Posts Tagged ‘Den Haag’
New Art Space Amsterdam beweegt richting faillissement

In het advies Slagen in Cultuur van mei 2012 over de basisinfrastructuur 2013-2016 was de Raad voor Cultuur duidelijk over de nieuwe Amsterdamse presentatie-instelling ‘Stichting New Art Space Amsterdam’ (NASA). Een bundeling per 1 januari 2013 van Smart Project Space (SPS) en het Nederlands Instituut voor de Mediakunst (NIMk). Het werd niet opgenomen in de basisinfrastructuur. Nu is het op 13 mei 2013 voorlopige surseance verleend. Trendbeheer signaleert. Als reden voerde de Raad artikel 3.29 van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid aan dat in lid 4 zegt: ‘Op grond van dit artikel wordt aan ten hoogste één instelling per grote gemeente subsidie verstrekt‘. Op 10 juni 2011 werd de concept-regeling naar de kamer gestuurd.
Opvallend is dat in artikel 3.1 van deze vierjaarlijkse regeling onder grote gemeenten Amsterdam, Rotterdam en Den Haag wordt verstaan. Zodat alleen in grote gemeenten de te subsidiëren presentatie-instellingen zijn gemaximaliseerd op 1. Dit legt de taak bij besturen om te beredeneren waar een instelling de beste kans maakt op overleving door kunstnomadisme. De politieke lobby volgend. Het hakken-over-de-sloot advies voor Witte de With doet trouwens afvragen waarom NASA in juni 2011 niet besloot naar Rotterdam te verhuizen. Uiteindelijk beloonde de rijksoverheid zes presentatie-instellingen: in Amsterdam (De Appel), Rotterdam (Witte de With), Groningen (Noorderlicht)*, Utrecht (Bak), Eindhoven (MU) en Maastricht (Marres).
Hoe verder met NASA daar aan de Arie Biemondtstraat? Inclusief kantine en filmtheater. In het voormalig Pathologisch Anatomisch Laboratorium. Op 31 juli om 10 uur komen de crediteuren bijeen om de situatie te bespreken. De Amsterdamse Kunstraad (AKr) biedt een basis die niet stevig genoeg lijkt. De AKr is lovend over de nieuwe samenwerking tussen Smart Project Space en het Nederlands Instituut voor de Mediakunst en stelt 300.000 euro beschikbaar. Maar kwaliteit geeft in de Nederlandse cultuur niet langer de doorslag. Welbeschouwd is een broedplaats van experiment een aangekondigde dood die alleen met gewiekstheid, politieke lobby en openheid vermeden kan worden. NASA wacht de taak over het eigen graf te springen.
* Correctie: in een eerdere versie werd vermeld dat het Haagse Stroom in de basisinfrastructuur opgenomen was. Zo luidde het advies van de Raad voor Cultuur. Omdat Stroom niet voldeed aan de eigen inkomstennorm werd het vervangen door Noorderlicht. Hier de kamerbrief en toekenningen van september 2012.
Foto: Pierre Bismuth en Aaron Schuster, Famous, 2008 in tentoonstelling ‘ An Ocean of Lemonade’ in Smart Project Space, 2011.
Zuid-Holland heeft kunstcollectie zonder kunstvisie. Is dat erg?

‘Provincie Zuid-Holland heeft een kunstcollectie van circa 1700 exemplaren. Met oog op een aanstaande verbouwing en veranderingen binnen de organisatie wil de provincie een kunstvisie ontwikkelen op deze collectie. Daarvoor moet de omvangrijke kunstcollectie eerst geïnventariseerd en gedigitaliseerd worden. Hiervoor doet de provincie een beroep op QKunst.‘ Aldus QKunst ’dat werkt met een flexibel, multidisciplinair team, dat continu een vinger aan de pols houdt van de hedendaagse kunst en de kunstmarkt‘. Dag en nacht houdt het altijd wakkere QKunst de vinger aan de pols van de hedendaagse kunst en de kunstmarkt. Experts, adviseurs en coaches van QKunst gedijen door het gebrek aan kennis bij overheden. Ze pronken onverhuld met dat gebrek van de overheden. Wethouders of gedeputeerden met hun handen in het haar wacht nog maar een uitweg: snel de vinger van QKunst aan de pols van hun kunstcollectie en dan komt alles goed.
Veel lijkt de kunstcollectie van Zuid-Holland met 1700 werken niet waard. De Jaarstukken 2012 noemt een verzekerde waarde van 400.000 euro. Dat maakt een kunstobject gemiddeld 235 euro waard. Jaarstukken 2008 noemt een zelfde bedrag en de toevoeging dat de taxatie is verschoven naar 2009 in verband met de reorganisatie van het ‘traject’ Organisatie van de Toekomst. Jaarstukken 2009 zegt dat de besluitvorming van het beheer van de kunstcollectie in voorbereiding is. En: ‘Na besluit zal de collectie worden ontsloten en uitbesteed.’ In de Jaarstukken 2007 stond overigens dat de waarde van de kunstcollectie 1,5 miljoen euro bedroeg. En: ‘In 2008 wordt de gehele kunstcollectie geïnventariseerd, gedigitaliseerd en getaxeerd.’ QKunst krijgt nu de klus die de provincie al meer dan 5 jaar voor zich uitschuift. Opvallend is dat in Zuid-Holland tussen 2007 en 2008 de kunstmarkt is ingestort en de kunstcollectie 73% afgewaardeerd moest worden.
Als het klopt wat QKunst zegt, dan is het nog treuriger gesteld met het kunstbeleid van overheden dan de vooruitgesnelde reputatie al doet vermoeden. Zuid-Holland heeft een kunstcollectie, maar geen kunstvisie op deze collectie. Hoe is er in het verleden dan verzameld? Door het gooien van een dobbelsteen? Da’s net zoiets als een huis bouwen zonder plan en hopen dat het een huis wordt. Zelfs particuliere verzamelaars die een paar centen te besteden hebben doen dat niet zonder een eigen gezichtspunt. Maar de qua inwonertal veruit grootste provincie van ons land heeft geen kunstvisie op de eigen kunstcollectie en geen ambtenaren die de kunstvisie kunnen ontwikkelen. Ook niet bij het Kunstgebouw, ‘expert in Zuid-Holland voor kunst en cultuur’.
Hoe erg is het dat uit alles blijkt dat Zuid-Holland niet weet wat het met de provinciale kunstcollectie moet? Volgens QKunst verzameld zonder visie. Maar wat moet de provincie ook met een winkeldochter waarvoor geen enkele gedeputeerde verantwoordelijk is? Is een kunstcollectie met een verzekerde waarde van 400.000 euro het inhuren van een particulier bedrijf als QKunst waard? Waarom is de collectie niet met gesloten beurs overgedragen aan een museum binnen de provinciegrenzen? Met Rotterdam, Den Haag, Leiden of Dordrecht en veel kleinere gemeenten had dat toch moeten lukken? Nu tikt de vinger aan de pols van QKunst pittig aan.
Foto: Roy Villevoye, Voorkeurkleur Moerwijk. Den Haag, 1998. Kunst in de openbare ruimte, in opdracht van Woningbedrijf Den Haag Zuid-Oost en Stroom, Haags Centrum voor Beeldende Kunst.
Antwoorden Timmermans over Assange teleurstellend en afhoudend

Minister Timmermans van Buitenlandse Zaken heeft de vragen van Harry van Bommel (SP) over De impasse in de zaak Julian Assange beantwoord. Hij stelt zich formeel op en laat geen ruimte voor bemiddeling. Op de vraag ‘dat de Zweedse regering Assange, in ruil voor diens komst naar Zweden, wel degelijk een garantie kan geven niet uitgeleverd te worden aan een derde land‘ antwoordt de minister dat de Zweedse opperrechter Stefan Lindskog dat ‘in zijn artikel‘ niet heeft gezegd. De rechter heeft dit echter wel uitgesproken.
Het antwoord is strijdig met de strekking van Lindskogs woorden. In een analyse van het optreden van rechter Lindskog in Adelaide concludeert Marcello Ferrada de Noli op z’n blog: ‘Minister Carl Bildt incorrectly claimed that the Sweden government couldn’t make a guarantee that Assange won’t be extradited because the decision rests with the judiciary. This is now proven as flagrantly inaccurate. The final decision for approving an extradition rests with the government.’ Hoofdzaak is dat de politiek een garantie kan geven aan Assange om niet uitgeleverd te worden aan een derde land. Het klopt overigens dat rechter Lindskog niks nieuws zegt omdat al sinds augustus 2012 consensus bestaat over het feit dat de Zweedse politiek het laatste woord heeft over het geven van een garantie. Alleen aan minister Rosenthal was dit in november 2012 nog niet bekend.
Minister Frans Timmermans stelt dat de mogelijke uitlevering aan Zweden op basis van ‘verdenking van seksuele delicten‘ los staat van ‘de activiteiten van de heer Assange in het kader van WikiLeaks’. De minister gaat weer de fout in. Er is geen verdenking van seksuele delicten. Assange wordt in Zweden verzocht voor een politieonderzoek. Omdat er geen aanklacht tegen hem is ingediend is hij geen verdachte, maar getuige in deze zaak. Verder kan de minister niet aantonen dat er geen verband tussen de twee zaken bestaat. Daarom had-ie de opmerking beter achterwege gelaten. Er zijn trouwens wel aanwijzingen dat de Zweedse zaak en WikiLeaks in direct verband tot elkaar staan. Hierop duidt het instellen van een geheime Grand Jury in Virginia.
Op de vraag van Van Bommel of Nederland bereid is om te bemiddelen in deze zaak antwoordt de minister afwijzend. Hij noemt het een zaak tussen het Verenigd Koninkrijk en Zweden. Hij voegt eraan toe niet te twijfelen aan de rechtsgang in deze landen. Een ongelukkige opmerking omdat uit de aanpak door politie, aanklagers en regering evident blijkt dat Zweden juridisch onzorgvuldig heeft gehandeld. Het is begrijpelijk dat minister Timmermans in zijn functie een Europese partner niet voor het hoofd kan en wil stoten.
Er is vergeleken met de beantwoording van minister Rosenthal in november 2012 weinig vooruitgang geboekt door minister Timmermans. Het voortschrijdend inzicht op het ministerie van Buitenlandse Zaken is in de zaak Assange gering. Nog steeds gaan de antwoorden vergezeld van feitelijke onwaarheden. De wil om zich open te stellen en werkelijk in deze zaak te verdiepen, laat staan te bemiddelen ontbreekt bij de directie Europa van Buitenlandse Zaken. Dat is voor nu een gemiste kans. Maar de hoop is dat wat in antwoorden op kamervragen niet gezegd kan worden in het vertrouwelijk overleg met de Zweedse regering Reinfeldt toch met kracht van argumenten naar voren kan worden gebracht. Dan heeft de inspanning van Harry van Bommel geholpen.
Foto: Minister Frans Timmermans. Credits: Hollandse Hoogte / Evert-Jan Daniels.


Nederlandse media negeren doorbraak in de zaak Assange

Wat is het toch met de Nederlandse journalistiek? Dan is er eens ‘breaking news‘ te melden over Julian Assange en zwijgt het over deze ontwikkeling. Is de belangstelling van Sylvie van der Vaart voor de penis van Balian Buschbaum belangrijker? Wat zegt dat over de professionaliteit van de Nederlandse journalistiek? Zorgt het nou voor verklaringen of voor afleiding bij het nieuws? Alleen persbureau Novum/AP doet verslag van het feit dat de Zweedse opperrechter en president van het Hooggerechtshof Stefan Lindskog zich onlangs in het Australische Adelaide uitgesproken heeft over Assange. Op dit blog was op 29 maart een verslag te lezen.
Ook Novum laat echter ongenoemd dat Lindskog heeft gezegd dat er geen beletsels zijn voor een Zweedse aanklager om naar de Ecuadoriaanse ambassade in Londen te reizen om daar Assange te ondervragen. Een optie die steevast door de Zweedse autoriteiten afgewezen wordt. Volgens thing2thing.com beweerde Lindskog dat in antwoord op een vraag na afloop en begreep-ie niet waarom dat nog niet gebeurd is: ‘I would like to comment upon the possibility of the prosecutor to go to London. It is possible that the prosecutor could travel to London and interrogate him there. I have no answer to the question why that hasn’t happened.’
De hoogste Zweedse rechter zet vragen bij de uitleg van de Zweedse regering dat Assange uitgeleverd moet worden aan Zweden. Dit speelt al sinds herfst 2010, is wereldwijd groot nieuws en leidde tot de beschuldiging dat de Zweedse autoriteiten inconsistent en onredelijk handelen. In Europese hoofdsteden wordt volgehouden dat Zweden een volwaardige rechtsstaat is terwijl de praktijk het tegendeel bewijst. Maar daarvan kun je nog zeggen dat regeringen hun diplomatieke poker face trekken. Maar media zijn toch vrij om te zeggen wat ze willen zeggen? Nu komt het bedrog uit van de Zweedse autoriteiten en missen Nederlandse media de essentie.
Zo blijft een opvallend standpunt van rechter Lindskog ongenoemd voor nieuwsconsumenten die zich op de Nederlandse berichtgeving baseren. Zijn de Nederlandse media Assange-moe? Vinden ze het onbelangrijk? Zijn ze onvoldoende geïnformeerd? Missen ze het feit dat de regering Reinfeldt met Carl Bildt als minister van Buitenlandse Zaken naar de pijpen van de VS danst en daardoor wapens verkoopt, alsof het nog in een progressieve Olaf Palme stand zou staan? In hun eigen cocon van nieuws dat pas nieuws wordt als het op de Haagse agenda staat. Nederlandse media raken aan onbenulligheid die volgt uit lui en onmondig denken.
Foto: Tulpen in Nederlandse stad, 2006.
Turkije en Nederland profileren en profiteren van kwestie Yunus
Update 17 maart: De betoging op 21 maart in Rotterdam is door de organisatoren afgelast. De reden is nog niet bekend gemaakt. Op een nieuwe Facebook-pagina wordt wel opgeroepen om te demonstreren: ‘Ze willen voorkomen dat we de protest houden, alles gaat gewoon door!’ Initiatiefnemer is de ‘Islamitische Universiteit’. Feitelijk geen academische instelling maar een Turkse instelling die de Groot Turkse gedachte uitdraagt.
De Turkse premier Recep Erdogan is voor zowel vice-premier Lodewijk Asscher (PvdA) als oppositieleider Geert Wilders (PVV) een geschenk uit de hemel. Door zich tegen hem af te zetten kunnen ze hun eigen democratisch profiel oppoetsen. Het biedt Asscher de kans om zich rechtsstatelijk en gouvernementeel te profileren. Wilders grijpt de kans om zich te tonen als iemand die opkomt voor vrijheid en universele waarden.
Erdogan die in Europa een steeds slechtere pers krijgt is de ultieme bad guy. Reporters Without Borders omschrijft Turkije als de grootste gevangenis voor journalisten. Het is vrij schieten op de autoritaire Erdogan. Wilders noemt hem een ‘homohater, een zionistenhater, een christenhater en een koerdenhater’. Erdogan bezoekt ons land op 21 maart. Turken grijpen de kwestie Yunus aan om die dag in Rotterdam te betogen tegen de pleegzorg om hun Turkse gezindheid en verbondenheid met Turkije te benadrukken. Dat mag in Nederland. Wilders roept premier Rutte op de uitnodiging te schrappen. Wilders wil dat de ‘smakeloze’ Erdogan lekker in Turkije blijft, want ‘wij hebben hier in Nederland die gekke praatjes niet nodig‘.
Het is de interviewer ontgaan dat de viering van 400 jaar diplomatieke betrekkingen tussen Nederland en Turkije al achter de rug is. Het vond in 2012 plaats. Het heeft blijkbaar weinig indruk op hem gemaakt. Mede door de problematische politieke situatie in Turkije kunnen Nederlanders zich moeilijk vereenzelvigen met Turkije. Het feest is plichtmatig gevierd. Was de viering uitsluitend een vehikel voor economische expansie?
In 2013 worden wel 400 jaar betrekkingen tussen Nederland en Rusland gevierd. Gezien de slechte mensenrechtensituatie in Rusland is hiervoor bij zowel de Nederlandse politiek als het publiek evenmin enig enthousiasme. Een en ander roept de vraag op waarom deze nationalistische feestjes met autoritaire landen als Turkije en Rusland gevierd moeten worden. Door te moeten verkeren met autoritaire leiders als Erdogan of Putin wordt ons staatshoofd onnodig gecompromitteerd. Een democratische toets vooraf door de Tweede Kamer bij dit soort feestjes is gewenst. Zodat een conclusie kan zijn, Japan wel, maar Turkije en Rusland niet.
Hoe moet het verder met Erdogan en Turkije? Wilders’ suggestie om de uitnodiging in te trekken geeft het foute signaal. Alsof Nederland bang is voor de confrontatie met Erdogan. Voorwaarde is wel dat hem in de contacten met Nederlandse politici ondubbelzinnig te verstaan wordt gegeven dat-ie zich niet heeft te bemoeien met intern Nederlands beleid. En dat-ie niets te zeggen heeft over Turken in Nederland. Yunus is een in Nederland geboren Nederlander waarover Erdogan niets te zeggen heeft. De Nederlandse regering kan aan geloofwaardigheid winnen door de invloed die Turkse bewegingen in Nederland op Turkse-Nederlanders uitoefenen actiever dan tot nu toe terug te brengen. Dit Pan-Turkisme bemoeilijkt het leven van Turkse-Nederlanders die willen integreren. Dan levert het bezoek van premier Erdogan nog iets constructiefs op.
Turkije diskwalificeert zich door bemoeienis met pleegkinderen

Update: Vice-premier Lodewijk Asscher heeft zich vanmiddag fel uitgesproken tegen Turkse bemoeienis met het Nederlandse pleegkinderbeleid. Hij benadrukt dat het een interen Nederlandse kwestie is. Voorzitter Ayhan Üstün van de parlementaire commissie voor mensenrechten denkt daar volstrekt anders over. Hij spreekt zich tegenover de NOS als volgt uit: ‘De mensen over wie we het hebben, zijn onze burgers en behoren tot ons ras. Het zou niet juist zijn voor een land om niet over zijn eigen burgers te spreken.’ Hier botsen het individualisme van de Nederlandse liberale democratie en het groepsdenken van de Turkse staat.
Een Turkse parlementaire onderzoekscommissie zegt een reddingsactie te beginnen voor pleegkinderen van Turkse herkomst in Nederland, België en Duitsland die zijn ondergebracht bij christelijke of homoseksuele pleegouders. Alsof atheïstische, Koerdische, Alevitische of communistische pleegouders wel hun goedkeuring zouden wegdragen. Het vindt dat de kinderen bij ouders met dezelfde religieuze en culturele achtergrond ondergebracht zouden moeten worden. Maar Bureau Jeugdzorg zegt dat deze onvoldoende te vinden zijn.
In Nederland is opschudding ontstaan omdat een in Den Haag wonend lesbisch stel na bedreigingen moest onderduiken. Het voedt de negenjarige van oorsprong Turkse Yunus op. Naar verluidt werd het bij de in Nederland wonende Turkse ouders weggehaald vanwege aanwijzingen voor mishandeling. De gemeente Den Haag is boos over de bemoeienis van Turkse politici met dit pleegkind. Zelfs de Turkse premier Erdogan die volgende week Nederland bezoekt meent zich ermee te kunnen bemoeien. Dit geroep vanaf de zijlijn roept de vraag op of het de Turkse politici om het welzijn van pleegkinderen als Yunus te doen is. Stille diplomatie door overleg met de ministers van Justitie, Volksgezondheid en Buitenlandse Zaken ligt meer voor de hand.
Een en ander werd op scherp gezet door de nog steeds in Nederland wonende biologische moeder. Ze laat zich in de publiciteit neerbuigend uit over de lesbische achtergrond van de pleegouders. De toon van de moeder van Yunus is opvallend. Zij suggereert dat-ie vanwege de achtergrond van de ouders niet kan worden opgevoed. Bureau Jeugdzorg verklaart het tegendeel. Het lesbisch stel doet alle moeite en stelt zich open voor de Turkse cultuur. De biologische moeder moet maar eens goed bij zichzelf te rade gaan en zich afvragen waarom haar zoontje ooit uit huis werd geplaatst. Dat lijkt zinvoller dan te roeptoeteren in de Turkse media die een Groot Turkse agenda voeren waar elke minderheid een bedreiging voor de Turkse identiteit vormt.
Plaatsing van pleegkinderen is een mathematisch probleem. In 2005 had zo’n 46,5% van de Zuid-Koreanen geen religie, aldus Wikipedia. Moeten dat van elke 200 Zuid-Koreaanse pleegkinderen er 93 bij pleegouders zonder religie terechtkomen? Is het logisch dat van elke 100 geadopteerde kinderen uit Sri-Lanka er 69 naar boeddhistische pleegouders gaan? Van de Sri-Lankezen is 69,1% boeddhistisch, aldus Wikipedia. Eind vorige eeuw bleek zo’n 59% van de Chinezen geen religie te hebben. Horen 59 van elke 100 Chinese pleegkinderen dan thuis bij pleegouders zonder religie? En moet ook de biometrische verdeling zoals ras matchen tussen pleegkind en pleegouders? Wat sommige Turkse media en politici roepen getuigt niet alleen van opgeschroefd nationalisme en discriminatie tegenover andersdenkenden, maar is logistiek praktisch simpelweg onhaalbaar.
Foto: De Turkse premier Erdogan.



