George Knight

Debat tussen links en rechts

Archive for augustus 2011

Ai Weiwei zegt Never Sorry

with 4 comments

Fragment uit de lange documentaire Ai Weiwei: Never Sorry die in de herfst van 2011 uitkomt. Regisseur Alison Klayman volgde de Chinese kunstenaar van 2008 tot 2010. Producent is MUSE Film and Television. De promotie van de documentaire is in volle gang. Fragmenten moeten ons prikkelen nieuwsgierig te worden.

Zie hier voor alle berichten over Ai Weiwei op dit blog. Alison Klayman volgt Ai Weiwei nog steeds op de voet en gaf recent in PBS Newshour van Amerika’s publieke omroep een goede inleiding aan Jeffrey Brown over het belang van deze Chinese kunstenaar en zijn rol als activist in China:

Foto: De Zodiac Koppen van Ai Weiwei op wereldtoer in New York, nu in Los Angeles’ Lacma.

Zes personages op zoek naar een identiteit: Parkeerhandhaving

with 8 comments

De Nederlandse veiligheidssector kent vele snelheden. Dat gaat van doortimmerde rapporten van theoretisch niveau en academisch kader tot handhaving op straat. Zoals bekend, is snelheid een kwestie van intelligentie. Gisterenavond zag ik een langzame variant in werking. De dienst Parkeerhandhaving in de vriendelijke wijk Wittevrouwen van de gemeente Utrecht.

Gisterenavond rond 21.15 uur werd ik opgeschrikt door harde stemmen. De zon was net onder. Voor mijn deur was een woordenwisseling tussen een Nederlands-Marokkaanse scooterrijder en Parkeerhandhaving die de boete uitdeelde. De beboete was het daar niet mee eens en liet dat verbaal weten. De functionaris die de bon uitdeelde was ook Nederlands-Marokkaans. Aan zijn kin groeide de onderste helft van een baard.

Toen ik goed keek zag ik dat er vijf veiligheidsfunctionarissen op scooters toekeken. Ze waren blijkbaar als versterking opgeroepen. Maar ze boden weinig meer steun dan hun aanwezigheid. De beboete jongen sprak steeds driester. Hij betichtte de parkeerwachten van het feit dat ze stonken, viespeuken waren, laf waren en hem moesten hebben vanwege zijn etniciteit. Op dat laatste sprak-ie in het bijzonder de halve baard aan.

Uiteindelijk werd de boete uitgereikt en dropen alle scooters af. De beboete schold verder en in mijn ooghoek zag ik nog net dat het tot een handgemeen met duwen en trekken over en weer kwam. Toen daalde de rust weer neer in mijn rustige wijk. Maar omdat ik nieuwsgierig was geworden hoe de zes parkeerwachten eraan toe waren liep ik naar buiten. Iets verder op de singel was de evaluatie druk van gestart gegaan.

Een witte auto van Parkeerhandhaving was inmiddels ter plekke. Ook daar werd druk overlegd. Maar het epicentrum van de discussie was de halve baard. Toen ik langsliep hoorde ik hem zeggen We hebben het toch goed gedaan. Meer ving ik niet op. Ze hingen geslagen op hun scooters en vroegen zich af of ze het goed gedaan hadden. De adrenalinepiek van 24 augustus zou snel geschiedenis worden. Maar nu nog even niet.

Mijn inschatting van de situatie wijzigde zich naarmate ik de situatie beter begreep. Dat ging van een straatjongen die zich miskend voelde en uit zijn dak ging tot een groep veiligheidsfunctionaris die over zich heen liet lopen en niet passend wist op te treden. Mijn definitieve inschatting was medelijden met mensen die op pad gestuurd worden zonder goede opleiding en voldoende middelen om passend op te kunnen treden.

Foto 1: Parkeerplaats vermoedelijk eind jaren 1940

Foto 2: Dienders na 1955. Geven ze elkaar een bon?

Moammar Abu Minyar al-Hynkel: dood om voort te leven

with 5 comments

Update: Khadaffi is dood. Zijn laatste druppel bloed is verspild. Nu is de verfilming van zijn leven mogelijk. 

De strijd in Libië lijkt gestreden. Hoewel we niet weten hoelang het nog gaat duren. Maar het eind is toch minder dramatisch dan het begin van het einde. Dan is immers nog alles mogelijk. Zoals de ideale held goed noch slecht is, is de ideale vertelling dat evenmin. Eind februari 2011 brieste Khadaffi“Ik blijf vechten tot de laatste druppel van mijn bloed”. Dat belooft wat. Hoeveel bloed heeft-ie een half jaar later nog over?

Het begin van het eind was de toespraak in het troosteloze decor van zijn compound in Tripoli. Met het beeld van de raket voor de deur. Dat maakt indruk. Zijn onsamenhangende uitbarsting werd direct in verband gebracht met Hitler uit Der Untergang. Dus eigenlijk met hoofdrolspeler Bruno Ganz. De verwijzing geeft al aan in welke werkelijkheid Khadaffi wordt geplaatst. Die van dictators, idioten en tragische filmhelden.

Als het grote voorbeeld voor Khadaffi moet echter The Great Dictator van Charlie Chaplin uit 1941 gezien worden. Een film uit het toen nog neutrale Amerika. Chaplin speelt de megalomane dictator Adenoid Hynkel die de wereld als speelbal ziet. De film kende een moeizame productie. Niet door alle Amerikanen werd de Engelse Chaplin die als jood of zigeuner werd beschouwd de vrijheid gegund om een kritische film te maken.

Het wachten is op de verfilming van het leven van Moammar Abu Minyar al-Hynkel. Het zoetsappige einde van The Great Dictator ligt niet voor de hand. Eerder vermenging van genres. Politiek pamflet, horrorfilm en komedie. Met wat dansnummers in de woestijn. Uiteindelijk is het lachen om idioten als Hynckel, Hitler of Khadaffi. Op voorwaarde dat het van een afstandje kan. Want de toeschouwer moet het kunnen overleven.

Foto: Charlie Chaplin als Adenoid Hynkel in The Great Dictator (1941)

Vrijheid start aan de zijlijn

with 11 comments

Op 11 oktober 2010 begon ik een blog op de site van De Volkskrant. Op 22 augustus ging de stekker eruit. Als uitgestelde euthanasie van een aangekondigde dood. De dood zat in de woorden van hoofdredacteur Philippe Remarque verscholen.Op 7 januari 2011 schreef-ie: De reden hiervoor is dat wij het blog helaas niet meer de aandacht en technische ondersteuning kunnen bieden, die het vereist. Een cirkelredenering zonder weerga, want wat was dan de reden dat de VK geen aandacht en technische ondersteuning meer kon bieden?

Nu ben ik hier. Gezien de reacties en mijn uiteenlopende interesses besloot ik tot een tweedeling. De kortere stukken over media, populaire cultuur, geschiedenis, YouTube-filmpjes en wat ik niet anders kan omschrijven als het kauwgomplaatjesgevoel verschijnen op George Knight Kort. Met het grafisch interessante WordPress-thema Vertigo dat gebaseerd is op de vormgeving van Saul Bass. U weet wel, hij is bekend geworden door de begintitels van heel wat films van Alfred Hitchcock. De bronnen zijn onuitputtelijk. Da’s heerlijk putten.

De beschouwelijke, langere stukken over politiek, religie, cultuurpolitiek en allerlei maatschappelijke onderwerpen verschijnen op George Knight. Dat leest u nu. Ondertitel van dit blog blijft Debat tussen links en rechts. Met een knipoog naar zowel confrontatie als tussengebied. Mijn politieke tehuis was ooit D66 toen de partij nog ongebreideld ideëen ontwikkelde en nog geen diapositief van rechts was.

Vraag is of de marge relevant is in een verhardend politiek klimaat waar Wilders verbaal beschoten wordt omdat Breivik in Noorwegen doodschiet. Of waar een moslim een jood verkettert omdat een jood een moslim verkettert. Soms treffen me verwijten dat we ons binnen de Nederlandse politiek een positie aan de zijlijn niet kunnen veroorloven. Het wordt als wegduiken in enerzijds, anderzijds gezien. Ik begrijp de kritiek, maar zie het precies andersom. Systeemkritiek is naar mijn idee nodig. Geen meeliften met lange tanden.

Mijn horizon is anders dan het Binnenhof. Mijn analyse is dat de politiek collectief ziek is en hervormd moet worden. Da’s mijn hoofdthema onder alle langere stukken. Om me daaraan te onttrekken moet ik afstand nemen. Ik verbaas me er overigens ook over waarom een welvarend en uiteindelijk toch gematigd land als Nederland zo slecht in haar vel zit en zich opblaast van chagrijn. Als tegenwicht om niet zelf om te komen in verzuring en gelijkhebberigheid besteed ik volop aandacht aan kunst en cultuur waar mijn hart ligt.

In elk geval probeer ik een weg te schetsen tussen het dogmatisme van links en versimpeld denken van rechts. Enfin, zo zie ik het. Het niveau van zowel het publieke als het politieke debat stellen me teleur. Mijn teleurstelling is dat de rechtse politiek woningmarkt, arbeidsmarkt, kenniseconomie en onderwijs niet hervormt. En links evenmin veel klaar speelt. Partijen zijn in zichzelf gekeerd, denken hoofdzakelijk aan hun eigen voortbestaan en doen aan branchevervaging. J.W. Oerlemans heeft er over geschreven, zie hier en hier. Partijen vergeten eigen kernwaarden. Vragen voor de toekomst worden niet aangepakt maar doorgeschoven.

Ontwikkelingen in de cultuursector zijn tekenend voor het absurdisme van hedendaags Nederland. Een waardevolle sector wacht de botte bijl van de politiek. Er valt daar veel te hervormen, mede door het ontbreken van goed bestuur en controle daarop. Maar het politieke gebrek aan inzicht, stuurloosheid, averechts werkende maatregelen en rancune raken juist de hardwerkende en onderbetaalde Henk en Ingrid van de cultuur. Maar dat absurdisme biedt ook kansen. Vraag het in gedachten aan Pinter, Ionesco of Beckett.

Verantwoordelijke burgers zie ik nog als enige hoop om het verloren terrein op de politiek terug te veroveren. De aantasting van privacy en burgerrechten terug te draaien. Het kost echter steeds meer om ons recht te halen. Straks is de drempel te hoog om de staatsbureaucratie nog aan te spreken. Zonder aan activisme te doen probeer ik mijn steentje bij te dragen om dat proces mogelijk te maken. Pretentie en autoriteit zijn de dood in de pot. U bent gewaarschuwd. Vertrouw ook mij voor geen cent en spreek me aan op mijn woorden.

Foto: TV Studio Control Room, VS, 1961

Collectie Tony de Meijere en Armando naar Kröller-Müller Museum

with 9 comments

Sinds november 2010 heb ik veel aandacht besteed aan de plannen om het Armando Museum of de Armando Collectie in landhuis Oud-Amelisweerd te huisvesten. Daar ben ik tegen. Om bij te lezen, zie tag Armando Museum. Argumenten zijn zowel de grote cultuurhistorische waarde van dit rijksmonument als de bestuurlijke onzorgvuldigheid. En niet te vergeten een deels geoormerkte investering van € 4,5 miljoen die elders binnen de cultuursector beter besteed kan worden.

Herhaaldelijk wees ik op de onlogica, de overbodigheid, het gebrek aan urgentie en de tegenstrijdigheden van het huisvesten van de Armando Collectie in Oud-Amelisweerd. Het werd in mijn ogen tot een van de werkelijkheid losgezongen prestigeproject van enkele directeuren die anderen op het verkeerde been zetten. Het begrip tunnelvisie is daarbij de rode draad. Nu nadert de ontknoping. Een raadscommissie van de gemeente Utrecht komt voor 1 september met een plan van aanpak. (NB: Uitgesteld tot 1 oktober).

Er is een nieuw feit dat nog niet in de publiciteit is gekomen en waarvan onduidelijk is of het allen die bij de besluitvorming betrokken zijn bekend is. Da’s namelijk de beslissing van mw. De Meijere om haar bruiklenen van Armando-werken die ze af en toe aan het Armando Museum voor tentoonstellingen uitleende, maar later liet opslaan voortaan bij het Kröller-Müller Museum onder te brengen.

Het Armando Museum Bureau is eerder een projectorganisatie dan een werkend museum. Het beoogt het werk van Armando te promoten en de Armando Collectie een passende huisvesting te geven. Het bezit zelf weinig werk van Armando. Na de brand in de Elleboogkerk had het naar eigen zeggen acht schilderijen in bezit. Het Armando Museum Bureau is afhankelijk van bruiklenen. Die kunnen opgezegd worden en dat maakt de projectorganisatie kwetsbaar.

Het jaarverslag 2010 van Kröller-Müller verscheen half juli op de website en zegt onder Aanwinsten:
(..) De relatie tussen (het werk van) Armando en het museum was al goed, maar in 2010 heeft hij een enorme impuls gekregen. Tony de Meijere, de ex-vrouw van de kunstenaar, heeft haar omvangrijke, persoonlijke verzameling van de schilderijen, tekeningen, beelden en grafiek van zijn hand in langdurig bruikleen gegeven met de belofte deze aan het museum na te laten. Om haar intentie bij te zetten zijn reeds enige belangrijke werken en documentatiemateriaal geschonken. Armando voegde daar zelf nog de schenking van een vroeg werk aan toe, om de representativiteit van de vertegenwoordiging van zijn werk te completeren. Ook droeg hij zijn bezit aan door hem zelf gemaakte tekeningen in beheer over aan het museum met de belofte dat deze verzameling na zijn dood aan het museum zal toevallen. Door de royale gebaren van de kunstenaar en zijn ex-vrouw beschikt het Kröller-Müller Museum over één van de mooiste verzamelingen van het werk van Armando. Het museum verwierf nog een kleine sculptuur en gaf opdracht tot het gieten van een grote sculptuur voor de beeldentuin. Dit laatste werk, Melancholie, zal in 2011 geleverd worden. Het museum zal in 2014 een tentoonstelling organiseren met al deze werken.

Tony de Meijere, de ex-vrouw van Armando, geeft dus haar omvangrijke, persoonlijke verzameling in langdurige bruikleen aan het Kröller-Müller Museum met de belofte deze aan het museum na te laten. Armando voegt er nog een vroeg werk en enkele tekeningen aan toe met de bedoeling dat na zijn dood een en ander ook aan Kröller-Müller toevalt.

Dit maakt de plannen over Oud-Amelisweerd van Amersfoort-in-C en het Armando Museum Bureau minder urgent. Het besluit van mw. De Meijere en Armando betekent dat ze in dit geval niet voor het Armando Museum Bureau als beheerder en Oud-Amelisweerd als locatie kiezen. Logisch omdat het Kröller-Müller Museum een professioneel, werkend museum is met een goede reputatie en Oud-Amelisweerd een kwetsbaar en waardevol rijksmonument dat zich als museale bestemming nog moet bewijzen.

Desgevraagd laat in een reactie directeur Evert van Straaten het volgende weten: Het Kröller-Müller Museum is heel blij met de collectie van Tony de Meijere en Armando, die in goed overleg met beiden is aanvaard. Voor onze verzameling zijn deze werken voldoende. Het museum is niet van plan om een grotere verzameling van het werk van Armando aan de collectie toe te voegen. De collectie werken van Armando die nu in het museum is, is representatief voor het oeuvre van de kunstenaar, en vormt een kern in de totale museumcollectie.

Landhuis Oud-Amelisweerd is gezien de grote cultuurhistorische waarde te complex om veel werken te huisvesten. Slechts een klein aantal is mogelijk. Da’s de paradox van een museum dat slechts in gemankeerde vorm kan bestaan en daarom nooit representatief zal zijn. Maar in de publiciteit is gesuggereerd dat de Armando Collectie volwaardig gepresenteerd zou worden. Da’s publiek en Amersfoortse raadsleden beloofd.

Openbaar bestuur en politiek zijn nu aan zet om door de plannenmakerij heen te kijken en daarachter de werkelijkheid te zien. Dat gaat verder dan het toetsen van de technische uitvoerbaarheid om in een rijksmonument in te grijpen, maar betreft ook de afweging of er een inhoudelijke noodzaak bestaat of een investering in Oud-Amelisweerd en directe omgeving zinvol en gewenst is. De aard, waarde en verspreiding van de bruiklenen zijn daarbij van belang.

Armando zit in een lastig parket en kan zijn eigen Armando Museum in het openbaar niet afvallen. Maar zijn intentie om zich te voegen bij de schenking van mw. De Meijere aan Kröller-Müller is geen toeval. Het doet denken aan zijn reactie op de brand in de Elleboogkerk. Met Het is verschrikkelijk omdat al dat werk onvervangbaar is doelde hij niet op zijn eigen werk maar op dat van anderen. Armando relativeert nu opnieuw zijn eigenbelang en lijkt met zijn ex-vrouw voor het Kröller-Müller Museum te kiezen.

Foto: Melancholie van Armando, nieuwe aanwinst in beeldentuin van het Kröller-Müller Museum

Weeffout Wolfsen: een reconstructie

with 19 comments

Update 1 mei 2013: Aleid Wolfsen heeft vandaag aangekondigd geen tweede termijn na te streven en per 1 januari 2014 te stoppen als burgemeester van Utrecht. Vanwege kritiek op z’n opereren en het ontbreken van politieke steun kondigde zich al geruime tijd aan dat zijn aftreden onvermijdelijk was. Hij was nooit populair bij de inwoners van Utrecht. Waarom werd Wolfsen trouwens ooit benoemd? Reconstructie van een weeffout. 

Aleid Wolfsen is burgemeester van Utrecht. Twee jaar geleden fietste ik langs Wolfsen die met een groepje mensen op het Utrechtse Lepelenburg liep. Hij keek om zich heen. Er viel iets te schouwen. Een brug, glasbak, muziektent, boom of nieuw-ingezaaid grasveld. De schrik stond in zijn ogen te lezen. Ik wist niet dat het kon, maar ik zag het. Deze man hoort niet aan het roer te staan van een grote stad, zag ik. Hij kan het niet. Hoe is het zover gekomen?

Op 10 oktober 2007 vond er een referendum plaats en konden inwoners van Utrecht een keuze maken uit twee door de raad geselecteerde kandidaten. De vraagstelling van het referendum luidde: De gemeenteraad van Utrecht draagt twee kandidaten voor als burgemeester van Utrecht. Welke kandidaat heeft uw voorkeur: Aleid Wolfsen of Ralph Pans?

De uitkomst was een ongeldig Utrechtse burgemeestersreferendum: Ondanks het feit dat 99% van de inwoners op de hoogte was van het referendum, bedroeg de opkomst slechts 9,25%. Van de 21.420 uitgebrachte stemmen was 16,30% blanco of ongeldig. Van de geldige stemmen ging 72,59% naar Aleid Wolfsen en 27,41% naar Ralph Pans.

Er werden 13.014 stemmen uitgebracht op Wolfsen. De stad Utrecht heeft iets meer dan 300.000 inwoners. Wolfsen werd burgemeester in een referendum waarin de Utrechters konden kiezen tussen twee PvdA-ers met een identiek profiel. Man, blank, middelbare leeftijd, bestuurlijk-politieke achtergrond, PvdA en politiek gematigd. De keuze tussen PvdA I en PvdA II.

Ondanks het mislukte referendum werd Wolfsen toch aanbevolen door de Utrechtse raad. De constante in de hele procedure was dat de Utrechtse partijen zich met elkaar verbonden, maar niet met de bevolking. Overigens herhaalde hetzelfde zich in januari 2008 in Eindhoven. Ook daar konden de inwoners kiezen tussen twee PvdA’ers en was het referendum uiteindelijk ongeldig omdat de opkomst onder de 30% bleef.

Zowel in Utrecht als Eindhoven werden uiteindelijk oud Tweede Kamerleden van de PvdA tot burgemeester benoemd door PvdA-minister Guusje ter Horst. Het referendum was om zeep geholpen. Ter Horst noemde een referendum zoals dat in Eindhoven en Utrecht is gehouden, door de lage opkomst een vreemd fenomeen.

De underdog Ralph Pans combineerde realiteitszin met onzin. Toen-ie tijdens de campagne begreep dat-ie aan de verliezende hand was omdat zowel het Haagse als het Utrechtse PvdA-establishment Tweede Kamerlid Wolfsen steunde noemde hij het referendum een wassen neus. Pans liet in september 2007 onderzoeksbureau Intomart 1700 Utrechters ondervragen over het referendum. Van hen wilde 68% een nieuwe kandidaat toelaten.

Naar aanleiding van het onderzoek zette Pans de volgende -niet meer terug te vinden- verklaring op zijn site: Deze cijfers zijn voor Pans aanleiding te vragen om openbreking van het referendum zodat uiteindelijk over kandidaten gestemd kan worden uit meer dan één partij. Pans zal ook dan kandidaat willen zijn teneinde zijn Actieplan voor Utrecht uit te kunnen voeren. Pans vond geen gehoor. Het referendum ging gewoon door.

Intussen roerden de toenmalige oppositiepartijen Leefbaar Utrecht en VVD zich. Politiek leider Marry Mos van het in Utrecht altijd belangrijke GroenLinks plaatste op maandag 24 september 2007 het volgende -niet meer terug te vinden- commentaar op de site van haar partij. Op dit moment gaan er stemmen op vanuit Leefbaar Utrecht en de VVD om het referendum te staken, omdat ‘het vooraf beklonken zou zijn in Den Haag’. De fractie vindt dit vuil spel. Het is een zware beschuldiging richting de vertrouwenscommissie (waarin elke partij een afgevaardigde heeft) en richting de kandidaten. Er zijn geen harde bewijzen. Dit was overigens voordat Mos van de oproep van Pans had vernomen.

Twee weken voor het referendum van 10 oktober 2007 openbaart zich een merkwaardig schouwspel. Kandidaat Pans wil het referendum openbreken omdat het niet gesteund wordt door de inwoners van Utrecht, VVD en LU suggeren dat het vooraf beklonken is en Marry Mos beticht degenen die het open willen breken van vuil spel. Een wonder dat Wolfsen in alle politieke chaos nog zo’n 13.000 stemmen krijgt.

GroenLinks was landelijk nooit voorstander van een burgemeestersreferendum. Maar de Utrechtse fractie week daarvan af omdat zij dacht met dit referendum bewoners maximale invloed te geven op de burgemeesterskeuze. Het was een probeersel. Als het niet goed uitpakte, wisten ze dat voor de toekomst. Het pakte niet goed uit en werd ook volgens GroenLinks een farce.

Het profiel voor de Utrechtse burgemeester luidde: politiek-bestuurlijke ervaring en een visie (liefst ervaring) op gebied van openbare orde en veiligheid. Dat past een kamerlid als een handschoen. Een onnodige beperking die voortkomt uit de tunnelvisie van degenen die in de politiek werken. Maar de direct betrokkenen past geen verwijt. Door de mechanismen komt de politiek steeds bij hetzelfde uit. Politici lijken de misvorming niet eens te beseffen.

De vertrouwenscommissie was de ingebakken weeffout bij de benoeming van Wolfsen. Elke partij uit de raad mocht een vertegenwoordiger leveren. De grotere PvdA en GroenLinks legden meer gewicht in de schaal. Zo’n groep raadsleden denkt ondanks onderlinge verschillen in dezelfde politiek-bestuurlijke richting. Van de 22 sollicitanten in Utrecht waren er 9 partijloos. Deze laatsten moeten bij voorbaat kansloos worden geacht bij een vertrouwenscommissie die gefocused is op politiek en politieke partijen. Want de partijen zitten aan de knoppen van de banenmachine en bedienen alleen zichzelf. Dat bleek overduidelijk in Utrecht.

Het resultaat van de blikvernauwing van de Nederlandse politiek en het uitblijven van hervormingen die leiden tot vormen van directe democratie, is dat Utrecht opgescheept zit met de middelmatige burgemeester Wolfsen die fout op fout op fout stapelt. Een komedie. In zijn ogen kunnen we lezen hoelang nog.

Foto uit: The Flying Deuces met Laurel and Hardy, 1939

Wat zegt de zwakte van Uri Rosenthal over Mark Rutte?

with 6 comments

Is de Nederlandse ministersploeg nou sterk of zwak? Ondernemers gaven driekwart jaar geleden premier Mark Rutte en minister van Financiën Jan Kees de Jager de hoogste cijfers, een 7,7. Maar in de NRC noemt Melvyn Krauss De Jager de slechtste naoorlogse Nederlandse minister van Financiën. EnDe Jager is geen echte minister van Financiën – hij is een populist, vermomd als minister van Financiën. Sinds deze zomer is De Jager de populairste minister. 

Mark Rutte is voor velen een verademing na Balkenende die slecht communiceerde en de Nederlandse taal geweld aandeed. Hoewel een slechte verpakking een slechte inhoud doet vermoeden, is dat geen noodzakelijk verband. Maar het omgekeerde geldt evenmin. Wat is er in hemelsnaam aan de hand als de populairste minister door een gezaghebbende econoom als Krauss de slechtste minister van Financiën sinds 1945 wordt genoemd? Wat zegt dat over de ministersploeg?

Toch heb ik voor zowel Jan Kees de Jager als Mark Rutte een zwak. Ze kunnen bij mij een potje breken, dus zijn populair, hoewel ik niet altijd geloof dat wat ze zeggen ook waar is. Of dat ze altijd weten waarover ze praten. Deze twee als kwajongens vermomde ministers toveren een glimlach op mijn gezicht. Dat kan ik niet zeggen van minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal. Die komt over als een betweter die evenmin precies weet waarover-ie praat maar dat koste wat kost verbergt.

Om ook een duit in het zakje te doen durf ik de stelling aan dat Rosenthal de slechtste minister van Buitenlandse Zaken sinds Chris van der Klaauw is. Uri Rosenthal ontraadde in een overleg van 29 juni 2011 met de kamer de unaniem aangenomen motie Çörüz (CDA) die de Nederlandse regering oproept om zich aan te sluiten bij de protesten tegen mensenrechtenschendingen in Rusland. Toegespitst op Sergei Magnitsky die onder erbarmelijke omstandigheden na 358 dagen voorarrest om het leven kwam.

Rosenthal zei: De tiende motie van de heer Çörüz gaat over advocaat Sergei Magnitsky. De zorg van de heer Çörüz deel ik in hoge mate. Wij stellen deze zaak aan de orde. Nederland en de Europese Unie blijven de Russische federatie ook aansporen om schuldigen op te sporen en te berechten. Gezien de voortgang enzovoort kan deze motie echter al gauw gezien worden als een blijk van forse kritiek. Een blokkade van tegoeden en visa zal op dit moment ook geen effect sorteren en de relatie tussen de Europese Unie en de Russische federatie niet bevorderen. Om die reden ontraad ik per saldo de aanneming van deze motie. Het spijt mij zeer, maar ik kan niet tot een ander oordeel komen dan dat.

Wat is er mis met forse kritiek op zijn tijd tussen vrienden? In een NRC-artikel van 15 augustus 2011 vragen Coskun Çörüz en Pieter Omtzigt nogmaals aan Rosenthal de motie-Çörüz uit te voeren. En het signaal te volgen van de Amerikaanse Senaat, zijn Duitse collega en het Europarlement. Het zou Rosenthal sieren als-ie zich aansluit bij het mensenrechtenbeleid van zijn voorganger Verhagen. Aandacht voor economische politiek alleen kent haar grenzen. Zoals minister Rosenthal ongewild bewijst.

Foto: De begrafenis van Sergei Magnitsky in november 2009. Fotograaf: Mikhail Voskresenskiy / Reuters