Archive for november 2011
Wie controleerde bij museumgoudA de Raad van Toezicht?
De Utrechtse hoogleraar kunstgeschiedenis Peter Hecht sprak zich op 29 november in de jaarlijkse Rembrandt Lezing van de Vereniging Rembrand uit tegen de handelswijze van museumgoudA. In een interview met het FD neemt-ie hierop een voorschot. Hij pleit voor een meldingsplicht en strengere regels voor afstoting.
Pikant wordt het als Hecht zich uitspreekt over een Raad van Toezicht (RvT) die als taak heeft een slecht functionerende museumdirecteur te ontslaan. Zoals in de VS gebruikelijk. Toegepast op museumgoudA is de slotsom dat een niet goed functionerende museumdirecteur die regels overtrad begeleid wordt door een onvoldoende opererende RvT. Tot op de dag van vandaag. Maar wat moet de consequentie zijn?
Het slecht functioneren van de RvT is een bijkomend probleem dat tot nu toe in de kwestie rond de verkoop van The Schoolboys onder de publicitaire radar is gebleven. Da’s onterecht omdat een RvT een positieve rol had kunnen spelen en de directeur van museumgoudA voor foute stappen had moeten behoeden.
Het geeft aan dat een RvT in de Nederlandse verhoudingen ondergeschikt is. Toch is dat slechts ten dele waar. Zo was in de procedure rond de benoeming van de huidige museumdirecteur Gerard de Kleijn RvT-voorzitter Jan Laan leidend. Laatstgenoemde heeft een dubbele verantwoordelijkheid op zich geladen.
Omdat zowel bij de werving en selectie van als de controle op het beleid van de museumdirecteur in Gouda ogenschijnlijk fouten zijn gemaakt dringt de vraag zich op wie er toezicht heeft op de RvT. Het antwoord is kort: niemand. En in de publiciteit legt deze RvT-voorzitter geen verantwoording af. Het ontbreken van een controlerend mechanisme bij een RvT is een merkwaardige weeffout bij geprivatiseerde instellingen.
Hecht zegt over de VS: De trustees van belangrijke Amerikaanse musea kunnen een directeur heel aardig bij de les houden. Vaak met kennis van zaken. Doorredenerend in de trant van Hecht zou het logisch en gewenst zijn als zowel de directeur als RvT van museumgoudA van hun functie ontheven zouden worden. Om in het belang van stad en museum een nieuwe start voor mensen met kennis van zaken mogelijk te maken.
Foto: Camille Pisarro, Het Hooien, Éragny, 1887. Nieuw aanwinst Van Gogh Museum met steun van de Vereniging Rembrandt
NMV zet museumgoudA vanwege handelswijze niet uit vereniging
Op een ALV is museumgoudA vandaag niet uit de Nederlandse Museumvereniging (NMV) gezet. Het betuigde spijt en werd daarom slechts berispt. In een voorstel van directeur Benno Tempel van het Haags Gemeentemuseum dat was ondersteund door Museum Boijmans van Beuningen en Centraal Museum werden afstotingsregels aangescherpt en zullen sancties worden geformuleerd. Het werd bij acclamatie aangenomen.
Op een extra ALV van 7 september keurde een meerderheid de handelswijze af van museumgoudA bij de verkoop van het schilderij The Schoolboys van Marlene Dumas. Leden betreurden vooral dat het schilderij niet was aangeboden aan andere Nederlandse musea, zodat het voor Nederland behouden had kunnen blijven. Hiermee schond het museum de Leidraad voor Afstoting van Museale Collecties (Lamo). In het openbaar betuigde directeur Gerard de Kleijn van museumgoudA toen geen spijt. Da’s nu onder druk gewijzigd.
De directeur heeft onhandig geopereerd, slecht gecommuniceerd en inschattingsfouten gemaakt. Wat hem door de museumsector het meest kwalijk wordt genomen is dat-ie niet solidair is geweest. De Kleijn dacht zijn problemen op te kunnen lossen zonder dat dit de sector zou verzwakken. Maar door zijn handelswijze verzwakte De Kleijn de museumsector die door aangekondigde bezuinigingen toch al zo onder druk staat.
Op kamervragen van SP-er Van Dijk over Lamo, ethische code en Wereldmuseum antwoordde staatssecretaris van cultuur Zijlstra op 8 september: Ik ga ervan uit dat gemeenten, provincies en rijksoverheidsorganen de musea die hun collecties beheren in staat stellen die codes na te leven en zelf die codes als kader hanteren bij het verlenen van volmachten om voorwerpen af te stoten. Ik doe dat als het gaat om de rijkscollectie waarvoor ik verantwoordelijk ben. De Raad voor Cultuur ondersteunde onlangs de beleidslijn van de staatssecretaris.
Indirect keurde Zijlstra toen de handelswijze van zowel gemeente Gouda als museumgoudA af. De gemeente had het museum nooit mogen dwingen de gedragsregels van de museumsector te overtreden en het museum had zich nooit in die positie moeten laten dwingen. De Kleijn maakte het er niet beter op door geen overleg met de sector te zoeken en te denken dat-ie het in zijn eentje kon klaren. Dat museumgoudA nu niet uit de NMV wordt gezet is geen rechtvaardiging van een handelswijze, maar blijk van mededogen en pragmatisme.
Foto: Werk van Lily van der Stokker, ‘Kalm nou maar alles komt goed‘, museumgoudA; 2007
Islamdissidenten en de verkeerde moslim

Meer dan hun maatschappijstructuur is het denken van Arabieren onderontwikkeld. Na 1989 ijlde in Midden-Europa dat effect van onderontwikkeling nog jaren na. Trieste constatering die geen hoop biedt voor Egypte of Pakistan. Zelfs een snelle omslag in het denken zal nog tot decennia ellende leiden in de Arabische wereld.
Belangen van het Westen in de Arabische wereld zitten aan de buitenkant. Toch zijn het de Arabische landen zelf die de eigen bevolking onderdrukken en dom en onderontwikkeld houden. En zo zichzelf in een moreel, cultureel, politiek en economisch failliet brengen met een dictatoriale klem die niet meer uitgezet kan worden.
Maar er is tegenspraak. Interessant om de in 2010 overleden Nasr Abu Zayd te vergelijken met andere moslimdissidenten of kritische moslimgeleerden die naar het Westen zijn uitgeweken. Hoe verschillen deze dissidenten onderling? Zij hebben zien de corruptie van de islam met lede ogen aan en willen deze zuiveren van wat ze zien als perversies. Hun intentie is het voortbestaan van de islam. En hun eigen profilering.
Zo woont en werkt in Canada de van oorsprong Indiase wetenschapper en journalist Salim Mansur die in 2009 zijn verzameling essays bundelde in Islams Predicament; Perspectives of a Dissident Muslim. In het voorwoord schrijft Salim Mansur waar het hem om gaat: In the face of Muslim extremism and terror that went global with 9/11, there remains the urgent need for Muslims to confront and repudiate those who have perverted their faith, or hijacked it, and made of Islam an ideology of bigotry and war (jihad). Islams Predicament is a small effort in that urgently needed larger and wider struggle against radical Muslims, or Islamists, who have wrecked the Muslim world and have spread fear and violence indiscriminately among non-Muslims.
Salim Mansur presenteert zich als woedende purist die het geloof waardoor-ie zich laat inspireren wil zuiveren van degenen die het bezoedelen en gekaapt hebben. Hij wil de islam strippen van oorlogsretoriek. Hij zoekt de confrontatie met de radicale islamisten die de wereld in de fik hebben gestoken. Maakt-ie enige kans in de strijd tegen staten als Iran en Pakistan waar een gecorrrumpeerde islam samenspant met de politieke macht? Interessant voor het begrip van Mansur is waar-ie de grens legt. Wie zijn voor hem de bezoedelaars en kapers van de islam? Tekenend is dat Mansur iemand als Tariq Ramadan als een wrong Muslim ziet.
Salim Mansur lijkt beter geïntegreerd in het Westen dan Nasr Abu Zayd was en beantwoordt daarom de schuldvraag anders. Beide denkers zetten zich af tegen de dictatoriale regimes in de Arabische wereld. Maar waar Nasr Abu Zayd vervolgens naar het Westen wijst richt Salim Mansur duidelijker zijn pijlen op valse profeten die om allerlei redenen de islam als machtsbasis gebruiken. Zoals in zijn visie Tariq Ramadan.
Het gaat om meer dan een inter-islam dialoog omdat Salim Mansur, Nasr Abu Zayd en Tariq Ramadan tolk voor niet-moslims zijn om de islam uit te leggen. Ze hebben een imago van gematigde moslim opgebouwd om breed geacepteerd te worden en zijn in de kleine wereld van islamuitleggers elkaars concurrenten.
Omdat ze onderling fundamenteel van mening verschillen over elkaar en de kernwaarden van de islam worden ze er niet geloofwaardiger op. Maar koranonderzoeker ’Christoph Luxenburg‘ is zijn leven niet zeker. Toch blijkt fundamentele kritiek die de islam in een historische context zet nodig. Want een bewering die niet weerlegd kan worden door onderzoek geeft te veel ruimte aan diegenen die loze beweringen doen. Daarom past wantrouwen jegens allen die zeggen namens een religie te spreken of deze te kunnen interpreteren.
As often happens, non-Muslims went to the wrong Muslim for an understanding of the faith. Ramadan, a propagandist and master of double-speak, masquerades as a scholar and has developed a fan base among innocent professors of religion. Mansur thinks he serves as the beasts apologist. He sees Ramadan for what he is: the wrong Muslim.
Foto: Pakistaanse leden van de Sind Muslim Women’s National Guard (1947)
Oliedeal tussen Italië en Rusland in Libië geblokkeerd
De Russische connectie in Libië is altijd wat raadselachtig geweest. Voorzitter van de Wereldschaakbond FIDE en voormalig president van de Russische republiek Kalmukkië Kirsan Ilyumzhinov bezocht kolonel Kadaffi nog afgelopen juni. Vraag was welke boodschap hij van de Russische machthebbers moest overbrengen.
Olie was het motief achter de Libische oorlog. Politiek-strategisch is het land onbelangrijk. Waar Fransen en Engelsen met medewerking van de Amerikanen er volop in vlogen, passen deze partijen nu in Syrië.
Naar nu blijkt uit geheime documenten die via WikiLeaks zijn uitgelekt probeerden de Russen via de Italianen hun energiebelangen in Libië uit te breiden. Het Russische Gazprom en het Italiaanse ENI werkten daarin samen. Berlusconi en Putin golden als vrienden. De voormalige Duitse kanselier Gerhard Schröder is ook zo’n vriend van Putin die via Nordstream de Russische belangen dient. Vraag is of het toeval is dat degenen die samenwerkten met de Russen het veld hebben geruimd: Kadaffi, Schröder, Berlusconi en ook Balkenende.
Wethouder Lintmeijer verdraait waarheid over Oud-Amelisweerd
In het verslag van de begroting Commissie Mens & Samenleving van de Utrechtse gemeenteraad op 24 en 26 oktober suggereert cultuurwethouder Frits Lintmeijer dat landhuis Oud-Amelisweerd 20 jaar op slot zit (p.48): Het college wil graag dat oud-Amelisweerd een functie krijgt. Het is zonde dat een gebouw met daarin een kostbare collectie, 20 jaar op slot zit. Hier wordt een gebouw niet beter door. Spreker zou graag zien dat de museale functie van dit gebouw weer vorm en inhoud krijgt. Om deze reden wordt het pand opgeknapt en geschikt gemaakt voor een grotere bezoekersstroom. Het verslag kwam op 18 november beschikbaar.
Lintmeijer heeft het mis, want Oud-Amelisweerd is sinds 1990 toen het onder beheer van het Centraal Museum kwam niet op slot gegaan, maar juist geopend. Door kleinschalige presentaties, rondleidingen en eettafels. Tegelijk vond er een grondige restauratie plaats die wetenschappelijk onderzoek vereiste. Zijn bewering ‘Om deze reden wordt het pand opgeknapt en geschikt gemaakt voor een grotere bezoekersstroom’ is onjuist. Oud-Amelisweerd wordt niet geschikt gemaakt voor een grotere bezoekersstroom, maar gerestaureerd. Hoewel meer bezoek uiteindelijk een gevolg kan zijn was dat niet de reden voor de restauratie.
Het valt een wethouder niet kwalijk te nemen dat-ie niet alle details kent, hoewel-ie hiermee de raadsleden verkeerd informeert en op het verkeerde been zet. De wethouder kan de recente geschiedenis van Oud-Amelisweerd uit eigen ervaring niet kennen. Ongelukkig is dat informanten hem verkeerd inlichten. Hoewel het mogelijk is dat de wethouder goed geïnformeerd is door ambtenaren van beheerder Centraal Museum of Culturele Zaken en slecht luistert. Maar da’s niet logisch. Want waarom zou hij in het openbaar de waarheid geweld aandoen? Daarom valt de verkeerde voorstelling van zaken voornamelijk zijn ambtenaren te verwijten.
Is het erg? Ja, want Lintmeijer bouwt zijn argumentatie op deze verkeerde voorstelling van zaken. Met voorbijgaan aan de restauratie en de kleinschalige openstelling gedurende 20 jaar redeneert-ie dat Oud-Amelisweerd nu gegund moet worden aan het Armando Museum. Lintmeijer heeft directeur Edwin Jacobs van het Centraal Museum vorig jaar een bestuursopdracht gegeven om een bestemming te zoeken voor Oud-Amelisweerd. Jacobs kwam vervolgens uit bij zijn partner Yvonne Ploum van het Armando Museum. Dat probeert Lintmeijer tegen beter weten in nu recht te praten door in commissie de waarheid te verdraaien.
Foto: Zomerverblijf Oud-Amelisweerd, Bunnik
Duitse Piraten stellen zich pragmatisch op
Op 18 september 2011 behaalden de Duitse piraten in de verkiezingen voor het Berlijnse parlement bijna 9%. Wat heeft het opgeleverd? In het district Berlin-Mitte konden de Piraten een Commissie Transparantie en Burgerparticipatie (Ausschuss für Transparenz und Bürgerbeteiligung) afdwingen. Naar eigen zeggen nemen de gevestigde partijen SPD en CDU onderdelen over internetvrijheid over. Is daarmee de ambitie vervuld?
Klassiek links ziet het pragmatisme van de Piraten wantrouwend aan. In heterogeniteit en flexibiliteit van de Piraten ziet het geen kansen op een doorbraak, maar een bedreiging. Klassiek links ziet het als een nadeel dat niet te voorspellen valt hoe de Piraten zich precies zullen ontwikkelen. Normatief stelt het dat de keuze is tussen een liberale surrogaat-FDP, een nieuwe editie van de Grünen of tot een protestpartij van korte duur.
Klassiek links formuleert het met maatschappijkritisch gestaald taalgebruik als volgt: Ihr Mischmasch aus politischer Naivität und bedingungsloser Treue zur Marktwirtschaft machen sie zu einem nützlichen Werkzeug in den Händen der herrschenden Elite. In hun mengelmoes van politieke naïviteit en onvoorwaardelijke trouw aan een markteconomie zijn ze een nuttig instrument in de handen van de heersende elite.
Als nieuwe partij hebben de Piraten krediet om een sociaal-economisch programma te ontwikkelen. Nu zet het in op transparantie, burgerparticipatie en internetvrijheid. Juist op deze terreinen lijken de Piraten kwetsbaarder dan op klassiek sociaal-economische thema’s waar geen van de gevestigde partijen pasklare antwoord op heeft. Ook in Duitsland zoeken pedofielen de grenzen van de internetvrijheid op en maken misbruik van het open Piratenpad. Da’s de grootste bedreiging voor de geloofwaardigheid van de Piraten.
Waarom zelfstudiepakketten voor immigranten in gekuiste versie?
De Turken vallen op. Is u dat ook opgevallen na lezing van de Aanschafinformaties week 45, 2011 van Biblion? En dat valt weer op omdat PVV’er Joram van Klaveren er kamervragen over stelt. Allemaal uiterst opvallend.
Er bestaan gekuiste en ongekuiste versies van de zelfstudiepakketten voor inburgeringscursussen. Ze bestaan uit een instructieve documentaire, een fotoboek met vragen over de film, een werkboek met twintig lessen, een dvd met het digitale oefenprogramma, een inlogcode en een handleiding. Dat vraagt om een kamervraag.
De volgende versies bestaan: Chinees (ongekuist), Dari (gekuist), Engels (gekuist en ongekuist), Frans (gekuist en ongekuist), Indonesisch (gekuist), Koerdisch (ongekuist), Marokkaans Arabisch (gekuist), Pashto (gekuist), Portugees (ongekuist), Russisch (gekuist), Spaans (ongekuist), Somalisch (gekuist), Standaard Arabisch (gekuist), Tarafit Berber (gekuist), Thai (gekuist), Turks (ongekuist), Urdu (gekuist), Vietnamees (gekuist).
De Aanschafinformaties zegt: ‘De pakketten zijn beschikbaar voor verschillende hulptalen, in gekuiste en ongekuiste versies. Bij de gekuiste uitvoering zijn in de film de beelden van schaars geklede dames aan het strand en de sluiting van een homohuwelijk achterwege gebleven.’
Van Klaveren suggereert dat het bestaan van gekuiste versies met ‘de voortgaande islamisering‘ van Nederland te maken heeft. Maar waarom is de Turkse versie dan ongekuist en de Russische gekuist? Of Van Klaveren moet bedoelen dat de makers van de pakketten een klap van de islamisering hebben meegekregen.
Beelden van schaars geklede dames aan het strand en de sluiting van een homohuwelijk maken het verschil. Je zou maar net een gekuiste versie van het zelfstudiepakket hebben bestudeerd en een vraag krijgen over bikini’s in Scheveningen of de ceremonie van het homohuwelijk. Wat is de basiskleur van het homohuwelijk? Roze, wit, goudglitter of zilverglitter? Je staat dan mooi met je gekuiste immigrantenmond vol tanden.
Het lijkt Van Klaveren trouwens te zijn ontgaan dat de zelfstudiepakketten bestemd zijn ‘voor immigranten [die] zich kunnen voorbereiden op het basisexamen inburgering in het buitenland‘. Ze zijn dus niet in de openbare bibliotheken te vinden, maar eerder bij Nederlandse ambassades of culturele instellingen in het buitenland. Toch ben ik nieuwsgierig naar de reden waarom er gekuiste versies bestaan. Ik kan het niet bedenken. Zo’n immigrant komt immers toch niet in een gekuiste versie van Nederland terecht? Of wel?
Foto: Homohuwelijk in Nederland, 2001







