Archive for november 2010
Mythe Oranje
Update 19 maart 2012: Een meerderheid van de Tweede Kamer wil dat het parlement het initiatief neemt bij een kabinetsformatie door zelf een informateur aan te wijzen. De koningin zou geen rol meer moeten spelen bij de vorming van een regering. Een voorstel van Groen Links krijgt ruime steun. Maar dit kan al sinds 1971. Is de wil veranderd? Of gaat het opnieuw om een symbolisch gebaar van een machteloos parlement?
De continuïteit en kwaliteit van de Nederlandse monarchie is een mythe. Het grijpt terug naar stichting en ontstaan van Nederland. Zoals elke mythe komt het niet overeen met de realiteit. Eeuwenlang is het verhaal bijgeslepen en verdraaid om de natie te bouwen. Zo’n broodjeaapverhaal over Oranje kan desondanks werken. Soms hebben volkeren een leugentje om bestwil nodig om zich te verenigen.
De positie van Oranje wordt steeds meer een splijtzwam in de samenleving. Een minderheid van D66, GroenLinks, SP en PVV wil het belang afbouwen. Denk aan ongelukkige uitspraken van Maxima die geen Nederlandse identiteit kon vinden, terwijl ze er als representant van het Koninklijk Huis zelf een sprekend voorbeeld van is. In geen ander land had ze de welwillendheid ontmoet om domme uitspraken te mogen doen die in de eigen staart beten. Moet in de toekomst continuïteit door verdeeldheid ontstaan?
Principieel tegenargument is dat erfopvolging in tegenspraak met de volkssoevereiniteit is. Het is discriminatie dat een burger nooit staatshoofd kan worden. Traditioneel wordt het beeld uitgedragen dat Oranje al eeuwenlang op twee pijlers rust: het grauw en de pluimstrijkers. Da’s recent veranderd. Het volk is na Fortuyn en alle incidenten van Oranje minder enthousiast en de kosmopolisten calculeren zelfstandiger dan ooit. Oranje wordt minder gedoogd. Steun die jarenlang boven de 80% was is afgenomen naar 70%.
Oranje is geen waakhond, maar een jachthond die zelf in de bossen op wild jaagt. Die de broekriem niet wil aanhalen, terwijl iedereen gekort wordt. De koningin weerspiegelt onze tegenstrijdigheid en verdeeldheid. Zij is uiterst welvarend en denkt geloofwaardig namens de armen te spreken. Zij praat over soevereiniteit, maar laat achter de schermen een ambassadeur naar huis sturen. Beatrix is de vleesgeworden paradox.
De politieke discussie spitst zich nu toe op twee aspecten, namelijk de rol van het staatshoofd bij de formatie en het feit of het staatshoofd deel moet uitmaken van de regering of een ceremoniële rol dient te krijgen. Complicatie is dat voor een grondwetswijziging een 2/3 meerderheid in de Tweede Kamer en een ontbinding van de Staten-Generaal nodig is. Vanwege de lange weg wijst dat naar een compromis waarbij het staatshoofd een ceremoniële rol krijgt. Alleen de mythe blijft.
Bij de laatste formatie hadden Beatrix’ vertrouwelingen Lubbers en Tjeenk Willink een sturende rol. Ze gingen verder dan het leiden van het proces en bemoeiden zich door onnodige uitspraken met de inhoud. Vraag is of de rol van het staatshoofd zonder dit soort bedrijfsongevallen kan of dat het inherent is aan het proces. Roep om andere spelregels klinkt alom. Lubbers en Tjeenk Willink deden aan partijpolitiek onder de hoede van Beatrix. Dat ze zich vergaloppeerden is nog tot daar aan toe, maar dat procedures hun deze ruimte laten is het echte probleem. Er ligt echter al sinds 1971 een motie-Kolfschoten die de kamer ruimte biedt om zelf een formateur te benoemen. Door onderlinge onenigheid is dat er nooit van gekomen. Dit gebrek aan volwassenheid valt niet de koningin, maar de Tweede Kamer te verwijten
Constitutionele toetsing doet recht aan het vertrouwen in de integriteit van de Nederlandse rechtspraak, betoogde Femke Halsema in 2002 in haar Initiatiefwet over de toetsing aan de Grondwet. Integriteit is de essentie, de staalconstructie die het gebouw stevigheid biedt. Of een koning, president, komiek of filmster op de troon mag zitten is ondergeschikt. Instituties doen ertoe. Het kan als een natie uit nostalgie of traditie haar cohesie en identiteit -die door dezelfde monarchie in twijfel wordt getrokken- denkt te kunnen versterken door Oranje. Dat valt te bezien. Sowieso pleit alles ervoor om de rol van het staatshoofd terug te brengen tot een ceremoniële.
Foto: Gouden Koets op Prinsjesdag
Recht regeert
1. De rechtsstaat regelt omgang tussen staat en burger. Anders gezegd, het beschermt de burger tegen de willekeur van de staat. Tevens kunnen burgers zonder uitzondering hun sociale grondrechten eraan ontlenen. Overheidsvoorlichting en educatie hierover schieten tekort. Dat zou actiever kunnen. Het is zowel een juridisch-technische als maatschappelijke plaats waar burgers elkaar op dezelfde gronden kunnen ontmoeten.
De rechtsstaat is niet absoluut. Een moderne maatschappij verenigt vogels van diverse pluimage. Ze ontberen een gemeenschappelijk waardensysteem. De rechtsstaat verwoordt wat de 21ste eeuw vraagt en is daarin noodgedwongen technisch van vorm. De interpretatie van de rechtsstaat staat nooit stil en geeft de actualiteit een plaats. De rechtsstaat is weliswaar een middel om kansen van individuen te optimaliseren door het scheppen van een gelijk speelveld, maar dat idee blijft een benadering.
Koningin, ministers en autoriteiten oefenen macht uit. Instituties bestaan om dat te regelen naast een correctiemechanisme dat bij misbruik optreedt. Een egalitaire samenleving bestaat niet. Ongelijkheid valt binnen de marges van wat we als een rechtsstaat ervaren. De macht zelf bepaalt wat de voorwaarden van de rechtsstaat zijn. Zo voorkomt het verbod op discriminatie niet dat burgers nooit koning kunnen worden.
2. Een pleidooi voor een strikte toepassing van de rechtsstaat is een pleidooi om alle religies en levensovertuigingen ondergeschikt te laten zijn aan de rechtsstaat. Een hot item. Geven van overheidssteun aan de islam of een andere religie kan alleen als betreffende religie zich niet boven de rechtsstaat wenst te stellen met een eigen waardensysteem.
Met voorbijgaan aan uitgangspunten van de rechtsstaat zou zo’n religie het recht op een plaats binnen de Nederlandse samenleving behoren te verliezen. Dat dient beter dan nu getoetst te worden. Volledig verbod werkt waarschijnlijk niet, maar sancties om een religie geldelijke, juridische of facilitaire steun te onthouden zouden beter dan nu verkend kunnen worden. Maar omdat de rechtsstaat niet absoluut is en religies aan de kant van de macht staan hebben ze een streepje voor. Sowieso een lastige toetsing omdat het om intenties gaat. Die vaak verdeeld en verhuld worden geuit door religieuze organisaties.
Feit dat over de grenzen van de rechtsstaat een discussie ontstaat en Cohen of Wilders kritisch worden gevolgd in hun interpretatie van rechtsstaat en vrijheid van godsdienst is winst. Winst die de rechtsstaat levend en bij de tijd houdt. De lijn van zowel Wilders, Verhagen of Cohen biedt trouwens geen perspectief. Zij buigen de rechtsstaat politiek bij. Respectievelijk verbod, extra bescherming of ongeclausuleerd gedogen van religie gaan voorbij aan de essentie. Daarom brengen zowel Wilders, Verhagen als Cohen de rechtsstaat schade toe.
Een actieve houding die de vrijheid van godsdienst voor personen binnen religies toetst wordt nu gemist. Actief overheidsbeleid is welkom dat streeft naar een rechtsstatelijke houding zoals die in de eerste integratienota van de PvdA geformuleerd was. In aanleg biedt op dit moment alleen de VVD, de linksliberalen van GL en D66 en de vrijzinnige kant van de sociaaldemocratie, Eberhard van der Laan, perspectief om tot een strikte toepassing van de rechtsstaat te komen. Probleem is dat deze richting zich concentreert op een politiek-bestuurlijke toetsing en de religie zelf buiten schot laat.
3. Vrijheid is dubbelzinnig. Het recht erop omschrijft onze ruimte, maar geeft tevens de grenzen ervan aan. Als het scherp verwoord is kan dat laatste als repressie ervaren worden, maar ook als gereglementeerde controle. Feitelijk is de rechtsstaat bedoeld om alle soorten onderdrukking te neutraliseren.
Er is in goede bedoelingen geen sanctie. Daarom moet een machtsapparaat altijd op de achtergrond aanwezig zijn om de burger bij te springen. Hoe dubbelzinnig dat ook is omdat de rechtsstaat de relatie tussen staat en burger regelt en tegelijk uitvoerder en controleur op de uitvoering is.
Een staat zonder tegenmacht is gevaarlijk. Doorgaans vertrouwen Nederlanders dat het goed gaat. Sterke burgerrechtenbewegingen zouden echter preventief kunnen werken. Want politieke partijen rekken hun interpretatie van de rechtsstaat vaak onaanvaardbaar op. Dat kunnen burgers kritisch volgen. Vertrouwen in het recht is de voorwaarde voor de inrichting van een gefragmenteerde samenleving als de Nederlandse. Als burgers daaraan gaan twijfelen, dan glipt het vertrouwen weg.
Ons vertrouwen in de rechtsstaat is niet onwankelbaar. Er is de dreiging van de machtige staat die overweldigt. Toch rechtvaardigt dat geen wantrouwen in het recht. Die luxe hebben we niet. Een en ander gaat gelijk op met het ontdekken van redelijkheid en feilen van het recht. Het recht kan een leerschool op weg naar zelfkennis en maatschappelijk besef zijn. Zodat de burger via een omweg de democratie versterkt.
Foto: Johannes Vermeer, Vrouw met weegschaal, omstreeks 1664
PVV normaliseert abnormaal
Over Eric Lucassen zegt de PVV: Voormalig onderofficier bij de Koninklijke Landmacht, nu docent digitale muziekproductie. “De afgelopen jaren is mij steeds duidelijker geworden dat democratie en vrijheid veel dichter bij huis bevochten moet worden. Hier, in ons eigen land.” De martiale inborst van Lucassen liegt er niet om. Hij bevecht de vrijheid dicht bij huis, zoals uit alle publiciteit blijkt. De screening was onvoldoende, iemand met zijn achtergrond en een veroordeling aan zijn broek hoort niet thuis in de Tweede Kamer.
Eric Lucassen voegt zich in de rij fantasten, fraudeurs, lichtzinnigen en opportunisten die de politiek bevolken. Hendrik Colijn, Ruud Lubbers, Luuk Blom, André Bhola, Els Verdonk, Eveline Herfkens, Elvira Sweet, Ama Carr, John Leerdam, Ernest Owusu-Sekyere, de Turken van Rotterdam-Feijenoord, Tara Singh Varma, Wijnand Duyvendak, Jan Pronk, Henk Vredeling, Ben Korsten, Sydney van den Bergh, Jan Smallenbroek, Harry van den Bergh, Albert Jan Evenhuis, Limburgse CDA-ers, Willem Aantjes, Neelie Kroes, Bram Peper, Jack de Vries. De lijst kan nog verder uitgebreid worden.
Complicatie is dat affaires soms gefabriceerd worden om een tegenstander te beschuldigingen of politieke winst te behalen. Zoals de affaire Marijke van Hees uit 2000 duidelijk maakte geen affaire te zijn. Of het moest de chaos, bestuurlijke incompetentie en onaanvaardbare samenwerking tussen PvdA en Vrij Nederland zijn.
Gezien de overeenkomst met rechtse sympathieën en de afloop kan de affaire Adams uit 1966 een waarschuwing zijn voor Wilders. Adams was senator voor de Boerenpartij en werd beschuldigd van verkeerd optreden in de oorlog. Het aarzelende optreden van Hendrik Koekoek splitste zijn partij. Ook toen werd om democratisering van de Boerenpartij geroepen, zoals nu Hero Brinkman in de PVV doet. Brinkman ziet het gevaar en kent zijn klassiekers.
Het beroep politicus staat in een kwade reuk en geniet weinig vertrouwen. De bevolking vindt sowieso al dat een politicus draait en liegt. De affaire Lucassen maakt het er alleen nog maar erger op. Het telt wellicht niet zwaar voor degenen die de betrekkelijkheid van de politiek inzien. Maar anderen keren zich nog verder af van het politieke bedrijf. Deze affaire vergroot de kloof tussen burger en politiek opnieuw. Dat valt de PVV te verwijten. Juist om deze reden moeten types als Eric Lucassen buiten de politiek blijven.
Geert Wilders heeft fouten gemaakt in de werving en selectie van kamerleden. Hij zit met Lucassen in zijn maag. Sommigen konden tijdig ontdekt worden, maar Lucassen bleef onder de radar van de PVV. Door tijdsdruk en de kleine organisatie heeft de PVV nu een flinke kras opgelopen. Overigens blijft het jammer dat Wilders de opening naar mensen als Joost Eerdmans en Marco Pastors niet heeft gemaakt. Dat valt Wilders te verwijten. Het had de PVV schokbrekers gegeven.
Toch past de PVV enig begrip. Het heeft moeite om kundige mensen aan te trekken. Vele media en instanties discrimineren PVV’ers op hun politieke voorkeur. Dat weerhoudt juist de relatief gematigde kandidaten om tot de partij toe te treden. De les van Lucassen is dat Wilders moet kiezen voor democratisering van de PVV. Zeker nu de doorsneekiezer meer op de PVV-stemmer lijkt dan wordt aangenomen. Vreemd genoeg is dat idee bij zowel opposanten als PVV zelf nog onvoldoende doorgedrongen.
Foto: Viermans oppositie van de Boerenpartij die voor afsplitsing zorgde met een motie van wantrouwen tegen partijleider Koekoek. Den Haag, 25 juni 1968.
Terstall over links
Update 16 oktober: Bijna een jaar geleden besteedde ik aandacht aan een kritische beschouwing van Eddy Terstall. Over de onzichtbaarheid van links. Het onderwerp staat nog steeds hoog op de agenda. Nog onlangs kregen de PvdA en Job Cohen kritiek de weg kwijt te zijn. Is er in een jaar iets veranderd?
Eddy Terstall schetst in zijn verhaal Pinocchio is links uit het boek Ik loop of ik vlieg de onzichtbaarheid van links. Sociaaleconomisch voelt-ie zich nog steeds thuis bij links, maar cultureel, op het gebied van de persoonlijke vrijheid, niet meer. Hoe is dat onbehagen ontstaan? Overtuigt Terstall in zijn schets?
Een en ander spitst zich toe op de PvdA. Immers traditioneel de partij met de pretentie van brede volkspartij en waardevolle kernwaarden. Deze uitgangspunten leggen de lat hoog. Volgens sommigen onaanvaardbaar hoog. Is de PvdA de monumentenwoning waarin nauwelijk nog normaal gewoond kan worden? Hoe dan ook, in dat huis wonen vele zielen die elkaar het eigendom betwisten.
Terstall trekt lijnen vanuit de jaren ’60 (vdve) en betrekt het op het huidige islamdebat: Dezelfde verbazing hebben tegenwoordig van oorsprong linkse atheïstische activisten die gebroken hebben met de islam. Die zien vol verbazing aan hoe hun medeprogressieven en vooral ex-feministen zich het vuur uit de sloffen lopen om de islam te verdedigen en hoe die blind smoorverliefd zijn op de hoofddoek, terwijl ze ooit hun bh’s verbrandden.
Verschil is dat de mensen die vroeger niet konden weten omdat ze onvoldoende informatie hadden, nu wel kunnen weten. Maar niet willen weten. Het ontkennen van de waarheid is een actieve daad: Diezelfde mensen verkondigen nu vanuit riante huizen hun verheven mening over het integratievraagstuk. Ook hier zullen ze het wel weer bij het rechte eind hebben. Ze schrijven namelijk met grote regelmaat in kwaliteitskranten of doceren aan universiteiten die de ouderen onder hen meer dan veertig jaar geleden bezet hielden. Vaak zijn ze ook nog ridders in de orde van huppelepup, dus wie ben ik eigenlijk om hun mening deze keer in twijfel te trekken? Dat ze er in het verleden meestal naast zaten, is nog geen garantie dat dat ook deze keer weer het geval is.
Overigens onderschat Terstall hiermee naar mijn idee de positie van de zogenaamde hoogopgeleide fellow-travellers, de nuttige idioten, die wel degelijk konden weten maar niet wilden weten. De geschiedenis is grijzer. In Terstalls vakgebied is Joris Ivens daar een voorbeeld van. Ook Harry Mulisch kwam nooit terug op zijn verering van Cuba en Castro en het goedpraten van onrecht. Maar toegegeven, die intellectuelen vormden een relatief kleine groep.
Terstall spreekt over fatsoenlijk links dat wel kritisch is over het totalitaire. Dat wel van de persoonlijke vrijheid uitgaat, of misschien wel júist van de persoonlijke vrijheid uitgaat. Bezoekers van dit blog zullen er het verschil tussen verstandig links en dom links in herkennen. Over dat laatste zegt Terstall: Jokkebrok-links daarentegen weet altijd wel iets te verzinnen om terreur en geweld goed te praten als de daders maar exotisch genoeg zijn. Als klootzakken van de ene Afrikaanse stam met hakmessen hele dorpen van een andere stam afslachten, komt dat door lukrake koloniale grenzen of economische knechting door witte multinationals.
Over oudere feministes en hun persoonlijke vrijheid zegt Terstall: Het probleem is ook dat veel van de vroege feministen de persoonlijke vrijheden die ze ooit hebben bevochten en voor geen goud zouden willen inleveren, niet gunnen aan vrouwen met een kleurtje. Die moeten het met heel wat minder doen. En dat is niet erg. Want ze zijn ook niet veel gewend. Deze neerbuigende houding komt neer op een zeer kwalijke vorm van betuttelracisme. Persoonlijke vrijheden van burgers met moslimouders doen er bij dat soort links niet toe.
Over de reactie op de islam merkt Terstall op: Gewetensvrijheid of vrijheid van partnerkeuze is iets voor witte mensen. En die moeten zich vooral ook niet bemoeien met de zaken van ‘non-whites’. Het is hún religie, hun ‘aangeboren mening’ over het ontstaan van hemel en aarde. Daar mogen witte mensen zich niet mee bemoeien, schijnt het. Gekleurde mensen die geen genoegen nemen met die aangeboren mening trouwens ook niet. Die zijn minstens even erg. Dat zijn ‘nestbevuilers’ of ‘aandachttrekkers’. Die hebben een persoonlijkheidsstoornis of zijn ‘getraumatiseerd’. Niet getraumatiseerd door de islam natuurlijk, want dat kan niet. Getraumatiseerd kun je alleen worden van iets westers. Iets blanks. Kritiek op de islam en op de mohammedaanse mannenmaatschappij mag eigenlijk niet van binnen en niet van buiten.
De verklaring voor de tegenstrijdigheden van degenen die namens links handelen ligt volgens Terstall in het calvinisme: Politieke correctheid is heel christelijk. Het collectief belijden van de eigen schuld of van mensen zoals jezelf. Dat is niet alleen heel beleefd en netjes, het geeft een fijn gevoel. Het is de aflaat. Het postchristelijk mea culpa. Het garandeert een plek in de progressieve hemel op aarde in de vorm van een leuke baan en een mooi koophuis in een witte wijk. Het is daarnaast ook een stiekeme beschuldiging aan de medemens. De gehele westerse wereld is slecht behalve ik, want ik begrijp het. Ik ben de witte roos tussen het onkruid.
Links is nog steeds de moeite waard, als het zich zou weten te hervinden volgens Terstall: Links stond dus onder meer voor het vrije woord, voor de ontworsteling van de burger aan kerk en kapitaal, en linkse vrouwen zochten meer vrijheid door ontworsteling aan de mannenmaatschappij. (..)Links had dus ook wel eens gelijk. Best vaak zelfs. Links was de vaandeldrager van het klassieke antiracisme. Links verzachtte het naoorlogse kapitalisme.
De oplossing voor jongere moslims ziet Terstall in hun ontwikkeling, het onderzoeken van hun eigen weg: (..)je wijsheid uit meer boeken halen dan één, de wetenschap serieuzer nemen dan religieuze boeken, religieuze doctrines eerst objectief op waarheid, moraliteit en kwaliteit onderzoeken alvorens ze te accepteren, leren even buiten de beperking van je religie te stappen en objectief naar de wereld te kijken, hoofddoeken afgooien want verkrachting is hier gewoon strafbaar, wat vaker Reve en Kafka lezen, seksueel experimenteren, ook als je vrouw bent, het patriarchaat in twijfel trekken (maar dan ook echt), af en toe een wijntje drinken voor de gezelligheid, een keer met de rugzak naar Australië gaan en slapen op het strand.
Wat de oplossing voor links is noemt Terstall tussen de regels. Het gaat erom wie de baas in huis mag zijn: verstandig links of dom links? Of zoals Terstall het noemt fatsoenlijk links of jokkebrok-links. Het is cynisch dat het advies aan de jonge moslims om zelf na te denken in de linkse PvdA zo weinig weerklank heeft gevonden. Vanwaar dan Terstalls aanname dat het bij de moslims deze keer wel zal lukken? Ik hoop met Terstall dat zij beter dan dom links niet-weten niet als keuze zien.
Met dit verhaal schetst Terstall programmatische contouren van een liberaalprogressieve partij die opteert voor eerlijke wereldhandel, voor antiracisme, voor milieubewustzijn, tegen overbevissing, voor burgerrechten en mensenrechten. Die uitgaat van de traditioneel sociaal-democratisch kernwaarden zonder het belang van de staat zwaar op te tuigen. Zijn geluid is in mijn ogen waardevol voor het publieke debat omdat Terstall van binnenuit links probeert te wijzen op haar schijnbewegingen en tegenstellingen. Links in vorm is te waardevol en te onmisbaar om er geen poging aan te wagen het weer bij de tijd te brengen. We zullen zien of links uit haar huidige vormcrisis komt. Aan Eddy Terstall zal het niet liggen.
The Plot Against Wilders
Cultuurfilosoof Rob Riemen van Instituut Nexus steekt zijn nek uit. Da’s moedig. Hij gooit stenen in de vijver van de Nederlandse consensus. Hij volgt het voorbeeld van Franse intellectuelen die niet schromen om het straatgeweld in hun werk toe te laten. Riemen volgt zijn innerlijke noodzaak om te praten. Da’s goed.
Hij wijst de hele politiek naar de prullenmand. VVD, PvdA, CDA, PVV, ze vallen bij hem stuk voor stuk door de mand. Riemen waarschuwt Nederland nog eenmaal. Maar weet Riemen het debat ook op een hoger peil te brengen waar het thuishoort? Of komt-ie niet verder dan de marketing van een congres van zijn instituut?
Riemen schreef het boekje De eeuwige terugkeer van het fascisme. Hierin stelt-ie dat Geert Wilders een fascist is. Desgevraagd weet Riemen in Nieuwsuur of NRC echter niet uit te leggen wat het fascisme inhoudt. Kritiek op Riemen is dat zijn kwalificatie van Wilders uit de lucht is gegrepen, terwijl hij toegeeft dat de vergelijking op sommige punten mank gaat.
Riemen legt uit dat het fascisme veelkleurig is en focust op de begindagen van het historisch fascisme. Toen het ergste nog moest komen. Door Wilders in die beginfase te plaatsen suggereert Riemen dat Wilders dezelfde weg zal gaan als Mussolini of Hitler. Zo’n claim voor de toekomst kan niemand tegenspreken. Alles wat Riemen zegt is hypothetisch en associatief. Wilders is de Charles Lindbergh uit Philip Roth’ roman The Plot Against America.
Bedenkelijk is dat Riemen vragen zet bij Wilders’ motivatie. Hij plaatst Wilders buiten het discours door hem een leugenaar, heerser, anti-democraat, propagandist van geweld, demagoog, opportunist en machtspoliticus om de macht te noemen. Deze diskwalificaties verklaart-ie opnieuw door terug te redeneren vanuit vergezichten die hypothetisch zijn. Hiermee miskent Riemen de Realpolitiker die Wilders ook is.
Riemen maakt fictie en geen non-fictie. Jammer dat-ie zich zo laat afleiden door Wilders. Daarmee trapt-ie in dezelfde valkuil als de politieke klasse. Riemen heeft zinnige punten van kritiek over de dominante rol van de economie en het afgenomen cultuurbesef. Het is jammer dat Riemen geen andere focus en methode heeft gekozen om zijn cultuurkritiek te uiten. Nu blijft-ie hangen in propaganda tegen Wilders.
Foto: Palazzo della Civiltà Italiana, EUR, Roma










