaal Manifest van de VVD uit 1980 linkser dan het programma van de PvdA anno 2011. Veel is betrekkelijk, maar niet alles.

Waar laat ons dat? De VVD zit door samenwerking met de PVV in een spagaat. Hierdoor is het met standpunten over de arbeidsmarkt naar links gedrongen en met die over integratie naar rechts. Met de afwijzing van hervormingen op de woningmarkt bindt de VVD haar achterban van huizenbezitters. Hervormen wordt genegeerd. Bezuinigingen op cultuur zetten een streep onder een VVD die vrijgestelden bedient.

De VVD grossiert in oude reflexen. De VVD is haai waar het kan en vertoont geen onnodige compassie waar het niet hoeft. Met een echo van zakelijkheid zonder moralisme. Da’s ten minste nog iets.

Foto: Damien Hirst, The Physical Impossibility of Death in the Mind of Someone Living, 1991-1992

MuseumgoudA kiest voor politiek conservatisme

Voormalig directeur collecties van het Rijksmuseum Jan Piet Filedt Kok veroordeelt in een ingezonden brief van 17 september in de NRC de verkoop door museumgoudA van The Schoolboys. Hij schrijft:
‘(..) Marlene Dumas’ schilderij The Schoolboys (1987) paste uitstekend in de collectie van museumgoudA. Het vormde het hoogtepunt van de verzameling hedendaagse kunst en werd vrijwel steeds tentoongesteld. (..)
De aankoop van het schilderij in 1988 vormde de bekroning van het in de laatste decennia van de vorige eeuw gevoerde beleid om door vrouwelijke kunstenaars vervaardigde kunst bijeen te brengen. Onder de directie van Josine de Bruyn Kops (1940-1987) en haar opvolgers is op dit gebied een gevarieerde en fraaie verzameling hedendaagse kunst bijeengebracht. Ook die dreigt met andere onderdelen van de collectie door het museum verkocht te worden. Waar het een nieuw aangestelde museumdirecteur vrij staat, in overleg met staf en gemeente, het verwervingsbeleid aan te passen of te veranderen, gaat het niet aan om in één keer veertig jaar verzamelgeschiedenis van het museum uit te wissen
.(..) Nog dramatischer zou het zijn als de resterende verzameling moderne kunst van het MuseumgoudA zou worden verkocht. 

Dit laatste gevaar lijkt voorlopig afgewend. In een open brief van 15 september aan voorzitter Hans Kamps van de Nederlandse Museumvereniging stelt directeur Gerard de Kleijn van museumgouda: Wij zullen eerst het deelcollectieplan hedendaagse kunst actualiseren, alvorens tot afstoting over te gaan; conform de LAMO. Maar zijn woorden kunnen ook opgevat worden dat-ie de afstoting van de hedendaagse kunst voorbereidt. Dan is alleen de actualisering volgens de Lamo.

De afweging van Filedt Kok komt overeen met wat hier over de verkoop (zie Tagwolk bij museumgoudA) sinds de aankondiging van de verkoop in mei 2011 is beweerd. Gezien de manier van redeneren, of liever gezegd het gebrek eraan, van zowel museumdirecteur De Kleijn, het Goudse openbaar bestuur als de politieke partijen moet gevreesd worden dat inhoudelijk-museale argumenten tegenwoordig niet meer zwaar tellen.

Opvallend is dat twee soorten conservatisme elkaar kruisen. Het politieke conservatisme (=restauratie) van De Kleijn en het museale conservatisme (=behoud) van Filedt Kok. Waarbij De Kleijn namens anderen spreekt. Zeg maar zich louter instrumenteel opstelt. Deze dienende opstelling is aanvaardbaar voor de politiek, maar diskwalificeert hem als gesprekspartner voor de museumsector. We zien twee soorten behoudzucht waarbij vakmatigheid het verliest van een nieuwerwetse traditie die terugspringt naar het verleden, het heden uitwist en uiteindelijk nergens voor staat.

Een andere ingezonden briefschrijver Johan Galjaard uit Amersfoort neemt het op voor De Kleijn en legt de schuld bij de gemeente Gouda. Daarmee ben ik het eens zoals ik hier beredeneerde. Indirect onderstreept Galjaard echter ook dat De Kleijn zich heeft laten gebruiken en onvoldoende voor zijn museum is gaan staan.

Galjaard laat zich leiden door persberichten van museumgoudA die stellen dat er een groot tekort was. Maar er is geen enkele logica in de bewering van museumgoudA dat het al vijf jaar een schuld van 1,2 miljoen euro zou hebben. In het beleidsplan ‘Tussen hemel en aarde’ noemt De Kleijn trouwens een incidenteel tekort van 700.000 euro. Maar dat wordt evenmin met harde feiten onderbouwd. De Kleijn overtuigt niet als-ie beweert de Dumas te hebben moeten verkopen om tekorten weg te werken. Hij maakt het nergens aannemelijk.

In een persbericht van 30 juni stelt museumgoudA dat de netto veilingopbrengst van The Schoolboys bij Christie’s Londen van 950.000 euro wordt besteed aan:
-de aankoop voor 109.000 euro Weissenbruch: ‘Molen bij Noorden’ bij Christie’s Amsterdam
-restauratie van 16e eeuwse altaarstukken
-onderhoud collectie Gouds plateel en gevelstenen
-verbouwing interne ruimtes tot (open) depot ten behoeve van collectiebehoud
-risicoreserve

In de Nieuwsbrief September 2011 heeft museumgoudA inmiddels de opbrengst met 40.000 euro verhoogd tot 990.000 euro. Ook deze nieuwe opbrengst van 990.000 euro is kleiner dan een tekort van 1,2 miljoen euro. Maar toch kunnen van dat negatieve vermogen van 130.000 euro (1,2 ml- 0,99 ml) een Weissenbruch van 109.000 euro, restauratie van altaarstukken, onderhoud plateel en gevelstenen, interne verbouwingen en risicoreserve bekostigd worden. Gecompliceerd door een niet te volgen redenering over een legaat en de conclusie: Dus de aankoop van de Weissenbruch heeft ons niet in financiële problemen gebracht. Het is net andersom. Volgens De Kleijn verkleint dus een aankoop van 109.000 euro de financiële problemen van een museum dat zegt het financieel moeilijk te hebben.

Kunt u het nog volgen? MuseumgoudA bij monde van De Kleijn geeft geen consistente uitleg over vermeende tekorten en brengt steeds wisselende cijfers naar buiten. Dat is op zijn minst merkwaardig en opmerkzaam. Volgens de accountantsverklaringen van 5 jaar geleden was het negatieve eigen vermogen, zeg: tekort van museumgoudA in 2006 trouwens 100.000 euro. Volledig in lijn met eerdere jaarrekeningen.

Anders gezegd, de tekorten bestaan, maar zijn kleiner dan door De Kleijn gesuggereerd wordt. Waarom hij dat doet blijft gissen. Een onafhankelijk onderzoek dat het Goudse college en museumgoudA tegen het licht houdt kan duidelijkheid bieden. De onregelmatigheden van museumgoudA bezorgen de museumsector een te slechte naam. Hamvraag is of het politieke conservatisme waarvoor museumgoudA zegt te moeten kiezen wel zo onvermijdelijk is als het zelf beweert. Mogelijk is zo’n onderzoekscommissie iets voor Jan Piet Filedt Kok.

Foto 1: Jan Hendrik Weissenbruch, Zomerdag, Collectie Rijksmuseum

Foto 2: Jan Hendrik Weissenbruch, Molen bij Noorden, recente aankoop museumgoudA

Foto 3: Jan Hendrik Weissenbruch, Te Noorden bij Nieuwkoop, Dordrechts Museum, bruikleen RCE

Foto 4: Jan Hendrik Weissenbruch, Ophaalbrug te Noorden, Collectie Rijksmuseum; aquarel

Islamdebat op verkeerde weg

VVD-ideoloog en bedrijfsbestuurder Ben Verwaayen stelt in een NRC-interview dat de hype over de islam voorbij is. Hij zegt dat Nederland geen anti-islam-land is en dat er de afgelopen jaren zoveel over gesproken is dat het een beetje uitgepieterd zou zijn. Wilders liet daarop weten het met hem oneens te zijn. De VVD-er vergeet ook dat moslims zelf nog niet hebben gesproken. Maar toch is een einde aan het islamdebat gewenst.

Wilders en de islam zijn verschillend, maar hebben meer gemeen dan ze toegeven Er is vaker op gewezen. Ze opereren identiek en ontmoeten elkaar bij het integratiedebat. Ze voelen zich tekortgedaan en beschuldigen elkaar ervan de rechtsstaat en de democratie in gevaar te brengen, waarbij Wilders claimt deze te redden. Daarover verschillen de meningen. Deze strijd splijt de samenleving. En alternatieven blijven buiten beeld.

Wilders heeft een politiek programma. Hoe geloofwaardiger hij het vertelt, des te meer steun krijgt-ie. Een politicus mobiliseert mensen op weg naar de macht. Maar welbeschouwd kan-ie in zijn voorschot op de toekomst geen gelijk aantonen. Evenmin kan de islam dat omdat het per definitie op een visioen gebouwd is.

De ontsporing heeft te maken met het ontbreken van matiging. Het uitglijden ontstaat als men de ander geen plek gunt. Indien men bereid is de ander te accepteren, respecteert men de vrije wil van het individu. In pluriformiteit waar meningen samenkomen kan diversiteit leven. Iemand die dat in woord en daad volmondig accepteert is in de kern gematigd. Daarnaast kan-ie zich laten inspireren door een hogere of diepere macht.

Complicatie ontstaat als een religie of levensovertuiging de pluriformiteit gebruikt om haar recht te halen, maar niet haar plicht te leveren. Het zet zich af tegen andersdenkenden en gunt deze niet de ruimte die het voor zichzelf opeist. Indien zo’n religie of levensovertuiging een bedreiging van de open samenleving wordt, kan een juridische weg gevolgd worden om het buiten de orde te plaatsen. In praktijk gaat dat moeizaam.

Om me heen zie ik gematigde moslims, maar nauwelijks gematigde islam. Naar mijn idee beperkt groepsdruk moslims. Ook kan ik niet rijmen dat de politiek zoveel moeite heeft om onderdrukking van moslimvrouwen en homosexuelen zakelijk aan de kaak te stellen. Waarbij het begrijpelijk is dat moslims die zich buiten de orde geplaatst voelen wat anders aan hun hoofd hebben dan zorgen over vermeend onrecht binnen de islam.

Merkwaardig blijft dat een meerderheid zich deze splijtzwam laat opdringen. Ook ruim opgevat zijn er niet meer dan 2,5 miljoen betrokkenen. Is het geen tijd om zowel Wilders als de Nederlandse islam mentaal de rug toe te keren? We zullen hun bestaan niet ontkennen, hun plek is gegarandeerd, maar hun onevenwichtigheid en claims op de toekomst helpen ons niet verder. Wanneer maken realisten zich los van het islamdebat?

Foto: Verkeer, Amsterdam, na 1956

Wat doet Nederland aan het zelfbeschikkingsrecht van Papua Barat?

Update 19 augustus 2019: Er zijn onlusten uitgebroken in hoofdstad Manokwari van West Papua, volgens een bericht van AFP. Dit gebied is een vroegere Nederlandse kolonie. 

De mensenrechten in de Indonesische provincie Papua Barat (West-Papoea) staan onder druk en de VN bij monde van secretaris-generaal Ban Ki-moon laat het afweten. Op een persconferentie in het Nieuw-Zeelandse Auckland zei Ban deze week dat ze besproken kunnen worden in het Dekolonisatie Comité van de VN. Dat wordt als wegkijken gezien. Volgens getuigen terroriseert de Indonesische staat de lokale bevolking.

Nederland heeft een bijzondere verantwoordelijkheid omdat Papoea waarvan Papua Barat een onderdeel is als Nieuw-Guinea tot 1962 een Nederlandse kolonie was. Toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Joseph Luns maakte zich sterk voor behoud en schermde met de toezegging van de Amerikanen. Maar deze wilden in Azië naast Vietnam geen tweede gewapend conflict. De VS besliste uiteindelijk tegen de zelfbeschikking van de bevolking onder Nederlands toezicht. Overigens was het vasthouden door Nederland aan Nieuw-Guinea een onlogische deviant case volgens politicoloog Arend Lijphart.

In 1962 bezegelde het verdrag van New York de overdracht. Zo was het Papoea-conflict geboren. In 1969 manipuleerde de Indonesische overheid met medeweten van de internationale gemeenschap de Act of Free Choice, de Penentuan Pendapat Rakyat, PEPERA. De toegezegde volksraadpleging van 800.000 bewoners werd onder leiding van general Sarwo Edhi Wibowo veranderd in een selectie van 1025 etnische Melanesiërs die mochten ‘beslissen’. Omdat ze gekocht, gechanteerd of bedreigd werden stemden ze unaniem voor aansluiting bij Indonesië.

De Amerikanen wisten dat Indonesië fraude had gepleegd, maar aanvaardden het als voldongen feit. Zonder kwalificatie nam de VN er in november 1969 genoegen mee in resolutie 2504. Toenmalig Boliviaans VN-ambassadeur Fernando Ortiz-Sanz zei dat de wereld een morele verantwoordelijkheid had voor de Papoea-bevolking. Maar nooit is die verantwoordelijkheid genomen. De beschaafde wereld werd de zogenaamde onbeschaafde Papoea’s onthouden, mede door onverholen racisme. Niet in het minst door Indonesië.

Sinds die tijd is er een guerillastrijd gaande tussen het Indonesische leger en verzetsbewegingen. Deze worden door Indonesië het Organisasi Papua Merdeka (OPM), Organisatie voor een vrij Papoea, genoemd hoewel deze al sinds 1970 opgerold is. Toen in Nederlands-Indië in 1945 de strijdkreet Merdeka (vrijheid) klonk was dat de Nederlanders onwelkom. Dezelfde kreet klinkt 65 jaar later nog steeds in Papua Barat. Nederland heeft een kans om iets van de schande van de overdracht recht te zetten.

Foto: Gearresteerde Kogoyas, 8 september 2011, AFP.